GoedBericht.nl logo
UltimateGoodNews

wakker & alert (4)

25-06-2023 - Geplaatst door Andre Piet
zondagmorgen 25 juni 2023, Maarn

In de geschiedenis van Eutychus die ons wordt verhaald in het boek ‘Handelingen’, lezen we van een jongeman die door de slaap wordt overmand tijdens een lange toespraak van Paulus in een bovenzaal. Het blijkt veel meer dan alleen een geschiedenis te zijn. Het is een profetische illustratie!

Powered by RedCircle

📝 Samenvatting & Transcriptie van deze lezing

Samenvatting van deze toespraak

In deze Bijbelstudie staat de geschiedenis van Eutychus uit Handelingen 20 centraal. Tijdens een lange toespraak van Paulus valt deze jongeman in een diepe slaap, stort uit het raam naar beneden en wordt daarna door Paulus weer levend verklaard. Deze gebeurtenis is niet slechts een historisch verslag, maar vormt een rijk profetisch beeld. Eutychus fungeert hierbij als een type van het volk Israël in deze huidige tijd. Net als Eutychus verkeert Israël tijdelijk in een diepe geestelijke slaap en is het gevallen, maar op Gods bestemde tijd zal het volk weer leven uit de doden ontvangen.

“Mensen, dit is een prachtig plaatje van Israël als dat volk waaraan zo een geluk ten deel valt. Dat bij het venster zit en in diepe slaap is, dat valt, maar op Gods tijd komt het tot leven.”

Terugblik: Wachten op de Komst van de Heer ↑ hoofdstukken

Inmiddels kunnen wij de vierde studie gaan aanvangen in een serie van vijf. Een korte bijeenkomst hebben we vanmiddag ook nog, waarin we de puntjes op de i zetten en alles gaan afsluiten. Op deze zondagmorgen wil ik het iets anders aanpakken. In die zin dat we vanmorgen een geschiedenis met elkaar gaan lezen waar iemand bepaald niet wakker en alert was, maar integendeel overmand werd door de slaap. In die zin wijkt het ook wat af van wat we tot dusver hebben gedaan, omdat dit vooral toch niet alleen maar een geschiedenis is, maar waarbij we vooral ook de diepere betekenis daarachter en daaronder willen bezien.

Laat ik, al was het maar voor degenen die hier nu voor het eerst zijn, eventjes nog terug mogen blikken op wat we tot dusver hebben gezien. De eerste vrijdagavond hebben we 1 Thessalonicenzen 5 met elkaar besproken, de eerste tien of twaalf verzen. Daarin brengt Paulus naar voren dat de gebeurtenis waar hij zojuist over had geschreven in 1 Thessalonicenzen 4 — namelijk de eerste fase van de parousia, dat we de Heer tegemoet zullen gaan in de lucht — dat die dag je niet zou overvallen als een dief. Waarom niet? Jullie worden geacht op de hoogte te zijn. Van de dingen die ik jullie vertelde, weet je dat wanneer iedereen zal roepen "vrede en veiligheid" en "geen gevaar, zekerheid", dat juist dan voor ons het aftellen zal beginnen.

Dat hebben we in de tweede samenkomst, op zaterdagmorgen, nog eens nader bezien en daarop ingezoomd. We hebben het bijzondere van de afgelopen eeuw besproken: de actualiteit en waarom de tijd waarin wij nu leven, ook objectief gezien, heel uniek is. We zijn aan het einde van een periode van zes millennia aangekomen en dat betekent dus dat voor de Heer de zevende dag gaat aanbreken. Dat zou voor degenen die enigszins op de hoogte zijn van de Bijbelse symboliek toch wel veelzeggend moeten zijn. Daar komt trouwens bij dat er ook een periode van twee dagen wordt afgesloten en het is nog maar een paar jaar van hier dat er officieel 2000 jaar verstreken zijn sinds de Heer het aardse toneel vanaf de Olijfberg heeft verlaten. Dat alleen al zou onze hoofden omhoog doen richten. Het zou wel eens kunnen zijn dat het zeer, zeer aanstaande is. En als ik zeg: "het zou wel eens kunnen zijn dat...", dan is dat een understatement voor de goede verstaander. We hebben dan ook bezien wanneer het echte aftellen begint: dat is wanneer er inderdaad vrede gaat komen, met name daar in het Midden-Oosten, in Jeruzalem, en dat er weer een tempeldienst gaat komen. Ja, als dat aan de orde is, dan weet je: maak je maar gereed, maak je maar klaar.

Gisteravond hebben we het gehad over die gelijkenis van de wijze en de dwaze maagden, die pas actueel zal worden in de tijd daarna en vooral vlak voorafgaand aan, maar ook na en tijdens de grote verdrukking. Want de Heer Jezus zegt ook — zo begint Hij die gelijkenis: "Dan zal het Koninkrijk van de hemelen vergeleken worden met...". Het is dus een heel specifiek tijdperk waarin deze gelijkenis zijn vervulling en zijn actuele betekenis gaat krijgen. Trouwens ook qua locatie, want dat zal zijn in het Joodse land, in Judea, enzovoort. Dat is wat we gisteren hebben gezien. En dat betekent dat we nu naar die geschiedenis toe gaan die een aantal van jullie wellicht zullen kennen, velen misschien wel: de geschiedenis van Eutychus.

Handelingen 20: de Reis Naar Troas en de Opstandingsdag ↑ hoofdstukken

Laten we in Handelingen 20 eens vanaf vers 6 lezen. Even voor de goede orde: Lukas beschrijft dit zo en hij zegt ook "wij voeren af van Filippi". Als hij "wij" zegt, dan bedoelt hij zichzelf als schrijver; Lukas tekende dit op. Paulus was er uiteraard bij en het gezelschap was nog groter, maar wie daar nog meer mee reisden, doet nu even niet ter zake. Paulus en Lukas waren in ieder geval hier in het schip. Zij gingen vanaf Filippi naar Troas. Dit speelt zich ongeveer af halverwege de jaren vijftig van de eerste eeuw. Er staat dat zij wegvoeren van Filippi na de dagen van de ongezuurde broden. Dat wil zeggen de periode van Pesach, want gedurende zeven dagen werden er officieel matzes gegeten. Dat was dus in die tijd. Om even een indruk te krijgen waar dat was: je hebt Noord-Griekenland, Macedonië, en daar aan de kust ligt Filippi, niet ver van Thessalonica waar we het eerder over hadden.

Zij voeren af en kwamen in vijf dagen te Troas, waar zij zeven dagen vertoefden. Ik versprak me eigenlijk net even toen ik Troje zei, maar Troas is buiten de Bijbel vooral bekend als Troje. We hadden het dit weekend natuurlijk wel eerder over paarden en witte paarden; daar is Troje ook bekend om, al was dat een houten paard, het paard van Troje. Dat is in de oudheid een fenomeen. In de Bijbel kennen we het dus als Troas, waar trouwens wel vaker naar verwezen wordt. Paulus komt daar en hij vraagt in zijn laatste brief ook of Timotheüs de mantel, de omslag, wil meenemen die hij in Troas heeft laten liggen. Hij wilde ook wat boeken gaan verzamelen; hij wilde gewoon de Bijbel compleet maken. Ik ga nu weer kort door de bocht, maar daar komt het naar mijn idee op neer. In elk geval was dat Troas en daar verbleven zij. Ze maakten de oversteek tussen allerlei Griekse eilanden door en kwamen vervolgens in het noordwesten van het huidige Turkije aan, waar Troas ligt. Ze hebben er vijf dagen over gedaan; dat ging niet echt al te snel, maar je moet roeien met de riemen die je hebt.

In vers 7 staat: "En op de eerste van de sabbatten nu..." Dit is heel interessant en daar zou ik veel dieper op in kunnen gaan als het gaat over de timing. "De eerste van de sabbatten" is een technische term; het is eigenlijk dag één van de sabbattenperiode. Het zat namelijk zo: als de eerste schoof van de gersteoogst was binnengehaald, dan werd die op de dag na de sabbat aangeboden aan de priester, die dat dan bewoog. Vanaf dat moment, vanaf de dag na de sabbat, volgde er een periode van zeven sabbatten. Dat zijn in totaal 49 dagen en na die 49 dagen krijg je de vijftigste dag: Pinksteren. Dat is de periode die wij in de christelijke kalender tussen Pasen en Pinksteren beschrijven. Hier is het dus die eerste van de sabbatten. Ik geloof dat dit de eerste dag is van die sabbattenperiode, ook wel bekend als nummer één, de eerste dag van de omertelling, zoals dat op de Hebreeuwse kalender heet. Wat van groot belang is, is dat dit de standaarduitdrukking is voor de dag waarop de Heer Jezus uit het graf verrees. Dat was inderdaad de eerste van die sabbattenperiode, de dag waarop de omertelling begon.

Ik vind het altijd geweldig om daaraan te denken: al die hoogtijden die God heeft gegeven aan zijn volk Israël — je vindt de opsomming daarvan in Leviticus 23 — zijn profetisch zo enorm beladen. Zowel de feesten in de eerste maand als die in de zevende maand. Op de veertiende van de eerste maand had je de dag van het Pascha. De dag waarop de Heer Jezus opstond uit de doden was de eerste van de sabbatten, de eerste van de omertelling. Dat was de dag dat de eersteling van de oogst door de priester aan God werd aangeboden. Dat is de dag dat de Heer Jezus als eersteling verrees uit het graf en als eerste de dood definitief overwon. Hij was niet de eerste die opstond uit de doden, maar hij was wel de eerste die opstond om nooit meer te sterven en onvergankelijk leven aan het licht bracht.

Die gebeurtenis is de garantie dat heel de rest van de mensheid zal volgen. In Adam sterven allen, zo zullen in Christus allen worden levend gemaakt, maar ieder in zijn eigen rangorde. Christus als eersteling, zegt Paulus in 1 Korinthe 15. Het feit dat hij de eerste is, betekent dus dat de rest volgt. En wie is de rest? Dat zijn alle Adamieten. Dat zijn precies dezelfde mensen als die in Adam sterven. Dat bent u en ik, dat zijn al die miljarden mensen. Wat een geweldige waarheid komt daarin tot ons. Het gaat allemaal over de overwinning op de dood die aangekondigd en medegedeeld wordt. Dit is in feite de essentie van het evangelie.

Weet u wat ik zo mooi vind? Ik vertel het u gewoon, geloof het of niet, dit is de waarheid waar niemand aan kan komen. Het is heerlijk om dat niet alleen te weten, maar ook om het tegen iedereen te kunnen vertellen: God houdt van jou, je bent Zijn creatie. Hij redt jou en Hij geeft jou het leven. Dan is vaak de vraag: "Wat moet ik daarvoor doen?" De christelijke variant is dan: "Dat moet je wel aannemen." Nee, het is een mededeling. Geloof het! En als je dat mag geloven, ja, dan... Nou, daar wil ik het vanmiddag nog graag even over hebben. Maar laat ik ter zake blijven: de eerste van de sabbatten hadden we, de eersteling. Daar heeft het alles mee te maken.

Gemeenschap en Verlichting in de Bovenzaal ↑ hoofdstukken

Toen waren wij verzameld om brood te breken, wat in feite niets anders is dan een aanduiding voor het houden van een maaltijd. Dat blijkt ook uit verschillende teksten; ik geef de verwijzingen er meteen maar even bij. Daar zie je dat het broodbreken simpelweg betekent dat je met elkaar aan één tafel zit en het brood deelt. Als het gaat om matzes, die kun je niet eens snijden, die moet je breken. Maar ook aan het gewone brood werd gebroken. In ieder geval was het daarom de aanduiding van het houden van een maaltijd, maar feitelijk ook van het hebben van gemeenschap. Je deelt het brood, je deelt dat wat op die ene tafel staat, en dat is gemeenschap. Gemeenschap wil niets anders zeggen dan dat je iets of iemand gemeenschappelijk hebt en dat met elkaar deelt. Wij hebben hier ook met elkaar gemeenschap. Dat wil zeggen: wij delen de rijkdom van het Woord en daardoor beleven we een eenheid. Dat is iets wat je niet kunt maken; dat is er gewoon.

Oké, wij waren dus verzameld om brood te breken en Paulus argumenteerde met hen. Er staat hier eigenlijk een woord dat meer de gedachte heeft van converseren, maar vooral ook van argumenteren. Wat doe je als je argumenteert? Dan spreek je de dingen door. Ook als er tegenwerpingen zijn of vragen, dan bespreek je die en dan argumenteer je. Het is dus niet zomaar een peptalk, een toespraak of een preek; nee, hij argumenteert. Paulus wil de dingen duidelijk maken. Dat blijkt hij ook heel goed te kunnen vertellen, maar daarover later meer. En omdat hij op het punt stond de volgende morgen weg te gaan, verlengde hij het woord tot middernacht.

Ik houd altijd van deze woorden. Vooral als ik bijvoorbeeld mijn huisgenoten hoor zeggen: "Papa, u maakt het wel erg lang," dan verwijs ik graag even naar deze woorden. Ik verwijs sowieso heel graag naar de apostel Paulus; dat is toch een model, een voorbeeld. Paulus had nog zoveel te vertellen en hij zou de volgende morgen vertrekken. Dus als je dan nog wat te melden hebt, dan maak je je toespraak maar wat langer. Hij dacht dan niet in termen van vijf minuten langer; nee, dan zeg je niet: "Heb je nog vijf of tien minuten?" maar: "Heb je nog een paar uur?" Ik vind het mooi om daar iets komisch in te zien, maar laten we wel wezen: als je belangrijke dingen te melden hebt en die met elkaar deelt, wat maakt een paar uur dan uit? Trouwens, dat geldt voor plezierige dingen sowieso, toch? Bij mooie dingen denk je: hoe langer hoe beter. Nu kunnen er wel een paar mitsen en maren zijn — maren, niet maren, dat is weer wat anders — zoals deze jongeman beleefde, want laten we even verder lezen.

Nu waren er een aanzienlijk aantal fakkels in de bovenzaal waar wij verzameld waren. Ik had het gisteravond ook al even over dit specifieke woord, die fakkels van de maagden in Mattheüs 25; daar wordt hetzelfde woord gebruikt. Het zijn geen lampen, zoals sommige vertalingen zeggen, maar het zijn fakkels. Het was middernacht, dus het was donker en dan heb je licht nodig. Er waren fakkels, sterker nog, er waren een heleboel fakkels daar in die bovenzaal waar wij verzameld waren. Nu kun je je voorstellen, we hebben het hier over Turkije, en wij vinden het hier nu al warm; als je dan in een bovenzaal bent met een heleboel fakkels, dan wordt het knap warm. U zegt misschien: "Stond de airco dan niet aan?" Ik ben bang van niet. Men sprak er wel met vuur, dat precies.

Het is wel mooi, want ik hoop dat u begrijpt dat hier natuurlijk meer achter steekt. Sowieso kennen we die bovenzaal wel. We lezen dat de Heer Jezus, in de nacht dat Hij werd overgeleverd, met de Zijnen de maaltijd heeft gehouden. Dan lees je ook dat dit was in de opperzaal of in de bovenkamer, de hofzaal, hoe dat ook heten mag; op een hogere etage. Denk hierbij gerust dubbelzinnig. Ik bedoel, het is niet alleen maar een mededeling, maar er gaat van zo'n gegeven op zich al een sprake uit. Het is heerlijk als je de Bijbel op die manier gaat verstaan, dat je weet dat de dingen niet 'plat' zijn. Het is niet alleen informatie of data, dat het toevallig een bovenzaal was. Nee, het loutere feit dat het zo vermeld wordt, daar zit meer achter. Het is op een hoger niveau, op de hoogte.

Ik had gisteren van iemand van jullie al meegekregen over dat woord 'alert'. Dat komt letterlijk uit het Italiaans en betekent 'op een hoogte' of 'op een heuvel'. Trouwens, onze uitdrukking 'op de hoogte zijn' geeft dat ook al aan. Ik heb bij een andere gelegenheid, alweer tien jaar geleden tijdens een Bijbelweekend over de bergen in de Bijbel, ook verteld over het Griekse woord voor wijsheid: Sophia. De aardigheid van dat woord Sophia is dat het hoogstwaarschijnlijk via-via uit het Hebreeuws komt en te maken heeft met het zelfstandig naamwoord 'tsofim'. Dat zijn uitkijkposten. Op het moment dat je je realiseert dat wijsheid, Sophia, eigenlijk te maken heeft met een uitkijkpost, dan begrijp je dat het betekent dat je op een hoogte bent. Wat is er nou zo mooi als je op de hoogte bent? Dan heb je overzicht. Dan zie je het geheel. Dat zie je niet als je midden tussen de dingen staat; daar heb je afstand voor nodig. Om zicht te hebben op de dingen moet je even afstand nemen, en als je het dan vanuit een hoger perspectief ziet, dan zie je het pas echt. Maar dat niet alleen: je hebt niet alleen overzicht, je hebt ook uitzicht. Nou, dat is wel heel erg handig als je wakker en alert wilt zijn. Dan heb je zicht nodig, uitzicht en overzicht. Al die begrippen komen hierin mee.

Hier zijn ze dus in hun bovenzaal. Laten we eventjes een paar dingetjes op een rij zetten die hier zo tekenend zijn. In de eerste plaats: Paulus spreekt. Aha, dat is de apostel van de natiën, de leermeester en de afgevaardigde van en voor de natiën. Dat is degene die God speciaal heeft bestemd om een heraut te zijn, maar ook een leraar en onderwijzer van de natiën. Mensen zeggen weleens dat de Bijbel zo moeilijk is en vragen waar ze moeten beginnen. Dat noemen ze dan hermeneutiek: hoe leggen we de Bijbel uit? Dan zeggen ze: "Tjonge, die Bijbel is een moeilijk boek." Jawel, maar weet je wat je dan nodig hebt? Een leraar. Voor ons als niet-Joden is de Bijbel een moeilijk boek, en bij wie moet je dan wezen? Nou, bij de leermeester van de natiën, die God speciaal heeft gegeven. Dus als mensen vragen waar ze moeten beginnen om goed onderwijs te krijgen, dan moet je bij Paulus wezen. Je moet bij Paulus aankloppen en zijn brieven gaan lezen; daar maak je een hele goede start. En de aardigheid is: dan word je meegevoerd in heel de Schrift. Paulus zegt dat ook: al de Schrift is van God gegeven, geïnspireerd en nuttig. Maar als je wilt weten hoe het zit en hoe het verstaan moet worden, moet je bij hem beginnen. Als je dat niet ziet, dan maak je een valse start. Paulus heeft zich gegeven voor de natiën, terwijl je ook apostelen hebt zoals Jakobus, Petrus en Johannes die een andere bediening hadden.

Die richten zich tot de besnijdenis. Is het nuttig om daar kennis van te nemen? Jazeker, maar wel met de wetenschap en het begrip dat het bestemd is voor de besnijdenis. Dat geldt ook voor het onderwijs in de evangeliën dat de Heer Jezus geeft, waarin Hij spreekt tot het huis van Israël. Als er dan iemand uit de natiën bij Hem komt, zegt Hij: "Het is niet goed om het brood van de kinderen aan de hondjes te geven." Je moet weten voor wie iets bestemd is; dat geldt voor de hele Bijbel. Het is essentieel voor het verstaan van de Schrift. Vandaar ook Paulus; dat is waar het ons nu om gaat.

Paulus spreekt, en wel op de hoogte. Ook dat is welzeggend: in een bovenzaal. Er was veel licht. Dat is logisch, want het was middernacht en dus donker, maar toch was er in die zaal waar Paulus sprak — op een hoger niveau — veel licht. Ik heb niet eens de neiging om dit verder toe te lichten, want het is nogal evident; het vloeit uit elkaar voort. Het is prachtig betekenisvol, want op het moment dat je luistert naar wat God via hem te melden heeft, wordt je verstand verlicht. Dan wordt je hart verlicht en krijg je een geweldig uitzicht.

In zo’n setting is er ook die gemeenschap. Het is altijd heerlijk om dat te beleven. Ik heb dit weekend al velen horen zeggen hoe fijn het is om gewoon samen te zijn, in alle rust en zonder knellende organisatie. Begrijp me niet verkeerd, bij Peter komt er heel wat bij kijken om dit allemaal te regelen, maar ik bedoel: zonder macht. Zonder dat iemand zegt: "Jij moet dit weten" of "Jij moet dat geloven." We zijn in vrijheid bij elkaar en het Woord klinkt.

Wat ook geweldig is: als dat Woord doorgegeven wordt en je deelt het met elkaar, dan beleef je de eenheid. Die eenheid maak je niet door een club op te richten waar mensen lid van worden, met een ballotagecommissie die bepaalt wie er wel of niet in mag. Dit is een eenheid van de Geest. Je deelt met elkaar het Woord, je zit aan tafel, je heft het glas of je deelt letterlijk de maaltijden met elkaar. Dat is heerlijk. Dan deel je samen de rijkdom; dat is gemeenschap, zo'n kostbaar goed.

Feitelijk is dat waar het in het leven om gaat. Dat weten we toch allemaal? Dat je de dingen met elkaar deelt, communiceert en eenheid beleeft. Nu waren er dus een aanzienlijk aantal fakkels in de bovenzaal waar wij verzameld waren.

Eutychus: de Geluksvogel in een Diepe Doodsslaap ↑ hoofdstukken

En dan komt het: een zekere jongeman, Eutychus genaamd, zat daar bij het raam. Hij had een heel mooie naam, dat moeten we er eigenlijk bij zeggen, want Eutychus betekent 'wie iets goeds overkomt'. Ik heb in andere verklaringen gelezen dat je het wel moet leren uitspreken; je moet niet zeggen dat het zeker verwijst naar het feit dat hij straks 'uit het raam' komt. Nee, je moet natuurlijk wel het hele verhaal vertellen. Het is eigenlijk het idee van een gelukhebber, een 'lucky one'. Dat is wat er in de naam Eutychus opgesloten ligt: een gelukhebber.

Hij zat bij het raam. Dat heeft betekenis, want een raam was toen niet een ruit zoals wij die kennen; dat raamwerk is het venster. Bij ons is een venster trouwens ook een synoniem voor uitzicht. Als je bij het venster zit, heb je uitzicht. Nou, daar zat hij, maar hij werd overmand door een diepe slaap. Dat wordt hier niet als een verwijt neergezet. Ik moet zeggen: als mij dat als spreker overkomt — niet dat ik zelf in diepe slaap val, maar dat ik iemand vóór mij zie die slaapt — dan kan ik daar heel slecht tegen. Dus dan weet u dat ook. Als u mij van mijn apropos wilt brengen, dan moet u gewoon zo gaan doen, want dan zie ik niet meer de mensen die wel naar me luisteren en waakzaam of alert zijn, maar dan zie ik alleen die ene... Maar goed, wie weet wat de reden is. Het kan zijn dat je heel slecht geslapen hebt, of een hele drukke dag hebt gehad, of dat de warmte je loom maakt.

Eutychus viel in slaap. Dat kan gebeuren. Bovendien sprak Paulus niet slechts een kwartier of twintig minuten, ook niet de drie keer drie kwartier die ik aan u vertelde. Hij sprak urenlang, tot middernacht. Hij verlengde zijn woord tot middernacht; hij heeft er uren aan toegevoegd. En terwijl Paulus nog meer argumenteerde — hij trok zich kennelijk niet te veel aan van die slapende man — toen viel die Eutychus, overmand door de slaap, vanaf de derde verdieping naar beneden. Ze waren daar in een bovenzaal, op de derde etage. Dat is het hoogste niveau, zoals de hemel ook drie hemelen kent. Waar zijn wij in Christus ook alweer geplaatst? Te midden van de hemelse gewesten, op het hoogste niveau. Ik zie in die derde verdieping wel een verband.

Hij viel vanaf de derde verdieping naar beneden en hij werd dood opgenomen. Dat zegt Lucas als arts. Paulus noemt hem de geliefde geneesheer, dus Lucas was daar vast bij. Ik neem aan dat men bij zoiets vraagt: "Is er nog een dokter in de zaal?" Nou, die was daar toevallig en Lucas stelde vast dat hij dood werd opgenomen. Hij maakte een flinke val. Paulus kwam naar beneden, wierp zich op hem en omhelsde hem. Wat er precies gebeurt, weet ik niet, behalve wat hier staat: hij werpt zich op hem, omhelst hem en zegt: "Maak geen tumult, maak geen ophef" of, zoals er staat, "maak geen misbaar, want zijn ziel is in hem." Zo staat het er letterlijk. Lucas had als arts genoteerd dat hij dood was opgenomen, maar nu had Paulus zich op hem geworpen en hem omhelsd en gezegd: "Het is goed, zijn ziel is in hem."

Paulus ging weer naar boven en brak het brood. Hij zat er verder niet bij te wachten op wat er met Eutychus zou gebeuren. Nadat hij had vastgesteld dat zijn ziel in hem was, ging hij naar boven, brak het brood en proefde ervan. Zo staat het er letterlijk; ze hebben daar gegeten en geproefd. Daarna converseerde hij daar nog geruime tijd. Ik vond het interessant dat hier het Griekse woord homileo gebruikt wordt, waar ons woord 'homiletiek' van afgeleid is. Voor degenen die ooit op de universiteit een theologische studie hebben gevolgd: je weet dat dit een tak is in de theologische wetenschap, de predikkunde. Maar de aardigheid is dat de kern van het woord de gedachte heeft van een conversatie. Ik heb dat zelf trouwens ook meegemaakt bij het prediken, dat het meer is dan eenrichtingsverkeer. Paulus converseerde nog geruime tijd; er is dus ook feedback gegeven.

Hij converseerde nog geruime tijd tot de morgenstond en zó vertrok hij. Hij verlengde zijn woord tot middernacht en bleef daarna spreken totdat de dag aanbrak. Hou dat vast: tot de dag aanbrak bleef hij daar en zo vertrok hij. Hij heeft die nacht dus helemaal niet geslapen. Dat zeg ik ook even ter troost voor degenen die vannacht slecht hebben geslapen: zo erg is dat nou ook weer niet, om een keertje niet te slapen.

Nadat hij nog geruime tijd had geconverseerd tot de morgenstond, vertrok hij. En dan staat er: "Zij nu brachten de jongen levend en ze werden mateloos bemoedigd." Het eigenaardige is dat nadat Paulus had gezegd "er is ziel in hem", er vervolgens met Eutychus ogenschijnlijk niets gebeurde. Pas nu Paulus is vertrokken, brachten ze de jongen levend binnen. Een jonge man was het nog. Hoewel hij dood was opgenomen, blijkt hij nu, na Paulus' vertrek, levend te zijn. En pas op dat moment werden ze mateloos bemoedigd. Ik vind vooral deze opmerking in vers 12 opmerkelijk vanwege de timing. Je zou zeggen: daar heeft dus nog een hele tijd tussen gezeten. Eerst de val, dan Paulus die zegt "maak je geen zorgen, er is ziel in hem", en dan gaat Paulus nog een heel aantal uren verder met spreken en de maaltijd. Pas bij zijn vertrek brachten ze die jongen levend en werden ze mateloos bemoedigd. Waarom ik nu even val over deze mededeling op dit moment, is juist omdat ik dit profetisch ook weer zo boeiend vind. Waarom? Dat ga ik u nu vertellen.

De Profetische Rode Draad in Handelingen: het Herstel van Israël ↑ hoofdstukken

Ik ga eens een paar punten op een rijtje zetten waarom dit alles wat hier vermeld wordt in hoge mate profetisch is. Ik heb al wat verteld over die bovenzaal en dat die eigenlijk tekenend is voor de huidige tijd. We luisteren naar Paulus, er is veel licht en we worden op de hoogte gebracht. We komen bij hem en daar is die eenheid in de gemeenschap. Dat beschrijft op een prachtige wijze de situatie nu. Terwijl het in de wereld nacht is, verblijden we ons in die geweldige lichtbundel van het Woord. Maar nu nog wat meer over die Eutychus: wat gebeurt er nou met hem en wat is de diepere zin van deze geschiedenis?

Ik wil een drie- of viertal dingen benoemen. In de eerste plaats wil ik erop wijzen dat heel veel geschiedenissen – zo niet alle geschiedenissen – in het boek Handelingen niet alleen maar verhalen zijn. Wat Lucas doet, is een historisch relaas geven, maar soms zijn daar van die geschiedenissen waarbij je de vraag kunt stellen: wat doet dat er voor de historische lijn toe? Het antwoord is dan: nee, niet echt. En toch is het vermelden van zo’n verhaal niet zonder zin. Dat kun je natuurlijk op voorhand al zeggen omdat het geïnspireerd is, maar het blijkt ook telkens weer illustratief te zijn voor wat Lucas beschrijft in dit boek, waarin het eigenlijk gaat om de vraag die de rode draad vormt. Misschien is het wel dé rode draad bij uitstek in het boek Handelingen.

Dat is allemaal gecentreerd rond de vraag die je vindt in hoofdstuk 1 vers 6, vlak voordat de Heer Jezus vanaf de Olijfberg naar de hemel vaart. Je leest dat de discipelen naar Hem toe komen en vragen: "Heer, herstelt U in deze tijd het koninkrijk voor Israël?" Dat was in het jaar 30 dat ze die vraag stelden. Herstelt U in deze tijd – in onze generatie, ik weet niet precies hoe breed je dat moet nemen – het koninkrijk voor Israël? Ze wisten: Hij is de Messias, de Opgestane, de Verrezene, dus de vraag is logisch. Als een Jood weet wie de Messias is, dan is de vraag niet óf Hij het koninkrijk voor Israël herstelt, maar wannéér Hij dat gaat doen. Dat is nogal wiedes. De enigen die dat niet weten, zijn traditionele christenen, want die hebben Israël natuurlijk allang vervangen door zichzelf. Zij ménen Israël te zijn.

Gisteravond hadden we het er nog even over: men heeft de rol van Israël overgenomen en toegeëigend. In feite is het gewoon gejat. Want als je iets wat niet voor jou bestemd is, maar voor een ander, onrechtmatig naar je toetrekt, dan heet dat gewoon diefstal. Het is niet van jou. Bovendien is het een heel gevaarlijk rollenspel. Je neemt iets over en meent iets te zijn wat je niet bent. Dat is in feite een identiteitscrisis. Dan krijg je hele ingewikkelde psychologische fenomenen. Je geeft iets voor wat je niet bent, en je denkt iets te moeten doen wat je niet kunt of wat niet voor jou is weggelegd. Je eigent je een taak toe die helemaal niet voor jou is. Dan heb je echt een groot probleem, maar dat is eigenlijk waar de kerkgeschiedenis over gaat.

De vraag in het begin van het boek Handelingen is: "Herstelt U in deze tijd het koninkrijk voor Israël?" Daar gaat het allemaal over. Gaat dat in deze dagen gebeuren? Het antwoord zie je daarna in de eerste rede die Petrus houdt, en in de tweede rede in Handelingen 3. Daar zegt hij tegen de mannen van Israël: "Mannenbroeders, komt tot inkeer en bekeer u." Hij zegt dat als zij dat doen, Hij die de hemel heeft opgenomen zal terugkeren, en dat God via Hem alles tot vervulling zal gaan brengen wat door de profeten gesproken is. Met andere woorden: als Israël nationaal tot bekering komt, dan zal het Messiaanse rijk dat zo lang beloofd is, gaan aanbreken. De sleutel ligt dus bij Israël. Eigenlijk gaat het om de vraag: wat gaat Israël nationaal doen? Daar gaat het in het hele boek Handelingen over.

Al die geschiedenissen die vermeld worden, gaan daar op de een of andere manier over. In Handelingen 3 wordt de geschiedenis verteld van die verlamde man bij de Schone Poort. Wat een geweldig uitzicht had die man, en hij wordt genezen. In Handelingen 13 heb je de geschiedenis van de Joodse man Elymas. Hij werkte Paulus tegen en maakte dat Sergius Paulus, een heiden, het Woord niet zou vernemen. Je leest dat Elymas voor een tijd lang blind wordt gemaakt, en vanaf dat moment lees je ook dat Saulus "Paulus" wordt genoemd. Dat heeft zo’n enorme diepgang; daar zitten zulke geweldige betekenissen aan vast. Wat ik ermee wil zeggen is: dit is niet alleen maar het vermelden van een opmerkelijk voorval. Nee, het is illustratief voor wat Lucas beschrijft van Handelingen 1 tot Handelingen 28, namelijk dat het Joodse volk afkerig is waardoor het Woord naar de natiën gaat, en waardoor het Joodse volk voor een tijd lang gewoon blind gemaakt wordt.

En wat dacht u van het einde van het boek Handelingen? Dat schip waarop Paulus voer, ging onder in de zee. Waarom? Omdat de stuurlieden niet naar Paulus' woord hadden luisterden. Ook dat is in hoge mate illustratief: het schip van Israël gaat onder in de volkenzee, inclusief de hele lading. Waarom zeg ik dit? Om aan te geven dat allerlei geschiedenissen niet alleen maar boeiend zijn, maar dat ze – hoewel ze strikt genomen voor de verhaallijn niet noodzakelijk zijn – toch gegeven worden puur omdat ze illustratief zijn. Ze ondersteunen de boodschap; er gaat een sprake van uit. Dat zie je dus bij deze geschiedenis van Eutychus ook.

Eutychus als Type van Israël (deel 1): Uitzicht en een Geest van Diepe Slaap ↑ hoofdstukken

Want uiterst onmiskenbaar is het een type van Israëls lot en ik wil dat op een paar punten eens wat nader bekijken. We zien in de eerste plaats dat hij bij het venster zat. Hij had uitzicht. Je leest in Romeinen 9 – en dit gaat wel in hoge mate ook op voor Israël – dat als er één volk is waaraan God een geweldig venster heeft geopend, dan is het wel dat volk. Paulus zegt in Romeinen 9: "Zij zijn Israëlieten." En dan zegt hij wat hen allemaal toekomt. Hij zegt: "Hunner is het zoonschap en de heerlijkheid, de verbonden" – niet alleen het oude, maar ook het nieuwe verbond – "de wetgeving, de eredienst, de beloften. Hunner zijn de vaderen en uit hen is ook, wat het vlees betreft, de Christus, die is boven alles, God te prijzen tot in de aeonen. Amen." Over uitzicht gesproken!

Eutychus is een type van Israël met dat geweldige uitzicht op wat voor hen bestemd is en wat aan hen wordt beloofd. Zij zijn Israëlieten; God gaat via dat volk de wereld zegenen en zij zijn daarin het kanaal. Een koninkrijk van priesters om de rest van de wereld te bereiken. Gezeten in het venster, dat is één ding. En Eutychus werd overmand door een geest van diepe slaap, zodat hij niet meer het woord van Paulus kon vernemen. Dat kon daar niet meer doordringen, en dat is nu precies het punt van de slaap.

Om nog even terug te komen op mensen die in je publiek slapen: ik ken ook iemand die onmiskenbaar sliep, dat hoorde je wel aan het zuchten en dergelijke. Toen hij daar later op aangesproken werd – niet door mij – zei hij: "Ja, ik luister het beste als ik mijn ogen gesloten heb." Toen dacht ik: leuk geprobeerd, maar ik geloof er geen barst van. Trouwens, je hoeft je er helemaal niet voor te excuseren; eigenlijk zou je als spreker het maar boeiender moeten vertellen.

Ik ken ook mensen die bijbelstudies beluisteren – dan zet je dingen op internet, je hebt een podcast – en dan gaan ze naar bed en luisteren ze een bijbelstudie. Ze zeggen dan: "Ik val altijd met jouw bijbelstudies in slaap." Ik heb ook vrouwen gehoord die zeiden: "Ik ga met jou naar bed." Die is bedenkelijk! Maar ze vallen met mijn bijbelstudies in slaap. En eigenlijk... hoe heet het ook alweer, Wolter? De relax ervan. Ja, precies. Ik kan natuurlijk zeggen: dat pleit er niet voor dat het erg boeiend is. Maar je kunt ook zeggen: als je hoort dat mensen zeggen "don't worry, er is niets aan de hand, God heeft alles in de hand, waarom zou je je zorgen maken, er is er Eén die alles regelt en alles tot een goed einde gaat brengen", als je dat maar hoort, dan val je wel in slaap. Ja, dat geeft rust. Maar dat was even terzijde.

Deze Eutychus werd dus overmand door een geest van diepe slaap. Dit is natuurlijk ook tekenend voor Israël. In de huidige tijd waarin Paulus spreekt en zijn woord klinkt, is die Eutychus onbereikbaar. Je leest dat Paulus dat ook zegt in de Romeinenbrief; hij gaat dan citeren omdat hij het over zijn volk heeft. Hij heeft het over de vraag: waarom zijn ze dan zo vijandig? Wel, zegt hij, dat staat al geschreven. Kijk het maar eens na in Jesaja 29, maar ook in Deuteronomium 29: "God gaf hun een geest van diepe slaap." Oftewel: ogen om niet te zien en oren om niet te horen. En Paulus zegt erbij: "tot de dag van heden." Dat zegt Paulus trouwens hierbij, maar het staat ook in Deuteronomium 29.

Weet u, je leest dit en het is opmerkelijk. Je leest in Deuteronomium 29 dat ze op het punt staan om na veertig jaar het land binnen te gaan. Degenen die de serie hebben beluisterd, weten dan dat ik meteen denk aan veertig jubeljaren. Maar goed, oké. Na veertig jaar staan ze op het punt om het land in te gaan, en dan lees je dat God bij monde van Mozes tegen hen zegt dat ze veertig jaar lang niet hebben verstaan. Hoe komt dat? Wel, God heeft jullie een geest van diepe slaap gegeven: ogen om niet te zien en oren om niet te horen.

Kijk, wij zeggen heel vaak – en dat is volledig terecht – dat als je ogen geopend worden, als je oren geopend worden, als je hart geopend wordt, dat dit het werk van God is. Ik zeg daar van harte amen op. Maar ik moet er ook bij zeggen: God geeft ook slaap. Hij geeft ook dat je niet ziet. Het loutere feit dat Israël in onze dagen niet ziet, niet hoort en eigenlijk als dood is... Want als je een hele diepe slaap hebt, dan ben je als het ware dood. De doodsslaap. Trouwens, bij Eutychus was dat ook letterlijk het geval. Ja, dan dringt er niets meer binnen. Maar God geeft dat. Kijk, God opent ogen op Zijn tijd. Ik vind dat zo machtig trouwens. Ook over rustgevend gesproken: relaxed. God opent ogen en Hij sluit ogen.

Van Israël in onze dagen lees je: God geeft hun een geest van diepe slaap tot de dag van vandaag. En op het moment dat Hij hen uit de doden opwekt en de oren opengaan, dan staan ze op. Precies wanneer Hij dat getimed heeft. Overigens op de derde dag, maar dat even terzijde. Een geest van diepe slaap; daarin is Eutychus ook een type van Israëls lot.

Eutychus als Type van Israël (deel 2): Val en Toekomstig Leven uit de Doden ↑ hoofdstukken

En dan natuurlijk deze: hun val. Dat uitdrukken van het 'vallen', dat is ook direct van toepassing op het volk van Israël. Paulus – ik citeerde zojuist Romeinen 11 en nu citeer ik hem nog een keer, lees je mee? – zegt: door hun val is het heil, de redding tot de natiën gekomen. Paulus zegt daarom feitelijk ook dat zij vijanden van het evangelie zijn. Maar, zo zegt hij tegen de natiën – ik spreek tot júllie natiën – wees niet hoogmoedig, wees niet arrogant. Want zij zijn vijanden van het evangelie om uwentwil. Daarom. Omdat via een omweg bij de natiën het recht zou komen en het hoogste, het beste deel, het eerstgeboorterecht gaat feitelijk naar de natiën. Daar heb je echt uren voor nodig om dat uit te leggen, maar ik zeg het ook nog even.

Wat ik ermee wil zeggen is: is er al een val geweest? Ja. Zoals Eutychus viel. Maar juist daardoor is het heil tot de natiën gekomen. Je leest ook in datzelfde Romeinen wat die val precies betekent. Je leest aan het einde van Romeinen 9 dat Paulus zegt: waarom? Zij willen hun eigen gerechtigheid oprichten. Hij zegt: ik getuig van hen dat ze ijver voor God hebben. Hij had het diepste respect voor zijn volksgenoten, voor de ijver die ze hadden. Wellicht ook voor hun ijver om de Schriften te onderzoeken, maar ze zagen het niet. Hij zegt: maar waarom? Ze willen hun eigen gerechtigheid oprichten. En feitelijk is dat ook nog een groot probleem van religie, ook christelijke religie. Ze denken zelf iets te moeten bijdragen. Maar ja, dan is genade geen genade meer. Het is zwart of wit: levend of dood, genade of geen genade.

Oké, en nu komen we bij het laatste punt uit waarom Eutychus een geweldig type is van Israël. Nogmaals: gezeten bij het venster. Wat was het tweede? Een geest van diepe slaap. En dan vervolgens hun val. En dan het vierde: leven uit de doden. Eutychus komt na Paulus' vertrek tot leven; in ieder geval wordt dat dan vermeld. En dat is precies waarom die Eutychus echt zo een geluksvogel is. Waarom? Ja, Paulus zei: don't worry, maak geen tumult. Die man komt weer tot leven. En dat gebeurt ook inderdaad. Dan is Paulus inmiddels weg, maar dat blijkt al.

Mensen, dit is een prachtig plaatje van Israël als dat volk waaraan zo een geluk ten deel valt. Dat bij het venster zit en in diepe slaap is, dat valt, maar op Gods tijd komt het tot leven. En dan zegt Paulus – ik citeer weer Romeinen 11, want die hele geschiedenis van Eutychus kun je gewoon zonder enige reserve naast Romeinen 9 tot en met 11 leggen – in Romeinen 11 vers 15: "Indien hun verwerping de verzoening der wereld is..." Hun verwerping kun je opvatten als dat zij de Messias hebben verworpen. Je kunt het ook opvatten als dat God hen nu tijdelijk aan de kant heeft geschoven. Beide geven een goede zin. Maar indien hun verwerping in de tegenwoordige tijd de verzoening der wereld is... Want dat is het woord dat Paulus predikte. Ik weet het, in de christenheid is deze term, de verzoening der wereld, de verzoening van het al, een ketterij geworden. Maar dat is nu juist de boodschap die Paulus predikte. Israël verwerpt de Messias en wat komt daardoor? Juist door die val komt via Paulus de boodschap van de verzoening van de wereld naar de natiën. Deze wereld wordt verzoend. En dat is geen eis, dat is niet wat de mens moet vervullen, maar dat is een aanzegging. God verzoent vijanden met Zichzelf.

Gelovigen zijn mensen die vandaag al verzoend zijn. En zolang een mens vervreemd is en vijandig gezind, ja, dan is hij nog niet verzoend. Maar wat Paulus predikt is de verzoening van de wereld. Het is de mooiste, de grootste, de rijkste boodschap die er maar bestaat, maar zo gehaat. Want de religie – ik zeg het nog eens – de christelijke godsdienst kan daar niet mee uit de voeten. En als u zegt dat u dat niet gelooft, dan zeg ik: test het maar eens uit. Test het maar eens uit, dan ben ik bloedserieus. Ga maar eens een keertje gewoon in de christelijke wereld vertellen over de verzoening der wereld, zonder voorwaarden dus. Dan zul je zien hoe deze boodschap op vijandschap stuit.

Maar Paulus zegt: dat is nu juist de geweldige rekening. Indien hun verwerping de verzoening der wereld is... Oké, we hebben het nu dus over hun verwerping, maar Paulus zegt: wat zal hun aanneming straks dan zijn? Ook hier kan ik weer zeggen: dat zij de Messias aannemen, maar ook dat God hen weer op het spoor zet en dat Hij alsnog weer de draad met hen gaat oppakken. Wat zal hun aanneming anders wezen dan leven uit de doden? Kijk, daar hebben we Eutychus weer. Dat is precies wat er met Eutychus gebeurde. Paulus had dat al gezegd en hij vertrekt, en wat gebeurt er met Eutychus? Ze brengen hem levend en wel, en iedereen was uitermate bemoedigd en blij. Nou, dat gaat er straks gebeuren. Dan is Paulus van het toneel en dan breekt er een hele nieuwe tijd aan. En wat gebeurt er dan? Dan is daar Eutychus, opgestaan uit de doden, en dat is precies ook wat er met Israël gaat gebeuren. Dat is aanstaande.

Allerlei lijntjes komen dan weer bij elkaar. Maar wat Paulus zegt is: Israël wordt straks weer tot een kanaal van zegen gezet. Het wordt een koninkrijk van priesters. Wat een tijd gaat er aanbreken. En dan komt de Heer tot hen. Na twee dagen keert Hij tot hen terug, en dan zullen zij leven als uit de doden. Dat is opstandingsleven en dat is wat voor Israël is weggelegd. En wij? Wij leven aan het einde van die twee dagen. Die derde dag laat heel de rijkdom aanbreken. Van harte gefeliciteerd, wat een geluk voor ons als je dat mag weten. Goed, Andreas, laten we nog een lied zingen.

🎧 wakker & alert 4
Delen: