GoedBericht.nl logo
UltimateGoodNews

waar zijn ‘de tien verloren stammen’?

16-10-2019 - Geplaatst door Andre Piet
samenvatting van een recente tweedelige studie onder de titel 'de twee & de tien stammen'. Laatste wijziging: 3 september 2026

De opvatting dat de tien stammen van Israël na de Assyrische ballingschap nimmer zouden zijn teruggekeerd, is wijdverbreid. De tien stammen zouden in de loop der tijd hun identiteit zijn kwijtgeraakt en via volksverhuizingen elders terecht zijn gekomen. De veruit bekendste variant van deze opvatting is de zogenoemde Brits-Israël leer die meent dat de afkomst van de Angelsaksische volkeren is terug te voeren op Israëls tien stammen. Ik ken deze variant maar al te goed omdat ik er zelf in het verleden een pleitbezorger van ben geweest. Toch laat ik deze Brits-Israël visie in deze blog verder voor wat ze is, omdat ze m.i. reeds in een veel eerder stadium de fout in gaat. Haar vóóronderstellingen deugen niet. Ook velen die geen uitgesproken tienstammen-opvatting aanhangen, zijn zich daar gewoonlijk onvoldoende van bewust en vallen daarom gemakkelijk ten prooi aan de vele overleveringen die de Brits-Israël visie debiteert. Een visie die voor het overgrote deel steunt op buiten-Bijbelse bronnen. In deze blog wil ik vier misverstanden in verband met de tienstammen-leer aanwijzen.

misverstand #1. de Joden zijn slechts de twee stammen

Deze bewering staat zonder twijfel met stip bovenaan in de tienstammen-leer. De gedachte erachter is deze: het woord ‘Jood’ betekent letterlijk ‘Juda’ en ‘Juda’ is de benaming van het tweestammenrijk. Sommigen gaan nog een stap verder en zeggen dat de naam Israël tot op dit moment exclusief gekoppeld is aan de tien stammen en dat de Joden daarom zelfs helemaal geen aanspraak op de naam Israël kunnen maken.

Het sterke punt in deze bewering is dat de naam Jood inderdaad verwijst naar Juda. Maar de zwakte is gelegen in de conclusie die men daaruit trekt. Want de reden dat de naam ‘Joden’ verwijst naar Juda is niet gelegen in afstamming, maar in het gegeven dat het volk van Israël in ballingschap georiënteerd was op Jeruzalem in het gebied Juda (Ezr.1:2). Jeruzalem was immers de stad waaraan God zijn Naam verbonden had. De benaming ‘Joden’ dateert uit de tijd dat heel het volk, alle twaalf stammen, in ballingschap waren. Dat was dus gedurende de zeventig jaren dat de tempel in Jeruzalem in puin lag. Daarvóór komen we term ‘Joden’ nooit in de Schrift tegen. Nergens echter in de Schrift wordt de term ‘Joden’ in verband gebracht met specifiek de twee stammen. Nee, de term verwijst naar het tehuis van het volk: het gebied waarin Sion ligt. In Juda dus.

Het woord ‘Joden’ is in het NT synoniem met “de besnijdenis” (Rom.3:1; 2:28) en het volk waaraan God zijn woorden heeft toevertrouwd (Rom.3:2). De term ‘Joden’ wordt ook afwisselend gebruikt met Israëlieten. Paulus heeft een voortdurend hartzeer voor zijn Joodse verwanten naar het vlees die de Messias afwijzen en zegt van hen: “zij zijn Israëlieten…” (Rom.9:2-4). Paulus zegt: “ik ben een Jood” (Hand.21:39; 22:3) maar even gemakkelijk “ik ben een Israëliet” (Rom.11:1; 2Kor.11:22). En Petrus sprak de Joden in Jeruzalem (2:14) aan als “Israëlieten” (Hand.2:22; 3:12; 5:34) zoals ook Paulus dat trouwens deed in de synagoge (Hand.13:16). Johannes de Doper predikte aan “het gehele volk van Israël” de doop van bekering (Hand.13:24). En het Sanhedrin in Jeruzalem werd geacht “de zonen van Israël” te vertegenwoordigen (Hand.5:21).

misverstand #2. slechts de twee stammen keerden terug uit de ballingschap

Geheel in lijn met de eerste bewering stelt de tienstammen-leer dat alleen de twee stammen zouden zijn teruggekeerd onder Kores. Het argument dat men daarvoor geeft is dat in de boeken van Ezra en Nehemia vooral melding gemaakt wordt van deze ballingen (Ezr.2:1). Dat laatste klopt, maar dat bewijst niet dat er ook geen andere teruggekeerde ballingen zouden zijn. Zij worden trouwens wel degelijk ook genoemd (Ezr. 2:70; 7:7; 8:25; Neh.7:73). Een feit is bovendien dat de Perzische koning Kores aan wie alle koninkrijken der aarde waren gegeven (Ezr.1:2), aan iedereen van het volk (zonder onderscheid van stammen) toestemming geeft om naar Jeruzalem in Juda te gaan, om aldaar het huis van God te herbouwen (Ezr.1:3-4). Ongeacht hoeveel (of hoe weinig) aan deze oproep gehoor hebben gegeven, de terugkeer naar Jeruzalem gold officieel alle twaalf stammen. Het teruggekeerde volk is geen voortzetting van Juda; zo worden ze nimmer genoemd. Het volk heet voortdurend “Israël” (Ezr.9:1; 7:10; 7:13; etc.) en zelfs “geheel Israël” (Ezr.10:5). Vandaar ook dat wanneer het teruggekeerde volk een altaar bouwt, zij dit doen met twaalf stenen “naar het getal van de stammen Israëls” (Ezr.6:17; 8:35).

Daarbij moet wel worden bedacht dat de tien stammen niet als afzonderlijk rijk terugkeerden naar hun vroegere stamgebieden. Voor zover Israëlieten uit de tien stammen aan de terugkeer deelnamen, voegden zij zich bij het volk dat zich concentreerde rond Jeruzalem, in het gebied van Juda. Ook dat verklaart waarom het teruggekeerde volk voortaan als ‘Joden’ bekend zou staan. Niet omdat allen van Juda afstamden, maar omdat Juda het gebied was waarin zij zich vestigden en Jeruzalem hun centrum was.

Deze gang van zaken was overigens geheel conform de profetie. Want Jeremia had reeds voorzegd dat Juda evenals (de tien stammen van) Israël in ballingschap zou gaan naar “het Noorderland” (bij de Eufraat”; Jer.46:10) en van daaruit samen zouden terugkeren naar het land (Jer.3:18).

misverstand #3. de tien stammen zijn als afzonderlijk volk blijven voortbestaan

Hier is een belangrijke nuance op zijn plaats. Het is heel goed mogelijk dat een groot deel van de bevolking van het voormalige tienstammenrijk in de loop der tijd zijn Israëlitische identiteit daadwerkelijk heeft verloren. Verstrooid onder de natiën en opgegaan in de volkeren waren zij uiteindelijk niet meer als Israëlieten herkenbaar. Het kenmerk bij uitstek van Israël, de besnijdenis, hadden zij immers losgelaten. Maar daaruit volgt niet dat de tien stammen elders als een afzonderlijk en herkenbaar volk zijn blijven voortbestaan. En juist dat is de veronderstelling waarop allerlei tienstammen-theorieën zijn gebouwd: de verloren stammen zouden via volksverhuizingen zijn terug te vinden en geïdentificeerd kunnen worden met bepaalde hedendaagse volkeren.

Het Nieuwe Testament kent zo’n afzonderlijk tienstammenvolk echter niet. Wel spreekt het over “de twaalf stammen”. Jakobus adresseert zijn brief “aan de twaalf stammen in de verstrooiing” (Jak.1:1). Zij hebben hun samenkomsten in de “synagoge”, zoals er letterlijk in Jak.2:2 staat. Wanneer Paulus zich voor koning Agrippa verantwoordt, verwijst hij eveneens naar “onze twaalf stammen” die nacht en dag God vereren en hopen de belofte te bereiken die God aan de vaderen had gegeven (Hand.26:6,7). Het herkenbare Israël wordt dus als één geheel beschouwd: de twaalf stammen.

Dat betekent niet dat iedere natuurlijke afstammeling van Israël zijn identiteit had behouden of nog wist tot welke stam hij behoorde. Zowel uit de tien als uit de twee stammen zullen velen in de natiën zijn opgegaan en daarmee hun herkenbare Israëlitische identiteit hebben verloren. Maar degenen die als Israël herkenbaar bleven, vormden geen afzonderlijk tienstammenvolk naast de Joden. De Schrift geeft geen grond voor zo’n tweedeling.

misverstand #4. pas o.l.v. de beloofde Zoon van David zullen de tien stammen worden teruggebracht

Met name de profeet Ezechiël, voorzegt in het beroemde hoofdstuk 37:15-22 de eenwording van de twee en de tien stammen als één koninkrijk. De profeet wordt opgedragen dit zinnebeeldig te demonstreren door twee takken te nemen. Op de ene moet hij ‘voor Juda’ graveren en op de andere ‘voor Jozef ‘(Efraïm). De ene tak representeert het huis van Juda (de twee stammen) en de andere tak het huis van Israël (of Efraïm). Beide takken moet hij dan in zijn ene hand nemen. De uitleg die vervolgens gegeven wordt is deze: God zal de Israëlieten uit alle natiën vergaderen en hen brengen naar hun eigen grond. Daar zou Hij één koning over hen stellen en één koninkrijk van hen maken. Niet langer zullen zij verdeeld zijn in twee koninkrijken.

Hoe verhoudt deze profetie zich tot het gegeven dat de verdeling tussen de twee en de tien stammen al vanaf de dagen van Kores geen rol meer speelt? Is de profetie van Ezechiël daarmee in strijd? Vond de eenwording van Juda en Israël in het verleden plaats, of pas in de toekomst?

Het antwoord is: toen de twaalf stammen o.l.v. koning Kores officieel als één volk terugkeerden werden ze niet gemaakt tot één koninkrijk. Want sindsdien heeft er nooit meer een koning uit het huis van David over hen geregeerd. Dat Israël weer één koninkrijk vormt, samen met alle twaalf stammen, is tot op vandaag toekomstmuziek. De laatste koning over alle twaalf stammen was Salomo. En de eerstvolgende en tevens definitieve koning zal de ware zoon van David zijn: Jezus Christus. Pas bij zijn verschijning als Koning worden alle twaalf stammen “één koninkrijk”.

samengevat

De tienstammen-leer is een opeenstapeling van speculatieve beweringen, gebaseerd op vooral buiten-bijbelse bronnen. Wellicht vaak interessant en spitsvondig maar het mist een solide Bijbelse grondslag. De tien stammen zijn niet verloren of zoek geraakt; alle twaalf stammen zijn bekend en zich bewust van hun eigen identiteit en worden als éénheid beschouwd. Zij worden in de Schrift afwisselend aangeduid als Israëlieten en Joden.

Delen: