GoedBericht.nl logo

DE God

26-12-2012 - Geplaatst door Andre Piet

images_12

De Bijbel leert en benadrukt van het begin tot het eind dat er één GOD is. We spreken Hem aan als HIJ en over zichzelf spreekt Hij als IK. Enkelvoud. Eén Iemand. Paulus zegt als reactie op het heidense idee van meerdere goden: “voor ons nochtans is er ÉÉN GOD, de Vader…” (1Kor.8:6). En Jezus zelf sprak zijn Vader aan als “de enige waarachtige GOD” (Joh.17:3).

In onze taal verdwijnt de bijzonderheid meestal, maar in het Griekse origineel van het NT wordt bijna duizend keer gesproken over “de God”. We vinden het nog enkele tientallen keren terug in frases als “de God van Israël” (Mat.15:31) of “de God van onze vaderen” of “de levende God”. Maar voor het overgrote merendeel is het bepaalde lidwoord bij God verdwenen in de vertaling. Dat is jammer omdat de frase “de God” exclusieve heerlijkheid aan God geeft. Hij is niet zomaar een God, maar de God. En daarom ook met recht GOD. Monotheïsme (1Tim.1:17; Jud.1:25) is geen variant in het Bijbelse onderwijs aangaande God maar een must. Er is namelijk óf één God óf geen God. Zou God zijn Godheid moeten delen met anderen, dan zou Hij onmogelijk de Almachtige (Openb.1:8) kunnen zijn. Wat immers de ene god zou beslissen, zou de andere god kunnen dwarsbomen.

Het Griekse woord voor God (theos)  is afgeleid van het werkwoord voor ‘plaatsen’ (klik HIER). God is Degene die alles een plaats geeft. Hieronder een tiental voorbeelden van Schriftplaatsen waar het bepaalde lidwoord in de vertalingen is verdwenen, maar die zoveel specifieker en daardoor krachtiger worden, wanneer we het woord “de” wél lezen.

(1) Mat.4:3 – En de verzoeker kwam en zeide tot Hem: Indien Gij Gods Zoon zijt (lett. Zoon van DE God zijt)…

(2) Luk. 1:37 – Want geen woord, dat van DE God komt, zal krachteloos wezen.

(3) 2Kor.10:5 – zodat wij de redeneringen en elke schans, die opgeworpen wordt tegen de kennis van DE God…

(4) Gal.1:4 – naar de wil van onze God en Vader (lett. DE God en Vader van ons)

(5) Efeze 4:18 – verduisterd in hun verstand, vervreemd van het leven Gods (lett. van DE God)…

(6) Filp.4:7 – En de vrede Gods (lett. van DE God), die alle verstand te boven gaat…

(7) Kol.1:10 – op te wassen in het besef van DE God…

(8) Kol.1:15 – Hij is het beeld van de onzichtbare God (lett. DE God, DE ongeziene)…
(let op hoe hier enerzijds het bepaalde lidwoord voor ‘beeld’ is toegevoegd en anderzijds voor ‘God’ is verdwenen)

(9) 1Thes.1:9 – hoe gij u van de afgoden tot DE God bekeerd hebt…

(10) 1Tim.6:13 – Ik beveel voor God, die alle leven wekt (lett. Ik beveel voor DE God die allen levend maakt…)

Reageer op Facebook

Delen: