English blog

Pauw, Segers en Spong in het duister

25-11-2014 - Geplaatst door Andre Piet

Vorige week vrijdag vond een interessante discussie plaatst in het tv-programma ‘Pauw!’. Eerder die dag had de rechtbank van Amsterdam een galeriehouder vrijgesproken van strafvervolging, ondanks dat deze het verboden boek Mein Kampf’ van Hitler had verkocht. De bekende advocaat Gerard Spong (jood en homo-activist) verdedigde in deze discussie de galeriehouder terwijl het Tweede Kamerlid van de Christen Unie, Gert-Jan Segers pleitte voor een verbod op ‘Mein Kampf’.

De uitgesproken atheïstische programmamaker Jeroen Pauw rook kennelijk bloed door Gert-Jan Segers te laten plaatsnemen. Via een één-tweetje met Gerard Spong konden zij gemakkelijk scoren tegen deze christen-politicus. Spong betoogde dat als men ‘Mein Kampf’ wil verbieden vanwege het aanzetten van haat tegen Joden, dat de Bijbel dan eveneens verboden dient te worden omdat daarin haat gezaaid wordt tegen homo’s. Ter ondersteuning van deze stuitende vergelijking liet Jeroen Pauw vervolgens een acteur Leviticus 20 vers 13 voordragen, dat zegt:

Een man die gemeenschap heeft met iemand van het mannelijk geslacht, zoals men gemeenschap heeft met een vrouw, beiden hebben een gruwel gedaan, zij zullen zeker ter dood gebracht worden, hun bloedschuld is op hen.

een fuik

Gert-Jan Segers verweerde zich door te verklaren dat er niet één christen is, die op basis van deze tekst het doden van homo’s promoot en ook dat men deze bijbeltekst in haar context dient te bezien. Welke context dat dan is, werd helaas niet helemaal (of: helemaal niet) duidelijk. Bovendien weersprak Spong de eerste claim van Segers door er op te wijzen dat vele christenen in Oeganda in de voorgelezen tekst in Leviticus, een rechtvaardiging vinden voor het vermoorden van homo’s. En hij werd daarin bijgevallen door journalist Peter R. de Vries die opmerkte dat ook in de Verenigde Staten vele christelijke activisten op datzelfde standpunt staan. Kortom, als Segers ‘Mein Kampf’ wil verbieden dan kunnen anderen op grond van hetzelfde type argumentatie pleiten voor een verbod op de Bijbel. En zo liep Gert-Jan Segers vast in een fuik waarin hij weinig meer kon dan wat tegensputteren. In plaats van een aanval op ‘Mein Kampf’ werd dit deel van de uitzending meer een aanval op de Bijbel van christen-politici.

contra-productief

Het bekijken van genoemd programma bracht mij tot een paar overwegingen. In de eerste plaats bleek maar weer eens hoe contra-productief christelijke politiek kan zijn. De poging vanuit deze hoek om de vrijheid van meningsuiting in te perken en het promoten van boekcensuur, is een zwaard dat vooral haarzelf treft. In plaats van blij te zijn met de vrijheden die aan minderheden worden toegekend, tracht men andere minderheden die vrijheden te ontnemen. In het verleden deed de christelijke politiek dat ook, maar toen konden ze nog rekenen op  een brede steun vanuit de samenleving. Inmiddels zijn christenen slechts een minderheid geworden en zien mensen als Pauw en Spong hun kans schoon om die hoog-van-de-toren-blazende christenen eens een toontje lager te laten zingen. Deze tv-uitzending was daar een fraai en tevens ontluisterend voorbeeld van.

onderscheiden

Een tweede overweging die bij mij opkwam is het grote belang van het lezen van de Schrift met onderscheidingsvermogen. In staat zijn te onderscheiden aan wie en voor wanneer een woord gericht is. Om bij het gegeven voorbeeld te blijven: Leviticus 20:13 maakt deel uit van ‘het oude verbond’ dat God met Israël als natie sloot en sinds de dood en opstanding van Christus, beëindigd is. “Het oude verbond” was bovendien met opzet een “bediening van dood en veroordeling” om als contrast te dienen voor de “bediening van leven en rechtvaardiging” onder het nieuwe verbond (2Kor.3:7-9). De wet was een schaduw van wat zou komen (Hebr.10:1). Een schaduw d.w.z. in zichzelf duister. Bepalingen uit dit voorbije ‘stenen tijdperk’ (ik doel op de stenen tafelen van de wet) zou men dus niet zomaar één-op-één op vandaag overbrengen.

gedateerd

Mijn derde overweging is hoe gedateerd en cultuur-bepaald morele verontwaardiging kan zijn. Nog niet zo heel lang geleden gold homoseks hier algemeen als een verwerpelijke daad. Dat standpunt werd breed gedragen, zelfs door niet-christenen. In andere delen van de wereld (vooral in Azië en Afrika) geldt het nog steeds als een gruwelijke praktijk. Homoseks staat daar grotendeels nog steeds op één lijn met seks met dieren of incest. Wie in zulke landen dit praktiseert, kan rekenen op dezelfde publieke veroordeling als iemand die in ons land homoseks afwijst.
Dezelfde omroep (VARA) die nu het programma ‘Pauw!’ uitzendt, bood dertig jaar geleden podium aan voorstanders van pedoseks omdat dit destijds als progressief gold. Dat zou nu ondenkbaar zijn. Iets soortgelijks kan worden gezegd over het volkssentiment t.a.v. doodstraf. Het is hier en nu niet ‘politiek correct’ om deze strafmaatregel te verdedigen maar iedere keer weer blijkt (b.v. na een gruwelijke moord) dat er niet veel nodig is voor een omkeer in de publieke opinie.

van God los

We leven in een samenleving die ‘van God los’ is. Volgens de apostel Paulus is het God zelf die de mensheid die Hem niet wenst te erkennen als GOD, overgeeft in onreinheid en de ontering van het lichaam (zoals b.v. bestialiteit en homoseks; Rom.1:24-27). Hoe misplaatst is het daarom als christen-politici aan zo’n wereld Gods normen willen opleggen! Onderscheid de tijden. We leven niet onder “het oude verbond” of “onder de wet” maar evenmin is God vandaag bezig zijn Koninkrijk te openbaren of te vestigen. Dat is toekomstmuziek. Tot die tijd duurt “de tegenwoordige boze aeon” voort (Gal.1:4) en leven gelovigen als outsiders in “de verborgenheid” (Kol.3:1-3). Niet georiënteerd op wat ‘men’ zegt of de waan van de dag maar op het Woord van leven. Om als sterren te stralen in een duistere wereld (Filp.2:15).

 

Reageer op Facebook

Delen: