English blog

in memoriam: Heere Heeresma

27-06-2011 - Geplaatst door Andre Piet

Heere Heeresma, bekend na-oorlogs Nederlands schrijver, is zondagochtend 26 juni 2011 op 79 jarige leeftijd overleden. Ik correspondeerde met hem enige tijd over Bijbelse zaken. Onderaan deze pagina een flink aantal citaten die hem daarin tekenen.

De naam Heeresma was mij als jonge jongen slechts vaag bekend als modern schrijver. Interesse ontstond pas toen ik in 1992 zijn naam tegenkwam in het blad ‘Christenen voor Israël’. Zulke opinies had ik nooit achter zijn naam gezocht. Niet veel later kwam ik in een bibliotheek de interview-bundel ‘en greep mij duchtig bij de keel’ tegen. Zeer boeiend, vooral om wat hij te melden had over de Bijbel. En over de rol van Israël, het belang van Bijbelstudie, Paulus’ brieven, alverzoening, leven na de dood en meer. Heeresma is gevormd door zijn vader, een man over wie hij altijd met de grootste bewondering sprak en die als geen ander een stempel op zijn leven heeft gezet. Heeresma sr.was een eigenzinnig godsdienstleraar in Amsterdam en overleden in 1942, toen Heere jr. nog maar 10 jaar oud was.

Heeresma sr. runde een bijbelstudie-tijdschrift ‘de Flambouw’ (1932-1942) en dit maandblad is voor de nu overleden schrijver altijd een bron van inspiratie geweest. Mijn interesse daarnaar was gewekt, omdat mij was gebleken dat Heeresma sr. 70 á 80 jaar geleden voor een groot deel dezelfde zaken naar voren bracht als ik dat nu op GoedBericht doe. Daar kwam bij dat ik halverwege de 90-er jaren ook de heer den Breejen leerde kennen, een voormalig rijksaccountant en jarenlang hoofdredacteur van ‘Bijbels Denken’. Den Breejen was een leerling van Heeresma sr. en stond ook in contact met diens zoon Heere. Ik heb Heeresma over ‘de Flambouw’ een briefje geschreven (1998) en hij reageerde aangenaam verrast. Er ontstond een correspondentie waarbij Heeresma altijd afstandelijk bleef maar ook aardig (“Geachte broeder -want het is goed elkaar zo te noemen”). Telefonisch heb ik een enkele keer contact met hem gehad en we zouden elkaar nog eens treffen in een café in den Haag, maar daar is het nooit van gekomen.  Soms stuurde hij mij zomaar oude brochures van de hand van zijn vader toe. Veel moeite heeft Heeresma gedaan om mij een groot, dik boekwerk met daarin de eerste vijf jaargangen van ‘de Flambouw’ (1932-1937) te schenken. Omdat daar slechts enkele exemplaren van waren, wilde Heeresma me dit aanvankelijk beslist niet zomaar via de post doen toekomen. Enfin, het ligt nu naast me in prima staat! Ik bewaar het als mooie herinnering aan deze opmerkelijke man.

Heeresma was een man die zich absoluut niet in een hokje liet indelen. Hij werd wel de avant terrible van de naoorlogse Nederlandse literatuur genoemd. Humor en ironie doortrokken zijn hele wijze van doen. Hieronder wat juweeltjes van citaten van de overleden schrijver. Bij elkaar gesprokkeld, deels uit correspondentie, deels uit de vele interviews die hij heeft gegeven.

uniek gezin
Mijn ouders schiepen een uniek gezin waar met oprechte vrijmoedigheid en grote speelsheid met de Schrift werd omgegaan. Zo baden we niet voor het eten, want “dan moeten we ook de groenteman en de melkboer gedenken”, maar dankten weer wel, want “dat onderscheidt de mens van het dier”.

vader
Mijn vader is in Amsterdam geboren, hij was godsdienstleraar in Zuid. Toen mijn moeder was overleden, vond ik in het familiearchief waar zij altijd als een kloek over waakte – je mocht er niet eens naar wijzen – onder andere een klein bijbeltje  van de Amsterdamse Wilhelminaschool dat mijn vader gekregen had toen hij met succes de de zes klassen had doorlopen. Dat bijbeltje staat vol met rode en blauwe strepen en aantekeningen in kinderlijk handschrift. Hij was daar dus al heel vroeg mee bezig.

bijbelkritiek
Mijn vader had het heel druk, maar als hij thuis kwam, maakte hij er een feest van. Als volgt. Eerst kwam de soep op tafel en daarna riep mijn vader: en, wat heeft professor doctor ingenieur die en die nu weer over de Schrift te zeggen? Dan volgde een resumé van een stukje bijbelkritiek. Vervolgens kwam de hoofdmaaltijd: bloemige aardappelen, lekkere groente, stukje vlees en dan ging hij er mee in de slag. En tijdens het toetje had hij de hele zaak aan flarden. Bleef niks van heel.
Een jaar of vier geleden heb ik mij nog eens verdiept in de huidige stand van de schriftkritiek en, ach ach ach, wat ben ik teleurgesteld… Het was voor mij als het leegeten van een bord zand.

bidden
Die Paulus van Tarsus heeft gezegd: wij weten niet wat we moeten bidden. Bidden is natuurlijk een totaal gestamel, maar het is ook een geheim. Het is net als het geloof een hyperindividuele aangelegenheid: daar worden verder geen mededelingen over gedaan, van niemand aan niemand.

opvoeding
Ik kom uit een uitzonderlijk christelijk millieu. Mijn vader (..) vond dat je kennis van het geloof moest hebben. Wat je ermee doet, moet je zelf weten, dat is jouw zaak, maar kennis zal je krijgen…

hemel van koper
Wij leven in een tijd waarin de hemel van koper is en onze gebeden terugkaatsen. Er bestaan geen directe lijnen en we zullen het hebben te doen met de enige getuige die er is: de Schrift.

leermeesters
Heel veel van wat ik in joodse kringen leerde, sloot naadloos aan bij wat mijn leermeesters stelden aan wier hand ik de Bijbel ben binnengelopen. Daar was, voor alles, mijn vader die onder andere hoofdredacteur was van het maandblad De Flambouw, dat van ’32 tot ’42, toen de bezetters het verboden, heeft bestaan. Zijn artikelen zijn nog steeds een bron van inspiratie. En daar was Pauptit, schoolhoofd van de School met de Bijbel te Scheveningen. En van Mierlo, een Belgische ingenieur. En natuurlijk Den Breejen, gepensioneerd rijksaccountant, die 25 jaar het blad Bijbels Denken runde. Inderdaad, geen h.h. theologen, maar wat je met recht kan noemen: Bijbelvorsers!

Paulus
Paulus verzuchtte al, 2000 jaar geleden, dat allen niet zozeer God alswel hém verlaten hadden. Dat wil zeggen: toen al vluchtten de mensen weg in een algemeen geloof, voorbijgaande aan wat Paulus mocht zien en wat hij de veelkleurige wijsheid Gods noemt. De gelovigen zijn in de melkkost blijven steken.

kerk & Israel
Kerk is stichting en ik ben geïnteresseerd in lering…. in de tweede eeuw, komt er een organisatie tevoorschijn, een kerk. En wat wordt de basis? Onder andere een volstrekt aanvechtbare interpretatie van de Schrift: de kerk zou het geestelijk Israël zijn … of het de christenheid nu uitkomt of niet … de joden blijven Gods volk, waaraan de woorden Gods zijn toevertrouwd. En ze zijn apart gesteld totdat van uit Tsion de wet zal gaan en uit Jeruzalem Zijn Woord … Ja, alleen de joden zijn eigenlijk in staat straks de zending, de missie te beoefenen om óns van het juiste inzicht te voorzien.

indeling van de Schrift
Ik vind zowel klimatologisch als in de behandeling van het Woord geen onderdak in het kerkleven. Eerder ben ik als iemand die zit in één van de poorten van Tsion. En daar neem ik genoegen mee. Ik word er ook wijzer van. Zo zijn de tien geboden voor de joden wet, maar voor ons belofte. En ik laat het wel uit m’n hoofd het Onze Vader als gebed te hanteren… vergeef ons onze schulden zoals ook wij onze schuldenaren vergeven… Hoe halen we het in ons hoofd! Laten we blij zijn dat genade zo niet werkt. Ach, dat men maar mocht onderscheiden wat is voor de jood en wat is voor de niet-jood. Dan waren we al een heel eind.

een net van genade
En verder is er onder deze wereld een gigantisch net van genade gespannen. En daar dondert een ieder in. Of-ie wil of niet. Van welke confessie of politiek dan ook. En van alle soort en ras.

Alverzoening
Kijk, ik ben natuurlijk een man van de “Alverzoening”. Nou kun je beter een godsgruwelijke vloek in de kerk laten horen dan dat je van de Alverzoening bent, maar je hebt te staan waar je voor staat.

geloof
Ach, als je kennis mag dragen kan je je daarop niet eens laten voorstaan. Dat leert de Schrift je wel af. En verder is er ook nog het geloof. En dat is een ander woord voor vertrouwen. Uit je eigen handen overgeven. Zeer moeilijk voor ons mensen. We willen het immers bovenal zelf regelen. En wat is het hoogste wat je daarin kunt bereiken? Iets waarvan jezelf niet eens weet hebt. Een Godlover te zijn tegenover die machten, krachten en koninkrijken, die ons verder onbekend zijn, met de bedoeling te getuigen van Gods voortgang met deze wereld. En dat onttrekt zich pas goed aan radio en televisie. Daar is maatschappelijk geen eer aan te behalen. Geloof me.

emoties
Zolang emoties de idee op de wieken nemen en hoogte en beleving geven is er niets aan de hand. Maar wanneer emoties de inhoud zelf worden en daarmee het zindelijk denken aantasten, dan is de grootste nuchterheid geboden…  in de emoties, die immers sterke banden hebben met onze instinctmatigheden, staat de mens niet zo ver af van het gedierte des velds.

geest en vlees
Waar gelachen wordt, verliest de sex het altijd. Humor is de dood voor de erotiek. De geest overwint het instinkt.

bijbelstudie
Incasseringsvermogen krijg je alleen als je bijbelstudie doet … Zolang je met de buur van 2-hoog niet kunt opschieten heb ik met Biafra niets te maken … Vraag je aan de jood: wat is de basis van het leven, lernen (leren) of de mensheid helpen, dan zegt hij: lernen. Zo is ‘t.  En zolang de kerk zich buiten dat lernen om blijft drukmaken om ’s werelds welzijn blijft het geloof een luxe vrijetijdsbesteding en vroom gezeur.

De kerk moet zich bij bijbelstudie houden. Zodra ze dat niet meer doet, is het gauw bekeken, zoals je trouwens al heel duidelijk ziet. Lernen. En dat doen ze niet. Zo is het bij de joden altijd geweest. Je bezighouden met wat je geopenbaard is.

kerkdiensten
Ik houd van die stijle dominees als typen. De rest is toch een grote weekbuilerij… Ik bezoek wel eens een kerkdienst. Maar niet hier in ’t westen, want dat gaat niet goed, dan sta ik op en: waar zijn jullie mee bezig?
Maar als ik in Groningen ben, of Zeeland, dan ga ik graag naar een zondagochtenddienst bij één van die hele steile gereformeerde gemeenten, van ‘Het Gekrookte Riet’ of zo. En dat is geweldig, daar geniet ik met volle teugen. Natuurlijk, die theologische visie heb ik totaal te verwerpen…

een reden van bestaan
Ik ben ontzettend gelukkig dat ik een reden heb van bestaan en een toekomst…. een visie. Dat is het geweldigste wat er is. Ik beklaag talloze mensen die dat niet bezitten, die als voer voor de akkers komen en gaan, generatie na generatie, geen spoor nalatend tijdens hun leven. Ik heb er grote compassie mee.

boodschappen jongen
Ik ben inderdaad een boodschappen jongen… Als schrijver wil ik de Goede Boodschap overbrengen, maar vóór alles de lezer eens behoorlijk aan verwarring ten prooi te laten vallen door de stoel weg te trekken waarop zijn Heerlijk Zelf heeft plaatsgenomen. Eén seconde vrije val kan immers wonderen verichten!

stoffering van het landschap
… verder zijn we voor Gods aangezicht slechts stoffering van het landschap. We worden pas iets door de Heer der wereld.

sterven aan de oude mens
Sterven aan de oude mens he, dat hakt er pas in. Als de behoefte om goed en welwillend te zijn niet meer een doel in het leven is, maar slechts het gevólg is van een manier van leven…

criteria
Mijn criteria berusten dan ook op de beste in de wereld voorhanden zijnde visie: de Schrift. Dus ik heb makkelijk praten. Ik hoef niet verder en langer te zoeken. Ik kan het af door me in de Schrift te verdiepen.

———————————-

Links:

‘bevind van zaken’ (website gewijd aan werk van Heeresma)
Anton de Goede voor NOS-radio (voortreffelijke beschrijving!)
filmmateriaal uit 1968
in memoriam door Rutger Cornets de Groot
in memoriam  door Henk Spaan (Radio 1, Goedemorgen Nederland)
interview Vrij Nederland (2007)
‘de avonden’ (1 juli – VPRO  I.M. Heere Heeresma – zeer boeiend!)
NOS – in memoriam Heeresma (een 54 minuten durend gesprek)
Theodor Holman n.a.v. overlijden Heeresma in het Parool
Letterkundig Museum eert Heeresma
adept van zijn vader (mijn bijdrage aan de bundel ‘Uitgelezen Boeken‘)

Delen: