English blog

en de zee gaf de doden

04-11-2014 - Geplaatst door Andre Piet

index_1

In de laatste verzen van Openbaring 20, waar het gericht van de Grote Witte Troon wordt beschreven, lezen we in vers 13 het volgende:

En de zee gaf de doden, die in haar waren, en de dood en het dodenrijk gaven de doden, die in hen waren, en zij werden geoordeeld, een ieder naar zijn werken.

Eigenaardig: de zee gaf de doden die in haar waren en de dood en het dodenrijk gaf de doden die in hen waren. De suggestie die hier gewekt wordt is dat de doden die de zee geeft, onderscheiden zijn van de doden die voortkomen uit “de dood en het dodenrijk”. Is dat niet vreemd? Zijn mensen die in de zee verdronken zijn of een zeemansgraf hebben gekregen ook niet in “de dood en het dodenrijk”? Vanwaar dan het onderscheid?

Kennelijk zijn de doden die de zee geeft een apart soort doden die zijn omgekomen in de zee. Ik zou niet weten aan wie anders we dan hebben te denken dan aan de “engelen, die aan hun oorsprong ontrouw werden en hun eigen woning verlieten”, waar Judas over schrijft (: 6). Evenals Petrus in 2Petr.2:4,5 verwijst Judas daarbij naar gebeurtenissen in de wereld van de voortijd. In Genesis 6 lezen we dat de zonen Gods ingingen bij (d.w.z gemeenschap hadden met) de dochters van de mensheid en dat dit een hybride nageslacht opleverde: de nefilim, de reuzen (Gen.6:1-4). Deze vermenging werd de directe aanleiding (Gen.6:5) voor de grote watervloed waar heel de mensheid, op acht zielen na, in omkwam.

Ook de zonen Gods die “hun oorsprong ontrouw werden en hun eigen woning verlieten” (d.w.z. buiten hun territorium traden), zijn tijdens de grote vloed in Noachs’ dagen omgekomen. Daarom kunnen ze “doden” genoemd worden maar het verklaart ook waarom zij een categorie apart zijn. Want het zijn geen mensen maar engelen. Geesten die zich hebben ‘gematerialiseerd’ als mensen. Judas (:6) vermeldt dat God deze engelen…

… die aan hun oorsprong ontrouw werden en hun eigen woning verlieten, VOOR HET OORDEEL VAN DE GROTE DAG met eeuw-ige banden onder donkerheid heeft BEWAARD GEHOUDEN…

Welnu, in Openbaring 20:13 gaat het over “het oordeel van de grote dag”. En wat we zouden anders verwachten dan dat ook de genoemde engelen die speciaal voor deze gelegenheid bewaard zijn gehouden in de afgrond (de Tartarus; zie wederom 2Petr.2:4), hier weer tevoorschijn zouden komen? Hoe surrealistisch ons dit ook mag voorkomen, de Schrift beschrijft deze zaken in alle ernst.

Reageer op Facebook

Delen: