Rachab, de hoer (1)
13-06-2021 - Geplaatst door Andre Piettoespraak gehouden op zondag 13 juni 2021 in Benthuizen
Voorafgaand aan de derde dag waarop Israël door de Jordaan zou trekken, vindt de geschiedenis plaats van de twee verspieders die in het geheim een onderkomen vinden bij Rachab, de hoer. Zij wist heel goed dat ‘de vijand’ terecht aanspraak maakte op het land. Ze wist dat God bewezen had te staan aan de kant van Israël. En graag wilde zij ook aan die kant staan. Onder ede wordt haar beloofd dat zij en haar huis niet gedood zouden worden wanneer Jericho zou vallen. Als teken van deze hoop zou ze een scharlaken koord aan het venster binden. Ook deze geschiedenis heeft weer een geweldige diepgang…!
Powered by RedCircle
📝 Samenvatting & Transcriptie van deze lezing
⏱️ Hoofdstukindeling van deze studie:
- Introductie, Tijdslijn en Geografische Context
- Jozua Zendt Verspieders Uit: de Profetische Drie Dagen
- Jericho: de Oudste en Diepste Stad Ter Wereld
- Aankomst in het Huis van Rachab en het Verbergen van de Verspieders
- De Opmerkelijke Geloofsbelijdenis van Rachab
- Een Eed voor de Redding van het Hele Vadershuis
- De Ontsnapping en het Teken van het Scharlaken Koord (tikvah)
- Afsluiting: Behoudenis Door Geloof (hebreeën 11)
Introductie, Tijdslijn en Geografische Context ↑ hoofdstukken
Zojuist heeft Ton het al even verklapt, en ik had dat trouwens op internet ook al gedaan in de aankondiging: deze ochtend gaan we het hebben over Rachab de hoer. Als ik haar zo omschrijf, dan is dat inderdaad niet zo heel erg aardig als je iemand zo typeert, maar ik moet er meteen bij zeggen dat daar een hele goede reden voor is om het zo te benoemen, omdat de Bijbel dat ook met enige regelmaat zo neerzet. Als de Schrift spreekt over deze dame, dan doet ze dat heel dikwijls met de melding van haar beroep, zal ik maar zeggen.
Ik vond het trouwens heel grappig: in de jaren tachtig is er een beroepsgroep van prostituees in het leven geroepen — ik weet niet of die nog steeds bestaat — die de prostituees in ons land vertegenwoordigt. Ik begreep dat die de naam 'De Rode Draad' had. Ja, die bestaat nog steeds? Oké. Dat is uiteraard ontleend aan deze geschiedenis. De meesten van u zullen deze geschiedenis wel enigszins kennen. We gaan haar deze ochtend bezien zoals dat staat opgetekend in Jozua 2, en we gaan het vers voor vers langs. Trouwens, ik was aanvankelijk van plan om het allemaal in één keer te doen, maar zoals dat wel vaker het geval is wanneer je ermee bezig bent, dacht ik: nee, dat gaat het niet worden in één keer. Dus we smeren het uit over minstens twee keer. De volgende keer, op 27 juni, gaan wij dan weer verder met Rachab de hoer.
Om even een indruk te geven van de tijd waarin we dit alles moeten plaatsen, gaan we even terug naar het verleden. Ik heb hier zo'n tijdbalkje neergezet met de geboorte van Abraham. Dat was in het jaar 2000 AH. En dat heeft niets te maken met 'aha, dat wist ik niet', nee, dat staat voor Anno Homini en dat betekent: het jaar van de mens. Dat wil zeggen, gerekend vanaf Adam. De grap is dat dit zo geweldig precies en nauwkeurig is. Abraham werd dus in het jaar 2000 geboren. Dat is inmiddels zo'n 4.000 jaar geleden, dus ik had ook kunnen zeggen 2.000 voor Christus; dat komt ongeveer op hetzelfde neer, niet helemaal, maar voor het gemak kunnen we het daar ongeveer wel op houden.
Goed, dat was dus de geboorte van Abraham, en honderd jaar later werd zijn zoon Isaak geboren. Dat weten wij heel erg goed, want in de Bijbel wordt diverse keren gezegd dat Abraham toen honderd jaar oud was. Dat was dus in het jaar 2100. En vierhonderd jaar later kom je uit in het jaar 2500 — eigenlijk het vijftigste jubeljaar als je het zo beredeneert, vijftig in het kwadraat vanaf Adam gerekend. Dat was de uittocht uit Egypte. Nu zou u kunnen zeggen: dat zijn mooie ronde getallen, die heb je mooi even afgerond. Maar wederom is de grap: dat is niet afgerond. Dat is echt met precisie zo. Het lijkt wel alsof daar design in ligt. Afijn, dat is vierhonderd jaar later. Het is zelfs zo dat de Bijbel zegt dat het tot op de dag nauwkeurig vierhonderd jaar was. Heel bijzonder.
Vervolgens krijg je veertig jaar later de intocht in het land. Je hebt dus de uittocht uit Egypte, waarna Israël veertig jaar ging zwerven in de woestijn. Dat had een stuk korter gekund, maar u weet de aanleiding waarom dat moest. Een heel geslacht, een hele generatie is daar in de woestijn omgekomen en er zijn slechts een paar mensen, waaronder Jozua trouwens, die zijn gearriveerd in het land. Dat wil zeggen: dat waren mensen die ook nog de uittocht hebben meegemaakt en vervolgens ook de intocht. Maar dat is een hoge uitzondering. Dat was dus in het jaar 2540 en over die tijd hebben we het nu. Als we het hebben over het boek Jozua, waarin deze geschiedenis staat, dan is dat de tijd waarin Jozua het stokje overneemt van Mozes. Mozes was overleden; hij kon het land niet in. Jozua was zijn opvolger en hij was trouwens ook ooit een verspieder geweest, maar dat was veertig jaar eerder. Jozua wordt dan de leider van het volk. De naam Jozua betekent trouwens 'JAHWEH redt'. Het is exact dezelfde naam als de naam Jezus; het ene is Grieks en het ander is Hebreeuws, maar het is exact dezelfde naam.
Dat is om even een indruk te geven van waar we dit moeten plaatsen. Als ik het geografisch neerzet, dan krijg je dit verhaal. Ik heb hier een kaartje van Israël; het is niet de duidelijkste, dat geef ik toe. Hier heb je het Meer van Gennesaret — met excuses voor de onduidelijkheid — en hier heb je de Dode Zee, met daartussen de Jordaan die daar stroomt. Israël komt uit de woestijn en via de velden van Moab, aan de oostkant van de Dode Zee, zijn ze bij Sittim aangekomen. Eigenlijk begint daar de geschiedenis waar ik het straks over ga hebben. Later zouden ze overtrekken door de Jordaan en aankomen in Gilgal, en via Gilgal komen ze dan in Jericho en vervolgens in Ai, enzovoort. Dit is om even een indruk te hebben van waar we dit alles moeten plaatsen. Tot zover even de achtergrond van wanneer en waar.
Jozua Zendt Verspieders Uit: de Profetische Drie Dagen ↑ hoofdstukken
Nu gaan we naar Jozua hoofdstuk 2. Daar staat: "Jozua nu, de zoon van Nun." Zo wordt hij altijd neergezet. Dat heeft trouwens ook wel eens met het getal vijftig te maken, want Nun is een Hebreeuwse letter. De 'noon' staat in het Hebreeuws ook voor een cijfer, en een noon is vijftig. Daar is meer over te zeggen, maar hier wou ik het even bij laten. Jozua nu, de zoon van Nun, had twee mannen gezonden vanaf Sittim om in stilte te verspieden. In Sittim waren ze op dat moment gelegerd; dat was aan de overkant van de Jordaan, dus nog niet in het land. Hij had hen in stilte uitgezonden vanaf die plaats.
'In stilte' betekent gewoon: zonder kennisgeving aan het volk. Spioneren doe je natuurlijk altijd in het geheim, maar waarom staat het er hier dan specifiek bij? Wel, het volk was er niet van op de hoogte. Later, als die verspieders weer terugkomen, melden ze zich ook meteen bij Jozua, want hij was degene die hen gezonden had. Verder wist niemand hier iets van. Hij doet dat met de opdracht: "Ga heen, bezichtig het land en Jericho." Even voor de goede orde: als u deze vertaling ziet, die wijkt een beetje af van de gangbare vertalingen of de Statenvertaling, maar het is gebaseerd op een woord-voor-woord weergave, een interlineair. Hij zegt dus: "Ga heen, bezichtig het land en Jericho." De boel moest eerst verkend worden alvorens zij de Jordaan zouden overtrekken het land in, met Jericho als het eerste doel.
Dit speelde zich trouwens allemaal af binnen drie dagen. In hoofdstuk 1 — en ik beloof u dat ik daar de volgende keer veel dieper op in ga, op de diepere lagen — kan ik het toch niet nalaten nu alvast een hint in die richting te geven. Die drie dagen spelen namelijk een hele grote rol in Jozua 1, Jozua 2 en ook weer in Jozua 3. In Jozua 1 vers 11 — dat zijn drie eentjes — wordt al door Jozua gezegd: "Binnen drie dagen zullen jullie de Jordaan overtrekken." Binnen drie dagen! En dan krijg je dus dit verhaal. Waarschijnlijk zijn die verspieders al een dag of twee daarvoor uitgezonden, in ieder geval voorafgaand aan die termijn. Na een tweetal dagen vindt op de derde dag de doortocht plaats door de Jordaan.
Let op, daar is heel veel over te melden, maar op de derde dag gaan ze door de Jordaan, door de 'doods-Jordaan'. Het volk gaat eigenlijk door de dood heen en komt aan de andere kant aan. "We Shall Overcome" — als we het over deze geschiedenissen hebben, kunnen we nog heel wat spirituals aanhalen. "The walls came tumbling down", kent u die? Die gaan allemaal over Jericho. Maar even terugkomend: de derde dag trok Israël dus door de Jordaan. Ze gingen de ark achterna en dat moest op een afstand van ongeveer tweeduizend el zijn. Degenen die de studies van Goed Bericht kennen, weten natuurlijk dat ik de lijntjes nu heb neergezet en u kunt het plaatje zelf verder inkleuren. Want ja, die derde dag is zo'n prachtig verhaal.
Maar even voor de goede orde: hoe rekent God? Voor Hem is één dag als duizend jaar en duizend jaar als één dag. Als het dus na twee dagen gebeurt, dan is dat na tweeduizend jaar. Ik snijd het nu wel heel kort door de bocht af, maar dit is in het kort waar het op neerkomt. Die doortocht spreekt van het derde millennium, na tweeduizend jaar, waarin Israël inderdaad de Ark, Christus, gaat navolgen.
En wat gebeurt er dan in die twee tussenliggende dagen? Dan krijg je een geschiedenis van twee mannen die 'undercover' zijn. Alles in het geheim, heel verborgen; dat was juist het hele idee. En dan komt het Woord van God bij een heidense vrouw terecht. Zie daar de beschrijving van de afgelopen tweeduizend jaar, een termijn die nu bijna op zijn eind loopt. Maar goed, wat gebeurt er voorafgaand aan die derde dag? Dan vind je dus een heilige, geheime geschiedenis waarbij het Woord van God bij een heidense vrouw terechtkomt. Meer ga ik er nu even nog niet over zeggen, maar daar kunt u nu alvast eens twee weken over nadenken. Goed.
Jericho: de Oudste en Diepste Stad Ter Wereld ↑ hoofdstukken
Jozua zegt dus tegen die verspieders: "Ga heen, bezichtig het land en Jericho." Bent u er al geweest? Ik wel, meerdere keren zelfs. Het is een prachtige stad. Als je daar komt – ik zie hier mensen al ja-knikken – en je ziet daar die vlakte, dan begrijp je ook meteen waarom de Bijbel het bij gelegenheid de palmstad noemt. Het is er werkelijk vergeven van de palmen.
Het is een heel bijzondere stad, dat mag ik wel zeggen, om in ieder geval twee redenen. De eerste is dat het de oudste stad ter wereld is. Het is de oudste stad ter wereld die vandaag de dag nog steeds bestaat en die al zo ontzettend lang wordt bewoond. U kunt geen stad noemen die nog ouder is dan Jericho. Terwijl ik het zeg, denk ik: hoe zit het dan met Babel? Nou ja, daar moeten we het nog maar eens een andere keer over hebben. Maar kijkt u het in de reisgidsen maar na: als Jericho beschreven wordt, dan staat er altijd bij dat het de oudste stad is, gezien alles wat ze daar gevonden hebben.
Maar dat niet alleen: het is ook nog eens de diepste stad. Er is geen stad die zo diep 'gezonken' is als Jericho. Wij zitten hier nu in Benthuizen en ik geloof dat wij hier ongeveer 4 of 5 meter onder de zeespiegel liggen. In Nederland is dat niet zo ongebruikelijk; we heten niet voor niets Nederland, een laag land. Voor een groot gedeelte ligt dat allemaal onder de zeespiegel. We hebben gelukkig goede dijken, anders zouden we hier moeten zwemmen. Dat vinden wij al heel laag, maar als je in de Jordaanvallei komt, dan is dat nog van een heel andere orde.
Dat begint al bij het Meer van Galilea, dat ligt al heel erg laag: 200 meter beneden de zeespiegel. Nergens anders ter wereld kom je zo laag. Kapernaüm en dergelijke liggen daar dus al zo diep. Maar vanaf dat Meer van Galilea ga je nog verder naar beneden, de Jordaan in. De naam 'Jordaan' betekent eigenlijk ook al 'afdalen' (Jered). Uiteindelijk kom je dan uit bij de Dode Zee. Dat ligt nog weer 100 tot 200 meter dieper; dat is zo'n 350 tot 400 meter beneden de zeespiegel. Geen enkele stad ligt zo laag; Jericho is met afstand de diepst gelegen plaats ter wereld. De Dode Zee – ja, dat klinkt ook al heel erg doods. Als je nog iets zuidelijker komt, kom je bij Sodom en Gomorra. Wat daar allemaal gebeurd is en hoe die vallei daar precies is ontstaan, dat doet nu even niet ter zake, maar het is daar vreselijk diep.
Jericho ligt trouwens niet eens zo gek ver van Jeruzalem vandaan. U kent de gelijkenis van de barmhartige Samaritaan: er was een man die afdaalde van Jeruzalem naar Jericho. Nou, dat is met recht een afdaling hoor! Jeruzalem ligt zo'n 700 tot 800 meter boven de zeespiegel en Jericho ligt daar 350 meter onder de zeespiegel. Dat is een behoorlijk steile weg die flink omlaag gaat. Omgekeerd, als je de andere kant op gaat, is het een veel zwaardere weg; dan moet je echt klimmen.
Maar goed, dat is dus Jericho. Die stad speelt nogal eens een keer een rol in de Bijbel, denk maar aan de geschiedenis van Elia en Elisa. Daar was ook die bekende bron die zout was en die genezen werd. Er zouden geweldige verhalen over die stad te vertellen zijn, maar hier wordt ze dus genoemd omdat die verspieders – die spionnen feitelijk – eropuit gestuurd worden om daar eerst eens eventjes een kijkje te gaan nemen. En dat gaan ze dan ook doen.
Aankomst in het Huis van Rachab en het Verbergen van de Verspieders ↑ hoofdstukken
Zij dan gingen en kwamen in het huis van een vrouw. Meestal wordt gezegd dat zij gewoon een herberg had. Dat kan heel goed, en dat ze daarom daar arriveren. Er was een citaat van de bekende Joodse historicus Flavius Josephus die ook zei dat ze een herbergierster was. Zo heet dat toch? Maar goed, je kunt natuurlijk ook zeggen, gezien de melding die hier gedaan wordt, dat het gewoon een bordeel was. Want als het het huis van een vrouw is en die vrouw een hoer was, hoe noem je die ruimte dan? Nou ja goed, ik laat het in het midden, want de taal die hier gesproken wordt is wat suggestief.
Je kunt je natuurlijk de vraag stellen — ik ben dat in de uitlegging ook al tegengekomen — hoe die verspieders daar nou bij die vrouw terechtkwamen. Wat zoeken die daar? Gaan ze daar een kopje koffie drinken of zo? Maar goed, dat is eigenlijk al een suggestieve vraag, want ik moet erbij zeggen dat dit niet in de Bijbel vermeld staat. Ze kwamen in het huis van een vrouw, een hoer. Zo wordt ze opgeschreven; dat was haar professie. Niet echt eerbaar, maar dat wou ik er nog even bij zeggen: juist het feit dat zo dikwijls vermeld wordt dat zij een hoer was, geeft aan dat God omziet naar iedereen. Hoe diep gevallen je ook bent, zelfs al woon je in Jericho en al ben je een hoer, dat maakt niet uit.
Want feitelijk — ik hoop dat de fijnproevers het al begrepen hebben, en anders moet u de volgende keer maar komen — is zij een type van u en mij. Alsjeblieft, aangenaam kennis te maken. Ja, maar zij geloofde! Ze vertrouwde het woord van God. Dat is eigenlijk het grote verschil.
Eerst even dit: ze kwamen dus in het huis van een vrouw, een hoer, en haar naam was Rachab. Dat is ook nogal suggestief, want het betekent letterlijk 'zich openen' of 'ruimte maken'. Moet je dan denken aan een herbergierster of zo? Nee, maar dat is wat de naam betekent. Trouwens, we kennen die naam eigenlijk al eerder, maar dan komen we hem tegen in het meervoud: Rechobot. In die geschiedenis in Genesis 26, wanneer ze bronnen aan het graven zijn bij Isaak, wordt hij op een gegeven moment in de ruimte gesteld. Eindelijk rust, want iedere keer was er gedoe met die Filistijnen. Nog steeds in Jericho trouwens... nee, ik bedoel de Palestijnen, maar goed. Rechobot betekent gewoon 'in de ruimte gesteld'. Daar heeft het mee te maken, en dat was de betekenis van haar naam.
En zij overnachtten daar, staat er dan, of ze legden zich daar neer. Maar wij waren dus gebleven in vers 1. We zijn al een heel eind op streek; het zijn 28 verzen, geloof ik. En zij sliepen daar. Toen werd het de koning van Jericho gemeld: "Zie, in deze nacht zijn hier mannen gekomen van de zonen Israëls om dit land te verkennen." Er waren dus spionnen in de stad. Op de een of andere manier was dat toch doorgedrongen.
En dan staat er — ik ga soms snel door de geschiedenis, dat begrijpt u — dat de koning van Jericho een boodschap zond. Dat is heel eigenaardig, maar u moet zich voorstellen: in die tijd was het allemaal nog niet zo gek lang na de grote vloed in Noachs dagen. De wereldbevolking was nog minuscuul klein ten opzichte van wat we nu kennen. We moeten denken in termen van hooguit tientallen miljoenen mensen. Een stad was in feite gewoon een stad met een koning. Volkeren waren feitelijk niets anders dan uit de kluiten gewassen families. Dat gold ook voor het volk Israël; dat was de familie van Jakob met twaalf zonen en twaalf stammen. Zo groeide hun volk uit. Maar dat had je dus ook met zo'n stad, en die had een koning. Het waren feitelijk stadstaten. We kennen het fenomeen nog wel een beetje.
Die koning zond een boodschap tot Rachab, want hij had er lucht van gekregen. Hij zei: "Lever de mannen uit die tot u gekomen zijn, die in uw huis gekomen zijn, want zij zijn gekomen om heel het land te verkennen." Maar de vrouw had de beide mannen genomen en afgezonderd. Deze Rachab was een vrouw die heel voortvarend had gehandeld, want zij zag kennelijk de bui al hangen. In ieder geval had zij hen uit voorzorg al eerder afgezonderd. En nu gaat zij het opnemen voor die mannen en de koning van Jericho op het verkeerde spoor zetten. Eigenlijk helpt zij de spionnen. Vanuit Jericho beschouwd was wat Rachab deed landverraad. Als je meewerkt met de spionnen van de vijand, dan ben je een landverrader. Ja, nu hebben we er nog één: naast 'hoer' was het dus ook nog 'landverraad'. Maar goed, juist dat pleit voor haar. Het kan gek lopen in de Schrift.
Zij zei: "Zeker, er zijn mannen tot mij gekomen, maar ik wist niet vanwaar zij waren." Zij gaat dus verder met haar verhaal richting de koning van Jericho: "En het geschiedde dat toen men de poort zou sluiten bij het donker worden — want ja, dan gaan de poorten dicht — die mannen uitgingen. Ik weet niet waarheen die mannen gegaan zijn. Jaag hen vlug achterna, zodat jullie hen inhalen."
En dan krijg je natuurlijk een ethische discussie bovenop de vraag of dit wel mocht wat zij deed. Want zij liegt toch? Ja, je kunt op zo'n hele geschiedenis een heleboel ethische en morele vragen loslaten: mocht dit wel? En het leuke is dat de Bijbel dat nou juist niet doet. De Bijbel rekent daar niet eens mee; het speelt geen rol in deze hele geschiedenis. Dit wordt verhaald zoals het is gegaan. Wij met onze vragen of zij dat nou wel mocht doen... nee, dat passeert de Bijbel. De Bijbel heeft de focus op iets totaal anders.
Goed, zij zegt: "Ga ze maar vlug achterna zodat jullie hen inhalen." Maar dan staat er in het verhaal: zij had hen het dak doen opgaan. Ja, dat zeggen wij ook wel: 'je kunt het dak op'. Maar in dit geval — je kunt trouwens ook 'door het dak gaan' — waren dat natuurlijk van die platte daken. Zij had hen het dak opgestuurd en zij had hen 'begraven', zo staat dat letterlijk, onder de vlasstengels die zij had gerangschikt. Kent u dat, vlasstengels? Vlas werd gebruikt voor kleding, voor het maken van linnen. Hoe dat precies in zijn werk gaat, weet ik niet, maar het is wel apart. Zo ziet een vlasveld eruit. Mijn broer Dirk denkt dan meteen aan de kaasboel, maar dat is even een inside joke.
Maar goed, zo ziet een vlasstengel eruit, en weet u dit: dat bloeit in de maand Aviv. Aviv is trouwens het Hebreeuwse woord voor lente — Tel Aviv betekent 'lenteheuvel'. Het bloeit net voor de gerst, dus al heel vroeg, ergens in maart of april. Dat kun je lezen in Exodus 9. Maar wij weten dat deze geschiedenis plaatsvond in de maand Aviv, want de dag van de doortocht was op 10 Aviv, de tiende van de eerste maand. En dit was dus daarna. Er werd nu vlas geoogst en wat zij had gedaan, was die vlasstengels — een soort riet is het — rangschikken op het dak, kennelijk om te drogen. Ik weet niet precies hoe dat in zijn werk ging, maar in ieder geval was dat het idee.
En die mannen die op haar afgekomen waren om de verspieders te arresteren, die had zij dus weggestuurd. Dan staat er: "Die mannen nu jaagden hen na op de weg van de Jordaan tot aan de voorden." En men sloot de poort toe toen de achtervolgers hen achterna gingen. Dit was allemaal in de avond, terwijl het al donker was. De poorten waren gesloten en die gasten gingen nu richting de Jordaan.
Dat is niet zo heel ver. Maar goed, we hadden nog wel een kilometer of wat tot aan de voorden. Of, als je hem staat te draaien, dan staat het tot aan de veren. Een voorde is gewoon een oversteekplaats. Dat zien wij trouwens ook in een heleboel plaatsnamen terug. Coevorden bijvoorbeeld; dat was eigenlijk een oversteekplaats voor koeien. In het Engels zeg je dan Oxford, dat is exact hetzelfde. Een ‘ford’ is gewoon zo'n oversteekplaats.
Een veer... trouwens, een veer kennen wij, dat gebruiken wij ook nog wel. Dan steek je over met een ferry. Je ziet het trouwens ook nog in Frankfurt of Amersfoort. Amersfoort is de voorde bij de Amer, het riviertje of beekje de Amer, enzovoorts. Want een voorde is dus een oversteekplaats. En zo gingen die mensen; die waren dus op de verkeerde weg gezet en die gingen richting de Jordaan.
De Opmerkelijke Geloofsbelijdenis van Rachab ↑ hoofdstukken
Voordat de twee verspieders gingen slapen, kwam Rachab bij hen op het dak. Ze ging naar boven om nog even met deze spionnen te spreken en wat zij toen tegen die mannen zei, is werkelijk prachtig. Het is zo bijzonder dat we daar echt goed aandacht aan moeten geven. Je kunt natuurlijk van alles zeggen over deze dame, maar wat zij hier aan de dag legt, is wat de Bijbel noemt: geloof.
Luister wat zij te melden heeft. Ze sprak tot de mannen: "Ik weet dat Yahweh jullie dit land gegeven heeft en dat de verschrikking van jullie op ons gevallen is. Alle inwoners van het land – de Kanaänieten, al mijn volksgenoten die hier wonen – zijn voor jullie aangezicht gesmolten." Met andere woorden: wij weten heel goed wat hier nu speelt. Zij kende de naam van God en zij wist dat dit land, dat 440 jaar eerder aan Abraham was beloofd, aan dit volk gegeven zou worden.
In de belofte aan Abraham lees je overigens dat het nageslacht pas veel later het land in bezit zou nemen, omdat de maat van de ongerechtigheid van de Amorieten, de inwoners van het land, toen nog niet vol was. Eerst moest die maat vol zijn en dan pas mochten zij het land in bezit nemen. Dat zou dus nog eeuwen duren en het volk heeft daar ook al die tijd op moeten wachten, maar nu was het zover. Veertig jaar eerder had de uittocht uit Egypte plaatsgevonden en de geschiedenissen van wat er toen gebeurde, waren overal bekend geworden. Er was destijds geen krant, geen tv en geen internet, maar wat er had plaatsgevonden, was ook bij Rachab terechtgekomen. En niet alleen bij haar, maar bij alle inwoners van het land. Hun hart smolt; ze moesten er niet aan denken. Dat kwam niet omdat het volk dat eraan kwam nu zo sterk was, maar omdat ze wisten: zij hebben de God van hemel en aarde bij zich. Zo gaat zij dat ook formuleren: Hij werkt met hen mee.
Laten we verder luisteren naar wat zij zegt. Ze zegt: "Ik weet dat Yahweh jullie dit land gegeven heeft." Zij erkende dat de huidige bewoners er eigenlijk ten onrechte zaten en dat ze weggestuurd zouden worden. Zij wist dat, want ze zegt: "Wij hebben gehoord dat Yahweh de wateren van de Rietzee deed opdrogen voor jullie aangezicht toen jullie uittrokken uit Egypte." Dat wat veertig jaar eerder was gebeurd, was daar ook bekend en men wist het.
Kijk, Gods handelen was toentertijd publiek en onmiskenbaar. Wij kunnen ons daar nu nauwelijks een voorstelling van maken, maar ik zet hier een dikke streep onder om ons te helpen ons te verplaatsen in die tijd. Niemand kon ontkennen dat een volk was uitgeleid en dat daar zulke geweldige wonderen hadden plaatsgevonden. Een heel volk was door de zee getrokken over een weg die ter plekke was gecreëerd, terwijl de Egyptenaren die het ook probeerden, verdronken. Dat is niet zomaar iets wat achteraf in een klein hoekje is gebeurd; God heeft Zijn naam wereldwijd onder de natiën bekendgemaakt. Iedereen wist het.
Soms wordt het idee gewekt dat er een fanatiek volkje met een fanatieke godsdienst bij het land aankwam om genocide te plegen op de inwoners van Kanaän, die van niets wisten en het dagelijks zo gezellig hadden. Maar de Bijbel vertelt een heel ander verhaal. Alle volken wisten precies wat er aan de hand was: dat Israël naar het land kwam en dat zij dit land zouden krijgen. God had Zichzelf bewezen en niemand kon dat destijds ontkennen.
Waarom vinden wij dit tegenwoordig zo moeilijk te begrijpen? Omdat wij nu al tweeduizend jaar lang in een tijd leven waarin God, zoals de Bijbel dat noemt, 'Zijn aangezicht verbergt'. Hij laat niets van Zich merken. Natuurlijk weet iedereen wel dat er een God moet zijn – dat kun je moeilijk ontkennen als je naar de schepping kijkt – maar Hij treedt niet openlijk op. Het is zelfs zo erg dat er een 'God is dood-theologie' is ontstaan. Men denkt: God zal er wel wezen, maar ik merk niets van Hem. Dat klopt ook; al tweeduizend jaar merken we ogenschijnlijk niets. Hij verbergt Zijn aangezicht; dat zijn die 'twee dagen' dat Hij als het ware undercover is. Gods hele optreden in deze tijd is in het geheim, verborgen. Dat is nu juist de clou. We wachten natuurlijk op die 'derde dag', maar wees gerust: dat komt eraan, alles op zijn tijd.
Het cruciale punt is dat in de dagen van Jozua Gods handelen absoluut bekend was. Rachab in Jericho geeft daar getuigenis van; zij wist het en zij onderkende het ook. De rest van het volk wilde er niets van weten. De waarheid wordt dan vaak onderdrukt, maar dat lukt uiteindelijk nooit. Het is als een bal die je onder water probeert te houden: die komt hoe dan ook een keer naar boven.
Rachab vertelt verder: "Wij hebben gehoord dat Yahweh de wateren van de Rietzee deed opdrogen voor jullie aangezicht toen jullie uittrokken uit Egypte, en wat jullie hebben gedaan aan de twee koningen van de Amorieten, Sihon en Og, die aan de overkant van de Jordaan waren, die jullie met de ban geslagen hebben." Dat was nog niet zo lang geleden gebeurd. Als ze daaraan dachten, smolt hun hart. "Oh my goodness," dachten ze, "als dít volk deze kant op komt, maak dan je borst maar nat." Zij wist dat, en ik stel zelfs dat het hele volk het wist. Ze hadden het allemaal gehoord.
Ze zegt: "Toen wij het hoorden, versmolt ons hart; er is geen moed meer in iemand vanwege jullie tegenwoordigheid." Dat was de werkelijke situatie. Men kon naar buiten toe natuurlijk doen alsof er niets aan de hand was, maar diep van binnen wisten ze dondersgoed hoe het zat. Ze zegt: "Vanwege jullie tegenwoordigheid, want Yahweh, jullie God, is een God boven in de hemel, maar ook hier beneden op de aarde." Hij had Zich immers overduidelijk bewezen. Het was onmiskenbaar. Ze erkent: "Jullie God is met recht jullie God, Hij staat aan jullie zijde." En dat was ook zo, want God had Zijn belofte verbonden aan Israël. Hij is een God boven in de hemel, maar zeker ook hier beneden op de aarde.
Een Eed voor de Redding van het Hele Vadershuis ↑ hoofdstukken
En nu zegt zij: "Nu dan." Dit is de conclusie. "Zweer mij toch bij JAHWEH, omdat ik een weldaad aan jullie gedaan heb, dat ook jullie een weldaad zullen doen aan mijn vaders huis. En geef mij een betrouwbaar teken." Zij realiseert zich heel goed wat zij nu doet met deze spionnen. Dat was hoogst link, want stel je voor dat de koning van Jericho of haar stadsgenoten erachter zouden komen dat ze medewerking zou hebben verleend aan die spionnen; dan was het natuurlijk met haar gedaan geweest. Dus dit was een heel groot risico voor haar. Toch heeft ze het gedaan, en dat was dus met recht een weldaad die zij heeft bewezen.
Nu vraagt ze: "Kunnen jullie mij nu ook niet die weldaad bewijzen aan mij en mijn vaders huis en de hele familie?" Wij denken tegenwoordig vaak heel individualistisch, we denken gewoon in individuen. Dat was in die tijd niet zo; men dacht toen in het collectief, in de hele familie. Daarom zegt ze: "Dan zullen jullie ook een weldaad doen aan mijn vaders huis en geef mij een betrouwbaar teken." Nou, dat teken krijgen ze hoor. Ze voegt eraan toe dat zij haar vader en haar moeder in het leven zullen behouden, evenals haar broers en haar zussen – ze had kennelijk een flinke familie – met alles wat zij hebben. Dus ook dat nog eens een keertje.
Ja, ze vraagt nogal wat. Dat kun je natuurlijk negatief uitleggen, maar ik doe dat heel positief. Zij was begaan met haar familie, met haar hele familie. Ze zegt als het ware: ik zorg er nu voor dat zij in het leven behouden worden, maar ook alles wat ze hebben. "Dat jullie onze zielen van de dood uitredden", dat is wat zij van de mannen vraagt.
Toen zeiden de mannen tot haar: "Onze ziel staat borg voor jullie om te sterven." Met andere woorden: als we dat niet doen, dan zouden wij zelf gedood mogen worden. Er is wel een voorwaarde: "Indien jullie deze zaak van ons niet vertellen." Laten we zeggen: houd het geheim, ga dit niet aan de grote klok hangen. Dit is onder ons. "Indien jullie deze zaak van ons niet vertellen, dan zal het geschieden wanneer JAHWEH ons dit land geeft, dat wij aan jou weldaad en trouw zullen bewijzen." Dus op het moment dat zij in het land zouden arriveren – het zou nog een paar dagen duren voordat ze het land introkken en voordat ze in Jericho kwamen nog weer een paar dagen later – maar als dat dan zou gebeuren, dan wisten ze: dan zullen wij jou weldaad en trouw bewijzen.
De Ontsnapping en het Teken van het Scharlaken Koord (tikvah) ↑ hoofdstukken
En zij liet hen dan neer met een touw door het venster. Er zijn meer geschiedenissen in de Bijbel waarbij je het fenomeen ziet dat iemand met een touw naar beneden gelaten wordt vanuit de stadsmuur. Want er staat nog bij dat de muur van haar huis in de stadsmuur was; zij woonde dus in de muur. Dat venster keek met recht naar buiten de stad. En zij laat hen stiekem gaan, want alles blijft nog verborgen gedurende deze dagen. Vóór de dood of de doortocht door de Jordaan, voor die derde dag, gaat alles stiekem, alles verborgen. Met een touw laat ze hen neer door de muur.
En zij zei tot hen: "Ga naar het gebergte, opdat de vervolgers jullie niet misschien ontmoeten." Ze stuurde hen de andere kant op. Kijk, die achtervolgers waren richting de Jordaan gegaan. Ze zei: "Ga die andere kant op en zorg dat jullie elkaar niet tegenkomen. Houd jullie daar drie dagen schuil." Ja, schuil, namelijk tot die derde dag, totdat de achtervolgers teruggekeerd zijn. Daarna kunnen jullie je weg gaan. Wacht dus nog eventjes die termijn af en dan kunnen jullie vertrekken. Ik zei al: deze termijn wordt én in hoofdstuk 1 genoemd én in hoofdstuk 3. Je moet erover struikelen, over die drie dagen; het is heel bijzonder hoe je dat iedere keer weer tegenkomt.
Nu zeiden de mannen tot haar: "Wij zullen gevrijwaard zijn van deze eed aan jou die jij ons deed zweren." Dat wil zeggen: er is één clausule, één voorwaarde. "Wij zweren een eed, maar met dit voorbehoud." En dan krijg je het verhaal: "Zie, wanneer wij in het land komen, dan zul je dit koord van scharlakendraad binden in het venster waardoor je ons hebt neergelaten." Strikt genomen staat het er niet, maar je mag aannemen dat het koord waarmee ze hen heeft uitgelaten of door die muur heeft laten zakken, hetzelfde koord is waar ze het nu over heeft.
In ieder geval nog iets: ze gebruikt het woord koord. Eigenlijk is dit teken bij uitstek het teken van Rachab. Als je een symbool bij Rachab zoekt, dan heb je het meteen over een scharlaken koord. Maar nu nog wat: het Hebreeuwse woord voor koord is tikvah. En tikvah betekent inderdaad 'koord', maar het betekent ook 'hoop' of 'verwachting'. Weet u hoe het volkslied van Israël heet? Hatikvah: de hoop. Dat is nu nog steeds zo. Dat is het woord wat hier in het Hebreeuws gebruikt wordt.
Dus hij zegt: "Geef een betrouwbaar teken aan ons in het venster." Ja, een venster is in de Bijbel — en trouwens niet alleen in de Bijbel, maar per definitie — een embleem, een symbool van uitzicht. Als je een venster opent, dan heb je uitzicht. Ze zegt: door het venster wordt een scharlakenkoord gebonden, en dat hangt dan zo buiten die muur. Daar gaan allerlei verhalen over de ronde, en die zijn helemaal niet onzinnig, dat dit sowieso altijd al een symbool was voor hoeren die een rode draad aan de muur hingen of gewoon op hun locatie. Wij kennen het fenomeen van een rood lampje, maar scharlaken is gewoon rood. Dat is het idee. Dat zou dus al heel oude papieren kunnen hebben.
Maar eerst even dit: een koord als teken in dat venster. Dat koord symboliseert letterlijk hoop, want dit koord zou vervolgens — dat is het vervolg van de geschiedenis waar we het de volgende keer over gaan hebben — precies het punt zijn waardoor zij, haar huis en de hele familie redding vonden. Dat is dus met recht hoop, maar het woord zelf is ook hoop. Je struikelt erover. Als dit je ontgaat, zie je: je moet de Bijbel onderzoeken, anders lees je er compleet overheen.
Het zijn prachtige dingen. Goed, zij hangt daar dus een koord van scharlakendraad. Moeten we het daar ook nog over hebben, over scharlakenkoorden en hoe scharlaken gemaakt wordt? Het was rood, een embleem van bloed sowieso. Maar we kennen nog een geschiedenis in de Bijbel van een scharlaken koord. Dat is zo mogelijk een nog eigenaardiger geschiedenis. Dat is wanneer Tamar, de schoondochter van Juda, gaat bevallen. De geschiedenis die daaraan voorafging was misschien niet zo vrij, maar het ligt allemaal in dezelfde lijn. Want die Tamar was in feite ook weer een voorouder.
Als Tamar gaat bevallen, wordt er een tweeling geboren. In de Bijbel speelt het eerstgeboorterecht een grote rol; de eerstgeborene krijgt een dubbel deel. Wanneer die tweeling geboren wordt, denkt de vroedvrouw: er komt een handje tevoorschijn bij de bevalling. Ze denkt: "Weet je wat ik doe? Ik bind een scharlakenkoord om zijn hand, om zijn pols, zodat ik ze straks uit elkaar weet te houden en weet wie de eerstgeborene is." Anders zouden ze zomaar door elkaar gehaald worden. Dus zij bindt een lakenkoord om de hand van dat ventje. Dat is dan de eerstgeborene.
Wat gebeurt er vervolgens? Je moet het niet te veel visualiseren, want dan krijg je rare verhalen, maar dat ventje trekt zijn hand terug bij de geboorte. Ik weet niet of vroedvrouwen dit vaker meemaken, ik denk het niet, maar dat ventje trekt zijn hand weer terug. Vervolgens komt die andere jongen tevoorschijn. Dan zegt ze: "Hoe krachtig zijt gij doorgebroken!" En dan krijgt hij de naam Perez, want dat betekent 'doorgebroken'. En Zerach, die eigenlijk de eerstgeborene was, komt als tweede. Wat in de Bijbel trouwens een typische standaard is, want de eerste wordt altijd de tweede. Waarom dat zo is, daar gaan we het de volgende keer ook nog over hebben.
Dit zijn zulke prachtige verhalen, echt schitterend. Mensen lezen er straal overheen, maar het is werkelijk schitterend. Waarom? Omdat je hier ook het fenomeen ziet van de Here Jezus. In feite is het idee — en ik kan het denk ik kort zeggen — dat de Verlosser komt. Hij trekt zijn hand terug, dan krijg je een breuk, een onderbreking, en uiteindelijk komt Hij toch. En weet u hoe Hij dan heet? Zerach: het opgaande licht. Er is dus een onderbreking in het verhaal en dat is in de Bijbel altijd zo. De eerste dient zich aan en dan gebeurt er iets waardoor er een onderbreking komt. In feite is dat toch ook het verhaal van de Christus. Hij kwam, Hij stak zijn hand uit met het scharlakenkoord — jazeker, redding — maar trekt Zich dan terug. Dan komt er een onderbreking van twee millennia en uiteindelijk komt Hij toch als het opgaande licht. Verzin het maar eens; dat doe je niet, maar in de Bijbel staat het allemaal. Geweldig.
Goed, dat is dus een scharlakenkoord, mocht je het idee hebben dat daar verder niets achter steekt. "Zie, wanneer wij in het land komen, dan zul je dit koord van scharlakendraad in het venster binden waardoor jij ons hebt neergelaten. En je zult je vader, je moeder, je broers en heel het huis van je vader bijeenverzamelen in jouw huis." Kijk, in de Bijbel is het principe altijd algemeen: jij en je huis. Wij denken heel individualistisch, maar in de Bijbel is dat niet zo. Iedere keer zie je dat als er redding plaatsvindt, dat iemand is met heel zijn huis. Je ziet dat bij Noach, je ziet dat bij Abraham, je ziet dat bij Lot, je ziet dat bij de Nieuwe Testament gevangenbewaarder. Kijk er maar naar. Nou ja, ik kan...
Ik zou hier nog wel even op door kunnen gaan, maar dat laat ik even rusten. Het gaat me om het principe. Het is altijd zo: iemand wordt geroepen en zijn hele huis profiteert daarvan. Dat lees je in de Bijbel; ook de ongelovige man en de kinderen zijn geheiligd in de gelovige. Als er iemand in het huis is die het Woord kent, dan profiteert het hele huis daarvan. Prachtig!
En het zal geschieden dat ieder die uit de deuren van je huis naar buiten gaat... ja, dat zeggen ze er dan bij. Het zal geschieden dat ieder die uit de deuren van je huis naar buiten gaat — zo moet ik de klemtoon leggen — zijn bloed zal op zijn eigen hoofd zijn en wij zullen gevrijwaard zijn. Dus als er iemand in dat huis naar buiten gaat, dan wordt het verhaal anders. Er is redding in dat huis, maar niet daarbuiten.
Maar ook wie bij jou in het huis zal zijn, diens bloed is op ons. Dat wil zeggen: als daar iemand van ons in dat huis van jou om zou komen op het moment dat we bij Jericho zijn, dan mag dat ons aangerekend worden. Diens bloed is op ons hoofd, indien een hand tegen hem zal zijn.
En indien je deze zaak van ons gaat vertellen... dat is nog een clausule. Indien je deze zaak van ons gaat vertellen, zo zullen wij gevrijwaard zijn van de eed die je ons deed zweren. Als je dit rugbaar gaat maken, dan gaat deze eed niet op. Dat zijn zeg maar de kleine lettertjes, de clausules.
En zij zei: "Het zal geschieden naar jullie woorden." Toen zond zij hen weg en zij gingen heen, en zij bond het scharlakenkoord in het venster. Sinds die dagen, al die dagen, heeft zij hoop gehad. Dat is namelijk wat dat koord is.
Wat had zij? Nou, ze had een open venster en ze had een koord. Scharlakenrood, jazeker. Dat symboliseert hoop: tikva. Ja, dat had zij. Die verspieders gingen weer weg, en dat was het geloof van deze Rachab.
Ik ga het hier maar bij laten. We gaan de volgende keer hier verder over praten, want op dit moment wordt ze ook genoemd. De geschiedenis gaat trouwens ook nog even verder, maar het zou nu te veel worden. Ik wil nog één ding ter afsluiting zeggen.
Afsluiting: Behoudenis Door Geloof (hebreeën 11) ↑ hoofdstukken
En dat is meteen de cliffhanger voor de volgende keer: het geloof van deze Rachab. Want inderdaad, zoals Tom al aangaf: waarom niet de mantelzorger? Waarom niet de herbergier? Nee, het is de hoer. Maar waarom is zij zo bekend? Niet omdat ze een hoer is – hoewel ze iedere keer zo wordt neergezet – maar dat is vanwege haar geloof.
Kijk, je leest in Hebreeën 11 dat er een hele lange lijst wordt gegeven van allemaal mensen die in hun dagen, in hun tijd, het verschil maakten. De hele wereld kan wel 'zus' zeggen, en dan ben je natuurlijk – sorry voor het woord – stronteigenwijs als je iets anders zegt of beweert. Maar al die mensen geloofden. En Rachab is er ook zo een. Zij was de enige in die hele stad. O ja, en al degenen in haar huis profiteerden daarvan. Zij had geloof.
Je leest in Hebreeën 11 vers 31: "Door geloof kwam Rachab de hoer niet om met de ongezeglijken." Dat slaat eigenlijk gewoon op de rest van de stad die het wel wist. Ze wisten echt van de naam van God, van JAHWEH. En ze wisten: God is met dit volk en Hij heeft het land aan hen gegeven. Zo is het, dat wisten ze. Maar ze lieten zich niet gezeggen. Maar Rachab wel.
Nogmaals: vanuit de mens gezien kun je van alles tegen en over haar zeggen. De Bijbel probeert ook niet te verbloemen dat het een vrouw van lichte zeden was, en dat ze nota bene ook nog een landverraadster was. Maar ze geloofde. En dat is het verschil. En daarmee kom je nooit bedrogen uit. Hoe ik dat weet? Nou, vraag maar aan Rachab. Dat valt natuurlijk niet mee, maar daarom staat het allemaal gedocumenteerd en opgetekend. Je kunt het dus allemaal nalezen.
Door geloof kwam Rachab de hoer niet om met de ongezeglijken, daar zij de spionnen met vrede had ontvangen. Dat mag dan landverraad zijn en ze mag van lichte zeden zijn, maar ze geloofde het Woord van God en daar kom je nooit bedrogen mee uit – ja, dat is het woord dat ik zocht: daar kom je nooit bedrogen mee uit. En dan heb je een venster, een open venster, en dan heb je werkelijk hoop en uitzicht. Dan mag je misschien een eenling zijn – dat ben je dan ook – maar zo word je eigenlijk een eerste.
En dan kom ik weer bij dat scharlaken koord uit, want dat is wat het symboliseert. Nou, daar wilde ik het voor dit keer bij laten. De volgende keer gaan wij verder met deel 2, want in het Nieuwe Testament komt zij ook nog een paar keer aan de orde. Er is dus meer te vertellen, ook over de typologische verborgenheden die er nog meer in liggen. Goed, zullen wij het hierbij laten voor vanmorgen?
UltimateGoodNews