GoedBericht.nl logo
UltimateGoodNews

voordat de wetteloze openbaar wordt (2) – het achtste hoofd

08-03-2026 - Geplaatst door Andre Piet
Benthuizen

Het begin van Israëls grote verdrukking wordt gemarkeerd door een afgodisch beeld op het tempelplein: een beeld ter ere van de leider van het ‘beest-rijk’, die na een dodelijke verwonding wonderbaarlijk zal herleven. In Daniël 7 wordt deze wetteloze beschreven als de elfde hoorn die zal opkomen uit een coalitie van tien koningen. In Openbaring 13 en 17 verschijnt hij als het achtste hoofd. Waar verwijzen deze profetieën naar? En wat moet er nog gebeuren voordat deze figuur zich zal manifesteren?

Powered by RedCircle

📝 Samenvatting & Transcriptie van deze lezing

Samenvatting van deze toespraak

Deze studie onderzoekt de profetische gebeurtenissen die voorafgaan aan de openbaring van de 'mens der wetteloosheid' aan het einde van deze aion. Centraal staat de identificatie van de elfde hoorn uit Daniël 7 met de achtste kop uit Openbaring 13 en 17, die na een dodelijke wond wonderbaarlijk herstelt. Er wordt uitgelegd hoe een federatie van tien koningen wordt bestuurd door een goddeloos Sion, voorgesteld als een hoer die uiteindelijk naar Sinear (Babylon) zal verhuizen. De wetteloze zal gedurende 42 maanden God lasteren, de heiligen in het land Israël vervolgen en een afgodische cultus afdwingen via een merkteken. De studie benadrukt de noodzaak van waakzaamheid en het nauwkeurig vergelijken van de Schriften om de huidige tijd en de toekomende dingen te verstaan.

“De aion eindigt met deze figuur die beschreven wordt in allerlei hoedanigheden, als de elfde hoorn en als die achtste kop. Dat gaat gebeuren en dat moet je weten; het is niet voor niks dat de Bijbel ons hierover informeert.”

Introductie: Leven aan de Vooravond van de Derde Dag ↑ hoofdstukken

Wij gaan vanmorgen verder met het thema waar we twee weken geleden mee begonnen zijn. Het overkoepelende thema is: "voordat de wetteloze openbaar wordt". Dit keer met de wat mysterieuze ondertitel "Het Achtste Hoofd". Dat was de vorige keer trouwens ook wel het geval, maar goed, daarom zijn we bij elkaar gekomen om de dingen helder te krijgen.

In het algemeen moet u dit weten – en dit zeg ik even voor degenen die hier helemaal nieuw zijn of dit misschien niet zo helder hebben: we komen hier al heel vaak samen en er wordt voortdurend op gewezen. Ik mag dat doen en het heeft een sterk accent, namelijk de tijd waarin we leven. We leven aan het einde van een hele periode die de Bijbel omschrijft als de twee dagen waarin Israël dood is. Daarbij hoort de gedachte dat de Heer rekent in dagen van duizend jaar. Als je vanaf Adam rekent, zitten we aan het einde van 6.000 jaar en vanaf de hemelvaart van Jezus Christus gerekend zitten we aan het einde van 2.000 jaar. Dat is heel markant, want de Heer zou namelijk terugkeren na twee dagen en wel op de derde dag. Voor een groot aantal van u is dit bekende stof; we hebben het daar heel vaak over gehad, ook over de vele Bijbelse illustraties daarover. Maar u moet dit weten, want het geeft aan dat wij in een unieke tijd leven waar de profeten zo lang op hebben gewezen. Namelijk dat die grote Shabbat zal aankomen, oftewel de derde dag waarin Israël zal opstaan als uit de doden, hersteld zal worden en een zegenkanaal zal worden voor de hele wereld. Als wij aan het einde van die periode leven en precies die transitie gaan meemaken – of in ieder geval in de tijdlijn staat dat te gebeuren – dan betekent dat dus dat we in een unieke tijd leven.

Dat is helemaal niet zo bijzonder, want dat begrijpt iedereen wel via allerlei aanvliegrouten. Ook heel seculier in de kranten vind je dat we in heel bijzondere tijden leven, en dan heb ik het nog niet eens over de actualiteit van de afgelopen één à twee weken. Maar het maakt ook dat je, als je je daarvan bewust bent, alert wordt op het hele wereldgebeuren dat plaatsvindt. Want je weet dan: de Bijbel zegt zoveel over die overgang van het einde van dit wereldtijdperk, van deze Aion naar de volgende. Veel in de Bijbelse profetieën gaat juist over die overgang en over het laatste van deze Aion. Het hele boek de Openbaring gaat daar in feite over, namelijk dat Jezus Christus openbaar zal worden, dat Hij de zegels gaat openen en de bazuinen zullen klinken. Kortom: de hele inleiding tot die nieuwe tijd die gaat komen.

Een van de grote kenmerken van die eindtijd is dat er iemand openbaar zal worden die de Bijbel "de mens der wetteloosheid" noemt. Als hij openbaar wordt, breekt er zeker voor Israël een korte periode van 3,5 jaar aan van grote verdrukking. We hebben het daar de vorige studie over gehad en ik wil even schematisch terugblikken, zodat iedereen de draad weer op kan pakken. Het is mij aangeraden om het even in de tijdlijn te zetten, want de Bijbelse informatie is zo groots dat het helpt als je het ergens kunt plaatsen. De basis-tijdlijn is deze: de wetteloze wordt geopenbaard en de tijd die daaraan voorafgaat, dat is de periode voordat de wetteloze zich openbaart. Die periode is niet onbelangrijk. De titel van deze studie gaat dus niet over de tijd dat de wetteloze geopenbaard zal zijn en wat hij dan gaat doen – dat komt onmiskenbaar en onvermijdelijk aan de orde – maar dat is niet het hoofdpunt. Het gaat er meer over wat er gaat gebeuren vóórdat die wetteloze openbaar wordt. Ook daar zegt de Bijbel het een en ander over, want die wetteloze komt niet zomaar uit de lucht vallen. Hij komt van beneden, vanuit de afgrond lezen we, maar daar is een aanleiding voor.

We hebben de vorige keer een aantal schriftplaatsen de revue laten passeren, zoals Matteüs 24. Dat is de rede die Jezus hield op de Olijfberg, waarin Hij sprak over die tijd. Hij noemt dan de "gruwel der verwoesting op de heilige plaats". Hij zegt dat er als een gruwel – dat is een afgodsbeeld – op de heilige plaats daar in Jeruzalem, op het tempelplein, een afgodsbeeld geplaatst zal worden. Dat is ook de aanvang van de grote verdrukking. Dan zal er een grote verdrukking zijn zoals die er nooit geweest is. Dat is het uiterste moment, als dat afgodsbeeld op het tempelplein geplaatst wordt. Daar moet ik trouwens nog iets bij zeggen: er zal een afgodsbeeld geplaatst worden op dat tempelplein. U zegt misschien: "Volgens mij staat daar nu al iets heel afgodisch," en dat klopt. Maar er gaat dan een gruwel geplaatst worden ter vervanging van de offerdienst. Dat veronderstelt iets: voordat de offerdienst gestaakt kan worden, moet er wel eerst een offerdienst zijn. En die is er tot op de dag van vandaag niet. Er zal dus weer iets van een tempel komen – ik denk ook werkelijk een tempel – maar in ieder geval ook een offerdienst.

Dan lees je dat die mens der wetteloosheid daar een gruwel neerzet. Hij zal aan de ene kant de offerdienst staken, dat wil zeggen het dagelijkse slachtoffer, en ter vervanging daarvan zal hij een afgodsbeeld neerzetten. Dat zal de inleiding zijn tot een hele afschuwelijke, afgedwongen cultus. Op het moment dat die gruwel neergezet wordt, zoals dat in Matteüs 24 omstandig naar voren wordt gebracht, is dat de laatste mogelijkheid om nog te vluchten voor degenen die dan in het land zijn, om nog te vluchten naar de woestijn. Er is zelfs zoveel haast bij geboden dat als je nog even iets vergeten bent in huis, je niet meer moet teruggaan om het te halen. Hij zei: maak dat je wegkomt! Het onderstreept natuurlijk de enorme haast die daarbij geboden is.

Terugblik in Daniël: het Ijzeren Koninkrijk en de Elfde Hoorn ↑ hoofdstukken

Vervolgens zijn we naar Daniël 2 toegegaan. Ik zeg het nu even kort door de bocht: daar worden een aantal wereldrijken beschreven, en vooral ook het vierde koninkrijk. Dat is het laatste koninkrijk dat voorafgaat aan het grote koninkrijk van God zelf, dat van boven zal komen. U weet het wel: dat steentje dat van de berg rolt en dan dat grote beeld in de droom van Nebuchadnezzar helemaal doet omverwerpen. Die koninkrijken in Daniël 2 zijn allemaal Babelse koninkrijken: het Babylonische rijk, het Medo-Perzische rijk en het Griekse rijk. Allemaal hadden ze op een of andere wijze iets met Babel te maken of hadden ze Babel als hoofdstad.

Dan krijgen we een hele tijd niets, maar het laatste koninkrijk, het vierde koninkrijk, is op een eigenaardige wijze ook weer een Babels koninkrijk. Ik kom daar straks misschien nog even op terug. Over dat vierde koninkrijk wordt gezegd – in de beschrijving van het gouden hoofd, het zilveren borststuk en de koperen lendenen – dat de eerste fase bestaat uit ijzeren benen. Het wordt ook uitgelegd: het zal hard zijn, verpletterend en verbrijzelend. Dat is de eerste fase waarin dat vierde koninkrijk zich zal aandienen. Als u het mij vraagt – maar nu loop ik een beetje vooruit – zitten we feitelijk in die fase. In het Midden-Oosten is momenteel sprake van een ijzeren koninkrijk dat om zich heen slaat.

Vervolgens krijg je de tweede fase, de laatste fase in die droom. Dat zijn de voeten van dat beeld, bestaande uit ijzer en leem, met de tien tenen die daar ook worden genoemd. Het is nog steeds dat ijzeren koninkrijk, maar er zit ook leem in. Dat zijn twee elementen die elkaar totaal niet verdragen; die matchen niet. Daarom wordt er gezegd dat het een deels hard, maar deels ook broos en zacht koninkrijk zal zijn. Zo eindigt dat ijzeren koninkrijk in een alliantie van tien koningen die daar dan zullen zijn. Dat is hoe het vierde koninkrijk in Daniël 2 wordt beschreven.

In Daniël 7 zien we een droom van Daniël zelf, tientallen jaren later aan het einde van zijn leven. Hij moet al een man in de negentig geweest zijn toen hij zelf een droom kreeg waarin hij ook weer die vier koninkrijken zag. Alleen worden ze daar niet afgebeeld als een beeld met allerlei metalen, maar als vier beesten. In feite gaat het daar vooral over het godsdienstige karakter van die koninkrijken. Ook daar zie je weer de vierde fase: het vierde beest heeft ijzeren tanden en er wordt gezegd dat dit vierde koninkrijk geweldig sterk zal zijn, sterker dan alle machten die daarvoor geweest zijn. In militaire kracht zal het onvergelijkelijk zijn: geweldig sterk, vermalend, verslindend en vertredend. Al die werkwoorden die hij hier noemt, worden daar beschreven. Dat is de eerste fase.

Dan krijg je de tweede fase van de tien koningen. Want dat vierde beest wordt gekenmerkt door ijzer: ijzeren tanden en koperen klauwen. Maar dit beest heeft ook tien horens. Het wordt verder niet benoemd, want het lijkt eigenlijk nergens op – of het lijkt op een heleboel tegelijk. In de natuur zullen we zo'n beest niet tegenkomen, laat ik het zo zeggen. Maar dat vierde koninkrijk heeft dus tien horens, en er wordt uitgelegd wat die betekenen. In de Bijbel is een hoorn een beeld van koningschap. Dat is die tweede fase.

Er wordt daar nog wat meer op ingezoomd, want Daniël ziet in zijn droom dat er tussen die tien horens een elfde hoorn tevoorschijn komt. Daar hebben we het de vorige keer over gehad. Er komt een elfde hoorn tevoorschijn, heel dominant, die zelfs drie van die tien andere horens zal verdringen. Over die elfde hoorn lezen we hoe hij zich zal aandienen en wat hij gaat doen: hij zal woorden spreken tegen de Allerhoogste en hij zal tijden en wet veranderen. Ik heb het in de aantekeningen in een klein lettertype gezet; je moet goed kijken om het te kunnen lezen, maar het moet duidelijk zijn: die elfde hoorn wordt als een afschuwelijke figuur getekend, met recht een wetteloze. Hij zal namelijk de wet en de tijden veranderen. De hele kalender, de hele Torah, zal hij opzij schuiven. Sterker nog: hij zal woorden spreken tegen de Allerhoogste. Hij zal daartoe in de gelegenheid gesteld worden gedurende een tijd, twee tijden en een halve tijd. Dat zijn drieënhalve tijd, wat later drieënhalf jaar of 42 maanden wordt genoemd. Het is allemaal dezelfde termijn. Ook lees je dat hij de heiligen zal verdelgen; hij zal een oorlog aanspannen tegen de heiligen, en dan gaat het vooral over de heiligen in het land.

Dat is Daniël 7. Het komt overeen met wat er in Daniël 2 staat, alleen wordt er op een andere wijze nog meer op ingezoomd. Het gaat ook hier over dat vierde koninkrijk. Dit is wat we de vorige keer hebben gezien onder de titel 'de elfde hoorn'. Het gaat erover dat er in het Midden-Oosten een Babels koninkrijk komt, want in de eindfase zal Babylon daarin weer een grote rol spelen. Daar zal een figuur opstaan. Ik moet er even bij zeggen – ik heb het expres groot gemaakt omdat dit feitelijk niet het hoofdonderwerp is – dat dit de elfde koning identificeert. Hij wordt naar voren gehaald om wat hij gaat doen, maar dit is eigenlijk niet het onderwerp, want dit alles betreft de tijd van de grote verdrukking waarin die elfde koning zich gaat manifesteren en waarin openbaar wordt wat er in hem is.

Waar het om ging, was de gedachte: wat gaat eraan vooraf voordat deze tijd aanbreekt? Je hebt eerst de fase waarin er een machtsblok ontstaat dat zich als een ijzerverpletterend rijk manifesteert. Vervolgens krijg je de fase waarin daar een coalitie, federatie of confederatie ontstaat van tien koningen. Dat is fase twee. Dan komt er in het midden van die tien koningen een elfde tevoorschijn, die zich in de laatste fase gedurende die drieënhalve tijd – die drieënhalf jaar – zal ontpoppen of openbaren. Dat zijn de drie fases die eraan voorafgaan.

Tot zover 'de elfde hoorn', vooral naar aanleiding van Daniël 7. Nu gaan we naar Openbaring 13, waar diezelfde figuur ook weer ten tonele wordt gevoerd. Je ziet dat de hele Bijbel met elkaar samenhangt; het is één geheel. Vandaar ook de metafoor van de puzzel: je moet de Schrift met de Schriften vergelijken om het ene te verstaan. Om Daniël 2 te begrijpen heb je Daniël 7 nodig, maar om Daniël 2 en 7 echt te verstaan heb je Openbaring 13 nodig. Het vult elkaar aan en geeft verschillende perspectieven. In het ene geval wordt een beeld beschreven, in het andere geval worden vier beesten genoemd. Daarmee worden we geïnformeerd en ingelicht door de Allerhoogste zelf. Het was Daniël die ooit tegen Nebuchadnezzar zei: "Wie kan de toekomst kennen?" Er is er maar Eén die dat kan. Dat is het kenmerk: de mens kan nog zo knap en geleerd zijn, maar de toekomst kan hij principieel niet kennen.

Er is er slechts één die het heden kent en de toekomst overziet, omdat Hij het namelijk volledig volmaakt, tot in de kleinste details, onder controle heeft. Wat Hij in Zijn hand heeft, daarover beschikt Hij.

Ja, en Hij vertelt over de toekomende dingen. Het loutere feit dat God daar zoveel over vertelt, over die laatste fase van deze aion, is vooral ook omdat het de achtergrond is van hoe Hij gaat optreden. Eigenlijk komt het erop neer – dat is weer een andere metafoor, ook een Bijbels beeld: voordat de zon opkomt heb je de nacht, en het laatste deel van de nacht is het donkerste deel. Dat is met recht ook zo in deze aion. De laatste fase is de donkerste fase, zeker ook in religieus opzicht.

De mens is compleet ontspoord en sterker nog: het is niet alleen maar dat hij God miskent. Hij gaat ook woorden spreken tegen de Allerhoogste, dat zie je dus in Daniël. Het wordt nu hoog tijd om naar Openbaring 13 te gaan.

Openbaring 13: het Beest uit de Volkerenzee ↑ hoofdstukken

Want daar vinden we datzelfde beest weer terug, maar wordt er ons nog wat meer over verteld. In Openbaring 13 beschrijft Johannes wat hij in een visioen ziet, of gezien heeft, daar op het eiland Patmos. Hij zag een beest opkomen uit de zee. In de Bijbel, en vooral ook in Openbaring, is de zee een beeld van de volkerenzee. Later ziet hij nog een ander beest opkomen, maar dan uit het land; dat is weer een beeld van Israël.

Johannes zag dus uit de volkerenzee een beest opkomen met tien horens. Aha! Die kennen we inmiddels. Ik bedoel, wij in dit gezelschap, als je de Schrift kent. Als Johannes dit zo optekent, dan refereert hij uitdrukkelijk aan wat ooit ruim 500 jaar eerder door Daniël was opgetekend. Een beest met tien horens; dat is dat vierde beest uit Daniël 7. Dat had inderdaad tien horens en dat zijn tien koningen. In Daniël 7 lees je de verklaring dat uit dat ijzeren koninkrijk tien koningen zullen opstaan. Dus we hoeven niet te gaan speculeren of te fantaseren wat het betekent, want de Bijbel verklaart zichzelf. De tien horens zijn tien koningen die uit dat ijzeren koninkrijk zullen opstaan. Zij zullen vervolgens het koninkrijk ook qua karakter veranderen, want dat is dan niet langer meer puur ijzer, maar het wordt ook vermengd met leem. Dat heb je trouwens altijd met federaties; als je moet samenwerken en coalities moet vormen, zeker als er twee elementen zijn die elkaar niet matchen, dan is dat moeizaam. Dat verzwakt de zaak ook.

In Openbaring 17 worden die tien horens ook verklaard. We hebben dus niet slechts één verklaring vanuit de Bijbel over die tien horens, maar we hebben er twee. In Openbaring 17 wordt het aan Johannes uitgelegd: "En de tien horens die jij zag, dat zijn tien koningen." Alsjeblieft. Dus ja, ik denk eerlijk gezegd dat die tien horens tien koningen waren. Dat is mijn uitweg. Bent u het ermee eens? Ik bedoel maar: de Schrift is hierin in ieder geval strikt onmiskenbaar.

Het beest had tien horens en zeven koppen. Dat laatste wordt in Daniël 7 dan weer niet beschreven. Daar was het een monsterachtig beest, maar dat het zeven koppen had, wordt daar niet vermeld. Dit is dus zeker aanvullende informatie. En die tien horens – dat is interessant – dat zijn tien koningen die tegelijkertijd macht zullen uitoefenen, koningschap zullen hebben of zullen regeren. En dan die zeven koppen, of zeven hoofden. Ik aarzelde een beetje. Eigenlijk had ik het bij nader inzien liever 'koppen' genoemd, maar toen ik dat al had aangekondigd – en de vorige keer had ik ook al aangekondigd dat ik het over hoofden zou hebben – nou ja, vooruit dan maar. Een beetje eerbied voor het beest dan toch. Maar eigenlijk zijn het koppen natuurlijk, dat moet duidelijk zijn.

In de Bijbel is dat verschil er echter niet. Een hoofd is namelijk ook gewoon een leider. Dat hoef ik niet uit te leggen, want dat is in het Nederlands ook zo. Als je ergens het hoofd van bent, dan geef je daar leiding aan; dat is waar het denkcentrum zich bevindt. Maar die zeven koppen, dat is het grote verschil met die horens: die tien horens zijn koningen die tegelijkertijd heersen, maar die koppen of hoofden geven leiding aan die federatie en zij zullen opeenvolgend regeren. U zegt: hoe kom je daar nou bij?

Openbaring 17: het Goddeloze Sion Dat het Beest Bestuurt ↑ hoofdstukken

Dan gaan we nu naar Openbaring 17. We switchen wat, maar dat hoort bij het vergelijken van de Schriften. Neem uw Bijbeltje erbij of kijk aandachtig mee. Het voordeel van deze versie is dat u ook gewoon de interlineaire tekst erbij ziet. Dat doe ik trouwens vooral voor degenen die het later in de PowerPoint op de website terugkijken. Hoe dan ook, in Openbaring 17 zie je dat beest ook weer opkomen, alleen wordt er dan nog iets gezegd wat Daniël 7 ook niet beschrijft, namelijk dat dit beest bestuurd wordt door een vrouw. Een hoer, moet ik erbij zeggen. Toen we hiernaartoe reden, stond het nieuws aan en werd er verteld dat het vandaag Internationale Vrouwendag is. Ik las daar ook nog een commentaar van premier Jetten op. Maar goed, daar hebben we het nu niet over.

Waar het om gaat is die vrouw: dat beest wordt ook bestuurd omdat er een vrouw op zit. En dat is geen fraaie vrouw, moet ik erbij zeggen. Misschien om te zien wel, maar qua karakter zeker niet, want ze is een hoer. Hier staat ook: "Hier is het verstand dat wijsheid heeft." Met andere woorden, Johannes wordt ingelicht en er wordt gezegd dat er wijsheid voor nodig is om dit te verstaan. Maar hij wordt geholpen en de engel zegt: "Kijk, het zit zo. De zeven koppen, dat zijn zeven bergen waarop de vrouw gezeten is."

Die zeven bergen zijn een hele kwestie apart, want in de Bijbel wordt dat eigenlijk niet zomaar verklaard. Bekend is natuurlijk Rome als de stad op zeven bergen, maar ik heb gekeken en er zijn heel wat steden die pretenderen dat te zijn. Ik heb hier een lijstje voor me liggen van Lissabon, Plovdiv daar in Bulgarije, Istanbul, Ankara en Amman. Dat zijn allemaal steden waarvan dan gezegd wordt, terecht of ten onrechte — ik heb het niet nageteld en het is soms ook wat arbitrair natuurlijk — dat ze gebouwd zijn op zeven heuvelen of zeven bergen. In Nederland hebben we vlak bij Breda ook het plaatsje Zevenbergen. En we hebben natuurlijk ook nog Nijmegen met de zeven heuvelen. Petra knikt al, want die heeft daar ooit de loop gedaan.

Toch heb ik de belangrijkste stad nu nog niet genoemd, en dat is Babylon. Nee, dat is juist weer zo gek: Babylon is helemaal niet gebouwd op een berg, want Babylon ligt in een vlakte, namelijk de vlakte van Sinear. Dat is een hele grote vlakte. Maar die vrouw is gezien op zeven bergen. Er is een stad die óók op zeven bergen is gebouwd en dat is Sion. Ook in de Joodse traditie wordt daar nog weleens een keer op gewezen. Je hebt de Ofel en de Olijfberg, de Scopus; rondom Jeruzalem zijn overal bergen. Psalm 133 spreekt ook over de bergen van Sion, waar de Heer Zijn zegen gebiedt.

Dat wil ik even parkeren. Het gaat eigenlijk niet zozeer om die zeven bergen op zich, maar het gaat erover dat die vrouw daarop gezeteld is. En die vrouw, dat kan niet missen, dat is een goddeloos Sion, oftewel Jeruzalem. Wanneer er in de profeten verwezen wordt naar een hoer, dan is dat vaak Jeruzalem. Denk aan Ezechiël 16, kent u die geschiedenis van Oholiba? Dat is de naam van een hoer en dat is de stad Jeruzalem. Ze wordt in al haar activiteiten een hoer genoemd. Waarom? Omdat ze eigenlijk getrouwd is met de Heere God — dat is het idee — maar ze sluit verbonden en legt het aan met allerlei andere goden en mannen. In feite is dat het idee. Afgoderij is voor Israël hoererij. Dat wil zeggen: ze is getrouwd met de ene God, en als ze dus gemeenschap heeft met of toenadering zoekt tot andere goden of machten, en daar allianties mee sluit, dan wordt dat aangemerkt als hoererij.

In Jesaja 1 vinden we verschillende verwijzingen, maar er zijn er nog vele meer. In feite gaat het hele boek Hosea ook over Jeruzalem en Israël als hoer, omdat het zich afgeeft met andere mannen. Hier is dat ook het geval, maar er is zelfs een heel sluitend bewijs daarvoor. Namelijk, in het einde van de beschrijving van die vrouw in Openbaring 18 wordt gezegd: "In haar werd gevonden het bloed van profeten en heiligen." Er staat dat het de grote stad is en dat in haar het bloed van de profeten en heiligen werd gevonden. Kijk het maar eens na in de Bijbel. Welke stad is dat? Dat is de stad Jeruzalem. "Jeruzalem, Jeruzalem, dat de profeten doodt en stenigt wie tot u gezonden zijn," zegt Matteüs 23. Daar zijn de heiligen en de apostelen gedood. Dat is Jeruzalem.

Dus dat beest, dat vierde beest, daar zit een vrouw op. Johannes is helemaal ontsteld als hij dat vierde beest ziet. Eigenlijk wordt hier in Openbaring 17 helemaal duidelijk waarom hij zo ontsteld is: omdat hij ziet dat dat vierde koninkrijk bestuurd wordt door Jeruzalem, door Sion. Vandaar in feite dat dit vierde koninkrijk dus feitelijk een zionistisch koninkrijk is. Daardoor wordt het bestuurd en dat is het geheimzinnige — of nee, het geheimzinnige, "geheimenis" is het betere woord. Want die vrouw wordt genoemd: "Geheimenis Babylon". Die vrouw is Jeruzalem, Sion, en tegelijkertijd is ze ook Babylon. Hoe komt dat nou weer? Dat is nu niet het onderwerp, daar moeten we echt nog eens een keertje over hebben, want dit is zo boeiend. Maar Sion gaat uiteindelijk verhuizen naar de vlakte van Sinear. Dat wil zeggen: naar Babel.

Als Jeruzalem aan het einde van de grote verdrukking verwoest wordt, dan zal ze elders een onderkomen moeten gaan zoeken en dat zal ze vinden in Babylon. Waar haal je dat vandaan? Het wordt uitdrukkelijk beschreven in Zacharia 5. Dus als Jeruzalem valt, dan zal het goddeloze deel verhuizen naar Babylon. Vandaar die hoer; het is Sion, maar in haar meest verdorven vorm. Ze is sowieso verdorven omdat ze God niet kent. Het zionisme is sowieso een stroming die gekenmerkt wordt door het feit dat men weliswaar streeft naar een thuisland en naar Sion — en daarom heet het ook zionisme natuurlijk — maar God wordt er buiten gelaten. Helemaal.

Nou, en daarom is Daniël, maar ook Johannes, helemaal ontsteld. Moet u zich voorstellen: altijd is het Joodse volk een speelbal geweest van de wereldrijken. En wat ziet hij nu aan het einde van deze eon? Dat Sion aan het hoofd staat van alle wereldrijken en gewoon dat regeert en daarin domineert. Dat is toch wel ontstellend en daarom is hij ook helemaal verbijsterd. En dan al helemaal als uiteindelijk de hoer moet verhuizen naar Sinear. Ik raad nogmaals echt aan om Zacharia 5 te lezen. We hebben het er ooit een keertje over gehad geloof ik, maar dat weet ik niet meer of dat hier was. In ieder geval gaat ze bovendien ook nog eens een keertje oppositie voeren tegen Degene die net Zijn koninkrijk hier gevestigd heeft. Ik geef toe dat wat ik nu zeg wat mysterieus is en toelichting verdient, maar goed, voor de goede verstaander... en anders skipt u het maar even.

In Openbaring 17 wordt dus aan de hand van die vrouw uitgelegd dat dat beest geregeerd wordt door die vrouw: Sion, het goddeloze Sion.

De Zeven Koningen en het Mysterie van de Achtste Leider ↑ hoofdstukken

In vers 10 wordt de uitleg vervolgd. Die zeven koppen zijn zeven bergen, maar in de uitleg wordt ook gezegd dat het zeven koningen zijn. Vijf ervan zijn gevallen, één is er nog, en de ander is nog niet gekomen; wanneer die komt, moet hij een korte tijd blijven. Je krijgt hier dus het chronologische verhaal: de vijf zijn gevallen. Waarschijnlijk begint die federatie gewoon met een bestuur van vijf koppen. Op het moment dat Johannes dit ziet, zegt hij dat er één is. Dat is nummer zes. En die andere is nog niet gekomen, maar wanneer die komt, moet hij een korte tijd blijven. Dat is nummer zeven; die is slechts voor een korte tijd op het toneel.

Op zich is dit niet moeilijk als je de aandacht erbij houdt, maar het betekent dus dat er aan die federatie ook leiding wordt gegeven. Het gaat nu vooral even om die zesde kop, want er staat: "En het beest dat was en niet is, is zelf ook de achtste." Nu wordt het pas echt mysterieus. Het idee is dat die ene kop die "was", er een tijdje niet is, maar vervolgens weer terugkomt. Nummer zes wordt gedood – ik ga dat straks ook echt aantonen, maar daarvoor gaan we weer terug naar Openbaring 13. Aangezien er een leiding moet zijn, komt nummer zeven voor hem in de plaats, maar dat zal slechts voor korte tijd zijn. Hij wordt vervangen door nummer zeven totdat nummer zes herleeft en alsnog de heerschappij overneemt. Hij is dus "uit de zeven", want het was oorspronkelijk nummer zes, maar hij wordt gedood, herleeft vervolgens, herstelt en neemt alsnog de macht over van nummer zeven, die eigenlijk slechts een interim was. Dan is hij dus én nummer zes én nummer acht. Die nummer zes verschijnt in drie vormen: hij was er, hij is er niet, en hij zal er zijn. Drie keer zes; dat is overigens ook het getal van het beest.

In Openbaring 17 wordt dus tekst en uitleg gegeven over die zeven koppen die leiding geven aan dat beest. In hoofdstuk 13:1 zagen we uit de zee een beest opkomen met tien horens en zeven koppen. Die tien horens zijn koningen en de zeven koppen zijn ook koningen. Het belangrijke verschil is dat die tien horens tegelijkertijd regeren, terwijl de zeven koppen successievelijk regeren – opeenvolgend, de één na de ander. Op de horens zitten tien kronen en op de koppen namen van godslastering.

Het beest dat ik zag, was een luipaard gelijk, met poten als van een beer en een muil als de muil van een leeuw. Dit is overigens niet wat we precies lezen in Daniël 7. In Daniël 7 wordt dat vierde koninkrijk als een beest beschreven zonder dat het specifiek benoemd wordt. De eerdere drie beesten worden daar wel benoemd. Hoe vreemd ze er soms ook uitzagen: de eerste was een leeuw, de tweede een beer en de derde een luipaard – eigenlijk een "leeuwpaard", dat is wat het letterlijk is. In feite draagt dat vierde koninkrijk de kenmerken van de eerdere koninkrijken deels in zich. Het heeft de muil van een leeuw; Nebuchadnezzar had een hele grote muil, en ik denk dat hij daarom ook die muil had. De poten zijn als van een beer, wat met het vertreden te maken heeft, maar eigenlijk lijkt het beest nog het meest op een luipaard. Het lijkt vooral op het Griekse koninkrijk. Het gaat erom dat het de kenmerken van de voorgaande koninkrijken in zich verenigt. Dat dit niet zo beschreven stond in Daniël 7, is een bekend verschijnsel: ook als dingen in de Schrift herhaald of opnieuw genoemd worden, is het perspectief vaak verschillend. Datzelfde fenomeen heb je in de evangeliën. Je vraagt je soms af waarom iets er een paar keer moet staan, maar door het verschillende oogpunt vullen ze elkaar aan. Dan krijg je een soort drieluik of vierluik waarbij je telkens verschillende vensters op hetzelfde gebeuren vindt. Dat is nooit voor niets en volkomen logisch als je weet hoe de Schrift in elkaar steekt.

De draak gaf aan het beest zijn kracht, zijn troon en grote macht. We zitten hier in Openbaring 13, maar in hoofdstuk 12 werd de draak al beschreven. Hij wordt daar getypeerd als de oude slang, die genaamd wordt diabolos en satan. Hij heeft een aantal namen; hij is draconisch en hij is de slang van oudsher. Ik houd van de term "diabolos". "Duivel" klinkt misschien wat mythisch, alsof het gaat om een figuur met een bokkenpoot, maar het is de diabolos. Diabolos betekent letterlijk degene die dingen door elkaar gooit. "Bolos" heeft te maken met werpen of gooien, dus: door elkaar gooien. "Satan" is Hebreeuws en betekent "tegenstander". Daarmee is de draak getypeerd: het is de diabolos die achter de schermen de touwtjes in handen heeft, voor zover hem dat natuurlijk verleend wordt.

In Openbaring 12 wordt beschreven dat de mannelijke zoon wordt weggerukt tot God en Zijn troon. Op dat moment wordt de draak met zijn gevolg uit de hemel geworpen. Dat wordt daar uitgebreid beschreven. Zodra die draak uit de hemel is geworpen, weet hij dat zijn tijd nog maar heel kort is. Dan gaat hij op de aarde als een razende – duivels, diabolisch, draconisch en satanisch – te werk. In feite incarneert hij dan in dat beest; die draak en dat beest lijken als twee druppels water op elkaar. De draak – Satan dus, de slang van oudsher – gaf hem, dat beest, zijn kracht en zijn troon, dus zijn heerschappij, en grote macht; ook grote invloed, volmacht en autoriteit.

De Dodelijke Wond: de Zesde Leider Die Herleeft als Achtste ↑ hoofdstukken

En ik zag een van zijn koppen als ten dode gewond. Kijk, daar had ik het dus over. Ik zal straks ook laten zien dat die achtste kop dezelfde is als die elfde hoorn. Maar hier is het: ik zag een van zijn koppen als ten dode gewond. Het punt is namelijk dat er op hem als kop, als leider, als zesde leider – om het even modern te zeggen – een moordaanslag zal worden gepleegd. Hij wordt dodelijk gewond. De tekst laat het een beetje open of hij daadwerkelijk sterft of dat hij als bijna dood wordt beschreven en alleen maar herstelt. Het zal in ieder geval wonderbaarlijk zijn. Eerlijk gezegd zou het me niet verwarren als hij inderdaad dood is; dan is het helemaal evident als hij daarna alsnog herrijst. Dan blijkt ook wel wat er beschreven wordt.

Let op, het gaat hier dus om de kop. Hij wordt als kop beschreven, als één van die koppen. We hebben al gezien dat dit nummer zes is: de zesde leider. Je krijgt dus eerst die federatie die een vijfkops bestuur heeft, dat moet plaatsmaken voor een echte leider. Maar die wordt dan vermoord; een dodelijke aanslag. Er wordt trouwens gezegd dat hij wordt geslacht. Dat wijst er ook heel sterk op dat hij inderdaad sterft. Hier wordt namelijk hetzelfde woord gebruikt als wat er ook over het Lam gezegd wordt: het Lam dat geslacht is. Maar in ieder geval zal hij dodelijk gewond raken. "En een van zijn koppen als ten dode gewond," en dan staat er: "zijn dodelijke wond genas." Dit zou kunnen suggereren dat hij niet echt dood is, maar zo hoort het ook weer niet. Ik laat dat in het midden.

Het idee is – en we zagen het deels al – dat de zesde kop dodelijk gewond wordt, maar hij herstelt wonderbaarlijk. Je moet je voorstellen wat daar in het Midden-Oosten gebeurt: daar is een Zionistisch koninkrijk dat met ijzer geleid wordt door die vrouw die dat beest bestuurt. Dan heb je daar die tien koningen. Ja, en dan komt er zo'n elfde tevoorschijn. Die wordt niet alleen deel van de federatie, een van die horens, maar hij wordt ook hoofd, een kop. En als kop van dat rijk, als hoofd van dat machtige rijk, zal hij dodelijk gewond worden. Maar dan staat er: "zijn dodelijke wond genas."

In de tijd dat hij verwond is, wordt hij tijdelijk – voor een zeer korte tijd – vervangen door de nummer zeven, totdat hij alsnog herstelt. Dan blijkt nummer zeven een interim te zijn en die wordt alsnog vervangen. En dan lees je: "en de hele aarde ging het beest met verbazing achterna." Sowieso is de hele setting waarin dit plaatsvindt al heel bijzonder: die verschillende fasen in dat vierde koninkrijk dat bestuurd wordt door die vrouw, die hoer. Maar dan wordt vervolgens de leider vermoord. En wat gebeurt er? Hij herstelt van zijn dodelijke wond. Hij herleeft. Zo wordt dat later in ditzelfde hoofdstuk ook genoemd. De hele aarde – sommigen lezen hier "het hele land", dat kan – maar ik denk dat dit ook een wereldwijd ding is. Ik kom daar straks misschien nog even op terug.

Ik moet er trouwens even bij zeggen: "en de hele aarde ging het beest met verbazing achterna." Hier is het beest dus even niet het hele rijk met de zeven koppen en de tien horens, maar hier is het een van die koppen zelf. De leider representeert daarmee het hele rijk. Dus het beest is soms het hele rijk, maar soms ook gewoon de leider, de kop, het hoofd van het rijk. Die ging men met verbazing achterna. Je leest later in dit hoofdstuk dat er ter ere van dit gebeuren een beeld van hem wordt gemaakt. Dat staat er ook: "ter ere van het beest dat dodelijk verwond was maar herleefde." Er wordt een beeld daar op het tempelplein neergezet, en dan begint de grote verdrukking.

De Openbaring van de Wetteloze en Zijn 42 Maanden ↑ hoofdstukken

Op het moment dat die zesde kop opstaat, herleeft en herrijst, en de wereld vol verwondering is, openbaart hij zich als de wetteloze. Daar is dus al het een en ander aan voorafgegaan. Ik loop nu een beetje vooruit op wat ik de volgende keer ga vertellen, maar voordat de wetteloze zich openbaart, zal er een weerhouder, de Ecclesia, worden weggerukt. Dat betekent echter ook – en nogmaals, dit is een aanloop naar de volgende keer – dat de Ecclesia die aanloop nog zal kennen en herkennen voordat hij zich openbaart. Daarom denk ik echt dat het moment heel duidelijk zal zijn wanneer dat gaat gebeuren.

Er wordt een beeld op het tempelplein in Jeruzalem gezet en een volledig afgodische cultus zal dan in het land worden afgedwongen. De mensen krijgen een merkteken op de rechterarm, aan de rechterhand of op het voorhoofd. Degenen die weigeren dat beest te aanbidden, krijgen dat niet; zij worden uitgesloten van de economie en kunnen niet meer kopen of verkopen. Hoe dat technologisch mogelijk was, was in de uitlegging natuurlijk altijd een grote vraag, maar inmiddels weten we al jaren dat het is alsof Johannes dit in onze dagen heeft opgetekend. Dat zal hoe dan ook worden afgedwongen.

Je moet je voorstellen: als je dan in het land bent en je kunt niet kopen of verkopen, reken maar dat er dan gebeden gaat worden: "Geef ons heden ons dagelijks brood" en "Uw koninkrijk kome, Uw wil geschiede, gelijk in de hemel, alzo ook op de aarde". Dat is dan de bede. De duivel is er inmiddels uit de hemel "uitgeduveld", en daarom wordt het Onze Vader dan zo concreet. Ik ga het nu niet uitgebreid over het Onze Vader hebben, maar ik moest er zo even aan denken.

In de tekst staat dat de hele aarde het beest met verbazing achterna gaat. Vind je het gek? Nee, natuurlijk niet. Ze aanbidden de draak omdat hij aan het beest de macht gegeven had. In feite, door het beest te aanbidden, aanbidden ze feitelijk de draak die het beest volmacht geeft. Ze aanbidden het beest en zullen zeggen: "Wie is aan het beest gelijk?" Hij wordt gewoon goddelijk vereerd. "Wie kan er oorlog voeren tegen deze gast?" Ik zeg het misschien een beetje oneerbiedig, maar u snapt waarom ik het zo zeg: wie kan er oorlog tegen hem voeren? Hij is onoverwinnelijk. Tenminste, dat is de gedachte, en wereldwijd heerst dat idee.

Hem werd een mond gegeven die grote woorden en godslasteringen spreekt, en hem werd macht gegeven om dit 42 maanden lang te doen. Dat is ook weer zo opmerkelijk, want de vorige keer zagen we dit beschreven bij de elfde hoorn. Wat zou die elfde hoorn doen? Woorden spreken tegen de Allerhoogste. De termijn van "tijd, tijden en een halve tijd" is precies dezelfde termijn: 42 maanden. Die elfde hoorn is gewoon identiek aan de achtste kop. Hem werd een mond gegeven om grote woorden en godslasteringen te spreken gedurende 42 maanden. Over die termijn gaan we het in de vierde serie hebben, dus dat parkeer ik nu even.

Het beest opende zijn mond tot lasteringen tegen God om Zijn naam te lasteren, en ook Zijn tent – dat wil zeggen: de hemel – en hen die in de hemel wonen. In feite zijn allen die in de hemel wonen rivalen. Satan is zojuist uit de hemel geworpen, dus nu moet hij het op aarde gaan doen. Hij is in grote toorn omdat hij die positie heeft moeten verlaten. Hem werd ook gegeven om tegen de heiligen oorlog te voeren en hen te overwinnen. Dit is precies wat in Daniël 7 vers 25 ook gezegd werd over de elfde hoorn. Waarmee ik dus aantoon dat er volgens mij geen speld tussen te krijgen is: die elfde hoorn is identiek aan die achtste kop.

Degenen die dan niet tijdig gevlucht zijn en gedurende die 42 maanden in het land zijn – het gaat hier vooral over Israël – zullen overwonnen worden. Het zal een afschuwelijke verdrukking zijn, de grootste verdrukking die ooit in het land heeft plaatsgevonden en ook nooit meer zal plaatsvinden. Ik denk dat het inderdaad de grootste verdrukking in het land Israël betreft.

Hem werd ook macht gegeven over elke stam, natie, taal en volk. Daarmee is gezegd wat ik al eerder aanstipte: het gaat vooral over wat hij gaat aanrichten in het land en waar het beeld neergezet wordt, maar het beest is gewoon wereldwijd dominant en overheersend. Men spreekt dan over de hegemonie van een bepaald rijk. Dat wil niet zeggen dat al die koninkrijken ophouden te bestaan, maar er is er één die dominant is, die de lakens uitdeelt en de dingen beschikt. Zo zal hij dan wereldwijd domineren.

Samenvatting: Zicht op de Profetie en Oproep tot Waakzaamheid ↑ hoofdstukken

Nu wordt het hoog tijd om inderdaad een punt te zetten, maar dat doe ik door het even samen te vatten. Je krijgt dus dit verhaal in Openbaring 13 en zoals dat in hoofdstuk 17 wordt uitgelegd: je hebt eerst een vijfkopper, besturen, in ieder geval vijf die vallen. Dan krijg je een zesde kop. Die wordt vermoord; een dodelijke aanslag wordt op hem gepleegd en hij wordt vervangen door nummer zeven, die slechts een zeer korte tijd zal regeren.

En dan, vervolgens, krijg je de openbaring van de wetteloze, want die zesde kop herleeft. Hoe kan die herleven? Je leest gewoon dat de Satan zich meester van hem zal maken. Hij zal, ik denk letterlijk, incarneren in die wetteloze. Die is echt demonisch en natuurlijk geniaal in wat hij allemaal zal aanrichten. De hele wereld is verbaasd over wat hij vermag, hoe onoverwinnelijk hij is en wat hij kan. Ja, maar hier openbaart de wetteloze zich, want hij herrijst en dus vervangt hij alsnog kop nummer zeven. De hele wereld is dan betoverd door die achtste kop.

Die achtste kop wordt dan beschreven: hij krijgt een beeld daar op het tempelplein in Jeruzalem en gedurende een tijd, twee tijden en een halve tijd — tweeënveertig maanden — zal hij dat kunstje, even heel denigrerend gezegd, mogen uitoefenen. Hij zal die woorden tegen de Allerhoogste spreken gedurende die tijd; hij lastert God en hij voert oorlog tegen de heiligen.

Ik hoop in ieder geval hiermee wat scherper gekregen te hebben wie die wetteloze nou is en vooral wat er voorafgaat voordat hij zich gaat openbaren. Ik hoop inmiddels duidelijk gemaakt te hebben, zowel vanuit Daniël 11 als vanuit Daniël 7, waar hij als elfde koning wordt beschreven, als uit Openbaring 13, waar hij de kop is, dat hij die figuur is. Maar hij komt niet zomaar; hij openbaart zich nadat hij zich eerst heeft warmgelopen en zich heeft gemanifesteerd in het midden van die federatie die ook nog steeds moet komen.

Wat ik hiermee eigenlijk ook bedoel te zeggen, is waarom ik deze hele setting voor deze serie nu geef. Dit is zo bijzonder. Aan het einde van de aion — ik wil me helemaal niet vastleggen op data enzovoorts — maar wees je bewust van de tijd waarin we leven. De aion eindigt met deze figuur die beschreven wordt in allerlei hoedanigheden, als de elfde hoorn en als die achtste kop. Dat gaat gebeuren en dat moet je weten; het is niet voor niks dat de Bijbel ons hierover informeert.

Als u zegt: "Nou, ik vond het geen fijne preek vanmorgen", nee, sorry, maar als u voor een preek gekomen bent, dan bent u op de goede plek. Ik heb gewoon wat te vertellen en ik wil u dit doorgeven. Kijk, ik vertel dit en u bent natuurlijk helemaal niet gedwongen om dit zo over te nemen. Sterker nog, als ik u zou mogen dwingen en kunnen dwingen, dan zou ik u willen dwingen om dit te checken. Klopt het? Is het waar? Want dat is het enige wat interessant is; dan hoeven we geen ruzie te maken. Ik heb de vrijheid om te vertellen wat ik gevonden heb en het is uw vrijheid — sterker nog, het is eigenlijk uw plicht — om dit te checken. Ik zal er niet op controleren, maar ga na of het inderdaad zo is.

Merk op, en ik hoop dat dat een gemeenschappelijke conclusie is, dat het toch wel heel bijzonder is wat er gaande is en wat er nog allemaal moet gaan komen. Voordat die wetteloze zich dus gaat openbaren, moeten wij ook nog dingen gaan onderkennen en dat gaat er nog gebeuren. Dus wees waakzaam. Niet woke, maar wel waakzaam. Goed, zullen we het hierbij laten.

🎧 voordat de wetteloze openbaar wordt (2) – het achtste hoofd
Delen: