GoedBericht.nl logo
English Blog

tegennatuurlijk?

20-02-2026 - Geplaatst door Andre Piet

Gods eer in het sekseverschil

Enkele maanden geleden gaf ik een bijbelstudie over mannelijk en vrouwelijk n.a.v. Romeinen 1:24-28. Daarin bracht ik naar voren dat seksualiteit naar haar aard en natuur heteroseksualiteit is. Want zowel anatomisch als biologisch is het mannelijke aangelegd op het vrouwelijke. En uiteraard vice versa. Dat is geen moraal, maar natuurkunde. Homoseksualiteit (“mannen in mannen”; Rom.1:27) is in de Bijbel daarom ’tegennatuurlijk’. In Romeinen 1 is dit ‘tegennatuurlijke’ in de eerste plaats het ont-eren van het lichaam (:25), niet als moreel vonnis, maar als beschrijving van wat gebeurt wanneer de verhouding tussen Schepper en schepsel wordt losgelaten. Seksualiteit is immers de uitbeelding van die verhouding. Zo wordt zichtbaar hoe God nieuw leven tot stand brengt door opstanding, waardoor deze schepping in blijde verwachting van de verlossing is. Het zijn dubbelzinnige begrippen die elk verwijzen naar de eer en heerlijkheid in het Goddelijk design van de seksualiteit. Bij homoseksualiteit ontbreekt die eer en vandaar dat er sprake is van ont-ering van het lichaam. Dat is zonde, niet in de moralistische zin des woord, maar in de letterlijke betekenis: doel-missend.

foute gevoelens bestaan niet

Wat mij na de genoemde bijbelstudie verbaasde was dat de meeste reacties geen betrekking hadden op bovenstaande beweringen, maar over wat ik aan het einde als kanttekening had toegevoegd: de Bijbel wijdt geen woord aan het fenomeen van homofilie, d.w.z. seksueel aangetrokken voelen tot hetzelfde geslacht. Het speelt geen rol. Dat betekent dat er ook geen woord van veroordeling daarover wordt uitgesproken. Zoals de Bijbel trouwens nooit veroordelend spreekt over welk seksueel gevoelen ook. Gevoelens kunnen ongewenst zijn, maar nooit fout. Hoe ga je er mee om, dat is de vraag. Deze benadering verschilt enorm van wat vanuit de kerkelijke traditie is meegegeven.

ascese

In de christenheid drong ascese en afkeer van genot al gauw binnen (zoals door Paulus voorzegd in 1Tim.4:1-5). En vooral seksuele begeerte moest het daarbij ontgelden. Want dat zou per definitie zonde zijn en zelfs binnen het huwelijk werd seks nog voorgesteld als een noodzakelijk kwaad. Dit idee met de bijbehorende oproep om voortdurend te strijden tegen het eigen vlees (maar zie Ef.5:29!) heeft onnoemelijk veel strijd en schuldgevoel veroorzaakt. Jonge jongens en meisjes werd voorgehouden dat ze moesten vechten tegen hun seksuele verlangens en masturbatie was uit de boze. Was dit omdat de Schrift hiertegen waarschuwt? Nee, al werd de Schrift voor dit karretje gespannen.

Onan

Zo werd lange tijd ‘zelfbevrediging’ weggezet als de zonde van Onan  (zie Genesis 38) en vandaar ‘onanie’ genoemd. Volkomen ten onrechte want wat Onan werd kwalijk genomen was niet dat hij ‘zijn zaad verspilde op de grond’, maar dat hij geen nageslacht wilde verwekken bij Tamar.

begeerte en toe-eigening

Een andere tekst die steevast wordt aangehaald om seksuele fantasie of opwinding te veroordelen is onderstaande tekst uit ‘de Bergrede’.

Maar Ik zeg u: Een ieder, die een vrouw aanziet om haar te begeren, heeft in zijn hart reeds echtbreuk met haar gepleegd.
-Matteus 5:28 (NBG)

De gangbare uitleg van deze uitspraak heeft menigeen radeloos gemaakt en met schuldgevoel belast. Men verstaat het zo dat een man die seksueel geprikkeld wordt door het zien van een vrouw of hierover fantaseert, in zijn hart reeds echtbreuk zou plegen. Dat is absurd en beslist niet de strekking van Jezus’ woorden.

Jezus verwijst naar het tiende gebod in Exodus 20: “Je zult niet begeren het huis van je naaste, noch de vrouw van je naaste…”. Het gaat hier niet om seksuele aantrekkingskracht an sich, maar de wil zich iets toe te eigenen wat de ander toebehoort. Dat is wat David deed toen hij Batseba, de vrouw van Uria, aanzag met het voornemen haar tot zich te nemen. In zijn hart had hij toen reeds echtbreuk gepleegd, zelfs al zou hij dit nooit hebben kunnen uitvoeren.

Niet de natuurlijke aantrekking tussen man en vrouw is hier in het geding – dat is juist door de Schepper ontworpen. Het punt is het miskennen van de huwelijksband van een ander en het zich willen toe-eigenen van dat wat God aan een ander heeft toevertrouwd.

helderheid

De Schrift kent geen wantrouwen tegenover het lichaam of tegenover seksuele begeerte als zodanig. Zij gaat uit van seksualiteit als scheppingsgegeven, met orde en betekenis. Waar later schuld en strijd zijn ontstaan, ligt dat niet aan wat geschreven staat, maar aan wat eraan is toegevoegd. Wie de Schrift daarin haar eigen stem teruggeeft, houdt geen veroordeling over, maar helderheid.

Delen: