GoedBericht.nl logo
UltimateGoodNews

Gods wil & raad (1)

27-05-2023 - Geplaatst door Andre Piet
27 mei 2023, Maarn

De begrippen Gods wil en Gods raad worden vaak door elkaar gebruikt. En dat leidt dikwijls tot grote verwarring en tot schadelijke conclusies. In deze eerste studie van een drieluik zoomen we in wat Gods wil is.

Powered by RedCircle

📝 Samenvatting & Transcriptie van deze lezing

Samenvatting van deze toespraak

Deze Bijbelstudie behandelt het verschil tussen Gods wil en Gods raad, met een sterke focus op de praktische toepassing in Romeinen 12. Gelovigen worden opgeroepen om hun lichaam als een levend offer te presenteren; dit vormt hun logische eredienst. In plaats van gelijkvormig te worden aan dit tegenwoordige wereldtijdperk (de aeon), ondergaan zij een metamorfose doordat hun denken vernieuwd wordt door het Woord (Logos) van God. Hierdoor leren zij proefondervindelijk dat de wil van God goed, welgevallig en volmaakt is. Hoewel Gods wil in de huidige aeon vaak wordt weerstaan, zal Zijn wil uiteindelijk altijd geschieden.

“Jij presenteert je lichaam, Hij geeft Zijn Woord en dat vernieuwt en transformeert jou.”

Introductie: Gods Wil Versus Gods Raad ↑ hoofdstukken

Over het onderwerp dat u hier achter mij geprojecteerd ziet, 'Gods wil en raad', gaan we het drie keer achtereen hebben. We gaan het over dat overkoepelende onderwerp hebben. Vandaag hebben we het over Gods wil. In zekere zin is dit, technisch gezien, het eenvoudigste onderwerp om uit te leggen. Het is ook een mooie manier om een fundament te leggen. Maar goed, de aanzet tot het hele onderwerp en de problematiek komen zo direct al aan de orde. Want ja, waarom dit onderwerp? Nou, omdat er gewoon nogal wat vragen over zijn, en die zijn er al heel lang.

Zoals ik al zei, gaan we het vandaag over Gods wil hebben. De bedoeling is — en dat is een aardige dubbelzinnige opmerking — mijn bedoeling is om het morgen verder over Gods raad te hebben. Dat wil zeggen: Gods intentie of Zijn bedoeling. Ik kom daar later uiteraard uitgebreid op terug, wat dat precies is en wat het verschil is. En dan aankomende maandag, op die dag weer, iedere keer op hetzelfde tijdstip om elf uur, volgt een Bijbelstudie over 'de raad van Gods wil'. Die term is direct ontleend aan Efeze 1 vers 11. Daar wordt die uitdrukking gebruikt: de raad, meestal wordt het weergegeven als 'de raad van Gods wil'.

Waaruit trouwens sowieso al blijkt dat die begrippen 'raad' en 'wil' niet hetzelfde zijn. Het is de raad van Gods wil, de bedoeling van Zijn wil. Dat zijn twee onderscheiden begrippen. Daarmee zeg ik op voorhand eigenlijk al iets heel belangwekkends. Het punt is — en dat is ook de eigenlijke directe aanleiding waarom we dit onderwerp behandelen — dat er heel veel verwarring bestaat over deze twee begrippen. Vooral over hoe die termen door elkaar worden gebruikt; dan krijg je echt een warboel van zaken waarbij je de dingen niet meer onderscheidt.

Dat heeft ook alles te maken met het feit dat, zoals Wolter zojuist al zei, hij bij voorkeur spreekt over het openen van de Schriften, liever dan over het openen van de Bijbel. Dat lijkt misschien wat al te subtiel, maar hij bedoelt daar wellicht dit mee — in ieder geval versta ik het zo. Kijk, de Bijbel, dat zijn de Schriften, ja, maar we moeten beseffen dat het aan ons is overgeleverd via vertalingen. Dat is een filter dat nogal eens desastreus werk doet, waardoor allerlei zaken je ontgaan en inderdaad ook verward worden. Als je naar de Schrift gaat, dan ga je naar het origineel. Dat is geïnspireerd. De Schriften zijn geïnspireerd. Zo staat het ook letterlijk in 2 Timotheüs 3. Elk van God gegeven schriftwoord is God-geademd, God-geïnspireerd. Dat geldt niet voor de vertalingen, want die zijn feilbaar. Vandaar dus dat onderscheid. En omdat de vertalingen er vaak — ik zeg het nu misschien wel heel erg cru, maar eigenlijk is het nog veel erger — een zootje van maken, ook als het juist om deze begrippen gaat, dan moeten we de dingen toch even finetunen.

Enquête: Geschiedt Gods Wil Altijd? ↑ hoofdstukken

Kijk, laat ik eerst even beginnen met een enquête; een vraag gewoon in jullie midden leggen. Gods wil geschiedt altijd. Altijd. En nou is mijn vraag: wat zeg je? Is dat waar of is dat onwaar? Nee, even handen omhoog, dan krijg ik een beetje een betere indruk. Wie zegt... nu zie ik al hoe misleidend de opinies weer kunnen zijn, want nu zeggen sommige mensen 'onwaar', denkend: "Oh, dat zal het wel niet zijn." Sowieso werkt dat niet. Wie zegt: waar? Gods wil geschiedt altijd. En wie zegt: onwaar?

Nou, dat is dus ongeveer vijftig-vijftig. Dat demonstreert nou precies en het motiveert ook goed waarom we het over dit onderwerp hebben. Want de helft van deze club, even grofweg gesproken, zegt: "Nou, Gods wil geschiedt altijd." En de andere helft zegt: "Nee, Gods wil geschiedt misschien niet altijd." Dus hoe zit dat dan?

Eén optie heb ik trouwens nog niet genoemd, namelijk: half waar. Want je zou de vraag kunnen stellen... dat hangt er namelijk vanaf wanneer je de vraag stelt. Nou ja, je stelt die vraag nu en dan is het... laat ik meteen maar mijn inzet, mijn insteek meegeven, zodat... hoe noemen ze dat ook weer als je de informatie op voorhand geeft? Een spoiler. Maar: Gods wil geschiedt altijd. Of: Gods wil zal geschieden, altijd. Of: Gods wil geschiedt uiteindelijk altijd. Dat is dan nog net even wat preciezer gezegd.

Nou, hoe dan ook, we hebben hier in ieder geval, lijkt mij, door deze vraag even in jullie midden te leggen al aangegeven waarom het echt geen overbodige luxe is om dit goed helder te krijgen. Want er zijn er namelijk die zeggen: "Ach, wat er ook gebeurt en wat ik ook doe in mijn leven, Gods wil geschiedt toch." Zie je, dan gooi je de boel alweer op één hoop. Echt. Wat ik vanmorgen ga doen, is de eerste twee verzen van Romeinen 12 bespreken. Meer is er eigenlijk niet — nou ja, daar komt nog wel meer bij kijken — maar we bespreken de eerste twee verzen van Romeinen 12. Dan moet je even dit weten.

De Context: Romeinen 12 als Logische Conclusie ↑ hoofdstukken

De Romeinenbrief is eigenlijk onderverdeeld in drie gedeeltes. Hoofdstuk één tot en met acht is een uiteenzetting die heel fundamenteel het ABC van de eeuwigheid behandelt. Paulus wil heel graag naar Rome toe, maar hij was tot dan toe verhinderd, en hij geeft in deze brief op een heel basale, fundamentele manier de essentie van het evangelie weer. Ik vind het eigenlijk ook wel heel apart dat dit de eerste brief in zijn hele oeuvre in onze Bijbel is. Het is ook werkelijk het platform, de basis; hier begint het.

In feite zou je na hoofdstuk acht gewoon door kunnen lezen naar Romeinen 12 vers 1. Want stel je voor dat we de hoofdstukken 9, 10 en 11 niet zouden hebben, dan zou Romeinen 12 vers 1 perfect aansluiten op het slot van Romeinen 8. Waarmee gezegd is dat die hoofdstukken 9, 10 en 11 — waar we het later nog uitgebreid over gaan hebben — een onderbreking zijn, een intermezzo, een pauze. En dat is ook weer heel prachtig gestileerd, want die hoofdstukken gaan over een onderbreking. Er is een onderbreking in zijn brief, maar er is ook een onderbreking in de historie, in de heilshistorie. We leven momenteel in een pauze, een onderbreking. God heeft de draad met Israël tijdelijk even losgelaten om hem straks weer op te nemen. In die tussenliggende tijd, waarin Zijn koninkrijk verborgen is — alles is verborgen, ook Christus is verborgen — in die tijdspanne leven wij nu. Daar gaan Romeinen 9, 10 en 11 over: Waarom is Israël nu op een zijspoor gezet? Waarom is dat gebeurd? De diepe vragen die daaronder liggen, worden daar behandeld.

Romeinen 12 is het begin van het praktische deel. Het is een conclusie: als dit nu allemaal de waarheid is, wat betekent dat dan in de praktijk? Vandaar ook dat hij begint met: "Ik moedig jullie dan aan, broeders." Dat is een wat letterlijke weergave; het kan zijn dat jouw vertaling het weer wat afwijkt, maar meestal is het ongeveer gelijk luidend. Dat woordje "dan" heeft eigenlijk de functie van "dus". Het is een logisch vervolg op het voorgaande. Ik zei net dat het aansluit op het slot van Romeinen 8, maar je kunt ook verdedigen — en in beide gevallen sta je sterk — dat het direct aansluit op het direct voorafgaande. Want wat is het vers dat aan Romeinen 12 vers 1 voorafgaat? Dat is het laatste vers van Romeinen 11, dus Romeinen 11 vers 36. Eigenlijk is dat vers een conclusie, niet alleen van 9, 10 en 11, maar een conclusie van heel Paulus' betoog. Feitelijk is het de samenvatting van zijn hele onderwijs.

Wat staat er in Romeinen 11 vers 36? Als je het mij vraagt, is dit misschien wel het meest fundamentele vers. Je moet natuurlijk een beetje uitkijken met zulke uitspraken, want het hangt ervan af vanuit welk oogpunt je het beziet, maar dit is zo verschrikkelijk fundamenteel. Dit vertelt waarom God God is. Dat is trouwens ook Romeinen 1: God is God, Hij zet alles op zijn plek. Maar waarop is dat gebaseerd? Wel, dan staat er in Romeinen 11 vers 36 — wat trouwens ook weer een conclusie of een uitleg is: "Want vanuit Hem en door Hem en tot in Hem zijn alle dingen." Er worden drie voorzetsels gebruikt: uit (vanuit), door, en tot in. Dat laatste is één voorzetsel, 'eis', dat wil zeggen "tot in" of "voor". In ieder geval is het de tegenovergestelde beweging van "vanuit". Vanuit Hem en door Hem en tot in Hem zijn alle dingen. En als dat zo is, wel, dan komt aan Hem alle heerlijkheid toe, tot in de — en dat is ook weer zo’n woord dat je in de vertalingen nauwelijks goed tegenkomt omdat er een verschrikkelijk filter op is gezet — tot in de aeonen. Er is vaak "eeuwigheid" van gemaakt, maar dat staat er dus niet. Het is 'tot in de aeonen', meervoud. Wereldtijdperken, daar gaat het over.

En dan zegt Paulus: "Amen!" Dat is niet alleen maar een afsluiting. In feite is het een hele plechtige manier om te zeggen: en zo is het en niet anders, dat is de waarheid. Vanuit Hem, door Hem en tot in Hem zijn alle dingen. Als je hierover nadenkt, als je dit realiseert, dan betekent dat dus alles. En dan moet ik er even bijzeggen: ook alle godswegen. Als je het gedeelte dat hieraan voorafgaat leest, dan lees je over Gods wegen. Dat is een bekende uitspraak natuurlijk. Gisteren zat ik met Peter nog even een film te kijken waarin een arts in New York zei: "Ja, Gods wegen zijn ondoorgrondelijk." Dat is eigenlijk een algemene uitspraak geworden, maar die uitspraak is ontleend aan Romeinen 11. Alle wegen die God gaat — en dat lijkt soms inderdaad op een onontwarbare knoop — zijn niet te traceren. Onnaspeurlijk zijn Zijn beschikkingen. Hoe Hij dat allemaal doet, en hoe Hij het kwaad en de ellende en de moeite allemaal inzet en daar toch Zijn weg in vindt... nee, Hij beschikt het. Alles is uit Hem.

Dat we zeggen: "Ja, logisch, als Hij de Creator van alle dingen is, dan heeft Hij het dus bedacht," dat is één ding. Dan heeft Hij het niet alleen bedacht, maar Hij heeft het ook tot stand gebracht. Maar als alles uit Hem is, wie is dan degene die dat vervolgens allemaal ten uitvoer brengt en realiseert door de tijd heen, door de aeonen of wereldtijdperken heen? Ja, dat is Hij ook. En als er geen ander is die daar verder een deelgenoot van is of dat beschikt, dan betekent dat dus dat het ook gewoon bij Hem lukt. Want er is niemand die Hem daarvan zou kunnen weerhouden. Dus alles is ook weer "tot in Hem". Kijk, dat betekent het nou als je God kent. Als je God als God kent en erkent: het is uit Hem, het is door Hem en het is ook tot in Hem. Met dat feit geef je feitelijk het evangelie aan. Want dat betekent dus dat zoals alles vanuit een Woord komt, ook alles weer uiteindelijk tot Hem terugkomt. Feitelijk komen we dus weer thuis, door alles heen.

Hij gaat daarin een weg. Maar nu komt het: als dat zo is, als vanuit en door Hem en tot in Hem alle dingen zijn en aan Hem dus alle credits gegeven moeten worden — aan wie anders, Hij is immers de Creator — waar leven we dan voor? Nou, dat is wat hier feitelijk al neergezet wordt. Romeinen 12 geeft daaruit de logische conclusie. Hij zegt: "Ik moedig jullie dan aan, broeders," en hij voegt eraan toe: "door de erbarmingen van God." Ja, dat is een andere manier van zeggen wat ik zojuist aanhaalde uit Romeinen 11 vers 36. Want als je nog even terugbladert of terugleest in datzelfde hoofdstuk, dan staat er in 11 vers 32 iets over Gods erbarmen en ontferming. Daar lees je: "Want God sluit allen op in ongehoorzaamheid," of letterlijk "in ongezeglijkheid". Waarom? "Omdat Hij zich over allen zou ontfermen."

Hoe komt het dat de wereld in het algemeen, of de hele mensheid, gezondigd heeft? God heeft dat zo geschikt. Hij sluit, zoals vissen in een net, allen op in ongezeglijkheid. En waarom doet Hij dat? Is dat Zijn uiteindelijke wil? Nee, maar Hij heeft daar wel een bedoeling mee: omdat Hij zich over allen in Zijn ontferming zou kunnen bewijzen. Dus ook hier weer gebruikt God het contrast; Hij heeft dat contrast nodig om Zijn ontferming en Zijn liefde te tonen. Maar als dat zo is, dat Hij degene is die allen opsluit in ongezeglijkheid, ongehoorzaamheid, zonde, ongeloof — of hoe je die broertjes en zusjes van elkaar ook wilt noemen — dan lijkt het alsof de mens met de rug naar God toe staat. Maar dat doet hij uiteindelijk niet. God heeft daar Zijn bedoelingen mee, namelijk dat Hij zich over allen zou ontfermen. En dat betekent nogal wat.

De Logische Eredienst: Je Lichaam Presenteren ↑ hoofdstukken

Nou, Paulus zegt: ik moedig jullie dan aan door de erbarmingen van God om jullie lichamen te presenteren – of: te stellen, ik meen dat de Concordante Vertaling dat ook zo heeft – als een levend, heilig en welgevallig offer voor God. Dit is logica. Het woord dat daar in het Grieks staat voor 'presenteren' is een woord dat staat voor het beschikbaar stellen van je lichaam.

Ik kreeg gisteren trouwens even een appje door van Thijs. Hij is op de Opwekking-conferentie om de Concordante Vertaling te promoten, want die is nu net uitgekomen. Hij liet een foto zien waarbij hij die boekvorm daar in de Flevopolder al aan het uitdelen was, en volgende week komt er zelfs een luxe editie uit. Waarom zeg ik dit? O ja, dat gaat ook over presentatie.

Wat betekent het nou om je lichaam te presenteren en beschikbaar te stellen? Het idee is – en dat blijkt ook uit het gevolg – dat het een levend, heilig en God welgevallig offer is. Wat deed iemand bijvoorbeeld in Israël? Tijdens de hoogtijden, of later in de tempel, kwam je daar met een offer aan. Je kwam daar met dieren, of wat dan ook, en dan zei je: "Alsjeblieft, hier is het, dit is voor U." Nou, wij hebben vandaag geen offerdienst, geen tempel of een heilige plaats. Alles is verborgen vandaag, dus dat is allemaal niet zichtbaar. Maar wij hebben wel een logische eredienst. Ik zal het straks laten zien. En wat houdt dat in? Als alles uit Hem is, wat zou de conclusie voor mijzelf dan zijn? Gewoon: als dat zo is, dan ben ik hier. Hier ben ik.

En wat je vervolgens gaat doen, daar ga je zelf niet over. Dat was ook zo met de offeraar die bij de priester kwam in de tabernakel of in de tempel. Dat was allemaal nauwkeurig beschreven en vastgelegd in het Woord. Wat er vervolgens met dat offer dat beschikbaar werd gesteld zou gebeuren, daar ging de offeraar niet over. Nee, die offeraar doet maar één ding: hij zegt: "Hier ben ik." En het Woord bepaalt dan wat daarmee gebeurt. Het is niet meer iets van jezelf. Er staat bij: "om jullie lichamen te presenteren als een levend, heilig en welgevallig offer voor God."

Ik moet er wel bij zeggen – want ik weet dat het heel vaak zo uitgelegd wordt – dat wij er zelf een heilig en God welgevallig offer van moeten máken. Nee! Wat wij doen is niet minder, maar ook niet meer dan dit: gewoon hier, ik presenteer het. En God is Degene die van jouw lichaam – want meer heb je niet, toch? – een heilig offer maakt. Je kunt het ook niet voor een ander doen. Dat zou je soms wel willen, maar dat lukt dus niet. Je kunt het niet voor je partner doen en je kunt het niet voor je kinderen doen. Soms is dat heel frustrerend, maar wat je kunt doen is zeggen: "Hier ben ik." En wat U verder met mijn leven, met mijn lichaam en al die onderdelen doet... Je lichaam bestaat uit alle delen of leden – dat is trouwens een anagram – en al mijn lichaamsdelen zijn bij mij in handen; ik voel alles, noem maar op. Hier ben ik, en wat doet U ermee? Nou, daar gaat Hij over.

En wat Hij daarmee doet, dat is heel logisch. Want ik lees verder: "dat is jullie logische eredienst." Of: "uw redelijke eredienst." Ik hoop dat er staat wat ik zeg: dat is een redelijke eredienst. Er is zelfs een heel bekend boek dat over de "redelijke godsdienst" spreekt, maar hier staat: "dat is jullie logische eredienst." En dat vind ik mooi. Dat is het grote voordeel van de schriftstudie: als je gaat inzoomen, dan ga je even kijken wat er nou precies staat. Logische eredienst... hoezo logisch? Er staat in het Grieks een woord dat eigenlijk ons woord 'logisch' is. Ons woord 'logisch' is dus eigenlijk een vernederlandst Grieks woordje dat Paulus hier gebruikt. En hij zegt dat om twee redenen.

In de eerste plaats is het vanzelfsprekend; het volgt uit het voorgaande. De logica is dwingend: als alles uit Hem is, en de vraag is wat dat praktisch voor mij betekent, dan zeg ik: "Als alles van Hem is, dan erken ik dat. Dit is het." Dat je het presenteert is logisch. En wat Hij daar vervolgens mee doet... wel, dan gaan wij jou vullen met zijn Logos. En 'Logos' is het Griekse woord voor Woord. Logisch, Logos, een logo... we hebben eigenlijk heel wat woorden die allemaal van dit begrip afkomen. Een logo, maar ook Logos, dat is de expressie van een gedachte. Dat kan een gestileerde vorm zijn, maar het kan ook een uitdrukking zijn in een woord of gedachte. In de geschriften, als het gaat over het Woord van God, dan heet dat 'ho Logos'.

Wat is onze logische eredienst? Eerst zeg ik: "Het is niet veel misschien, maar hier is het." En wat gaat Hij er dan mee doen? Nou, dan gaat Hij zijn Logos in jou brengen. Hoe doet Hij dat? Dat klinkt misschien wat abstract, maar het gaat heel simpel. Hoe komt het Woord bij je binnen? Gewoon door te luisteren. Dat is trouwens wel mijn idee: geloof is uit het horen, namelijk het horen van het Woord van Christus. Het is heel simpel. Hoe komt mijn woord nu bij jullie? Gewoon via mijn mond komt het woord in jullie oren. En als het goed is, bereikt het ook nog wat – ik bedoel, hier zit nog geen halve meter tussen.

Dus de Logos. Maar nu heb ik het niet over menselijke woorden, nee, over goddelijke. In Johannes 1 lezen we: "In het begin was het Woord, en het Woord was bij God, en God was het Woord. Alle dingen zijn door het Woord geworden en zonder dat is geen ding geworden dat geworden is." Maar wat je hier ziet, is dat het voortgekomen is uit God. God sprak en het was er. "Er zij licht." Hij gebiedt en het staat er. Hij spreekt en het is er, dat staat in Psalm 33. Dat zijn woorden. Alles is daardoor ontstaan.

En wat gebeurt er nou met je leven op het moment dat het Woord tot je komt? Zijn Woord, dat onvergankelijk en krachtig is. Ja, hallo, als de hele schepping nou voortkomt uit zijn Woord, dan is dat Woord toch tot alles in staat? Dus het enige wat een mens nodig heeft, is zijn Woord. Anders niet. Dat is alles. Al het afgeleide van de schepping is slechts vanwege dat Woord. Dat is wat ik daarmee bedoel te zeggen. Denk van het Woord niet te gering; het is altijd het grootste.

Maar ja, wat doet God dan met het gepresenteerde lichaam? "Hier ben ik." Hij vond ons terwijl we dood waren. En dan gebeurt er wat, want dan maakt Hij van dit lichaam – dat van onszelf helemaal niets is – iets levends. Als Hij ermee aan de slag gaat en zijn Logos daarin actief wordt, dan wordt het levend. Van dood wordt het levend door de opgewekte Christus. Dat leven... want het Woord spreekt van leven. Het is leven. Het spreekt van Hem die opgewekt is uit een onvergankelijk leven. Dat is welgevallig. Hij zondert het ook af. Dat is zo mooi; heilig betekent 'apart gezet'. God maakt van jou iets heel aparts. Dat is ook pijnlijk trouwens, want je wordt daarmee een vreemde in de wereld. Maar dat is het volgende, want wat staat er dan?

Niet Gelijkvormig aan het Schema van Deze Aion ↑ hoofdstukken

En word niet gelijkvormig aan deze aeon. Ja, dat is eigenlijk het onvermijdelijke resultaat. De term die jullie misschien wel kennen... trouwens, in de meeste vertalingen wordt het ook zo weergegeven: "Wordt niet gelijkvormig aan deze wereld." Wereldgelijkvormigheid. Er staat trouwens niet "wereld", er staat "aeon". Er is geen woord waarmee zo geknoeid is als met dit woord. Dat is een heel verhaal. Maar goed, hier staat "aeon". Word niet gelijkvormig aan deze aeon. Hier staat in het Grieks voor "vorm" een woord dat eigenlijk "schema" is. Het schema van deze aeon. En een schema is niet alleen maar wat wij onder een schema verstaan — het is trouwens ook een Grieks woord — maar ook een vorm, een mal. Dat vind ik een aardig woord in dit verband. De mal, ik bedoel dit: een mal is gewoon een patroon of iets dergelijks, een vorm waar je iets in doet, en op het moment dat je er iets in doet, krijgt het diezelfde vorm. Word niet gelijkvormig aan deze aeon.

En dan moet ik erbij zeggen: dat is niet... ik kom zelf van een reformatorisch college en daar was het altijd van: "Ja, dan moet je naar de zoom kijken." Nou ja, er waren bepaalde uiterlijke dingen waaraan je dan zag of iemand gelijkvormig was aan deze wereld of niet gelijkvormig. Als je als vrouw een broek aantrok — ik kan heel wat voorbeelden geven — of als je 's zondags de krant las, dan was je wereldgelijkvormig. Maar wereldgelijkvormigheid betekent niet dat je doet wat de wereld doet. Ik bedoel, we eten allemaal, we slapen allemaal, we werken allemaal, we staan op; het grootste gedeelte van ons leven doen we gewoon hetzelfde als iedereen.

Maar wat is nou gelijkvormig aan deze aeon? En wat is er mis met deze aeon? Niet de dingen waar ik het zojuist over had, want dat is gewoon... je bent een creatie, je bent een mens en je doet die dingen nu eenmaal. Daar is geen ontkomen aan; je ademt, je kijkt uit je ogen, noem het allemaal maar op, dat doet iedereen wel. Maar het is gelijkvormig aan deze aeon, dat betekent denken en spreken zoals deze aeon denkt en spreekt. Dus wereldgelijkvormigheid betekent dus niet doen zoals de wereld doet of zoals deze aeon doet, maar denken — en daarmee ook spreken, want spreken is de expressie van je denken. Denken zoals deze aeon denkt en spreekt.

En deze aeon, ja, die is boos. Dat wordt op heel wat plaatsen gezegd, dat hoef ik toch verder niet uit te leggen, dat is toch duidelijk? Deze wereld... je leest nog in 2 Korinthiërs 4 — ik verwijs hier ook naar — daar wordt er gesproken over de diabolos, de duivel, degene die de god van deze aeon is. Hij trekt aan de touwtjes in deze aeon, en daar zou ik nog veel meer over kunnen zeggen, maar dat is wat het is. Deze hele wereld is helemaal in de ban. En op het moment dat God Zijn werk in jouw leven gaat doen — want je stelt je nu beschikbaar — dan word je een heel ander mens. Dan word je anders dan deze aeon. Dan ga je anders denken en anders spreken, en daaruit blijkt ook dat het inderdaad te maken heeft met denken.

Een Metamorfose Door de Vernieuwing van Je Denken ↑ hoofdstukken

Want dat blijkt uit het tweede deel van de zin: 'maar onderga een metamorfose in de vernieuwing van het denken'. Ik vind dat wel heel krachtig. Hier wordt ook weer een Grieks woord gebruikt, metamorfose, een gedaanteverwisseling. Dat is de naam die wij geven aan bijvoorbeeld het fenomeen waarbij een rups een vlinder wordt, of een waterkever die een metamorfose ondergaat. Het is een complete gedaanteverwisseling; er is ook geen 'asje' meer over van zo'n beestje. Dat gebeurt hem, dat overkomt hem.

En hoe onderga je die metamorfose? Hoe gaat het proces in zijn werk, zodat je niet meer gelijkvormig bent aan deze aeon en niet meer denkt zoals deze aeon? Wel, dat gebeurt doordat jouw denken vernieuwd wordt. En hoe wordt je denken vernieuwd? Om het even modern te zeggen: we krijgen een heel andere input. In feite wordt jouw denken gevormd door dat wat er binnenloopt. Eigenlijk word je vanaf een heel vroeg stadium al helemaal gedesoriënteerd en vaak ook misvormd. Wij noemen dat dan opvoeding, en in de goede zin is dat voor ons wel vorming, maar je kunt ook in een heel vroeg stadium misvormd worden door alle overtuigingen en gedachtegangen die je tot je krijgt. Die input van buitenaf bepaalt ons denken.

Waarom denk je zoals je denkt? Het meeste denken is trouwens helemaal niet bewust. Je bent je helemaal niet bewust van allerlei vooronderstellingen, maar ze zijn er wel. Maar door het Woord worden we vernieuwd in ons denken. Dat is heel apart. Anders denken wil niet zeggen dat je nog steeds niet met je brein denkt, of hoe dat dan ook verder in zijn werk gaat, maar dat denken wordt heel anders; je gaat heel andere dingen zien.

Terwijl deze aeon bepaalde dingen ziet – ik noem een paar voorbeelden – ziet de wereld deze wereld als voortgekomen uit een oerknal, eigenlijk een proces van miljoenen jaren in slow motion. Een explosie die uiteindelijk hiertoe heeft geleid. Als je zo denkt, dan heeft het bestaan dus ook helemaal geen enkele betekenis of zin. Het is toevallig. En betekent toeval dus ook dat je bestaan zinloos is? Dat moet haast wel. Maar als je gelooft dat alles uit Hem, door Hem en tot in Hem is, dan betekent dat dus dat er achter alles een design zit, een bedoeling. Hij heeft een plan en mijn bestaan heeft zin. Het is niet toevallig of random, zonder enig ogenmerk. Nee, wij zijn een creatie! Dan kijk je naar diezelfde wereld en zie je iets totaal anders.

Nog een voorbeeld: als je blind staart op wat je ziet, dan zie je heel veel 'min'. Zoveel negativiteit, zoveel boosheid. Je ziet ellende, lijden en de dood. De verschrikkelijkste dingen; dat is min. Maar als je daarentegen in geloof kijkt en weet dat Gods weg altijd de beste is... Als je zonder God rekent, zie je minnen, maar als je met God rekent, zie je geen minnen, maar een plus die nog niet af is. Je interpreteert dezelfde wereld heel anders doordat je niet alleen het horizontale ziet. Je ziet een vette verticale streep door die horizontale streep heen en dan zie je iets totaal anders. Dan denk je per definitie positief. En dat bedoel ik niet op z'n 'tsjakka's', zoals die ratelman, maar vanuit geloof. Hij maakt van elke min een plus.

Of neem een actueel voorbeeld: de wereld maakt zich druk over de vraag of deze planeet of de mensheid nog wel zal blijven bestaan. Nou, wij weten vanuit het Woord – als je gevuld wordt door de logos – dat je geen paniek hoeft te hebben, want je weet dat deze aarde sowieso nog zeker duizend jaar meegaat. Dat ziet zo'n klimaatministerie dan weer niet. Sorry dat ik het wat onaardig zeg, maar zo kijk je dan naar het leven. Binnen afzienbare tijd, als je gevuld wordt door de logos, ga je zo tegen de wereld aankijken. Dan weet je dat deze aeon godzijdank op zijn einde loopt en dat de toekomende aeon gaat aanbreken. Je weet dat er in die transitie nog heel veel gaat gebeuren in deze wereld, maar wij zijn mensen met hoop.

Je gaat dus heel anders denken. En waarom? Dat zijn geen trucjes en het is ook geen toneelspel. Want dat is vaak wat gewild wordt: gelijkvormigheid betekent dat je doet zoals de groep wil en dat je bepaalde kunstjes moet aanleren. Dat ik bepaalde kleding moet aantrekken en bepaalde gedragingen moet vertonen; dat zijn kunstjes. Nee, als je Zijn Woord hoort, dan vertelt Hij niet wat je moet doen, maar wie Hij is en wat Hij bij machte is te doen. Dan ga je omhoog kijken en ga je iets totaal anders zien. Dan word je vernieuwd in je denken. Je wordt niet belast, maar je wordt van binnenuit veranderd. Dat is de vernieuwing van je denken. Ik kan veel meer voorbeelden geven, maar daardoor onderga je met recht een metamorfose. Die metamorfose vindt dus niet plaats door het aanleren van bepaalde foefjes of trucjes, of door je bepaalde gedragingen aan te meten of je te conformeren aan de groep waarin je nu zit. In feite is dat ook weer conformisme. Nee, gelijkvormig aan deze aeon betekent dat je denkt zoals deze wereld denkt, maar door de logos wordt je denken vernieuwd.

Dat is trouwens geen eenmalig ding; het is niet zo dat je op één moment vernieuwd bent. Het is de vernieuwing van je denken, het is een proces. Je presenteert je lichaam; je staat 's morgens op en zegt: 'Heer, hier ben ik. Goedemorgen. Dank U wel, U hebt deze dag gemaakt en U kunt wat van mijn leven maken. Ik bak er zelf niet veel van, maar ik heb een hoge verwachting van U.' Nou, dan begint het al.

Dat woord metamorfose staat ook in 2 Korinthe 3, een heel mooi gedeelte. Het hele verband moet ik eventjes laten voor wat het is, hoe boeiend ook, want dat zou me te ver afvoeren van het onderwerp. Maar Paulus sluit dat hoofdstuk af met deze woorden: 'Wij allen die de heerlijkheid van de Heere weerspiegelen'. Wat hij daarmee feitelijk zegt, is dat wij als mens de functie van een spiegel hebben. Dat is de metafoor die hij gebruikt: je reflecteert datgene waar je op gericht bent. Dat is vrij logisch; als je gericht bent op hele sombere dingen, dan word je daar dof van, en als je gericht bent op fijne dingen, dan word je blij en vrolijk. Dat is logisch, toch? Wat Paulus zegt is dat wanneer wij gericht zijn op de heerlijkheid van de Heer – op Zijn glorie, op de opgewekte Christus – wij een metamorfose ondergaan. Exact hetzelfde woord wordt daar gebruikt. We worden veranderd naar hetzelfde beeld, van heerlijkheid tot heerlijkheid, vanwege de Heer die Geest is. Ook hier zie je dus de gedachte: hoe onderga je die metamorfose? Niet door ontzettend je best te doen. Een rups wordt ook geen vlinder doordat hij zijn best doet; nee, dat overkomt hem. Die metamorfose is in ons leven niets anders dan het resultaat van het vernieuwd worden in je denken.

Oftewel het Woord is zuiverheid dat tot je komt. Dan word je vernieuwd in je denken en dan word je gericht op Hem. En ja, dat is de kwestie van reflectie. Ik bedoel, waarom schijnt de maan? De maan geeft zelf geen licht, nee, maar het reflecteert doordat het licht van de zon daarop komt. Daardoor zien we licht, en dat is met een spiegel ook zo: het weerspiegelt, het laat licht zien en het geeft uitstraling doordat het reflecteert.

Ik weet niet, ik had destijds zo'n boekje ooit cadeau gekregen. Ik heb het niet meer in mijn bezit, want zo blij was ik er eigenlijk niet mee. Ik weet niet exact wat de titel was, maar zoiets als: 'Hoe word ik een christen met meer uitstraling?' In ieder geval, ik ben al een beetje moe van de dag, maar als je zoiets leest, dan verdraag je dat eigenlijk heel moeilijk, want er stond niks in. Het was meer van: dit moet je doen en deze truc moet je uithalen, want dan ga je meer uitstralen. Dat is fake. Voor zover wij uitstralen, is dat reflectie. Dat is niet omdat wij iets doen, maar dat is omdat we licht in de ogen krijgen van Hem. We zijn daarop gericht en dat transformeert ons.

Dat doen we niet zelf. Het is van heerlijkheid tot heerlijkheid; dat is een proces vanwege de Heer die Geest is. Nou, dan weten we dat ook meteen weer. Dat is dus niet een aparte persoon, een derde persoon. Hij is gewoon de Heer. Wie is de Geest? Nou, dat is de Heer Zelf. Die we verder niet zien, daarom heet Hij ook Geest, maar Hij werkt wel en is krachtig. Hij heeft Zijn effecten, zoals de wind. In het kader van Pinksteren is dat ook wel een aardige overweging. Maar dat is het: opdat jullie zouden beproeven...

Ik kom nu bijna — ik ben nu al twee uur bezig — bij het tweede vers. Word niet gelijkvormig aan deze aeon, maar onderga een metamorfose. Hoe dan wel? Wel, in de vernieuwing van het denken. Dus het één brengt het ander voort of resulteert in het ander.

Proefondervindelijk Vaststellen Wat Gods Wil Is ↑ hoofdstukken

En dan staat erachter: "opdat jullie zouden beproeven wat de wil van God is." Dit wordt heel vaak weer zo uitgelegd dat als je je nieuw voelt, je voortdurend vragend aan God gaat voorleggen: "Wat wilt U?" Maar dat staat er niet. Ik ken mensen voor wie elke stap die ze zetten gepaard gaat met de vraag: "Heer, wilt U dit? Is dit wel van U?" Nou, hoor eens, als je je lichaam presenteert bij Hem, dan is alles van Hem. De hele wereld is van Hem. "Mag ik deze stap zetten?" De aarde is des Heren en haar volheid; het is allemaal van Hem.

Het is dus niet de kwestie van: is dit "hoeveel"? Maar dat beproeven wil eigenlijk zeggen dat je het proefondervindelijk gaat vaststellen. Je gaat niet vragend onderzoeken wat Gods wil is. Nee, sowieso: hier ben ik. Zijn Woord vult je, je wordt vernieuwd in je denken en daardoor onderga je een metamorfose. Het resultaat daarvan is dat je gaat beproeven, proeven; dan ga je het smaken. Dan ga je proefondervindelijk vaststellen wat de wil van God is. Het is dus geen vraagstelling, het is een vaststelling die het gevolg is van het feit dat je vernieuwd bent in je denken en zo wordt getransformeerd. En als je die transformatie ondergaat – ik zei het al – dan is dat niet één ding, niet één moment. Dat is een proces dat voortduurt; van heerlijkheid tot heerlijkheid word je dan veranderd in een proces van groei, opdat we zouden proeven en vaststellen wat de wil van God is.

Dat was ons onderwerp natuurlijk voor vandaag: de wil van God. Wat is die wil van God? Dat we inderdaad onze lichamen presenteren en dat Hij daar met Zijn Logos iets van gaat maken. Daar denk je altijd te klein over. Weet je, op voorhand is het frustrerend op het moment dat je gaat denken: "Wat wil de Heer voor mij en wat ben ik in staat om te realiseren?" Als je die vraag stelt, dan ga je er verkeerd in. Dan ga je namelijk uit van jezelf: "Kan ik dat? In hoeverre ben ik bij machte om dat te doen?" Dat is altijd frustrerend, want het blijkt jou altijd tekort te doen. Maar als je de vraag stelt: "Wat is Hij bij machte te doen in mijn leven?", dan is het antwoord dat Hij bij machte is om een metamorfose te laten ondergaan. Laat dat maar aan Hem over. Jij presenteert je lichaam, Hij geeft Zijn Woord en dat vernieuwt en transformeert jou. En dan ga je proeven, bewegen, bevinden – om het even anders te zeggen – wat de wil van God is.

En wat is dat? Het goede, welgevallige en volmaakte. Goed betekent dat het helemaal beantwoordt aan het doel. Agathos, dat is de betekenis van dat woord. En dat het welgevallig is: het is ook aangenaam. "Proeft en smaakt dat de Heer goed is", zo staat het in de psalmen. En het is ook volmaakt, teleios. Dat betekent niet "perfect", maar het betekent gaaf, af. Het betekent trouwens ook volwassen. Wanneer iets volwassen is, dan wil dat zeggen dat het volgroeid is; dan is het ook af. Als volwassene ben je niet perfect, maar je bent qua wassen – in de zin van groeien – wel af. Ik groei niet meer, misschien nog in de breedte, maar dat is volwassenheid. Ook dat is een proces en dat is wat de Heer dan indraagt, wat God gaat doen: proeven dat de wil van God volmaakt en welgevallig is.

Inmiddels weten wij nu...

Conclusie en Vooruitblik: Geschiedt Gods Wil in Deze Aion? ↑ hoofdstukken

Ik kom weer even terug bij de vraag: is alles wat plaatsvindt altijd Gods wil? Een vraag stellen kan eigenlijk nooit fout zijn, maar het antwoord op de vraag of Gods wil altijd geschiedt, is: nee! Althans, niet in deze aeon. Sterker nog, Gods wil geschiedt in bijna alles in deze aeon niet. Mensen weerstaan voortdurend Gods wil en zijn helemaal niet geïnteresseerd in Gods wil. Hun denken is verduisterd. Maar ik moet er wel bij zeggen dat het uiteindelijk bijdraagt. "Uw wil geschiede, zowel in de hemel als op aarde" – dat is een van die frases uit het zogenaamde Onze Vader. Dat is waar: uiteindelijk gaat Gods wil altijd geschieden. Dus ja, dat zal zeker gebeuren.

Maar dan is er vervolgens nog een andere vraag. Als Gods wil niet altijd geschiedt, dan is dat optioneel. Op het moment dat je je beschikbaar stelt en Hij in je komt wonen, dan ga je proeven dat Gods wil inderdaad goed, volmaakt en welgevallig is. Anders niet. En dat is een beleving die momenteel relatief slechts enkelingen meemaken. Dus, geschiedt Gods wil altijd? Nee. Uiteindelijk wel, maar dan komt er een heel andere vraag, en dat is de vraag voor morgen: hoe zit het dan met al die dingen die niet conform Gods wil zijn? Gaat daar dan iets mis? Heeft Hij daar de hand niet in, of heeft Hij dat niet in de hand? Dat zijn twee verschillende vragen.

Die vraag gaat over Gods raad en bedoeling. Dit is eigenlijk de teaser voor de volgende keer. Eigenlijk wordt dat het spannendste onderdeel, en ook veruit het lastigste. Want in feite is dit onderwerp, Gods wil, simpel. Dit is wat Hij bekendmaakt: alsjeblieft, dit is het. Maar wat gebeurt er nou als men Zijn wil weerstaat? Kan dat? En hoe zit dat dan? Nou, met die vragen neem ik jullie morgen mee naar domein 9. We waren nu op domein 12 en dan gaan we later weer terug.

Nou, ik had gisteren gezegd dat Wolter nog een waarschuwing had laten horen: veel te veel muziek! Ja, ik houd het kort. Maar morgen... ik hoorde jullie allemaal lachen en ik schatte dat meteen in als een vrijbrief: "Oh ja, die moet ik aanpakken." Dus ik weet niet hoe lang ik gesproken heb, maar ik denk een uur ofzo. Nou ja, ik hoop dat jullie er in ieder geval wat aan hebben gehad en dat ik wat heb kunnen aandragen. Het was mijn genoegen. Wordt vervolgd!

🎧 Gods wil & raad (1)
Delen: