GoedBericht.nl logo
UltimateGoodNews

De Overtreffende Aeonen

04-10-2014 - Geplaatst door Andre Piet
Presentatie van André Piet, gehouden tijdens de RevaGo-conferentie op 4 oktober 2014 in Leusden.

Geen van de gangbare bijbelvertalingen leent zich voor het toelichten van bovenstaand thema. Dat is buitengewoon triest omdat aeonen in het algemeen en “de aeonen der aeonen” in het bijzonder, een grote rol spelen in het getuigenis van de Schrift. God heeft een plan van aeonen, wereldtijdperken die hun hoogtepunt zullen bereiken in de heerschappij van Christus. Wanneer Hij uiteindelijk de dood als laatste vijand zal hebben teniet gedaan en daarmee alle mensen zijn levendgemaakt, dan zal Christus afstand doen van de troon om een volmaakt Koninkrijk over te dragen aan zijn God en Vader. Opdat God zij alles in allen!

Powered by RedCircle

📝 Samenvatting & Transcriptie van deze lezing

Samenvatting van deze toespraak

Deze Bijbelstudie toont aan dat het Bijbelse begrip 'aeon' in gangbare vertalingen ten onrechte vaak wordt wegvertaald als een eindeloze eeuwigheid. In werkelijkheid wijzen aeonen op specifieke wereldtijdperken met een begin en een einde. De 'overtreffende aeonen' of de 'aeonen der aeonen' verwijzen naar de toekomstige tijdperken waarin Christus en Zijn Koninkrijk succesvol zullen heersen. Deze heerschappij zal doorlopen totdat de laatste vijand, de dood, buiten werking is gesteld doordat allen levend worden gemaakt. Daarna draagt Christus het volmaakte Koninkrijk over aan de Vader, zodat God daadwerkelijk alles in allen zal zijn.

“Een volmaakt Koninkrijk zal Christus overdragen aan Zijn God en Vader. Geen smet, niemand ontbreekt: God alles in allen.”

Introductie: het Verzwegen Thema van de Aionen in Bijbelvertalingen ↑ hoofdstukken

De spits is er inmiddels afgebeten door de voorgaande spreker, door Gerard. Ik mag u vanmorgen meenemen naar dit thema wat u hier ziet geprojecteerd: de overtreffende aeonen. En het grappige is dat — voor zover je het grappig kunt noemen, want daar zit eigenlijk ook een diepe tragiek in — dit thema zich totaal niet laat toelichten aan de hand van de gangbare Bijbelvertalingen. Totaal niet.

Het maakt daarbij geen verschil of u de Statenbijbel hebt, de oude vertaling waar ik overigens met groot respect over spreek, of de NBG-vertaling uit 1951, de Groot Nieuws Bijbel die inmiddels ook alweer een jaar of dertig oud is, Het Boek van nog wat jongere datum, of de Nieuwe Bijbelvertaling die inmiddels ook alweer enige jaren op de markt is. Zelfs de Bijbel in Gewone Taal, die de afgelopen week nogal in het nieuws was doordat hij gepresenteerd werd in Den Haag aan onze koning Willem-Alexander, valt hieronder. Nu moet ik erbij zeggen dat ik deze Bijbel nog niet heb gecheckt, maar ik durf mijn hand ervoor in het vuur te steken — wat altijd link is, want ik heb er natuurlijk maar twee — dat dit thema zich in die vertaling evenmin laat toelichten.

Dus al die Bijbelvertalingen... als u uw Bijbeltje hebt meegenomen, respect en graag, maar dit onderwerp van de overtreffende aeonen zult u daar niet in tegenkomen. Het begrip aeonen is sowieso volkomen onbekend in al deze gangbare Bijbelvertalingen. Er is één uitzondering daarop en dat is de Naardense Bijbel. Dat is een tamelijk letterlijke vertaling en daar vindt u de aeonen, of in ieder geval de eeuwen, wel in terug. Voor de rest is het allemaal wegvertaald. Ik zal dat trouwens aan de hand van de dia's die ik laat zien ook vanzelf tonen.

En dan te bedenken dat alleen al in het Nieuwe Testament — ik ga daar maar even van uit omdat het een Grieks begrip is en het Nieuwe Testament in het Grieks geschreven is — het woord 'aion' en alle woorden die daarmee verband houden, zoals de meervoudsvorm maar ook de bijvoeglijke vorm 'aeonisch' of 'eeuwig' zo u wilt, maar liefst 193 keer voorkomt. Het is echt zo'n basaal begrip dat een grote rol speelt in heel de Bijbelse boodschap.

Wat Zijn Aionen? Vijf Fundamentele Bijbelse Kenmerken ↑ hoofdstukken

Voordat ik het ga hebben over de overtreffende aeonen – dat is immers het thema – ben ik verplicht om in ieder geval kort en bondig neer te zetten wat aeonen eigenlijk zijn. Het zijn geen 'dingen', het is een begrip. Aan de hand van vijf statements – een mooi getal als we het hebben over de aeonen – wil ik dat even kort neerzetten. Niet alleen de stelling, maar ook het 'bonnetje' erbij en eventueel nog andere Schriftverwijzingen. Ik wil dit even kort doen, zodat we in ieder geval een helder begrip hebben over wat aeonen nu eigenlijk zijn.

In de eerste plaats: aeonen zijn tijden. Dit staat natuurlijk helemaal haaks op wat de gangbare vertalingen weergeven. Want die vertalingen die ik u zojuist even liet zien, die geven dat Griekse woord 'aeon' bijna altijd, of in ieder geval in heel veel gevallen, weer met het woord 'eeuwigheid'. Ik weet niet hoe het met u zit, maar ik ben opgevoed met de gedachte dat je 'tijd' hebt en, in contrast daarmee als tegenstelling, 'eeuwigheid'. Het tijdelijke verwisselen voor het eeuwige; zulke begrippen. In de Bijbel is dat niet zo; aeonen zijn juist tijden. In 2 Timotheüs 1 vers 9 wordt gesproken over Gods eigen voornemen en de genade die ons in Christus Jezus gegeven is. U weet, Gerard heeft het al laten zien: het is alles genade en het is totaal onafhankelijk van menselijke prestaties. Dat is wat deze woorden aangeven. Maar let u dan vervolgens op wat er staat. Die genade is ons in Christus Jezus gegeven wanneer? Vóór eeuwige tijden. Letterlijk staat hier, zoals u ook in de interlineair ziet: vóór aeonische tijden. 'Eeuwige tijden' is prima, maar dan wel met een spatie tussen 'eeuw' en de rest van dat woord. Eeuw-ig, dat wil zeggen: betrekking hebbend op eeuwen. Of zoals de Statenvertaling heeft: 'de tijden der eeuwen'. Aeonen zijn tijden en die tijden hebben ooit een aanvang gehad. Er wordt hier gesproken over aeonische tijden en die hebben een aanvang gehad, want er wordt gesproken over vóór-aeonische tijden.

Dat brengt me meteen op het tweede punt: aeonen hebben een begin. In feite heb ik het al aangestipt, maar ik zal nu nog een schriftplaats noemen: 1 Korinthe 2 vers 7. Dat is het hoofdstuk waar zojuist al uitgebreid uit geciteerd is. Daar wordt gesproken over de verborgen wijsheid van God, die God reeds 'vóór de aeonen' voorbeschikt heeft tot onze heerlijkheid. Ik citeer iedere keer – dat was ik nog vergeten te zeggen – uit de NBG-vertaling uit 1951. Daar wordt gesproken over wat God reeds 'van eeuwigheid' voorbeschikt heeft. Dat zegt de vertaling, maar wat er echt staat is: vóór de aeonen. Ik geef iedere keer ook die weergave van de interlineair, zodat u echt kunt zien hoe Paulus dat heeft genoteerd. Vóór de aeonen. Niet 'van eeuwigheid af'. Er staat geen enkelvoud, er staat een meervoud. Er staat een bepaald lidwoord bij: 'vóór de aeonen'. Je ziet hier gewoon dat de vertalingen een heel wezenlijk en duidelijk begrip dat Paulus noteerde, hebben wegvertaald. Ze hebben het aangepast aan de gangbare theologische ideeën en misleiden zo de lezer, het publiek voor wie die Bijbel bestemd is. Ja, dit zijn grote woorden, maar dit is misleiding. Hier geef je niet weer wat er staat. Dan kun je wel zeggen: 'Ja, dat is onze taal, dat begrijpen we allemaal', maar we zouden toch moeten weten en willen weten wat God Zelf in Zijn Woord, in de Schriften, heeft laten vastleggen? Welnu, dan is er geen sprake van 'van eeuwigheid af', maar 'vóór de aeonen'. Het is nu even genoeg om vast te stellen: aeonen hebben een begin, een aanvang. Ze zijn ooit begonnen.

Nog een punt: aeonen hebben een einde. Dat staat natuurlijk ook helemaal tegenover het gangbare idee, want juist 'eeuwigheid' wordt verondersteld een tijd te zijn zonder einde – en dus niet echt een tijd, vandaar dat het altijd tegenover de tijd geplaatst wordt. Nee, in de Bijbel hebben tijden of aeonen een einde. Een begin en een einde. In 1 Korinthe 10 vers 11 spreekt Paulus over ons, 'over wie de einden der aeonen gekomen zijn'. Hier geeft men het woordje 'aeon' weer met 'eeuwen'. Dat zijn de twee begrippen waarmee het woord 'aeon' altijd wordt weergegeven: met 'eeuwigheid' als het even kan, en als dat absoluut niet kan, dan geeft men het weer met 'eeuwen'. Hier is sprake van 'eeuwen', maar letterlijk staat er, zoals u ziet, dat er wordt gesproken over 'de einden van de aeonen'. Ook trouwens een meervoud: niet 'het einde', maar 'de einden'. Aeonen hebben einden. Hoe precies de context is en waar het over gaat, doet nu even niet ter zake; het is voldoende om nu vast te stellen dat aeonen niet alleen een begin hebben, maar ook een einde. De aeonen hebben einden. Vandaar ook dat er gesproken wordt over de 'voleinding van deze aeon', of in Hebreeën 9 over de 'voleinding der aeonen'. En wat dacht u van dat bekende vers Mattheüs 28 vers 20? Dat zijn de afsluitende woorden van het Mattheüs-evangelie: 'Ik ben met u al de dagen tot aan de voleinding van de...' Ja, 'wereld' staat er in de meeste vertalingen. Ze zouden natuurlijk echt helemaal door het ijs zakken wanneer men hier had weergegeven: 'tot aan het einde van de eeuwigheid'. Dat is absurd natuurlijk. Daarom heeft men dat daar maar weer op een andere manier weergegeven. U ziet, aan de hand van de Bijbelvertalingen kun je geen kant op. Als je wilt weten wat de Schrift zegt, dan is het helder: 'Ik ben met u tot aan de voleinding van de aeon'. Dat wil zeggen: van deze aeon, en dan zal er een toekomende aeon beginnen.

Nog iets: aeonen lopen synchroon, dat wil zeggen dat ze samenvallen met werelden. Ik bedoel daar dit mee te zeggen: het is ontleend aan wat Paulus schrijft in Efeze 2. In de Efezebrief spelen aeonen trouwens een grote rol; de voorbije aeonen, de tegenwoordige aeon, de toekomende aeon, maar ook de 'aeonen der aeonen'. Ze spelen allemaal een grote rol. Maar daar zegt hij dit: 'waarin jullie vroeger gewandeld hebben overeenkomstig de loop dezer wereld'. Hier heeft men het vertaald met 'de loop', maar er staat letterlijk: 'de aeon van deze wereld'. Het kan niet missen: bij deze wereld hoort een aeon. Dat is in ieder geval even genoeg om dat bij dezen ook vast te stellen. In die aeon heeft de overste van de macht der lucht de macht, en dat is geen aardige jongen, om het zo maar te zeggen. Hij wordt ook genoemd de vorst van de duisternis; degene die als de god van deze aeon misleidt en regeert. Hij zorgt er ook voor dat de waarheid verdraaid wordt in een leugen. Welnu, dat is die overste van de macht der lucht. De tekst gaat verder, maar ik haal dit vers even aan om aan te geven: aeonen vallen samen met werelden. Dat is een belangrijk gegeven omdat je daarmee dus ook weer ziet dat er nog aeonen zijn geweest voorafgaand aan deze aeon, aan deze wereld. De Bijbel spreekt bijvoorbeeld in 2 Petrus 2 over 'de wereld van de voortijd' die God niet gespaard heeft. Dan gaat het over de dagen van Noach, vandaar dat plaatje van de ark. Dat is de wereld van de aeon van de voortijd. En nog een hoofdstuk later is er sprake van 'de toenmalige wereld'.

Of dat hetzelfde is als deze uitdrukking, laat ik hier even in het midden. Maar in elk geval zijn er dus nog werelden voorafgegaan aan de huidige wereld. Deze wereld heeft een aeon, de aeon van deze wereld. Welnu, er zijn ook werelden, en daarmee ook aeonen, die voorafgingen aan de huidige. En dat brengt mij tevens op het laatste punt dat ik ter introductie van dit onderwerp wil zeggen: de Bijbel kent in ieder geval vijf aeonen.

Er is sprake van de huidige aeon, de tegenwoordige aeon. Paulus schrijft in Galaten 1 vers 4 dat Hij ons, die geloven, getrokken heeft uit de tegenwoordige boze wereld – zegt de NBG-vertaling dan – maar ook hier staat weer het woord aeon. Ze hebben het op alle mogelijke manieren vertaald, maar nooit goed. Juist omdat ze het op alle mogelijke manieren gedaan hebben. Als men het nu gewoon concordant, dat wil zeggen eensluidend, had weergegeven, dan had het niet uitgemaakt of ze nu x of blub hadden gezegd, maar dan had je in ieder geval geweten dat het om hetzelfde woord ging. Ik kies er gewoon voor om het woord dat Paulus gebruikte, of wat de Bijbel gebruikte, over te nemen.

Per slot van rekening is dit woord aeon ook gewoon terug te vinden in het woordenboek. Waarom zouden we dus een ander woord gebruiken? Oké, het is niet zo heel bekend, aeonen, maar het is niettemin een gewoon Nederlands woord. Het grappige is dat buiten de Bijbelse sfeer heel bekend is dat een aeon geen eeuwigheid is. U kunt het al terugvinden in de Winkler Prins van tientallen jaren terug: een aeon is niet een eindeloze eeuwigheid, nee, dat zijn wereldtijdperken. Het is bekend, alleen er wordt niet mee gewerkt, er wordt niet vanuit gedacht en het Bijbelse begrip heeft men verdraaid en voor het publiek verdonkermaand.

In elk geval kan dat allemaal in deze aeon, die daarom ook boos heet. Want de standaard in deze wereld is dat de leugen regeert; de waarheid wordt verruild. Daarom heet deze aeon ook een boze aeon. Ik heb daar trouwens twee symbooltjes bij gezet: het kruis, het embleem van de dood van Christus waar Gerrit het zojuist ook over had, met daarbij ook de weggewentelde steen. Dood en opstanding staan centraal in deze aeon. En, verklap ik alvast, het staat ook centraal in dat hele plan der aeonen. Dat is trouwens een Bijbelse uitdrukking: het plan der aeonen, uit Efeze 3.

Maar goed, er is dus sprake van de tegenwoordige aeon. Er is ook sprake – in Efeze 3 vers 9 lees je dat – over aeonen van her. Er zijn dus aeonen, in ieder geval twee, voorafgegaan aan de huidige aeon. Er zijn werelden geweest voor de huidige wereld: de toenmalige wereld, de wereld die toen was. Dat zijn er dus in ieder geval twee. Dat brengt ons aantal al op drie aeonen. De huidige en de ten minste twee aeonen hiervoor; hoe die onderverdeling precies is, maakt voor het verhaal van nu even geen verschil. In elk geval is er sprake van aeonen die voorafgegaan zijn aan de huidige aeon. Prediker 1 vers 10 zegt trouwens exact hetzelfde.

Om ons aantal op vijf te brengen, is er ook nog eens sprake van de komende aeonen. In Efeze 2 vers 7 wordt gezegd dat God in de komende aeonen, de opkomende aeonen, iets gaat doen. Ik heb dat grafisch zo weergegeven, gevisualiseerd, door te laten zien dat het opkomt. Vandaar ook 'overtreffend'. Er zijn nog zulke geweldige dingen die God in petto heeft. Het standaardidee is natuurlijk altijd: als Jezus Christus weerkeert – voor zover men dat kent – dan breekt de eindeloze eeuwigheid aan. Dan is het eeuwig wel of eeuwig wee. Nee, dat is een volkomen onbijbels begrip. Er breekt bij de wederkomst niet een eindeloze eeuwigheid aan, maar wereldtijdperken, of aeonen. Hier wordt gesproken over de komende aeonen.

Wat gaat God dan doen? Dan gaat Hij de overweldigende, eigenlijk de overtreffende rijkdom van Zijn genade tonen. Overtreffend is de vertaling van huperballo. Dat is huper, wat te maken heeft met 'over', en ballo – u herkent het meteen – dat te maken heeft met een bal en werpen. Dat is dus inderdaad overtreffend. Die komende aeonen zijn opkomend, maar ze zijn ook overtreffend. Ze zijn overtreffend omdat Hij daarin de rijkdom van Zijn genade gaat etaleren, gaat betonen en tentoonstellen. Dat is wat God van zins is, en daarmee zijn we tevens gekomen aan het volgende punt.

De Overtreffende Aionen: een Bijbels Hebraïsme ↑ hoofdstukken

Nu ik kort heb uiteengezet wat aeonen zijn, komen we bij het begrip 'de overtreffende aeonen'. Dat was het thema waarmee ik getrakteerd ben, of wat ik eigenlijk zelf heb voorgesteld; het is vandaag allemaal in goed overleg gegaan. Aeonen kom je helaas niet tegen in de gangbare Bijbelvertalingen, maar als die vertalingen ons daarin niet ter wille zijn, komen we samen om de Schriften zelf te onderzoeken. Vandaar dat Peter natuurlijk heel uitdrukkelijk heeft gezegd: het gaat niet zozeer om de Bijbelvertalingen, het gaat om wat er in de Schrift staat.

Een van de grootste voorrechten van het leven in deze tijd vind ik zelf dat we vandaag de dag als leek – want zo noem ik mezelf ook, ondanks het feit dat ik me al jarenlang intensief met deze dingen bezighoud – heel gemakkelijk toegang hebben tot de bron. Ik ben gewoon een leek, een amateur; ik val helemaal in de categorie waar Gerrit het zojuist over had: niet vele wijzen, et cetera. Maar vandaag hebben we het voorrecht dat die kennis, ook de toegang tot de grondtekst, voor iedereen beschikbaar is. Dat geldt voor kennis in het algemeen, maar zeker ook voor de kennis van de Schriften. Als je wilt weten wat er werkelijk staat – niet wat men ervan heeft gemaakt of wat men ons wil doen geloven, maar wat er écht staat – en je zoekt daarnaar, dan zul je vinden. Wie zoekt, die vindt; dat is altijd al zo geweest, maar vandaag de dag vind je makkelijker dan ooit toegang tot de bron.

Zoals gezegd vind je aeonen niet terug in de gangbare Bijbelvertalingen, en deze specifieke uitdrukking al helemaal niet. En dat terwijl die uitdrukking alleen al in het Nieuwe Testament – ik beperk me daar nu even toe – maar liefst 21 keer voorkomt. De overtreffende aeonen, 'de aeonen der aeonen', kom je 21 keer tegen. En dan tel ik de drie aanverwante uitdrukkingen die nog wat specifieker zijn nog niet eens mee. Die uitdrukking 'de aeonen der aeonen' is altijd standaard wegvertaald, maar daarom kunnen we daar nu juist een Bijbelstudie aan wijden. Het is een geweldig onderwerp.

De term is wat we noemen een overtreffende trap, een typisch Hebraïsme. Het is een karakteristiek Hebreeuwse manier van uitdrukken, zoals we die ook kennen van uitdrukkingen als 'het heilige der heiligen'. Dat is het overtreffende heiligdom, of zo u wilt het heiligste van al het heilige. We kennen ook 'de Koning der koningen', 'de Heer der heren' of 'het lied der liederen'. Er is een Bijbelboek dat zo heet, maar men heeft dat weergegeven als het Hooglied. Eigenlijk is het, als je het goed zou vertalen, het overtreffende lied of het hoogste lied: het lied der liederen. Ook bekend is 'de ijdelheid der ijdelheden', een uitdrukking die we heel vaak tegenkomen in het boek Prediker. Je herkent daar automatisch dezelfde terminologie en dezelfde vorm in. Of denk aan 'de hemel der hemelen'. Ik had de lijst van dit soort uitdrukkingen die je in de Bijbel tegenkomt nog aanzienlijk langer kunnen maken.

Zo komen we dus ook 'de aeonen der aeonen' tegen. En wat zijn die aeonen der aeonen? Op voorhand weet je al, door de hele constructie, dat het overtreffende aeonen zijn. Je hebt aeonen, en je hebt de aeonen der aeonen. Dat gaat er bovenuit, dat overtreft het weer, zoals al die soortgelijke uitdrukkingen met diezelfde vorm dat laten zien.

De Aionen Der Aionen: het Koninkrijk in Daniël en Openbaring ↑ hoofdstukken

De eerste keer dat we die uitdrukking tegenkomen, is niet in het Nieuwe Testament, maar in het Oude Testament. Dat kent natuurlijk niet het woord aeon, omdat aeon Grieks is. Het Hebreeuwse woord daarvoor is olam. Maar als je het vervolgens in de Septuagint, de Griekse vertaling daarvan, terugleest, dan kom je het alsnog weer tegen. Om het niet altijd ingewikkeld te maken: in Daniël 7 lees je daarover. U kent het hoofdstuk? Misschien, misschien niet. Maar in elk geval is Daniël 7 de beschrijving van die vier beesten. Ik noem ze maar zo, want dieren zou ik het eigenlijk niet eens willen noemen. Kijk maar eens hoe ze beschreven worden; het zijn vaak draakachtige dieren die gruwelijk te werk gaan. Wereldrijken, anderen zeggen godsdiensten – dat wil ik nu even terzijde leggen. Maar in elk geval gaan die vier beesten uiteindelijk plaatsmaken.

Dat lees je in vers 18. Als de heerschappij van de vier beesten tenietgedaan zal worden, dan zullen de heiligen van de Allerhoogste – dat is het volk, het heilige volk, dat wil zeggen het volk van Israël – het Koninkrijk ontvangen. Dat is wat er letterlijk staat: het Koninkrijk. En zij, dat heilige volk Israël, zullen het Koninkrijk bezitten tot in eeuwigheid. Inmiddels verbaast het u waarschijnlijk al niet meer dat hier niet het woordje 'eeuwigheid' staat. In het Hebreeuws staat daar olam en in de Griekse weergave aeon. Er staat letterlijk: tot in de aeon. U ziet het trouwens ook in de interlineair.

Kijk, gedurende deze aeon – daar zitten wij nu nog in, al duizenden jaren duurt de aeon van deze wereld – maar als de beestachtige heerschappij, deze boze aeon, plaats gaat maken voor een nieuwe aeon, de komende aeon, dan zal het volk dat daarvoor geprepareerd en bestemd is, het volk van Israël, het Koninkrijk ontvangen. Een koninklijk priesterschap zijn zij, en zij zullen het Koninkrijk bezitten tot in de aeon. Ja, tot in de... de vertaling zegt dan 'de eeuwigheid der eeuwigheden'. Heel vreemd, hè? Als een eeuwigheid eindeloos is, wat zijn dan 'eeuwigheden'? Duurt dat nog langer? We lachen erom, want het is ook belachelijk. Men zegt dan: 'Ja, maar dat is een poëtische manier van zeggen.' Daar kom je altijd wel mee uit, maar wat er gewoon staat, is: tot in de aeon van de aeonen. Olam olamim, dat is dan weer Hebreeuws.

Laten we het gewoon zeggen zoals we het tot dusver hebben geformuleerd: tot in de aeon van de aeonen. Dit is dus tot in de aeon, en tot in de aeon der aeonen. Dat wil zeggen dat de komende aeon nog opgevolgd wordt door nog een aeon. Dat wordt de aeon der aeonen of van de aeonen genoemd. Wat is er zo karakteristiek aan deze aeonen? Dat is dat daarin het heilige volk, het volk van de Allerhoogste, het Koninkrijk ontvangen heeft en zal bezitten. Daarmee is de toon gezet. Hier in Daniël 7 wordt die uitdrukking 'de aeonen der aeonen' voor het eerst zo gebezigd. Vervolgens wordt dat in het Nieuwe Testament opgepakt en vele malen komt dat terug.

Dan weet je al, als je gewoon je Hebreeuwse Bijbel kent: aha, dat zijn dus die tijdperken die na de heerschappij van de godsdienstige en politieke machten zullen aanbreken. Wanneer het volk van God het Koninkrijk zal bezitten, daar in het Midden-Oosten, vanuit Jeruzalem. Want vandaaruit zal de Koning heersen. Dat kan niet missen als je de Bijbelse profeten kent en erkent; dan weet je dat op voorhand.

Ik ga met u naar Openbaring 11. Daar staat: het koninkrijk over deze wereld is gekomen aan onze Heer en Zijn Gezalfde. Hier komen we in dezelfde tijdspanne terecht, namelijk wanneer het koninkrijk van deze wereld plaatsmaakt voor het Koninkrijk van onze Heer en Zijn Gezalfde, van Zijn Christus, van Zijn Messias – hoe je het ook maar zeggen wilt, je zegt iedere keer hetzelfde. En Hij – Zijn Gezalfde, onze Heer – Hij zal als Koning heersen. Hij zal Koning zijn tot in de aeonen van de aeonen. Alleen al in het boek Openbaring komt deze uitdrukking, de aeonen van de aeonen, twaalf keer voor. Allemaal worden ze weergegeven met het vertaalwoord 'alle eeuwigheden', tenminste in de NBG '51. Dat het 'aeonen der aeonen' zijn, zie je niet. Men heeft het woord 'alle' toegevoegd, maar dat staat er helemaal niet. Wat er gewoon staat is: de aeonen van de aeonen.

Hier zie je exact dezelfde gedachte: dat zijn die aeonen waarin niet het koninkrijk van deze wereld het voor het zeggen zal hebben. De machten, de godsdienstige en politieke machten van deze wereld, zullen ten einde gebracht zijn en plaatsmaken voor de enige Rechthebbende, namelijk de Heer, Zijn Gezalfde, de Messias. Hij zal als Koning heersen tot in de aeonen van de aeonen. Dit zijn de overtreffende aeonen. Van de aeonen die we tot dusver kennen – dit is de derde op rij – zullen dat de aeonen zijn die overtreffend zijn. Je begrijpt ook meteen waarom: omdat het de aeonen zijn waarin het Koninkrijk van God hier in deze wereld het voor het zeggen zal hebben. Het volk van de Allerhoogste, Israël, zal geplaatst zijn in de positie die God daarvoor bestemd heeft en de Messias zal daarin heersen. Een ongekende tijd. Vandaar dat ik die kroon erbij gezet heb: het zijn de tijdperken van het Koninkrijk van God en van de Koning der koningen, van de Gezalfde, de Messias, de Heer en Christus.

In 2 Timotheüs 4 lees je over het laatste hoofdstuk van Paulus' geestelijk testament. Hij zegt: de Heer zal mij beveiligen tegen alle boos opzet en behouden in Zijn hemels Koninkrijk brengen. Van dat hemels Koninkrijk wordt vervolgens gezegd: Hem zij de heerlijkheid. De vertaling zegt: 'in alle eeuwigheid', maar ook hier staat weer: tot in de aeonen van de aeonen. Ik ga natuurlijk niet alle keren langs waarin die uitdrukking voorkomt, maar het heeft iedere keer te maken met die tijdperken waar God naartoe op weg is om Zijn Koninkrijk te vestigen. Waarin deze aeon, deze boze aeon, totaal getransformeerd wordt naar de aeon van Zijn Koninkrijk. Dat zijn geweldige, overtreffende tijden. Hem zij die heerlijkheid; die heerlijkheid zal Hij inderdaad bezitten in de aeonen van de aeonen.

Hoezo de 'aeonen der aeonen'? Ik moet kort zijn, maar aan de hand van het boek Openbaring is dit eenvoudig weer te geven. In de eerste plaats is daar sprake van de duizend jaren, dat wordt beschreven in Openbaring 20 vers 1 tot 6. Dus nadat deze boze aeon is afgesloten, breekt er een nieuwe aeon aan, die op andere plaatsen de toekomende aeon wordt genoemd. Even kort tussendoor: als het in de Bijbel over aeonen gaat, dan gaat het meestal over de huidige boze aeon en de toekomende aeon. Dat is de belangrijkste aeon waar de meeste profetie over gaat, waarin Israël hersteld zal zijn en de volkerenwereld onderworpen zal zijn aan dat koninklijke volk en vanuit Jeruzalem geregeerd zal worden. En daarna... want deze duizend jaren houden uiteraard op. Weet u hoe lang dat duurt? Ja, ongeveer duizend jaar, denk ik.

Daar zal ik er nooit zo ver naast zitten. Dat zijn de duizend jaren. De duizend jaren waarin Satan gebonden zal zijn. Dan vindt er nog het een en ander plaats; de grote witte troon lees je daar. Je kunt het allemaal terugvinden in Openbaring 20. Blader even door die Bijbel en dan zie je het gewoon vanzelf.

Daarna breekt er weer een nieuw tijdperk aan. Dat is de meest overtreffende: een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. De laatste hoofdstukken in het boek Openbaring, de laatste hoofdstukken in onze Bijbel, gaan daarover. Die nieuwe hemel, die nieuwe aarde. Dat Jeruzalem, die stad van goud die vanuit de hemel zal neerdalen naar de aarde en als een jakobsladder verbinding tussen aarde en hemel zal brengen.

Dat is een aeon die nog weer overtreffend zal zijn. Hij zal ook nog veel langer duren, als u het mij vraagt. Dat is nu ook weer niet het onderwerp, maar ik wil u er alleen maar mee aangeven dat dit nog weer een nieuw tijdperk is. Een nieuwe aeon, nog overtreffender. Vandaar ook dat het de aeon der aeonen genoemd wordt. Deze aeonen heten de aeonen der aeonen. Deze laatste is de meest overtreffende en vandaar dat die de aeon der aeonen, of de aeon van de aeonen, wordt genoemd. Het is de meest overtreffende, dat kan niet missen.

Als u terugbladert naar deze hoofdstukken — deze hadden we trouwens al onder ogen in Efeze 3 vers 21 — dan zult u het in de gangbare vertaling nu wel terugvinden. Daar staat dit geschreven door Paulus; daarover wordt gesproken in de Schrift. En in Hebreeën 1 vers 8 wordt er zelfs nog een hele merkwaardige uitdrukking gebruikt: het is de aeon van de aeon. Dus het overtreft vooral ook deze huidige aeon.

Daarna het Einde: de Dood Onttroond en God Alles in Allen ↑ hoofdstukken

Ja, en daarna heb je dan nog de vraag: nou, zal ik u dat eens vertellen? Dan gaan we gewoon naar 1 Korinthe 15. Daar lees je: "daarna het einde". Het einde waarvan? Dan moet je even naar de context van 1 Korinthe gaan en dan gaat het over levendmaking in rangorde. Eerst Christus, de Eersteling, vervolgens die van Christus zijn in Zijn parousia, en daarna het einde. Dat wil zeggen: de laatste levendmaking. En dan staat er: wanneer Hij, Christus, het Koninkrijk aan God de Vader overdraagt.

Dus hier krijgen we in 1 Korinthe 15 nog een verder zicht, want de Bijbelse profetie spreekt over de aeonen der aeonen waarin Christus zal heersen. De meeste mensen zeggen: "Ja, Christus heerst in eeuwigheid." Talloze liederen gaan daar ook over. Vergeet het maar. Hij moet heersen totdat Hij het Koninkrijk als iets succesvols – want dat is Gods wijsheid – zal hebben afgesloten en zal overdragen aan God de Vader. Verzin ik dat? Nee, het staat er gewoon zwart op wit: daarna het einde, wanneer Hij, Christus, het Koninkrijk aan God de Vader overdraagt. Wanneer Hij alle heerschappij, alle macht en kracht, namelijk alle vijandelijke macht, onttroond of buiten werking gesteld zal hebben.

Want Hij moet als Koning heersen totdat. Hij zal heersen tot in de aeonen der aeonen, maar het heeft een "totdat". Dat hele verhaal van "Hij moet heersen tot in eeuwigheid", dat is een ontering van Hem. Dat betekent dat God Zijn plan nooit succesvol afsluit. Dat blijkt dan ook wel uit wat men daar vervolgens allemaal uit concludeert. Er zit zoveel geniepigheid, addergif en – ik bedoel het zo letterlijk als ik het nu zeg – slangengif achter die verdraaiing van deze waarheden. Een hele oude slang trouwens. Terwijl heel de Schrift juist gaat over die overtreffende aeonen, heeft men het allemaal verdraaid zodat het nooit succesvol zal worden afgesloten.

Hij moet als Koning heersen totdat Hij al Zijn vijanden onder Zijn voeten gelegd heeft. En de laatste vijand die onttroond of eigenlijk buiten werking gesteld wordt, dat is de dood. In deze aeonen is daar nog de dood. Kijk het maar na in Openbaring 21 en 22, daar is sprake van de tweede dood. Aan deze aeonen hebben velen geen deel; zij zijn daarin verloren. De vraag van de vorige spreekbeurt ging daar ook over: kan een mens verloren gaan? Jawis en waarachtig! Velen zijn voor deze aeonen verloren.

Maar als de laatste vijand onttroond wordt, de dood... Weet u hoe God dat doet, of hoe Hij, Christus, dat doet? Door allen levend te maken. Als Hij allen levend maakt – de laatste groep die niet van Christus is – ja, wat dacht u wat? Als de laatste groep ook wordt levend gemaakt, dan is er geen dood meer. En dus heeft Hij de dood buiten werking gesteld. Dan zijn allen levend. Want zoals in Adam allen sterven, zo zullen in Christus allen levend gemaakt worden.

En dan lees je in vers 28: wanneer alles Hem onderworpen is, dan zal ook de Zoon Zelf Zich aan Hem onderwerpen – of zal aan Hem worden onderworpen, zo staat er eigenlijk – die Hem alles onderworpen heeft, opdat God zij: alles in allen. Dat betekent dat de heerschappij van Christus gedurende die geweldige overtreffende aeonen succesvol wordt afgesloten. Daar zal niemand in ontbreken, want ook degenen die gedurende deze aeonen dood waren, zullen dan zijn levend gemaakt, zodat er geen dood meer is. Alles is leven. Een volmaakt Koninkrijk zal Christus overdragen aan Zijn God en Vader. Geen smet, niemand ontbreekt: God alles in allen.

Nou, daarmee wil ik ook afsluiten. In 1 Timotheüs 1 lees je dit: "de Koning der aeonen". Want dat is wat er letterlijk staat, dat weten we inmiddels. De Koning der aeonen, de onvergankelijke, de onzienlijke, de enige God. In het Grieks staat hier monō theō. Dat betekent... ons woord monotheïsme komt daarvandaan. Er is maar één God, de Vader. Nou ja, dat is weer een ander onderwerp. Eén God, nogal fundamenteel als u het mij vraagt. De onvergankelijke, Hij is de Koning der aeonen. Hij heeft een plan der aeonen. De onvergankelijke, bovendien de onzienlijke, de enige God, zij eer en heerlijkheid tot in de aeonen van de aeonen. Die zo geweldig, zo overtreffend zijn en uiteindelijk uitmonden in de absolute volmaaktheid van God alles in allen. Amen, zeg ik dan met Paulus.

🎧 RevaGo - De Overtreffende Aeonen (André)
Delen: