GoedBericht.nl logo
UltimateGoodNews

Absalom, Absalom!

19-02-2023 - Geplaatst door Andre Piet
19 februari 2023, Den Haag

In een tweetal samenkomsten staan we nader stil bij de figuur van Absalom, wiens geschiedenis wordt beschreven in 2Samuël 13 t/m 19. N.a.v. de trieste affaire met Batseba wordt David aangezegd dat het zwaard niet van zijn huis zou wijken (2Sam.12). De knappe en ambitieuze Absalom blijkt de verpersoonlijking van dit zwaard. Eerst in de kwestie rond Amnon en Tamar (hfst. 13 en 14) en vervolgens in de staatsgreep die Absalom pleegt. Daardoor wordt David zelfs genoodzaakt Jeruzalem te verlaten. Uiteindelijk komt (zoals bekend) Absalom om doordat hij met zijn hoofd blijft hangen in een eik… Het hoeft niet te verbazen dat achter de drama’s in dit relaas ook typologische betekenissen schuilgaan…

Powered by RedCircle

Powered by RedCircle

📝 Samenvatting & Transcriptie: Absalom, Absalom! (1)

Samenvatting van deze toespraak

Deze studie biedt een verhalend overzicht van de geschiedenis van Absalom, gecentreerd rond de familie van koning David. Aan de hand van de tragedie met Tamar en Amnon wordt geïllustreerd hoe het oordeel van Nathan over Davids huis zich voltrekt. De gebeurtenissen tonen niet alleen de rauwe menselijke realiteit, maar hebben ook een diepere typologische betekenis. De tijdelijke afwezigheid en opstand van Absalom verwijzen naar de huidige periode, waarin de heerschappij van de Zoon van David nog wacht op definitieve vestiging.

“Absalom symboliseert in het algemeen — dit is even een algemene opmerking — feitelijk het zwaard in Davids huis.”

Introductie en Opzet van het Thema ↑ hoofdstukken

Wat een mooie introductie, gezellig. Een hele goedemorgen allemaal, vrienden hier in Den Haag! U bent voorlopig nog even niet van mij af; u zult het toch echt met mij moeten doen. Ik ga het namelijk tot twee keer toe over Absalom hebben. De eerste samenkomst wilde ik 'Absalom' noemen en de tweede samenkomst ook 'Absalom'. Dat leverde het algehele thema op: 'Absalom, Absalom!'. Degenen die de geschiedenis een klein beetje kennen, weten dat die titel niet alleen refereert aan een dubbele samenkomst, maar helemaal aan het einde van Absaloms geschiedenis. Dat heeft ook alles te maken met het plaatje dat u op deze dia ziet, ontleend aan de Good News Bible met die prachtige prentjes van mevrouw Vallotton.

Wat weten we nu eigenlijk over Absalom? Ik heb het gisteren nog eens nagevraagd aan mijn vrouw, Petra, die zojuist meldde dat ik een slapeloze nacht heb gehad. Dat klopt trouwens ook wel een beetje, en dat kwam door het thema. We kennen allemaal de geschiedenis van Absalom wel enigszins, maar het is een heel lang relaas. Hoe giet je dat in een goed vat om het in een tweetal samenkomsten allemaal te bespreken? Het is echt heel veel. De gebruikelijke methode voor mij is de meest simpele: gewoon vers voor vers door het gedeelte heen gaan tot je vanzelf bij het einde komt. Maar dat ging in dit geval absoluut niet op, dus ik moest het op een andere manier gaan presenteren. Dat leverde mij inderdaad een enigszins slapeloze nacht op, maar ik hoop dat ik wakker blijf — en ik hoop dat u dat ook blijft trouwens!

Bekend is vooral — ik vroeg het gisteren ook aan Petra: "Wat weet jij eigenlijk over Absalom?" — nou, als ik eerlijk moest bekennen: niet al te veel. Behalve bijvoorbeeld dit: de meeste mensen weten wel dat hij zo'n kolossaal kapsel had. We komen er zometeen nog wel op terug. En dat hij daar ooit mee vastraakte in een boom; meer precies een terpentijnboom, oftewel een eik. Maar dan hebben we het al over het einde van zijn geschiedenis, en daar gaat natuurlijk nogal wat aan vooraf. Hoewel hij trouwens al op zeer jonge leeftijd is overleden — hij was nog een twintiger — is veruit het meeste van zijn geschiedenis zo goed als onbekend. Voor de meesten van nu dan; er zullen ongetwijfeld uitzonderingen zijn, maar de meesten van u kennen zijn geschiedenis waarschijnlijk nauwelijks.

Met één ding had ik niet zoveel moeite, en dat is met de indeling van deze dag, van deze dubbele samenkomst. Absaloms geschiedenis wordt verhaald in de hoofdstukken 2 Samuël 13, 14, 15, 16, 17, 18 en deels ook 19. Dat zijn nogal lange hoofdstukken, maar het valt heel duidelijk uiteen in twee delen. Dat was dan wel weer een gemak, want dan wist ik een klein beetje waar ik aan toe was. In de eerste plaats — en dat is het onderwerp voor vanmorgen in het bijzonder — kijken we naar de hoofdstukken 13 en 14. Die zijn allemaal gecentreerd rond de affaire, want zo mag ik het denk ik toch echt wel noemen, rond Amnon en Tamar. Wie dat waren, daar hebben we het zo over. Vanmiddag in de tweede samenkomst gaan we het hebben over een veel langer gedeelte: 15 tot en met 19. Dat gaat over Absaloms opstand, de rebellie en de revolte van Absalom tegen zijn vader. Ik haal die tweeën, Salomo en Absalom, nogal eens door elkaar, maar het gaat hier echt om de opstand van Absalom. Dat zijn de twee centrale thema's in de geschiedenis, in het hele relaas over Absalom. Eerst nog even een paar dingen vooraf.

De Voorgeschiedenis: Davids Zonde en Nathans Oordeel ↑ hoofdstukken

Kijk, die geschiedenis van Absalom wordt verhaald in 2 Samuël 13 tot en met hoofdstuk 19. Maar de aanleiding vinden we feitelijk in het hoofdstuk dat daaraan voorafgaat, en dat is 2 Samuël 12. Daar vinden we het bezoek dat de profeet Nathan brengt aan koning David. Dat was naar aanleiding van een hele zwarte bladzijde in Davids geschiedenis, namelijk de affaire Batseba.

Ik zat even te googelen op afbeeldingen van dat bezoek van Nathan aan koning David, waarbij Nathan hem de waarheid aanzegt en ook dingen voorzegt. Het bleek dat er heel veel plaatjes van zijn; dat heeft kennelijk veel artiesten, en met name schilders, geïnspireerd om dat uit te beelden. Het gaat dan met name om die uitspraak die Nathan doet nadat hij een verhaal heeft verteld, een gelijkenis, waarbij David in woede ontsteekt. David zegt dan: "Die man moet viervoudig boeten en die is een kind des doods." En dan zegt Nathan tegen hem: "Jij bent die man." Dat gaat natuurlijk door merg en been als je die geschiedenis leest. In ieder geval is het David zo vergaan.

Wat heeft dat er nu mee te maken? Wel, ik ga er dan even... Ja, dat is altijd een beetje het lastige bij een onderwerp zoals dat van vandaag: wat weet het publiek nu van Absalom en die hele geschiedenis? Wat moet ik als bekend veronderstellen? Dat is een van de grootste didactische problemen van een Bijbelleraar. Want ja, het is niet een kwestie van klassen die je hebt doorlopen, waarbij je weet dat ze alles al hebben gehad. Nee, want zo werkt dat niet. Sommige mensen weten er al heel veel van en er zijn er ook die zo goed als helemaal niets weten en blanco zijn. Dus ja, wat moet je helemaal als bekend veronderstellen? Ik probeer een beetje de gemene delers daarin te vinden, en als u een beetje moeite doet om dat te volgen, dan gaat het echt wel goed komen. Maar David en Batseba, daar weet je toch wel iets van, denk ik zo, zelfs als je geen Bijbelkenner bent en er helemaal niet mee groot geworden bent. Het is ook een dankbaar thema geweest voor tal van films, boeken en romans.

Hoe dan ook, naar aanleiding van die affaire komt Nathan en dan zegt hij hem het volgende. In 2 Samuël 12 vers 9 vraagt hij: "Waarom hebt u het woord van Yahweh veracht en gedaan wat kwaad is in Zijn ogen?" Zo klaarblijkelijk, zo duidelijk. "De Hethiet Uria hebt u door het zwaard verslagen? Zijn vrouw hebt u tot uw vrouw genomen? En hemzelf hebt u door het zwaard van de Ammonieten gedood?" Dan wordt er gezegd in vers 10 — ik denk dat dat een heel belangrijk vers is om de hele geschiedenis van Absalom en al die toestanden te begrijpen: "Nu dan, het zwaard zal van uw huis nimmer meer wijken, omdat u Mij hebt veracht en de vrouw van de Hethiet Uria genomen hebt, opdat zij u tot vrouw zou zijn."

Als je trouwens leest dat Nathan hieraan voorafgaand die gelijkenis vertelt van die rijke man die een schaap had gestolen van een arme man die slechts één schaapje had... Nou ja, waar ik het zojuist over had. En dan lees je dat David Nathan min of meer onderbreekt: "Die man is des doods schuldig, hij moet viervoudig boeten." Hij heeft eigenlijk zijn eigen vonnis geveld, want de man die dit gedaan heeft, is een kind des doods en hij moet viervoudig vergoeden omdat hij dit gedaan heeft en geen medelijden had. Daarop sprak Nathan tot David: "U bent die man."

Het opmerkelijke in de hele geschiedenis van David is dat hij inderdaad dit heeft meegemaakt, want vier van Davids zonen zijn vervolgens in de navolgende geschiedenis gedood. Eerst lees je over de baby, de eerstgeborene van Batseba vanuit die affaire, die sterft. De tweede baby kennen we allemaal, dat is Salomo, maar de eerste is dus de baby van Batseba waarvan we de naam niet weten. Dan de tweede — en daar gaan we het straks over hebben: Amnon. Dat was een zoon van David, allemaal trouwens van verschillende dames, want er speelden nogal wat vrouwen en bijvrouwen een rol in zijn leven. En nou ja, dan krijg je Absalom. En later — daar gaan we het helemaal niet meer over hebben, maar die sneuvelt ook door het zwaard: Adonia. Alle vier de zonen worden gedood; inderdaad is dat viervoudig vergoeden in Davids eigen leven zo werkelijkheid geworden.

Dan zegt Nathan nog dit: "Zo zegt Yahweh" — zie, dit is dus echt profetie — "Zie, Ik zal over u een kwaad doen komen uit uw eigen huis. Ik zal uw vrouwen voor uw ogen weghalen en aan uw naasten geven." Uit de geschiedenis blijkt dat dit Absalom is. Er staat: "Ik zal uw vrouwen voor uw ogen weghalen" — uw vrouwen, meervoud dus — "en aan uw naaste geven." Dat blijkt dus later Absalom te zijn en die zal bij uw vrouwen liggen op klaarlichte dag. Een grotere schande was toen ook al niet denkbaar. Nathan zegt er nog bij: "Want u hebt het wel in het verborgene gedaan, maar Ik zal dit doen in de tegenwoordigheid van heel Israël en in het volle licht."

En dit is precies zo vervuld; we zullen dat later ook nog wel in het verhaal aantreffen. Want dan lees je in 2 Samuël 16 vers 22 — nu zijn we een stuk verder — dat Absalom, als hij eenmaal in Jeruzalem is en de plaats heeft ingenomen van zijn vader David, daar in het paleis is. Er staat dat men, op advies trouwens van Achitofel waar we het ook nog over gaan hebben, voor Absalom een tent spande op het dak. Op het dak! Dat is de plek waar ooit David ook Batseba aantrof, of in ieder geval vanwaaruit hij haar waarnam. Absalom ging tot de bijvrouwen van zijn vader ten aanschouwen van geheel Israël, terwijl hij daar dus openlijk op het dak in die tent zit. Moet ik het nog meer visualiseren? Het spreekt boekdelen. Wat een schande wordt hier inderdaad geopenbaard. "U hebt het in het verborgene gedaan, maar Ik zal dit doen in tegenwoordigheid van geheel Israël en in het volle licht." Zo is het daadwerkelijk vervuld. Alles wat Nathan zegt, zegt hij als profeet, als iemand die deze dingen van Godswege aankondigt. Zo zal het gaan. God laat niet met Zich spotten en dit zou zo gaan.

We weten allemaal, tenminste daar ga ik van uit, dat David een man naar Gods hart wordt genoemd, en dat is een geweldige waarheid. Een van de mooiste dingen die je over hem kunt vertellen, is dat hij een geweldig type is, een afschaduwing van Hem die na hem zou komen en die niet voor niets bij herhaling en voortdurend de Zoon van David wordt genoemd. Dat is een van de bekendste titels van de Messias. Dat is dé Zoon, dé erfgenaam uiteindelijk van David. Dat is de Messias. In het hele leven van David zien we dat ook; het is in feite al een illustratie. In die geschiedenis vind ik het mooie... Kijk, even tussendoor: als je het hebt over Absalom, dan praat je over een verzameling van geschiedenissen en dat is historisch allemaal prachtig uit te diepen. Het zijn ook zondagsschoolverhalen en er is van alles uit te leren, ook gewoon voor je persoonlijk leven.

En ik zeg: geweldig hoe God daar zo de hand in heeft en dat leidt. Soms verbaas je je en ben je zelfs verbijsterd. Maar uiteindelijk het allermooiste, als u het mij vraagt, is dat het gewoon Gods plaatjesboek is. Het zijn allemaal illustraties die veel grootsere dingen voorstellen en die wijzen op Hem die komt.

David is een type, maar in feite in zekere zin ook een antitype; in de zin van het tegendeel. Zoals Adam een type is van Christus, van de laatste Adam. Jawel, maar hij is ook de duistere of de zwarte – hoe moet ik het zeggen? Hij is ook de tegenpool. Door één mens is de zonde in de wereld gekomen, maar door een ander mens is de rechtvaardiging en het leven in de wereld gekomen. Dus de dood door de zonde van de één, maar door de ander juist het leven door één daad van rechtvaardigheid.

Er is dus overeenkomst, dat bedoel ik te zeggen. Er zijn heel veel parallellen en dingen die je zo daarnaast kunt leggen, maar er zijn juist ook heel veel grote contrasten. En dat zie je ook in het leven van David. Hij is aan de ene kant een illustratie. Je ziet dezelfde lijnen als later in de Zoon van David, maar je ziet ook grote contrasten. En als u het mij vraagt, is dat in de geschiedenis van David en Batseba wel heel erg duidelijk.

Typologie: de Vervallen Hut van David ↑ hoofdstukken

Als we het dan toch over deze dingen hebben, dan wil ik op voorhand al iets daarover zeggen. Het wordt ook van mij verwacht, dat weet ik, om iets over de typologie daarvan te vertellen. In de geschiedenis van Absalom liggen geweldige typen besloten. Absalom symboliseert in het algemeen — dit is even een algemene opmerking — feitelijk het zwaard in Davids huis. Ik bedoel, als door Nathan gezegd wordt dat het zwaard van zijn huis niet zal wijken, en je krijgt vervolgens een heel aantal hoofdstukken over Absalom, dan symboliseert hij dat zwaard. Hij staat model voor iets dat u even goed moet vasthouden; via subtiele hints zal ik daar misschien nog allerlei verwijzingen naar geven. Typologisch staat Absaloms geschiedenis feitelijk model voor de vervallen hut van David.

De vervallen hut van David is eigenlijk een uitdrukking uit de profeten, die later ook in het boek Handelingen wordt aangehaald. Dat gaat over het huis van David, de dynastie van David. Dat is een wat dubbelzinnige term, maar het gaat om een huis dat vervallen is, dat — om in de terminologie te blijven — verscheurd is, waar een zwaard doorheen is gegaan, waar een scheiding in is aangebracht of een onderbreking. Waar het in feite over gaat, is dat God voorzegt dat wat er van Davids huis overblijft een vervallen hut is, maar dat God die op Zijn tijd weer gaat herstellen. De dynastie, het huis van David, wordt hersteld. "Het huis van" is met opzet een wat dubbelzinnige term, want het staat voor zijn gezin, zelfs voor zijn paleis en bij gelegenheid voor zijn graf, maar ook gewoon — en dat lijkt mij het meest duidelijke — voor zijn dynastie. Het hele huis van David, zoals wij spreken over het koningshuis.

Wat ik daarmee ook bedoel te zeggen, is dat die geschiedenis, die onderbreking in Davids heerschappij — ook letterlijk trouwens — verwijst naar de huidige tijd die voorafgaat aan de definitieve vestiging van Davids dynastie. In feite gaat het in Absaloms geschiedenis over het feit dat de bezetting van Davids troon wordt betwist. Maar dat is precies ook de tijd waarin wij nu leven. Ik bedoel, de Zoon van David is er wel, maar Zijn heerschappij moet nog definitief gevestigd worden en wij zitten in die breuk. Er is als het ware een zwaard doorheen gegaan. Het is trouwens ook heel illustratief dat je aan het einde van 2 Samuël 12 leest dat Salomo wordt geboren, de erfgenaam van de troon. Maar zijn heerschappij wacht nog. Nou, als u begrijpt wat ik bedoel: ook dit is illustratief. Hij is er wel, maar zijn heerschappij wacht nog. En Absalom, dat is wat daartussen zit.

Dat brengt mij dan toch onvermijdelijk bij de actualiteit van Absalom en deze hele geschiedenis en alles wat daar plaatsvindt. Het verwijst naar de onderbreking in Davids geschiedenis. Veel bekender is de onderbreking waarbij hij eerst gezalfd wordt en het vervolgens nog een hele tijd duurt voordat hij daadwerkelijk op de troon komt. Dat is ook een breuk, een onderbreking waarin hij wordt vervolgd door Saul en een groep om zich heen verzamelt van mensen uit Adullam. Dat spreekt ook van de huidige tijd. Maar in feite is Absaloms geschiedenis ook weer zo’n onderbreking. Dat is weer een ander perspectief. Ik kom even niet op het woord... ja, van die luiken, weet u wel? Een drieluik of een vierluik bij geschiedenissen, waarbij je vanuit verschillende vensters tegen hetzelfde aankijkt. In feite zie je dat ook in de geschiedenis van David: iedere keer als je door het luik heen kijkt, krijg je een visie of een zicht op degene die na hem komt, maar iedere keer vanuit een ander venster, vanuit een ander luik of een ander perspectief.

Nou, dan moeten we het nu toch maar eens over de geschiedenis zelf gaan hebben.

De Tragedie Rond Amnon en Tamar ↑ hoofdstukken

Want dit was feitelijk nog maar de inleiding. Nou weet u nog niks, hè? Dat was trouwens ook een van de redenen waarom ik wakker lag: hoe ga ik dit alles in toch enigszins christelijke taal vertellen? Oké, we hebben het dus over Absalom. Ik vermeld nu eventjes — voor de rest speelt dat geen grote rol, maar om u enigszins een indruk te geven — de leeftijden er even bij. Die heb ik niet hoogstpersoonlijk nagezocht, maar ik heb ze overgenomen. Dat is heel slordig van mij, dat weet ik, maar ik ben er niet aan toegekomen om het helemaal met precisie na te gaan. Ik weet wel dat het sowieso ongeveer klopt. Maar met precisie staat het in de Companion Bible van Bullinger, een geweldig werk. Trouwens, ook in deze studie is dat mij weer gebleken. Die vermeldt dan de leeftijden: Absalom is daar een vent van twintig en Salomo is trouwens nog maar twee jaar oud. Nou ja, daar gaat het even om. Want ik zei al: ik ga niet vers voor vers door de tekst heen. Ik ga gewoon enkele hoofdmomenten bij langs en daarmee zal ik zo kortweg het verhaal vertellen.

Absalom heeft een hele bekoorlijke zuster en die heet Tamar. Dat meisje blijkt trouwens — althans volgens de telling van de Companion Bible, maar daar gaan we maar even van uit — nog maar vijftien jaar oud te zijn. Nou ja, u zegt: "Wacht even, ze is nog geen achttien enzo." Ja, maar wacht, dat moeten we wel eventjes in het perspectief van die tijd bekijken. Ook als het gaat om huwbare leeftijden werd dat toen heel anders beoordeeld. Ik wil het trouwens sowieso niet in een ethisch perspectief plaatsen; ik meld gewoon wat er staat. Absalom heeft een hele bekoorlijke zuster, Tamar. Die naam kennen we natuurlijk heel goed. De naam Tamar is eigenlijk een hele koninklijke naam. Het betekent een palm, maar een palm is eigenlijk ook gewoon een opgericht teken met een kroon van bladeren. Nou, dan heb je hem eigenlijk ook meteen. Maar wat blijkt, is dat Tamar altijd te maken heeft met het huis van Juda, met de koninklijke stam. Het is ook altijd in feite een koninklijke dame; dat zie je al in verband met de geschiedenis van Juda en Tamar. Maar wat ook al niet zo verkwikkelijk was... Sommige mensen zeggen: "De Bijbel is een heel stichtelijk boek, fijn over vrome mensen." Nou, dan denk ik wel eens dat je de Bijbel nog niet heel goed gelezen hebt. De Bijbel is gewoon levensecht, zo rauw. Als je bepaalde passages hebt gelezen, dan moet je dat even terzijde leggen om het allemaal even goed op je te laten inwerken. Ja, that's life.

Maar goed, Absalom heeft een heel bekoorlijke zuster, Tamar. En hij heeft ook nog een... en zij dus ook, want Tamar is een volle zus van hem. Hij heeft ook een halfbroer en die blijkt ietsje ouder te zijn. Die heet Amnon. Die moet u onthouden, want dat is een van de hoofdrolspelers in deze hele geschiedenis. Dat was de oudste zoon trouwens van David, die op dit moment 53 jaar oud was. Om u enigszins een indruk te geven: in feite was Amnon, strikt genomen... Toen David koning werd op zijn dertigste, regeerde hij de eerste zeven jaar vanuit Hebron. Pas in het zevende jaar verhuisde hij naar Jeruzalem, de hoofdstad. Amnon, maar dat geldt ook voor Absalom, zij zijn allemaal nog daar in Hebron geboren. Nou, die Amnon is helemaal wous van... verliefd, hè? Wous? Of is dat Rijnsburgs? Ik weet het eigenlijk niet. Gek? Nou, hij was gek op Tamar. Stapelverliefd op Tamar.

En dan lees je over de neef van Amnon, dat was Jonadab. Ik vermeld het allemaal zo; ik heb expres de passage vermeld voor degenen die het later nog weer terugkijken, waar je het allemaal terug kunt vinden. Al die informatie die ik hier geef is gewoon samengebald, maar in werkelijkheid gaat het over een heel aantal verzen. In 2 Samuël 13 vers 5 tot 10 lees je dat allemaal. Wie die Jonadab was: het was de neef van Amnon en die adviseert Amnon. Want ja, Amnon heeft het verteld en Jonadab vraagt: "Wat zie je er toch bedrukt uit, joh?" Nou, hij was helemaal gek van Tamar. Dan zegt Jonadab: "Nou, weet je wat je moet doen? Je moet je gewoon ziek houden. En als je dan op bed ligt, dan komt je vader David een keertje bij je en dan vraag je aan hem..." Vergis je niet, Amnon was de eerstgeborene en dat betekent in de Bijbelse lijnen natuurlijk heel veel. "Dan vraag je gewoon aan David, je vader, of Tamar jou mag verzorgen. Dat je dat zo graag wilt." Nou, je leest dat David daarmee instemt en hij zorgt ervoor dat Tamar inderdaad voor de "zieke" Amnon — de zieke tussen aanhalingstekens — gaat zorgen. Dan lees je dat zij voor Amnons ogen koeken bakt en dan grijpt hij zijn kans; hij stuurt iedereen weg en zij brengt de broden in Amnons slaapkamer. Op dat moment lees je dat hij Tamar vastgrijpt. Hij wil gemeenschap met haar hebben, maar zij wijst hem dan per direct op de schande van die daad. De schande voor hem, de schande voor haar en voor het hele huis van David. Zij spartelt enorm tegen, maar hij overtroeft haar natuurlijk met gemak en hij verkracht haar.

Een afschuwelijke geschiedenis zoals je dat dan ook leest. Maar wat er vervolgens gebeurt, als Amnon Tamar gegrepen heeft, gemeenschap met haar gehad heeft en haar gewoon ronduit verkracht heeft... Als dat gebeurd is, dan lees je dat zijn liefde helemaal omslaat in een haat. Hij krijgt een hele diepe afkeer van Tamar en hij stuurt haar weg. Ja, goh, ik heb wel het een en ander gelezen over hoe dat... Je kunt gaan psychologiseren hoe dat nou komt dat dat gebeurd is. Is hij zwaar teleurgesteld of ziet hij... Nou ja, hoe dan ook, het illustreert in ieder geval hoe dom hij bezig is geweest, dwaas, nog afgezien van de moreel zware afkeuring natuurlijk. Maar goed, hij krijgt een diepe afkeer van Tamar en hij stuurt haar weg.

Tamar is helemaal van haar stuk. Je leest ook dat ze gewoon in de rouw is. Ze scheurt haar pronkgewaad. Ze is van koninklijke bloede, ze is een dochter van de koning, en zij liep daar in een prachtig pronkgewaad rond. Zij scheurt haar pronkgewaad en ze is in diepe rouw, lees je dan. En dan lees je in die geschiedenis dat Absalom dat opmerkt. Hij ziet dat zijn zuster heel verdrietig is en dan hoort Absalom ook wat er gebeurd is. Hij ontfermt zich over Tamar en hij neemt haar op in huis. Je leest dat zij daar als een eenzame staat. Gewoon iemand die verlaten is, want zij was eigenlijk ook geen aantrekkelijke huwelijkspartner meer door wat er nu gebeurd was. Je leest verder niks meer over haar, wat er met haar gebeurd is, maar in ieder geval lees je niet meer van een man in haar leven. Absalom neemt haar op in huis, maar hij zegt wel: "Hou je mond hierover." Hij legt min of meer het zwijgen daarover op. Maar goed, het is wel zo dat David vervolgens van het hele drama verneemt en enorm boos wordt over wat zijn oudste zoon heeft geflikt met zijn dochter Tamar. En dan lees je dat Absalom een diepe haat heeft, vanaf dit moment, wat natuurlijk heel verklaarbaar is.

Absaloms Wraak op Amnon en Zijn Vlucht Naar Aram ↑ hoofdstukken

Absalom heeft een diepe haat tegen Amnon, zijn halfbroer. Maar hij wacht af. Hij wil dit gaan rechtzetten, maar hij wacht twee volle jaren. Ik heb er een uitroepteken bij gezet, omdat ik heel dikwijls wijs op de typologische betekenis van de twee jaren of twee dagen. In de Bijbel en in de typologie verwijst dat vaak weer naar onze tijd. Die twee jaren spreken inderdaad van een onderbreking of van een gevangenschap. Maar na twee jaren gebeurt het; dan wordt er recht verschaft en dat zie je hier ook.

Je ziet hier ook allerlei hints, eigenaardig genoeg. We komen die twee jaren trouwens weer een keertje tegen in de geschiedenis van Absalom. Maar laten we even bij de geschiedenis blijven. Na twee volle jaren wil Absalom recht doen aan dat wat zijn zuster is aangedaan. Je leest dat hij zijn broers uitnodigt om naar een schaapheddersfeest in Efraïm te gaan. Al zijn broers, de koningszonen – de hele koninklijke familie – nodigt hij uit om bij een heel groot festijn te zijn, een schaapheddersfeest.

Je moet je realiseren – je vindt dat wel vaker – dat je ook in de geschiedenis van Juda en Tamar over een schaapheddersfeest leest. Juda ging daar ook naartoe. Ik wijs erop als een soort disclaimer: achter een heleboel dingen die ik nu gewoon even voor de vuist weg vermeld, zit in werkelijkheid nog veel meer, vaak ook typologisch. Er zijn allerlei parallellen. Wat ik probeer te doen in deze samenkomsten is u triggeren: kijk eens wat hier staat? Over bepaalde details moeten we het misschien bij een latere gelegenheid nog eens een keertje doorspreken.

In ieder geval is een schaapheddersfeest voor een herder feitelijk hetzelfde als wat de oogst is voor een boer. De kudde levert bij die gelegenheid haar opbrengst op. De wol wordt verzameld en er valt iets te vieren. Oogstfeesten spelen een grote rol, en schaapheddersfeesten in dit geval ook. De kudde levert haar opbrengst op na twee volle jaren. Bij Efraïm dus.

Hij nodigt zijn broers uit, en dat gaat trouwens niet zonder slag of stoot. Je leest dat ze daar allemaal zijn en dan geeft Absalom een bevel aan zijn knechten. Hij zegt: "Nou, als straks het feest gaande is en ze hebben allemaal een flinke slok op, dan zijn ze vrolijk en ook niet zo helder meer. Dat is een mooie gelegenheid om hem een kopje kleiner te maken." Dat laat Absalom dus doen. De tekst vermeldt heel kort wat er gebeurt: hij geeft de opdracht om Amnon te vermoorden, de broer die hij zo haat.

Als de broers vernemen van de moord op hun oudste broer Amnon, maken ze dat ze wegkomen en vluchten ze terug naar Jeruzalem. Zo lachwekkend is het allemaal niet, want David krijgt al eerder een gerucht te horen. Voordat die broers weer terug zijn in Jeruzalem, verneemt David al het gerucht – en dan met recht een gerucht – dat ál zijn zonen zouden zijn vermoord. David is helemaal van slag als hij dat verneemt. Maar al gauw krijgt hij te horen dat het een vals gerucht is. Zijn neef Jonadab, waar we het al eerder over hadden, vertelt dan de ware toedracht. Hij zegt: "Nee, Absalom heeft alleen Amnon laten doden." Is dat minder erg? Ja, wel minder erg dan dat al zijn zonen zouden zijn vermoord, uiteraard. Maar David en zijn huis, zijn kinderen, zijn wel in diepe rouw over dat wat er gebeurd is. De oudste zoon is omgekomen, in dit geval zelfs vermoord.

Inmiddels vlucht Absalom ook, maar niet naar Jeruzalem. Hij gaat een heel andere kant op, want hij wil zijn vader helemaal niet onder ogen komen. U begrijpt wat Absalom gedaan heeft. Hij heeft Amnon iets aangedaan en vond dat wellicht terecht, omdat hij betaald moest krijgen. Jawel, maar hij heeft wel het recht in eigen hand genomen. In feite had David hier moeten optreden.

Absalom vlucht naar zijn opa, een koning in Aram. Dat was in feite een buitenlandse koning. Aram ligt daar in Syrië, bij Damascus. Aram en Damascus worden in de Bijbel soms als hetzelfde aangeduid. Absalom gaat daar naartoe, naar zijn heidense familie in Aram, en hij blijft daar drie jaar. Ik wijs hier weer op een paralleletje: ik moest denken aan het feit dat ook Paulus ooit naar Aram ging – niet om te vluchten, maar hij ging naar Damascus – en hij keerde pas drie jaar later terug naar Jeruzalem. Ik zie hier een parallel.

Aan het einde van hoofdstuk 13 lees je dat David in rouw is over de moord op zijn oudste zoon. Maar als dat voorbij is, lees je dat Davids hart kwijnde vanwege Absalom. Hij had veel verdriet over Amnon, maar dat was met gemengde gevoelens na alles wat er plaats had gevonden. David had echter een groot zwak voor zijn zoon Absalom, dat zie je in de hele geschiedenis tot het einde aan toe. Hij moet een buitengewoon mooie en charmante man geweest zijn. Wat hem ook allemaal te verwijten valt, David hield enorm veel van hem. Je leest dat Davids hart kwijnde vanwege Absalom, terwijl deze zich daar in Aram, in Syrië, bevond.

De List van Joab en de Vrouw uit Tekoa ↑ hoofdstukken

En hij blijft daar. Maar dan lees je dat Joab – dat is ook weer familie van David, het is eigenlijk 'all in the family', probeer die verhoudingen maar eens te doorgronden – maar Joab, de legeroverste van David, laat een wijze vrouw naar de koning gaan. Zo wordt ze ook genoemd: een wijze vrouw. Het is eigenlijk een list; die vrouw moet een verhaal gaan vertellen. Joab heeft het allemaal zo geregeld. Hij ziet gewoon: die Absalom zit daar in Aram en David kwijnt nu helemaal weg omdat zijn geliefde zoon daar in de vreemde vertoeft. Hij moet weer terugkomen, maar hoe krijg ik dat voor elkaar? Hij laat David overhalen en zet daarvoor een wijze vrouw uit Tekoa in, die hem moet overtuigen om Absalom barmhartigheid te bewijzen.

Dat is een hele lange geschiedenis trouwens hoor, wat ik nu vertel. Ik zeg het nu eigenlijk in het kort. Zij gaat een gelijkenis vertellen alsof het haar eigen verhaal is. Ze zegt: "Ik ben een weduwe en ik had twee zonen. De een heeft de ander gedood in het veld, zo is het gegaan. En nu dreigt mijn enige overlevende zoon ook gedood te worden uit bloedwraak. Dan heb ik straks helemaal niets meer." David zegt haar dan toe: "Ik zorg voor je; ik zorg ervoor dat jij beschermd wordt." Maar wat die vrouw dan feitelijk zegt is: "Ja, dat doet u nu voor mij, maar u heeft zelf ook een zoon daar in het buitenland. Zou u hem ook geen barmhartigheid bewijzen?"

Die vrouw is inderdaad een hele slimme, wijze vrouw. Ze krijgt het in ieder geval voor elkaar om David in de raad over te halen. Hij zegt: "Absalom mag inderdaad weer terugkomen." Ik wijs er trouwens ook even op, ook voor de typologie: eerst was het Tamar, de vrouw die geen man meer krijgt, en nu in dit hoofdstuk een weduwe, een vrouw die geen man heeft en van wie de zoon dreigt te worden gedood, waardoor ze helemaal geen zoon meer dreigt te hebben. U begrijpt wat ik bedoel: twee keer een vrouw in een eigenlijk hele trieste geschiedenis. Ik zie sommige mensen al knikken; inderdaad, met die tussentijd is Israël als een vrouw zonder man, feitelijk een weduwe.

Als u nu zegt: "André, sorry, dit is zo cryptisch, ik snap er geen bal van," geen punt. Dan slaat u dit gewoon over. Dat is trouwens in het algemeen mijn aanbeveling. ik kan me voorstellen dat u bij een aantal dingen zegt: "Sorry, dit vat ik niet." Maakt niet uit. Weet u wat ik weleens zeg? Het gaat erom dat sommige mensen komen met een heel klein glaasje, andere mensen hebben een groot glas en sommige mensen zijn als een emmer. Waar het mij eigenlijk om gaat, is dat u allemaal – of u nu een klein glaasje heeft, een groter glas of van mijn part een emmer – hier gevuld weggaat. En als je een klein glaasje hebt dat al veel eerder gevuld is, nou, prima. Daar gaat het maar om. Dat is even om u te troosten als u het niet allemaal pakt.

Die vrouw vertelt dus haar verhaal als weduwe en appelleert aan Davids mededogen. En David laat Absalom inderdaad terugkeren. Maar, lees je dan, ze ontmoeten elkaar niet. En dan lees je in 2 Samuël 14 even een intermezzo.

Absaloms Personalia en Zijn Moeizame Verzoening met David ↑ hoofdstukken

Ik noem het maar even zo: Absaloms personalia. Er zijn gewoon bepaalde dingen over die Absalom die ik wel boeiend vind om er even uit te lichten. Want dan lees je in 2 Samuël 14 dit — en dit is trouwens wel redelijk bekend, maar daarom moet het juist even voor het voetlicht gebracht worden: "Nu was er in heel Israël niemand die zozeer om zijn schoonheid te prijzen was als Absalom. Van de voetzool af tot aan de hoofdschedel toe was er geen gebrek aan hem." Een buitengewoon knappe verschijning dus.

Wanneer hij zijn hoofdhaar liet afscheren — ik doe het zelf eens in de drie weken en dan valt er heel weinig af, maar goed — wanneer hij zijn hoofdhaar liet afscheren (en er staat bij dat hij het aan het einde van elk jaar liet afscheren omdat het hem dan te zwaar werd), dan liet hij het haar van zijn hoofd wegen: tweehonderd sikkels naar het koninklijk gewicht.

Nou, daar is een heleboel over te doen geweest. Wat is dat gewicht precies? Je hebt verschillende soorten maten, en hier spraken we van het koninklijke gewicht. Hoeveel kilo is dat dan geweest? Ik heb schattingen gezien van anderhalve kilo tot tweeënhalve kilo die dat omgerekend zou moeten zijn. Maar het zijn gewoon sikkels — shekels, op z’n Hebreeuws gezegd. Dat is mijn verklaring: hij heeft gewoon zijn haar verkocht, die haardos. Het was een buitengewoon populaire man met een geweldige haardos, en dat liet hij dan wegen voor tweehonderd sikkels.

Soms willen mensen dat ook wel eens doen. Ik heb zelf nog ergens een babyboekje in de kast liggen met een plukje haar uit 1962 of zoiets, maar dat is geen tweehonderd-sikkelsvraag denk ik. Maar in ieder geval is dit heel bekend van Absalom. Eigenlijk is het bekendste van Absalom zijn 'kapsalon'; dat is wat wij vaak van hem weten. Het is een overeenkomst met een figuur als Simson, die natuurlijk ook bekendstond om zo’n geweldige haardos. Maar goed, dit is weer van een iets andere orde.

Dan lees je — en het staat er nog bij — dat aan Absalom drie zonen werden geboren. Waarvan ik zeker weet dat die hem niet hebben overleefd. Hij is zelf op ongeveer vijfentwintig- of zesentwintigjarige leeftijd, misschien iets ouder, gedood, maar toen leefden zijn zonen al niet meer. Dat weten we gewoon uit hoofdstuk 18 vers 18; kijk het maar eens na. Hun namen worden ook niet vermeld. Alleen de naam van zijn dochter wordt wel vermeld: hij had ook nog een dochter en die heette Tamar. Hé, hebben we er weer een Tamar? Haar tante heette dus ook Tamar. Over de dochter lezen we verder niet meer, maar ze heette ook Tamar. En als u het mij vraagt, is ze gewoon naar haar tante vernoemd. Er werd nog bij vermeld dat ze schoon van uiterlijk was. Dat had ze natuurlijk van haar tante, maar ook van haar vader, zeg het maar. In ieder geval was ze schoon van uiterlijk.

Dat even tussendoor over wie Absalom was en over zijn huis. Over zijn vrouw weten we trouwens niets. Maar dit is wat we zo tussendoor even vermeld vinden. Als Absalom vanuit Aram is teruggehaald en terugkomt in Jeruzalem, dan duurt het nog weer twee jaar — twee volle jaren — voordat hij zijn vader ontmoet. Op een gegeven ogenblik moet Absalom echt moeite doen om David te ontmoeten, en dat doet hij via zijn neef Joab, de generaal. Hij moet echt moeite doen, want David had hem weliswaar weer naar Jeruzalem gehaald en had een kloppend hart voor hem, maar de situatie lag natuurlijk erg problematisch na wat er gebeurd was.

In ieder geval doet Absalom dan moeite en hij beweegt zijn neef Joab om David dan toch te ontmoeten. Joab is eerst niet zo happig en heeft waarschijnlijk ook al in de gaten dat David zich daar nog te zeer afzijdig houdt en hem op een afstand houdt. Absalom laat dan zelfs Joabs akker met gerst in brand steken om hem zover te krijgen. Nee, daar ga ik het nu verder niet over hebben, maar ik zeg het alleen maar om aan te geven hoe opmerkelijk het is dat Absalom inderdaad zoveel moeite doet om Joab zover te krijgen dat David bewogen wordt om zijn zoon weer te ontmoeten.

Eindelijk ontmoeten ze elkaar dan toch. In feite is dit moment ook het eindpunt van deel 1. Hier vindt een treffen plaats en verzoenen zij zich met elkaar. Maar het is van zeer korte duur. Ik denk ook — en daar heb ik hele goede redenen voor — dat Absalom in wezen toen al heel andere plannen had. Maar goed, daar gaan we het vanmiddag over hebben. Tot slot wil ik u nog één ding laten zien.

De Verborgen Structuur van de Geschiedenis ↑ hoofdstukken

Want we hebben het natuurlijk over deel één gehad van deze geschiedenis, van Absaloms relaas zeg maar. In hoofdstuk 13 en 14 wordt dat allemaal vermeld, lange hoofdstukken. Maar er zit ook een structuur in. Trouwens, dat vind je ook terug in de Companion Bible. Dan zie je... want ik kan me voorstellen dat als je dit nu allemaal zo hoort, het heel veel fragmenten zijn. Ik kan me ook voorstellen dat als je het de eerste keer hoort, dat je dat echt niet allemaal zo kan navertellen. Maar het is mooi om dan te zien hoe daar een lijn, een structuur in het verhaal, in het relaas besloten ligt.

Kijk, want je leest dat het begint met Amnons hang naar zustersliefde. Het is wat in telegramstijl, maar oké, wel helder. Het moet ook allemaal op één regeltje kunnen: Amnons hang naar zustersliefde. En dan vervolgens, u ziet de passages erbij waar het allemaal terug te vinden is, krijg je Amnons strategie. Hij gaat het plannen met zijn neven: hoe ga ik dat voor elkaar krijgen? En dan vindt de verkrachting plaats, met daaropvolgend de enorme commotie die dat met zich meebrengt.

Nou, en dan krijg je weer eigenlijk eenzelfde structuur. Waarom? De namen van die structuren laat ik gewoon even achterwege, dat doet niet zoveel ter zake. Maar dan krijg je weer eenzelfde lijn. Want dan lees je over Absaloms strategie. Als Amnon zijn zus heeft verkracht, dan lees je dat Absalom natuurlijk iets gaat plannen. En dat is Absaloms strategie. En dan uiteindelijk hoe dat ertoe leidt dat Amnon gedood wordt, maar ook weer de commotie die dat met zich meebrengt. Dat wordt dan uitgebreid verhaald. Feitelijk wat je in verband met Amnon leest, daar gaat het over de zonde van Amnon, en als het gaat over Absalom, dan gaat het over de wraak van hem.

Uiteindelijk eindigt het weer met iets waar het ook mee begon, alleen dan niet over Amnons hang naar zijn zusters liefde, maar over Absaloms hang naar zijn vaders liefde. Ziet u hoe daar een geweldige opbouw in dat verhaal zit? En hoe uiteindelijk de slang weer in zijn staart bijt, om zo te zeggen. Dat wil zeggen: we zijn weer terug bij af. Je ziet weer duidelijk de overeenkomst tussen het begin van het verhaal en het einde van het verhaal, en hoe dan ondertussen iedere keer een herhaling waargenomen wordt in het hele verhaal.

Nou ja, daar wilde ik het eigenlijk voor vanmorgen bij laten. Ik heb er nog eventjes een aantal bijlagen bij gedaan voor degenen die dat op het internet nog eens even terug willen zien, over nog meer structuren in die geschiedenis. Want ook als je gewoon wat inzoomt op onderdelen in dat verhaal, dan blijkt iedere keer dat het op een geweldige wijze is opgebouwd of naar het middelpunt toe gaat. Inversie heet dat, prachtige dingen.

Nou ja, ik bedoel eigenlijk maar dit te zeggen, lieve mensen: de Schrift is buitengewoon rijk en veelzijdig. Ik realiseer me dat dit niet zomaar een stichtelijk verhaal is; dit zijn hele complexe geschiedenissen, maar er zit zoveel in. Nou, ik stel voor dat we daar vanmiddag na de lunch wat verder op door zullen gaan. Zullen we dat afspreken bij dezen? Goed, mag ik dan...

📝 Samenvatting & Transcriptie: Absalom, Absalom! (2)

Samenvatting van deze toespraak

Deze studie behandelt de rebellie van Absalom tegen zijn vader koning David, beginnend met een sluw charmeoffensief in Jeruzalem. David ontvlucht de stad via de Olijfberg. Absalom negeert het superieure advies van Achitofel en luistert naar Chusaï, omdat JAHWEH de gebeurtenissen beschikt om de opstand te breken. Absalom wordt verslagen en gedood nadat hij in een eik verstrikt raakt. De geschiedenis onthult diepe typologische parallellen met de Messias en illustreert Gods onvoorwaardelijke trouw aan Zijn woord.

“Maar ik zal u dit vertellen: er gebeurt nooit iets tegen Gods raad. Alles gaat in overeenstemming, zoals Efeziërs 1 zegt, naar de raad van Zijn wil.”

Introductie en het Charmeoffensief van Absalom ↑ hoofdstukken

Ik hoop jullie nog wakker te houden, want na de soep en de eerste bijbelstudie met al die informatie kan ik me voorstellen dat het wat zwaar valt. En dan moet ik ook nog melden dat deze tweede studie over nog veel meer hoofdstukken gaat. Het gaat dus nog veel langer duren. Nee, ik probeer het allemaal in goede orde en samengebald te vertellen. We overwogen zojuist in de pauze dat zo'n geschiedenis, zo'n heel relaas van 2 Samuël 13 tot en met 18 of 19, zich echt geweldig zou lenen voor een Netflix-serie. We kijken momenteel zelf even tussendoor iets luchtigs: de serie 'The Queen of Jerusalem'. Dat is een Netflix-serie en de schrijver daarvan heeft natuurlijk een geweldige naam: Shlomo Mashiach. Nou ja, moet je nagaan! Hij is goed hoor, maar niet voor jeugdige kijkers.

Laten we het nu weer wat serieuzer aanpakken, want anders zitten we hier om vijf uur nog. We gaan verder met deel twee. De eerste hoofdstukken van Absaloms geschiedenis, 13 en 14, draaiden om de affaire van Amnon en Tamar; daar hadden we het in de eerste samenkomst over. Nu gaan we verder met het gedeelte dat helemaal draait om de opstand. Ik denk dat Absalom daar ook het meest bekend om is: dat hij rebelleert en zich als een rivaal opstelt tegenover zijn vader David. Die opstand is bekend, en vooral zijn nederlaag is feitelijk het belangrijkste, maar daar hebben we het zo meteen nog over.

Ik doe het weer op dezelfde manier, alleen nog compacter dan de vorige samenkomst omdat dit nog veel meer hoofdstukken zijn: 15, 16, 17, 18 en feitelijk ook nog 19. Even de stand van zaken: Absalom was teruggekeerd en we krijgen nu eigenlijk een nieuw onderdeel in dit tweeluik. Het eerste luik was de affaire rond Amnon en Tamar, en nu krijgen we een tweede geschiedenis, zo’n vijf jaar later. Inmiddels is Absalom een jaar of 25 als hij in Jeruzalem arriveert en David weer heeft ontmoet. Maar ik zei al: er zit een addertje onder het gras — om niet te zeggen: een adder. Wat Absalom namelijk van plan is, is om gewoon zelf de troon van zijn vader David te bezetten.

In de eerste dertien verzen van hoofdstuk 15 lees je dat hij een charmeoffensief start, en daar is hij buitengewoon goed in. Hij stond in hoog aanzien en zijn uiterlijke kenmerken zullen daar ongetwijfeld aan hebben bijgedragen. Hij was een mooie, aantrekkelijke man en hij kon het geweldig verkopen. Ik denk dat hij het in verkiezingen buitengewoon goed zou hebben gedaan. Dit waren geen democratische verkiezingen, maar je leest wel dat hij de straat op gaat. Tegenwoordig zou hij pamfletten en foldertjes uitdelen en vooral de camera op zich gericht willen hebben; als je mooi bent, verkoopt dat. Hij beveelt zich onder het volk aan als een betere rechter. Hij zegt tegen iedereen in de straten van Jeruzalem die een kwestie heeft of voor de rechter moet verschijnen, dat hij het als koningszoon voor hen zal regelen. Daarmee wekt hij heel veel vertrouwen onder het volk. Hij zegt in feite: "Ik ben een veel betere rechter dan mijn vader." Daarin zie je trouwens direct al een aanval. Het is niet alleen maar zo dat hij zegt zijn vader te helpen in het beslissen als een soort rijdende rechter die zijn vader assisteert; nee, hij claimt beter te zijn dan zijn vader. Het is pure concurrentie, rivaliteit en een revolutie die hij eigenlijk ontketent.

In vers 6 lees je: "Alzo stal Absalom het hart van de mannen van Israël." Zo werd hij niet alleen bekend, maar stal hij ook hun hart. Dat "stelen" is hier wel degelijk dubbelzinnig. Hij nam het onrechtmatig tot zich; dat is wat stelen feitelijk is. Wij gebruiken die uitdrukking vaak positief — "jij hebt mijn hart gestolen" — maar in dit geval stal hij het hart dat toebehoorde aan David. Hij nam het slinks en doortrapt tot zich, want hij was een buitengewoon doortrapte en slimme man.

Vervolgens lees je dat Absalom zogenaamd heel nederig aan David vraagt of hij naar Hebron mag gaan. Daar was hij ooit geboren en ook de eerste zeven jaar van Davids heerschappij vonden plaats in Hebron. Hij vraagt of hij daarheen mag onder een vals voorwendsel; hij beweert dat hij nog een gelofte aan de Heer moet inlossen die hij had gedaan voor zijn terugkeer naar Jeruzalem. Dat was helemaal niet zijn oogmerk; hij wilde een revolutie ontketenen buiten het gezicht van zijn vader, dus hij moest buiten Jeruzalem beginnen. Davids reactie is: "Ga in vrede." Het is heel cynisch dat uitgerekend deze woordenwisseling de laatste is die zij samen hebben gehad. Terwijl David zegt "Ga in vrede", is Absalom juist van plan een oorlog te ontketenen. Veel dubbelzinniger kun je het niet krijgen.

Achter dat hele charmeoffensief schuilt een enorme rivaliteit. Absalom regelt spionnen en zorgt dat er manschappen zijn, maar hij doet nog iets: David had een raadsheer, een adviseur genaamd Achitofel. Ik zal mij in het bijzijn van mijn broer Dirk nooit zo noemen, want weet u wat die naam betekent? "Mijn broer is dwaas". Ik vind het eigenlijk wel een goede, ik onthoud hem! Geintje natuurlijk. Er wordt trouwens ook wel gezegd dat de naam van "Tovel" kwam, dan wordt het anders uitgelegd, maar ik laat dat even in het midden. Wat wel van belang is, is dat het woord van Achitofel buitengewoon hoog werd geacht. Er staat zelfs dat als Achitofel iets zei, dat werd beschouwd als een woord van God. Hij had een enorm zicht en inzicht. Maar — en dat zie je niet direct in deze geschiedenis zelf, maar dat weten we als we bijbelstudie doen en schrift met schrift vergelijken — Achitofel was de opa van Batseba. De vader van Batseba was de zoon van Achitofel. En die Achitofel was Davids raadsheer. Maar wat blijkt nu? Als Absalom de revolutie ontketent, kiest Achitofel de zijde van Absalom. Dat begrijp je niet direct als je dit verhaal zo leest, maar elders weten we dat hij de grootvader van Batseba bleek te zijn. En dan ga ik misschien een beetje psychologiseren...

Maar je hoeft er eigenlijk ook niet echt heel veel psychologie voor gestudeerd te hebben, dan begrijp je wel dat die Achitofel zo’n heel dubbel gevoel gehad moet hebben. Na alles wat er gebeurd was met Batseba en hoe dat afgehandeld was, begrijp je dat Achitofel op wraak zinde naar David toe. In ieder geval, als Absalom een revolutie wil ontketenen, is het Achitofel die aan de kant van Absalom gaat staan. En niet aan die van David, terwijl hij altijd Davids trouwe en buitengewoon bekwame raadsheer is geweest.

Het is een heel eigenaardig verhaal, maar dit detail mag je niet ontgaan, want dan begrijp je ook hoe die Achitofel zo ver gekomen is. Ja, ik noem dit met opzet eventjes, omdat dat in deze hele geschiedenis nog een grote rol gaat spelen. En sterker nog, het is zelfs zo dat Achitofel hier in de hele gang van zaken een beslissende rol speelt.

Davids Vlucht uit Jeruzalem ↑ hoofdstukken

Als Absalom daar in Hebron is, dan ontketent hij eigenlijk zijn hele revolutie. Hij zorgt er ook voor dat het volk op zijn hand is en David ziet zich genoodzaakt om het vege lijf te redden. Mede omdat het hele volk heel erg gecharmeerd was van Absalom, is David genoodzaakt als koning daar in Jeruzalem de stad te verlaten. Dus David vlucht gewoon voor zijn zoon Absalom.

En dan lees je ook dat hij al aardig wat mensen meeneemt. Onder andere zijn Filistijnse lijfwacht, weet u hoe die heette? Ze hebben een leuke naam. Nou, nee, niet Goliath. Maar zij heetten de Kreti en de Pleti. Als je de Statenvertaling hebt: de Kreti en de Pleti. Dat heeft te maken met Kreta en de Filistijnen. In ieder geval, dat was een Filistijnse lijfwacht. En dan lees je trouwens ook nog dat daar zeshonderd man uit de stad Gath mee gingen. Dan zeg je: wat is dat een grote plaats? Nee, het is een gat. Maar goed, het was één van de vijf hoofdplaatsen van de Filistijnen. Dat waren dus Filistijnse mensen, heidense mensen. Wat erg opvalt is dat hij ook een man meeneemt die Itaï heet; dat is ook een Gatiet. Wat een namen allemaal, hè? Maar die neemt hij dan ook mee.

Wat met name opvalt, is dat hij heel veel buitenlanders meeneemt. Dus hij gaat de stad uit... hou hem even vast en luister even naar mijn typologische oren. David verlaat Jeruzalem, maar hij neemt heel veel heidens volk met zich mee. Oké, als u het niet vat, geen punt; we gaan gewoon verder.

Dan verlaat hij de stad via de Olijfberg. Dat wordt heel nadrukkelijk beschreven in hoofdstuk 15 en 16, maar vooral in hoofdstuk 15. David verlaat de stad via de oostkant, via het Kidrondal staat er dan ook. En dan gaat hij over de Olijfberg en richting de Jordaan. Ik laat straks ook nog wel even een kaartje zien hoe je dat moet visualiseren. Ja, waar moet u nu aan denken? Dit ligt eigenlijk zo... dit is echt een schot voor open doel, want dit is precies...

Kijk, de grap is, als het gaat om de typologie en de diepere zin en de verwijzingen naar de Messias, heb ik bijna nergens wat kunnen vinden in verklaringen. Dat is een compleet blinde vlek. Op één uitzondering na, en dit is wat de meeste mensen wel weten: de Heer Jezus ging ook heel vaak vanuit de stad via het Kidrondal naar de Olijfberg toe. En dan weet je ook dat Hij één vriend had door wie Hij verraden is. Dat was juist bij Gethsemané, net over het Kidrondal heen. Die vriend pleegde later ook zelfmoord – hou hem even vast. Maar goed, die parallel zien de meeste mensen wel. Dat is zo evident, want ze zeggen: hé, dat is David en zo is het ook gegaan met de Zoon van David.

Maar nog even wat meer uitzoomen. Feitelijk is het zo dat wij de Zoon van David kennen – ik bedoel de rechtmatige, de echte, de Messias. En wat is er gebeurd? Hij heeft de stad verlaten en waar is Hij nu? Ja, Hij is weg. Het volk wilde Hem niet en Hij is nu weg. En hoe heeft Hij de stad verlaten? Via de Olijfberg. Dus ja, die lijnen, die parallellen, die dringen zich al vanzelf aan je op. Waarvan akte.

Nou, we gaan weer even terug naar de geschiedenis. Als David dan vertrekt, gaat dat onder veel geween, want het is een dramatisch moment. U moet zich voorstellen: David de koning, die daar inmiddels in Jeruzalem gesetteld is en die dan de stad eigenlijk plotsklaps moet verlaten vanwege de zoon die een staatsgreep pleegt. En dan verneemt David ook nog eens een keertje dat Achitofel zijn tegenstander is geworden. Maar dan gebeurt er iets, en dat moet ik er even uitlichten.

Husai Infiltreert als Spion voor David ↑ hoofdstukken

Dat is om dezelfde reden waar ik het net over had toen ik sprak over Achitofel, want hij komt dan een Chusaï tegen. En hij zegt tegen Chusaï: "Blijf jij in Jeruzalem?" Even in mijn eigen woorden, kort door de bocht: "Blijf jij in Jeruzalem en ga jij nu als raadsheer optreden naar Absalom toe." Dat is eigenlijk allemaal incognito; dit is feitelijk een complot, hè? Ja, dit begrijp je alleen maar als je een complotdenker bent, om het zo maar te zeggen. Nou ja, een geintje natuurlijk. Maar goed, wat David tegen Chusaï zegt is: "Ga jij naar Absalom toe en infiltreer feitelijk daar in het paleis waar straks Absalom gaat zitten. En wat je dan moet doen, is dat je mij via de priesters en de priesterzonen op de hoogte gaat brengen."

David gaat nu de stad verlaten. In feite is wat hier gebeurt: de priesters waren op de hand van David en hij zegt tegen die Chusaï: "Zorg jij er nou voor dat je met je raadgevingen Absalom zodanig adviseert..." En dan lees je ook dat David het gebed bidt: "Heer, verijdel de raad van Achitofel." Dat wil zeggen – want David wist dat die Achitofel zo'n geweldige raadsheer was dat als hij iets adviseerde, het ook altijd goed was – dat David bidt: "God, verijdel de raad van Achitofel."

In deze geschiedenis wordt Chusaï er dus eigenlijk op uitgestuurd om in Jeruzalem te blijven en in de kringen van Absalom te vertoeven. En als die Chusaï dan ook inderdaad bij Absalom komt en deze vraagt: "Wat doe jij hier? Jij bent toch altijd bevriend met David?", dan antwoordt hij: "Ja, maar u bent nu de koning." Hij speelt het spelletje geweldig mee, die Chusaï, en Absalom krijgt achting voor hem. Nou goed, dat was zo geregeld. En er was ook afgesproken dat die Chusaï dan incognito, helemaal in het verborgene, de priesterzonen op de hoogte zou stellen, zodat David inderdaad geïnformeerd zou worden.

Oké, ja, en dan krijg je nog eventjes een interval. Want bij het passeren van de Olijfberg ontmoet David de knecht van Mefiboset. Mefiboset? Wie is Mefiboset nou weer? Snapt u nu een klein beetje trouwens waarom ik vannacht wakker heb gelegen? Want er zitten hier mensen in de zaal – dat weet ik – die totaal niet met deze verhalen zijn grootgebracht en die echt nog never nooit gehoord hebben van Mefiboset. Welnu, die Mefiboset was een zoon van Saul en die was kreupel, die was zwaar gehandicapt. Dat is ook weer zo'n mooi verhaal en ik ga het niet vertellen. Sorry, ik kan het niet vertellen, want dat zou echt te ver voeren.

Maar wat ik wel kan vertellen is dat als David via de Olijfberg de stad verlaat en richting het Overjordaanse gaat, hij de knecht van die Mefiboset ontmoet. En die ondersteunt hem op een geweldige wijze, want hij geeft hem een hele grote hoeveelheid voedsel voor onderweg mee. Voor zijn manschappen, want die zouden dat dan ook echt nodig hebben. Dat krijgt hij van die knecht van Mefiboset.

Nou, daar komt David nog iemand tegen en dat is niet zo fraai. Want hij komt Simi tegen, die kwam trouwens ook uit het huis van David... Maar die vloekt en die tiert en die spot en die gooit met stenen. En die verwenst en vervloekt David. Hij zegt eigenlijk ook: "Jij moet nu de stad verlaten. Nou, eigen schuld, dikke bult. Dat is precies wat jij mijn vader ooit hebt aangedaan." Er zat enorm veel rancune, dat is duidelijk. En dan krijgt David nog het advies van Joab: "Moet je die Simi niet even een kopje kleiner laten maken?" of iets in die geest.

En David zegt: "Nee." David ondergaat het heel gelaten en hij zegt – nou, ik zeg het even met mijn eigen woorden: "God doet recht." David wist ook dat wat er nu gebeurt en het feit dat mijn zoon het nu tegen mij opneemt, in feite eigenlijk een koekje van eigen deeg is. Dit is mij aangezegd, dus David ondergaat dit eigenlijk ook in die zin heel gelovig. Hij zei: "Ja, ik heb dit mijzelf ook aangedaan; het feit dat die Simi nu zo tegen mij tekeergaat en vloekt en tiert en mij verwenst... het is goed zo. Het is goed."

Goed, nou, dan lees je...

De Verijdelde Raad van Achitofel ↑ hoofdstukken

Want de geschiedenis gaat verder, met Absalom in het middelpunt. Terwijl David de stad heeft verlaten, arriveert Absalom in Jeruzalem. En wat gebeurt er dan? Welnu, die Absalom komt in het paleis en hij betrekt het paleis. Dan spreekt hij met Achitofel, de raadsheer over wie we het zojuist hadden. Deze adviseert Absalom dan openlijk om – ik zeg het even netjes, maar op zijn Bijbels – in te gaan bij de bijvrouwen van David. U begrijpt wel wat ik bedoel. Daar had ik het vanmorgen al even over: dat was namelijk ooit al voorzegd door de profeet Nathan. Hij zei destijds: "Wat jij in het verborgene hebt gedaan, dat gaat jouw naaste, Absalom, openlijk doen." En Achitofel adviseert Absalom inderdaad om dat nu openlijk te doen met Davids bijvrouwen. David had er namelijk tien achtergelaten... ja, moet je nagaan. Wat een luxe, hè? Sorry, alles wat tegen je gezegd wordt, zeker op deze plaats, kan tegen je gebruikt worden. Nee, zo'n luxe is het niet; je hebt er soms je handen vol aan. Maar ik ben er zo dankbaar voor, je moet er toch niet aan denken.

Maar goed, de bijvrouwen. Er waren tien bijvrouwen in Jeruzalem achtergelaten, dat had ik nog niet verteld. Zij moesten namelijk op de boel letten; dat was een beetje het idee. Achitofel adviseert Absalom dus om hen te nemen. In feite is dat een daad waarmee hij stelt David werkelijk te schande te maken. Om de bijvrouwen van zijn vader te nemen, en dat gebeurt dan allemaal openlijk op het dak. Ik heb daarover gelezen, maar dan volgt het meest fatale onderdeel. Achitofel adviseert Absalom namelijk nog iets, en dit is de raad die Absalom van hem krijgt: Achitofel zegt dat hij David per direct moet achtervolgen om hem nu te treffen, want nu is David zwak. Dat was voor Absalom op dat moment het allerbeste advies dat hij kon krijgen.

Maar Absalom doet het niet. Waarom niet? Nou, dat zal ik u vertellen. Absalom zegt: "Oké, dat is wat Achitofel mij adviseert, maar die Chusaï die nu bij me is, heb ik ook erg hoog staan. Die wil ik ook wel eens even horen." En Chusaï komt dan ten tonele; het wordt in de Schrift heel uitgebreid beschreven, maar ik geef u nu weer even de korte versie. Absalom zegt dat hij Chusaï ook even wil horen. En Chusaï zegt: "Ja, die Achitofel, dat is zo'n vent, een geweldige adviseur, maar nu heeft hij het niet bij het rechte eind." Natuurlijk had Chusaï iets heel anders in gedachten, maar hij zegt: "Wat Achitofel niet goed ziet, is dat David een geweldig krijgsheer is. Dus als je hem nu direct probeert te pakken, dan worden we in de pan gehakt. Wat je veel beter kunt doen," zegt Chusaï, "is wachten en zorgen dat je eerst een groot leger hebt. Je moet het hele volk monsteren en een leger organiseren. Dan hebben we David in no-time ingepakt." Dat is wat Chusaï zegt.

Dan lees je dat Absalom dat overlegt. Wat moet hij doen met deze twee verschillende adviezen die hij krijgt? En dan lees je dat Absalom niet luisterde naar de goede raad van Achitofel. En daar staat de reden bij: want JAHWEH had dit zo beschikt. David had er ook om gebeden: "Heer, verijdel de raad van Achitofel." Als Absalom, menselijkerwijs gesproken, gedaan had wat Achitofel adviseerde, dan had dat zijn overwinning betekend. Maar Absalom beoordeelt het anders. En hier zie je de ellende en het manco van allerlei psychologiserende verklaringen, van: "je moet het zus zien of zo zien, het is op die manier gegaan." Ja, allemaal tot uw dienst, maar ik zal u dit vertellen: de echte reden is dat JAHWEH het zo beschikt heeft. That's it. Daarom. Want de raad van Achitofel was voor Absalom vele malen beter, en toch doet hij het niet.

Waarom deed hij het niet? Nogmaals, daar kun je allerlei verklaringen voor geven waarom hij inderdaad zwicht voor het advies van Chusaï. Men zegt dan: "Ja, Chusaï heeft meer invloed gehad en hij heeft het veel beter bekeken." Nee, de echte reden – en daarom wijs ik er nu ook op – is dat JAHWEH dit zo beschikt had. Zo moest het gaan. En ik moet zeggen, als u nu aan mij vraagt: "Goh, je vertelt die hele geschiedenis met al die details, maar wat heb ik daar nu aan?", onthoud dan deze les: er gaat een heleboel tegen Gods wil in. Heel veel. Sterker nog, bijna het hele wereldgebeuren gaat tegen Gods wil in. Maar ik zal u dit vertellen: er gebeurt nooit iets tegen Gods raad. Alles gaat in overeenstemming, zoals Efeziërs 1 zegt, naar de raad van Zijn wil. Bij God – dat is de versie die ik graag altijd zeg – gaat er nooit iets mis. God plaatst, God beschikt. Hij zet mensen in. Hij zet in dit geval een Chusaï in tegenover een Achitofel die menselijkerwijs, psychologisch, politiek, diplomatiek of militair-strategisch veel beter is. Al die factoren kun je noemen en ik kan ze allemaal een schop geven; er is maar één echte factor die werkelijk beslissend is en dat is dat JAHWEH beschikt. En daar gaat het om. Als je dat weet, dan heb je trouwens rust en vrede.

Zo is het dus gegaan. Eigenlijk is dit de beslissing. Het loutere feit dat Absalom luistert naar Chusaï en niet naar Achitofel is de doorslag. Chusaï verneemt dat dan ook en laat via-via weten aan David, die inmiddels daar bij de Jordaan gearriveerd is, dat hij de Jordaan moet overtrekken en de strijd moet aangaan met Absaloms leger. Chusaï geeft hem via die weg die raad. U moet het hele verhaal maar eens lezen. Weet u dat ik nu een beetje een schuldgevoel heb dat ik het nu niet helemaal vertel? Want dit is een prachtverhaal hoe Chusaï David inderdaad benaderde daar bij de Jordaan. Hij kon er niet zelf naartoe gaan, maar hoe dat dan gaat... daar zit ook weer zoveel onder verborgen.

Maar goed, Chusaï laat dat dus via-via aan David weten. Maar Achitofel, die merkt en ziet dat er naar zijn raad niet geluisterd wordt. Als hij dat opmerkt, dan lees je dat hij de bui al ziet hangen: dit gaat niet goed. Hij is helemaal ontdaan. Hij gaat naar zijn huis in Gilo. Ik ken die plaats goed; ik ben er ooit eens een keer geweest. Toen heb ik deze geschiedenis nog eens gelezen, dat is geloof ik alweer dertig jaar geleden. Gilo is tegenwoordig trouwens nog steeds een grote stadswijk in Jeruzalem. Achitofel woonde daar dus en je leest dat hij gewoon zo ontdaan was. Dat was niet alleen omdat er niet naar hem geluisterd was, het was niet alleen maar zijn ego, maar hij wist gewoon: "Nu dit gebeurt, wordt dit de ondergang." En dan lees je nog dat hij beschikkingen trof voor zijn huis. Dat wil zeggen dat hij zijn vrouw en kinderen goed achterliet. En hij verhing zich. Begrijpt u nu trouwens ook waarom ik die link met Judas leg? Achitofel en Judas hebben heel veel overeenkomsten.

Davids Leger in Machanaïm ↑ hoofdstukken

Hier had ik nog even een kaartje van internet geplukt om het enigszins te verduidelijken. Je ziet daar de Dode Zee en allerlei plaatsnamen die in deze geschiedenis allemaal weer terugkomen. Goed, je ziet daar dus Jeruzalem. Ik weet niet of u het allemaal goed kunt zien op het beeldscherm, maar in ieder geval: vanuit Jeruzalem is David via Gilgal de Jordaan overgetrokken. Vervolgens is hij noordelijker gegaan naar Mahanaïm. Daar heb je ook de rivier de Jabbok, of het riviertje de Jabbok.

Daar is ooit... Ja, ach jongens, elke voetstap die je daar zet, is al zoveel geschiedenis. Want Jakob, die ooit na twintig jaar terugkeerde vanuit het oosten, kwam ook via de Jabbok weer terug in het land. Daar vond die omkering plaats. Lees je trouwens ook al over Mahanaïm? Al die plaatsnamen blijken namelijk in het boek Genesis al een grote rol te spelen. Maar waarom vertel ik dit? Wel om te laten zien dat David inderdaad vanuit Jeruzalem is gevlucht richting de Jordaan.

Ik moet er nog iets bij zeggen: als David in Mahanaïm is gearriveerd — u ziet het rechts in beeld, vlakbij dat riviertje Wadi Jabbok — dan krijgt hij ook nog eens een keertje hele royale support vanuit Amman. Ja echt, Ammon, Amman. Vanuit het Overjordaanse krijgt hij steun om zijn manschappen te versterken. Hij heeft inmiddels via via de raad van Chusaï gekregen. Dus nu is hij ook nog eens heel erg versterkt door de support die hij heeft gekregen. Met recht royale support; u weet wat royaal betekent, dat is koninklijk.

David organiseert zijn leger daar in Mahanaïm — trouwens, Mahanaïm betekent letterlijk "twee legers". Maar dan doet hij één ding heel uitdrukkelijk: hij instrueert zijn generaals, een drietal, waaronder Joab, Ittai en nog eentje — de naam ben ik even kwijt. Hij instrueert hen: "Als straks de strijd wordt gestreden — want Absalom gaat ons aanvallen en er gaat een strijd komen — dan bind ik jullie één ding op het hart: ontzie mijn zoon Absalom."

Moet je nagaan, ik zei al: David heeft altijd een enorme zwak gehad voor zijn zoon Absalom. Dat is niet wederzijds geweest. Dat is in feite de tragiek als je het van de menselijke kant bekijkt. Maar hij adviseert niet alleen, heel uitdrukkelijk bindt hij het hen op het hart: "Dat doe je niet. Als je Absalom treft, dan ontzie je hem."

Wat er dan plaatsvindt, mede door de omstandigheden... het is een heel onherbergzaam gebied daar bij de Jabbok. Je hebt daar het woud van Efraïm, wat hier het bos genoemd wordt. Dat is daar heel onherbergzaam en daar loop je zomaar vast. Dat zullen we straks vanzelf wel zien. Maar je leest inderdaad dat door de omstandigheden daar in het strijdgebied velen omkomen; in ieder geval bemoeilijkt het de strijd enorm.

Ja, en dan vindt daar een strijd plaats. Dat wordt kort beschreven, maar Absaloms leger wordt verslagen. Bij die veldslag komen twintigduizend man om. Dan praten we echt over een grote veldslag. Sommige mensen hebben gezegd dat "duizend" in de Bijbel ook gewoon een legereenheid kan betekenen. Dat kan, dus het hoeft niet per se getalsmatig 20.000 te zijn. Maar hoe dan ook, het geeft een indruk van de enorme veldslag die daar heeft plaatsgevonden. Maar daar gaat het nu even om: David wint. Of in ieder geval, het leger van David wint. Toch?

U voelt wel, ik ga er veel te snel doorheen, maar toch: we komen hier uiteindelijk uit.

Absaloms Fatale Einde aan de Eik ↑ hoofdstukken

En wat gebeurt er dan? Eén van de knechten van David treft Absalom aan op zijn muildier. Wie weet wat een muildier is? Dat is een kruising tussen een paard en een ezel, en die zijn altijd onvruchtbaar. In de Schrift lees je dat een koning zich niet vele paarden mocht verwerven, en vandaar ook dat die koningen wel muildieren hadden. Dat is een heel apart verhaal op zich.

Maar in ieder geval, Absalom rijdt daar op zijn muildier. Het leger was verslagen en feitelijk is Absalom op de vlucht. Hij rijdt daar onder de dichte takken door van een eik, zoals dat wordt beschreven. Hij probeert daar onderdoor te komen, maar dat wordt hem fataal, want hij raakt vast met zijn hoofd. Het muildier waar hij op reed, liep gewoon door en zo lees je dat Absalom bleef hangen tussen hemel en aarde.

Het is eigenlijk heel opmerkelijk: bijna niemand kent de volledige geschiedenis van Absalom, maar iedereen weet dat hij met zijn haren bleef vastzitten in de bomen. Het gekke is echter dat dit er helemaal niet staat; er staat dat hij vastraakte met zijn hoofd. Nu hebben de rabbijnen natuurlijk altijd een verband gelegd met die enorme haardracht van hem. Het ligt ook erg voor de hand dat wanneer je zo’n geweldige haardos hebt en je moet door die dichte takken manoeuvreren, dat dit meespeelt. Maar strikt genomen staat er niet dat hij met zijn haar bleef hangen, maar met zijn hoofd. Waarvan akte. Het muildier liep door en hij hing daar volkomen hulpeloos tussen hemel en aarde.

Dit wordt vervolgens uitgebreid beschreven in de tekst. De man die hem ziet hangen, gaat het direct melden en zo komt het de legeroverste, generaal Joab, ter oren. Joab vraagt meteen: "Maar heb je hem dan niet gedood?" De legerleiding was het namelijk helemaal niet eens met Davids beslissing om Absalom te ontzien. Je moet je voorstellen: als je Absalom eenmaal hebt uitgeschakeld, dan is de strijd definitief gestreden. Maar dat wilde David juist uitdrukkelijk niet. Wanneer een van die knechten van David Absalom daar ziet hangen en dit aan generaal Joab vertelt, is de reactie van Joab: "Heb je hem nou niet gedood?" Maar die knecht peinst er niet over. Hij zegt — ik weet niet precies hoe hij het formuleert — dat hij het voor geen goud zou doen.

Joab denkt daar echter anders over. Hij gaat zelf een kijkje nemen en dan lees je dat hij eigenhandig met drie spiesen Absalom doodt. Vervolgens wordt Absalom in een grote kuil geworpen, met een enorme hoop stenen bovenop hem. Zo, over en uit, dat is het einde van Absalom. Hij krijgt geen eervolle begrafenis; hij wordt simpelweg in een kuil geworpen met een berg stenen erop.

Even voor de goede orde: bent u weleens in Jeruzalem geweest? Een aantal van u wel, dat weet ik. Dan hebt u daar misschien ook het monument bezocht dat doorgaat voor het graf van Absalom. Zo wordt het daar wel genoemd, maar dat is het niet. Je leest namelijk in 2 Samuël 18 vers 18 dat Absalom in die kuil werd geworpen met die hoop stenen eroverheen, maar hij had voor zichzelf ooit al een monument opgericht in het Koningsdal. Dat kun je daar nog steeds bezoeken. Wat er nu staat, is waarschijnlijk van een latere datum, maar Absalom heeft daar dus ooit zelf een gedenkteken neergezet. Hij deed dat omdat hij zei: "Ik heb geen zoon om mijn naam in gedachtenis te houden." Zijn zonen waren inmiddels blijkbaar al overleden. We hadden het er in de pauze nog even over: die jongens van hem zijn waarschijnlijk niet ouder dan tien jaar geworden en zijn dus al vroegtijdig gestorven.

Hij had dus eerder al dat monument opgericht. Het bouwwerk bij Jeruzalem wordt wel het 'graf van Absalom' genoemd, maar dat is het niet, want Absalom is begraven in een kuil in het Overjordaanse. Eigenlijk heet dit monument 'Yad Avshalom', wat 'de hand' of het gedenkteken van Absalom betekent. Je vindt het aan de rand van de Kidronvallei bij Jeruzalem. Het is een heel oud en een van de bekendste monumenten die je daar vandaag de dag nog kunt vinden.

Davids Diepe Rouw Om Zijn Zoon ↑ hoofdstukken

De strijd is nu gestreden. Absalom en die hele revolutie is neergeslagen, de opstand is ten einde en dan verneemt David hoe dit gegaan is. Het komt hem ter oren en hij verneemt van de overwinning die behaald is, maar wat hij doet, is dat hij alleen maar kan treuren om het lot van Absalom. Dat is misschien wel het meest bekend en ik moet zeggen dat ik het ook aandoenlijk vind. Het is zo aandoenlijk als je dit zo leest, want David is helemaal niet blij. We weten dan ook meteen waarom en hoe dat met die titel is gekomen. Het eerste wat hij zegt is: "Mijn zoon." "Mijn zoon Absalom, mijn zoon, mijn zoon Absalom. Och, dat ik in uw plaats gestorven ware. Absalom, mijn zoon, mijn zoon." Later zeg je ook: "Absalom, Absalom!" Hij is buitengewoon verdrietig.

Het is zodanig dat Joab, een van zijn generaals, furieus wordt. Hij zegt eigenlijk: "Wat krijgen we nou? Je zit het moreel van het volk naar de Filistijnen te helpen." Een aardige beeldspraak, hè? Want je moet blij zijn met de overwinning en dan ben jij alleen maar in de weer met die persoonlijke betrekkingen van je eigen zoon? Kom nou zeg! Een man bovendien die jou naar het leven heeft gestaan en die je het leven zo zuur heeft gemaakt. Maar David is buitengewoon verdrietig, dat is duidelijk.

In werkelijkheid gaat de geschiedenis nog verder in hoofdstuk 19 en ik laat dat met opzet nu gewoon even voor wat het is. David keert dan weer terug naar Jeruzalem. Ik wil het wel even genoemd hebben, want wat ik vanmorgen aan het einde van de samenkomst heb gedaan door de structuur van hoofdstuk 13 en 14 te laten zien — hoe het verhaal is opgebouwd, de logica en de hele indeling — dat doe ik nu ook weer van de hoofdstukken 15, 16, 17, 18 en 19. Je ziet dan ook weer een geweldige logische verhaallijn en een structuur.

In hoofdstuk 15 zagen we dat de opstand werd georganiseerd. Vervolgens verlaat David Jeruzalem en volgt die episode van Mefiboset, Siba en Simi, die hij tegenkomt op de Olijfberg. Daarna doet Absalom zijn intrede in Jeruzalem en wordt daar koning. Maar dan krijg je weer hetzelfde verhaal, of in ieder geval het contrast ervan: de opstand wordt neergeslagen. Ziet u hoe dat in lijn ligt? Het begint met de opstand die georganiseerd wordt en hier wordt de opstand neergeslagen. Het tweede was dat David Jeruzalem verlaat, maar nu keert David vervolgens weer terug naar Jeruzalem. En opnieuw komen de namen van Mefiboset, Simi en Siba weer voorbij. Het eindigt met Jeruzalem, waar David daadwerkelijk weer zijn intrede doet, eigenlijk zijn herintrede. Koning David is nu gevestigd; hij heeft zijn macht in Jeruzalem inderdaad definitief. Het is onderbroken geweest, maar nu is hij daar weer.

Typologische Lessen en Gods Trouw ↑ hoofdstukken

Nou, ik wil afsluiten. Het laatste wat ik wilde doen met dit tweeluik over Absalom is nog even stilstaan bij wat ik eigenlijk beschouw als de kers op de taart. Het zijn niet meer dan triggers; ik heb in het voorbijgaan al op een aantal dingen gewezen, maar met opzet wil ik er ook mee afsluiten. Ik wou haast zeggen: u hoort nog van me. Dit was namelijk een soort helikopterview over de geschiedenis van Absalom, maar je zou echt de details in moeten gaan om de typologie nog veel dieper te bezien. Ik wil u echter alvast wat triggers en hints geven in welke richting u moet kijken en waar u op moet letten. Er ligt in deze geschiedenis nog veel meer verborgen, dus zie dit als een aanzet. Ik hoop niet dat u dit enkel tot u neemt en zegt: "Nou, dan weet ik weer wie Absalom was, ik ben weer wat wijzer geworden en ik heb wat meer geleerd dan ik vroeger op de zondagsschool hoorde." Nee, juist die diepere zin is het allermooiste, waardoor je inderdaad zicht krijgt op onze Heer. Hij is momenteel ook weg, jawel, maar Hij komt terug in Jeruzalem, jazeker.

Laat ik een aantal dingen noemen. Israëls hart is gestolen en het volk valt voor misleiding en uiterlijkheden. Dat is eigenlijk een beschrijving van de afgelopen tweeduizend jaar. Het hart van Israël is gestolen en ze hebben op het verkeerde paard gewed, door misleiding en door te vertrouwen op uiterlijkheden. Ik geef het u ter overweging. En de Messias verliet Jeruzalem via de Olijfberg. Dat is ook heel betekenisvol en kun je op allerlei manieren opvatten, maar de meest verheven manier is deze: de Heer heeft ooit het toneel verlaten, en hoe? Wel, via de Olijfberg. Waar is de Zoon van David nu? Dat is eigenlijk de grote vraag waar het in deze geschiedenis over gaat. In ieder geval is Hij niet in de stad, maar daarbuiten.

Waar we het ook over gehad hebben – en ik noem hem hier nog even expliciet – is Achitofel als type van Judas en het Joodse volk. Hij verraadt zijn meester en verhangt zich. Ik wil er nogmaals op wijzen: het is Yahweh die beschikt en die er zorg voor draagt dat de uiteindelijke overwinning voor David is. En dan nog zoiets moois: in de toekomst zal de Messias weer terugkeren naar het land. Dat gaat dan ook weer via het Overjordaanse; Hij komt via het dal van Achor bij Gilgal en gaat dan Zijn zetel weer innemen in Jeruzalem. Hij komt via de 'King's Highway', de koninklijke weg die daar loopt. Er zijn zoveel parallellen tussen wat er met David gebeurde in deze hoofdstukken en hoe dat met de Messias zal gaan.

Als laatste noem ik de eik, want daar heb ik nog niets over gezegd. Absalom raakte met zijn hoofd vast in de takken van een boom, en dat was een eik. In veel vertalingen leest u 'terebint', maar in de Statenvertaling staat 'eik'. Men zegt weleens dat moderne vertalingen veel begrijpelijker zijn dan de Statenvertaling, maar geen mens weet wat een terebint is, terwijl iedereen weet wat een eik is. Daarom houd ik het op een eik. Dat heeft ook te maken met de eik als type van Gods eed. U moet namelijk weten dat in het Hebreeuws het woord voor 'eed' – met een 'd' dus – identiek is aan het woord voor 'eik'. 'Alah', dat is het Hebreeuwse woord. Dat heeft ook weer alles te maken met de besnijdenis waarbij de vrucht van de eik – jawel, de eikel – vrijgemaakt wordt. Wat ik nu zeg is misschien onbekend, maar het is zo evident als wat.

De eik herinnert aan Gods trouw, aan de 'eikenbomen van gerechtigheid'. God doet recht; Hij doet recht aan Zijn woord en Hij is trouw aan Zijn woord. Dat is waar een eik in de Bijbel altijd van spreekt. Waar ging Abraham wonen? Bij de eiken van Mamre of More. Waar werd Deborah begraven? Onder een eik. Waar sprak Jozua recht? Onder een eikenboom. Iedere keer weer die eik. Hoezo? Omdat de eik een embleem is van Gods trouw. Je leest dat God een aantal keren – een stuk of vier, vijf keer – een belofte geeft met een eedzwering. Dat doet Hij maar zelden. Bij Abraham deed Hij dat; God heeft Abraham een eed gezworen. Maar u leest ook dat Hij een eed zwoer aan David, bijvoorbeeld in Psalm 89. God heeft Zich onder ede verbonden aan Davids huis. Iedereen die daar tegen opstaat, die komt om. God doet recht aan Zijn belofte: David zal het zijn.

Toen Absalom in oppositie kwam, had hij op voorhand kunnen weten dat dit niet goed zou aflopen. Vandaar ook dat de Heer het heel anders beschikt heeft en dat Absalom met zijn hoofd verstrikt raakte in een eik. Dat dit de wijze was waarop het hem fataal werd, bewijst dat God trouw is aan de eed die Hij aan David heeft gezworen. Vandaar dat hij omgekomen is aan een eik. Kijk, dat soort dingen komen aan het licht als je Schrift met Schrift gaat vergelijken en als je een spade dieper gaat in plaats van alleen de oppervlakte te lezen.

Daar wilde ik het graag bij laten voor vandaag. Ik heb nog een bijlage over de structuren die ik vanmorgen heb laten zien. Het is weer een andere bijlage, maar ik wil u daar graag op attent maken. Als u daar meer over wilt weten, dan raad ik u aan een Companion Bible aan te schaffen, waarin u veel meer van dat soort structuren ziet; dat is echt een lieve lust. Zo hoop ik u in twee bijeenkomsten nader te hebben ingelicht over Absalom. Niet alleen zodat u wat meer over hem weet, maar vooral opdat u meer gaat begrijpen van de geweldige spraak die vanuit deze geschiedenissen uitgaat. De Bijbel heeft zoveel meer diepgang dan je ooit zou denken of vermoeden.

🎧 Absalom, Absalom! (1)
Delen: