GoedBericht.nl logo
UltimateGoodNews

misplaatst

17-11-2019 - Geplaatst door Andre Piet
Toespraak gehouden op zondag 17 november 2019 in Rotterdam.

Paulus verwijt de Galaten dat ze zich hebben laten afbrengen tot een evangelie dat niet anders, maar wezenlijk andersoortig is (1:6,7). Wat bedoelt hij met andersoortig? En waar doelt hij op met een evangelie dat anders is? Wat stond er op het spel toen Paulus dit schreef? En hoe actueel is dat vandaag?!

Powered by RedCircle

📝 Samenvatting & Transcriptie van deze lezing

Samenvatting van deze toespraak

In deze studie staat de Galatenbrief centraal, waarbij Paulus zijn verbijstering uitspreekt over het feit dat gelovigen uit de natiën zich zo snel afkeren van de onvoorwaardelijke genade. Er wordt een scherp onderscheid gemaakt tussen het 'evangelie van de voorhuid' (voor de natiën) en het 'evangelie van de besnijdenis' (voor Israël). Het verplaatsen van Joodse wetten en gebruiken naar de gelovigen uit de natiën wordt bestempeld als misplaatst en creëert een verdraaid evangelie. Elke afwijking van de zuivere boodschap van genade aan de natiën is wezenlijk andersoortig en ligt volgens Paulus onder een banvloek. De nadruk ligt op de absolute vrijheid in Christus, zonder toegevoegde religieuze verplichtingen.

“Het evangelie van de besnijdenis, dat in een juiste setting een correcte plaats heeft en had, wordt vervolgens verplaatst onder de natiën, en daar hoorde het niet.”

De Illustratie van Moskou: Wat Betekent Misplaatst? ↑ hoofdstukken

Een hele goedemorgen allemaal, dames en heren, vrienden. Goed u hier weer te mogen treffen.

Een plaatje dient meestal om iets duidelijk te maken, maar als ik nu goed naar het scherm kijk, dan moet ik eerst even het plaatje toelichten. Dat is een beetje jammer, want wat u ziet – of wat u zou moeten zien – is een kaart van Nederland met een rode stip in het midden, zo ongeveer, en daar staat Rotterdam bij. Ja precies, u niet geheel onbekend. Maar er staat ook een bordje bij met Moskou. Ja, dat kunt u waarschijnlijk wel lezen en u zegt bij uzelf: "Volgens mij is dat misplaatst." En dat klopt.

Waarbij natuurlijk nog de vraag is waarover je kunt discussiëren: wat is nu misplaatst? Dat bordje of die kaart? Dat kun je natuurlijk ook zeggen. Als je uitgaat van het bordje, dan is die kaart misplaatst. En omgekeerd: als je uitgaat van de kaart, dan is het bordje met de naam Moskou weer misplaatst. Er is niks mis met dat bordje Moskou en er is ook niks mis met die kaart van Nederland, maar de combinatie deugt niet. Dat is misplaatst.

Dat geldt voor heel veel dingen in het leven. Ze zijn allemaal goed op zichzelf, maar op het moment dat je ze gaat combineren, dan gaat het vloeken. Dat matcht niet; dan zeggen we dat het misplaatst is. Ik bedoel: er is niks mis met een feestneus, maar bij een droevige gelegenheid zet je hem niet op. Dat is dan misplaatst.

Nou, ik denk dat dat ene woord "misplaatst" heel goed aangeeft waar het om gaat in het gedeelte dat zojuist door Jurie is voorgelezen en dat we straks weer opnieuw gaan lezen, maar dan regel voor regel. Ik denk dat dit ene woord heel goed aangeeft wat Paulus daar eigenlijk ook mee bedoelt. En nog letterlijker dan je misschien op het eerste gezicht zou denken.

De Historische Context: van een Joods Evangelie Naar de Natiën ↑ hoofdstukken

Laat ik eerst een situatieschets geven van wat daar aan de hand was. Je leest zomaar iets in het begin van een brief die een kleine 2000 jaar geleden is geschreven, en dan heb je even nodig om de setting te begrijpen. Over wie gaat het? Het is geschreven aan de Galaten, maar dat verheldert op zichzelf nog niet zo heel veel. Het is eigenlijk dezelfde naam als de Galliërs, maar die woonden weer een stuk meer naar het westen. Ook die naam zegt dus niet zo gek veel.

Om de zaken voor de goede orde op een rij te zetten, plaats ik een tijdlijntje. We gaan helemaal terug naar het begin van onze jaartelling. Ongeveer in het jaar 30 stierf de Heer Jezus, stond op uit de doden en voer ten hemel. Het moet zo'n ruim drie jaar later geweest zijn, in het jaar 33, dat Stefanus werd gestenigd; de geschiedenis die we lezen in Handelingen 7. En nog weer een klein jaartje later, in het jaar 34, werd Paulus – die toen nog Saulus heette – geroepen op de weg naar Damascus.

Daarna zou het nog een heel aantal jaren duren, zo’n dertien à veertien jaar, voordat Paulus zich voor het eerst echt tot de natiën wendt. De deur was al opengezet door Petrus in Handelingen 10, maar het is vervolgens Paulus die daar doorheen gaat. Dat is ongeveer in het jaar 47 geweest. We lezen daar ook over in de Galatenbrief; Paulus noemt die tijdtabel en zegt dat het ongeveer veertien jaar later was. In Handelingen 13 zie je inderdaad dat hij naar de natiën toe gaat.

Tot dat moment moet je je goed realiseren dat vanaf het jaar dat de Heer Jezus ten hemel voer tot het moment dat Paulus zich tot de natiën wendt, het Evangelie een strikt Joodse aangelegenheid was. Het volk moest tot erkenning komen; dat was de missie van de twaalf apostelen. Het gansche huis Israëls moest weten wie hun Messias is. Het kwam aanvankelijk niet in hen op om naar de natiën te gaan. Je vindt dat veel uitgebreider beschreven in Handelingen 10, waar jaren later Petrus naar Cornelius gaat. Er moest nog heel wat gebeuren om aan Petrus duidelijk te maken dat hij dat moest doen. Terwijl die Cornelius nog een godvrezende man was, een vreemdeling binnen de poorten; zo’n heiden was het nou ook weer niet, om het zo te zeggen.

Het is Paulus die dan in het jaar 47 inderdaad naar de natiën gaat, ook naar mensen met een volstrekt niet-Joodse achtergrond. In Zuid-Galatië – in Iconium, Derbe en Lystra – predikt hij de geweldige boodschap die God aan hem heeft toevertrouwd. Dat zijn de hoofdstukken in Handelingen waar ik naar verwijs; de zuidelijke streek van de provincie Galatië. Hij predikt daar de geweldige boodschap van genade, puur om niet. Een boodschap van vreugde om niet: wie God is, een Redder van de hele wereld, en wie Jezus Christus is. Hij benadrukt daarbij dat de natiën niet ondergeschikt zijn aan de wet van Mozes. Hij predikt vrijheid.

Maar die boodschap zette veel kwaad bloed. Zodanig zelfs dat er een jaar of twee later, ergens in het jaar 49, een apostelvergadering in Jeruzalem belegd werd. Men boog zich speciaal over deze vraag, want er was een enorme toeloop door Paulus’ prediking van mensen uit de natiën. Er waren echter velen onder de Joden die zeiden: "Hoor eens even, dat is mooi als zij willen luisteren, maar dan zouden ze zich wel gewoon moeten onderwerpen aan de rituelen die wij kennen, de besnijdenis en de gebruiken die wij hebben onderhouden." Per slot van rekening waren dat de wetten die God aan het volk had gegeven.

Tot dan toe stond het ook totaal niet ter discussie dat de Joden dat nog zouden blijven doen. Dat was vanzelfsprekend; de Joden leefden gewoon Joods. Hunner was de wetgeving, en ook onder het nieuwe verbond is die wetgeving niet verdwenen. Maar de vraag was dus of de gelovigen uit de natiën zich daar ook aan zouden moeten onderwerpen. Het antwoord op die grote vraag werd unaniem besloten. Het is notabene Jakobus die het woord neemt en de knoop doorhakt. Het antwoord is: de natiën staan niet onder de wet van Mozes en er zou hun geen last worden opgelegd. Het was totaal niet noodzakelijk voor het behoud. Een volstrekt heldere en duidelijke uitspraak.

Maar hoewel dat toentertijd een duidelijke uitspraak mag zijn geweest, waren er judaïseerders – ik noem ze expres even zo, dat komt van judaïseren, van het judaïsme, de Joodse godsdienst. Er waren mensen die toch de natiën wilden judaïseren, wilden verjoodsen. Uiteraard kon dat nu niet meer met het argument dat het noodzakelijk was voor het behoud, want dat was immers al besloten. Het werd echter subtieler, namelijk: als je rechtvaardig wilt leven. Dat woord 'rechtvaardig' is een sleutelwoord in de Galatenbrief. Over het woord behoud gaat het al helemaal niet meer, maar om rechtvaardig te leven zou het noodzakelijk zijn voor de gelovigen, ook uit de natiën, om zich te richten naar de wet van Mozes, de gebruiken, de besnijdenis en alles wat erbij kwam. Waarschijnlijk heb je daar ook wel weer verschillende richtingen in gehad, 'light' en allerlei andere versies, maar dat was in ieder geval de insteek.

Het was dus een subtielere vorm: niet zozeer dat het noodzakelijk is voor redding, maar het is wel beter. Als je rechtvaardig wilt leven, kun je niet om die wet heen. Dat is de aanleiding voor de Galatenbrief. Vandaar dat ik even dit lijntje heb neergezet om u een indruk te geven hoe dat in de loop van ruim twintig jaar is gegaan. De gelovigen uit de natiën waren naar Paulus’ overtuiging volstrekt vrij van de Joodse gebruiken en zouden daaraan niet worden onderworpen, ook niet in die subtielere vorm zoals dat in Galatië door sommigen werd geleerd. En dat had succes. Nou, en dan schrijft Paulus dus:

Verbijstering: Zo Snel Overgebracht Naar een Andersoortig Evangelie ↑ hoofdstukken

En dan heeft hij een betrekkelijk korte aanhef, eigenlijk uitzonderlijk kort, want hij valt vrijwel meteen met de deur in huis. Dat doet hij dan ook niet aardig, maar met een zeer dramatische toon. Want hij zegt in vers 6: "Ik verwonder mij...". Als je nog twee hoofdstukken later leest en even doorbladert, dan roept hij zelfs uit: "Wie heeft jullie betoverd, o onverstandige Galaten?" Stupide, want dat is eigenlijk wat het is. Wie heeft jullie betoverd? Dat wil zeggen: het was zo duidelijk wat ik jullie een paar jaar geleden heb gepredikt en verteld, en in no-time — want dat is precies wat er staat — zijn jullie veranderd.

Ik verwonder mij dat jullie zo vlug, in zo'n korte tijd, worden overgebracht. Het woord wat hier staat is letterlijk 'verplaatst'. En dat is tevens een van de verklaringen waarom ik zei dat de titel 'Misplaatst' vrij letterlijk is, want dat is precies het woord dat Paulus hier bezigt. Als je eens terugbladert en kijkt waar dit specifieke Griekse woord nog meer gebruikt wordt, dan zie je dat in Handelingen 7, in de geschiedenis die Stefanus verhaalt. Hij zegt daar dat Jakob afdaalde naar Egypte en stierf, hijzelf en onze vaderen, en zij werden overgebracht naar Sichem en bijgezet in het graf. Ik heb dat woordje 'overgebracht' weer even in kapitaalletters gezet, omdat dat namelijk hetzelfde woord is als wat Paulus in Galaten 1 vers 6 gebruikt. Ze werden dus gewoon verplaatst, verkast van de ene plek naar de andere plek.

Paulus is verbijsterd over het feit dat die Galaten, die betrekkelijk kort daarvoor geconfronteerd waren met die geweldige boodschap, nu werden overgebracht van Degene die hen roept in de genade van Christus. Je ziet dus dat de verandering, de verplaatsing, echt enorm en ingrijpend is. Ze waren ooit in de genade van Christus. Dat woordje 'in' geeft de sfeer aan waarin men was geroepen. Genade is natuurlijk zo'n sleutelwoord dat het risico groot is dat je eroverheen leest omdat je denkt het te begrijpen. Maar genade is iets wat je ontvangt en waar je blij van wordt zonder dat je er iets voor hoeft te doen. Je staat 's morgens op — op zich al een geweldig voorrecht — je doet de gordijnen open en de zon straalt. De vreugde die je dan ten deel kan vallen, is zomaar om niet; je krijgt het. Dat is wat genade is.

Ze waren geroepen in de genade van Christus. Niet 'door', zoals de NBG-vertaling zegt; de genade is hier niet het instrument. Dat zou misschien wel waar kunnen zijn, maar dat is niet wat hier staat. Ze werden geroepen in genade, namelijk van Christus. Christus is de persoon in wie die genade zich belichaamt. En dan staat er dat zij zo snel werden overgebracht van Degene... Dat is uiteraard God, want Hij was Degene die hen riep door het woord dat Paulus predikte. God riep hen in de genade van Christus.

Wat was nu het probleem? Wat was er gebeurd? Ze werden verplaatst, overgebracht naar een andersoortig evangelie. Paulus zegt: "Dat jullie zo vlug worden overgebracht van Degene die jullie roept in de genade van Christus, tot een andersoortig evangelie dat geen ander is." Dit moet ik even toelichten, want dat is in het Nederlands lastig aan te geven. In het Grieks worden hier namelijk twee verschillende woorden gebruikt, wat ik duidelijk heb geprobeerd te maken met de termen 'andersoortig' en 'ander'.

Het woordje 'andersoortig' kennen we allemaal wel: dat is heteros. Zoals wij dat gebruiken bij heteroseksualiteit; seksualiteit met iemand van het andersoortige geslacht. Dat is heteros. Het andere woordje is allos, en dat is zwakker; dat betekent gewoon 'ander'. Laat ik een illustratie geven. Stel, je ziet twee foto's van hetzelfde huis. Het huis links moet nog opgeknapt worden en het huis rechts is volledig verbouwd. Het huis links is anders (allos) dan het huis rechts, maar het is niet andersoortig (heteros). De bewoners hoefden niet te verhuizen om in het huis rechts te komen; ze konden gewoon op dezelfde plek blijven. Het was hetzelfde huis, maar wel anders.

Je ziet tegenwoordig vaak van die 'voor en na' foto's. Iemand gaat trainen om af te vallen; je ziet de foto vooraf en de foto van de gespierde persoon daarna. Dat is nog steeds dezelfde man of vrouw, maar wel in een heel andere shape. Of neem mijzelf als voorbeeld: ik zie er nu anders uit dan twintig jaar geleden. Nou ja, dat valt eigenlijk wel mee, want ik ben nauwelijks veranderd en nog net zo slank en knap. Maar u begrijpt wat ik bedoel: ik ben anders (allos) dan twintig jaar geleden, maar ik ben nog steeds dezelfde persoon. Dat verschil wordt uitgedrukt in de woorden heteros en allos.

Paulus zegt: "Jullie zijn zo snel overgebracht tot een andersoortig (heteros) evangelie, dat geen ander (allos) is." Het is dus wel andersoortig, maar het is niet een ander van hetzelfde soort. Helaas komt dat in de vertalingen vaak niet uit de verf; daar staat dan vaak dat het een 'ander evangelie is dat geen evangelie is', maar dat staat er niet. Er staat: tot een andersoortig evangelie, dat geen 'ander' evangelie is. Dat wat de Galaten nu was bijgebracht en waartoe ze in zo'n korte tijd waren overgebracht, dat was heteros. Maar het was niet een allos evangelie. Dat roept natuurlijk de vraag op: wat is dan wél een allos evangelie? Wat is een evangelie dat wel anders is, maar van dezelfde soort? Om dat te ontdekken, moeten we even doorbladeren naar hoofdstuk 2.

Twee Evangelieën: de Voorhuid (paulus) en de Besnijdenis (petrus) ↑ hoofdstukken

En dan lezen we in Galaten 2 vanaf vers 7 dat Paulus in Jeruzalem is. Dat is die apostelvergadering waar ik zojuist even aan refereerde in die tijdlijn. En als Paulus dan daar in Jeruzalem is en hij heeft een ontmoeting — ze worden daar ook genoemd: Jakobus, Petrus en Johannes, de steunpilaren daar — dan staat er: "toen zij waarnamen dat mij, Paulus, het evangelie van de voorhuid is toevertrouwd." Van de voorhuid, dat is een technische term voor de niet-Joden, degenen die niet besneden zijn. Paulus was het evangelie van de voorhuid toevertrouwd, zoals aan Petrus dat van de besnijdenis is.

Dus aan Paulus was het evangelie van de voorhuid toevertrouwd. Dat had Paulus — dat gaat hij trouwens ook in Galaten 1 uitleggen — niet van een mens vernomen. Hij had het niet van die mensen daar, die eerder dan hij apostel waren in Jeruzalem, vernomen of geleerd. Integendeel, het was hem rechtstreeks door openbaring bekendgemaakt en onderwezen. Helaas is dat niet meer het onderwerp van vanmorgen, maar je leest dat inderdaad in vers 11, 12 en 13, wat direct volgt op deze passage waar we het vanmorgen over hebben. Paulus zegt: "Ik heb het niet van de mens ontvangen; ik heb het rechtstreeks van de Heer zelf ontvangen." Het is het evangelie van de voorhuid. Het is het evangelie dat ik zou brengen aan de natiën; wel, dat is mij door de Heer toevertrouwd. Zoals aan Petrus ooit — dat was toch de man daar onder de twaalf — het evangelie van de besnijdenis toevertrouwd was.

Kijk, dat is alles. Dezelfde Heer, dezelfde basis ook, maar het een heet het evangelie van de besnijdenis en het andere heet het evangelie van de voorhuid. Dat zijn echt twee verschillende evangelieën. Als het hetzelfde was geweest, had Paulus gewoon naar Jeruzalem kunnen gaan en dan had hij gewoon onderwijs kunnen krijgen van Petrus en Jakobus. Nee, maar dat heeft hij juist helemaal niet gedaan. Hij heeft het van de Heer zelf ontvangen. Hij is niet alleen door de Heer geroepen, maar hij is ook door de Heer onderwezen. Toen hij geroepen was, is hij vervolgens naar Arabië gegaan en daar is hij onderwezen, hoogstpersoonlijk door Christus zelf. En dat evangelie van de voorhuid, zo wordt dat dan genoemd, is aan hem toevertrouwd, zoals aan Petrus dat van de besnijdenis is.

Want Hij die inwerkt in Petrus tot apostelschap van de besnijdenis, werkt ook in mij voor de natiën. Dus het is dezelfde Heer, dezelfde dirigent om zo te zeggen, maar niettemin een verschillende opdracht, een verschillende missie, een verschillend apostelschap. De één is voor de besnijdenis, de ander is voor de natiën. En de genade kennende die aan mij gegeven wordt, hebben toen Jakobus en Kefas — dat is een andere naam, een ander woord voor Petrus — en Johannes, die voor steunpilaren golden, de rechterhand van gemeenschap gegeven. Jakobus, Kefas, Johannes... Hé, dat is grappig hè? Nou, grappig, dat mag je niet ontgaan dat we die namen vervolgens in het Nieuwe Testament ook weer tegenkomen in exact deze volgorde. In de oude manuscripten vind je de geschriften van Jakobus en dan vervolgens van Petrus en dan die van Johannes, keurig bij elkaar. Ze worden dan altijd de "katholieke brieven" genoemd. Nou, dat kun je wel vergeten; het zijn geen katholieke brieven. Paulus heeft de katholieke brieven geschreven, de algemene. Dit zijn besnijdenisgeschriften, gericht aan de besnijdenis.

Want er staat bij: "de genade kennende die aan mij gegeven wordt, hebben toen vervolgens Jakobus en Kefas en Johannes, die voor steunpilaren golden, aan mij en Barnabas — dat was Paulus' medewerker — de rechterhand van gemeenschap gegeven. Opdat wij voor de natiën zouden zijn, maar zij voor de besnijdenis." Moeilijk is dit niet. De afspraak is volstrekt helder: Paulus met zijn boodschap zou zich richten tot de natiën, en Jakobus, Petrus en Johannes — de namen bij uitstek dan — zij zijn voor de besnijdenis. De besnijdenis. Waarvan akte. Dat betekent dus ook dat als je in het Nieuwe Testament zo bladert en je ziet de brieven van Paulus en je ziet ook de brieven van Jakobus, Petrus en Johannes, dan weet je meteen: aha, het een is voor de natiën en het ander is voor de besnijdenis. En dat wordt dan officieel beklonken daar in Jeruzalem door de steunpilaren. Vandaar ook: het is echt een officiële afspraak met de rechterhand van de gemeenschap. Zo, hier zijn ze het volstrekt over eens. Hoe verschillend de bedieningen dan ook mogen zijn, hier zijn ze het over eens.

Waarom haal ik dit aan? Omdat dit precies uitlegt waar Paulus het over heeft als hij het heeft over een allos-evangelie. Anders. Niet andersoortig wat daar in Galatië werd verteld, nee: allos. Dus om het eventjes schematisch voor te stellen: je hebt in Galaten 2 vers 7 aan de ene kant het evangelie van de voorhuid, dat aan Paulus was toevertrouwd voor de natiën. En aan de andere kant heb je het evangelie van de besnijdenis, dat aan Petrus was toevertrouwd, en Jakobus en Johannes, de twaalf. En dat was voor Israël. De boodschap van de twaalf was voor Israël. Dat is makkelijk te onthouden, want Israël en de twaalf zijn ongeveer synonieme begrippen. Oké, dat dus wat betreft dat allos-evangelie. Er was verschil.

Een Verdraaide Boodschap: het Joodse Evangelie Misplaatst ↑ hoofdstukken

Wat er nu in Galatië aan de hand was, was het fenomeen dat ze waren overgebracht naar een andersoortig evangelie. Dat was wezenlijk anders. Lees maar met me mee: "Maar er zijn sommigen die jullie verstoren." Datzelfde woord wordt elders weergegeven met verontrusten, verschrikken of van slag brengen. Nou, dat is wat er dus gebeurde. Er waren sommigen – en je hebt er maar een paar voor nodig als het invloedrijke mensen zijn die op het podium staan en hun boodschap brengen – die de Galaten verontrustten.

Kennelijk waren zij invloedrijk, want de Galaten waren al massaal overgebracht. Er zijn sommigen die jullie verstoren, verontrusten en trouwens ook belasten. Want ze moesten nu ineens zoveel. Ze waren in vrijheid geroepen en nu moest er weer van alles. Ze werden dus gejudaiseerd; dat was de term die Paulus daarvoor bezigde. Verjoodst. Hé, waar heb ik dat vaker gehoord?

In het algemeen is dit fenomeen, en daarmee de Galatenbrief, enorm actueel. Want dit probleem – dat mensen onder de natiën weer onder de wetten van Israël worden gebracht – zien we in vele vormen terug. Soms komt het 'verheidenst' voor en dan worden allerlei gebruiken ineens anders. Dan wordt Pesach ineens Pasen, en al die Joodse feesten worden vervolgens verheidenst, maar in feite is dat hetzelfde fenomeen. Trouwens, heel Israëls eredienst heeft men in de kerkgeschiedenis gekopieerd, tot de gebouwen aan toe: altaren, priesters, gewaden, hoogtijden en rituelen. In de plaats van de besnijdenis is de doop gekomen, en in de plaats van de sabbat is de zondag gekomen. Al dat soort ideeën is gewoon kopieerwerk. Valse kopieën, moet ik erbij zeggen. Wat dat betreft deden die mensen in Galatië het zuiverder; zij verjoodsten tenminste écht. Zij vonden dat de Joodse gebruiken één-op-één moesten worden overgebracht op de gelovigen uit de natiën.

De Galaten werden dus door sommigen verstoord en zij wilden het evangelie van de Christus, dat zij kort tevoren van Paulus hadden vernomen, verdraaien. Dat geeft weer dezelfde gedachte. Het Griekse woord voor verdraaien is afgeleid van strepho, wat elders wordt weergegeven met keren, omkeren, wenden of draaien. Dus echt, met recht: verdraaid nog aan toe! Ja, dat is hier aan de hand.

In het schema zie je het evangelie zoals dat door Paulus voor de natiën werd gebracht: dat was het evangelie van de voorhuid. Dat kende men in Galatië. Daartoe was men geroepen en daar had men zoveel geluk, vrijheid, genade en vrede in gevonden. Maar nu hebben ze het evangelie verdraaid. Kijk, dan gebeurt er dit: het verdraaide evangelie is nog steeds gericht tot de natiën, maar let op wat er gebeurde: het evangelie van de voorhuid is vervangen door het evangelie van de besnijdenis. Dat bedoel ik nou met 'misplaatst'.

Want het evangelie van de besnijdenis, dat zijn correcte en juiste plaats had in de context van de Joden, van Israël en de besnijdenis, werd nu verplaatst – lees: misplaatst – onder de natiën. Dat is verdraaid. En wat daar ook nog eens gebeurt: het is niet alleen het misplaatsen van het evangelie van de besnijdenis op een plek waar het niet hoort, maar het is een plek waar het vloekt. Dat is een term die ik trouwens niet zomaar gebruik, want Paulus komt daar nog op terug.

Het is het misplaatsen van het evangelie van de besnijdenis. Het besnijdenisevangelie, die Joodse boter die speciaal voor Israël bestemd was, had men misplaatst en daarmee het evangelie van de voorhuid – oftewel Paulus – gewoon vervangen. Van Paulus moest men niets meer hebben. Dat zie je ook meteen; de eerste twee hoofdstukken zijn feitelijk niets anders dan een toelichting van Paulus over wie hij is, wat God aan hem heeft toevertrouwd en dat hij het niet van een mens heeft. Het is puur genade. Men kon met Paulus niet meer uit de voeten. Het is dus een misplaatsing van het evangelie van de besnijdenis en daarmee een vervanging van de boodschap die Paulus bracht, zodat Paulus veilig is uitgerangeerd.

Het idee is dus niet zozeer dat er een 'meng-evangelie' zou zijn, alsof twee boodschappen gemixt worden. Ik ken die term maar al te goed, maar nee: het is een misplaatste boodschap. Het evangelie van de besnijdenis, dat in een juiste setting een correcte plaats heeft en had, wordt vervolgens verplaatst onder de natiën, en daar hoorde het niet. Het was ook niet zo dat ze nog allerlei elementen van Paulus overhielden. Nee, Paulus werd gewoon aan de kant gezet. Daar moesten ze niets van hebben. Bovendien: die apostel was helemaal niet door Jezus Zelf opgeleid, dus wat dacht hij wel? Met die 'dertiende apostel' kon men niet uit de voeten. Paulus en zijn boodschap – de boodschap die God aan hem had toevertrouwd – werden terzijde gesteld. Hoe vat Paulus dat nu op?

Anathema: de Absolute Ernst van een Afwijkend Evangelie ↑ hoofdstukken

Nou, de toon is inmiddels wel gezet. Dus het zal u dan niet verbazen dat Paulus hier toch nog wel even iets over kwijt wil. Hij zegt dit: "Maar ook in het geval dat wij..." Met andere woorden: inclusief hijzelf. Het gaat Paulus er niet om zichzelf op de voorgrond te zetten; nee, hij betrekt zichzelf hier onpartijdig in. Het oordeel dat hij nu gaat uitspreken, daar valt hij zelf ook onder. "Ook in het geval dat wijzelf of een boodschapper vanuit de hemel..." Nou, alsjeblieft zeg, dat lijkt me toch wel overtuigend. Als er een engel uit de hemel komt die je gaat vertellen hoe de vork aan de steel zit...

Ik kreeg gisteren van iemand een brief. Diegene meende dat de boodschap die ik bracht totaal niet van de Heer is. Hij schreef mij in de mail dat ik er helemaal naast zat. Dat kan natuurlijk heel goed, maar let even op het motief. Hij zei: "Deze mail heb ik nog aan de Heer voorgelegd: Heer, moet ik hem zo schrijven aan André Piet? En de Heer heeft hem gezegd: ja, doe dat maar, dit heb je heel juist geformuleerd." Dus ja, wat kan ik daar nou op terugzeggen? Want dan zou ik de Heer tegenspreken natuurlijk. Ik weet nog niet of ik reageer, maar het heeft in elk geval de kracht van overtuiging. Hoe kan het nog overtuigender zijn?

Maar let op hoe Paulus het zegt: "Maar ook in het geval dat wijzelf of een boodschapper vanuit de hemel jullie zouden evangeliseren." Want dat is eigenlijk wat er letterlijk staat: het woord 'evangelie', maar dan als werkwoord. "Jullie zouden evangeliseren of jullie een evangelie zouden brengen, naast wat wij jullie..." En 'jullie', dat zijn de natiën. Hij doelt dus niet op de boodschap die Petrus en Jakobus aan de besnijdenis brachten. "Als iemand jullie — wijzelf of een boodschapper uit de hemel — jullie zouden evangeliseren naast wat wij jullie evangeliseren: dat zij vervloekt!"

Het is wat anders dan de gebruikelijke weergave, want meestal leest men: "die zij vervloekt". En dat kan, maar het Grieks kan ook gewoon: "dat zij vervloekt". Dan gaat het niet over de mensen die de boodschap brachten, maar over de boodschap die ze brachten. In het Grieks is het eigenlijk een beetje onbeslist: het is gewoon de derde persoon enkelvoud, en dat kan hij, zij of het zijn. Eerlijk gezegd denk ik dat Paulus het gewoon heeft over de boodschap zelf die een vloek is. Hij speelt het niet op de man, maar die boodschap is vervloekt. Eigenlijk staat er in het Grieks anathema, en dat wil zeggen: het ligt onder een banvloek. Je blijft eraan af. Doe je dat niet, ja, dan is dat een vloek. Daar is meer over te vertellen dan ik nu doe, maar het is zeer ernstig. Dat zij vervloekt!

Eigenlijk is die boodschap ook een vloek op het moment dat je afwijkt van Paulus, zoals hij het aan de natiën inbracht. Ja, dan wordt dat een vloek en dan is dat ook — en dat klopt — geen evangelie meer. Kijk maar eens na in de kerkgeschiedenis wat er gebeurde, niet alleen hier in Galatië. Paulus zegt in hoofdstuk 4 op een gegeven ogenblik tegen hen: "Jullie waren zo blij... waar is jullie geluk gebleven?" Waar is jullie geluk gebleven? Jullie waren zo blij en jullie waren zo enorm gelukkig met de boodschap die je van Godswege had ontvangen. Het had jullie compleet onder Zijn ogen gebracht, en jullie waren er zo gelukkig mee. Wat is daar nou van over?

Nu worden jullie belast. Dat betekent trouwens ook dat er een enorme competitie komt, want ja, de één is 'beter' dan de ander en de één is 'strikter' dan de ander. In ieder geval werd de aandacht voor wat God doet en gedaan heeft en zal doen, ineens verlegd. De focus werd nu gelegd op de mens: wat wij moeten doen. Het stelt altijd teleur. Trouwens, als ik nog even doordenk over wat er gebeurd is met de boodschap aan de natiën die dan 'evangelie' heet... dat is helemaal geen evangelie. Dat is geen boodschap van: God is de Redder. Nee: "Als jij je bekeert, dan gaat God jou redden. En als jij je niet bekeert, dan is daar een eindeloze hel voor je." Ook daar heb je 'heavy' en 'light', dat weet ik, maar niettemin: nou sorry, maar dat noem ik geen evangelie hoor. Sterker nog, dat is een afschuwelijk drama en een karikatuur van God. Dat is gewoon een vloek.

Ja, er wordt gevloekt in de kerk. Als je zegt dat God verdoemt, dan is dat een vloek, want God verdoemt niet. Hij rechtvaardigt, Hij geeft leven, Hij verzoent — puur om niet, en dat mag je geloven. Dat is evangelie. Maar op het moment dat je dat gaat veranderen, dan wordt die boodschap een vloek. Paulus zegt dat hier ook. In feite is het niet eens in een wensende vorm, maar zelfs gebiedend: "Dat moet een vloek zijn!" Er bestaat dus niet zoiets als een evangelie voor de natiën dat afwijkt van dat van Paulus. Want het is of het evangelie zoals Paulus dat predikte voor de natiën — en dat is de boodschap van God — of op het moment dat er iets daarnaast is en dat dus per definitie afwijkt, al is het anders, zegt Paulus: anathema.

Als u zegt: "André, ik vind dat wel erg heftig", dan klopt dat. Dat is heftig, maar ik verzin het niet. Ik lees gewoon wat Paulus zegt, ook van Godswege. Op het moment dat er onder de natiën — ik bedoel gewoon onder de volkeren zoals wij hier — een boodschap gebracht wordt die niet die is welke Paulus gebracht heeft, dan zegt Paulus: anathema. Paulus had natuurlijk ook zoete broodjes kunnen bakken daar in Galatië: "Ik ben het er niet helemaal mee eens, maar we moeten eens om de tafel gaan zitten. Laten we daar, zeker in Nederland, over polderen zodat we tot een consensus komen." Nee, Paulus gaat er hier echt met gestrekt been in. Hij gaat niet aan de onderhandelingstafel zitten. Hij zegt: "Dit is wat ik bracht, en als ik nou weer zou komen en ik zou dit niet brengen wat ik jullie eerder bracht, dan sta ik zelf onder die vloek en onder dat anathema." Zo heftig is het dus.

Maar dan zegt hij in vers 9 — in feite krijg je hier een herhaling van vers 8: "Zoals wij eerder hebben uitgesproken." Dus hij had dat kennelijk al verteld, niet alleen in vers 8, maar ook in de boodschap toen hij onder hen was. "Zoals we eerder hebben uitgesproken en ik nu weer zeg: indien iemand — dus ook die gasten die nu onder jullie infiltreren, binnendringen — naast wat jullie ontvingen, dat zij vervloekt!"

Slaaf van Christus: de Onvoorwaardelijke Vrijheid en Genade ↑ hoofdstukken

En dan zegt Paulus in vers 10: "Want overreed ik nu mensen of God?" Het idee bij deze eerste zin is, als u het mij vraagt, dat hij dat overreden negatief bedoelt. Hij vraagt zich af: is dit nu spierballentaal van mij? Is dit demagogisch, met krachttermen onder de mensen en door zelfs God erbij te roepen? Bedoel ik op die manier te imponeren met woorden om jullie op die manier te overvleugelen of te overdonderen? Hij zei: "Overreed ik nu mensen of God? Of zoek ik mensen te behagen?" Nou, als dat het geval was, dan had hij toch echt een andere toon aangeslagen. Want dit moet je natuurlijk niet doen om populair te worden.

Hij was kort daarvoor en enkele jaren eerder in Galatië geweest. Hij had daar met succes het Evangelie mogen vertellen en er waren allerlei ecclesia's ontstaan. En nu waren ze allemaal zo veranderd, overgebracht en verplaatst. Paulus is daar compleet verbijsterd over. Hij zegt: "Zoek ik mensen te behagen?" Als ik dat zou doen, indien ik nog mensen behaagde, zo was ik nooit slaaf van Christus. Niet dienstknecht van Christus, want dat is te zwak. Een dienstknecht kun je ook parttime of van mijn part fulltime zijn, maar een slaaf – daar zit het grote verschil. Een slaaf is een lijfeigenaar, vierentwintig-zeven, die gewoon het eigendom is van zijn Heer of Meester. Hij zegt: "Ik ben een slaaf van Christus, ik ben eigendom van Hem."

En wat ik breng is niet democratisch, het is niet dat wat geliefd is. Kijk, het was het Evangelie, het was een geweldig goed bericht. Er is – dat durf ik rustig zo te zeggen – geen grotere, heerlijker, rijker, vreugdevoller en hoopvollere boodschap dan het Evangelie zoals Paulus dat bracht. Echt een Goed Bericht met alle hoofdletters. Van een God die alles in Zijn hand heeft, bij wie nooit iets misgaat, die de Schepper is van de hele wereld, die een geweldig plan heeft en die alles en iedereen gaat redden en daar gaat brengen waar Hij het hebben wil. Kun je iets mooiers bedenken? En weet je wat het mooiste is? Het is nog waar ook. Het is het rijkste wat er is.

Paulus stond niet in dubio. Het was niet een kwestie van: daar ligt het niet zo, of: laten we eerst eens even onderzoeken hoe het hier verteld moet worden. Nee, hij had gewoon een boodschap die hij vertelde. Hij was een heraut. Hij moest iets bekendmaken, en dat ging hij bekendmaken. Dat vertel ik, en niets anders. Ik kan daar niet van afwijken. Hij wilde daar sowieso niet van afwijken, want als je het allermooiste hebt, dan is het take it or leave it, of believe it. Dat is het. We hebben geen alternatief; dit is de boodschap en een andere is er niet. En zij is zo geweldig rijk.

Als je daarop mag staan, de vreugde mag kennen om daaruit te leven en de onvoorwaardelijkheid ervan inziet... Laat je dan niet wijsmaken dat je, nu je een gelovige bent, eigenlijk toch ook wel de sabbat zou moeten gaan houden. Want ja, ik noem maar wat, om rechtvaardig te leven zou je dat moeten doen. En dan krijg je al gauw gelovigen die 'meer' zijn en gelovigen die 'minder' zijn. Of je zou – noem maar op welk ritueel of welk godsdienstig jasje je daarbij bedenkt – dat eigenlijk moeten aantrekken om er helemaal bij te horen. No way! Het is om niet!

Die Galaten hadden een geweldig Evangelie gehoord. En wat dacht je? Als je een boodschap hoort van louter vrede en vreugde, dan verandert dat een mens. Dat geeft vrede, vreugde en hoop. Denk je dat je daardoor dezelfde blijft? Nee, dat Evangelie is in zichzelf een kracht Gods. Het is dynamiet, het verandert een mens: zijn hele denken, zijn houding en daardoor ook de verhoudingen. Er gaat zo'n enorme power van uit.

Laat je dus niet wijsmaken dat je eerst een ander godsdienstig jasje moet aantrekken om erbij te horen. Dat is wat er in Galatië speelde, en in feite is de hele kerkgeschiedenis door die actualiteit getekend. Vandaar ook de ernst waarmee Paulus hierover spreekt. We hebben een geweldig Evangelie en als je dat gevonden hebt, dan zou ik zeggen: dat is the happy side of life. Laten we daarover zingen.

🎧 misplaatst
Delen: