English blog

6. Wat moeten we met teksten waar sprake is van ‘eeuwig oordeel’ e.d.?

Jesaja 32: 14 en 15 spreekt over een oordeel over Jeruzalem “tot in eeuwigheid” (Staten Vertaling). En in hetzelfde vers wordt gezegd: “totdat over ons uitgestort zal worden Geest uit den hoge”. Volgens Judas: 7 ondergaan Sodom en Gomorra gericht als een voorbeeld onder “eeuw-ig vuur”. Toch zullen volgens de profeet in de toekomst deze steden weer in hun vroegere heerlijkheid worden hersteld (Ezechiël 16:55). Zie daar “een voorbeeld van eeuw-ig vuur”!

Het belangrijke punt is: ‘eeuwigheid’ = eeuw. Beide vertaalwoorden gaan in de grondtekst van de Bijbel terug op één woord. In het Hebreeuws is dat ‘olam’ en in het Grieks ‘aion’. Aionen hebben in de Schrift zowel een begin (“vóór de aeonen”) als een einde (“de voleinding van de aionen”). De Schrift kent geen ‘eindeloze eeuwigheid’.

De bijvoegelijke vorm ‘eeuw-ig’ (Gr. aionios) verwijst naar ‘eeuw’ of ‘aion’ en daarmee naar een tijd met een begin en einde. In 2 Timotheüs 1:9 lezen we de uitdrukking “vóór eeuw-ige tijden”. Waaruit blijkt dat een ‘eeuwige tijd’ noch beginloos, noch eindeloos is. Let er ook op dat ‘eeuwig’ niet tegenover ‘tijd’ wordt gesteld.
Het eeuw-ig oordeel is het oordeel dat betrekking heeft op één of meer eeuwen (= tijdperken). Bij de terugkeer van de Here Jezus Christus breekt niet een eindeloze eeuwigheid aan, maar “de komende eeuwen” (Ef.2:7) waarin hij zal regeren. Lang niet iedereen zal deze aionen meemaken. Pas als aan het einde van Christus’ heerschappij de dood zal worden teniet gedaan, zullen allen worden levend gemaakt en dan zal GOD “alles in allen” worden.

Delen: