GoedBericht.nl logo
UltimateGoodNews

Hoezo Evangelie?

18-07-2010 - Geplaatst door Andre Piet
Presentatie gehouden op 18 juli 2010 in 'de Heere zal voorzien' in den Haag

Het woord ‘evangelie’ (=goed bericht) en de diverse afleidingen daarvan, komt ruim 130 keer voor in het NT. Afhankelijk van de context, kan een goed bericht van alles zijn. Voor een blinde is het een goed bericht wanneer iemand hem ziende kan maken. Het is een goed bericht voor een gevangene wanneer iemand hem in vrijheid kan stellen. Het was een goed bericht voor Abraham, dat in hem alle volken gezegend zouden worden. Het goede bericht dat Petrus aan Israël predikte luidde anders dan het goede bericht van genade dat Paulus later onder de heidenvolken predikte. De Bijbel kent diverse varianten van het Evangelie. De fatale vergissing van de Galaten was dat zij zich hadden laten meeslepen tot een gevaarlijke mix van Petrus’ en Paulus’ boodschap.

Paulus prijst de Filippiërs om het feit dat ze vast stonden in het Evangelie, d.w.z. dat ze het Goede Bericht niet alleen van hem hadden aanvaard maar op hun beurt ook weer doorgaven. In de praktijk betekent dit per definitie strijd. Want hoe overtreffend goed het bericht ook moge zijn, het roept altijd weer verzet op…

Powered by RedCircle

📝 Samenvatting & Transcriptie van deze lezing

Samenvatting van deze toespraak

Deze studie onderzoekt de fundamentele betekenis van het woord 'evangelie', wat letterlijk 'goed bericht' betekent. Er wordt benadrukt dat de Bijbel meerdere evangeliën (goede berichten) kent, afgestemd op specifieke doelgroepen en situaties. Het evangelie der voorhuid, dat aan Paulus was toevertrouwd voor de heidenen en draait om genade, wordt gecontrasteerd met het evangelie der besnijdenis voor Israël. Vermenging van deze twee boodschappen leidt tot het verlies van genade en resulteert in een andersoortig evangelie dat geen goed bericht meer is.

“Het evangelie van de besnijdenis is van een andere orde dan dat evangelie van de voorhuid dat Paulus predikte.”

De Oorspronkelijke Betekenis van Euangelion ↑ hoofdstukken

Ook van mijn kant een hele goede morgen, dames en heren, beste vrienden. Ik ben blij dat ik weer eens in uw midden mag zijn op deze stralende zondagmorgen. En ik wil vanmorgen eens back to the basics met u. En dat blijkt al – en u hebt al een half uur naar het scherm kunnen turen – uit de vraag die daar staat geprojecteerd: Hoezo evangelie? En daarbij wordt een hele fundamentele vraag gesteld. Ik bedoel, wij komen hier samen als evangelische gemeente, we komen samen rondom het evangelie, maar wat is dat nou precies?

Laten we ons die vraag eens stellen. Hier ziet u het Griekse woord euangelion. Ons woord evangelie is eigenlijk een verbastering van dat Griekse woord. Dat bestaat uit twee delen. Het eerste deel, eu, heeft niets met dat spul te maken waar je ogen van gaan tranen; ik zou zeggen: integendeel. Het woord dat dit het meest treffend weergeeft, is ons woordje 'wel', maar dan in de zin zoals we het gebruiken bij welzijn of welvaart, of: het gaat u wel. Een woord dat daar heel dichtbij komt, is ons woord 'goed'.

Dan heb je dat woordje angelion. In dat tweede deel herkennen wij het woordje bericht of boodschap nog wel. Want ons woord voor een boodschapper – of ik moet het eigenlijk andersom zeggen – een ander woord voor een boodschapper is een engel, of zoals de Engelsen zeggen: een angel. Dat zie je hier dus nog direct in terug. En dat betekent gewoon iemand die een bericht of een boodschap doorgeeft.

Euangelion betekent gewoon – als je het even helemaal strikt neemt, en ik houd van die weergave, dat heeft zo zijn redenen – een blijde boodschap of goed nieuws of een goed bericht. Dat is wat het is. En kijk, wij hebben de neiging om dat woord dan te reserveren voor een speciale categorie van blijde berichten, namelijk dat wat we koppelen of relateren aan de Bijbelse boodschap. Maar in principe kan van alles een evangelie zijn: een goed bericht. Ik zal u een voorbeeld geven van een schriftplaats waarin dat woordje evangelie, dat goede bericht, ook gebruikt wordt in die hele basale betekenis.

Een Specifiek Goed Bericht voor Specifieke Noden ↑ hoofdstukken

We gaan naar Lucas 4, een gedeelte dat u ook terugvindt in Jesaja 60. Het zit namelijk zo: Jezus is in Nazareth en op een sabbat bezoekt Hij de synagoge. Hij staat op en de boekrol van Jesaja wordt Hem aangeboden. De rol wordt geopend en Hij leest een gedeelte uit Jesaja 60 voor, de eerste verzen. Dat vindt u beschreven in Lucas 4. Hij citeert wat daar geschreven staat: "De Geest des Heren is op Mij, daarom dat Hij Mij gezalfd heeft."

Dat betekent eigenlijk dat Hij daarmee tot Gezalfde is gemaakt. Gezalfd, niet doordat Hij besprenkeld is of doordat er olie over Hem heen is uitgegoten. Nee, over Hem is uitgegoten waar olie een beeld van is: van Geest, oftewel van leven. Uiteindelijk spreekt dit van de dag dat Hij opstond. Wanneer is de Heer Jezus de Gezalfde geworden? Of, als ik het op z’n Hebreeuws zeg, de Masjiach? Of op z’n Grieks: de Christus? Dat werd Hij officieel toen Hij opstond uit de doden en leven van God ontving. Dat leven is sterker dan de dood; het is onvergankelijk leven. Dat was de dag dat de steen werd weggewenteld en Hij eens voor altijd opstond in nieuw leven. Toen werd Hij de Gezalfde.

Dat werd overigens al veel eerder uitgebeeld toen Hij door Johannes de Doper werd gedoopt in de Jordaan. U leest daar dat Hij opstond uit het water – u begrijpt waar dat een beeld van is – en dat de Geest des Heren in de gedaante van een duif op Hem neerdaalde. Toen werd Hij ook gezalfd, maar feitelijk was dat een beeld van wat later zou plaatsvinden toen Hij officieel eens voor altijd opstond uit de doden.

"De Geest des Heren is op Mij, daarom dat Hij Mij gezalfd heeft, om aan armen het evangelie te brengen." Maar weet u wat er letterlijk staat? "Om aan armen te evangeliseren." Dat woord komt heel vaak voor in het Nieuwe Testament, gewoon als werkwoord. Het woord 'evangelie' is feitelijk afgeleid van een werkwoord dat spreekt van een bericht. Er zit het idee in dat er iets doorgegeven of meegedeeld wordt. Hier wordt gesproken over het evangeliseren aan armen.

Ik heb een beetje moeite met dat woord, in die zin dat wij daar alweer een bepaald idee bij hebben. Dan denk je meteen aan iemand die op de hoek van de straat met een megafoon staat te prediken, of aan iemand die langs de deuren komt. Dat is dan 'evangeliseren'. Of er wordt in de kerk een commissie in het leven geroepen om te gaan evangeliseren. Op zich heb ik geen moeite met zulk woordgebruik, mits we weten waar het om gaat. Het evangelie betekent gewoon: het goede bericht. Evangeliseren is een goed bericht, blij nieuws of een blijde boodschap doorgeven. Hier wordt gesproken over het doorgeven of brengen van een goed bericht aan armen.

In het volgende vers staat: "En Hij heeft Mij gezonden om aan gevangenen loslating te verkondigen, aan blinden het gezicht te geven en om verbrokenen heen te zenden in vrijheid, om te verkondigen het aangename jaar des Heren." Bij deze gelegenheid stopt Jezus met het voorlezen van de rol van Jesaja. Dat is heel opmerkelijk, want als u het terugleest in Jesaja 60, dan ziet u dat de zin gewoon doorloopt. Jezus stopt hier met opzet. Het vervolg in Jesaja 60 is namelijk: "om te verkondigen het aangename jaar des Heren en een dag van wrake van onze God." Maar dat laatste was niet wat de Heer Jezus op dat moment predikte.

Ik moet er trouwens nog op wijzen dat er gesproken wordt over een "aangenaam jaar des Heren" en een "dag van wrake". Zó liggen de verhoudingen. De wraak van God – dat Hij de dingen rechtzet, gericht oefent en oordeelt – is een Bijbelse waarheid, maar zie het wel in de juiste proporties. Het is altijd met het oog op dat het heil van God, de redding van God, zou doorbreken. Dat is waar het om gaat in deze verhoudingen.

Het gaat mij nu even puur om dat woord 'evangelie': het doorgeven van een goed bericht. Een goed bericht voor wie? Voor armen. Wat is nu een goed bericht voor armen? Het staat er hier niet letterlijk bij, maar als je de rest van het rijtje leest, is het niet zo moeilijk. Een arme is iemand die gebrek heeft. Als aan een arme een goed bericht wordt doorgegeven, dan wordt hem rijkdom geschonken. Dat blijkt ook uit het vervolg: "om aan gevangenen loslating te prediken".

Wat is een goed bericht voor iemand in de gevangenis? Heel simpel: loslating! Dat is een goed bericht voor een gevangene. En wat is een goed bericht voor iemand die blind is? Het maakt me op dit moment even niets uit of dat letterlijk blind is of figuurlijk, want in beide gevallen is een goed bericht voor iemand die gebonden is of de dingen niet ziet – of dat nu met letterlijke of figuurlijke ogen is – dat hij zicht krijgt en dat de ogen geopend worden.

Er wordt vervolgens nog gesproken over een goed bericht voor de verbrokenen: "om hen heen te zenden in vrijheid en te beleven het aangename jaar des Heren." Ziet u? Ik haal dit aan om te laten zien dat er gesproken wordt over een goed bericht voor alle mogelijke mensen. Mensen die blind zijn, krijgen het gezicht terug. Mensen die gevangen of gebonden zijn, worden in vrijheid gesteld en losgelaten. Dat is een goed bericht voor zulke mensen. Voor iemand die ziek is, is het goede bericht dat er een Genezer is. Zo kan ik nog wel even doorgaan.

Het is een heel specifiek goed bericht. Ik moet daar meteen iets aan vastknopen, want feitelijk geef ik hiermee aan dat een goed bericht voor een gevangene iets anders is dan een goed bericht voor iemand die blind is. De één wordt immers losgelaten, de ander ontvangt gezicht. Een goed bericht voor een dove is dat hij het gehoor ontvangt. Nu is het zo dat we heel vaak horen – ik heb het dikwijls niet alleen maar vernomen...

Is Er maar Één Evangelie? (heteros Versus Allos) ↑ hoofdstukken

Maar ik lees het zelfs in mijn Bijbelvertaling dat men zegt: er is maar één evangelie. Daar wil ik het vanmorgen ook eens met u over hebben. De vraag staat: klopt dat? En het antwoord is ja en nee. Dat lijkt een heel politiek of diplomatiek antwoord, maar ik zal het toelichten. Kijk, als u in uw Bijbeltje kijkt in Galaten 1 – want ik weet wel waar men het vandaan haalt en we zullen het straks ook zien – dan ziet u in de NBG-vertaling boven vers 6 een nieuwe pericoop beginnen. Daar staat in mijn Bijbel, en in de uwe ongetwijfeld ook: 'Er is maar één evangelie'. Hoe dat in de NBV is, weet ik niet, dat heb ik niet nagekeken, maar in de NBG-vertaling staat het er boven. Is dat zo? Nou, ik zei al: het antwoord dat ik ga geven – en ik wil het ook graag gedocumenteerd doen – is dat het klopt, maar dat het ook niet klopt.

Laten we de tekst zelf eens bekijken. In Galaten 1 vers 6 valt Paulus min of meer met de deur in huis. De inleiding in deze brief is heel kort en hij begint meteen op te schrijven wat hem op het hart ligt. Hij schrijft dan: "Het verbaast mij, dat gij u zo schielijk van degene, die u door de genade van Christus geroepen heeft, laat afbrengen tot een ander evangelie, en dat is geen evangelie." U moet zich realiseren: Paulus had daar in de landstreek van Galatië gepredikt. Hij had het goede bericht van Gods genade, de genade van Christus, gepredikt aan heidenen en aan Joden, aan iedereen die het maar horen wilde. Genade! Wat was er gebeurd in die landstreek? Er waren allerlei gemeenten ontstaan, geloofsgemeenschappen in de diverse plaatsen in die regio. En wat was er gebeurd? Er waren judaïsten binnengekomen, mensen vanuit het jodendom die in die gemeenten zijn geïnfiltreerd. Zij hebben daar verteld: "Wat jullie nu hebben gehoord over Jezus, de Messias, de opgestane Heer, dat is allemaal mooi. Maar als je werkelijk wilt groeien en wilt leven naar Gods wil, dan zul je je ook moeten onderwerpen aan de regels die God ooit via Mozes aan zijn volk Israël heeft gegeven." Men predikte bijvoorbeeld de besnijdenis, maar ook dat men de sabbat en allerlei hoogtijdagen zou moeten vieren.

Die heidenen, de niet-Joodse mensen die tot geloof waren gekomen en verblijd waren over Gods genade waaruit zij leefden, kregen toen te horen: "Dat is allemaal mooi, maar nu gaat het erom dat je je ook gaat onderwerpen aan die regels en die dingen gaat houden in het leven." Paulus is daar buitengewoon ontstemd over. Hij zegt: "Het verbaast mij." Van die boodschap van genade – een boodschap om niet, een boodschap van vreugde, want dat is wat genade is: vreugde die je om niets ontvangt – van die vreugde had men zich laten afbrengen. Hij zegt: "tot een ander evangelie, en dat is geen evangelie." Dat is een heel aardige weergave in de NBG, ik ga daar helemaal geen kritiek op leveren, en toch staat er net wat anders. Daar wil ik u graag op wijzen. Wat hij feitelijk schrijft is dit: dat gij u hebt laten afbrengen tot een heteros-evangelie dat geen allos is.

Zeg ik dat nou om interessant te doen, om te laten zien dat ik iets van het Grieks gesnoven heb? Nee, dat doe ik niet, maar ik zal u toelichten waar het hier om gaat. Het woordje heteros kennen we allemaal wel, denk aan 'hetero': iemand van het andere geslacht. Het woordje allos betekent ook 'anders', maar met dit cruciale verschil: wat Paulus hier zegt is dat zij zich hebben laten afbrengen tot een andersoortig evangelie, een heteros-evangelie, dat geen allos is. Dat wil zeggen: het is geen variant. Hij gebruikt hier twee keer een woord dat 'anders' betekent, maar heteros betekent een ander sóórt, terwijl allos niet een ander soort betekent, maar slechts een variant die verschillend is.

Ik zal een voorbeeld geven. Kijk, dit zijn twee heteros voertuigen. Het zijn allebei voertuigen, dat wel, maar het ene voertuig is een auto en het andere voertuig is een boot. Als ik over heteros en allos en zulke Griekse woorden ga spreken, dan haken sommige mensen meteen af. "Alsjeblieft," zeggen ze dan, "ik had vroeger met Nederlands al zoveel moeite, ga je me nu ook nog Grieks vertellen?" Nou, dat kan ik wel doen, maar dan moet ik dat toch in elk geval netjes uitleggen. Heteros is dit: een auto en een boot zijn totaal verschillende voertuigen.

Dit zijn daarentegen allos-voertuigen: een Peugeot 404 – één uit mijn tijd, zal ik maar zeggen – en een Peugeot 504. Mijn vader had vroeger ook zo'n Peugeot. Ik heb heel weinig kaas gegeten van automerken, maar dit weet ik dan nog. Het zijn inmiddels oldtimers. U ziet het verschil: dit zijn verschillende voertuigen, maar het zijn beide Peugeots, beide auto's. Het zijn slechts varianten op hetzelfde thema. Om nog een voorbeeld te geven: dit zijn heteros bloemen. Links ziet u narcissen en rechts ziet u rozen. Dat zijn twee totaal verschillende soorten bloemen. Dat is heteros. En dit zijn allos bloemen: links ziet u een bos witte rozen en rechts ziet u een bos rode rozen. Het zijn verschillende bloemen, maar het zijn slechts varianten op één thema. Dat is allos: een variant slechts. Niet andersoortig, maar van dezelfde soort, alleen een ander type. Om het nog even in autotermen te zeggen. Nou, van dat laatste zal ik u een tweetal voorbeelden geven.

De Bijbel Kent Meerdere Evangeliën (abraham, Besnijdenis en Voorhuid) ↑ hoofdstukken

Want de Bijbel kent namelijk allos evangeliën. Het evangelie aan de één is niet altijd hetzelfde als het evangelie dat gepredikt wordt aan een ander. Ik had het net al even over een goed bericht voor een blinde; dat is wat anders dan een goed bericht voor een gevangene. De één wordt vrijgelaten en de ander ontvangt het gezicht; de ogen worden geopend. Dat is verschillend. De Heer Jezus neemt in Nazareth het woord en Hij voegt daar trouwens aan toe: "Heden is dit schriftwoord voor uw ogen vervuld." Hij geeft daarmee aan dat Hij degene is die een goed bericht heeft voor de één, maar ook een goed bericht heeft voor de ander.

Blijvend bij de brief aan de Galaten lezen we in hoofdstuk 3 vers 8 dat Paulus schrijft: "De Schrift, die tevoren zag dat God de heidenen uit geloof rechtvaardigt, heeft tevoren aan Abraham het evangelie verkondigd." Ook hier staat trouwens weer letterlijk "geëvangeliseerd". En wat was dan dat goede bericht dat Abraham en trouwens ook zijn vrouw Sara te horen kregen? Wel, dat is: "In u", en later wordt er nog aan toegevoegd: "in u en in uw zaad zullen alle volkeren gezegend worden." Dat was het goede bericht dat aan Abraham ooit is doorgegeven. Is dat exact hetzelfde goede bericht dat wij hebben vernomen en dat ons samenbindt? Nee, dat is toch wat anders. Wat aan Abraham verteld werd — "In jouw zaad zullen alle geslachten van de aardbodem gezegend worden" — dat is niet het goede bericht dat wij hebben vernomen. Dat was het goede bericht dat Abraham ooit van Godswege te horen kreeg en waarbij hij bevestigd werd toen hij bij een gelegenheid naar buiten ging en naar de sterrenhemel keek: "Zo zal jouw nageslacht zijn, als het zand aan de oever van de zee." Dat was het goede bericht voor Abraham.

Ik zal u nog een voorbeeld geven dat nog wat sprekender is. In Galaten 2 lezen we een tekst waarbij ik met opzet uit de Statenvertaling citeer, want de NBG-vertaling heeft er hier echt een potje van gemaakt, als ik het zo mag zeggen. Helaas is het daar weggemoffeld, maar de Statenvertaling heeft het — ook al is het wat oud-Nederlands — correct weergegeven. Paulus schrijft daar over een bijeenkomst in Jeruzalem waarbij aan hem gevraagd werd welke boodschap hij onder de heidenen verkondigde. Hij zegt dan in de loop van dat betoog: "Maar daarentegen, als zij zagen dat aan mij het evangelie der voorhuid toebetrouwd was, gelijk aan Petrus dat der besnijdenis."

In de NBG-vertaling komt dit niet uit de verf. Daar hebben ze ervan gemaakt dat aan Paulus het evangelie aan de onbesnedenen was toevertrouwd en aan Petrus het evangelie aan de besnedenen. Dan wordt het zo weergegeven alsof het betekent dat Paulus hetzelfde evangelie verkondigde aan de heidenen (de voorhuid, waar de voorhuid niet was weggenomen, wat een Joodse manier van uitdrukken is) en dat Petrus dezelfde boodschap bracht, maar dan aan Israël, aan het besneden volk. Maar zo is het niet; dat staat er niet. Nee, er wordt gesproken over het evangelie van de voorhuid en het evangelie van de besnijdenis. Het waren verschillende boodschappen. Varianten, dat wil zeggen: het komt allemaal van één en dezelfde God, de God van de Schriften, de God van Abraham, Izak en Jakob. Maar Hij had een boodschap aan Paulus toevertrouwd en eerder al aan de twaalf, en dat was niet hetzelfde.

Dit is wat Paulus juist in Galaten 1 en 2 op een schitterende wijze uiteenzet. Hij formuleert dat al in hoofdstuk 1, waar hij zegt dat het evangelie dat hij verkondigt onder de heidenen niet naar de mens is. Hij heeft het niet van een mens ontvangen en hij heeft het ook niet gehoord van degenen die in Jeruzalem al eerder apostelen waren, van Petrus, Johannes en Jakobus. Nee, hij had het rechtstreeks van de Heer zelf. Buiten het land was hij geroepen met een aparte roeping, een aparte bediening en een aparte boodschap met een hele unieke, overtreffende glans. Daarvan zegt hij: dat is het evangelie van de voorhuid. Eigenlijk is dat een heidens evangelie, want dat is wat de voorhuid is: heidens, gewoon niet-Joods. Aan Petrus daarentegen, tezamen met de twaalf, was het evangelie van de besnijdenis gepredikt.

In het evangelie van de besnijdenis, dat aan Petrus en de andere twaalf was toevertrouwd, spelen rituelen een grote rol. De besnijdenis was een gebruik onder het volk, maar denk ook aan de waterdoop. De doop zoals Johannes die doopte was een heel belangrijk ritueel onder Israël, onder de besnijdenis. Rituelen hadden een grote plaats in het evangelie dat Petrus predikte. Niet eens zozeer als een last, maar gewoon omdat dit de gebruiken waren die Israël onderhield en die ooit van Godswege aan hen waren gegeven. Israël had haar hoogtijden: men vierde de wekelijkse sabbat, maar ook het Pesach, het Pinksterfeest, het Loofhuttenfeest en de Grote Verzoendag. Al die hoogtijden had men. Aan Israël was de eredienst gegeven, de besnijdenis en de woorden Gods. Soms waren er wel heidenen onder Israël, maar dat waren gasten; het volk waar God zich aan verbonden had, was het volk van Israël. Mensen die zich bij hen voegden en hun gebruiken overnamen, werden vreemdelingen in de poorten genoemd. De Bijbel kent er verschillende; als ik de naam Cornelius noem, dan weet u meteen waar ik het over heb. Dat was zo iemand, een gast aan tafel bij Israël.

In het evangelie van de besnijdenis speelt de openbaring van het Koninkrijk een grote rol. Kijk het maar na in het boek Handelingen. Daar lees je dat Petrus op de Pinksterdag en ook later aan het volk met groot vuur vertelt en hen aanspoort om zich om te keren en tot erkenning te komen van de Messias, de verrezen Heer, de Zoon van David. Er wordt vanuit de Schriften aangetoond dat Hij de Beloofde is door de profeten op wie Israël wachtte. En dan wordt er gezegd dat als Israël zou luisteren naar de stem van God en zich zou bekeren tot haar eigen Messias, de Zoon van David, dat de Messias dan ook uit de hemel zou terugkeren. U leest het in Handelingen 3 heel uitdrukkelijk; Petrus zegt dat daar zwart-op-wit. Dan zou de Messias terugkeren en zou het Koninkrijk hier op aarde gevestigd worden. De Messias zou terugkeren, Zijn troon vestigen in Jeruzalem en daarmee de troon van David herstellen. Hij was immers een Zoon van David. Zo zou het Koninkrijk in Israël gevestigd worden en vanaf Zijn troon zou Hij Zijn heerschappij vestigen over alle volkeren van de aarde. Het Koninkrijk zou openbaar worden. Dat was de prediking die Petrus aan de besnijdenis, aan Israël, voorhield.

Het is een boodschap in de eerste plaats en speciaal voor Israël: de besnijdenis. Het was ook een evangelie. Dat evangelie van de besnijdenis was tevoren geprofeteerd — dat is een pleonasme wat ik nu zeg, want profeteren doe je altijd tevoren; het is voorzeggen. Het was voorzegd in de Hebreeuwse Bijbel; bij de profeten vind je dit evangelie al, dat Petrus en zijn collega-apostelen aan Israël hebben verkondigd. Welnu, je vindt dat al terug bij de profeten en in de Schriften. Het was voorzegd.

En weet u, al die kenmerken die ik u hier geef van het evangelie van de besnijdenis, staan tegenover het evangelie van de voorhuid dat aan Paulus toevertrouwd was. Want bij Paulus' evangelie speelt de besnijdenis geen enkele rol, en rituelen sowieso niet. We zijn in Christus besneden en in Christus gedoopt. Ook speciale dagen, bijvoorbeeld de sabbat of andere hoogtijden, spelen in het evangelie van Paulus geen rol. Ook de plaats van de heidenen is totaal verschillend. In het evangelie van Paulus is het niet zo dat heidenen er ook 'bij mogen horen'. Nee, het is echt omgekeerd: het is Christus onder de natiën. Israël staat nu zelfs tijdelijk terzijde — tijdelijk, zeg ik hè? En nu gaat het heil naar de natiën. De heidenen zijn geen gasten, nee, ze zijn huisgenoten. In Efeze 2 leest u dat allemaal. Ik ga dat nu verder niet aantonen; het gaat me erom de dingen even te contrasteren en te vergelijken.

Het evangelie van de besnijdenis is van een andere orde dan dat evangelie van de voorhuid dat Paulus predikte. In het evangelie van de voorhuid dat Paulus predikte, gaat het niet om de openbaring van het Koninkrijk, maar juist om het feit dat het Koninkrijk zich — door Israëls ongeloof trouwens — zou verbergen. De Koning zou niet zichtbaar worden. Het gaat er ook helemaal niet om het Koninkrijk zichtbaar te maken in deze wereld; nee, dat speelt allemaal geen rol. De Koning is verborgen en wij zijn met Hem verborgen. Zo is het, en daar leven we uit. Het is voor alles verborgen. Trouwens, de boodschap die Paulus predikte, was ook in het Oude Testament niet bekend. Het was verborgen, niet geopenbaard. U ziet, ik heb het expres zo naast elkaar gezet. Dat zijn verschillen.

Het evangelie van de besnijdenis had Christus ooit gegeven aan de twaalven. Toen de boodschap van het evangelie niet gehoord en niet gehoorzaamd werd door Israël, toen riep Christus Jezus buiten het land een andere apostel, een dertiende, met een andere boodschap. Een variant, moet ik zeggen: een allos evangelie. Nou, dan gaan we nu weer even terug.

Het Gevaar van een Vermengd Evangelie ↑ hoofdstukken

Want wat lazen we daar? Het verbaast mij dat gij u zo schielijk van degene die u door de genade van Christus geroepen heeft, laat afbrengen tot een heteros evangelie, dat geen allos is. Het grote probleem in Galatië was dat men niet luisterde naar het evangelie dat ooit aan Abraham gepredikt was, of naar het evangelie der besnijdenis. Nee, weet u wat ze deden? Ze zetten de staafmixer op die boodschappen. Ze gingen de boel gewoon mixen: een beetje van het evangelie der besnijdenis en een beetje van het evangelie der voorhuid. Nogmaals, de staafmixer gaat erop en het is allemaal één geworden. Simpel, hè? Want anders moet je de dingen weer gaan onderscheiden, en dat is allemaal zo moeilijk.

Dat is wat daar gebeurde in Galatië. Men zei: "Ja, jullie zijn heidense mensen, maar jullie weten toch ook dat in het evangelie der besnijdenis..." Nee, zo hebben zij dat ongetwijfeld niet genoemd. Maar Petrus predikte aan Israël, en daar speelt de besnijdenis een rol, evenals de hoogtijden, de sabbatten en al die gebruiken van de wet. Dat heeft men gemixt. Dat wat ooit op zijn plaats was in het evangelie der besnijdenis, heeft men vervolgens van toepassing gebracht op het evangelie dat Paulus predikte. Maar Paulus had juist genade gepredikt, waarbij de wet en de rituelen geen rol speelden. En dat is een ander soort evangelie.

Er was niets mis met het evangelie dat ooit gepredikt werd door Petrus, helemaal niets. Het was een boodschap van Gods wegen. Maar het was voor een bepaalde tijd; toen bleek dat Israël niet luisterde, heeft God een andere apostel geroepen. Dat werd de boodschap waar men naar zou luisteren, en Paulus heeft dat gepredikt onder de natiën. Wat men daar in Galatië heeft gedaan, en wat die predikers, die Judaïsten deden, is in wezen de beide Bijbelse evangeliën mixen en vermengen. Daarvan zegt Paulus: "Dat is geen allos, dat is geen variant." Nee, dat is andersoortig; daarmee krijg je een totaal nieuw resultaat. Hij zegt dat dit geen evangelie is, maar een heteros evangelie.

Weet u wat bovendien het grote probleem is? Eigenlijk zien we het al in dat vers 6 uitgedrukt. Paulus zegt: "Het verbaast mij dat gij u zo schielijk van degene die u door de genade van Christus geroepen heeft, laat afbrengen." Met andere woorden: wat was het resultaat? De genade verdween. Weet u wat je dan krijgt? Paulus had in veelkleurigheid de genade Gods gepredikt. Daar hadden ze uit geleefd en daar waren ze blij om. Maar op een subtiele wijze werden deze mensen in Galatië van de genade afgebracht. Het ging er weer om allerlei dingen te doen en zich daaraan te onderwerpen.

U weet hoe dat gaat als je leeft onder de wet: dan ga je kijken naar jezelf of je wel voldoet. En als je het goed doet, dan frustreert het altijd, want dan blijkt namelijk dat je niet voldoet aan de maat. Dan schiet je tekort. En weet u wat er dan gebeurt? Juist, de genade verdwijnt. Ik zeg niet eens van de ene op de andere dag, maar ze verdwijnt. De Galaten hadden zich laten afbrengen van de genade, en van de vreugde in Christus van een werkelijk goed bericht was uiteindelijk niets meer over. Paulus zegt dat dit niet eens een evangelie is. Ik zie dat het inmiddels al tien voor half twaalf is, dus ik wil nog één ding eraan toevoegen.

Deelhebben aan het Evangelie (filippenzen 1) ↑ hoofdstukken

We gaan daarvoor naar Filippenzen 1. Daar wordt gesproken over deelhebben aan het evangelie. Het zijn maar wat overwegingen die ik u doorgeef. In de eerste plaats: wat is nou evangelie? Dat betekent: een goed bericht. Ik heb u ook laten zien dat de Bijbel verschillende goede berichten kent. Er bestaat ook een type evangelie dat helemaal geen evangelie is; daar hebben we het eerder over gehad.

Maar wat in de brieven van Paulus zo'n grote rol speelt, is dat we werkelijk een goed bericht kennen. Een boodschap van genade van een God die werkelijk van deze wereld houdt en een plan heeft met zijn schepping. In dat goede bericht staat niemand anders centraal dan Christus Jezus. Hij die zichzelf gaf, staat er in 1 Timotheüs 2, tot een losprijs voor allen. Aan het kruis van Golgotha hing iemand tot verlossing van het ganse mensdom. Hij heeft de prijs voor iedereen betaald. Dat is evangelie, dat is echt een goed bericht. Een God die om niet mensen roept en een boodschap waarbij klinkt, en waarbij ook bewezen wordt, dat Hij elk mens liefheeft en daar gaat brengen waar Zijn hart het wil hebben. Is dat evangelie of niet?

Waar het nu om gaat, is dat als dat evangelie geresoneerd heeft in het hart, er iets gebeurt. Wat gebeurt er met een blijde boodschap? Daar word je automatisch blij van. Als je het tenminste gelooft; anders haal je je schouders op. Er zijn ook mensen die er verschrikkelijk boos om worden. Dat gebeurt ook. Maar het is een goed bericht, een blijde boodschap.

Paulus heeft stad en land afgereisd en werelddelen bezocht, juist om dat geweldige goede bericht van die grote God en van die prijs die betaald is, te vertellen aan iedereen die het maar horen wil. Want dat is wat evangelie is: een bericht. En een bericht geef je door. Van de Filippiërs lezen we dat ze daar inderdaad in hebben gestaan. Ik wil een paar verzen voorlezen uit het begin van die brief, vers 3: "Ik dank mijn God, zo dikwijls ik uwer gedenk, immers, in al mijn gebeden bid ik telkens voor u allen met blijdschap." Blijdschap is een van de woorden die in deze brief ontzettend vaak terugkeren. Paulus was trouwens zelf een gevangene; hij had een hoop kopzorgen, maar hij liep over van vreugde. Dat is precies wat de boodschap in zich heeft: het maakt mensen blij. Hij zegt: "Ik dank voor u allen met blijdschap." Waarom? Hij voegt eraan toe in vers 5: "wegens uw deelhebben aan het evangelie, van de eerste dag af tot nu toe."

Wat is dat deelhebben aan het evangelie? In uw vertaling staat trouwens "wegens uw deelhebben aan de prediking van het evangelie", maar "de prediking van" staat er in de grondtekst eigenlijk niet eens. Dat zit er echter automatisch in. Een bericht is namelijk iets wat bericht wordt, wat verteld en doorgegeven wordt. Zij hadden deel aan het evangelie. Dat betekent dat het erin kwam. Een bericht hoor je eerst, en als het echt een goed bericht is, dan kun je dat niet voor jezelf houden. Dan gaat het weer uit. Dat is heel logisch. Paulus dankt zijn God voor hun deelhebben aan het evangelie; ze hadden het gehoord en het had de uitwerking die het normaal heeft. Een blijde boodschap maakt blij, het vult het hart. En wat gebeurt er? De mond loopt er van over. Dat is wat er met hen gebeurde vanaf de eerste dag.

In vers 27 sla ik een aantal verzen over, waar hij zegt: "Alleen, gedraagt u waardig het evangelie van Christus." Dat wil zeggen: het gaat erom dat ons leven de waarden vertegenwoordigt die het evangelie in zich heeft. Dat we een waardevol leven hebben. Zo waardevol als het evangelie is, zo waardig en waardevol zou ons leven moeten zijn. Dat ons leven één en al rijkdom is. Want dat is wat waarde betekent. Mensen denken bij een waardige wandel vaak aan iets plechtigs, deftigs of vrooms. Kijk uit met dat soort woorden; neem het gewoon zoals het staat. Een waardige wandel betekent gewoon een wandel die waarde heeft. Welke waarde? De waarde van de blijde boodschap die in het evangelie gezien wordt. Paulus attendeert de Filippiërs daarop, al was dat niet zo moeilijk, want ze lééfden eruit. "Opdat, hetzij ik kom en u zie, hetzij ik afwezig blijf..." Nou, Paulus is nu afwezig, dus wij kunnen die laatste woorden in onze zak steken: "...ik van u moge horen, dat gij vaststaat in één geest, één van ziel medestrijdende voor het geloof van het evangelie."

Vaststaan in het evangelie. Hij spreekt dan ook over "medestrijdende". Want Paulus streed. Dat is eigenlijk vreemd. Waarom strijd? Een goed bericht vertel je toch gewoon en dat maakt toch blij? Dat is waar, maar wat gebeurt er als andere mensen het gaan bestrijden? Dan krijg je strijd. Jij kunt het niet voor je houden, maar anderen geloven het niet of nemen er zelfs aanstoot aan. Door die bestrijding zit je ongewild midden in de strijd. Daarom is het doorgeven van het evangelie in de praktijk gewoon strijd. Paulus voegt er in vers 28 aan toe: "zonder dat gij u in enig opzicht door de tegenstanders laat beangstigen." Het is heel begrijpelijk dat mensen zeggen: "Laat ik het maar voor me houden, want het is niet overal welkom." Het is een goed bericht, je eist ook niets. Veel evangelisatie zegt: "Je moet eerst dit of dat doen", maar dat is niet het Bijbelse evangelie. Dat vraagt helemaal niets van een mens; het biedt alleen maar aan en vertelt wie God is, namelijk jouw Redder, of je het nu gelooft of niet. Maar vertel het maar eens; je zult merken dat er tegenstanders zijn. Paulus zegt: "Laat je niet beangstigen, vertel gewoon." Het kan zijn dat je het door vijanden te verduren krijgt, maar wordt het bericht daardoor minder? Nee, in tegendeel. Het wordt alleen maar mooier. Hoe meer je deelt, hoe rijker het is. Er zijn namelijk ook velen die het nooit hebben gehoord en die snakken naar werkelijk een goed bericht.

Ik moet het hier bijna bij laten, want hij zegt: "Want aan u is de genade verleend voor Christus, niet alleen in Hem te geloven, maar ook voor Hem te lijden." Mooi hè, zoals dat er staat? Het is een genade als je in Hem mag geloven. Weet u waarom? Als je het gelooft, dan heeft Hij jouw ogen, oren en hart daarvoor geopend. Het is puur genade als je dat mag zien. Een heleboel mensen denken in termen van: "Ik heb ervoor gekozen, dat is mijn prestatie." Ik wijs u dan graag op Filippenzen 1 vers 29: het is een genade. "Aan u is de genade verleend voor Christus, niet alleen in Hem te geloven, maar ook voor Hem te lijden." Hoezo lijden? Ik had het er net over: het is een goed bericht, het is genade. Maar vertel het maar; dan zul je erachter komen dat het tegenstand oplevert. En dat is lijden. Maar dat is ook genade. Want wat blijkt — en Paulus laat dat op zoveel plaatsen zien — de vreugde wordt er alleen maar groter door. Dat is echt waar. Daarom is het een genade om in Hem te geloven, maar ook om voor Hem te lijden. Dat wil zeggen: het uit te spreken en door te geven, ongeacht de tegenstand.

Afsluitend Dankgebed ↑ hoofdstukken

Oké, ik stel voor dat we met elkaar nog onze hemelse Vader danken.

Trouwe God en Vader, we danken U dat U ons hier bijeenbracht. Dat we hier in de gelegenheid zijn om Uw Woord te openen en dat we liederen zingen ter ere van U, liederen die spreken van dat geweldige Woord en van dat geweldige goed dat U ons hebt toevertrouwd. Heer, we danken U dat we onze oren te luisteren mogen leggen bij die boodschap die U ooit via de apostel Paulus neerlegde in zijn brieven, in zijn prediking, en de heidenwereld bekendmaakte met die onnaspeurlijke rijkdom van Christus.

Een boodschap van louter genade. Een boodschap die ons wijst op de God die werkelijk God is. Bij wie nooit iets misgaat en wiens sterke hand ook nooit mistast. Die bereikt dat wat Hem voor ogen staat en die houdt van Zijn schepping, die nooit laat varen de werken Zijner handen. Heer, we danken U dat we ons mogen laven en mogen rusten bij zo'n geweldige boodschap van een God die werkelijk blijdschap geeft. Een geweldige toekomst schildert U ons voor ogen, omdat U zeker bent van de afloop en de uitkomst. En dat U van tevoren spreekt wat er zal gebeuren en dat nooit bij U iets bij verrassing plaatsvindt of dat U Zich vergist.

Heer, we danken U dat het solide en vast is wat er gaat gebeuren. Wat U sprak in het verleden is vervuld, en zo zeker mogen we ook zijn van de toekomst. Heer, we danken U dat dat de bodem is waarop we staan, de solide ondergrond die als fundament aan ons gegeven is. En Heer, we danken U dat we ons zo ook bij Uw trouw mogen aanbevelen en dat we zo ook, niet alleen individueel maar ook met elkaar als geloofsgemeenschap, mogen staan op dat fundament, in dat evangelie. Het mogen horen, zo ook verblijd worden en het zo ook mogen doorgeven aan wie het maar horen wil.

Heer, we danken U zo voor alles, voor deze stralende dag. En Heer, dat Uw licht en Uw genade en Uw vreugde op ons straalt en dat dat vervolgens ook weer van ons mag afstralen, zodat we een getuigenis en een licht in deze wereld mogen zijn. Zo bevelen we ons bij U aan in de wetenschap dat U bij machte bent zoveel meer te doen dan wij bidden of beseffen. Amen.

🎧 Hoezo Evangelie?
Delen: