GoedBericht.nl logo
UltimateGoodNews

De Aionen In Zijn Hand

11-08-2013 - Geplaatst door Andre Piet
Presentatie van de GoedBericht-samenkomst gehouden op 11 augustus 2013 in Zoetermeer.

De Bijbel spreekt over de tegenwoordige aion. Maar ook van de aionen die voor ons waren en eveneens over de toekomende aionen. Vijf aionen in totaal kunnen we in de Bijbel onderscheiden. En GOD heeft deze “aionische tijden” in zijn hand. Met recht! Op de vingers van onze ene hand worden ze in deze bijeenkomst nagesteld. Handig… maar vooral geweldig dat ze hun voleinding vinden in de vijfde “aion der aionen”.
Bij GOD loopt nooit iets uit de hand!

Powered by RedCircle

📝 Samenvatting & Transcriptie van deze lezing

Samenvatting van deze toespraak

Deze studie behandelt het Bijbelse concept van de 'aionen' (wereldtijdperken) en stelt dat het gangbare theologische idee van een eindeloze 'eeuwigheid' niet overeenkomt met de grondtekst. God werkt Zijn plan uit door vijf afzonderlijke wereldtijdperken, vanaf de oorspronkelijke schepping tot aan de laatste aion waarin Hij de dood teniet zal doen en alles in allen zal zijn. Het besef dat deze onmetelijke wereldtijden, net als onze persoonlijke levensdagen, volledig in Gods hand liggen, relativeert de tijdelijke verdrukkingen van het heden. Uiteindelijk zal blijken dat God als een goddelijke alchemist alle kwade dingen, met het kruis als absoluut middelpunt, ten goede heeft gedacht.

“De Bijbel kent geen tegenstelling tussen tijd en eeuwigheid; de Bijbel spreekt juist over aionische tijden.”

Inleiding: het Misverstand Rondom het Begrip Eeuwigheid ↑ hoofdstukken

De studie van vanmorgen – als je het een studie mag noemen, maar ik praat toch wel een beetje in die termen, want we gaan echt de Bijbel onderzoeken – is min of meer een vervolg op de studie die ik de vorige keer heb gegeven. Ik gaf het al even eerder in die sfeer aan. Toen hadden we het over 'de aionen in Efeze'. Een wat merkwaardige titel, maar als u er meer over wilt weten, dan moet u hem nog eens nabeluisteren. Het staat op het internet en u kunt het daar downloaden vanaf de website goedbericht.nl. Ik kan daar nu niet te veel aan refereren. Ik zie dat er nogal wat mensen zijn die hier voor het eerst zijn of in elk geval de vorige keer er niet bij waren, en dan is het een beetje lastig om iedere keer daarnaar te verwijzen. Maar het is misschien toch wel even handig – mooi woord in dit verband – om de essentie van die studie kort samen te vatten. Dan hoef ik daar in het vervolg niet meer naar te verwijzen.

De vorige keer hebben we gesproken over wat aionen eigenlijk voor dingen zijn. In bijbelvertalingen kom je ze niet tegen. Dat wil zeggen: in de reguliere, gebruikelijke bijbelvertalingen zijn aionen – ik zeg het wat onaangenaam misschien, en zo bedoel ik het eigenlijk ook – weggetaald. Men heeft dat weergegeven in hoofdzaak met twee andere begrippen, namelijk met 'eeuw', in de zin van een wereldtijdperk, en men heeft het weergegeven met 'eeuwigheid'. De vorige keer heb ik naar mijn eigen mening duidelijk laten zien – maar dat is uiteraard aan u om te beoordelen – dat die beide begrippen ver tegenover elkaar liggen en zelfs haaks op elkaar staan. Een eeuw is een beperkte tijd en een eeuwigheid is eindeloos.

Wel, wat ik heb laten zien, is dat je dat woordje 'eeuwigheid' gewoon uit je denken zou moeten schrappen. Dat kent de Bijbel niet, althans niet in die zin. Wel eindeloosheid, maar de Bijbel spreekt over aionen: wereldtijdperken. Alleen al aan de hand van een klein briefje, de Efezebrief met zijn zes hoofdstukken, heb ik dit thema besproken en gekeken hoe vaak dat een rol speelt. De aionen, de wereldtijdperken die achter ons liggen, de huidige wereldtijd en de wereldtijdperken die nog te gaan zijn; dat alles komt in de Bijbel ter sprake. Maar zoals ik al zei: als je dat gewoon in je bijbeltje leest, in de gewone vertalingen, kom je daar niet achter. Daarom denk ik dat we alle reden hebben om dat van tijd tot tijd eens aan de orde te stellen.

Dit zijn buitengewoon belangrijke dingen. Temeer – en dat is een heel belangrijk motief – omdat het niet zomaar een hobby, stokpaardje of niche is om daarover te spreken. Het is heel essentieel, omdat in de verkondiging, in het Evangelie, het woord 'aion' een hele grote rol speelt. Denk maar aan de bekendste teksten uit de Bijbel – ik denk niet dat ik te veel zeg als ik dat zo noem. Waar zal ik op doelen? Johannes 3 vers 16, ja. 'Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een ieder die in Hem gelooft, niet verloren ga, maar eeuwig leven hebbe.' Dat woordje 'eeuwig leven' is dit woord, of de bijvoeglijke vorm ervan: aionisch leven. Ik geef toe, je moet er even aan wennen, maar ja, aan zoveel dingen in het leven moet je wennen. Dat is namelijk wat er staat: aionisch leven. Een leven in verband met die aion.

Kijk, als je het idee hebt zoals de gemiddelde christen dat heeft bij eeuwig leven: dat is het leven dat nooit meer eindigt. Nou zou ik daar op zich niet zo'n probleem mee hebben, want ik ken dat leven. Als je de essentie van de Bijbelse boodschap verstaat, dan weet je van eindeloos leven. Leven dat onvergankelijk is, waar geen einde aan komt. Dat is namelijk het leven dat tweeduizend jaar geleden aan het licht kwam toen Jezus Christus opstond uit de doden. Toen de steen werd weggewenteld, stond Hij op ten leven, om vervolgens ook nooit meer te sterven. Dat is dus echt eindeloos leven. Maar dat is wat anders dan 'eeuwig' leven.

Bij eindeloos leven is die opvatting nog wel te doen, ook al is het strikt genomen niet juist. Maar nu ga ik u iets anders vertellen. Men zegt altijd: je hebt eeuwig leven en daar verstaat men dan eindeloos leven onder, maar je hebt ook 'eeuwige straf'. Nu wordt het echt problematisch. Want als dat betekent wat men er algemeen onder verstaat – eeuwig oordeel, er zijn meer van dat soort termen – dan betekent het dat er een straf is waar nooit meer een einde aan komt. Een oordeel waar nooit meer een einde aan komt. Zo speelt het woordje 'eeuwigheid' via die weg een enorme rol in de verkondiging. Ik ben opgegroeid in een reformatorisch milieu en daar was de standaarduitspraak – niet direct aan de Bijbel ontleend, maar we begrijpen het idee: het is 'eeuwig wel of eeuwig wee'. Dat wil zeggen: het is eindeloos goed of het is eindeloos niet goed. En als ik zeg niet goed, dan bedoel ik ook echt niet goed: de hel, de verdoemenis. Sorry dat ik deze dingen ter sprake breng, maar dat is gewoon de wijze waarop het gepresenteerd werd. Dat is het hele idee.

Maar ik ben nog steeds bezig met de samenvatting van de vorige keer. Als 'eeuwig' inderdaad te maken heeft met 'aion' – en dat is gewoon een vaststelling, dat is de weergave van een wereldtijdperk – dan klopt die interpretatie, die algemene gedachte of dat volksidee niet. Dat kan niet. Dan heeft eeuwig leven te maken met het leven van een bepaalde aion, een eeuw. Net zo goed als het oordeel of het gericht te maken heeft met een tijdperk. Dan krijg je ineens een totaal ander zicht op dat hele concept van de aionen. God heeft – we hebben dat trouwens aan de hand van Efeze 3 gezien – een plan van aionen. Niet wat men ervan gemaakt heeft in de NBG-vertaling: 'een eeuwig voornemen'. Nee, God heeft geen 'eeuwig voornemen', Hij heeft een voornemen of een plan der aionen. Dat hebben we de vorige keer vastgesteld en aan de hand van dat kleine briefje laten zien.

De Aionen in Zijn Hand: Ons Leven in het Juiste Perspectief ↑ hoofdstukken

Nu wil ik het iets anders benaderen, namelijk: de aionen in Zijn hand. Waarom die beeldspraak? Ik geef direct toe dat dit overigens geen Bijbelse uitdrukking is, maar ik zal de titel uiteraard gaan toelichten. De titel is overigens wel aan een Bijbelvers ontleend, zij het een wat vrije weergave. Laten we daar eens op ingaan. Psalm 31 is een bekende psalm — tenminste voor heel wat gelovigen — en ik vind dat volkomen terecht; het is een schitterend woord. David zegt in die psalm: "Mijn tijden zijn in Uw hand." Als je daar even over nadenkt, dan word je daar heel klein van. Ik ben zelf maar een klein schepseltje, net als u en wij allemaal. Als je dat ruimtelijk bekijkt, stellen we volstrekt niets voor; het is een kwestie van perspectief.

Als je met je neus op de dingen zit, dan lijken dingen groot, maar neem een beetje afstand en dan zijn we zo volstrekt nietig. Ook dat is een Bijbels gegeven; denk aan de woorden van Jesaja. Ik heb het van de week nog ergens voorgelezen: Jesaja 40. Al die miljarden mensen worden daar als volgt beschreven: "Zie, volkeren zijn geacht als een stofje aan de weegschaal, als een druppel aan de emmer." Dat zijn de volkeren voor God. Maar bekijk het ook in de tijd. Onze tijden — hoeveel tijd is ons hier gegeven? Een mensentijd. De dingen die in mijn leven, in uw leven of in jouw leven gebeuren, die vinden plaats in onze tijden. Welnu, die tijden zijn in Zijn hand. Er zou een Bijbelstudie op zich voor nodig zijn om daar allerlei andere Schriftplaatsen voor aan te voeren.

Wij denken vaak dat wanneer we maar bezorgd zijn, we iets aan die tijden kunnen toevoegen. Lees de Bergrede er maar eens op na. Denk je werkelijk dat je door je zorgen te maken, door je 'kippig' te maken zoals we dat wel zeggen, ook maar één el aan je levenslengte kunt toevoegen? Het is zo betrekkelijk. Je kunt allerlei plannen maken, maar zoals het gezegde luidt: de mens wikt, maar God beschikt. Er kan soms zomaar een streep doorheen getrokken worden.

Ik weet niet hoe het u vergaat, maar juist de laatste weken zijn wij — Peter en ik bij ons thuis — er heel erg bij bepaald dat een mens zo nietig is. In het leven van mensen die je goed kent, kan zomaar een complete streep getrokken worden en dan gaat het ineens compleet anders. Al je plannenmakerij blijkt dan volstrekt zinloos te zijn. Dat zeg ik misschien wat onaardig, alsof je geen plannen zou mogen maken. Nee, het gaat erom: een mens wikt, maar Er is Eén die beschikt. Mijn tijden... ik heb een aantal decennia gekregen, sommige mensen nog korter. Laat de mens hier tachtig, negentig, honderd jaar of nog iets langer leven; mijn tijden zijn in Uw hand. Hij is het die dat beschikt. Het woord 'God' heeft daar ook alles mee te maken. Zowel in het Hebreeuws als in het Grieks heeft dat te maken met de Beschikker, Degene die alles een plaats toewijst. Mijn tijden zijn in Uw hand. En die tijden... ach, die stellen op zichzelf niet zoveel voor.

Tijdelijke Verdrukking Versus een Aionisch Gewicht van Heerlijkheid ↑ hoofdstukken

Laten we eens naar 2 Korinthe 4 gaan. Daar schrijft Paulus dit in vers 17. Ik moet eventjes de achtergrond daarvan aangeven: Paulus heeft het daar over de verdrukkingen die hij onderging. Hij was een heraut van het evangelie en hij stuitte overal waar hij kwam op enorm veel weerstand en verdrukking. Maar dan plaatst Paulus het in dit gedeelte zo schitterend in perspectief. Hij zegt, ondanks het feit dat hij juist zware verdrukkingen onderging, dat het ineens heel anders wordt als je even afstand neemt en het in het juiste perspectief plaatst.

Dan gaat hij het zo zeggen: want de lichte last van de verdrukking was voor hemzelf loodzwaar, maar afgezet tegen dat waar het werkelijk om gaat, blijkt het een lichte last. Hij gaat het ook toelichten. Hij zegt: de lichte last van de verdrukking van een ogenblik. Ja, dat kan jaren duren, dat was voor Paulus ook zo. Maar hij zegt: het is maar een ogenblik. Het is bovendien een lichte last. Hoe kan hij dat zo noemen? Hoe kun je een loodzware last die zo lang duurt een lichte last noemen van een ogenblik?

Wel, hij zegt dat dit voor ons een alles verder te boven gaand gewicht bewerkt. Het zijn in het Grieks – trouwens in het Nederlands ook – allerlei superlatieven op elkaar gestapeld: "een alles verder te boven gaand eeuw-ig gewicht van heerlijkheid". Ik heb mezelf aangewend dat iedere keer als ik in de Bijbelvertaling het woord 'eeuwig' lees, ik een streepje zet tussen 'eeuw' en 'ig'. Waarom? Niet om interessant te doen, maar om aan te geven dat het te maken heeft met een 'eeuw'. Als je het zo leest, heb je ook helemaal geen moeite meer met het woordje 'eeuwig'. Maar bedenk dan wel: dat heeft te maken met 'aion'. Die lichte last van de verdrukking van een ogenblik, die bewerkt voor ons een alles verder te boven gaand eeuw-ig of aionisch gewicht van heerlijkheid.

Ik ga even verder: "daar wij niet zien op het zichtbare, maar op het onzichtbare." Dat klinkt wat tegenstrijdig. Hoe kun je nou zien op het onzichtbare? Ja, dat kan wel. Van Mozes lees ik trouwens ook: "ziende de onzienlijke." Dat is geloofslogica, zeg maar. Daarbij niet zien, daar niet op letten, daar niet op focussen op het zichtbare, maar op het onzichtbare. En nu komt het: "want het zichtbare is tijdelijk, maar het onzichtbare is eeuw-ig, aionisch."

Waar gaat het hier over? Kijk, wat Paulus hier zegt is: als ik die verdrukking waar ik mee te maken heb – van jaren misschien – in het licht plaats van de aionen, die wereldtijdperken, ook de wereldtijdperken die nog gaan komen, die heerlijkheid die over ons geopenbaard gaat worden, dan is dit slechts een lichte last en bovendien een ogenblik. Kijk, Einstein zei in de vorige eeuw al – hij is er beroemd om geworden: alles is relatief. Hij bedoelde dat echt heel natuurkundig, maar het is waar. Als je zegt dat iets licht is of zwaar, of kort of lang, ja, ten opzichte van wat? Is vijf minuten lang of kort? Nou, dat hangt ervan af. Vijf minuten kan erg lang zijn hoor. Dat hangt ervan af, ja. Als iets hangt, zeker... dat bedoel je toch? Dan kunnen vijf minuten heel lang zijn. Of bij de tandarts, dan kunnen vijf minuten erg lang duren. Maar ook een vakantie is zelfs na twee weken erg kort. Je zou dit natuurlijk met vele voorbeelden kunnen vermenigvuldigen, maar het idee is dit: als je spreekt over licht, dan is dat iets ten opzichte van iets anders. Of het is kort ten opzichte van iets anders. Wel, dit leven hier, die decennia die we hier kennen, is slechts een ogenblik.

Hier staat trouwens – ik heb het woordje 'tijdelijk' even onderstreept. Waarom ik dat er even bij haal, wordt vanzelf straks ook duidelijk. In het Grieks is dat het woordje 'pros-kairos'. Het is eigenlijk één woord en 'pros' is een voorzetsel dat 'voor' betekent en 'kairos' is 'gelegenheid'. Voor de gelegenheid. Het begrip 'tijdelijk' is prima, als je maar niet denkt aan tijd, aan 'chronos'. Kijk, het zichtbare wat we hier hebben, dat is maar voor de gelegenheid. Ditzelfde Griekse woord komt een stuk of drie, vier keer voor in het Nieuwe Testament en elders wordt het weergegeven met ook weer 'voor een ogenblik'. Je leest bijvoorbeeld in de gelijkenis in Mattheüs 13 van iemand die het woord hoort en daar blij mee is, maar dan staat er: het was maar voor het ogenblik. Tijdelijk. Hij was iemand van het ogenblik. Het zichtbare is slechts voor de gelegenheid en gaat weer voorbij.

Maar dat wat we niet zien, maar waar Paulus juist op gefocust is, wat niet gewoon zomaar waarneembaar is voor onze ogen, waar je normaal gesproken niet bij stil zou staan, dat is aionisch. Het heeft te maken met de wereldtijdperken. Dat is zo enorm groot. Wel, Paulus plaatst gewoon dit kleine, nietige, korte leven even in het perspectief van de aionen, de wereldtijdperken. En dan is... ja, wat is dat nou? Kijk, dan krijg je dit: die tijden die wij hier kennen ten opzichte van de aionische tijden, de tijden van de aionen... ach, het is slechts een zandkorreltje aan een strand. Meer niet.

En we denken, gefocust als we zijn op dit leven hier... Je leest ergens in de Psalmen – Psalm 17 meen ik – dat er wordt gesproken over de mannen wiens deel in dit leven is, die denken dat dit alles is. Hoe kortzichtig! Als je eenmaal zicht krijgt op die aionen, op de God van de aionen, dan ga je de dingen met recht relativeren. Dat wil zeggen: in relatie brengen tot de dingen waar het echt om gaat. Dan wordt het zo betrekkelijk. Dat is niet abstract hoor, dit is heel praktisch. Want het gaat er namelijk ook om dat je daarmee de verdrukking en de moeite van dit leven ook kunt relativeren. Nou, dat lijkt me erg praktisch. Als je dat kunt, als je het zicht hebt, het besef van wat dit korte leven is in het licht van de aionen. Paulus doet dat. En nu heb ik een uitdrukking gebruikt...

Gods Feilloze Voornemen Vóór de Aionische Tijden ↑ hoofdstukken

De aionische tijden. Daar wil ik vanmorgen op ingaan, want die uitdrukking, 'aionische tijden', komen we in het Nieuwe Testament drie keer tegen. U ziet het hier op het scherm: Romeinen 16, 2 Timotheüs 1 en Titus 1. Als u de Statenvertaling heeft, dan wordt dat weergegeven met 'de tijden der eeuwen' of, zo u wilt, 'de tijden van de aionen'. Dat komt in de praktijk op hetzelfde neer.

Maar daar moet je toch eens bij stilstaan. Wat men algemeen onder christenen vertelt, is dat er een verschil is tussen tijd en eeuwigheid. Tijd versus eeuwigheid. Echter, op het moment dat je de Schrift opent, valt die tegenstelling weg. De Bijbel kent geen tegenstelling tussen tijd en eeuwigheid; de Bijbel spreekt juist over aionische tijden. We kennen het woord 'tijd' wel, dat te maken heeft met het Griekse woordje chronos. We kennen het allemaal: chronologie, of iets dat chronisch is, waarmee we 'langdurig' bedoelen. En dan heb je ook het woordje 'eeuwen', en dat is dus aion. Men zegt altijd dat de Bijbel een verschil of zelfs een tegenstelling maakt tussen tijd en eeuwigheid, maar ik zeg: het tegendeel is waar. De Bijbel spreekt over aionische tijden, of zo u wilt, tijden van de aionen. Het is belangrijk om dat te zien.

De Bijbel spreekt over aionische tijden, meervoud dus. Ik zei al dat er drie verschillende schriftplaatsen zijn en ik wil er één even uitlichten. De tijd ontbreekt me om die andere schriftplaatsen ook uitgebreid te noemen, maar we gaan naar 2 Timotheüs 1. Ik wil u straks ook een kort overzicht geven van die aionische tijden, zodat we een soort helikopterview krijgen over deze tijdperken. We nemen even afstand van onze 'miserige' tijden, van dat kleine, onogelijkheid van ons eigen mensenleven. We gaan het eens enorm uitvergroten.

Ik heb vorige week nog een prachtige film zitten kijken die ging over wat de aarde is in het grote heelal, in die enorme uitgestrekte ruimte. Op een prachtige manier werd dat gepresenteerd. U kent dat wellicht: er wordt steeds verder uitgezoomd. Je ziet bijvoorbeeld een foto van een grasveld en dan ga je uitzoomen. Het wordt steeds kleiner en kleiner, en hoe hoger je komt, op een gegeven ogenblik zie je dat grasveld helemaal niet meer en zie je zelfs de aarde niet meer. Het hangt er maar net vanaf hoever je uitzoomt. Dat doen we nu ook, niet ten opzichte van de ruimte, maar ten opzichte van de tijd. We verlaten even onze eigen tijden, de decennia die ons hier gegeven zijn, en we gaan het plaatsen in het grote perspectief van de wereldtijden: de aionische tijden.

In 2 Timotheüs 1 staat een schitterend woord. Paulus zegt daar: God, die ons redt en roept met een heilige roeping. Het staat in een aoristvorm; er wordt gewoon een feit gesteld. Hij, God, redt. God roept ook met een heilige, dat wil zeggen een speciale, afgezonderde roeping. En er staat bij: niet naar onze werken – misschien is het wel uit verdienste – maar naar Zijn eigen voornemen. God heeft een plan. Er staat bij: "en de genade die ons in Christus Jezus gegeven is vóór aionische tijden". In de Statenvertaling staat hier "vóór de tijden der eeuwen".

Dat 'vóór' is boeiend. Dat betekent dus dat de aionen, die aionische tijden, een aanvang hebben. En voordat die wereldtijden een begin hadden, had God een plan. De vorige keer hebben we dat ook even aangestipt met dat begrip 'het voornemen der aionen'. God heeft een voornemen en dat staat volkomen los van onze werken.

Op de weg hiernaartoe hadden we in de auto nog even een gesprek over hoe oneerlijk het leven kan zijn. Het ging over het leed dat de één te verstouwen krijgt ten opzichte van het leed dat een ander te dragen krijgt. Waar je trouwens erg mee uit moet kijken, want een ander heeft daar nooit echt volledig zicht op. Maar dat even terzijde. Waar het om gaat is dat het geen kwestie is van verdienste. Waarom krijgt de één dit allemaal op zijn bordje en krijgt de ander een heel andere levensweg? Hebben we ook maar iets te zeggen over waar we geboren worden, wanneer we geboren worden of hoe we geboren worden? Ik bedoel: in welke context en met wat voor kwaliteiten of talenten? Bij alle dingen die er wezenlijk toe doen, is de mens volstrekt een toeschouwer. Je staat erbij en je kijkt ernaar, maar je hebt er geen aandeel in. In het Engels zeggen ze: the best things in life are free. Maar niet alleen de beste dingen, alle belangrijke dingen krijg je. Ja, of je krijgt ze niet. En wie zijn wij dan om God daarin tegen te spreken?

Als we de Bijbel openen, dan treffen we daar een God die een plan heeft en die niet opereert of werkt naar onze werken of onze verdiensten. Sterker nog, Hij had dat plan al klaar voordat die aionische tijden een aanvang hadden. Daar moet u eens goed bij stilstaan. God heeft een plan, een voornemen. Er staat hier zelfs dat alle zegeningen die ons in Christus Jezus – Hij die opgestaan is uit de doden – ten deel gevallen zijn, ons reeds toen gegeven zijn. Als je gelovig mag zijn, dan komt dat omdat Hij jou geroepen heeft. Dat is geen verdienste. Nee, vóór aionische tijden stond dat al vast. Niet naar onze werken; dat is een geschenk, mensen.

Ik weet dat in grote delen van de christenheid, met name als je evangelisch bent, men zegt: "ik heb voor Jezus gekozen". Maar als je dan 2 Timotheüs 1 vers 9 daarnaast legt, wat een gekkigheid denk je dan? Vóór aionische tijden was daar een God die redt en roept, en die niet naar onze werken, maar naar Zijn eigen voornemen ons al in Christus Jezus dingen gegeven heeft, namelijk al die genade en meer. Vóór aionische tijden, voordat de wereldtijden begonnen waren, voordat de schepping er was, lag dat al vast. Wie zijn wij om God ter verantwoording te roepen?

Ik weet dat veel mensen daar moeite mee hebben, maar dat komt ook omdat ze dat plan van de aionen niet kennen. En vooral omdat ze niet weten dat de God die dat plan heeft, het beste voorheeft met al Zijn schepselen. Als je dat niet weet en daar geen vertrouwen in kunt hebben, dan denk je hier liever niet over na. Met als gevolg dat je jezelf op een voetstuk moet gaan plaatsen en denkt dat jij het allemaal moet doen. Nou, ik ben blij dat het allemaal niet van ons afhangt, maar van deze God die redt en die roept, op Zijn tijd en op Zijn wijze.

Hij laat zich trouwens niet ter verantwoording roepen, hoezeer we dat ook zouden willen. We zouden moeten beseffen dat we klei zijn. Mensen zeggen weleens: "Maar een mens is toch geen robot?" Waarop een Amerikaanse broeder zei: "Beste meneer of mevrouw, hoezo robot? Het is nog veel erger: u bent gewoon klei." Hij kneedt dat, en soms drukt Hij het weer in. Maar Hij heeft geen prullenbak trouwens, die God. Hij maakt er altijd weer iets van. Al drukt Hij het weer in, dan maakt Hij uit datzelfde stuk klei, uit diezelfde klomp, weer iets nieuws. Dat is de Schepper. Dat is de grote Pottenbakker. En Hij maakt er geen potje van, dat kan ik u vertellen. Hij maakt alles perfect, op Zijn tijd en op Zijn wijze. Dat staat ook in Prediker: Hij heeft alles voortreffelijk gemaakt op zijn tijd. Hier wordt dus gesproken over 'vóór de aionische tijden'. Ik zal u trouwens nog een schriftplaats laten zien.

Waar dat zelden gezegd wordt. Ook daar wordt dat wegvertaald, maar goed, daarom komen we bij elkaar om daar eens goed de vinger bij te leggen.

Daar schrijft Paulus dit; we vallen midden in het verhaal en dan zegt hij: "Maar wat wij spreken als een verborgenheid", dat wil zeggen als een geheimenis wat hem bekendgemaakt was, dat is de verborgen wijsheid van God. Die ligt niet op straat. Die hoor je niet in het journaal en die kom je niet tegen in het grote nieuws. Nee, het is verborgen.

Maar het is de verborgen wijsheid van God en daar gaat het me nu even om: "...die God reeds", en dat staat er in de NBG-vertaling, "van eeuwigheid af voorbeschikt heeft". Nou, dat "van eeuwigheid" heb ik doorgekrast, want dat staat er echt niet. In de eerste plaats staat er geen "van", maar "vóór". Bovendien staat er geen enkelvoud, maar meervoud. En bovendien staat er een bepaald lidwoord bij. Kortom, de vertaling deugt van geen kant.

Waarom? Ja, dat klinkt wat houten, misschien arrogant, maar dat is gewoon een kwestie van waarnemen. Er staat: "vóór de aionen". Maar waarom heeft men ervan gemaakt: "van eeuwigheid af"? Omdat men dacht: nou ja, dat betekent in de praktijk hetzelfde. Ja, dank je de koekoek! Als de Bijbel, als God zulke woorden gebruikt, dan doet Hij dat niet voor niets.

De aionen hebben een begin en hier hebben we ook een einde. Aionische tijden. We zagen al eerder in de voorgaande schriftplaats dat er gesproken wordt over "vóór-aionische tijden". Hier zien we in wezen dezelfde gedachte, namelijk dat God dingen voorbeschikt. Hij beschikt de dingen tevoren, want Hij heeft een plan: vóór de aionen. Goed.

Overzicht van Gods Plan: de Eerste Twee Aionen ↑ hoofdstukken

Nou, ik wil nu even een overzicht geven. Want wat je krijgt, is wat de Bijbel onderscheidt. Aan de ene kant — en ik geef alleen maar even de verwijsplaatsen erbij, ik had er meer kunnen noemen, maar we gaan ze eventjes stellen op de vingers van één hand. Er was een reclameslogan: "Wie tot tien kan tellen, kan de hele wereld bellen." Maar wij houden het vandaag nog simpeler: aan één hand heb je genoeg. We gaan gewoon eens even tellen wat de Schrift onderscheidt.

De Bijbel spreekt over "de aionen die geweest zijn". Dat is een letterlijk citaat dat ook in de vertaling vaak niet uit de verf komt. Olamim, dat staat in het Hebreeuws in Prediker 1 vers 10: de aionen die geweest zijn. Let op: aionen, meervoud. Dus dan heb je er al twee. We gaan even tellen; je hebt er in ieder geval minimaal twee. Laat ik het zo zeggen, dat is wat de Schrift onderscheidt: de aionen die geweest zijn. Twee dus.

Vervolgens wordt er gesproken over nog een aion: "de aion van deze wereld", deze aion. Ik kom er straks nog even op terug, maar ik ben nu algemeen even aan het tellen. Dus in ieder geval heb je al drie aionen. En dan spreekt de Schrift ook over de komende aionen — ik zie dat ik hier een fout gemaakt heb, hier moet vers 7 staan trouwens — maar goed, de komende aionen. Trouwens, die uitdrukking komt nog meerdere keren voor. Ik geef maar even een paar voorbeelden. Waarom? Om daarmee aan te geven dat je dus aionen hebt die in het verleden liggen, de tegenwoordige aion (dat is drie), en je hebt ook nog komende aionen (dat zijn er in ieder geval twee), zodat je een handvol aionen hebt.

Die beeldspraak houd ik er nu even in. We hadden het al over "mijn tijden zijn in Uw hand", maar dat geldt dan voor ons kleine, onooglijke leventje hier, waarvan we zeggen dat het tachtig, negentig of honderd jaar duurt. Ach, dat stelt niets voor in het licht van de aionische tijden. Maar ook van die aionische tijden zegt de Schrift expliciet dat God daar een plan voor heeft, en Hij werkt dat plan uit in aionen, in wereldtijdperken. Ik spreek expres over wereldtijdperken, want de vorige keer heb ik dat nog even toegelicht. De Bijbel spreekt ook over de aion van deze wereld. Het is dus een tijdperk dat te maken heeft met een wereld; een wereld die begint en een wereld die op een gegeven ogenblik weer eindigt, een bepaalde ordening.

Er is een vijftal aionen. Nou, we gaan ze gewoon eens tellen. Of liever: dat tellen hebben we in feite al even gedaan. Dat zijn de aionen die de Schrift onderscheidt, maar we gaan ze ook eens even nummeren. Dat doet de Schrift overigens niet, moet ik erbij zeggen, maar je kunt ze zo onderscheiden als je de loep erop legt. Dit is om een klein beetje een idee te hebben, want dat is de reden waarom ik deze studie eigenlijk ook geef. De vorige keer kreeg ik naar aanleiding van wat ik had verteld over het plan van de aionen in de Efezebrief de vraag: "Maar hoe zit dat dan? Waar is onze aion dan begonnen en waar eindigt die dan?" Om die reden heb ik eigenlijk deze studie eraan toegevoegd.

Ik wil dat graag even kort doornemen — neemt u me niet kwalijk, want we moeten het allemaal in zijn geheel bezien en we moeten het in drie kwartier of een uur doen. Maar niettemin wil ik ze toch alle vijf noemen. En waarom vijf? Daar hebben we het straks nog even over. Laten we eerst bij de eerste beginnen: de eerste aion. Dat is toen de wereld werd geschapen, de schepping der wereld. Ik heb hem meteen maar de plek van de duim gegeven; dat is een aardige om te onthouden: de eerste aion. En Hij zag dat alle dingen die in God zijn, goed waren, ja, zeer goed. Dat is wat eigen is aan de wijze waarop Hij creëert. De dingen zijn goed omdat Hij ze maakt.

En zelfs als ze niet goed zijn — dat is ook zo'n doordenkertje — en zelfs als ze niet goed zijn, dan is het nog goed. Waarom? Als wij ze niet als goed beleven, dan blijkt bij nader inzien of op termijn dat het wel goed was. Alleen dat al vind ik zo geweldig om aan te denken. Mijn lijfspreuk is altijd, en ik blijf het zeggen: van elke min maakt God een plus. En als wij een min zien, dan denken we: dat gaat niet goed. Ja, dat dénk je. Dat denk je omdat het nog niet af is. Op het moment namelijk dat God van bovenaf — mooie beeldspraak trouwens — Zijn streep door die min trekt, is die min dan verdwenen? Nee, die min is niet verdwenen, die min is er nog steeds. Alleen het is geen min meer doordat Hij Zijn werk erin gedaan heeft, en dan is die min een plus geworden. Het is een onderdeel geworden van een groter geheel en daarmee is het positief geworden.

Kijk, dat is nou positief denken. Wij hoeven niet te doen alsof alles positief is. Wij weten dat er een God is die alles in Zijn hand heeft en die elke min tot een plus maakt. Denkt u dat God dat kan? Alleen al het idee... het is toch te absurd om die vraag te stellen: denk je dat God dat kan? In de Bijbel wordt die vraag namelijk precies op de andere manier gesteld, retorisch, in Genesis al: "Zou voor de HEERE iets te wonderlijk zijn?" Het idee alleen al dat voor God iets te wonderlijk zou zijn... Nee, God is wel degene die de kwade dingen ten goede dénkt. Jozef zei dat ooit: "Gij hebt wel kwaad tegen mij gedacht, maar God heeft dat ten goede gedacht." En toen bleek ineens het kwade goed geworden te zijn. God is de "Goddelijke alchemist", zoals iemand Hem eens beschreef. En dat is waar: Hij kan kwaad tot goed maken.

Ik zal u één prachtig voorbeeld daarvan geven: het kruis van Golgotha. Is het kruis van Golgotha kwaad of goed? Het is het grootste kwaad dat ooit in deze wereld heeft plaatsgevonden, toen God het beste wat Hij gaf, Zijn Zoon, aan het kruis werd gespijkerd. Dat is de grootste misdaad die ooit gepleegd is door de wereld. Maar God heeft dat kwaad tot het grootste goed gemaakt, namelijk als de demonstratie en het bewijs van Zijn liefde. Want daarmee zegt Hij: al doen jullie dit, Ik hou van je en Ik ga het allemaal goed met je maken. Dat is het bewijs van Zijn liefde. Kwaad maakt Hij tot goed.

Nou ja, ik had het even over die aionen. Dit is de eerste aion: de schepping. Hoe lang heeft dat geduurd? Ja, nu komen we even op een wat lastige vraag. Daar wil ik nu even niet al te veel op ingaan. We hebben hier ooit eens een studiedag gehad over Genesis 1, over die dagen van Genesis 1. En toen heb ik u ook laten zien — of het overtuigend was, weet ik niet — dat die dagen in Genesis 1 een beschrijving zijn van de wijze waarop God dat geopenbaard heeft aan Adam. In zes dagen, weet u wel. Men zegt altijd dat God de hemel en de aarde in zes dagen geschapen heeft, maar dat staat er niet. Hij heeft het in zes dagen aan Adam bekendgemaakt. Maar hoe lang die schepping geduurd heeft? Als je de mensen mag geloven, de wetenschappers die het kunnen weten of die menen het te weten, die zeggen miljarden jaren. En ik heb daar bijbels gezien geen enkele moeite mee. Of het zo is, dat vraag ik me af, want zij hebben die miljarden jaren natuurlijk nodig om dat proces zonder God te verklaren. Ja, dan heb je wel heel veel miljarden jaren nodig. Maar goed, daar gaan we het nu even niet over hebben. Het gaat mij er nu even om: God heeft de wereld geschapen. Hoe lang Hij er ook over gedaan heeft, dat is die eerste aion. Dat is die eerste wereld. Die eindigde... Nou ga ik iets controversieels zeggen misschien, ook voor mensen hier in de zaal die wel vaker studies hier ter plaatse volgen.

Maar ik hoop dat deze wereld – ik ga het nu verder niet toelichten, want dat doet voor het verhaal niet al te veel ter zake – de periode is van de schepping tot aan de tijd dat de aarde onder de vloek kwam. Ik geloof dat dat de nederwerping der wereld is. Toen de vloek over de aarde kwam, was dat het einde van die wereld. De aarde werd toen om Adams wil vervloekt. Ik geloof dat dat inderdaad die eerste aion is.

Als u dit punt iets eerder plaatst, namelijk bij Genesis 1 vers 2 – dat zeg ik even voor de kenners – dan is dat ook prima. Daar gaat het nu even niet om. Het gaat erom dat die eerste aion begon toen God de wereld schiep; toen kreeg dat eerste tijdperk zijn aanvang.

Wat krijg je na de eerste aion? Dan krijg je de tweede aion, want we zagen al dat er aionen aan deze aion voorafgegaan zijn. Dat is de wereld zoals wij die kennen vanaf Adam. In 2 Petrus 1 vers 4 – trouwens, de vorige keer heb ik dat vers nog even 'gerepareerd' – wordt gesproken over de toenmalige wereld. Blijkens de context gaat het daar over de wereld in Noachs dagen. De toenmalige wereld is vergaan, namelijk door het water.

Die eerste aion eindigde dus toen deze aarde een ander systeem of een andere ordening werd. Maar toen kwam er weer een nieuwe ordening en dat is de toenmalige wereld. Dat is de wereld van Adam tot Noach, die ongeveer 1656 jaar geduurd heeft, om het even op het jaar nauwkeurig te zeggen. Daar heb ik indertijd een computerprogramma voor gebruikt, in 1997.

Wanneer er, net als hier, gesproken wordt over de aion van deze wereld, dan is dat uiteraard de aion van deze kosmos. Zo loopt een aion als het ware synchroon met een kosmos, met een wereldordening of hoe dat ook maar genoemd mag worden. Hier wordt dus gesproken over de toenmalige wereld. Dat is dus niet de aion van déze wereld, maar de aion van die wereld die tóen was. Welnu, die wereld is toen ook beëindigd, namelijk in de grote vloed. Dat is de toenmalige wereld. En dan gaan we naar de derde aion.

De Derde Aion: de Tegenwoordige Boze Wereld met het Kruis als Middelpunt ↑ hoofdstukken

Dat is de bekendste, en ook de aion die al een hele tijd loopt. Hij wordt genoemd in Galaten 1 vers 4. We hadden het al over dit woord "aion", maar er zijn vele namen voor dit tijdperk: de tegenwoordige boze aion. Trouwens, ik wil er nog één ding bij zeggen. Ik had het net over die eerste aion en over de tweede aion – dat is trouwens de tweede vinger, als we het zo makkelijk willen onthouden. In die tweede aion, vanaf Adam, is God meteen al gaan wijzen op Hem. Wijzen, de tweede vinger, op Hem die zou komen. De wereld... Adam had nog niet gegeten van de verboden vrucht of God gaf meteen die belofte van Hem: het zaad van de vrouw dat zou komen en de kop van de slang zou vermorselen. Hij wees meteen in die aion naar Hem die zou komen.

Dan krijg je de derde aion. Ik had een beetje moeite om die te beschrijven om dat toch discreet te doen met de derde vinger, want dan krijg je allemaal van die rare beelden. Maar ik bedoel dit: dit is de middelste aion. We zagen dat de tweede aion eindigde in de dagen van Noach, maar deze aion loopt dus al pakweg 4.500 jaar minimaal. Sommige mensen zeggen nog aanzienlijk langer; dat maakt mij voor het verhaal even niets uit, het gaat erom dat hij in elk geval begon in Noachs dagen en doorloopt tot aan de wederkomst. Dat is het einde van deze aion, van deze tegenwoordige boze aion.

Waarom deze boos is, hoef ik niet uit te leggen, toch? Deze aion is boos omdat daar de waarheid stelselmatig wordt verdraaid, dat wil zeggen: tot leugen wordt gemaakt. De waarheid wordt in ongerechtigheid ten onder gehouden. Dat komt door de vader der leugen, de god van deze aion. Hij wordt ook wel Satan genoemd, de tegenstander. De god van deze aion verdraait alles stelselmatig. Maar deze aion – en ik heb goed nieuws – gaat eindigen. Wij leven ongeveer in de nadagen van deze aion, dat kan ik rustig zo zeggen. Dat wordt op nogal wat plaatsen de "volleinding der aion" genoemd. In de meeste vertalingen wordt dat weergegeven met de "volleinding der wereld", maar aangezien wij stelselmatig en consequent kiezen voor de weergave met het woord "aion", spreken wij dus over de volleinding van de aion. Dat is ook de wijze waarop de Schrift dat presenteert.

Over de volleinding van deze aion vroegen de discipelen Jezus een vraag toen zij op de Olijfberg gingen zitten. Ze wezen Hem op de tempelgebouwen en op de stad Jeruzalem en zeiden: "Vertel ons, Heer, wanneer zal dat alles geschieden?" Ze doelden op de verwoesting van die stad. En ze vroegen: "Wat is het teken van Uw komst, Uw parousia?" En ze voegden eraan toe: "En wat is de volleinding van deze aion?" Dat wil zeggen: dit wereldtijdperk gaat eindigen. Dat heeft te maken met Zijn terugkeer, Zijn parousia, als de Messias orde op zaken zal gaan stellen en een einde gaat maken aan deze tegenwoordige boze aion. Deze aion loopt inmiddels al 4.500 jaar; laten we er nog een paar decennia aan toevoegen, hooguit. Even "off the record" zal ik maar zeggen, want daar gaat het nu even niet om: de derde dag, dat derde millennium, gaat aanbreken.

In ieder geval loopt deze aion ten einde. En weet u wat nu zo geweldig is? Dit is de middelste aion, en in het midden van die aionen vind je wat je mag verwachten, want dat is echt goddelijk design: de dood en de opstanding van Zijn Zoon. Dat staat centraal in dat godsplan van de aionen. De dood en de opstanding van Christus, daar is met recht alles omheen gecentreerd. Dat staat centraal. Letterlijk in het midden van de middelste aion staat het kruis van Golgotha en Hij die ten derde dage opstond uit de dood.

Dat is die derde tegenwoordige aion. Inderdaad een boze aion. Mijn vrouw zei gisteren nog – ik zeg het niet, maar zij zei het: "Het is niet zo gek dat men inderdaad de middelvinger opsteekt." Dat zeg ik niet om grappig te doen over deze aion, maar het is waar: dat is de wereld. Het is een boze aion. Maar het is juist deze aion waarin dat kruis centraal staat. Dat wil zeggen: het werk dat God doet in Zijn Zoon. Aan die aion gaat een einde komen, en wat er dan gaat aanbreken?

De Vierde Aion: de Komende Duizend Jaren en de Heerschappij van de Messias ↑ hoofdstukken

Dat is uiteraard de vierde aion en dat heet de komende aion. Zo wordt het ook letterlijk genoemd in Openbaring 20. Dat zijn de duizend jaren.

Oei, en nou heb ik een hele grote fout gemaakt. Ja, ik heb een grote fout gemaakt. Maar voordat ik het op internet ga plaatsen, ga ik dat nog even corrigeren. Want hier moet natuurlijk niet staan 'de zondvloed'. Er is een grote fout: hier moet staan 'wederkomst'. Neem me niet kwalijk, ik heb een grote fout gemaakt. Deze duizend jaren beginnen bij de wederkomst en die eindigen bij de grote witte troon, aan het einde.

Dus vergeet dit eventjes, maar dat is wanneer de Messias zal regeren. Als Hij zal terugkeren, dan zal Hij een einde maken aan deze boze aion en dan zal Zijn heerschappij een aanvang nemen. Eerst in de duizend jaren, dat wil zeggen dat Satan zal worden gebonden voor duizend jaren om de volkeren niet meer te verleiden. Dan houdt trouwens Christus' heerschappij niet op, want Hij regeert dan nog gewoon verder, maar in elk geval zal God in die duizend jaren inderdaad Zijn werk gaan voltooien en ook zal Hij Zijn trouw gaan bewijzen.

Het is makkelijk te onthouden: in die vierde, die komende aion, dan zal God trouwens ook huwen met Zijn volk Israël, jazeker. De derde dag is er een bruiloft en dan zal Hij Israël tot bruid nemen en zal Hij betrouwbaar blijken. Hij zal vervullen wat Hij ooit al bij monde van de profeten heeft beloofd. Dat Messiaanse tijdperk – dit boze tijdperk zal ten einde zijn – en dat nieuwe tijdperk waarin Hij Zijn trouw zal gaan bewijzen, zal dan aanvangen. De duizend jaren vormen in wezen het grootste gedeelte van de profetieën die we vinden in de Bijbel; die gaan over deze tijd. Die machtige aion. De komende aion.

De Vijfde Aion: de Aion Der Aionen Waarin God Alles in Allen Is ↑ hoofdstukken

En als u denkt dat het daarmee voorbij is, dan nee, want dan heb je nog een aion. De Bijbel spreekt over de komende aionen, want dan breekt er een nieuwe schepping aan. En dat wordt genoemd in Efeze 3 vers 21: de aion der aionen. Dat is de meest overtreffende aion. Zoals je de Koning der koningen hebt, zo heb je ook de aion der aionen – het meest overtreffende.

God gaat Zijn plan tot voltooiing brengen en dat is wanneer in de vijfde aion... de pink. Ons woord 'pink' komt eigenlijk uit het Grieks en het betekent 'vijfde'. Het is de vijfde. In die vijfde aion zal God Zijn genade gaan demonstreren en ook voltooien. Vijf in de Bijbel is een kwestie van getallensymboliek; het heeft altijd te maken met genade. Dat is een schitterend onderwerp. Je moet het maar eens aan Abraham vragen, die de 'vijf' aan zijn naam toegevoegd kreeg. Zijn vrouw Sarah ook. Abram werd Abraham, Sarai werd Sarah met een 'h'. Lola? Hé? Lola... ja, dat is nog wel een ander verhaal, maar hij kreeg de He aan zijn naam toegevoegd en zij ook. De He, de vijfde letter van het alfabet, en dat heeft te maken met genade. De vijf... geef me de vijf! Ja, genade: God die Zijn hand uitstrekt en inderdaad genade zal bewijzen.

Vijf heeft te maken met genade en dat is wat er straks in die laatste aion zal gebeuren. Hij zal het laatste gaan doen: Hij zal de dood tenietdoen. Want Christus moet heersen, zo lezen we in 1 Korinthe 15, totdat Hij ook de laatste vijand, de dood, heeft overwonnen. Dat zal in deze aion gebeuren, die laatste, vijfde aion, waarin Hij de dood zal tenietdoen. En als de dood tenietgedaan zal zijn, weet u wat dan de realiteit zal zijn? Als er geen dood meer is, raad eens wat dan? Dan leven alle mensen. Dan zijn allen levend gemaakt. Ik kan het ook omkeren: als God allen levend maakt, dan is er geen dood meer. En zo doet God de dood teniet. Zoals in Adam allen sterven, zo zullen in Christus allen levend gemaakt worden. Hij, de Eersteling, is in het midden der aionen opgestaan uit de doden. Welnu, dat leven dat Hij aan het licht bracht, zal aan het einde van de aionen het deel zijn van alle mensen.

U zegt: "Ook als ze niet voor Jezus hebben gekozen?" Ik zeg: alle mensen. God heeft een plan en als Hij uw ogen kan openen en mijn ogen kan openen, dan kan Hij de ogen van iedereen openen. God houdt van Zijn schepselen en Hij brengt alles ten uitvoer en tot voltooiing. Hij zal Zijn liefde ook bewijzen aan wie dan ook. Dat is de God die wij kennen. En dat betekent dus dat in de voltooiing alles af zal zijn. Zozeer zelfs dat de Zoon afstand zal doen van de troon; Hij zal een volmaakt koninkrijk aan Zijn God en Vader teruggeven. Dat lees je allemaal in 1 Korinthe 15. En dan staat er zo prachtig dat God zal zijn: alles in allen. Zoals Hij vóór de aionen alles was in Zichzelf, zo zal Hij bij het einde van de aionen zijn: alles in allen. En dan is er niemand en niets meer uitgesloten.

Dat is de God die we kennen en die Zich in de Schrift bekendmaakt. Is dat niet geweldig? Maar dat is ook een plan dat God waardig is. Bij Hem gaat nooit iets fout en er worden alle minnen tot plussen gemaakt. En dan zal inderdaad blijken dat Hij die aionen, de wereld in al die tijdperken – die vijf tijdperken, die wereldtijden – in Zijn handen heeft. Mijn tijden zijn in Zijn hand, maar ook de wereldtijden zijn in Zijn goddelijke hand.

🎧 De Aionen In Zijn Hand
Delen: