GoedBericht.nl logo
UltimateGoodNews

Als Een Dief In De Nacht

27-09-2015 - Geplaatst door Andre Piet
Presentatie gehouden op 27 september 2015 te Zoetermeer

Bekend is het Bijbelwoord dat de dag van de Heer zal komen als een dief in de nacht. Onbekend is dat dit slechts waar is voor degenen die in de duisternis wandelen. Want voor wie leeft bij het licht van het profetisch woord, die weet hoe laat het is. Voor hem of haar zal die dag niet komen als een dief.

Powered by RedCircle

📝 Samenvatting & Transcriptie van deze lezing

Samenvatting van deze toespraak

In deze studie wordt de actuele onrust rondom eindtijdvoorspellingen, zoals de 'bloedmaan', ontkracht omdat dit sensatiebejag het profetisch woord in diskrediet brengt. De spreker weerlegt de veelgehoorde gedachte dat we niets kunnen weten omdat de Heer als een dief in de nacht zou komen. Deze beeldspraak geldt namelijk uitsluitend voor wie in duisternis leeft en de Schriften niet kent. Gelovigen, als kinderen van het licht, horen juist waakzaam en nuchter te zijn, omdat zij aan de hand van de profetieën de tekenen kunnen herkennen. Zij mogen leven vanuit een hoopvolle verwachting van redding, zonder verrast te worden door een onverwacht oordeel.

“Als je bij dat licht wandelt, dan komt die dag, die gebeurtenis, niet als een dief in de nacht. Dan weet je hoe laat het is.”

Actuele Onrust Rond de Eindtijd en de Bloedmaan ↑ hoofdstukken

Het was ruim een maand geleden dat er in de Telegraaf, u weet wel, de krant van Wakker Nederland, een bericht stond. Het was 19 augustus en er stond een paginagroot artikel met daarboven de kop: "Einde der tijden is opnieuw nabij." Dat "opnieuw" is natuurlijk wel leuk, want daar zit al een duidelijke cynische ondertoon in. Met andere woorden: we wachten maar weer af. Maar in dat bericht stond iets te lezen waarvan ik niet weet hoe het u vergaan is, maar het is mij de laatste maanden in het bijzonder bepaald niet ontgaan. Ik ben er vele malen via e-mails op gewezen wat er allemaal afgelopen week en de komende dagen op het spel staat en wat er zou moeten gebeuren.

In elk geval, ik ga het uiteraard niet helemaal voorlezen, maar in het begin stond daar dit: "Meerdere sektes voorspellen voor de volgende maand" — dit stond dus 19 augustus in de krant, dus we praten nu inderdaad over deze maand september — "het einde der tijden, de dag waarop de wereld zal vergaan." Dat is een niet al te correcte formulering, want velen zullen het zo niet weergeven, maar zo wordt dat dan opgevat in het nieuws. Zeker als je een beetje alleen op de sensatie gericht bent, dan wordt dat zo begrepen. Er worden zelfs data genoemd, stond er verder in het bericht, maar in grote lijnen komt het erop neer dat de aarde tussen 22 en 28 september wordt getroffen door de Dag des Oordeels. Let op die hoofdletters. Het is hoogst uitzonderlijk dat meerdere sektes zo’n concreet tijdstip vermelden. Mij is inderdaad gebleken dat niet alleen christelijke sektes, maar ook seculiere — dus meer op de wereldse filosofie georiënteerde groeperingen — eveneens op deze tijd wijzen.

Dat heeft een speciale reden, want afgelopen 23 september was het Jom Kipoer, Grote Verzoendag. Dat was de tiende van de zevende maand in het Joodse jaar. Vijf dagen later begint Soekot, zoals dat in het Hebreeuws heet, maar onder ons beter bekend als het Loofhuttenfeest. Dat begint dus vanavond. U weet dat Joodse data altijd vanaf zonsondergang beginnen te rekenen, dus vanavond is het de 15e Tishri en dan begint Soekot. Met die dagen is iets heel bijzonders aan de hand. Het is nogal nieuws ook, want vanavond en vannacht is er iets speciaals. Ik was vannacht even in de war toen ik uit het raam keek, maar toen was er nog niets bijzonders te zien, behalve een prachtige volle maan aan een heldere hemel. Dat schijnt trouwens aankomende nacht niet helemaal het geval te zijn; het wordt wat mistig, dus helaas is de verduistering wellicht niet goed te zien. Of ik moet eigenlijk zeggen: het is dus allemaal een beetje verduisterd, dus dat zie je dan toch? Het is een beetje ingewikkeld, maar laat maar.

Het is de vierde achtereenvolgende totale maansverduistering en dat wordt een bloedmaan genoemd. De verklaring daarvoor is nu even niet zo interessant, maar de maan krijgt dan in ieder geval een bloedrode glans. Waarom is die maansverduistering zo bijzonder? Omdat het samenvalt met eerdere totale maansverduisteringen. Men noemt het een tetrade als het vier keer op rij gebeurt; in de astronomie is dat echt een begrip. Het is erg uitzonderlijk dat alle vier de keren dat dit nu plaatsvond — vorig jaar twee keer en dit jaar twee keer — het samenviel met Joodse hoogtijden. Namelijk met Pesach in 2014, vorig jaar dus. Nou ja, zeg maar ons paasfeest, al is dat niet helemaal correct wat ik nu zeg, maar in elk geval met het Joodse Pesach.

Ik moet er ook even bij zeggen: een Joodse maand, wat trouwens ook geldt voor islamitische maanden, is een echte maancyclus. Een nieuwe maand op de Bijbelse kalender begint per definitie bij nieuwe maan. Dat betekent dat het halverwege de maand op de Hebreeuwse kalender altijd volle maan is; dat kan niet anders. De vijftiende van de maand is dus altijd volle maan. Pesach en Soekot beginnen beide op de vijftiende van de maand, dus dat is altijd volle maan, dat kun je niet missen. Maar vorig jaar viel het samen met Pesach en was het een totale maansverduistering. Met Soekot was het vorig jaar ook een totale maansverduistering. Afgelopen Pesach, dat was ergens in maart of april, was dat opnieuw het geval. Het gaat nu een beetje vreemd met het geluid; ik hoor het zelf en u hoort het wellicht ook, maar ik ga gewoon door. Er gebeurt verder niets bijzonders en u kunt mij nog redelijk verstaan, ook daar achterin hoop ik. Dat was dus met Pesach het geval dit jaar en nu dus opnieuw. Dit is de vierde keer en dat is heel, heel uitzonderlijk. Het gebeurt wel eens vaker, maar dit is zeer uitzonderlijk.

Waarom is dat nou zo bijzonder? Ik weet niet in hoeverre u dat allemaal gevolgd hebt, maar men heeft gezegd: deze week moet het gebeuren. Er zijn profeten opgestaan die een openbaring of een visioen menen te hebben gekregen, of menen te weten dat er deze week een enorme beurscrash zou plaatsvinden. Anderen spreken over een tsunami of over een grote meteoor die de aarde vernietigend zou treffen. Tot dusver zijn we er redelijk doorheen gekomen. Het is inmiddels de 27e; ik zeg dat een beetje spottend en daar heb ik een reden voor, maar daarover straks meer.

Men zegt dan: die bloedrode maan, die we nu voor de vierde achtereenvolgende keer op notabene Bijbelse hoogtijdagen meemaken, die kun je direct koppelen aan de Bijbelse profetie. Want staat er niet geschreven — en dit is echt een associatie op de klank af, waar mensen die van toeten noch blazen weten gemakkelijk in worden meegenomen — de zon zal veranderen in duisternis en de maan in bloed? Dit wordt in Handelingen 2 vers 20 door Petrus op de Pinksterdag aangehaald. De maan verandert in bloed; daar hebben we het dus over, die bloedmaan, de totale maansverduistering waardoor de maan een bloedrode kleur krijgt. Dat zal gebeuren "voordat de grote en doorluchtige Dag des Heren komt." Over die maan die deze kleur zal krijgen, wordt geschreven in Joël 2, in Matteüs 24 (daarover straks meer), Handelingen 2 en Openbaring 6. U begrijpt dat als er nu sprake is van zo'n tetrade, waarbij die maan vier keer in bloed verandert, dat volgens velen wel moet betekenen dat die grote Dag des Heren eindelijk gaat komen. De logica lijkt op het eerste gezicht voor de hand te liggen, maar ik zal u dit vertellen: kijk nou eens even heel precies, want je wordt gemakkelijk meegesleept in dergelijke redeneringen.

De Bloedmaan in Zijn Juiste Bijbelse Context Geplaatst ↑ hoofdstukken

Dan staat er dat dit zal gebeuren na de verdrukking van die dagen. Dat wil zeggen: van die dagen. En dan lees je ook dat er in Jeruzalem inmiddels weer een tempeldienst zal zijn en dat er een afgodsbeeld op het tempelplein geplaatst zal zijn. Er zal een enorme verdrukking komen in het Joodse land en men moet maken dat men wegkomt. En dan, aan het einde van die verdrukking – en dan verwijst de Heer Jezus ook nog naar de profeet Daniël; Hij zegt: "wie het leest, die geve er acht op" – na die verdrukking zal dit gebeuren. En bovendien leidt het direct in deze gebeurtenis, namelijk als de Ben-Adam, als de Zoon des mensen, bij die gelegenheid ook zal verschijnen en Israël ook haar Messias zal erkennen.

Want zo lezen we... oh, ik heb het voor me liggen. Dan staat er... ja, ik lees het even gewoon voor uit Matteüs 24 vers 29, we gaan straks daarmee door trouwens: "Terstond na de verdrukking van die dagen zal de zon verduisterd worden en de maan zal haar glans niet geven en de sterren zullen van de hemel vallen en de machten der hemelen zullen wankelen en dan zal het teken van de Zoon des mensen verschijnen aan de hemel." En dan zullen alle stammen van het land, Israël, zich op de borst slaan en ze zullen de Zoon des mensen zien komen op de wolken des hemels met grote macht en heerlijkheid. En Hij zal Zijn boodschappers uitzenden met luid bazuingeschal en zij zullen Zijn uitverkorenen – daar gaat het specifiek over het uitverkoren volk Israël – verzamelen uit de vier windstreken, van het ene uiterste der hemelen tot aan het andere uiterste. Dat wil zeggen dat het volk wereldwijd wordt teruggebracht naar het land. Dat zijn hele bekende thema's in de profeten en daaraan refereert de Heer. Het gaat hier trouwens ook echt over een typisch Joodse context en een verdrukking die heel groot zal zijn. Maar daarna zullen deze verschijnselen zich voordoen.

Kijk, en daar hoor je al die mensen, die eindtijdvoorspellingen van de afgelopen week, weet u wel, die zich daarop hebben gefixeerd. Over het jaar hoor je ze niet en ja, zo worden mensen gemakkelijk misleid. Nou ja, daar hebben we er al heel wat van gehad hoor. Kent u deze man nog? Hoe heette hij ook alweer? Ik ben even zijn naam kwijt. Nou, hij leeft inmiddels trouwens ook al niet meer. U ziet het, dat is een oude man. Maar in 2011, op 21 mei, had hij ook zo’n voorspelling gedaan. Hij was eigenaar van een groot radiostation en verzorgde tv-uitzendingen in de Verenigde Staten, en toen zou dat gebeuren: Judgment Day! Ja, er wordt hier gevraagd naar zijn naam, ik weet het even niet meer. Brown? Nee. Harold nog wat... Nou, in ieder geval heeft hij heel wat ‘ge-harold’. Het doet er ook helemaal niet toe, want ik wil helemaal niet de indruk wekken alsof hij zomaar een eenling daarin is. Integendeel, je zou een gigantisch lange rij kunnen maken van allemaal mensen die soortgelijke dingen hebben gezegd.

Nou, en nog even recenter heb je die hele hype gehad van de Mayakalender. Dat weet u nog wel. Dat op 21 december 2012, als ik me goed herinner, er ook iets heel bijzonders zou gaan gebeuren, want dan liep de Mayakalender af. Ja. Nou, en ik zei al: er zijn nog heel veel meer namen te noemen. En ik kan ze ook dichter bij huis nog wel noemen, maar dat doe ik nu weer niet, want ik zou daarmee de indruk kunnen wekken dat ik een trap geef naar andere mensen. Daar gaat het mij niet om. Maar zulke voorspellingen zijn er gedaan. Ik ken ze ook uit mijn eigen historie, maar al te goed. Ik hoef alleen maar een jaartal te noemen: 1994, 1996, 2003. Nou, ik kan voor mezelf al een heel lijstje geven van dingen waar ik toentertijd ook erg op gelet heb. En ja, weet u wat het grote probleem daarmee is?

Het Profetisch Woord in Diskrediet Door Sensatie en Loos Alarm ↑ hoofdstukken

Want je zou zeggen dat het geweldige dingen zijn dat mensen daarop wijzen. Het is nabij, dus er wordt weer aandacht gevraagd voor de dingen van het profetisch woord. Op het eerste gezicht zou je zeggen dat dat het effect is; mensen worden wakker gemaakt. Maar dat is wel heel kortzichtig als je alleen dat voordeel ziet. Want ik zie vooral het nadeel, namelijk de grote frustratie die plaatsvindt wanneer alles niet vervuld wordt wat zij hebben gezegd.

En weet u wat je dan krijgt? Op een gegeven ogenblik zijn mensen gewoon murw geworden. Als je maar al te veel van die loos alarmvoorspellingen hoort, dan denk je bijvoorbeeld – als je het nog eens een keertje hoort – dat het net zoiets is als wanneer het KNMI code oranje geeft. In het verleden had ik zelf de indruk – dat is geen oordeel over het KNMI – maar ik had de indruk dat ze wel heel vaak en gemakkelijk code oranje gaven voor heel gevaarlijk weer. En dan bleek het maar gewoon een onweersbuitje te wezen. Nou, als dat code oranje is... Het effect van zulk loos alarm is dat mensen op een gegeven ogenblik denken: nou, dat zal wel meevallen.

Want ik heb nu zo eventjes een paar dia's laten zien van voorspellingen die heel duidelijk niet uitgekomen zijn en die destijds ook nogal in het nieuws geweest zijn. Maar we zouden natuurlijk ook nog wat verder terug kunnen gaan naar de tijd rond de millenniumwisseling. In 2000 is er ook heel veel te doen geweest, en daarvoor, vanaf 1997, kreeg je de voorspellingen van Nostradamus. Weet u die nog? Ik weet niet eens of ik zijn naam wel helemaal goed uitspreek, maar in ieder geval heeft hij ook ooit in de middeleeuwen al voorspellingen gedaan over deze tijd. En het is dus blijkbaar allemaal uit de duim gezogen.

Ja, en dat is een hele kwalijke zaak. Want het einde van het liedje met al dat loos alarm van wijzen op de eindtijd, wijzen op eventueel de wederkomst van Christus en wijzen op de Bijbelse boodschap – het profetisch woord – is dat het netto-effect uiteindelijk is dat mensen daar logischerwijs geen acht meer op slaan. Waarom? Omdat het toch allemaal niks uithaalt; het was blijkbaar niet solide. Feitelijk is wat er gebeurd is, dat het profetisch woord in diskrediet gebracht wordt door al dat soort sensatieverhalen, want het is natuurlijk wel heel sensationeel. Dat wel.

En als het er dan uiteindelijk wel gaat komen en je wijst er dan op, dan plaatst iedereen je op voorhand al in het lijstje van al die fantasten die gewoon allemaal misgecalculeerd hebben. Ziet u hoe je uiteindelijk met al dat soort alarmmeldingen feitelijk de Schrift, en het profetisch woord in het bijzonder, in diskrediet brengt.

Ik wil u juist vanwege die actualiteit van de afgelopen week op nog iets anders wijzen. Er is een heel wijdverbreid misverstand – en ik ken hem al – dat eigenlijk weer uit een andere koker komt, en toch feitelijk weer niet. Want zovelen halen inderdaad inmiddels de schouders op over dat soort meldingen. Ik wil bepaald niet de indruk wekken dat zoveel mensen hier nou meteen oor voor hebben. Een bepaalde categorie wel, maar velen ook niet. De meesten plaatsen het net zoals de Telegraaf – nu is dat volstrekt een niet-christelijke krant – maar dat geldt ook voor mensen die godsdienstig zijn of zich in de christelijke wereld bevinden. De meesten denken: nou, het kan nog wel duizend jaar duren. Dat is trouwens ook een hele bekende hoor.

De Hardnekkige Mythe van 'als een Dief in de Nacht' ↑ hoofdstukken

Maar goed, men zegt dan: je kunt niet weten wanneer Christus terugkomt, want, zegt men dan, dat zal zijn als een dief in de nacht. Ik heb hem al zo vaak gehoord, u ook? Kent u hem? Hij zal komen als een dief in de nacht en dus doen we maar geen moeite om bezig te zijn met de Schrift om te achterhalen wanneer het zal zijn, want Hij komt als een dief in de nacht. Dat heeft Hij toch zelf gezegd?

Het is bovendien – en dat is weer zoiets – een citaat op de klank af. Als je er echt mee bezig zou zijn, zou je weten: dit klopt niet zoals men het citeert en zoals men het toepast. Maar ja, dat heb je: men is wel erg in voor die hapklare brokken, maar om werkelijk zelf te checken in de Schrift of het zo is, dat is een heel andere koek. Het is gebaseerd op Bijbelse citaten; in Matteüs 24 vind je dat: als een dief in de nacht. Ik kom daar straks op terug. In Lucas 12 vind je het, in 1Thessalonika 5 – daar wil ik straks ook op wijzen – en ook in 2 Petrus 3, Openbaring 3 en Openbaring 16. In al deze Schriftplaatsen wordt gesproken over die komst als een dief in de nacht.

Slechts twee Schriftplaatsen wil ik er in dit geval, deze morgen, uitpakken, omdat het anders een beetje teveel zou worden. Maar ik wil u daarbij erop wijzen dat als je dit op deze wijze citeert – van "je kunt het niet weten, want de Heer heeft zelf gezegd of in de Bijbel staat geschreven: Hij komt als een dief in de nacht" – dat dit op de klank af is geciteerd, maar het is contra de bedoeling van dat wat er staat geschreven. En het staat er ook inderdaad niet zo, want het punt is nu juist dat in al deze Schriftplaatsen (zoek het maar op, nou vooral met uitzondering misschien van Lucas 12 waar het niet zozeer wordt toegelicht), er juist op wordt gewezen dat mensen waakzaam zouden zijn en dat je het wél zou weten. En dat onderscheid maakt men niet. Hij komt als een dief in de nacht, ja... voor wie? Dat is de grote vraag.

Goed, laten we eerst eens gaan naar de beroemde rede, de beroemde bergrede van de Heer in Matteüs 24. Want immers, Hij sprak deze rede uit over de laatste dingen en dat sprak Hij uit op een berg: de Olijfberg, die aan de oostkant van de stad Jeruzalem ligt. Ze kijken dan uit op de stad en op de geweldige gebouwen van de tempel. De Heer wijst er al op wat daarmee zou gebeuren en vervolgens komt de vraag over dat einde van de aion en het teken van de Zoon des mensen: wanneer zal dat dan zijn? De Heer gaat in deze rede, die we in dit hoofdstuk vinden, daar uitgebreid op in. En nu ga ik een hele sprong maken in het hoofdstuk. Dan zegt Hij dit, want het gaat me eventjes puur om dat citaat dat men altijd geeft: "Hij komt als een dief in de nacht."

Waken Is Wetend Worden (mattheüs 24) ↑ hoofdstukken

En dan zegt de Heer: "Waakt dan, want gij weet niet", of letterlijk: "jullie hebben niet waargenomen". Zo staat er: "Gij weet niet". Er staat dus niet: "Jullie kunnen niet weten". Hij zegt ook niet: "Jullie zullen nooit weten". Hij zegt: "Jullie weten het niet, jullie hebben het niet waargenomen" — nog niet — "op welke dag uw Heer komt".

Eerst staat er: "Waakt". Waarom, hoezo waken? Wel, omdat jullie het niet weten. En trouwens, de Heer had daarvoor zelfs al gezegd dat op dat moment zelfs de Zoon des mensen er niet van op de hoogte was. De engelen in de hemel niet, de Vader alleen, zegt Hij... Zelfs de Zoon des mensen weet dat niet. Voor sommige mensen is dat een groot probleem, dat de Zoon des mensen ook niet alles weet. Maar goed, daar hebben we het nu even niet over.

In elk geval, zo staat dat dan in Matteüs 24. Hij zegt: "Jullie weten niet". Het staat gewoon in de tegenwoordige tijd. Jullie weten het niet. Maar, zegt Hij: "Weet dit". Ken dit. "Weet dit wel:" — dubbele punt — "als de heer des huizes geweten zou hebben..." Want hier wordt eigenlijk dat woordje "waarnemen" gebruikt. Of "zien", maar meer algemeen "waarnemen". "Als de heer des huizes geweten zou hebben in welke nachtwaak de dief zou komen..."

Een nachtwaak, u weet wat dat is. Dat is een deel, een vierde deel van de nacht. Dat zit zo: je leest in de Bijbel ook over de tweede, derde en vierde nachtwaak. De eerste nachtwaak begint vanaf zonsondergang, rond zes uur. U moet dat rekenen volgens de Hebreeuwse begrippen, zoals dat in Israël gekend wordt. Vanaf zes uur 's avonds tot negen uur, dat is de eerste nachtwaak. Dan krijg je de tweede nachtwaak, van negen uur 's avonds tot twaalf uur 's nachts. De derde nachtwaak — nou, het is makkelijk om de lijn zo door te trekken, weer een vierde deel van de nacht verder — dat is het diepst van de nacht, van twaalf tot drie. En dan de laatste nachtwaak, de vierde nachtwaak, dat is het laatste deel van drie uur tot zes uur. Dat is de vierde nachtwaak. Daar wordt nog wel eens op gewezen, en dat is waar de Heer het hier ook over heeft.

Als de heer des huizes geweten zou hebben in welke nachtwaak de dief zou komen, dan zou hij gewaakt hebben en in zijn huis niet hebben laten inbreken. Met andere woorden, hier wordt gesproken over een heer, over een huiseigenaar die laat inbreken. Waarom? Omdat hij niet waakt. En waarom waakt hij niet? Omdat hij het niet weet; hij heeft geen idee wanneer die dief zou komen en in welke nachtwaak dat zou zijn. Hij waakt dus niet omdat hij onwetend is over die nachtwaak.

En dan zegt de Heer: "Daarom..." en helaas, ik heb het op de dia maar meteen doorgekrast: er staat niet: "Weest ook gij bereid" of "Weest ook jullie bereid". Er staat: "Wordt gereed", "wordt bereid". Met andere woorden: het gaat hier over een situatie waarin men niet bereid is, maar men zou het worden. Men is onwetend, maar men zou wetend worden. Over die dingen spreekt de Heer, want Hij voegt er nog aan toe: "Want op een uur dat gij het niet verwacht..." Dat was ook hier weer de tegenwoordige tijd: "...dat het jullie niet toeschijnt". Jullie weten het nu nog niet. Wel, dan zal de Zoon des mensen komen.

Maar als het zover is, dan zouden jullie het weten, zodat jullie ook kunnen waken. Want het hele punt van deze gelijkenis is juist dat die heer niet waakt omdat hij onwetend is. Zou hij wetend zijn, dan zou hij gewaakt hebben. Het gaat erom: waakt. Met andere woorden: je moet zorgen dat je het weet.

Als de Heer deze dingen naar voren brengt — en ik kies natuurlijk maar één klein deel uit deze passage, uit deze rede van Matteüs 24 — dan zinspeelt de Heer op zoveel profetieën. Maar met name wijst Hij daar expliciet nog op het boek Daniël: "Wie het leest, geve er acht op." Ik wil u daar graag even mee naartoe nemen, en dan vooral naar het slot van dat boek.

Daniël en de Verzegelde Woorden tot de Tijd van het Einde ↑ hoofdstukken

Daniël kent twaalf hoofdstukken en daar staan geweldige dingen in; wat aan Daniël allemaal bekend is gemaakt en wat hij in zijn leven heeft meegemaakt. De voorzeggingen die hij heeft mogen doen, zijn van Gods wege en werkelijk indrukwekkend. In Daniël 9 leest hij de Schriften, de profeet Jeremia, en stelt hij vast dat de termijn waarover Jeremia ooit al had gesproken – namelijk dat de ballingschap en de verwoesting van Jeruzalem zeventig jaar zou duren – nu ten einde zou moeten zijn. Jeremia had dit al voorzegd voordat Israël in ballingschap ging. Daniël bevindt zich in het buitenland, in ballingschap, en realiseert zich dat hij aan het einde van die periode is gekomen. Omdat God had gezegd hoe lang het zou duren, wist hij het jaar. Nu de termijn is aangebroken, gaat Daniël op de knieën en doet hij een beroep op de Heer.

Er gebeuren vervolgens hele wonderlijke dingen, maar ik wil er op wijzen dat Daniël zelf niet alleen een profeet was – Jezus noemt hem ook zo: "Daniël de profeet" – maar dat hij de profeten ook geloofde. Jeremia had ver van tevoren al gezegd dat de termijn van Israël in het buitenland zeventig jaar zou duren en dat Jeruzalem al die tijd een compleet verwoeste stad zou zijn. Dat was een kwestie van de kalender bijhouden; Daniël wist dat het nu zover was en dat de zeventig jaren voorbij waren. Met andere woorden: Israël gaat weer terugkeren, want God heeft dat beloofd. Dat zijn schitterende dingen waar Daniël zelf gelovig mee bezig was.

In Daniël 12 lezen we dat hij een heleboel gehoord heeft. In vers 8 zegt hij: "Ik nu hoorde het wel, maar begreep het niet. En ik zeide: Mijn Heer, waarop zullen deze dingen uitlopen?" Een andere vertaling vraagt letterlijker in welke tijd dit gaat gebeuren. Daniël onderzocht dat zelf en krijgt als reactie: "Ga heen, Daniël, want deze dingen blijven verborgen en verzegeld tot de tijd van het einde." Dat wil zeggen dat ze ontoegankelijk zijn. Je hebt die godspraak gekregen, het staat zwart-op-wit, maar het is verzegeld en je kunt er niet bij komen tot de tijd van het einde.

Velen zullen zich laten reinigen, zuiveren en louteren. Als u terugbladert naar Daniël 11, ziet u dat het gaat over de velen onder het volk Israël; dat is de context. Velen zullen zich laten reinigen, maar de goddelozen – degenen die geen rekening houden met Gods Woord – zullen goddeloos handelen. Geen van de goddelozen zal het verstaan; het zal hen compleet ontgaan en ze zullen het niet begrijpen. Maar, zo staat er: "de verstandigen zullen het verstaan." In het Hebreeuws staat hier de maskelim. Ik heb een goede vriend die daar een roman over heeft geschreven onder die titel: De Maskelim. Het gaat om de verstandigen onder het volk; zij zullen inzicht krijgen. Het is verzegeld tot de tijd van het einde, maar als het eenmaal zover is, zal de kennis toenemen.

Dit stond ook al in het voorgaande vers 4: "Gij Daniël, houd de woorden verborgen, verzegel het boek tot de tijd van het einde. Velen zullen onderzoek doen en de kennis zal vermeerderen." Dat gaat over de kennis van deze toekomende zaken die aanvankelijk tot de bestemde tijd verborgen zijn. Maar als het zover is, wordt het boek geopend en wordt er opening van zaken gegeven. De verstandigen zullen stralen als de glans van het uitspansel en zij zullen het verstaan.

Daniël zelf behoorde tot die maskelim, de verstandigen; iemand die acht geeft op wat er staat geschreven. Hij liet zich niet leiden door de opinies in de wereld of door sensaties. Uiteindelijk is dat vroom klinkende sensatiebejag net zo werelds, omdat je dan niet acht geeft op wat er staat, maar alleen op de sensatie. Het resultaat daarvan is het in diskrediet brengen van de Schrift, en dat is het ergste wat een mens kan doen. Als God gesproken heeft, zou je moeten luisteren naar wat Hij te melden heeft; dat is van belang. De rest – wat mensen zeggen – is bijzaak. Ook vrome sensatie is gewoon werelds, ook al zit er een godsdienstig sausje over. Het is eigenlijk nog veel kwalijker dan wat de Telegraaf erover beweert, want daar hoef je dergelijke dingen toch al niet van te verwachten. Maar juist als mensen met een beroep op God, en zeker met verwijzing naar de profetie, daar valse dingen over zeggen, is dat een buitengewoon kwalijke zaak. Maar de verstandigen zullen het begrijpen.

Het Staken van de Offerdienst en het Aftellen van de Dagen ↑ hoofdstukken

Er staat geschreven, en dat blijkt dan ook: van de tijd af dat het dagelijks offer wordt gestaakt... Er komt een tijd dat er weer op het tempelplein een offerdienst zal zijn. Dat is nu misschien nog moeilijk voor te stellen, maar er zijn grote plannen. Je zou je daarin eens moeten verdiepen. De tempel die het Joodse volk zo graag wil hebben, is in feite al kant-en-klaar. Volledig zelfs! De hele tempel ligt al helemaal klaar; het wachten is eigenlijk op het moment dat hij daar ook daadwerkelijk neergezet kan worden. Je begrijpt dat dit een gebeurtenis van de grootste orde zou zijn als dat daar op het tempelplein plaatsvindt. In het hol van de leeuw, in die islamitische wereld, notabene in het centrum van de moslimwereld, zou daar een Joods heiligdom komen. Pal naast of misschien ter vervanging van de huidige islamitische heiligdommen – dat is nog een ander verhaal – maar de plannen zijn er in ieder geval.

Eén ding voelt iedereen wel aan, en dat zie je elders ook: de dingen spitsen zich toe. Dit kan niet al te lang meer doorgaan. In de christelijke wereld voelt men dat, maar ook in de moslimwereld weet men wat er aan de gang is. Daar heeft men net zo goed een eindtijdverwachting, en daarom gelooft men ook dat de staat Israël vernietigd moet worden; dat is missie nummer één, juist in verband met hun eindtijdvisie. Ik kan me voorstellen dat als u dit zo aanhoort, u zegt: "Ik vind het complex, André." Maar het is ook complex. Sommige mensen worden er onrustig van, en daarom is het zo van belang om georiënteerd te zijn op wat er staat geschreven.

Zoals ik al zei, er zal weer een tijd komen dat er op het tempelplein een dagelijks offer wordt gebracht. Of dat gepaard gaat met een complete herbouw van de tempel is een andere vraag, maar in ieder geval zal er weer een Joodse offerdienst zijn, en die zal bij gelegenheid gestaakt worden. Men zal de offerdienst staken en in plaats daarvan wordt een gruwel opgericht. Van de tijd dat het dagelijks offer wordt gestaakt en een gruwel – iets gruwelijks, meestal een afgodsbeeld – wordt opgericht die verwoesting brengt, begint de tijd te lopen. Dat heeft te maken met de grote verdrukking die dat vervolgens met zich mee zal brengen. De Heer zegt al: zo is het er nog nooit in de wereld geweest en het zal er ook nooit meer zijn. Het is een verschrikkelijke tijd. Vanaf dat moment, zo staat er, zijn het 1290 dagen. Er wordt ook nog gesproken over 1260 dagen, maar om het nog ingewikkelder te maken staat er: "Welzalig, of gelukkig, hij die blijft verwachten en 1335 dagen bereikt."

Ziet u trouwens wat hier gebeurt? Er komt dus een moment dat de dagelijkse offerdienst op het tempelplein, die nu nog moet beginnen, zal worden gestaakt. In plaats daarvan zal een afgodsbeeld, een gruwel, worden opgericht. Vanaf dit moment is het een kwestie van aftellen. Dan weet men: vanaf nu nog 1290 dagen, en nog verder geteld 1335 dagen. Wat er precies gebeurt bij die 1290 of bij die 1260 dagen, en de 75 dagen die daartussen zitten, is nu even niet het onderwerp. Het gaat me erom dat vanaf het moment dat de maskilim, de verstandigen die acht geven op het profetisch woord, dit zien, zij weten: "Aha, nu is het aftellen begonnen." In die Joodse context weet men dan elke dag: "Het is nu nog maar 1289 dagen," en de volgende dag: "Nog maar 1288 dagen." Men weet dan de dag; daarvoor nog niet, maar vanaf dan wel. Dan weet men het, en dan kan men dus ook waken.

Ziet u hoe zo’n tekst gewoon uit zijn samenhang en context wordt gelicht? Daarmee wordt er een betekenis aan gegeven die precies tegenovergesteld is aan wat de Heer juist aangaf. Als Hij zegt "waakt", dan bedoelt Hij daarmee: geef acht op wat er staat geschreven, want dan weet je hoe laat het is. Maar pas op de bestemde tijd wordt het duidelijk. Zolang die woorden verzegeld zijn, is men onwetend; het wordt verborgen gehouden. Zelfs Daniël begreep het destijds niet. Hij kreeg te horen: "Nou, maak je niet druk, het komt, te zijner tijd zal het duidelijk worden." Het laatste woord in het boek Daniël luidt: "Maar jij, ga het einde tegen." Er wordt tegen Daniël gezegd dat hij het einde tegemoet moet gaan en zal rusten. Hij zou ontslapen, en inmiddels ligt Daniël al vele eeuwen, duizenden jaren, in het stof. Maar er staat: "En je zult opstaan tot uw bestemming aan het einde der dagen."

Het einde der dagen betekent niet simpelweg dat alle dagen ophouden. Nee, het gaat om het einde van de dagen waarover gesproken is: die 1335 dagen. Want dan vindt namelijk de opstanding plaats. (Intermezzo: "Papa!" Wie spreekt er nou? Zeg maar tegen je vader: even rustig houden, zaterdag mag je spreken.) Precies, dat is het. Dan zul je opstaan tot uw bestemming aan het einde van die dagen, namelijk die 1335 dagen. Dan zal Daniël opstaan; dan vindt de opstanding van de rechtvaardigen plaats. Ik zeg nu meer dan ik zo even allemaal kan toelichten, maar ik hoop u in ieder geval duidelijk te hebben gemaakt dat woorden verzegeld worden, maar dat God op de bestemde tijd opening van zaken zal geven. De intelligenten, de verstandigen, de maskilim zullen het verstaan. Zij weten: "Aha, nu wordt die dagelijkse offerdienst gestaakt en nu is het een kwestie van zoveel dagen nog, zoals Daniël daarover gesproken heeft." Dan kunnen ze ook waken, want dan weten ze het. Degenen die er totaal geen acht op geven, weet u wat die zeggen? "Ach, het is al zo vaak en zoveel voorspeld, en allemaal hebben ze het mis gehad." Zo zie je dat je met al die sensatieverhalen gewoon helemaal met een kluitje in het riet gestuurd wordt.

Paulus over de Dag Des Heren en de Wegrukking (1 Thessalonicenzen 5) ↑ hoofdstukken

En nu gaan we naar 1 Thessalonika 5. Want ook daar spreekt Paulus over die metafoor van een dief in de nacht. Dat is boeiend en ik denk met name ook voor ons van belang, want je zou natuurlijk kunnen verdedigen dat wat er in Matteüs geschreven staat — als de Heer dat zo zegt tegen Zijn discipelen — in een compleet Joodse context staat. Hij spreekt tegen Joodse mensen; het is een volledig Israëlitisch gebeuren en het gaat over degenen die in Judea zijn en dat in Jeruzalem zullen zien. Maar wij hebben te maken met het woord van de apostel van de natiën. Hoe zit dat nou met ons?

In 1 Thessalonika 5 spreekt Paulus daar ook over. Dan moet ik eerst iets zeggen over het direct voorafgaande gedeelte, want daar spreekt hij ook al over de parousia van Christus. Dat is naar aanleiding van mensen in de Ecclesia in het huidige Saloniki die ontslapen waren. In Thessalonica was er verwarring ontstaan: zouden zij straks de boot missen? Nee, zegt Paulus, want zij die in Christus ontslapen zijn, zullen zeker de boot niet missen. Integendeel, zij zullen samen met de levenden die achterblijven tot de parousia van Christus, dat gaan meemaken. De parousia is de verwachting van Zijn aanwezigheid, dat Hij zal komen in heerlijkheid.

Ik geef nu even een korte samenvatting van dat gedeelte van vijf of zes verzen. Het is geweldig: Paulus zegt dat de bazuin zal klinken en hij spreekt over de aartsengel die zal roepen. Daniël spreekt daar trouwens ook over: Michaël. De bazuin zal klinken en de ontslapen gelovigen zullen eerst opstaan. Dat is de verwachting. En dat niet alleen: daarna zullen de levenden samen met hen de Heer tegemoet gaan in de lucht.

Met andere woorden: Paulus zegt niet dat die ontslapenen al bij de Heer zijn en Hem nu met palmtakken zitten te loven. Nee, zij zijn ontslapen. Dat woord is op zichzelf al veelzeggend: ze slapen. Precies zoals u vannacht ook gedaan hebt, hoop ik tenminste. Als je slaapt, ben je je van niets bewust. Alles is gericht op die opstanding, op dat ontwaken. Als de bazuin klinkt — en vervolgens klinkt er nog een bazuinstoot, de laatste bazuin — dan zullen de levenden veranderd worden. Je moet compleet getransformeerd worden om in geheel nieuwe condities te verkeren.

Daarna zullen de levenden samen met hen de Heer tegemoet gaan in de lucht. Paulus gebruikt daarvoor een heel bijzonder woord: weggerukt worden. Ik geloof dat de NBG-vertaling 'weggevoerd worden' zegt, maar dat vind ik nog wat te slap. 'Weggerukt' wordt gebruikt voor een situatie van plotseling gevaar. Exact hetzelfde woord gebruikt Johannes in het boek Openbaring over de mannelijke zoon. Er wordt daar gesproken over een vrouw die een mannelijke zoon baart die wordt weggerukt tot God en Zijn troon. Vervolgens vlucht die vrouw naar de woestijn om daar 1260 dagen bewaard en gevoed te worden en te schuilen. Dat hetzelfde woord wordt gebruikt — weggerukt worden voor een plotseling gevaar — is veelzeggend. En alzo, zo sluit Paulus dat gedeelte in 1 Thessalonika 4 af, zullen we altijd met de Heer zijn. Dat is natuurlijk het geweldige perspectief.

Hij heeft daar dus al veel over gemeld, maar nu pakken we de draad op in 1 Thessalonika 5 in verband met ons onderwerp: de dief in de nacht. Paulus zegt: "Maar over de tijden en gelegenheden, broeders..." Wanneer dat zal zijn en bij welke gelegenheid dat allemaal zal plaatsvinden, daarover is het niet nodig dat jullie aangeschreven worden. Waarom niet? Wel, het antwoord is dat ze daarvan al op de hoogte waren. Immers, jullie weten zelf zeer goed, jullie hebben op nauwkeurige wijze al waargenomen, dat de Dag des Heren zo komt als een dief in de nacht.

Daar hebben we de term: als een dief in de nacht. Dat betekent onverwacht, en voor degenen die niet geloven ook ongewenst. Maar lees door: "Terwijl zij zullen zeggen..." 'Zij', dat is afstandelijk; dat zijn niet 'wij'. Zij zullen zeggen: "Het is alles vrede en rust." Wanneer zij zeggen: "Vrede en zekerheid", dus in een omstandigheid waarin iedereen roept: "Wauw, geweldig, vrede!" Dat zeggen de mensen nu trouwens niet hoor; nu is het onvrede en onzekerheid. Maar er komt een tijd van vrede en rust — vals weliswaar, maar niettemin zal men vrede en zekerheid hebben. Het zal zelfs zo zijn dat iemand zich kan manifesteren en zeggen: "Dit is eindelijk het beloofde Messiaanse Rijk." De misleiding zal heel groot zijn. Het is ook logisch dat als deze situatie zich voordoet, mensen gemakkelijk misleid worden. Ze denken: "Dit moet het zijn. Het beantwoordt misschien niet helemaal aan wat de Bijbel zegt, maar toch, dit moet het zijn." Zij zullen dan inderdaad op het verkeerde paard wedden.

Terwijl zij zeggen: "Het is alles vrede en zekerheid" — en dat gaat vooral over de situatie rondom Israël, zoals we ook in 2 Thessalonika zien — overkomt hun, als de weeën een zwangere vrouw, een plotseling verderf. Dat 'plotseling' is ook hier weer onverwacht. Een plotseling verderf, een uitroeiing. Dit is niet vrolijk, dat moet duidelijk zijn. Hoewel op deze plaats altijd het goede bericht wordt verteld dat God de Redder is van alle mensen, krijg ik vaak op mijn bordje — en misschien u ook als u erover spreekt — dat we schriftuurlijke waarheden wegpoetsen. Men zegt: "Je spreekt niet over het oordeel dat nog gaat komen."

Ik spreek nu voor mezelf: het is van belang om heel de Schrift te laten staan, ook daar waar gesproken wordt over het gericht. Dat komt er. Wat er gaat gebeuren voor deze wereld is enorm en ook verschrikkelijk; daar moet je niet licht over denken. Zoals ik geloof dat Hij de Redder is van alle mensen, zo geloof ik ook deze dingen. Waarom? Omdat de Schrift erover spreekt. Voordat die toekomende aion gaat aanbreken, zal eerst op hardhandige wijze deze boze aion beëindigd worden. Er zal inderdaad een uitroeiing plaatsvinden, een verderf. "Plotseling", staat er. Onverwacht. En er staat dat zij geenszins zullen ontkomen.

Dat het uiteindelijk 'eind goed, al goed' is, dat weet ik natuurlijk. Maar we hebben het nu even over de tussenliggende stappen. De Bijbel houdt ons deze dingen net zo goed voor. Het is geen kwestie van het één of het ander geloven; geloof gewoon alles wat er geschreven staat. "En zij zullen geenszins ontkomen." Dat was nu juist waar Paulus het over had. Zij zullen niet ontkomen, in tegenstelling tot degenen die Paulus aanschrijft: de gelovigen in Christus. Want die zullen namelijk geëvacueerd worden.

Zodat Die Dag U Niet als een Dief Overvallen Zou ↑ hoofdstukken

Het is eigenlijk het vers waar ik voor deze gelegenheid met name op doel. Paulus zegt dan: "...zodat die dag u niet als een dief overvallen zou." Hier zie je het heel duidelijk. Als men zegt dat je niet kunt weten wanneer het gebeurt, omdat het onverwacht gebeurt — er staat immers dat Hij komt als een dief in de nacht — dan is de vraag: voor wie? Voor hen die de Schriften niet kennen. Voor hen zal het onverwacht zijn. Maar als je het licht kent en niet in de duisternis wandelt, ligt dat anders. Kortom, wat is het licht op ons pad? Dat is gewoon dat wat er staat geschreven. Dat zijn niet de woorden van een of andere profeet of van visionaire mensen die maar wat roepen; nee, dat is wat er staat geschreven.

Als je bij dat licht wandelt, dan komt die dag, die gebeurtenis, niet als een dief in de nacht. Dan weet je hoe laat het is. Als zij zullen zeggen: "Vrede en zekerheid", dan weten wij des te meer hoe laat het is. Afgezien van het feit dat de Bijbel ook een chronologie kent. Het feit dat de termijn van de zes dagen sowieso afloopt, maakt dat wij gewoon nu in 2015 weten: het kan niet al te lang meer duren. Die zevende dag gaat aanbreken.

Maar bovendien weten we nog iets: er zal weer een offerdienst zijn op het Tempelplein. Dus als men zegt dat het zomaar elk ogenblik kan gebeuren, dan ben ik het daar absoluut niet mee eens. Ik heb dat heel vaak gehoord, maar dat komt erop neer dat die dag ons wél zou overvallen als een dief. Dat zou betekenen dat het elk moment kan gebeuren, vanavond of morgen, en dat je het niet weet. Nee, het zal ons niet overvallen. Juist wanneer men dat allemaal zal zeggen, in een situatie van vrede en zekerheid, zal hen een plotseling verderf overkomen. Maar wij die geloven, worden weggerukt. Zo mag ik het althans verstaan vanuit de Schrift, en ik geef het u door.

Ik zeg erbij: ik pretendeer niets, maar ik presenteer me ook niet als een profeet. Ik geef door wat ik heb gezien in de Schrift en het is aan u om het te checken. Check of het waar is wat ik zeg. Geloof het pas wanneer u het zelf hebt gezien, niet eerder. Dat staat geschreven. Maar neem het me niet kwalijk dat ik dat zo doorgeef vanuit hoe ik dat versta. Ik geef de bonnetjes erbij en het is aan u om dat te controleren. Ik zeg dat misschien ten overvloede, maar ik vind het van belang om je door niemand iets op de mouw te laten spelden.

Het gaat om het licht. Paulus zegt ook: "Want jullie zijn allen kinderen van het licht." Dat zijn degenen die geloven, degenen die Hem kennen, degenen bij wie het Woord is binnengekomen. Dan ben je toch een kind van het licht? Een mens wil toch bij het licht zijn? Wij zijn kinderen van de dag en we behoren niet aan de nacht of de duisternis toe. Ik moet zeggen dat ik het een godsgeschenk vind om bij de dag te leven. Ik bedoel dat nu even in een andere zin dan hoe het meestal gebezigd wordt: om bij de dag te leven, bij het licht te leven. Weten waar je vandaan komt, weten waar je naartoe gaat.

Mensen zullen misschien zeggen dat het hoogmoedig is als je zoveel zekerheid hebt, maar die zekerheid kunnen wij hebben. "Wij weten," zegt Paulus. Waarom? Wel, we zijn kinderen van het licht en die dag zou ons niet overvallen als een dief. We weten hoe laat het is. Wij worden geacht ook te weten hoe laat het is, er tenminste van uitgaande dat we inderdaad wandelen en dat we waken. Dat is precies wat Paulus zegt: "Laten we dan ook niet slapen" — want ja, dan weet je nog niks natuurlijk — zoals de anderen, maar wakker en waakzaam zijn.

Wees alert. En met alert bedoel ik niet in de eerste plaats weten wat er in de wereld gebeurt, want daar ontkom je toch al niet aan; dat komt sowieso wel op je af. Het gaat erom: weet wat er in de Schrift staat. Wakker zijn, en ook nuchter. Laat je niet door hypes laten meevoeren of door die slappe citaten die iedereen zogenaamd weet: "Ach, dat weet je niet, want Hij komt als een dief in de nacht." Probeer door dat soort prietpraat — ik zei niet Piet-praat, maar prietpraat — heen te prikken, want dat zijn van die loze citaten. Wakker zijn, nuchter. Want zij die slapen, slapen des nachts; dat is waar Paulus het over heeft. Dat hoort bij de nacht, dan is het donker. Trouwens, als je je ogen dichtdoet, dan wordt het ook erg donker. En zij die zich bedrinken, zijn doorgaans ook 's nachts dronken. Dat dronken zijn en het niet nuchter zijn, dat hoort bij de nacht. Wij horen bij het licht, bij de dag. We zijn daarom nuchter en waakzaam. Dat is de hele simpele vergelijking.

Nuchter Waken met de Helm van een Hoopvolle Verwachting ↑ hoofdstukken

Laten wij, die de dag toebehoren, nuchter zijn. Gewoon bezonnen, om je niets op de mouw te laten spelden. Dat ging trouwens in Thessalonika ook al op, dat er mensen waren die voorspellingen deden. Maar laten we nuchter zijn, toegerust, nadat we dat borstharnas van geloof en liefde hebben aangetrokken. Geloof is hier natuurlijk in de eerste plaats het vertrouwen in wat God gesproken heeft. Dat wat er staat geschreven, zwart op wit. En liefde, want als je de grote God kent, dan weet je dat Hij zulke diepe wegen gaat. Ook met de verschrikkingen die er gaan gebeuren; ik wil daar niets van afdoen, totaal niet. Maar ik wil het wel in de grote context plaatsen van Gods liefde die alles uitwerkt, namelijk om alles bij Zich te brengen. Dat is Zijn liefde.

Zorg ervoor dat je dat borstharnas hebt aangetrokken, want dat borstharnas is er om met name je hart te bewaken, zodat je daar niet getroffen wordt. Zodat je in deze wereld staat met alles wat er gaande is en vertrouwen hebt. Dat je geloof en ook die liefde kent, het grote perspectief. En dat je zo ook naar de wereld mag kijken en daarmee begaan bent. Want dat gebeurt nu trouwens ook; ik bedoel, we hebben het niet alleen over de toekomende dingen, maar er is nu al zoveel gaande. Maar als je dan deze combinatie hebt van zowel geloof als liefde... ja, hoe zou je dat anders kennen dan doordat God gesproken heeft? Nou, dan ben je met recht toegerust. Dan heb je dat aangetrokken en heb je een borstharnas, en dan is dat hart veilig. Het is zo belangrijk om dat aangetrokken te hebben.

Er staat nog iets bij, wat ik ook mooi vind: "met de helm van de hoop der zaligheid". Nou ja, dat is wel heel erg oud-Nederlands en wekt misschien ook wat verkeerde associaties, maar er staat eigenlijk gewoon "van redding". Oh, is dat ook alweer zo'n alarmmelding? Adrie meldde mij van de week... even tussendoor. Adrie meldde mij, hij zei: "André, weet je dat we trouwens..." Ja, natuurlijk. Adrie, die zojuist wegloopt, die meldde mij van de week per mail: "Wist je, André, dat we precies negen jaar geleden — het was van de week 25 september geloof ik — precies negen jaar geleden begonnen zijn met de samenkomsten hier?" Toen nog trouwens in het NH Hotel, en later zijn we naar het To Be Home gegaan. Maar goed, Adrie is toch weer teruggekomen.

Oké, met de helm. Het ene bewaart je hart, het andere ook je hoofd. Met de helm van de hoop van redding. Daar zien wij ook naar uit, en juist waar Paulus het in het voorgaande over had gehad: over die wegrukking. Dat is juist die evacuatie met het oog op redding, om uitgered te worden uit die situatie. Welnu, die heb ik al. Dat is een helm, een helm van hoop. Ja, hoop. Het mooie van het woord "hoop" is dat het optimistisch is. Ik houd ook van het woordje "verwachting", dat wil zeggen dat het zeker is. Als je alleen maar "hoop" hebt in de algemene zin, dan zit daar juist niet die associatie en gedachte van zekerheid in. Het is een hoopvolle verwachting, dat is het. Dat is die helm waardoor we het hoofd koel houden. Onze borst en wat erin zit, het hart, we kunnen ook ademhalen; dat moet beveiligd worden, want er komt zoveel op je af.

Lees maar in Efeze 6, waar Paulus nog veel uitgebreider op die wapenrusting ingaat. Hier noemt hij alleen dit borstharnas en die helm. Oei, ik zie ineens dat het tijd is. "Want God heeft ons niet gesteld tot toorn", die straks ook over deze wereld zal losbarsten. Trouwens ook de toorn van de slang die geworpen zal worden op de aarde. Want God heeft ons niet gesteld tot toorn, maar tot het verkrijgen van redding, tot verwerving van redding door onze Heer, door de Heer van ons, namelijk Jezus Christus. Kijk, dat is de verwachting. Dat is de hoop. Daar zien we naar uit. Ik stel voor dat we daar een lied over gaan zingen.

🎧 Als Een Dief In De Nacht
Delen: