English blog

was de opstanding op een sabbat?

25-04-2014 - Geplaatst door Andre Piet

Eerder in deze serie blogs over de dagen van Pesach betoogde ik dat de dag van de eerstelingsschoof volgens de Schrift (niet volgens de joodse traditie!) per definitie op een zondag valt: “daags na de sabbat”. Dat was het begin van de omer-telling, een periode waarin men zeven sabbatten moest tellen. De dag na de zevende sabbat was het Wekenfeest oftewel Pinksteren: de vijftigste dag. De hele periode werd gekenmerkt door de sabbatten-telling (Lev.23:15). Christus stond op, zoals alle evangelieën melden, op “de [dag] één van de sabbatten” (Joh.20:1). Helaas hebben de vertalers dit weergegeven met “de eerste dag der week”. En inderdaad, de dag was een eerste dag der week, maar dat is niet wat de uitdrukking betekent. Het verwijst naar het begin van de omer-telling. Het is dag nummer één van de sabbatten-telling! De Schrift gebruikt in dit verband niet het woord ‘week’ (hebdomad) maar ‘sabbatten’.

Dat de uitdrukking betrekking zou hebben op een sabbat zelf, zoals sommigen hebben geopperd, lijkt me uitgesloten. In de eerste plaats slaat “één” (Gr. mian) in de uitdrukking “één der sabbatten” beslist niet op “sabbatten” (Gr. sabbatoon).  ‘Mian‘ is namelijk een vrouwelijk woord terwijl ‘sabbatoon‘ onzijdig is. Daarom is de weergave “één der sabbatten” niet correct. De vrouwelijke vorm van het getal ‘één’ kan grammaticaal onmogelijk verwijzen naar ‘sabbatten’.  

In de tweede plaats lezen we in Lucas 23/24:

56 En op de sabbat rustten zij naar het gebod, 1  maar op één [dag] van de sabbatten gingen zij reeds vroeg in de morgenstond met de specerijen, die zij gereedgemaakt hadden, naar het graf.

Waar is de logica van deze zin gebleven als de dag waarop de vrouwen naar het graf gingen, eveneens een sabbat zou zijn? Waarom hebben de vrouwen dan gewacht? Deze mededeling in Lucas 24 bewijst m.i. afdoende dat deze dag geen sabbat was.

Hetzelfde Lucas 24 levert trouwens nog een aanwijzing dat de dag van de opstanding onmogelijk een sabbat kon zijn. Het was nl. de dag (Luc.24:21) dat de Emmaüsgangers een reis van zestig stadiën maakten (Luc.24:13), dat is ongeveer 11 kilometer. Dat overschrijdt elf keer de afstand die men op sabbat zou reizen. Een sabbatsreis bedraagt ongeveer een kilometer (Hand.1:12).

Nee, Christus verrees op “de dag na de (wekelijkse) sabbat”. Zeven is het getal van volheid, een volle reeks waarna een nieuw begin volgt. Denk maar aan de zeven kleuren van de regenboog. Of aan de zeven tonen op de toonladder waarna de octaaf (=acht) compleet is. En waarom denkt u dat de besnijdenis op de achtste dag plaatsvond? Acht spreekt van een nieuw begin. Christus rustte op de sabbat in het graf, al het werk was volbracht. Zijn verrijzenis daarna kondigt een nieuw begin aan! Een nieuwe schepping!

Delen: