English blog

Romeinen 3:13,14 – een geopend graf

23-10-2020 - Geplaatst door Andre Piet

Hun keel is een geopend graf, met hun tong plegen zij bedrog, addergif is onder hun lippen. 14 Hun mond is boordevol van vloek en bitterheid.

Nadat Paulus in de voorgaande drie verzen (:10 t/m 12) uit Psalm 14 citeerde, verwijst hij in de bovenstaande verzen naar vier passages: Psalm 5:10, 10:7; 140:4 en Jer. 5:16. Het voorgaande citaat ging over de mens in het algemeen, wie hij is en over zijn ‘binnenkant‘. In de bovenstaande verzen gaat het over wat van de de mens naar buiten komt, via de mond. Daarna, in vers 15 t/m gaat het over de voeten en in vers 18 over de ogen.

Onze woorden komen uit de “keel” en de “mond” en worden met de “tong” en de “lippen” gesproken. Opmerkelijk dat de ‘catalogus’ van lichaamsdelen hiermee begint. De tong mag dan een relatief klein lichaamsdeel zijn, het geeft uitdrukking aan wat in ons is en het stuurt heel het lichaam aan. Jakobus vergelijk het met de toom in de bek van een paard en met het roer van een schip (3;3,4).

Geen groter contrast dan de keel van de mens als “een geopend graf” en GODS woord dat spreekt over het geopende, en voor altijd lege graf… een verschil van dood en LEVEN!

Delen: