1Thessalonika 2:3 – niet vanuit dwaling
11-09-2026 - Geplaatst door Andre PietWant onze aanmoediging is niet vanuit dwaling, noch vanuit onreinheid, noch in bedrog.
Het woord dat Paulus gebruikt voor “aanmoediging” is paraklēsis en hoort bij het werkwoord parakaleō. Daarin herkennen we para, naast, en kaleō, roepen. Het roept het beeld op van iemand die vanaf de zijlijn iets toeroept. Dat kan bemoedigend of aansporend zijn, maar ook corrigerend. De context bepaalt de strekking. Paulus vertelt hier vooral waaruit zijn aanmoediging níét voortkwam.
Allereerst: “niet vanuit dwaling”. Zijn aanmoediging vond haar oorsprong niet in een vergissing of dwaalspoor. Dat sluit mooi aan op het voorgaande. In Thessalonika had Paulus immers geargumenteerd “vanuit de Schriften” (Hand.17:2). Evenmin kwam zijn aanmoediging “vanuit onreinheid”. Daarbij hoeven we niet speciaal aan seksuele onreinheid te denken. Het woord is breder: achter hun optreden school niets onreins. De volgende verzen zullen dat nader inkleuren: geen mensenbehagen, vleierij, hebzucht of zoeken van menselijke eer.
Bij het derde verandert Paulus opvallend van voorzetsel. Tweemaal zegt hij “vanuit”: niet vanuit dwaling en niet vanuit onreinheid. Maar vervolgens: niet “in bedrog”. De eerste twee zeggen iets over de bron waaruit hun aanmoediging voortkwam; het laatste over de sfeer waarbinnen zij plaatsvond. Waarom Paulus daar zo zeker van kon zijn, blijkt uit wat onmiddellijk volgt: God had hem beproefd en het evangelie toevertrouwd.
UltimateGoodNews