English blog

1Korinthe 10:19,20 – demonen versus de ene GOD

22-07-2019 - Geplaatst door Andre Piet

Wat beweer ik dan? Dat een afgodenoffer iets is of dat een afgod iets is? Integendeel, wat de natiën offeren, dat offeren zij aan demonen en niet aan God. En ik wil niet dat jullie deelgenoten van demonen worden.

Bedoelde Paulus met zijn eerdere aansporing de afgoderij te ontvluchten (:14), dat men bang zou moeten zijn voor een afgod? Of dat vlees dat aan een afgod gewijd is, ‘besmet’ zou zijn o.i.d.? Nee, integendeel. Nee, want afgoden zijn slechts bedenksels van mensen. Een afgod is niets. Een afgod is dus ook niet gevaarlijk, maar… de dienst aan afgoden is wel gevaarlijk. Omdat een af-god van de ene GOD af-leidt.

Wanneer de natiën in hun tempels offeren, dan is dat niet aan de ene GOD maar aan demonen. Niet zoals de gangbare vertalingen zeggen: aan “boze geesten” of “duivelen”. Paulus gebruikt het woord ‘demonen’ en dat is geen beschuldiging of waardeoordeel. Geen enkele Griek kon hem deze bewering kwalijk nemen. Want het woord ‘demonen’ was ook voor hen de benaming van hun goden (vergl. Hand.17:18). Demonen zijn de goden van de volken (Ps.96:5). Demonen staan tegenover de ene GOD. Ze verhouden zich als duisternis en licht en zijn onverenigbaar (2Kor.6:16).

Delen: