English blog

NBV goedgekeurd door PKN

23-04-2010 - Geplaatst door Andre Piet

 

De synode van de PKN heeft besloten de NBV de status te geven van officiële Bijbelvertaling van de PKN. Niet exclusief maar naast die van de NBG51 en de Statenvertaling. Heel spectaculair is dit besluit niet omdat hiermee een reeds bestaande praktijk (waarbij de NBV alom wordt gebruikt, ook in kerkdiensten) gewoon wordt gesanctioneerd. Toch mag het opmerkelijk heten dat de protestantse synode een keurmerk verleent aan een vertaling die nauwelijks een vertaling is. De NBV leest vlot weg, zeker. Maar wie het vergelijkt met de Hebreeuwse- en Griekse grondtekst ziet onmiddelijk dat de NBV nauwelijks meer is dan een parafrase van de Bijbel. Het geeft gedachte-voor-gedachte weer. D.w.z. het geeft de gedachten en bedoelingen weer die de ‘vertalers’ bespeuren in de Bijbeltekst. Met deze wat men noemt, dynamisch-equivalente methode, maakten we al eerder kennis in Bijbel-uitgaven als ‘de Groot Nieuws Bijbel’ en ‘het Boek’.

De NBV heeft nadrukkelijk gebroken met de doelstelling zo concordant als mogelijk weer te geven. Deze doelstelling was eeuwen terug nog één van de leidende principes bij de tot standkoming van de Statenvertaling en tot op zekere hoogte ook nog één van de idealen bij de NBG51. Dit ideaal weerspiegelt eerbied voor “elke Schrift van God geïnspireerd” (2Tim.3:16). Een vertaler behoort namelijk weer te geven wat er “geschréven staat”. Niet wat hij meent dat de tekst bedoelt. Een vertaling is een doorgeefluik, niet minder maar vooral ook niets meer. Wie de NBV wil gebruiken omdat deze plezierig leest en begrijpelijk Nederlands bezigt, prima. Maar daarom is het nog geen Bijbelvertaling. De NBV moge met behulp van een enorm aparaat van experts tot stand zijn gekomen, haar uitgangspunt deugt niet. Het gaat namelijk niet om de meningen van geleerden maar om wat de Schrift zélf zegt. Nog afgezien van de vaak tenenkrommende inleidingen tot de Bijbelboeken (b.v. bij 1Petrus: “Sommigen menen … dat de brief door Petrus zelf geschreven is”).

Iedere Bijbelvertaling zou zich moeten verantwoorden wanneer men omwille van het idioom (=taaleigen) van de bron- of doeltaal, kiest voor een vrijere weergave. Men zou dan in de zijlijn aangeven wat er letterlijk staat. Zoals de kanttekeningen van de Statenvertaling b.v. opmerken bij de uitdrukking “de eerste dag der week”: “letterlijk: één [dag] der sabbatten”. Het allermooiste is het natuurlijk wanneer men mét een Bijbelvertaling ook een interlineair zou bieden. D.w.z. tussen de regels van de grondtekst een konsekwente woord-voor-woord weergave. Zodat de bonafide lezer maximaal in de de gelegenheid wordt gesteld én gestimuleerd om “na te gaan of deze dingen alzo zijn” (>Hand.17:11).

——————————————-

Voor wie interesse heeft in een concordante (=konsekwente) interlineair, zie het onovertroffen ISA-programma van scripture4all.

Delen: