⟨h3 id="hoofdstuk-1" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="0" title="Speel af vanaf 00:00">▶ 00:00⟨/button> ⟨span>Introductie en Terugblik op de Wegrukking⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Hartelijk welkom uiteraard ook voor degenen die via de camera meekijken en nu live met ons verbonden zijn. Wij gaan ons vanavond weer bezighouden met het thema 'De Wederkomst'. Ja, en dan zou je natuurlijk nog heel lang door kunnen gaan, want laten we welwezen: een heel groot gedeelte van de Bijbelse boodschap gaat nu eenmaal daarover. Het gaat niet alleen zozeer over het feit dát Hij terugkeert, maar ook over wat dat alles in gang gaat zetten en wat dat aan veranderingen gaat brengen voor ons persoonlijk. Maar ik zou het eigenlijk op een groter, hoger niveau willen plaatsen, namelijk voor ons als Ecclesia, ook voor Israël, voor de volkerenwereld en voor de schepping: de grote toekomst die daarmee gaat aanvangen.⟨/p> ⟨p>We hebben de vorige keer ons beziggehouden met de zegels. Dat is een wat technische term natuurlijk, maar voor u, die inmiddels gewend bent zich bezig te houden met Bijbelse termen, u weet inmiddels van de hoed en de rand. Dit zijn namelijk termen uit het boek Openbaring. In Openbaring 5 en 6 lees je over de zegels en in de daaropvolgende hoofdstukken lees je over bazuinen. Wat is nu het verschil en wat is daarmee aan de hand?⟨/p> ⟨p>Laten we nog even terugblikken op wat we de vorige keer hebben behandeld. Ik beperk me nu eventjes tot de vorige studie, want als we helemaal vanaf het begin beginnen... In september zijn we begonnen en de maanden daarop hebben we ons beziggehouden met de Wegrukking. De eigenlijke parousia van Christus vangt aan met het moment dat wij de Heer tegemoet zullen gaan: de Wegrukking.⟨/p> ⟨p>Waarom is dat zo cruciaal? Wel, omdat dan de Ecclesia haar bestemming gaat innemen, namelijk haar plaats op de troon in de hemel. Die mannelijke zoon die daar dan toe weggerukt wordt. We hebben ons daarmee beziggehouden en dat betekent dat het Koninkrijk vanaf dat moment, vanaf het moment dat wij worden weggerukt, in de hemel wordt gevestigd.⟨/p> ⟨p>En dat betekent dan ook meteen oorlog. Dat is misschien niet de manier waarop u zo gauw aan de Wegrukking denkt, maar op het moment dat wij naar de hemel gaan, is het daar meteen oorlog. Dan zou je denken: wij zijn toch een vredebode? Jawel, maar dan lees je inderdaad dat als wij naar boven gaan, de duivelse machten — Satan en de machten, tronen en krachten — op de aarde neergeworpen worden. Dat betekent dat er vanaf die tijd een vreselijke periode ook op aarde gaat aanbreken. Juist ook omdat die machten donders goed weten dat hun tijd zeer kort is. En daarom zullen ze ook alles uitkopen om daar des te meer gebruik van te maken.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-2" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="271" title="Speel af vanaf 04:31">▶ 04:31⟨/button> ⟨span>De Boekrol als Eigendomsakte en Christus als Losser⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Om even terug te komen op die zegels en de boekrol: de boekrol is er om de dingen nog even scherp te stellen. De boekrol met die zevenvoudige verzegeling, daarover leest u met soortgelijke woorden in Openbaring 5 vers 1. Dat is de eigendomsakte. Het is van groot belang om te weten wat die boekrol nu precies is. Wat staat daarin beschreven? Wel, daar staan de eigendomsrechten in van wie het land is. En het land — ik heb dat de vorige keer denk ik ook al wel duidelijk gemaakt en het komt vanzelf ook wel uit de verf, het kan ook niet missen — dat zou je nogal dubbelzinnig kunnen opvatten. Is 'het land' gewoon het land Israël, of is dat het land in het algemeen, dus al het land op de aarde? Beide zouden in principe kunnen en beide hebben ook hetzelfde naampje, maar in dit geval gaat het toch echt om het land Israël, of zoals de Joden dat altijd noemen: ⟨em>Haaretz⟨/em>. Ook in de Hebreeuwse Bijbel is dat de term: het land.⟨/p> ⟨p>Van wie is dat land? Wel, die boekrol die verzegeld is, dat is waar de eigendomsrechten in beschreven staan. Wat was nu het geval? Als het land vervreemd was geraakt, dat wil zeggen in vreemde handen terecht was gekomen, dan had het naaste familielid het eerste recht van terugkoop. Dat was op een speciale manier geregeld. Zo iemand heette dan de losser. Dat wil zeggen: die loste, of verloste zo u wilt, het land. In het Hebreeuws heet dat eigenlijk de ⟨em>go'el⟨/em>. Daar zijn verschillende Bijbelse voorbeelden van, maar de bekendste is zonder meer die van Boaz, de vermogende man uit Bethlehem. En als ik het zo zeg, dan zeg ik het ook al lekker dubbelzinnig natuurlijk, want uiteindelijk ken ik maar één echte vermogende man uit Bethlehem. 'In hem is kracht', dat betekent de naam Boaz. Dat moet u weer vasthouden.⟨/p> ⟨p>De naaste bloedverwant had dus het eerste recht van terugkoop. En wat kreeg hij dan? Wel, bij aankoop van dat land kreeg hij die eigendomsakte. Op het moment dat de overdracht van het land plaatsvond — en die twee hoefden helemaal niet samen te vallen, daar kan zelfs een hele lange tijd tussen zitten — werd de akte geopend. Daar zie je in de Bijbel trouwens verschillende voorbeelden van. In het boek Jeremia lees je zelfs dat er tientallen jaren zitten tussen de aankoop en de uiteindelijke overdracht van het land. Pas bij die gelegenheid mocht de boekrol ook geopend worden; tot die tijd was hij gesloten en voor niemand toegankelijk.⟨/p> ⟨p>Bij de overdracht van het land werd de boekrol dus geopend. Dat is de scène in het boek Openbaring. In Openbaring 5 — we hebben dat de vorige keer wat uitgebreider bezien, maar ik noem het nu even — is de grote vraag: wie is waardig de boekrol te openen? Dat wil zeggen: wie is de echte rechthebbende op het land? In eerste instantie is het tafereel nogal dramatisch, want er is niemand. Dan wordt Johannes, die in huilen is uitgebarsten, gewezen op de Leeuw van Juda. En dan kijkt hij en dan ziet hij niet een leeuw, maar een Lammetje staan 'als geslacht'. Een geslacht Lammetje dat stáát; dat betekent dat het geslachte Lammetje is opgestaan. En dat is nou precies de clou. Hij is opgestaan uit de doden, daarom is Hij ook de Leeuw van Juda. Hij is waardig, Hij is de rechthebbende om die boekrol te openen, oftewel om het land in bezit te nemen. Want, zo staat er nog bij in hoofdstuk 5 vers 9: Hij heeft gekocht. Ja, Hij is de Losser. Hij heeft de prijs betaald. Het land is van Hem.⟨/p> ⟨p>Dat is trouwens een prachtige Bijbelse gedachte. Je leest ook dat wanneer Israël het land ingaat, er tegen hen wordt gezegd: 'Het land is niet van jullie, jullie mogen er wonen, maar het land is van Mij', zegt de HEERE. Heel uitdrukkelijk. Jullie zijn slechts vreemdelingen en bijwoners in het land, maar het land is van Mij. Ik zeg dit ook even in verband met allerlei claims over de huidige politieke kwestie: van wie is nu eigenlijk dat land in het Midden-Oosten? Er zijn allerlei strijdende partijen en het zionisme zegt: 'Nee, het is van ons'. Nou, dat is nog maar de vraag. Eigenlijk is dat dus helemaal niet waar. De claim van het zionisme dat het van de Joden is omdat zij daar zo lang gewoond hebben... ik zeg niet dat het totaal geen rol speelt, maar het is niet het Bijbelse antwoord. Het Bijbelse antwoord is dat het land van één Iemand is, en Hij geeft het aan wie Hij wil.⟨/p> ⟨p>Het was ook zo dat als Israël niet luisterde naar Zijn stem, Hij bij herhaling zei: 'Dan ga je gewoon keurig weer het land uit voor een bepaalde termijn.' Denk aan die sabbatsjaren die vergoed moesten worden. Pas na verloop van tijd mochten ze weer terugkomen, en niet eerder. Vanuit dat perspectief is de hele politieke discussie over de vraag van wie het land nu eigenlijk is en wie daar claims op kan laten gelden, een totaal andere. Ook hiervan moeten we gewoon vaststellen: 'Die in de hemel zetelt, lacht.' Hij lacht om al dat soort politiek gekonkel. Dat wordt uiteindelijk natuurlijk niet in New York in de Veiligheidsraad of door de VN geregeld, of bedisseld door de wereldleiders; dat kunnen ze wel vergeten. Zo werkt dat niet. Er staat in Psalm 2 ook zo laconiek dat Hij die in de hemel zetelt lacht, terwijl de volkeren samenspannen. Er staat: 'Ik heb toch Mijn Koning gesteld over Sion.' Dus wat zitten jullie nou? Ik heb Mijn Koning en Hij gaat daar regeren; jullie kunnen op je kop gaan staan, maar zo gaat het. Kijk, zo spreken wij daarover met het licht van de Schrift. Dat vind ik geweldig, dat is goddelijk licht.⟨/p> ⟨p>Weer even terug: het Lammetje blijkt dus waardig te zijn om de boekrol te openen. Hij is degene die de eigendomsrechten op het land kan claimen, want Hij heeft gekocht met Zijn bloed. In Openbaring 6 worden vervolgens die zegels geopend. Lees maar even vanuit uw eigen Bijbeltje mee. In Openbaring 6 worden die zegels allemaal geopend — nou ja, op één na, daarover straks meer. Daar worden de zegels geopend.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-3" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="796" title="Speel af vanaf 13:16">▶ 13:16⟨/button> ⟨span>Het Zesde Zegel: Verduistering en Verschijning⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>En dan komen we bij het zesde zegel. Dat is een heel cruciaal ding. We hebben daar in de loop van de afgelopen twee, drie seizoenen diverse keren bij stilgestaan. Dat is de verduistering van zon en maan. Bij die gelegenheid, bij het zesde zegel — dat is het moment waarvan we elders lezen in Mattheüs 24, in Joël 2, maar ook in Zacharia 14 — zal de zon verduisterd worden. Dat is het moment dat de Heer zal terugkeren en Zijn voet zal zetten op de Olijfberg ter verlossing van Zijn volk.⟨/p> ⟨p>Dan gaat Hij ook strijden tegen de volkeren. De volkeren strijden tegen Jeruzalem en vervolgens wordt de Naam aangeroepen. Hij zal verschijnen en ze zullen Hem zien die zij doorstoken hebben. Hij zal gezien worden; het teken van de Zoon van de mensen, van de Ben-Adam, zal gezien worden en alle stammen van het land zullen over Hem rouwklagen. Dat moment wordt gemarkeerd door de verduistering van zon en maan. Dat is het zesde zegel en dat is van groot belang.⟨/p> ⟨p>Laten we dan even doorlezen, want dan hebben we de zes zegels gehad. Dan blijft er nog één zegel over dat nog geopend moet worden, en daarover lees je in vers 1 van hoofdstuk 8 in Openbaring. Op hoofdstuk 7 kom ik straks nog uitgebreid terug.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-4" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="898" title="Speel af vanaf 14:58">▶ 14:58⟨/button> ⟨span>Het Zevende Zegel: de Stilte en de 144.000 Verzegelden⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>En wanneer Hij het zevende zegel opende – Hij, dat is het Lammetje, want Hij is waardig te openen – toen kwam er een zwijgen, een stilte in de hemel, ongeveer een half uur. En die stilte is ook hier met recht een stilte voor de storm, want de afschuwelijkste perioden moeten nu nog aanbreken. Dat zeg ik niet uit sensatiezucht of omdat ik dat zo leuk vind, integendeel, maar lees het maar na. Want na het zevende zegel krijg je de zeven bazuinen en dat zijn de meest schrikwekkende oordelen. We zullen ons daar vanavond trouwens niet zozeer mee bezighouden, over wat er dan precies gaat plaatsvinden, maar het is echt adembenemend. Is dat het goede woord? Nou, het is ontstellend. Echt ontstellend wat de aarde en de volkerenwereld dan zal treffen.⟨/p> ⟨p>Maar die stilte is een hele korte onderbreking. Het wordt hier in beeldspraak genoemd: een stilte van ongeveer een half uur in de hemel. Waarna je de vraag kunt stellen: hoe lang duurt een half uur in de hemel, in aardse termen? Want u weet: tijd is heel relatief. Ik weet niet eens of we zo moeten rekenen; ik heb in ieder geval geen strikt Bijbels antwoord gevonden op die vraag. Eén ding is duidelijk: het is een korte onderbreking. En als je vraagt wat die onderbreking is, dan is het antwoord eigenlijk zojuist al gegeven, namelijk in het hele voorgaande hoofdstuk. Wat betekent dat zevende zegel? Dat er even niets gebeurt. Stilte voor de storm. Een korte onderbreking, maar een onderbreking die al beschreven was in hoofdstuk 7. Dat is die stilte. Hoofdstuk 7 is, als u het mij vraagt – en dat is de enige wijze waarop ik dit in logische orde kan verstaan – de beschrijving van de inhoud van dat zevende zegel.⟨/p> ⟨p>Het is namelijk een korte onderbreking. Dat wordt zelfs zo uitgelegd, want als je in hoofdstuk 7 in de eerste verzen leest, dan staat er dat er vier engelen aan de vier hoeken van de aarde de vier winden van de aarde vasthielden. Dan zie je meteen dat het over de windstreken gaat natuurlijk. Zij hielden die winden vast, opdat er geen wind zou waaien over de aarde, de zee of over enige boom. En ik zag een andere engel opkomen van de opgang der zon, het oosten dus, hebbende het zegel van de levende God. En hij riep met luide stem tot de vier engelen, aan wie gegeven was aan de aarde en de zee schade toe te brengen, en hij zei: "Breng geen schade toe aan de aarde, noch aan de zee, noch aan de bomen, voordat wij de knechten van onze God aan hun voorhoofd hebben verzegeld."⟨/p> ⟨p>Hier zie je dus: er gaat nog heel veel gebeuren. Er gaat schade toegebracht worden aan de aarde, de zee en de bomen. En inderdaad, dat is precies wat er gebeurt bij het blazen van de bazuinen. Kijk het maar na: in hoofdstuk 8 en 9 vind je dat allemaal keurig op een rijtje gezet. Die oordelen gaan plaatsvinden, maar even niet. Nu wordt er even op de stopwatch gedrukt. Nu moet er namelijk eerst gepauzeerd worden. Waarom? Wel, omdat eerst de knechten van God, van onze God, verzegeld moeten worden. Ik lees nu even voor uit de NBG-vertaling hoe het er precies letterlijk staat; of het slaven zijn, daar blijf ik even vanaf, maar in ieder geval zouden zij eerst verzegeld worden. Waaruit dan vervolgens ook weer iets anders blijkt: als die knechten daadwerkelijk verzegeld zijn, zijn zij kennelijk onaantastbaar voor de schade die vervolgens toegebracht wordt aan de aarde en de zee. Zij zijn daarvoor immuun gemaakt, zeg maar. Hen zal het niet treffen.⟨/p> ⟨p>Vervolgens lees je over dat Johannes een getal hoort. In vers 4 van hoofdstuk 7: "En ik hoorde het getal van hen die verzegeld waren: 144.000 waren verzegeld uit alle stammen van de kinderen Israëls." Uit de stam Juda 12.000 verzegeld, uit de stam Ruben 12.000, en dan volgt een opsomming van de twaalf stammen. Dan krijg je twaalf keer 12.000, en dat is dus een gros duizend, in ieder geval 144.000 die dan verzegeld worden. Twaalf stammen, naar de twaalf stamhoofden, naar de twaalf aartsvaders van Israël. Het getal voor Israël, en trouwens ook het getal van de heerschappij. Zij worden verzegeld, waarom? Om beveiligd te worden voor de situatie op aarde waar dan nog schade toegebracht moet gaan worden. Dat moet nog beginnen.⟨/p> ⟨p>Laat ik het nog eventjes bijlezen, want je leest bij het zesde zegel in Openbaring 6 vers 16 wat er gebeurt op het moment dat dat zesde zegel opent en die zon en maan worden verduisterd en de sterren op de aarde vallen. Dan lees je dat de koningen der aarde zich een hoedje schrikken. Want wat zij vrezen, staat in vers 16: "En zij zeiden tot de bergen en tot de rotsen: Val op ons en verberg ons voor het aangezicht van Hem die gezeten is op de troon en voor de toorn van het Lam, want de grote dag van hun toorn is gekomen, en wie kan bestaan?" Ze beseffen: hier hebben we niet van terug. Als de Heer dan zal zijn gekomen voor Zijn volk Israël, dan komen zij oog in oog met Hem te staan. Moet u zich voorstellen: er zijn dan totaal andere verhoudingen ontstaan. Dit is ineens een hele verticale interventie, als ik het zo mag zeggen. Gewoon vanuit de hemel nu. Dit is geen gepraat over ufo's enzo die hier op aarde komen; nee, hier praten we over de God van Israël die vanuit de hemel handelt.⟨/p> ⟨p>Waarvan men natuurlijk nog wel wist vanuit de Bijbel, maar ja, van die God van Israël hoorde men al duizenden jaren niets meer. Dat waren in de ogen van velen allemaal archaïsche denkbeelden. Maar vanaf dat moment kan die hele moderne theologie gewoon bij het grof vuil worden gezet. Die moderne theologie blijkt dan hopeloos verouderd te zijn. Want die God van Israël blijkt dus wel degelijk te bestaan, er te zijn en acte de présence gegeven te hebben. Vanaf dan gaat Hij ook daadwerkelijk Zijn volk Israël verlossen en het opnemen voor Zijn volk tegen de volkeren. Nou, dat betekent een totaal andere verhouding ineens op aarde. De mindset van de hele wereld moet dan ook totaal worden gewijzigd. Vanaf dat moment is de dag van toorn voor de wereld begonnen.⟨/p> ⟨p>Weliswaar wordt Israël verlost, en die 144.000 – daar hebben we het natuurlijk al over gehad – die groep wordt geselecteerd. Waarom? Om een missie te gaan uitvoeren onder de volkeren. Israël wordt weer terugverzameld bij die gelegenheid naar het land, maar een selectie uit hen, en wel een heel specifiek bepaalde selectie, die 144.000, moeten uitgaan naar de volkeren en naar de rest van deze wereld. Dat betekent dat ze ook beveiligd moeten worden en dat is de reden van hun verzegeling. Zij krijgen een missie onder de volkeren. Nog eventjes over die 144.000: een selectie van 144.000 mannen uit het verzamelde Israël zal verzegeld worden. De oordelen over de aarde en de zee worden tijdelijk opgeschort. Namelijk: eerst moeten zij verzegeld worden. Dus u begrijpt, er gaat enige tijd overheen om hen allemaal te instrueren en te verzegelen. Hoe dat verder trouwens in zijn werk zal gaan, doet nu even niet ter zake, maar eerst moeten de knechten van God worden verzegeld zodat geen onheil hen zal treffen. Openbaring 7 is dus die onderbreking.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-5" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="1583" title="Speel af vanaf 26:23">▶ 26:23⟨/button> ⟨span>Het Koninkrijk Gevestigd in het Land Israël⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Dat is die pauze. Dat is de opening van het zevende zegel. Dat betekent dus dat nu de zeven zegels zijn geopend. Oftewel, het land is in bezit genomen. De eigendomsoverdracht heeft nu plaatsgevonden. Het Koninkrijk is nu ook gevestigd op aarde. Vanaf dat moment is het Koninkrijk gevestigd op aarde; weliswaar alleen nog maar in Israël, maar niettemin begint het daar, vanaf die plaats. Eigenlijk is dat de meest logische plaats. Waar anders zou het Koninkrijk hier op aarde beginnen dan juist in Jeruzalem? Dat is de stad van de grote Koning. Dat is de plaats waarvan de profeten van oudsher al hebben gezegd: daar gaat het gebeuren, daar wordt de troon gevestigd. En al hebben we daar al duizenden jaren niets van gezien, ook dat is in overeenstemming met de profetieën, dus daar raken wij niet van ons stuk.⟨/p> ⟨p>De zegels zijn geopend, de eigendomsoverdracht is een feit en het land is inmiddels in bezit genomen. Nu kan het moment aanbreken dat ook de bazuinen spoedig worden geblazen. Dat betekent dus ook dat Israël nu in bezit is genomen — en dan bedoel ik ook echt het land. Voor hen is het Koninkrijk begonnen. Voor de wereld nog niet, maar voor hen wel. Zoals bij onze wegrukking het Koninkrijk wordt gevestigd in de hemel, zo zal op het moment dat Hij verschijnt op de Olijfberg en Israël verzameld wordt, het Koninkrijk gevestigd worden op aarde.⟨/p> ⟨p>Alleen begint het eerst in het land. Die indeling van eerst het land en vervolgens de volkerenwereld is een dikwijls terugkerend thema en buitengewoon belangrijk voor het verstaan van het boek Openbaring. Eigenlijk intrigeert het me iedere keer weer dat de hele Bijbelse boodschap gaat over de vestiging van het Koninkrijk van God hier op aarde — of in het algemeen de vestiging van het Koninkrijk in de hemel en op aarde, zo moet ik het eigenlijk zeggen. God gaat Zijn aanspraken maken op deze schepping en die gaat Hij ook waarmaken. Dat is feitelijk wat de parousia is: Zijn Koninkrijk gaat gevestigd worden.⟨/p> ⟨p>Dat is niet zozeer een politiek ding. Bij politiek denken wij aan een partij die wordt opgericht, maar er wordt hier geen partij opgericht. Dit is overigens — over mindset gesproken — ook helemaal geen democratisch gebeuren. Er worden geen verkiezingen gehouden. Er wordt de mens niet gevraagd wat ze ervan vinden. Er wordt geen partij opgericht; het Koninkrijk wordt opgericht. Dat is toch van een heel andere orde. Het Koninkrijk wordt gevestigd, een koninkrijk waarvan de Koning Zijn wortels inderdaad kan terugvoeren naar de dynastie die bij David is begonnen. Die vermogende man in Bethlehem, zo was het toch?⟨/p> ⟨p>Een koninkrijk wordt gevestigd, waarbij ik er ook nog op wijs dat dit niet slechts een ceremonieel karakter heeft. Het is een totale wijziging van de gang van zaken in deze wereld. Iemand zei een keertje: "Hij komt niet om lintjes door te knippen, maar Hij komt om knopen door te hakken." Kijk, daar houd ik van! En daar is het wachten op. Het feit dat die 144.000 worden verzegeld, geeft aan dat zij de gevaarlijke wereld ingaan; een wereld die aan grootse gevaren zal worden blootgesteld. Daarvoor worden ze beveiligd.⟨/p> ⟨p>Waarom zouden zij de wereld ingaan? Om het Koninkrijk te proclameren. In feite is dat wat je in Mattheüs 28 al leest: de Heer zegt dat Hem alle macht is gegeven in de hemel en op de aarde. Dat gaat dan vervuld worden. Er is een Koning, en wat doet een Koning? Hij gaat regeren en Zijn Koninkrijk vestigen, en wel daar in Jeruzalem. Wanneer zij op missie gaan, zal de Heer zeggen: "En Ik ben met jullie tot aan de voleinding van de aion." Want dat is precies wat er gaat gebeuren. De aion eindigt — we hebben daar in de serie over Mattheüs 24 ook bij stilgestaan — wanneer alle volkeren zijn onderworpen.⟨/p> ⟨p>Op het moment dat er een koninkrijk is op aarde, kun je de 144.000 feitelijk zien als ambassadeurs. Ik zit er gewoon even hardop over door te denken, maar dat is eigenlijk wat zij zijn. Ze worden eropuit gestuurd om reëel het koninkrijk van Israël te vertegenwoordigen over de hele wereld. Zij representeren het koninkrijk voor Israël en wat er feitelijk gaat gebeuren, is dat de hele wereld zal worden onderworpen aan het Israëlitische koninkrijk onder leiding van de hoofdstad Jeruzalem.⟨/p> ⟨p>Je krijgt op deze manier een totaal andere wereldkijk. Ik vind het boek Openbaring geweldig, want het betekent dat er een einde wordt gemaakt aan de hele periode van verborgenheid waarin wij nu leven, waarbij er helemaal niets te zien valt. Hij wordt dan openbaar en de kaarten worden totaal geschud. Een heel andere aion gaat dan aanbreken.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-6" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="2065" title="Speel af vanaf 34:25">▶ 34:25⟨/button> ⟨span>De Talrijke Schare voor de Troon uit Elke Natie⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Dan gaan we nog even verder in Openbaring 7, want ik las al wat voor uit de eerste vier verzen. Maar dan lees je vanaf vers 9, en lees gewoon even met me mee, dat er in de eerste verzen sprake is van een heel beperkte schare. Nou ja, uit een heel grote groep, daar niet van, maar in ieder geval een welgetelde schare. En dan vervolgens vanaf vers 9 lees je over een veel grotere groep. Dat wordt op een prachtige manier beschreven. Waarom zou ik dat niet gewoon voorlezen? "Na deze dingen nam ik waar...". Een talrijke schare die niemand tellen kon. Ja, dat betekent gewoon: er was niemand die in staat was, zegt Johannes, om die schare te tellen. Dat is gewoon wat er staat: die niemand tellen kon.⟨/p> ⟨p>Uit elke natie en stammen en volkeren en talen, staande in het zicht van de troon en in het zicht van het Lammetje. Bekleed met witte gewaden – dan gaat het uiteraard over die talrijke schare – en met palmtakken in hun handen. Dat is, u weet het, altijd een embleem van overwinning. Palmtakken zijn altijd een symbool van overwinning. Eigenlijk is een palm ook een heel koninklijke boom, zo’n boom met een kroon van bladeren. En als ik het zo zeg, dan weet u meteen dat het heel koninklijk is en iets te maken moet hebben met het Koninkrijk.⟨/p> ⟨p>In ieder geval, die talrijke schare die niemand tellen kon, dat refereert dan ook weer aan allerlei passages bij de profeten. Ik citeer Ezechiël 37, een beroemd hoofdstuk. U weet het? Ezechiël 37 is dat hoofdstuk over die dorre doodsbeenderen die dan op een wonderbaarlijke wijze weer bij elkaar komen en huid, spieren enzovoort krijgen, en uiteindelijk ook geest. En dan staat er in vers 21: "Zo zegt de Here JAHWEH: Zie, Ik haal de Israëlieten weg uit de volkeren naar wier gebied zij gegaan zijn; Ik zal hen van alle kanten bijeenverzamelen." Nou, dat is precies waar het hier over gaat. Een talrijke schare uit elke natie en stammen en volkeren en talen. Het gaat over Israëlieten en die worden van alle kanten bijeenverzameld. "En Ik zal hen naar hun land brengen en Ik zal hen tot één volk maken in het land, op de bergen Israëls." God zegt dat toe. Hij gaat dat doen en Hij verzamelt dus de Israëlieten uit de volkeren; van alle kanten brengt Hij hen bijeen.⟨/p> ⟨p>En zoals je dat dan ook mag verwachten – en dat vind ik dan zo mooi als je gewoon nauwkeurig met de Schrift bezig bent en je de puzzelstukjes gewoon keurig zoals de Schriften ze ook aandienen bij elkaar legt, zodat je steeds meer zicht krijgt – het mooie ervan is dat je daarin ook telkens weer bevestigd wordt. Want wat hadden we nu gezien bij de opening van de zegels? Is Israël weer teruggekeerd in het land, bijeenverzameld? De Heer is inmiddels gearriveerd op aarde en heeft Zijn Koninkrijk gevestigd in Jeruzalem en in Israël. Natuurlijk gebeurt dat niet allemaal op een late namiddag, maar dan is dat inmiddels gebeurd. Dat betekent dus dat de troon daar van het Lammetje er ook weer is. Hij wordt hier het Lammetje genoemd om een specifieke reden natuurlijk. Het is heel veel beeldspraak, maar de identiteit over wie het gaat is onmiskenbaar: het is namelijk de Leeuw van Juda, oftewel Israëls Messias. En die grote schare bevindt zich dan daar in het zicht van de troon en in het zicht van het Lammetje. Met andere woorden: Hij is daar weer. Ja, Hij is voor hen verschenen, alle ogen zouden Hem zien, en Hij is weer in het land.⟨/p> ⟨p>Vervolgens wordt daar een feest gevierd. Ze zijn bekleed met witte gewaden – dat heeft ook nog een specifieke betekenis – en er is overwinning. Ik bedoel, ze zijn verlost uit de handen van de volkeren en ze zijn in veiligheid gebracht. Hen kan nu niks gebeuren. Dus vandaar ook die palmtakken. En ze riepen met luide stem, zeggende: "De redding is aan onze God die op de troon zit en aan het Lammetje!" Dat wil zeggen: aan Hém is het die ons dit geeft. Ze geven dus gewoon eer aan wie de eer toekomt. Ooit was het zo dat het volk in die benauwdheid de naam van JAHWEH aanriep. Konden ze geen kant meer op en toen hebben ze de Naam aangeroepen en dan verschijnt Hij. En dan verschijnt Hij en dan zien zij wie zij doorstoken hebben. En dan worden ze verlost, dat ondergaan ze. En nu Israël uit alle delen van de wereld bijeengebracht is, kunnen ze niet anders dan Hem de eer geven die dat alles gerealiseerd heeft. Namelijk: de redding is aan onze God die op de troon zit en aan het Lammetje.⟨/p> ⟨p>En al de boodschappers stonden rondom de troon en de oudsten en de vier dieren vielen in het zicht van de troon op hun gezichten en ze aanbaden de God. Daar waren we trouwens ooit mee begonnen met die boekrol, weet u wel? Dat was Openbaring 5. Wie is waardig die boekrol te openen? Nou, inmiddels is de boekrol geopend, alle zegels zijn weggehaald, het land is in bezit genomen en zij zeggen: "Amen, de zegen, de heerlijkheid, de wijsheid, de dankzegging, de eer, de macht en de sterkte die is aan de God tot in de aeonen der aeonen." Dat wil zeggen: in de wereldtijdperken die nu gaan volgen is alles aan Hem. Zij weten nu wat er nu ook allemaal nog moet gaan gebeuren. En dat betekent dat als er zegen is, als er heerlijkheid is, wijsheid of dankzegging en eer of macht en sterkte... nou, die gaat nog openbaar worden hoor, gigantisch! Maar dan is dat allemaal aan de God. Allemaal. En zij weten dat en zij erkennen dit. Het is een prachtige ode en lofbetuiging aan God en het Lammetje.⟨/p> ⟨p>En één van de oudsten die antwoordde en zei tot mij: "Wie zijn degenen die gehuld zijn in die witte gewaden? Wie zijn zij en vanwaar kwamen zij?" Ja, wij weten inmiddels natuurlijk het antwoord, maar goed, we lezen even mee in het verhaal. En ik heb tot hem gezegd – Johannes is hier aan het woord – "Mijn heer, ú weet het." En hij zei tot mij...⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-7" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="2595" title="Speel af vanaf 43:15">▶ 43:15⟨/button> ⟨span>Het Grote Verschil: de Grote Verdrukking Is Hier Voorbij⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Dit zijn degenen die komen uit de grote verdrukking. En zij wasten hun gewaden en maakten die wit in het bloed van het Lammetje. Aha, hier wordt de identiteit vastgesteld van die onnoemelijk grote schare die bij elkaar gebracht is en die zich nu bij de troon van het Lam bevindt. Ziet u hoe concreet dit is? We hebben het hier inderdaad over een plaats op aarde, en wel in het land Israël, waar het Koninkrijk net vers is begonnen. Terwijl de wereld nu even een pauze beleeft – dat wil zeggen dat er in de wereld even niets gebeurt, geen oordelen, even helemaal niets – is dat Koninkrijk daar begonnen. Voor Israël is de grote verdrukking voorbij.⟨/p> ⟨p>Ik benadruk dit zozeer omdat ik uit eigen ervaring de grote verwarring ken over het gelijktijdig laten plaatsvinden van de zegels en de bazuinen. Het wordt allemaal door elkaar gehusseld, maar er is zo’n duidelijk verschil. De zegels hebben te maken met Israël en de bazuinen met de volkerenwereld. Als de zegels geopend zijn, dan is er inmiddels een volk uit alle volkeren verzameld. En wie zijn dat? Dat zijn degenen die komen uit de grote verdrukking. Dat betekent dus dat die grote verdrukking inmiddels voorbij is. Dit is natuurlijk geen hogere wiskunde; dit lijkt mij nogal logisch. De grote verdrukking is hier voorbij, maar let op: de bazuinen moeten nog geblazen worden. De verschrikkingen over de wereld moeten nog plaatsvinden, maar de grote verdrukking is al voorbij.⟨/p> ⟨p>Voor een heleboel mensen is wat ik nu zeg, in het gangbare evangelische of kerkelijke denken, volkomen nieuw. De kerken hebben er al helemaal geen kaas van gegeten, als ik het zo mag zeggen. We zijn onder elkaar, hè? Laten we wel wezen. Johannes Calvijn heeft ooit over het boek Openbaring gezegd dat hij zijn vingers er niet aan wilde branden. Dus als ik zeg dat Calvijn geen kaas had gegeten van het boek Openbaring, dan citeer ik hem feitelijk gewoon. Eigenlijk geldt hetzelfde voor een standaard calvinistisch commentaar over de Openbaring: het wordt allemaal vergeestelijkt en op de kerk toegepast. Waarom? Omdat men totaal geen zicht heeft op de wederkomst en op Israël, of op de duizend jaren die nog gaan komen.⟨/p> ⟨p>Men spreekt wel over de wederkomst, maar wat men de wederkomst noemt, is helemaal niet de wederkomst. Dat is het einde bij de grote witte troon, wanneer de doden geoordeeld zullen worden. De meeste mensen denken inderdaad dat dát ongeveer de wederkomst is: de jongste dag, het einde van alles, van hemel en aarde. Maar op dat moment is de wederkomst al dik duizend jaar voorbij. Daarom zei ik net even heel badinerend dat men in het gewone kerkelijke begrip totaal geen idee heeft van de wederkomst.⟨/p> ⟨p>Maar ook in de evangelische schema's noemt men die hele periode van verschrikking vaak 'de grote verdrukking'. Dat is dus niet zo. De grote verdrukking is een specifieke tijd voor Israël, gelimiteerd tot tweeënveertig maanden. Daarmee is echter nog niet het hele eindtijdgebeuren, de parousia of de onderwerping van de volkeren afgerond. Absoluut niet, dan ontgaat je nog heel veel.⟨/p> ⟨p>Ik lees nog even verder in Openbaring 7: "Daarom zijn zij voor de troon van God en zij dienen Hem dag en nacht in zijn tempel." Die tempel komt dan natuurlijk ook weer in Jeruzalem te staan. In Jeruzalem is weer een troon en daar is weer een tempel. "En Hij die op de troon zit, zal hen als in een tent overschaduwen." Dat wil zeggen dat ze daar veilig zijn. Moet je nagaan wat er allemaal nog gaat gebeuren voor de wereld; terwijl het daar nog gaat spannen, bevinden zij zich op een stukje aarde waar het goed toeven is. Hij zal Zijn tent over hen uitbreiden, zoals de NBG-vertaling dat poëtisch zegt. Zij bevinden zich daar in dat land en er staat bij: "Zij zullen niet hongeren en ook niet dorsten, en de zon zal niet op hen vallen noch enige hitte. Want het Lammetje, opwaarts in het midden van de troon – zo staat het er letterlijk – zal hen hoeden en ook behoeden en gidsen." Hij zal hen veilig de weg wijzen naar de bronnen van levend water.⟨/p> ⟨p>Dat levende water neem ik trouwens ook heel letterlijk. De profeten spreken erover dat er vanaf het moment dat de Heer Zijn Koninkrijk vestigt in Jeruzalem, levende wateren zullen vloeien. Zacharië 14 vers 8 of 9 zegt: "Te dien dage zullen vanuit Jeruzalem levende wateren vloeien." Moet je je voorstellen: er komt een rivier vanuit Jeruzalem die ontstaat vlak onder de tempel, dat weten we uit het boek Ezechiël. Een stroom van levend water gaat westwaarts richting de Middellandse Zee en een stroom gaat oostwaarts richting de Dode Zee. En waarachtig, die Dode Zee wordt een levende zee en zal weer allerlei vissersplaatsen herbergen. De namen van die vissersplaatsen staan nu al in de Schrift vermeld. Dat vind ik nou echt de humor van God; dat Hij al duizenden jaren van tevoren de namen van de vissersplaatsen aan de Dode Zee heeft genoteerd. Dat is toch prachtig? Je kunt daar nu je hengeltje ook wel uitwerpen natuurlijk, maar dan heb je niet veel te doen. Als je van vissen houdt, moet je dat daar vooral gaan doen.⟨/p> ⟨p>Hij zal hen brengen naar bronnen van levend water daar in Jeruzalem, heel letterlijk, en God zal elke traan uit hun ogen afwissen. Je praat over een volk dat zo enorm veel heeft meegemaakt onder de volkeren en dat nu bijeengebracht is. Ze komen uit de grote verdrukking, ook omdat ze in de voorafgaande jaren in het land hebben gebivakkeerd. Zij hebben zo ontzettend veel meegemaakt en reken maar dat er heel wat traantjes gepinkt zijn. Er staat niet 'alle tranen' in de zin van een algemene massa, maar: "Hij zal elke traan uit hun ogen afwissen." Elke traan wordt gezien en geen traan wordt vergeten.⟨/p> ⟨p>Dit volk gaat hier het begin van het Koninkrijk op aarde meemaken, terwijl er nog zo gigantisch veel gaat gebeuren in de wereld. Er is nu even pauze en ze krijgen deze verzekering: zij bevinden zich bij de troon in rust, ze worden behoed, geleid en door de goedertierenheid van God omringd. Zij beleven dat, en hoe goed zal het voor hen zijn. Ik wilde dit graag even voorlezen.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-8" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="3225" title="Speel af vanaf 53:45">▶ 53:45⟨/button> ⟨span>Jesaja 60: Licht over Israël, Donkerheid over de Volkeren⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Trouwens, als we het over pauze hebben, dan lijkt mij dat nu ook wel een mooi tijdstip om de draad weer op te pakken. Wij gaan weer verder, lieve mensen, met dat zevende zegel, die korte onderbreking. U weet wel: na het zesde zegel, nadat de Heer verschenen is op de Olijfberg, wordt het volk van Israël verzameld. Een groep uit hen wordt gerekruteerd om ambassadeurs over de hele wereld te zijn in die vreselijke periode die dan nog gaat aanbreken. En die periode, die korte onderbreking, dat is dus het zevende zegel en dat wordt beschreven in Openbaring 7. Dat is even in een paar zinnen samengevat waar we het voor de pauze over gehad hebben.⟨/p> ⟨p>Nu neem ik u even mee naar Jesaja 60, want er zijn meerdere schriftplaatsen — en ik druk me nu tamelijk zacht uit — er zijn nogal wat passages die daarover ook spreken. Dat wil zeggen over die periode die aanbreekt als Israël inmiddels het volk zal zijn waar de Koning zal wonen en Zijn Koninkrijk zal gevestigd hebben, terwijl de wereld daar nog van verstoken is. Jesaja 60 is daar een mooi voorbeeld van en ik neem u mee naar de eerste verzen in dat hoofdstuk. Het begint met — en dat wordt tegen Israël gezegd —: "Sta op, word verlicht". Alleen dat vind ik al prachtig: "sta op", want dat is opstanding. Dat is een term die juist op Israël dan ook van toepassing is.⟨/p> ⟨p>Wat zal hun aanneming, zegt Paulus in Romeinen 11, anders wezen dan leven uit de doden? Indien hun verwerping — dat is de tegenwoordige tijd — de verzoening der wereld is... Dat weet bijna geen hond, maar dat wil trouwens ook bijna niemand weten: de verzoening der wereld. God denkt groots; niet de verzoening van de kerk of zoiets, nee, de verzoening der wereld! Als dat de boodschap is die nu, terwijl ze verworpen zijn, voor het voetlicht gebracht mag worden, wat zal hun aanneming dan anders wezen dan leven uit de doden?⟨/p> ⟨p>Dat is het grote thema van de profeten: dat Israël zal opstaan uit de doden, en wel op de derde dag. U weet het hè? Na twee dagen in het graf der volkeren gebivakkeerd te hebben, als ik het even zo mag zeggen, zal het opstaan en daarmee ook het levenslicht krijgen. "Word verlicht, want uw licht komt." Ja, dat kun je trouwens ook heel dubbelzinnig opvatten, want Hij zal opkomen vanuit het oosten, staat er. Als de zon komt Hij op over Jeruzalem; vanaf het oosten komt Hij op. Het licht komt op, de nacht wordt verdreven. En de heerlijkheid van JAHWEH — feitelijk is dat niemand minder dan Christus Jezus Zelf — Hij is het uitgedrukte beeld van Zijn heerlijkheid. Hoe staat het ook alweer in Hebreeën 1? De uitstraling van Gods heerlijkheid. De heerlijkheid van JAHWEH gaat stralend over u op.⟨/p> ⟨p>Een geweldige situatie wordt hier geschilderd: Israël staat op uit de doden, zij ziet het levenslicht, en JAHWEH en Zijn heerlijkheid gaan stralend over haar op. En dan staat er: "Want zie, duisternis zal de aarde bedekken en donkerheid de volkeren. Maar over u zal JAHWEH stralend opgaan en Zijn heerlijkheid zal over u gezien worden." Hier zie je precies de situatie die ook in Openbaring 7 geschilderd wordt: de situatie van het zevende zegel, de korte onderbreking. Israël is inmiddels verzameld en hersteld in het land, bij de tempel, bij de troon, in grote rust, verzekerd van Gods heerlijkheid. Terwijl de verschrikkingen over de aarde nog gaan aanbreken, zal JAHWEH over u stralend opgaan en Zijn heerlijkheid zal over u ook gezien worden. Dus we praten hier over concrete, zichtbare fenomenen. Dat zal zich bij dat zevende zegel voordoen, of eigenlijk moet ik het anders zeggen: vanaf het zevende zegel.⟨/p> ⟨p>Het contrast is hier natuurlijk vooral dat terwijl het in Israël licht zal zijn, het voor de natiën, voor de volkeren, donkerheid is. Dat contrast! Maar over u zal JAHWEH stralend opgaan. En dan staat er nog bij: "Natiën zullen opgaan naar uw licht en koningen naar uw stralende opgang." Ook dat is het verhaal, want er zal een schifting ontstaan onder de volkeren; een deel dat namelijk wel wil luisteren naar dat nieuwe Koninkrijk dat daar in Israël gevestigd is, en naar de Koning die eruit is gekomen en die wel degelijk in de gaten heeft: "Dit is van God, hier hebben we naar te luisteren." Dus je krijgt, om het anders te zeggen, schapen en bokken. Dat is Mattheüs 25 dan weer. Alles heeft dan weer te maken met hoe men zich opstelt ten opzichte van het volk van Israël.⟨/p> ⟨p>Nou ja, dat is weer een ander onderwerp, maar het idee is volkomen helder: dat grote contrast tussen Israël en de volkeren op dat moment, het Koninkrijk dat gevestigd wordt. Zie je dat hier eerst een bruggenhoofd — dat is wel een mooie term in dit verband — Israël als bruggenhoofd fungeert om het Koninkrijk op aarde te vestigen? Via dat land en via dat volk gaat het baanbreken over de wereld. Dat is een geweldig Bijbels thema. En ik moet zeggen, ik kan er echt blij van worden om eraan te denken dat God dat zo gaat realiseren. En als we het dan hebben over de bazuinen...⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-9" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="3713" title="Speel af vanaf 01:01:53">▶ 01:01:53⟨/button> ⟨span>De Bazuinen: het Koninkrijk Wordt Uitgebazuind⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>We gaan het nu niet uitgebreid hebben over de bazuinen in hun volgorde en wat er precies gaat gebeuren. Ik zou daar eigenlijk nog wel een avond speciaal aan willen wijden. Ik weet nu nog even niet hoe de precieze indeling voor de komende avonden zal zijn – het zijn er trouwens niet zo gek veel meer. In ieder geval zijn we inmiddels al in maart. Er volgen nog een paar avonden en we kunnen volgend seizoen gewoon weer hiermee verder gaan. We zien wel even.⟨/p> ⟨p>In ieder geval wil ik wel iets zeggen over die bazuinen en over hun aard. Ik heb daar inmiddels natuurlijk al wel het een en ander over gezegd, maar vooral over het begin en het eindpunt ervan. Eerst even dit: Openbaring 8 vers 1. Daar lezen we: "En wanneer hij het zevende zegel opende, kwam er een stilte in de hemel ongeveer een half uur." Daar hebben we het al over gehad, dus dat kan ik nu overslaan. "En ik nam zeven boodschappers waar." Engelen, wordt er in de NBG-vertaling gezegd, maar het zijn zeven boodschappers die voor God stonden. En hen werden zeven bazuinen gegeven.⟨/p> ⟨p>De zegels van de boekrol zijn dus geopend. Dat is nu de situatie: als het zevende zegel is geopend, betekent dit dat de zegels van de boekrol zijn verbroken. Het land is overgedragen aan de Losser en nu zal het Koninkrijk – en dat is een mooi woordgebruik in dit verband – uitgebazuind worden aan de rest van de wereld. Ik vind het woordje 'uitbazuinen' prachtig; het lijkt wel speciaal uitgevonden voor deze tijdsperiode. Het Koninkrijk gaat uitgebazuind worden aan de rest van de wereld. In het land is het Koninkrijk gevestigd, maar nu moet het naar buiten gebracht worden. De boodschap moet naar buiten. Vandaar ook dat die zeven boodschappers de bazuinen waarnemen. En wat doen die? Een boodschap doorgeven. Zij gaan toeteren. Of dat op de ramshoorn is of op de trompet, dat wil ik nu even laten voor wat het is. Het Griekse woord is breed genoeg om beide betekenissen in zich te hebben, dus ik hoef dat onderscheid niet zozeer te maken. Maar u kunt zich voorstellen: als hen dan zeven bazuinen worden gegeven, wat gaat er dan met die zeven bazuinen gebeuren?⟨/p> ⟨p>Laten we een paar dingen op een rijtje zetten. Bazuinen werden geblazen bij verschillende gelegenheden. Ik hoorde zojuist een aantal antwoorden en volgens mij zijn ze sowieso allemaal goed. Ik ben trouwens ook niet volledig in mijn opsomming hier. In ieder geval gebeurde het bij het begin van elke nieuwe maand. Dan werd de bazuin geblazen. Maar vooral bij het nieuwe jaar. Het moment dat de nieuwe maand begint, betekent in de Bijbel ook altijd dat de nieuwe maan zichtbaar wordt. Het is echt een maankalender. Dat kennen wij niet; onze maanden zijn helemaal geen maanden. We noemen het zo, maar dat zijn het niet. Maar goed, als de nieuwe maand dan kwam, dan werd er op de bazuin geblazen. Je leest dat ook in de Psalmen en diverse andere Schriftplaatsen.⟨/p> ⟨p>Vooral als een nieuw jaar aanbrak klonk de bazuin. De eerste dag van het nieuwe jaar heet zelfs zo: de Dag van het Bazuingeschal. Dat is 1 Tishri. Het is een beetje een vreemd verhaal dat dit de eerste dag van de zevende maand is, maar dan heb je weer zo'n verschuiving van een half jaar. Heeft dat nog iets te maken met dat halve uur stilte? Ik herinner me dat ik de vorige keer al zei dat ik daar wel een idee over heb, en dat heb ik nog steeds. Maar ik vind dat er nog te veel losse eindjes zijn om dat echt hard te maken, dus ik ga u niet vermoeien met mijn speculaties. Nee, ik vind het mooi als mensen zeggen: "André Piet vertelt mooie dingen," maar het grootste compliment dat u mij kunt geven, is als u zegt: "Het is hartstikke waar, want het staat er gewoon geschreven." Als het gewoon waar is, is dat prachtig. Ik heb maar één roeping en ik hoef het woord van God niet mooi te maken, want het grote voordeel is dat het van zichzelf al geweldig is. Ik hoef alleen maar te laten zien wat er staat geschreven en dat het solide, onaanvechtbaar en duidelijk is. Maar het neemt niet weg dat het woord van God je wel altijd weer op nieuwe gedachten brengt. Je stelt jezelf de vraag: zou het misschien zo zijn dat de twee kalenders van Israël ineen gaan schuiven? Nu heb ik toch iets gezegd, maar ik heb in ieder geval mijn suggestie genoemd.⟨/p> ⟨p>In ieder geval werd bij de aanvang van het nieuwe jaar de bazuin geblazen. En vooral was dat een heel groots ding bij het begin van het vijftigste jaar, in de zevende maand, op de tiende dag bij de Grote Verzoendag, Jom Kippoer. Dat is het jubeljaar. Het jubeljaar begon direct met jubelen en met het blazen op de ramshoorns en bazuinen. Geweldig! En als we er dan aan denken dat de verschijning van de Heer inderdaad zal samenvallen met het jubeljaar – maar daarover hebben we het al een keertje eerder gehad – dan wordt het natuurlijk allemaal des te sprekender. Want dat is het jaar van de Go'el, de verlossing. Het begin van het vijftigste jaar was dus een moment dat de bazuinen klonken.⟨/p> ⟨p>En weet u wat ook zo boeiend is? Een nieuwe koning. Als een nieuwe koning ging regeren, dan werd dat officieel altijd gerekend vanaf nieuwjaarsdag. We hebben daar in verband met de chronologie al eens uitgebreider bij stilgestaan. Als er een nieuwe koning kwam, werd die termijn zo gerekend. Maar u begrijpt natuurlijk dat wanneer ik deze dingen zo neerzet, het niet 'of-of' is. Want als ik die andere suggestie ook nog even meeneem die ik zojuist hoorde, zoals wanneer de bazuin klonk bij het ten strijde trekken of wanneer het volk bijeengeroepen werd, dan zie je dat het in wezen daar ook allemaal over gaat. Er is een nieuwe koning en het jaar van de verlossing, het jubeljaar, is begonnen. Dat zal de wereld weten; dat moet uitgebazuind worden. En de koning? Wacht maar. Dat wordt eigenlijk tegen al die natiën gezegd: de Koning heeft Zijn Koninkrijk gevestigd hier in het land en de hele wereld wordt Zijn gebied, Zijn domein. Binnen no-time – of laat ik het Bijbels zeggen: binnen één generatie – gaat dat gebeuren. Dat zegt het Woord. En dat gebeurt goedschiks of kwaadschiks, maar het gaat gebeuren. Het is niet een kwestie van: "Wilt u ook uw biljet invullen en rood kleuren als u het ermee eens bent?" Nee, het is gewoon een mededeling.⟨/p> ⟨p>De volkeren worden dus verwittigd van de nieuwe Koning. Laten we even naar Openbaring 11 gaan. Ik sla nu een aantal hoofdstukken over. In hoofdstuk 8 lees je eerst over het zevende zegel – dat was die korte onderbreking. Dan krijg je de vier bazuinen. In Openbaring 9 volgt een heel hoofdstuk waarin de vijfde bazuin beschreven wordt (vers 1 tot 12) en vanaf vers 13 tot en met 21 de zesde bazuin. Dat betekent dat er dan nog één bazuin over is. De Openbaring bestaat uit nogal wat intermezzo's. In Openbaring 11 vers 15 komen we ten slotte bij de zevende bazuin. Dat zou ook nog heel boeiend zijn.⟨/p> ⟨p>Ik zou er een keertje een avond aan willen wijden over hoe dat boek is opgebouwd, de hele indeling. Om het even filmtechnisch te zeggen: met allerlei flashbacks. Want bijvoorbeeld Openbaring 11 is gewoon een flashback; dat is die beschrijving van die twee getuigen gedurende de 42 maanden. Hé, maar dat was toch al? Jawel, maar dat is dus weer een terugblik.⟨/p> ⟨p>Niet zomaar natuurlijk, het is altijd met opzet dat er een bepaald moment wordt gekozen om daar dan weer op terug te blikken. Maar één ding is duidelijk: die zeven bazuinen worden dus geblazen. En de zevende, dat moet dan nog een heel markant moment zijn.⟨/p> ⟨p>Want bij de zevende... Nou, laten we het gewoon lezen. Vers 15: "En de zevende boodschapper, die blaast de bazuin en er geschiedden grote stemmen in de hemel, zeggende: het koninkrijk van de wereld werd van onze Heer en van zijn Christus."⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-10" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="4422" title="Speel af vanaf 01:13:42">▶ 01:13:42⟨/button> ⟨span>De Zevende Bazuin en de Typologie van Jericho⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Eerst even nog dit: die bazuin en dat blazen, dat is een typologische link. Want we lezen in de Bijbel natuurlijk heel wat geschiedenissen van bazuinen, maar die van de val van Jericho is wel een hele fraaie hoor. Waar doet Jericho u aan denken? Nou, ik moet dan in ieder geval denken aan de diepstgelegen stad ter wereld. Het is een stad die zo diep gezonken is. U dacht misschien dat dat Amsterdam was? Nee, dat ligt ook wel beneden Amsterdams Peil hoor, maar Jericho ligt bijna 280 meter beneden de zeespiegel, tegen de Dode Zee aan. Ik bedoel dat natuurlijk ook een beetje typologisch: dicht bij de Dode Zee. Het is een aflopende reeks, net als de Jordaan. Het loopt zo naar beneden en het eindigt in de dood. Het is net de wereld: het eindigt gewoon allemaal in de dood. En daar is dan een stad vlak bij de dood, die heel diep gezonken is, en die heet Jericho.⟨/p> ⟨p>Maar tegelijkertijd is Jericho ook – en iedereen die tot op de dag van vandaag de stad kent en bezoekt, weet dat – vanuit de verte al te herkennen aan zo’n geweldige groene oase. En vooral groen vanwege de palmen, de palmbomen. In de Bijbel wordt het ook bij allerlei gelegenheden gewoon de palmstad genoemd. We hadden het al even over de palm als uitbeelding van de kroon, van koningschap en van overwinning. En ja, dat is ook Jericho. Jericho wordt als diepstgelegen stad het domein van de Koning. Kijk naar de val van Jericho; je vindt dat beschreven in Jozua 6. We kennen natuurlijk allemaal de geschiedenis, want die is zelfs op de zondagsschool al bekend. Wat moest men daar doen? Men moest zeven dagen de stad omtrekken. Israël was inmiddels in het beloofde land aangekomen en men moest vervolgens zeven dagen om de stad heen trekken. Je struikelt daar over het getal zeven: zeven priesters bliezen gedurende het rondtrekken rond de stad op zeven ramshorens. Zeven priesters, zeven ramshorens. Reken maar dat dat een apart gezicht is geweest. Wat die Jerichoïten, of Jerichonunaren, of de palmstatters daarvan dachten? Voor Sodom heb ik een hele mooie term, Sodomieten, maar voor Jericho moeten we er nog eens een keer één bedenken. Maar die zeven priesters gingen dan voorop en ze bliezen op zeven ramshorens.⟨/p> ⟨p>Op de zevende dag moest men zeven keer om de stad. Zo gigantisch groot kan die stad dus nooit geweest zijn; het had absoluut niet de omvang die de stad nu heeft. Maar het was destijds wel echt een stad, want ze was ook echt ommuurd. Dat is tegenwoordig niet meer zo, maar dat is trouwens ook wat eigenlijk een stad maakt: een ommuurde vesting. In ieder geval moest men op de zevende dag zeven keer rondgaan. En dan, als Jozua riep... Jozua, u weet wel, dat is de opvolger. Je hebt eerst Mozes en na Mozes, na de wet, krijg je Jozua. Jozua was degene die hen via de Jordaan, op de derde dag trouwens, het beloofde land had binnengebracht. Die Jozua bedoel ik. En nu weet u nog niet welke Jozua ik bedoel? Ik bedoel natuurlijk de ware Jozua. Als die zegt: "Juich!", dan lees je dat die zeven priesters met hun zeven ramshorens gigantisch gaan tetteren. Dan krijg je een lawaai als een oordeel. En dat is in dit geval dus ook echt zo, want de hele stad viel in. Daar zijn mooie liedjes over gemaakt, maar in ieder geval viel de hele stad in, met uitzondering overigens van het huis van Rachab. Dat huis was veilig.⟨/p> ⟨p>Eigenlijk is dat precies wat hier ook aan de hand is. Uiteindelijk, als er inmiddels zoveel is gebeurd over de wereld en een derde van de zee is omgekomen en een derde van alles wat op aarde leeft is omgekomen en kapotgeschroeid... Een derde van de zeeën? Ja, er is ook een enorme vissterfte. Men maakt zich tegenwoordig zoveel zorgen over de milieuomstandigheden, maar als God de bazuinen laat blazen, dan wordt het echt menens voor het milieu. Dan kan Greenpeace nog helemaal zijn lol op, denk ik dan. En weet u, als al die oordelen hebben plaatsgevonden, dan krijg je de zevende bazuin.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-11" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="4831" title="Speel af vanaf 01:20:31">▶ 01:20:31⟨/button> ⟨span>Het Koninkrijk van de Wereld Wordt van de Heer⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>En eigenlijk is het zo: als de zevende bazuin klinkt, dan is het gebeurd. Het is eigenlijk net als met het zevende zegel. Bij het zevende zegel gebeurt er niets meer; dan is het compleet en is er pauze. En nu, bij de zevende bazuin, is het moment inderdaad aangebroken.⟨/p> ⟨p>Namelijk, en dan klinkt er een geweldige stem, zoals het volk juichte bij de val van Jericho. Zo zal er een enorme menigte van stemmen klinken. En die zegt: "Het koninkrijk van de wereld werd..." – dat is een transitie, hè. Dat werd van onze Heer en van zijn Christus. Dat wil zeggen: het koninkrijk van deze wereld was van de tegenstander, maar nu wordt het hele koninkrijk van deze wereld vervolgens... nu, bij de zevende bazuin, is het inmiddels gerealiseerd: van onze Heer en zijn Christus.⟨/p> ⟨p>En let op: het koninkrijk van de wereld. Bij het zevende zegel was het alleen Israël; daar was het koninkrijk gevestigd. Maar dat koninkrijk zou wereldwijd gevestigd worden. Bij de zevende bazuin is het zover. Dan is de wereld daadwerkelijk concreet het eigendom. Vanaf dat moment is dus heel de wereld onderworpen aan dé Koning. Dat wordt later trouwens ook weer op andere manieren uitgelegd in het boek Openbaring.⟨/p> ⟨p>Het betekent trouwens ook de aanvang van de duizend jaren. Het is het einde van de aeon. Maar daar gaat het nu even niet om; ik wil even bij dit vers blijven. De zevende bazuin markeert de aanvang van het koninkrijk dat wereldwijd zal aanbreken. Ik kan dat niet genoeg benadrukken om dit hele idee van zegels en bazuinen te begrijpen: de zegels hebben te maken met Israël, de bazuinen hebben te maken met de volkerenwereld.⟨/p> ⟨p>Bij het begin van de bazuinen gaat de boodschap uit over de wereld en moet het koninkrijk nog gepredikt worden, maar moet de wereld ook nog daadwerkelijk onder beslag van het koninkrijk komen. Bij de zevende bazuin is het inmiddels zover. Dan is de Heer en de Christus daadwerkelijk Koning, nog steeds in Jeruzalem. Maar inmiddels is die stad Jeruzalem niet alleen maar de hoofdstad van Israël, maar de hoofdstad van de hele wereld geworden. Kijk, dat is het verschil.⟨/p> ⟨p>En het koninkrijk van de wereld werd van onze Heer en van zijn Christus. En Hij zal Koning zijn tot in de aeonen van de aeonen. Wat een transitie, wat een enorme overgang! Nu is heel de wereld inmiddels zover. Bij de zegels was dat eerst alleen nog maar Israël, maar nu de bazuinen allemaal geklonken hebben, is heel de wereld van de enige Rechthebbende, namelijk van onze Heer God en zijn Christus. Dat wil zeggen: zijn Messias, zijn Koning, die Hij gesteld heeft te Jeruzalem.⟨/p> ⟨p>En Hij zal Koning zijn tot in de aeonen van de aeonen, zoals dat zo vaak in de Bijbel wordt beloofd en aangekondigd, nietwaar? Zoals de engel Gabriël dat ook tegen Maria zegt: "En Hij zal Koning zijn over het huis van Jakob." En ook te midden van het huis van Jakob tot in de aeonen, en aan zijn koninkrijk zal geen einde komen. Dat is trouwens nog een groot verschil: Hij zal heersen tot in de aeonen en aan zijn koninkrijk zal geen einde komen. Dat zal Hij namelijk uiteindelijk overdragen aan zijn God en Vader.⟨/p> ⟨p>Kijk, hier begint dus Christus' wereldwijde koninkrijk. Dat is de zevende bazuin. En dat is het grote kenmerk van wanneer de zevende ramshoorn of de zevende trompet – of in ieder geval de zevende bazuin, laten we dat woord dan maar gebruiken – geklonken zal hebben.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-12" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="5125" title="Speel af vanaf 01:25:25">▶ 01:25:25⟨/button> ⟨span>Geen Duizendjarig Rijk, maar Heerschappij tot in de Aionen⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Let op, hier begint niet een duizendjarig rijk. Dat is een theologische term: het duizendjarig rijk. Want dat is niet wat je in de Bijbel vindt. Die duizend jaren die in het boek Openbaring beschreven worden, dat is niet het duizendjarig rijk van Christus. Met excuses aan Johannes de Heer, die dat in Het Zoeklicht altijd wel zo noemde: het duizendjarig rijk. Ik ben een giliast; u ook? Een giliast betekent gewoon iemand die gelooft dat die duizend jaren nog gaan komen.⟨/p> ⟨p>Ja, maar ik geloof niet in een duizendjarig rijk. Waarom niet? Wel, omdat Hij niet voor duizend jaren koning zal zijn. Hij zal koning zijn tot in de aionen van de aionen. Dat zijn de aionen van de aionen. Dat is een overtreffende trap, hè? Het Lied der liederen, het Heilige der heiligen, de Koning der koningen; zo heb je ook de aionen van de aionen. Dat wil zeggen dat dit de aionen zijn die alle aionen overtreffen. En dat zijn er in ieder geval twee. En inderdaad, dat begint met de duizend jaren en uiteindelijk gaat dat ook over in de nieuwe hemel en de nieuwe aarde en dat nieuwe Jeruzalem dat vanuit de hemel zal neerdalen. Dat is nog weer een groter rayon. Het leuke van de Bijbel – nou ja, als ik het zo mag zeggen: het geweldige van de Bijbel – is dat de heerlijkheid van God steeds grootser wordt. Ook het koninkrijk krijgt een steeds grootser en glorieuzer karakter.⟨/p> ⟨p>Maar Hij regeert dus niet voor duizend jaren. Het enige wat – en dat is denk ik wel goed om even scherp te hebben – geteld wordt bij die duizend jaren, is de binding van Satan. Niet de heerschappij van Christus wordt daaraan afgemeten. Trouwens, hier begint Hij ook niet pas te regeren, want Hij regeerde al. Ja feitelijk, Hij begon al met Zijn heerschappij in de hemel, maar dat is op het moment dat onze wegrukking plaatsvindt. Zijn koninkrijk op aarde begint al op het moment dat Hij op aarde zal terugkeren, Israël zal herstellen en zal gaan regeren vanuit Jeruzalem. Hier begint Zijn koninkrijk wereldwijd: het koninkrijk van de wereld is nu geworden van onze Heer en van Zijn Christus.⟨/p> ⟨p>Ja, dus geen duizendjarig rijk. Overigens – maar dat is in dit gezelschap denk ik ten overvloede – het is ook niet zoals de vertalingen u wijsmaken. Want ik heb hier keurig 'tot in de aionen van de aionen' staan; dat is precies namelijk wat er staat. Maar je kunt er bijna vergif op innemen – ik moet uitkijken, ik ben net ziek geweest – dat in de NBG-vertaling staat: 'tot in alle eeuwigheid'. En in de Statenvertaling staat: 'tot in alle eeuwigheden'. In beide gevallen deugt dat natuurlijk niet. Aionen zijn geen eeuwen of eeuwigheden. Aionen zijn wereldtijdperken waar een begin aan is en waar een einde aan komt. God zij dank! We hebben het er gisteren nog over gehad, Menno, in een gesprek over hoe gigantisch belangrijk dat is. Misschien mogen we daar dan toch even mee afsluiten.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-13" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="5361" title="Speel af vanaf 01:29:21">▶ 01:29:21⟨/button> ⟨span>De Betekenis van Aion voor het Reddende Evangelie⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Hoe enorm belangrijk is het dat je dat zicht hebt. Want weet u wat het grote punt is? Als aion eeuwigheid zou zijn, dan is het evangelie geen evangelie meer. Dat staat er op het spel. Dan is namelijk een eeuwige straf een eindeloze straf. Of een eeuwig oordeel, of een oordeel tot in eeuwigheid, is dan een oordeel waar nooit meer een einde aan komt. Weg evangelie! Want het evangelie is nu juist: Hij is de Redder van alle mensen. Het evangelie is zo simpel.⟨/p> ⟨p>Maar op het moment dat aion eeuwigheid is – en dat is precies wat de boze gelukt is: om zelfs onze Bijbelvertalingen zo te vergiftigen. Ik gebruik nu hele grote woorden, maar ik durf er rustig zo mee bezig te zijn. Want dat zorgt ervoor dat mensen verblind worden voor het evangelie van de heerlijkheid. Ze kunnen het niet zien. Want als aion een eeuwigheid is en de mens spreekt van: "ja, opdat ieder die in Hem gelooft, eeuwig leven zal hebben", dan betekent dat dus dat ieder die niet gelooft, geen eeuwig leven heeft. En dat betekent dus dat het nooit meer goed komt. Nou, dan heb je geen evangelie. Dit is zo verschrikkelijk fundamenteel om werkelijk het evangelie, gewoon het goede bericht, te kennen.⟨/p> ⟨p>Dat is niet moeilijk. Ik weet dat sommige mensen zeggen van: "ja, maar dat is hoger onderwijs" of "dat moet je alleen maar...". Weet u wat u moet doen? Op 24 maart moet u naar Garderen komen. Nou ja, u moet natuurlijk niks, maar op 24 maart hebben we een Goed Bericht-conferentie. Een Goed Bericht-conferentie! En dat gaat over de boodschap van de Redder van alle mensen. Wat daarbij op het spel staat en hoe gigantisch belangrijk dat is; we gaan de hele dag daaraan wijden. Menno, mijn persoontje en Gerard Oudijn gaan daarover spreken. Het is zo'n geweldig onderwerp.⟨/p> ⟨p>Wat wilde ik daar nog meer over zeggen? Nou, eigenlijk heb ik volgens mij nu wel ongeveer de belangrijkste dingen daarover gezegd. Trouwens, als u daar naartoe wilt, geef u wel eventjes nog op. Het is volstrekt gratis, zonder kleine letters. Maar geef u wel eventjes op, want dat willen ze graag van het hotel weten. Vandaar. Maar u bent bij dezen van harte uitgenodigd.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-14" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="5527" title="Speel af vanaf 01:32:07">▶ 01:32:07⟨/button> ⟨span>Samenvatting en Afsluiting⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>En lieve mensen, ik hoop dat ik met deze uiteenzettingen van vanavond in ieder geval een paar dingen duidelijk heb gemaakt over het grote verschil tussen Israël en de volkeren. Tussen de zegels en de bazuinen. En ook hoe God via het volk van Israël Zijn koninkrijk wereldwijd baan laat breken en dat ook daadwerkelijk zo gaat realiseren.⟨/p> ⟨p>Hij gaat Zijn koninkrijk beginnen tot in de aeonen van de aeonen, en niet tot in alle eeuwigheid. Nee, want Hij moet heersen totdat. Stel je voor dat een aeon inderdaad een eeuwigheid zou zijn; hoe kan Hij dan heersen "totdat"? Dat bestaat niet. In de theologie komt er geen einde aan de heerschappij van Christus. Vreselijk. Want het geweldige is juist dat er wel een einde aan komt. Waarom? Omdat Hij Zijn heerschappij tot voltooiing brengt. Als namelijk de laatste vijand is tenietgedaan – dat is de dood – weet u wat dat betekent? Dan is er geen dood meer. En weet u wat dat betekent? Dan is alles leven. Hoe simpel kan het zijn? En dan leven allen, en dan wordt God alles in allen.⟨/p> ⟨p>Hij zal heersen tot in de aeonen van de aeonen en dan zal Hij Zijn koninkrijk overdragen aan Zijn God en Vader. Maar ja, dan praten we over nog weer heel wat tijden en wereldtijden verder. Ik stel voor dat we het voor vanavond hierbij laten. Ik zie dat het tegen tienen is, dus de tijd is ook daar. En ik heb ook geen diaatjes meer trouwens. Gespreksstof nog wel, maar geen diaatjes meer. Zullen we het hierbij laten dan?⟨/p>