English blog

éénmaal sterven, daarna het oordeel

28-03-2012 - Geplaatst door Andre Piet

 27 En zoals het de mensen beschikt is, eenmaal te sterven en daarna het oordeel, 28 zo zal ook Christus, nadat Hij Zich eenmaal geofferd heeft om veler zonden op Zich te nemen, ten tweeden male zonder zonde aanschouwd worden door hen, die Hem tot hun heil verwachten.
Hebreeën 9

Gewoonlijk wordt Hebreeën 9:27 aangehaald om aan te tonen dat een mens in de regel één keer sterft en daarna wacht hem het gericht of de beoordeling. In het algemeen is dat waar, hoewel er ook uitzonderingen zijn. Zo is een aantal mensen twee keer op aarde gestorven. Denk maar aan het dochtertje van Jaïrus, Lazarus en anderen die door Jezus of de apostelen werden opgewekt uit de doden. Later zijn al deze mensen opnieuw gestorven. Er is trouwens ook een generatie gelovigen dat helemaal niet zal komen te overlijden (1Kor.15:51). Maar afgezien daarvan, in de regel sterft een mens één keer en daarna wacht de Grote Witte Troon (Openb.20) of voor gelovigen nu, de bema, dat is het erepodium (meestal ten onrechte  weergegeven als “de rechterstoel”; 2Kor.5:10).

Toch is het nog maar zeer de vraag of Hebreeën 9:27 daarover gaat. Zijn “de mensen” in dat vers inderdaad de mensen in het algemeen of gaat het specifiek over de hogepriester(s) onder het oude verbond (9:25)? En dan nóg een vraag: over welk oordeel gaat het? Let er op dat Hebr. 9:27 het eerste deel is van een vergelijking. Vers 28 vervolgt immers met: “zo zal ook…”.  Het eenmalig sterven in (:27) wordt vergeleken met het eenmalige offer (:28) van Christus. Het “daarna het oordeel” (vers 27) wordt vergeleken met “ten tweede male zonder zonde aanschouwd worden door hen, die Hem tot hun heil verwachten” (:28). M.a.w. het oordeel staat hier in uiterst positieve vergelijking!

Houden we vast aan de context van Hebreeën 9 dat handelt over hogepriesters, dan brengt ons dit onwillekeurig naar een bekende bepaling in de wet van Mozes. Hogepriesters sterven één keer… en dan?

28 … in de vrijstad zal hij (=de doodslager) moeten wonen tot de dood van de hogepriester, en NA DE DOOD VAN DE HOGEPRIESTER zal de doodslager naar het land zijner bezitting mogen terugkeren. 29 Dit zal voor u als een rechtsinzetting gelden voor uw nageslacht in al uw woonplaatsen.
Numeri 35

Als iemand onopzettelijk een ander had gedood dan was daar de mogelijkheid voor de doodslager om te vluchten naar één van de zes vrijsteden waar hij moest blijven wonen. Pas na de dood van de hogepriester volgt het oordeel van vrijspraak en kon de doodslager naar het land van zijn bezitting terugkeren. De diepere typologische lagen laat ik nu even voor wat ze zijn, ik beperk me nu tot de vaststelling dat na het sterven van de hogepriester het oordeel van vrijspraak volgde.
Komt met dit in gedachte, Hebreeën 9:27 niet in een verrassend licht te staan?

 

 

Delen: