English blog

nog eens: goedkope genade (2)

12-05-2021 - Geplaatst door Andre Piet

In mijn vorige blog besprak ik uitspraken van Henk Binnendijk waarin hij afstand neemt van prediking waarin genade goedkoop gemaakt wordt. Hij bestrijdt dat omdat het volgen van Jezus bepaald niet goedkoop is maar alles kost. In mijn eerste reactie ging ik in op de essentie van genade. Genade betekent: om niet, gratis. ‘Goedkope genade’ is daarom een contradictio in terminis: een innerlijke tegenstrijdigheid.

en toch…

Toch is met het bovenstaande niet alles gezegd. Ter verdediging van Henk Binnendijks standpunt voerde iemand het volgende aan:

Paulus zegt dat nu wel over behouden worden om niet, maar we zijn in de eerste plaats geroepen om naar onze Heer te luisteren. En Die zegt duidelijk, dat wie niet afstand doet van alles wat hij heeft, Zijn discipel niet kan zijn (zie Lukas 14:33 ofwel Mattheüs 10:34-39, Lukas 14:25-35 en Johannes 12:25). Henk Binnendijk heeft dus gelijk, het volgen van Jezus vraagt zware offers.

Het is belangrijk om dit scherp te krijgen. Want Binnendijks redenering vindt inderdaad wel degelijk steunpunten in de Bijbel. Vooral in de evangeliën zien we dit. Maar hoe zit dat dan? Dat aan genade geen prijskaartje hangt, mag waar zijn, dat beantwoordt echter nog niet de vraag hoe Jezus wel degelijk hoge eisen kan stellen aan degenen die hem volgen.

Wie van vader of moeder houdt, boven mij, is mij niet waardig. En wie van zoon of dochter houdt, boven mij, is mij niet waardig.
-Matteüs 10:37-

En dat niet alleen: Jezus verbindt daar ook grote consequenties aan voor de toekomst.

Hij echter zei tot hen: amen, ik zeg tot jullie dat niemand die prijsgeeft woonhuis of vrouw of broeders of ouders of kinderen om het Koninkrijk van God, niet veelvoudig terug zou krijgen in deze periode en in de aeon die komt, het aeonische leven.
-Lucas 18:29,30-

Jezus spreekt van het prijsgeven van woonhuis en familieleden om het Koninkrijk van God en de royale beloning van dit alles in de komende aeon (= het eeuw-ige leven). Is deze boodschap in strijd met Paulus’ boodschap dat alles “om niet” is en dat God alle mensen redt en rechtvaardigt? Het antwoord is: absoluut niet. Jezus spreekt tot Israël met het oog op de komende aeon, terwijl Paulus tot de natiën spreekt met oog op de voltooiing van de aeonen, wanneer God “alles in allen” zal zijn. Laat ik dat toelichten.

de setting van Jezus’ prediking

In de eerste plaats is de adressering van de boodschap verschillend. Het optreden van Jezus vond plaats in de context van Israël. Zijn prediking is exclusief bedoeld voor het volk van Israël met het oog op het aanbreken van het Koninkrijk. Hij was “slechts gezonden tot de verloren schapen van het huis Israëls” (Mat.15:24) en predikte aan hen dat “het Koninkrijk der hemelen nabij is gekomen” (Mat.4:17).

Dat hij met dit Koninkrijk doelde op de Messiaanse tijd zoals Israëls profeten die hadden aangekondigd, was volstrekt helder voor zijn Joodse luisteraars. De Messias zou immers de troon van David in Jeruzalem herstellen en zijn Koninkrijk wereldwijd vestigen. Alle volken zullen aan hem onderworpen zijn en het volk van Israël zal leidend zijn onder de natiën: een Israelitisch wereldrijk. Het is in die profetische verwachting dat we Jezus’ optreden dienen te verstaan.

Zij die gehoor gaven aan Jezus’ boodschap en alles opgaven om hem daarin te volgen, zullen daar rijkelijk voor beloond worden wanneer de komende aeon aanbreekt. Elders heet die tijd “de duizend jaren” (Openb.20). De ware discipelen zullen vooraanstaande posities innemen in dat Koninkrijk. Bedenk daarbij dat velen die aeon niet zullen meemaken, maar zullen omkomen en pas zullen opstaan na het Millennium.

Paulus’ bediening: Israëls struikeling

De setting van Paulus’ boodschap is een geheel andere. Hij werd geroepen (Hand.9) nadat het getuigenis van “de twaalf” in Jeruzalem officieel was verworpen, zoals blijkt in de steniging van Stefanus door het Sanhedrin (Hand.7). Paulus’ bediening begint waar de prediking van “de twaalf” in Jeruzalem ophoudt. Vanaf het moment dat Saulus Paulus wordt (Hand.13:9), wendt hij zich vanwege Israëls ongeloof tot de natiën. Zijn boodschap is niet het aanstaande herstel van Israël maar die van een dreigende ondergang (Hand.13;40,41; 22:18). Na Handelingen 28 wordt die dreiging zelfs een zekerheid, zoals enkele jaren later werd vervuld in de verwoesting van Jeruzalem in 70 AD.

verzoening der wereld

Waar het Joodse volk struikelde over de boodschap van de opgewekte Messias en daarmee ook de verwachte heilstijd uitbleef (Hand.3:19-21), gaat Paulus naar de natiën om “de verzoening der wereld” (Rom.11:15) aan te zeggen. Israël wordt als volk tijdelijk terzijde gesteld en de boodschap van genade bereikt de natiën. Dat is de onderbreking in de heilshistorie waar de naam Paulus (> pau-ze) symbool voor staat. Niet slechts de komende aeon is het onderwerp in zijn prediking, maar bovenal de universele uitkomst bij de voltooiing van de aeonen. Dat is het einde van Christus’ heerschappij, wanneer de dood als laatste vijand zal worden teniet gedaan en alle (resterende) mensen levend worden gemaakt. Dan wordt God “alles in allen” (1Kor.15:22-28). Dan zijn allen levend gemaakt, allen gered (1Tim.2:4; 4:10), allen gerechtvaardigd (Rom.3:24, 5;18), het heelal verzoend (Kol.1:20) en allen zullen getuigen dat Jezus Heer is tot eer van God de Vader (Filp.2:9-11).

samengevat…

Waar het gaat om de komende aeon (lees: de duizend jaren) zal nog een groot deel van de mensheid ontbreken en een relatief kleine selectie van mensen vooraanstaande posities innemen. Daarover ging Jezus’ prediking op aarde en in het verlengde daarvan is dat ook “het evangelie van de besnijdenis” zoals Jakobus, Petrus en Johannes dit uitdroegen met het oog op Israël (Gal.2:7-9).

Paulus’ “Evangelie van de voorhuid” (Gal.2:7) ging uit naar de natiën en is gefocust op de genade GODS die in “de volheid der tijden” universeel zal triomferen. Deze boodschap is specifiek voor onze dagen bestemd. Het is daarom volkomen misplaatst om aan Jezus’ woorden in de evangeliën een groter gewicht toe te kennen dan aan Paulus’ woorden. Sterker nog: juist Paulus is de woordvoerder van de verhoogde Christus (Gal.1:12) gedurende de tijd dat Israël op een zijspoor staat. Tot op vandaag dus.

Als we deze verschillen van adressering, thematiek en tijdpaden onderscheiden, zijn bovengenoemde contrasten in de Bijbelse boodschap niet langer tegenstrijdigheden. De diversiteit en variatie blijken met elkaar in harmonie te zijn. Want “ieder in zijn eigen rangorde” en alles op Gods tijden.

Delen: