English blog

1Timotheüs 2:8 – gebedshouding

15-07-2016 - Geplaatst door Andre Piet

Ik bedoel dan,
dat de mannen bidden in elke plaats,
opheffende rechtschapen handen,
zonder boosheid en redenering.

Paulus geeft hier geen instructie om de handen op te heffen bij gebed. Of de armen, zoals men deze tekst vaak leest. Nee, de instructie is dat als men de handen opheft in gebed (zoals men dit gebruikelijk was te doen), men dit zou doen met rechtschapen handen. Niet één tekst in de Schrift schrijft een fysieke houding voor bij gebed. Men kan knielen, staan, liggen, omhoogkijken, de ogen sluiten, enzovoort. Alles is mogelijk. Want God ziet het hart aan.

Zonder “boosheid en redenering”. Hoeveel mensen bidden niet met onvrede in het hart? Ze zijn boos op God vanuit hun eigen menselijke (en dus kortzichtige) redenering. “Waarom laat God dingen toe en grijpt Hij niet in?”. Of men is bitter om wat hooggeplaatsten en mensen van invloed doen (2:2). Men is boos en redeneert, zonder te beseffen dat er één GOD is die alles plaatst en een Redder is van allen. Alles op zijn tijd en wijze (2:3 t/m 7).

Delen: