English blog

NBV21 zoekt vervanger voor vlees

19-05-2021 - Geplaatst door Andre Piet

Er wordt momenteel door het Nederlands Bijbel Genootschap gewerkt aan een revisie van de Nederlandse Bijbel Vertaling: de NBV21. Vandaag kwam in het nieuws voorbij, dat de vertalers nogal in de maag zaten met het ‘vlees’… als vertaling van het Griekse woord sarx. Dit Griekse woord komt in totaal 147 keer voor in het NT en zelfs de NBG51 vertaalde dit destijds nog vrijwel uitsluitend met ‘vlees’. Dus een nog tamelijk concordante keuze. En terecht. Concordant wil zeggen: zoveel als mogelijk kiezen voor eensluidende vertaalwoorden.

anti-lichamelijk?

Volgens de NBV21-vertalers voldeed de weergave ‘vlees’ echter niet langer, omdat het in veel passages een anti-lichamelijke houding zou suggereren. Zoals bijvoorbeeld in Romeinen 7:18 waar Paulus schrijft: “Want ik weet dat in mij, dat is in mijn vlees geen goed woont…”. Maar duidt dit op een anti-lichamelijke uitspraak, of stelt Paulus slechts vast dat het zwakke vlees niet goed is, d.w.z. niet in staat is de zonde te overwinnen? En ten tweede: rechtvaardigt onbegrip van de oppervlakkige lezer de keuze om een correct vertaalwoord aan te passen? Mag van de bijbellezer niet enige inspanning verwacht worden? Wie naar de bron wil, zal toch bereid moeten zijn tegen de stroom in te zwemmen?

Daar komt bij dat het woord ‘vlees’ ook zeer positief wordt gebruikt in het NT. Ook door Paulus. Zo schrijft hij in Efeze 5:29 “niemand haat ooit zijn eigen vlees…”. En in Johannes 1:14 lezen we: “… en het Woord werd vlees…”. Hoezo “anti-lichamelijk”?

aards?

De vertalers van de NBV21 hebben ervoor gekozen om het Griekse sarx in diverse passages van Paulus’ brieven weer te geven met ‘aards’. Punt is echter dat voor ‘aards’ het Grieks een ander woord heeft (epi-geios), dat een keer of twaalf voorkomt in het NT. Wat doen we daar dan mee? Is vlees en aards soms hetzelfde? Bovendien, als ‘vlees’ in sommige passages zo’n anti-lichamelijke indruk wekt, wekt ‘aards’ dan geen anti-aardse indruk? Is dat wat men wil? U ziet, de vervanger van ‘vlees’ is slechts een verschuiving van het probleem. Nou ja, voor zover er al van een probleem sprake is.

concordant

Ik realiseer me heus wel dat concordant vertalen lastig kan zijn en soms zelfs onmogelijk is. Het idioom van twee talen kan zo verschillend zijn, dat men gedwongen is af te wijken van het concordante principe. Maar waarom zulke afwijkingen dan niet toelichten in een voetnoot? Zoals bijvoorbeeld de Telos-vertaling dat heeft gedaan. Of in kanttekeningen, zoals de Statenvertalers dat deden. Dan ben je als vertaler ten minste eerlijk. Zowel ten opzichte van het origineel alsook naar de lezer toe.

En een nóg beter alternatief: presenteer een interlineare woord-voor-woord weergave standaard bij een bijbelvertaling (zie ISA, Interlinear Scripture Analyzer van scripture4all). Met zo’n transparante aanpak breng je mensen maximaal bij de feiten van het Woord zelf. Is dat niet verre te verkiezen boven het belasten van de bijbellezer met subjectieve opinies van vertalers en onvermijdelijke willekeur? De NBV was al een triest voorbeeld van die benadering, en de NBV21 gaat daarin nog verder. Waar men eenmaal de afslag van discordant vertalen heeft genomen, is de bijbellezer per definitie overgeleverd aan de opinies van vertalers en aan de tijdgeest. Vaste koers vaart men slechts wanneer men eerbied voor de Schrift en haar Auteur laat prevaleren boven het gemak van de bijbellezer.

Delen: