⟨h3 id="hoofdstuk-1" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="0" title="Speel af vanaf 00:00">▶ 00:00⟨/button> ⟨span>Introductie: de Laatste Bijbelavond van Dit Seizoen⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Dankjewel Wolter voor deze introductie. Een hele goede avond ook vanaf deze plaats. We beleven vanavond de tiende Bijbelavond van dit seizoen, op deze 11 mei. Dat is tevens ook de laatste avond, kan ik inmiddels aankondigen. De vorige keer was dat nog even onzeker, maar het is inderdaad de laatste avond van dit seizoen over dit Bijbelhoofdstuk.⟨/p> ⟨p>Ik ben namelijk benaderd door iemand in Eben-Haëzer of ik de volgende avond – dat zou dan 3 juni zijn, als ik me niet vergis – ook hier een avond zou beleggen. Want als dat niet het geval zou zijn, dan hadden zij daar een andere invulling voor. Ik beschouwde dat als een aanwijzing, omdat ik nog in dubio was van: nou, laten we het inderdaad bij deze tien avonden houden. Dus vandaar.⟨/p> ⟨p>We zijn inmiddels al een heel eind op streek in het 24e hoofdstuk van Matteüs, de tweede Bergrede. We hebben inmiddels al heel wat ontdekt, denk ik zo. Dat heb je als je bij de tiende avond bent aangekomen; als je dat dan allemaal moet gaan samenvatten, dan wordt dat wel heel erg veel. Wat mij een beter idee lijkt nu – net zoals ik dat de vorige keer heb gedaan – is om gewoon nog eens even de laatste verzen te lezen die we met elkaar hebben besproken. We kijken er gewoon nog even aandachtig naar: wat was het ook alweer wat we zagen? Ik zal daarbij links en rechts nog een korte toelichting geven. Laten we gewoon nog eens lezen wat we met name de laatste twee avonden hebben gezien.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-2" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="122" title="Speel af vanaf 02:02">▶ 02:02⟨/button> ⟨span>De Heftigheid van de Komende Overgang Naar een Nieuwe Aion⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Overigens is het goed om vooraf even te zeggen dat ik van een aantal mensen heb vernomen – niet zozeer van de mensen die hier aanwezig zijn, maar van degenen die later via het internet luisteren – dat zij dit heel moeilijk en heftig vinden. En ik begrijp dat heel goed. Sommigen hebben zelfs wat schroom om hier te zijn, want het hakt er wel in als je goed tot je laat doordringen wat de wereld nog allemaal boven het hoofd hangt. De wereld, het Midden-Oosten, Israël. Maar ook als je daarbij denkt aan mensen die je lief zijn, mensen die je kent, familieleden en kinderen. Wat gaat er allemaal nog niet gebeuren? En dat is niet leuk. Ik bedoel, als je het hebt over een goed bericht, een blijde tijding... Je weet: Hij is God, Hij is de Redder van alle mensen. Maar als je specifiek inzoomt op die overgang van deze aion naar de toekomende aion, die hele transitie.⟨/p> ⟨p>Iemand had me trouwens gezegd dat ik dat woord 'transitie' eigenlijk niet zou moeten gebruiken, omdat het een New Age-term is. Toen dacht ik: "Oh, dan ga ik hem juist gebruiken!" Want als er iets is wat er aan gaat komen, dan is het wel een New Age, toch? Dat men die term voor zich claimt, daar heb ik niets mee te maken. Wij gebruiken hem goed, vind ik. Zij zouden het aan ons moeten vragen: "Mogen wij die term ook van jullie lenen?" En dan zeg ik: "Nee." Maar goed, als ze dat dan toch doen, dan is dat hun probleem. We moeten de dingen wel eventjes in de juiste verhouding houden.⟨/p> ⟨p>Maar goed, dit was eventjes een zijpaadje. Die hele overgang van deze aion naar de toekomende aion en alles wat dat met zich meebrengt, is zo heftig. Lees Matteüs 24, dit hoofdstuk. Lees het boek Openbaring over de ruiters, de zegels, de bazuinen en de schalen. Als je je realiseert dat dit realiteit is, of binnen afzienbare tijd wordt – gewoon in de komende decennia gaat dat zijn beslag krijgen – dan begrijp ik de schroom. Dat is, als ik het zo mag zeggen op z'n Aalsmeers, geen kattenpis hoor, wat er gaat gebeuren. Dat is echt zo heftig. Daarom heb ik niets dan begrip voor de schroom die mensen hebben om zich daarmee bezig te houden. Ik denk dat degenen die daar zo op reageren, in ieder geval heel goed aanvoelen hoe serieus dit is. Zij onderkennen de ernst. We hebben het hier niet over schemaatjes of over een theorie in de trant van: "Hoe denk jij over de eindtijd en over de volgorde van de dingen?" Nee, we hebben het over dingen die gewoon zeer aanstaande zijn en die zich zullen gaan voltrekken binnen nu en enkele jaren of enkele decennia.⟨/p> ⟨p>En toch zijn wij zo moedig om hier te zijn. Ik ben trouwens ook blij dat we hier in Rotterdam zijn en niet in Amsterdam, want dan ben ik bang dat de zaal hier niet zo vol zou zitten. De meeste mensen snappen de grap niet eens; dat heeft iets met voetbal te maken. Ja, dat kun je ook gewoon opnemen. Maar zulke overwegingen heb je dan ook. U bent hier in ieder geval gekomen en weet u – en dat is het geweldige – wat er ook gebeurt, dat is een rotsvaste zekerheid die we hebben in het leven. Wat er ook gebeurt. Ik bedoel ook de dingen die er staan te gebeuren waar we het vanavond weer over gaan hebben, maar dat geldt ook gewoon voor je persoonlijke leven of de dingen die je hoort en verneemt, waarover je leest in de media. Wat er ook gebeurt, er is er Eén die het allemaal perfect een plaats geeft. Hij weet wat Hij doet. Hij weet wat Hij doet.⟨/p> ⟨p>En ja, Hij heeft vrede. God heeft de vrede. En de vrede die Hij heeft, de vrede van God, wordt je deel op het moment dat je in lijn bent met Zijn gedachten en met Zijn Woord. Dan ga je het ook in dat perspectief zien. Nou, dat zijn zo even een paar van die overwegingen vooraf.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-3" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="424" title="Speel af vanaf 07:04">▶ 07:04⟨/button> ⟨span>De Verschijning van de Zoon van de Mens en de Verzameling van Israël⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Laten we ter zake komen en ons tot Matteüs 24 wenden. Ik begin te lezen in vers 29: "Onmiddellijk echter na de verdrukking van die dagen..." We hebben al een aantal avonden gewijd aan wat er in die tijd zal gaan plaatsvinden, in die 1260 dagen. "Dan zal de zon verduisterd worden" – zei ik, terwijl net het licht uitging. Jij las dat en dacht: hé, dit is het juiste moment om even het licht uit te doen! "Zal de zon verduisterd worden en de maan zal het lichtschijnsel van haar niet geven. En de sterren zullen vallen vanaf de hemel en de machten van de hemelen zullen geschud worden."⟨/p> ⟨p>Dit gebeurt na de verdrukking van die dagen die verband houden met Israël. En dan zal het teken verschijnen van de Zoon van de mens, de Ben Adam, in de hemel. Dan zullen alle stammen van het land heftig treuren en zij zullen de Zoon van de mens zien. Dit is echt een Israëlitisch gebeuren wat hier beschreven wordt. Trouwens, dat geldt voor heel Matteüs 24. Ook de zaken waar we vanavond nog niet aan toekomen, maar ook in het vervolg van Matteüs 24: het wordt allemaal vanuit het standpunt van Israël bezien.⟨/p> ⟨p>Wat bijvoorbeeld heel opmerkelijk is: er wordt eigenlijk niet of nauwelijks iets gezegd over de tijd tussen het verschijnen van de Zoon van de mens en het aanbreken van die zomer. Dat is nog een hele periode, dat hebben we ook gezien. Ja, dan zal het evangelie van het Koninkrijk gepredikt worden, maar alle oordelen en de gerichten die vervolgens over de volkerenwereld zullen plaatsvinden, zijn niet het onderwerp in Matteüs 24. Dat is heel erg opmerkelijk. Zaken die wel een groot item zijn in het boek Openbaring – de zeven bazuinen, de zeven schalen – spelen in Matteüs 24 geen rol. Ze worden volgens mij zelfs niet eens genoemd.⟨/p> ⟨p>Dan zullen de stammen van het land, de stammen van Israël dus, heftig treuren. En zij zullen de Zoon van de mens zien. Dit is in feite een hele intieme ontmoeting tussen het volk van Israël en haar eigen Messias. Zij zullen Hem zien als degene die zij ooit hebben doorstoken, zoals dat al was voorzegd door Zacharia. Ze zullen de Zoon van de mens zien komen op de wolken van de hemel met macht en veel heerlijkheid.⟨/p> ⟨p>Ik heb het de vorige keer gezegd, en die keer daarvoor misschien ook al, maar ik word niet moe om het te herhalen: wij zullen daar hoe dan ook – ⟨em>some way, somehow⟨/em>, zeggen ze dan – bij zijn. Als Hij verschijnt in heerlijkheid, dan zullen wij daarbij zijn. Dan zullen wij met Hem in heerlijkheid verschijnen. Je kunt natuurlijk zeggen dat het in deze avonden dat we Matteüs 24 hebben besproken eigenlijk nauwelijks over ons gaat, maar op het moment suprême, namelijk als de Zoon van de mens gaat verschijnen, dan weet je: aha, daar zijn wij bij! Daar zijn wij bij. Niet hier op aarde, maar dan komen we vanaf de hemel en zullen we met Hem verschijnen.⟨/p> ⟨p>En Hij, de Zoon van de mens, zal Zijn boodschappers afvaardigen met een boodschap, maar ook om iets te gaan doen. Met groot bazuingeschal zullen zij Zijn uitverkorenen bijeenvergaderen. Het uitverkoren volk van Hem dus; ook zo'n bekend thema in de profetie. Dat Israël verzameld zal worden van alle uiteinden der aarde, of zoals hier staat: vanuit de vier winden. Noord, zuid, oost, west; vanaf de uiteinden van de hemelen tot de andere uiteinden ervan.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-4" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="683" title="Speel af vanaf 11:23">▶ 11:23⟨/button> ⟨span>De Parabel van de Uitspruitende Vijgenboom en het Onbekende Uur⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Leert echter van de vijgenboom de parabel. Daar zijn we de vorige keer mee begonnen: de vijgenboom. Ik heb er toen al aan herinnerd en ik wil het nog een keer zeggen, want het is belangrijk. Kijk naar de vijgenboom die juist die dag zo'n grote rol had gespeeld toen de Heer Jezus op weg was naar Jeruzalem. Hij had toen een vijgenboom vervloekt omdat ze geen vrucht gaf, en die was vervolgens ter plekke verdord. De volgende dag was ze helemaal droog en verdord, van de wortel af aan. Hij had wel veel blad, maar vrucht had hij niet. Wat die ochtend was gebeurd, daar zit een les in, zegt de Heer: een parabel, een gelijkenis.⟨/p> ⟨p>Wanneer de tak van de vijgenboom sappig en zacht wordt en de bladeren uitspruiten, dan weten jullie dat de zomer nabij is. We merkten het zojuist ook op: het is hier nogal warm, het is mooi weer en de zomer komt eraan. Precies zo is het ook hier. Als je dat fenomeen ziet van de vijgenboom die weer bladeren krijgt, dan weten jullie dat de zomer nabij is. En die zomer, dat is het einde van die aion. Want als Israël onderworpen en verzameld zal zijn in het land, dan gaat vervolgens het evangelie van het koninkrijk gepredikt worden over de hele aarde, in de hele bewoonde wereld. En als dat gebeurd is, dan zal het einde komen. Zo ook wanneer jullie al deze dingen vernemen: weet dan dat het nabij is, voor de deuren. Meervoud.⟨/p> ⟨p>Dan weten jullie namelijk, als jullie die vijgenboom zien uitspruiten – en dat is dus niet de oprichting van de staat Israël in 1948 – dat dit het herstel van Israël is. Het moment dat het volk verzameld wordt uit de vier winden, naar de woestijn wordt gebracht en vervolgens in het land terechtkomt. Dat is het nationale, maar ook het geestelijke herstel, want ze zullen tot inzicht komen wie hun Messias is. De bekering van Israël en het herstel van Israël; dat is het uitbotten van die vijgenboom. Als men dat waarneemt, weet men dat het nabij is, voor de deur. Amen, Ik zeg jullie dat deze generatie die dit waarneemt, geenszins voorbij zal gaan totdat al deze dingen geschieden. De hemel en de aarde zullen voorbijgaan, maar Mijn woorden zullen geenszins voorbijgaan.⟨/p> ⟨p>Aangaande die dag en het uur heeft echter niemand informatie; niemand heeft dat waargenomen. Over welke dag heeft Hij het? Hij heeft het over het aanbreken van die zomer, die nabij is als men de vijgenboom ziet uitbotten. Het herstel van Israël en de prediking van het koninkrijk: als men dat ziet, zal het spoedig aanbreken. Maar aangaande die specifieke dag en dat uur heeft niemand iets vernomen. Ook de boodschappers van de hemelen niet – wat wij altijd de engelen noemen – en ook de Zoon niet. We hebben het er in de auto nog over gehad, over deze merkwaardige tekst. Nou ja, merkwaardig... De Heer Jezus was hier een man van pakweg drieëndertig jaar oud. Hij heeft zich Zijn hele leven beziggehouden met de Schriften: met Daniël, met de profeten, met de hele Tenach en de woorden van God. In de boekrol stond over Hem geschreven; Hij had een missie en Hij had dat allemaal gelezen in de Schriften.⟨/p> ⟨p>Als je Matteüs 24 leest, word je er iedere keer weer bij bepaald dat de Heer niets anders doet dan passages uit de Hebreeuwse Bijbel bij elkaar brengen. In geregelde orde vertelt Hij hoe de dingen zijn: over het teken van Zijn aanwezigheid, over de voleinding van deze aion en over het aanbreken van de toekomende aion. Hij wist dat allemaal vanuit de Schrift, maar één ding wist Hij niet. Dat had Hij niet gelezen en niet waargenomen: de dag en het uur van het aanbreken van die zomer. Het gaat hier dus strikt genomen niet over het einde van de verdrukking. Straks weten zij het wel; als die verdrukking begint en die gruwel wordt opgericht... ik weet niet of we het daar de vorige keer al over hebben gehad, maar als dat afgodsbeeld straks in Jeruzalem wordt neergezet, dan is het een kwestie van aftellen. Dan kun je op de dag nauwkeurig rekenen: 1260 dagen. Die dag weten ze dus precies.⟨/p> ⟨p>Maar over die dag heeft de Heer het hier niet; Hij heeft het over het aanbreken van de zomer, de voleinding van de aion. De aion is een wereldtijd. Wanneer deze wereldtijd beëindigd zal zijn voor alle volkeren wereldwijd en de nieuwe aion zal aanvangen. Aan het einde van die verdrukking verschijnt de Heer. Kort gezegd: dan verschijnt de Heer en dan is Israël inmiddels in de nieuwe aion aangekomen, maar de volkenwereld nog niet. Over die tijdspanne zegt de Heer dat het binnen één generatie zal plaatsvinden. De generatie die dat meemaakt, zal het zien, maar de precieze lengte van die tijd – de dag en het uur – is onbekend. De Heer zegt: niemand heeft dat waargenomen, de boodschappers van de hemel niet en ook de Zoon niet. "Ikzelf niet," zei Hij, "Ik weet het niet."⟨/p> ⟨p>Als je vasthoudt aan het idee van de drie-eenheid en dat de Heer Jezus de almachtige en alwetende God is, dan kun je natuurlijk niets met zo'n tekst. Dan moet je dat weer wegredeneren. Maar de Heer was een mens en Hij nam toe – je leest dat in het Lucas-evangelie – Hij nam toe in kennis en wijsheid. Hij heeft dingen geleerd en de Schriften onderzocht, en zo nam Hij toe. Hij was niet alwetend; Hij was de Zoon van de alwetende God, dat is iets heel anders. Maar goed, ook de Zoon wist het niet; Hij zegt: "De Vader alleen."⟨/p> ⟨p>Dat is wat we tot dusver hebben gezien. Ik stel voor dat we... oh, nog even, zal ik dit plaatje laten zien? Het is een iets gewijzigde versie van wat ik de vorige keer liet zien. Je krijgt dus de verduistering van zon en maan aan het einde van de verdrukking van Israël, aan het einde van die 1260 dagen. Dan zal de Zoon van de mens, de Ben Adam, verschijnen. Vervolgens zal het uitverkoren volk verzameld worden; alle stammen zullen wereldwijd naar het land gebracht worden. Dat is ook het uitbotten van de vijgenboom, oftewel het nationale herstel van Israël. Op het moment dat dat gezien wordt, dan weten ze: binnen één generatie tijd zal de zomer aanbreken.⟨/p> ⟨p>De verschijning zal zijn na een heel specifiek aantal dagen, maar het aanbreken van de zomer vindt plaats binnen één generatie. De precieze lengte daarvan wordt niet gegeven en kon de Heer in Zijn dagen ook niet vertellen. "Ook de Zoon weet dat niet." Dus bij alles wat Hij naar voren brengt vanaf de Olijfberg, zegt Hij over dit specifieke punt: "Dat is iets wat Ik niet heb waargenomen." Letterlijk zegt Hij: "Ik heb het niet waargenomen, Ik heb het niet gelezen in de Schrift." De "bedenking van genade" zou ik het niet willen noemen, want dat is die huishouding van genade waar Paulus over spreekt; dat is van een andere orde. Maar op het moment dat de zomer aanbreekt en alle volkeren inmiddels in kennis gebracht zijn met het evangelie van het koninkrijk, dan breekt een nieuwe aion aan. Dat is de voleinding van de aion. In feite is dat hier nog niet het geval; hier is Israël in het vrederijk gekomen onder de heerschappij van de Messias, maar de volkenwereld nog niet. En dat is waar het hier over gaat. Dat onderscheid loopt als een rode draad door deze tien avonden.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-5" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="1309" title="Speel af vanaf 21:49">▶ 21:49⟨/button> ⟨span>Zoals in de Dagen van Noach: de Aanwezigheid (parousia) van de Zoon van de Mens⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Want we beginnen nu te lezen in vers 37. Misschien dat we wat meters kunnen afleggen. We komen waarschijnlijk niet bij vers 51, dat lijkt me wat te optimistisch, maar goed, we zullen zien. De Heer legt hier uit waarom men die dag en dat uur niet heeft waargenomen. Want, zo zegt Hij, zoals de dagen van Noach waren, zo zal de aanwezigheid van de Zoon van de Mens zijn. De aanwezigheid, of zo u wilt de parousia; dat is het Griekse woord daarvoor. Het woord parousia betekent simpelweg aanwezigheid. U ziet dat ook in de interlineair. Je hebt ook het woordje apousia, wat afwezigheid betekent.⟨/p> ⟨p>Ik vind deze weergave van groot belang. Want als u de NBG leest, dan staat hier het woord 'komst'. Bij 'komst' is dat een wat misleidend woord. Ik zeg niet dat ik er mordicus op tegen ben, maar het kan iemand gemakkelijk op het verkeerde been zetten, omdat je dan dikwijls aan één enkel moment denkt. Dat is niet altijd zo; we hebben het vaak over de 'eerste komst' van Christus en dan bedoelen we meestal ook niet alleen het moment dat Hij geboren werd in Bethlehem, maar Zijn hele eerste verblijf hier op aarde. In die zin heb ik er geen moeite mee, maar meestal denken we bij een komst aan het moment van aankomen. Dat is hier in ieder geval niet de gedachte. Het is niet Zijn aankomst, het is Zijn aanwezigheid. Dat is wat het woord betekent en in die zin is de Statenvertaling iets beter, want die geeft het weer met 'toekomst'. Dat laat inderdaad veel meer ruimte voor een tijdsperiode. Maar waarom zouden we niet gewoon weergeven wat het echt betekent? Dat is onomstreden en in dit geval ook heel logisch, want de Heer maakt een vergelijking met de dagen van Noach.⟨/p> ⟨p>De dagen van Noach, de tijd dat Noach hier op aarde was, dat was een hele lange periode. Misschien doelt de Heer hier niet eens zozeer op het hele leven van Noach, maar meer op de dagen dat hij predikte aan de wereld, de ark in gereedheid bracht en de dagen dat de overstroming over deze aarde ging. Dat waren de dagen van Noach. Welnu, zoals die dagen waren, zo zal de aanwezigheid van de Zoon van de Mens zijn. Dat is een periode. De Zoon van de Mens zal dan namelijk al aanwezig zijn op aarde; Hij zal Zijn zetel hebben ingenomen in Jeruzalem. De wereld is dan nog niet onderworpen, maar het evangelie van het Koninkrijk gaat wel wereldwijd. Er gaan ook gerichten over de aarde. Dat is, zoals gezegd, niet zozeer het hoofdonderwerp van Matteüs 24, maar niettemin is het de periode waarin de vijgenboom aan het uitbotten is, terwijl de zomer nog niet is aangebroken.⟨/p> ⟨p>Zoals de dagen van Noach waren, zo zal de aanwezigheid van de Zoon van de Mens, de Ben Adam, zijn. Want, zo legt Hij uit, zoals zij waren in de dagen voor de overstroming – de zondvloed, zoals we dat meestal noemen. Ik weet trouwens, het woordje 'zondvloed' is wel even aardig om te vermelden. Je zou denken dat het te maken heeft met zonde, een vloed vanwege de zonde van de mens, maar dat is niet waar. Het woord zondvloed is oud-Nederlands en dat woord 'zond' betekent 'grote'. Het is dus een grote vloed. De hele mensheid kwam er immers in om, al wat leeft.⟨/p> ⟨p>In die dagen voor de overstroming waren zij aan het kauwen en drinken. Ja, ik heb het maar even zo gelaten. Het woord eten is weer iets anders; het woord dat hier gebruikt wordt, betekent echt 'kauwen'. Wij zeggen dat in het Nederlands op een iets andere manier, maar ik dacht: laat ik het zo staan. Het rijmt ook nog op trouwende, maar dat is een argument dat er helemaal niet toe doet. Ze waren dus aan het kauwen en drinken, trouwende en ten huwelijk gevende. Dat zijn allemaal volstrekt onschuldige dingen natuurlijk. Dat is gewoon de mens: hij eet, drinkt, trouwt en geeft weer uit ten huwelijk. Het is de hele dagelijkse maalstroom van de dingen. Zo ging dat in de dagen voor de overstroming, tot op de dag waarop Noach de ark binnenging. Toen ineens hield het allemaal op.⟨/p> ⟨p>Er staat in vers 39 dat zij niets wisten, tot op de dag dat Noach de ark binnenging. En eigenlijk wisten ze toen nog steeds niets. Het viel waarschijnlijk niet eens op dat hij de ark was binnengegaan. Ze hadden immers toch al geen aandacht geschonken aan wat hij verteld had. Die man die daar midden op het droge een gigantische boot zit te bouwen, die is gek, dachten ze. Zij wisten niets totdat de overstroming kwam en allen wegnam. Over heftige dingen gesproken: allen wegnam. En dan staat erbij: "Zo zal ook de aanwezigheid zijn van de Zoon van de Mens." Juist zo. Dus tijdens de aanwezigheid van de Ben Adam zal er een wegneming zijn, precies zoals in de dagen van Noach. Dat wegnemen is essentieel. De dagen van de Zoon van de Mens zullen uiteindelijk, net zoals de dagen van Noach eindigden in de overstroming, resulteren in het wegnemen.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-6" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="1757" title="Speel af vanaf 29:17">▶ 29:17⟨/button> ⟨span>De Volleinding van de Aion: Verwijdering van het Onkruid en uit het Sleepnet⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>En nou moeten we eventjes terug gaan bladeren naar Matteüs 13. In Matteüs 13 vind je een zevental gelijkenissen, allemaal over het koninkrijk van de hemelen. Dat is geen koninkrijk in de hemel, ook niet zoals de... hoe heet die vertaling ook weer van de Rooms-Katholieken in het Nederlands? De Willibrord, ja. Die vertalen dat geloof ik met het hemelrijk. En die denken dan aan een rijk in de hemel. Het koninkrijk van de hemelen is het rijk dat vanuit de hemel komt en ook geregeerd... een rijk hier op aarde, maar geregeerd zal worden en afkomstig zal zijn uit de hemel. Enfin, daar worden gelijkenissen over uitgesproken. Ook dat het koninkrijk een geruime tijd verborgen zou zijn.⟨/p> ⟨p>En dan lees je, en nou haak ik aan in vers 40: "Zoals nu het..." — dit is eventjes voor de goede orde, dit is de gelijkenis van de aren en dat onkruid, dat dolik dat leek op graan, maar dat was het net niet; het was gewoon nep, nepgraan. Maar er komt een moment van de oogst en dan staat er: "zoals nu het onkruid verzameld wordt en met vuur verbrand", zo gaat dat. Want onkruid daar heb je niks aan, dat wordt verbrand. Zo zal het gaan, en nou komt het: in de voleinding van de aeon. Exact dezelfde term die ook in Matteüs 24 gebezigd wordt. De voleinding, het einde van deze aeon. En wat gebeurt er dan? De Zoon van de mens — heb je het weer — zal zijn engelen, zijn boodschappers uitzenden. En zij zullen uit zijn koninkrijk verzamelen al de valstrikken en hen die de wetteloosheid bedrijven. En ze zullen hen in de vurige oven werpen, en daar zal het geween zijn en het tandengeknars. Dan zullen de rechtvaardigen stralen als de zon in het koninkrijk van hun Vader.⟨/p> ⟨p>Als je natuurlijk geen zicht hebt op het evangelie en over wie God is en hoe Hij alle dingen tot een goed einde gaat brengen, dan kun je dit misschien niet met droge ogen lezen. Maar goed, wij weten — daar ga ik even gemakshalve vanuit hoe het zit. We weten dat God in fases alles uitwerkt en dat Zijn heilsplan allesomvattend is. Maar we hebben het nu ook niet over de voleinding van de eeuwen en als alle wereldtijdperken tot een afsluiting zullen komen. We hebben het nu over de voleinding van deze aeon, wanneer er dus een nieuwe aeon gaat aanbreken. En wat gebeurt er dan? Wel, in die voleinding zullen de valstrikken en zij die de wetteloosheid bedrijven, verzameld worden uit het koninkrijk. Kijk, dat koninkrijk wordt op aarde gevestigd. En alle elementen die daar niet in thuis horen, die worden verwijderd. En zoals dat gaat met onkruid: dat wordt verbrand en in de vurige oven geworpen.⟨/p> ⟨p>Nou, en wat blijft er dan over? Zoals dat er in vers 43 staat: "dan zullen de rechtvaardigen stralen als de zon in het koninkrijk van hun Vader." Het koninkrijk zal dan op aarde gevestigd zijn. Alle elementen die daar niet in thuis horen, zullen eruit verwijderd zijn. Nou, en dat gaat niet alleen over de Joden. Dat gaat over de voleinding van de aeon waarbij heel de wereld... maar dat koninkrijk wordt op aarde gevestigd. Ja, maar het gaat niet alleen over Joden. Hij gaat Zijn koninkrijk wereldwijd vestigen en bij de voleinding van de aeon dan zal het koninkrijk — we hebben dat trouwens de vorige keer in Openbaring 11 gezien — als deze aeon beëindigd wordt, dan zal het koninkrijk wereldwijd over alle volkeren gevestigd zijn. Dus de voleinding van de aeon valt samen — ik heb er inmiddels diverse schriftplaatsen daar ook voor aangereikt — de voleinding van de aeon valt samen met de vestiging van het koninkrijk wereldwijd. En alles wat daar niet in thuis hoort, wordt verwijderd.⟨/p> ⟨p>En ik zal nog een voorbeeld geven. Want uit die gelijkenissen... dan zegt de Heer in vers 47 van Matteüs 13: "Evenzo is het koninkrijk van de hemelen gelijk aan een sleepnet." Een andere vergelijking. Niet in vergelijking met een oogst; nee, nu wordt het vergeleken met een sleepnet. Daar zit heel veel aan vast, veel meer dan ik nu vanavond even zo kan aanstippen. Het gaat me eventjes over wat er gezegd wordt met het oog op die voleinding van de aeon. Dan staat er dit: "Het koninkrijk van de hemelen is gelijk aan een sleepnet neergelaten in de zee, dat allerlei bijeenbrengt." En wanneer het vol is, dan haalt men het op de oever. Waar trouwens ook het zand der zee is — dat is wel weer een beeld van Israël. Maar goed, dan haalt men het op de oever en zet zich neer en verzamelt het goede in vaten. Maar het ondeugdelijke werpt men weg. Ja, wat doe je als visser? Alleen vis is interessant. En als er schoenen en plastic, weet je wel, wat voor troep er ook is... weet je wel: weg ermee. Het is allemaal troep, dat heb je niet nodig. Maar wat gebeurt er? Het goede wordt verzameld en dat andere, dat ondeugdelijke, wordt weggeworpen.⟨/p> ⟨p>Zo — let op, eigenlijk dezelfde gedachte als wat ik zojuist las uit die andere gelijkenis — zo zal het gaan in de voleinding van de aeon. De engelen zullen uitgaan om de bozen uit het midden van de rechtvaardigen af te zonderen. Leest u wat hier staat? Niet de rechtvaardigen worden afgezonderd uit het midden van de onrechtvaardigen. Nee, die rechtvaardigen worden gewoon gelaten. Die blijven in dat koninkrijk. Die blijven op aarde. Die gaan die nieuwe aeon hier op aarde beleven. En de rest wordt verwijderd en komt om. Net als in de dagen van Noach. Noach en de zijnen, die bleven over. En die gingen de 'New Age' in. Ja, toen brak er ook een nieuwe aeon aan trouwens, een heel nieuw wereldtijdperk. En de rest was omgekomen, was weggenomen. Die bleef niet op aarde. En dat is hoe het zal gaan in de voleinding van de aeon.⟨/p> ⟨p>Wat nu vooral mijn punt is, is dat we het nu dus hebben over zowel Matteüs 24 als Matteüs 13. Het gaat over het aanbreken van de zomer, oftewel de voleinding van deze aeon als het koninkrijk wereldwijd gevestigd zal zijn. Wat gebeurt er dan? De rechtvaardigen zullen blijven, overblijven, zoals in de dagen bij Noach. En de rest zal worden weggenomen, zal worden uit... hoe staat het hier? "Uit het midden van de rechtvaardigen afgezonderd." Of hoe lazen we dat elders? "Zullen uit Zijn koninkrijk verzameld worden." Waarom? Om verwijderd te worden. Die gaan dus die nieuwe aeon, dat koninkrijkje dat hier op aarde gevestigd zal worden, niet meemaken en komen om en sterven dus en zijn dan dood.⟨/p> ⟨p>Maar nou natuurlijk, dat is niet het einde, daar gaat het nu even niet om. Ik ga er eigenlijk ook gemakshalve van uit dat we dat weten. Je moet eerst het evangelie natuurlijk wel kennen om deze dingen te lezen. Dat is misschien wel belangrijk om dat toch even erbij te zetten: je moet eerst het evangelie kennen. Zeker ook wij; ik bedoel, we houden ons nu ook tien avonden lang bezig met het Matteüs-evangelie waarin de Heer Zich richt tot Israël. Eigenlijk ook dingen die niet direct aan ons gericht zijn. Natuurlijk, het is de Schrift en wij houden ons ermee bezig. Al de Schrift is ons gegeven en nuttig om te onderwijzen enzovoorts. Ja, maar het is niet direct aan ons gericht. Het is wel van belang dat als wij zulke dingen lezen, dat je eerst ook werkelijk het evangelie kent dat voor jou bestemd is. Anders begrijp je er echt helemaal geen bal van. En trek je de dingen ook volkomen uit hun verband en krom, zoals bijvoorbeeld ook met deze dingen gedaan is. Dan denkt men hier echt aan... nou ja, laat ik het laatste vers dan maar lezen: "En ze zullen hen in de vurige oven werpen. Daar zal het geween zijn en het tandengeknars." Dat is dan de eeuwigdurende hel. Dat is het "goede bericht", zegt men al.⟨/p> ⟨p>De barbecue, ja, dat is afschuwelijk als je denkt dat dit het eindstation is. Sorry, dan zeg ik — nu ga ik even heel scherp zijn — als je denkt dat dit het eindstation is, dan ken je de gelijkenis nog niet. Je hebt misschien heel veel Bijbelkennis of heel veel data, maar je kent de essentie van de Schrift niet. En de blijde boodschap die voor ons bestemd is en die nu trouwens ook geproclameerd zou worden, die boodschap van de apostel Paulus over de Redder van alle mensen en de verzoening der wereld, dat moet je eerst weten. Als je dat niet weet, houd dan alsjeblieft op. Dan denk ik: ga je dan ook niet bezighouden met geschriften die niet voor jou bedoeld zijn. Ga eerst je huiswerk maar eens overdoen. Begin eerst nog maar eens een keer bij hoofdstuk 1. Als je dat niet kent, dan is het gewoon ongepast om andere dingen tot je te nemen.⟨/p> ⟨p>Dit is uiteraard niet het einde, het echte einde. Het is het einde van de aeon! Ja, maar als je denkt dat dit een eeuwigheid is, dan ben je verblind. Dan snap je de eeuwigheden niet. Kun je gewoon de eeuwigheden niet snappen? Ja, dat moet ik erbij zeggen. Dat is een bijsluiter, ja. Nu pas snap ik hem. Dat is de bijsluiter.⟨/p> ⟨p>Goed. Ik heb deze gelijkenissen er even bijgenomen omdat daar gesproken wordt over de voleinding van de aeon en over het feit dat alle ondeugdelijke elementen worden verwijderd. Net als in de dagen van Noach. Dat is de lijn van het betoog. Nou, en dan lezen we weer verder, want het zijn echt verrassende dingen. Echt verrassende dingen.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-7" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="2500" title="Speel af vanaf 41:40">▶ 41:40⟨/button> ⟨span>Eén Wordt Weggenomen in het Oordeel, de Ander Wordt Gelaten⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Dan zullen er twee... dan, in het einde van die aeon, zullen er twee in het veld zijn. Eén wordt meegenomen en één wordt gelaten. Ja, als u nu in de NBG-vertaling kijkt, leest u: 'Eén wordt aangenomen en de ander wordt achtergelaten.' En dan ben je niet alleen de tekst kwijt, maar je wordt dan meteen ook op het verkeerde been gezet door de woordkeuze. 'Eén wordt aangenomen', dat klinkt positief.⟨/p> ⟨p>Oh, ik weet het nog heel goed. Dat is al een tijd geleden dat ik ooit de film 'Left Behind' heb gezien. Nee, niet 'Left Behind', het was een film uit de jaren zeventig. Ik weet de titel even niet meer... Ja, 'A Thief in the Night'. Dat was hem. En ik weet nog heel goed... kijk, ik ga het u niet aandoen, maar ik weet nog precies dat liedje wat er gezongen werd. Ik zou het zo kunnen zingen. Het had een hele mooie melodie. Maar dat even... nee, ik zal het u niet aandoen, want die melodie zit zo in je hoofd. Nee, dat doe ik niet.⟨/p> ⟨p>Maar dan lees je ook... dan zie je in die film iemand achter zijn grasmaaier aanlopen en ineens schijnt het zonnetje. Ineens zie je die elektrische grasmaaier doorgaan, maar er loopt niemand meer achter. En dan wordt deze tekst erbij vermeld: 'Dan zullen er twee in het veld zijn. Eén wordt aangenomen.' En dat is dan de 'rapture', de wegrukking, de opname van de gemeente. Allemaal misverstanden door een tijdsverschuiving, maar dat is totaal niet de gedachte. Het gaat hier niet over de wegrukking van de gemeente; dat is absoluut niet aan de orde. Het is zelfs omgekeerd.⟨/p> ⟨p>Dan zullen er twee in het veld zijn. Eén wordt niet aangenomen, één wordt meegenomen. Hetzelfde woord komen we een paar hoofdstukken later in Matteüs 27 exact tegen: ⟨em>paralambano⟨/em>. En dan wordt het inderdaad vertaald met 'meenemen'. Toen namen de soldaten van de stadhouder Jezus mee naar het gerechtsgebouw. Meenemen, niet aannemen. Nee, meenemen. Meenemen door wat? Ja, als je weet waar het over gaat... het ging over de dagen van Noach, weet u wel? En toen werden er ook mensen meegenomen of weggenomen. Nee, niet aangenomen; ze worden weggenomen en daarmee dus ook meegenomen in het oordeel. Daar gaat het over.⟨/p> ⟨p>Dan zullen er twee in het veld zijn; één wordt meegenomen en één wordt gelaten. Nou ja, wij... ik bedoel, wij die horen... als je mag horen tot de Ecclesia, het lichaam van Christus, dan zijn wij al weg voordat het afgodsbeeld daar in Jeruzalem neergezet wordt. Dus wij zijn hier sowieso niet in de picture. Maar als je nu vraagt wat positief en wat negatief is... men denkt altijd dat degene die aangenomen wordt positief is. Nee, die wordt meegenomen, die wordt weggenomen. En degene die gelaten wordt, dat is juist positief. Die wordt namelijk achtergelaten.⟨/p> ⟨p>Achtergelaten... op zich heb ik daar geen moeite mee. Wordt gelaten... ja, met rust laten. Dat is leuk, het wordt namelijk ook heel dikwijls vertaald met 'vergeven'. Maar eigenlijk is vergeven ook niks anders dan met rust laten. Misschien is dat niet direct de associatie die u maakt bij dit woord, maar in de Bijbelse gedachte speelt het woordje 'vanaf' een rol. En 'laten'. Je laat af. Dan begrijp ik ineens het woord 'aflaten' ook. Nou ja, dat zeg ik niet als grapje. Wel op het juiste moment legde hij het neer. Nee, het is met rust gelaten worden. Iets wordt je niet aangerekend. Je wordt gelaten, met rust gelaten.⟨/p> ⟨p>Zo gaat het in het einde van de aeon, zoals in de dagen van Noach, toen de vloed kwam en allen wegnam. Dan zullen er twee in het veld zijn; één wordt meegenomen en één wordt gelaten. Achtergelaten, met rust gelaten. En die blijft hier op aarde achter, namelijk om de nieuwe aeon mee te maken. Die hier gelaten wordt, dat zijn — om even in de termen van de dagen van Noach te spreken — degenen die in de ark zaten. Die werden gelaten en gingen zo de nieuwe wereld binnen.⟨/p> ⟨p>Omdat... ja, over aantallen heb ik het niet. Hoeveel zullen dat er zijn? Dat is een goede. Kijk, dat is hier ook niet het onderwerp, dus daar kan ik me nu gemakkelijk van afmaken. Maar vergis je niet in verband met de verzameling van Israël. Ook al zal er een enorme slachting plaatsvinden, toch lees je wanneer dat verzameld is over een grote drom mensen, een grote schare ook die verzameld zal worden. En ook dan zal het evangelie van het koninkrijk over de hele wereld gepredikt worden. Dat gebeurt natuurlijk niet voor niets; dat zal een oogst met zich meebrengen. En hoe die verhoudingen precies zullen zijn van wie wordt meegenomen in het oordeel en wie zullen worden achtergelaten... kijk, als je denkt in de termen van de dagen van Noach, dan kan ik me voorstellen dat je zegt: 'Nou, dat zullen er niet veel zijn.' Dat lijkt me een heel veilig aanknopingspunt.⟨/p> ⟨p>Want zoals de Heer het hier neerzet, is het inderdaad 50/50. Eén wordt meegenomen door het oordeel en één wordt gelaten en gaat inderdaad de nieuwe aeon in. Of twee vrouwen zijn aan het malen... Ja, toen ik daarmee bezig was... hoe zeg ik dat nou netjes? Twee vrouwen zijn aan het malen, daar maalt toch niemand om? In de molensteen... nee, ze worden niet gemalen. Ze staan trouwens in de actieve vorm, niet passief. Ze worden niet gemalen in de molensteen. Ik heb het expres weergegeven zoals het ook in de grondtekst staat: twee vrouwen malende in de molensteen. Zie je? In de molensteen. En daarom begin ik een beetje begrip te krijgen voor de NBG-vertalers die hebben gezegd: 'Zullen aan het malen zijn met de molen.' Want daar komt het dan toch op neer. Dat moet ik er eerlijkheidshalve dan toch wel aan toevoegen. Nou, het gaat even om de gedachte. Twee vrouwen zijn aan het malen in de molensteen; één wordt meegenomen — een herhaling van wat we zojuist zagen met die twee in het veld — één wordt meegenomen en één wordt gelaten, met rust gelaten. Die blijft dus op aarde waar de nieuwe aeon aanbreekt.⟨/p> ⟨p>Nou, en dan begint vers 42. Maar ik stel voor dat we eerst even gaan pauzeren, want in vers 42 vangt inderdaad een nieuwe passage aan. Ik stel voor dat we dat straks na de pauze zullen gaan bespreken.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-8" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="3043" title="Speel af vanaf 50:43">▶ 50:43⟨/button> ⟨span>Hervatting Na de Pauze: Rechtvaardigen Blijven over in de Nieuwe Aion⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Goed, vrienden, laten wij weer verder gaan. Er is zojuist nog even gevraagd of we straks na het zomerseizoen de draad weer gaan oppakken. Dat denk ik wel, ja. Het algehele thema was de tweede Bergrede, Matteüs 24 en 25. Over Matteüs 25 heb ik nog niet veel gezegd, laten we eerlijk zijn. In september, als de 'r' weer in de maand zit, lijkt me dat het meest voor de hand liggend. Ik heb daar nog niet echt heel uitgesproken mijn gedachten over laten gaan, maar er is nog zoveel over te melden, dus ik denk dat we dat maar zo zullen gaan doen.⟨/p> ⟨p>Matteüs 24 hebben we behoorlijk afgerond, al moeten we nu nog een aantal verzen gaan bespreken. Nog even voor de goede orde: voor de pauze kwam al even ter sprake dat Matteüs 24 vooral vanuit een Israëlitisch gezichtspunt wordt bezien. Het gaat over degenen die in Judea zijn; het is allemaal een Israëlitisch gebeuren vanuit dat perspectief. Ik moet er wel bij zeggen dat als Israël eenmaal verzameld is – we hebben dat al veel eerder gezien – vervolgens het evangelie van het koninkrijk gepredikt zal worden in de hele bewoonde wereld. Daar zullen mensen acht op slaan en dat gelovig aannemen, en daardoor een rechtvaardige worden. Er zullen ook mensen zijn die dat afwijzen. In welke verhoudingen dat zal zijn, weten we niet, maar laten we bij dezen unaniem besluiten om even 'vijftig-vijftig' te zeggen.⟨/p> ⟨p>Waar het vooral om ging in Matteüs 24 – in de pauze is dat ook nog even aan de orde geweest – is dat wanneer Israël hersteld is, het evangelie van het koninkrijk gepredikt gaat worden. Dat is het uitbotten van die vijgeboom in aanloop naar de zomer. Het enige wat we weten over die periode, is dat het in één generatie zal zijn. Voor de rest wordt daar niets over vermeld. Wel wordt het einde gemarkeerd, namelijk dat er, net als in de dagen van Noach, een wegname zal zijn. Allen werden weggenomen in de dagen van Noach: alle onrechtvaardigen. Welnu, zo zal het in de tegenwoordigheid van de Zoon van de mens ook zijn. Dan worden de onrechtvaardigen uit het koninkrijk weggenomen. Dat duidt inderdaad op een plotseling gebeuren. Twee zullen op het veld zijn: één wordt weggenomen, de ander gelaten. Twee vrouwen zijn aan het malen bij de molensteen: één wordt weggenomen en de ander wordt gelaten.⟨/p> ⟨p>Dat is het einde van de aeon. Dan zal het evangelie inmiddels gepredikt zijn over de hele wereld en vindt er een selectie plaats. Dit betekent trouwens ook dat bij de voleinding van de aeon – of anders gezegd: bij het aanbreken van de nieuwe aeon – er in de aanvang uitsluitend rechtvaardigen op aarde zullen zijn. We hebben dat al eerder gezien bij Israël: alleen een gelovig Israël zal in het land arriveren. Uiteindelijk is dat bij de voleinding van de aeon wereldwijd het geval. Dan zullen er uitsluitend rechtvaardigen overblijven; gelovige volkeren zullen uiteindelijk overblijven. Dat zijn mensen in een aards lichaam, een sterfelijk lichaam.⟨/p> ⟨p>Dan breekt natuurlijk wel een hele nieuwe tijd aan. De mensen zullen leeftijden krijgen als van de bomen. We weten uit het boek Openbaring dat het een millennium zal zijn, duizend jaar, tien eeuwen waarin ook Satan gebonden zal worden. Maar dat zal ook een tijd zijn waarin weer nieuwe generaties zullen komen. In de aanvang zal het dus zo zijn dat er slechts rechtvaardigen op aarde gevonden worden, en de onrechtvaardigen zullen weggenomen zijn. Maar in de nieuwe generaties zullen er natuurlijk ook weer andere mensen komen, en ook ongeloof. Je leest ook over gerichten die zullen plaatsvinden over degenen die niet willen luisteren. Er zal een streng regime zijn. Rechtvaardig, een verademing na millennia van zoveel onrecht, maar het zal wel streng zijn: een lik-op-stukbeleid. Ik houd niet zo van het woordje 'dictatuur', want dat suggereert alsof er geen vrijheid zal zijn, maar het is wel een alleenheerschappij. In ieder geval een volstrekt hiërarchische heerschappij; het zal absoluut geen democratie zijn.⟨/p> ⟨p>In onze dagen zijn er natuurlijk ook, zoals al eeuwenlang, allerlei anticipaties op geweest. Op voorhand zijn die echter gedoemd te mislukken. Dan heb ik het over theocratische vooruitgrijpen om een theocratie op aarde te vestigen. Dat is altijd een drama geworden. De laatste varianten kennen we maar al te goed en die komen uit de moslimwereld, maar het is allemaal theocratisch vooruitgrijpen. Maar dan? Dan wordt het een andere koek. Goed.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-9" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="3445" title="Speel af vanaf 57:25">▶ 57:25⟨/button> ⟨span>Waakzaamheid Vereist: Weten in Welke Nachtwake We Leven⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>We gaan nu verder bij vers 42. Ik heb even geen Bijbel bij me, die ben ik vergeten mee te nemen, maar goed. Dan vangt inderdaad een nieuwe passage aan, een nieuw perikoop of een nieuwe alinea moet ik eigenlijk zeggen, waarbij de Heer een conclusie trekt uit al het voorafgaande. Hij zegt: "Waakt dan." En dat "waakt dan" sluit aan als de conclusie uit alles wat tot dusver is gezegd. "Want", zegt Hij dan, "jullie hebben niet waargenomen op welke dag de Heer van jullie komt." In de NBG-vertaling staat dan: "Jullie weten niets", en meestal concludeert men daar ook uit dat jullie het ook nooit kunnen weten. Maar dat staat er niet. Hij zegt: "Jullie hebben niet waargenomen", in het perfectum. Jullie hebben niet waargenomen. Dat wisten we trouwens, want de Heer Jezus had zojuist al gezegd dat zelfs de Zoon van de mens dat niet weet, of liever gezegd: het niet heeft waargenomen. Dit is dus ook geen verwijt.⟨/p> ⟨p>"Waakt dan, want jullie hebben niet waargenomen op welke dag de Heer van jullie komt." Hier is trouwens inderdaad geen sprake van zijn aanwezigheid, van zijn parousia, maar gewoon dat Hij zal komen, ongeacht bij welke specifieke gelegenheid. Hij zegt: "Jullie weten dat nu nog niet, jullie hebben dat nu nog niet waargenomen." Dat is geen verwijt, dat is gewoon een vaststelling en juist daarom: waak! Wees wakker, wees alert, zorg ervoor dat je niet inslaapt. Dat is trouwens een thema wat we in Matteüs 25 weer tegen zullen komen en u kent de geschiedenis van die tien maagden natuurlijk. Dat is het eerste gedeelte van Matteüs 25, waarbij het waken ook zo belangrijk is. Wakker zijn, terwijl het in de wereld donker is en iedereen slaapt, uiteraard in de figuurlijke zin des woords, of dronken is en dus beneveld is en daardoor niet alert is; het komt allemaal op hetzelfde neer. Het is trouwens taal die Paulus ook gebruikt in 1 Thessalonika 5 over die waakzaamheid.⟨/p> ⟨p>Goed. Nou, waak dan. Maar weet dit. En nu komen we weer op een ander onderwerp terecht, namelijk dat men dan zegt van: "Ja, je kunt nooit weten wanneer dat zal zijn." Want de Heer zegt toch: "Jullie weten niet op welke dag de Heer van jullie komt"? En daarmee bedoelt men te zeggen dat je het ook niet kunt weten. Ik wil u laten zien dat dat niet de gedachte is. De gedachte is niet: "Jullie kunnen dat nooit weten." Het punt is juist: als je waakzaam bent, dan weet je het wel. Nou, althans, laten we gewoon verder lezen. "Maar weet dit." Dit volgt na de vaststelling dat jullie niet hebben waargenomen wanneer Hij komt. "Maar weet dit, dat indien de huiseigenaar had waargenomen" – bijvoorbeeld doordat hij het had gehoord – "in welke nachtwake de dief komt, hij zou waken en zou nooit toelaten dat zijn huis doorgraven werd." Indien hij had geweten... hoe zou je zoiets weten? Dat er een dief zou komen in welke nachtwake? Misschien dat je dat via-via hebt vernomen? Nou, stel je voor dat hij dat had geweten. Als je weet in welke nachtwake dat zou zijn, in welke tijdspanne van uren dat zou plaatsvinden, ja, wat doe je dan als je huiseigenaar bent? Dan waak je toch? Dat is nogal wiedes. Waarom? Je weet misschien dan niet het uur, maar wel de nachtwake.⟨/p> ⟨p>Overigens, een nachtwake... de Bijbel onderscheidt vier nachtwaken. In Markus 13 lees je: "Waakt dan, want jullie hebben niet waargenomen wanneer de Heer des huizes komen zal: laat in de avond, of te middernacht, of bij het hanegekraai, of in de morgenvroeg." En feitelijk heb je hier de nachtwaken, want ik heb begrepen dat het vanaf zonsondergang tot tien uur 's avonds de eerste nachtwake is. Dan van tien tot twee ongeveer is de tweede nachtwake, weer vier uur. En dan van twee tot zes uur, dat is dan de derde nachtwake. En de vierde nachtwake is wanneer het licht wordt, feitelijk in de morgenvroeg dus, vanaf zes uur 's morgens. Dus iedere keer is het een tijdspanne van pakweg vier uur. Dat zijn de vier verschillende nachtwaken die dan worden onderscheiden.⟨/p> ⟨p>In Markus 6 staat nog een voorbeeld, daar lees je toen Hij zag dat zij zich aftobden om vooruit te komen bij het varen, want ze hadden de wind tegen. De Heer Jezus was toen op de berg. Oh trouwens, als we het daarover hebben, jongens, daar zit een schitterende typologie in. De Heer is afwezig, Hij bevindt zich op de berg en dan weet Hij... nou, er staat: "Toen Hij zag dat zij zich aftobden om vooruit te komen bij het varen, want zij hadden de wind tegen, kwam Hij omstreeks de vierde nachtwake tot hen, gaande over de zee." Een schitterende typologie zit daarin over het volk dat dan in de benauwdheid zal zijn, zich op de zee zal bevinden met enorme tegenwind. Maar Hij die daarboven is, Hij ziet hen en Hij komt tot hen. En dan zal Hij zeggen: "Vrees niet." En dan zullen ze ook ontsteld zijn als ze Hem zien. Prachtige voorafschaduwingen in zo'n geschiedenis, maar daar gaat het me nu niet om natuurlijk. Het is dus een beetje illegaal dat ik nu dit soort opmerkingen erover maak, het gaat namelijk over de vierde nachtwake. Het zijn verschillende stadia in de nacht, dat is het idee.⟨/p> ⟨p>"Weet dit, dat indien de huiseigenaar had waargenomen in welke nachtwake de dief komt, hij zou waken en hij zou nooit toelaten dat zijn huis doorgraven werd." Hier wordt trouwens in de NBG-vertaling gesproken over inbreken. Het woord dat gebruikt wordt, u ziet het nogal wat langer in de interlineair, is "een onderaardse toegang graven", dat is het. Dus het is beneden het huis door, via dat traject dan in het huis binnenkomen. "Ik wil een snelle video doen." Wat? "Ik wil een snelle video doen. Je mag ook voor de mooie film gaan." Sorry? "Je mag ook voor de mooie film gaan." Ik versta het niet. "Oh, de camera's doen dat." Ja, die zijn ook al... die doen dat ook niet zo heel erg netjes allemaal.⟨/p> ⟨p>Ja, maar ik zit er eens aan te denken: heeft die huiseigenaar misschien in de gaten gehad dat er een gat gegraven werd? En dat hij denkt van: "Hé, daar komt een dief aan"? Dat hij het op die manier weet? Ja, ik verzin dat ter plekke hoor. Want jij zegt erover van: "Nou, hij doet dat snel in vier uur", maar goed, ik weet het niet. Uiteraard is het een metafoor. Het gaat erom: als een huiseigenaar had waargenomen, als hij op de een of andere manier zou weten in welke nachtwake een dief zou komen, dan zou hij nooit toelaten dat het huis van hem doorgraven zou worden. Hij zou gewoon zorgen dat hij er dan bij is; hij zou gewoon waken. En waarom? Dat zou hem niet overkomen dan.⟨/p> ⟨p>De clou is dus: die huiseigenaar waakt. Waarom? Omdat hij de nachtwake weet. Dat is het idee. Als je dat niet weet, dan kun je niet waken ook. Dan kun je nooit slapen namelijk. Het idee is juist: die huiseigenaar weet in welke nachtwake hij moet waken. Hij weet het uur niet, nee, maar wel de nachtwake. Hij weet in welke tijd hij leeft, hij weet dat te onderscheiden en daarom waakt hij. Dat is een heel belangrijk punt en het heeft lang geduurd voordat dat kwartje bij mij viel bij dit vers, maar inmiddels is het wel gevallen. Dat is juist de clou van het waken: weten wat – ja, om even in de terminologie te blijven – hoe laat het is. Ik bedoel, als je de Schrift kent en je weet wat er allemaal zo gebeurt, dan weet je hoe laat het is. Nou, we hadden het vorig seizoen over "reken maar" en gewoon Gods plan in de millennia en hoe dat allemaal in elkaar zit. Dan weten we ook: ja, we leven in zo'n markante tijd, gewoon puur chronologisch gezien al. Voeg daar alle andere elementen bij van wat er plaatsvindt in het Midden-Oosten, in de hele techniek...⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-10" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="4123" title="Speel af vanaf 01:08:43">▶ 01:08:43⟨/button> ⟨span>Alertheid Tegenover Misleiding Door Leven bij het Licht van de Schrift⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Ik denk dat het buitengewoon belangrijk is dat de Heer ook daarmee aanvangt als Hij Zijn rede begint. Hij zegt: "Zie toe dat niemand jullie misleide." Een van de meest karakteristieke dingen – en ik geloof dat dit ook een van de eerste zaken is die we dit seizoen met elkaar hebben besproken – is de misleiding, de massieve misleiding in die eindtijd. Daar spreekt Paulus trouwens ook over in verband met de laatste dagen van de christenheid, waar wij sowieso ook in zitten natuurlijk. Misleiding is alles wat de klok slaat; het is niet alleen maar fake news of nepnieuws. Nee, het is allemaal misleiding. Er is maar één manier om waakzaam te zijn en dat is: leven bij het licht van de Schrift. En je niks laten wijsmaken. Ook niet door André Piet, bedoel ik. Nee, ik bedoel de Schrift. De mening van wie dan ook doet totaal niet ter zake. Als iemand je duidelijk kan maken: "Kijk, dat staat er geschreven," prijs dan God. Dat is geweldig, want dan ben je wijzer geworden. Maar het gaat niet om de opinie van wie dan ook, maar om de Schrift alleen.⟨/p> ⟨p>Kijk daarmee waakzaam. Wanneer je dan om je heen kijkt, zie je gewoon dat het gaat zoals de Schrift dat zegt. En heeft voorzicht. Enfin, even terug naar Matteüs 24 vers 43. Als een huiseigenaar had waargenomen in welke nachtwake de dief komt, zou hij waken. Hij zou nooit toelaten dat zijn huis werd doorgraven. Daarom ook jullie: niet "wees gereed", maar "wordt gereed". Zeg, hè? Wordt gereed. De Heer had al vastgesteld: "Jullie weten het nu niet, jullie hebben het niet waargenomen." Dat neemt Hij ook niemand kwalijk; Hij wist het op dat moment Zelf ook niet. Daarom: wordt gereed. Tegen de tijd dat deze dingen zich gaan voltrekken, komt het erop aan dat je inderdaad alert bent en weet hoe laat het is.⟨/p> ⟨p>In Daniël 12 wordt dit ook zo duidelijk gezegd. Hij spreekt daar over de gruwel van de verwoesting in die tijd, binnen een zeer afzienbare termijn. Juist dan zal in Israël, onder het volk, de kennis toenemen. De verstandigen, de mashkilim, zullen het verstaan. Zij zullen de Schriften onderzoeken en de dingen zullen duidelijk worden. Ook voor het volk Israël straks in die eindtijd zal de kennis enorm toenemen. Dit wordt heel vaak toegepast op de enorme toename van de kennis van de wetenschap en de techniek. Dat is ongetwijfeld ook een element, maar daar in Daniël 12 gaat het over de kennis van de Schriften. Dat zal ook duiden op het feit dat ook het boek Daniël voor het volk Israël ontsloten zal worden. Tegen Daniël werd gezegd: "Verzegel het boek tot de eindtijd," maar als het zover is, dan zal het zomaar openlijk ter inzage zijn en dan zal men ook komen tot kennis van al die dingen. Dan is het zo belangrijk om alert te wezen.⟨/p> ⟨p>Daarom ook jullie: wordt gereed. Want in een uur dat het jullie niet toeschijnt... Let op dat het jullie niet toeschijnt. Op dit moment schijnt het jullie dus niet toe. Toen de discipelen dit hoorden, kwam de Zoon van de mens nog niet; Hij zei eigenlijk dat je er nu nog geen idee van hebt. Vandaar ook: waakt. Goh, dan gaan we toch nog snel terug.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-11" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="4388" title="Speel af vanaf 01:13:08">▶ 01:13:08⟨/button> ⟨span>De Gelovige en Verstandige Slaaf Geeft Geestelijk Voedsel op Tijd⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>En dan zegt hij: "Wie is dus de gelovige of de betrouwbare?" Het woord voor betrouwbaar en gelovig is in het Grieks hetzelfde, het is identiek. Dus het hangt er een klein beetje van de context af. Wie is dus de gelovige en de verstandige slaaf? Gelovig, ja hoezo? Nou, die accepteert de woorden van de Schrift. En verstandig, dat is degene die intelligent is.⟨/p> ⟨p>Ik heb het nu dus niet over IQ. Je hebt mensen met een heel hoog IQ, maar die niet intelligent zijn in de Bijbelse zin van het woord. Je hebt ook mensen die helemaal niet zo'n superhoog IQ hebben en nauwelijks op school meekwamen, maar die zeer, zeer intelligent zijn. Dat betekent namelijk: leven bij het licht van de Schrift. Ernaar luisteren, dat is verstandig. En ook intelligent onderzoek doen naar de Schrift, want ook dat is verstandig. Je wilt weten hoe het zit.⟨/p> ⟨p>Wie is dus die verstandige, gelovige slaaf, die lijfeigene die een heer heeft? Dan vervolgt de Heer met de vraag naar degene die de heer aanstelde over het huispersoneel van hem, om aan hen het voedsel te geven te gelegener tijd. Aan wie doet zo'n heer dat? Je moet je voorstellen dat iemand die een bedrijf heeft en veel mensen aan het werk heeft, een aantal mensen aanstelt voor een bepaalde functie. In dit geval is dat om aan het huispersoneel voedsel te verschaffen, gewoon op het juiste moment. Aan wie doet hij dat? Ja, aan degene die betrouwbaar of gelovig en verstandig is.⟨/p> ⟨p>Gelukkig de slaaf... Het woordje slaaf drukt trouwens ook precies uit dat het een lijfeigene is, en niet zomaar een werknemer. Wij kennen geen slaven meer, maar een slaaf is een lijfeigene: degene die het eigendom is van zijn heer en die ook maar één ding interessant vindt — of voor wie in ieder geval maar één ding interessant is — namelijk luisteren naar wat de Heer zegt. Dat is het enige wat telt.⟨/p> ⟨p>Gelukkig de slaaf die zijn Heer komende, zo doende zal vinden. "Zo doende" wil zeggen: degene die aan ieder voedsel geeft te gelegener tijd. Uiteraard gaat het hier ook weer... Ik had niet eens gedacht dat ik zover zou komen in de bespreking. Maar ik heb nu even geen Bijbeltje bij me. Mag ik die even van je? Kijk eens aan, hartelijk dank.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-12" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="4585" title="Speel af vanaf 01:16:25">▶ 01:16:25⟨/button> ⟨span>De Toename van Inzicht voor de Verstandigen in de Eindtijd (daniël 12)⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Dan moeten we er toch nog eventjes naartoe gaan, naar Daniël 12. Als ik de studie op het internet zet, zal ik het diaatje nog wel even toevoegen. Daniël 12, ik heb er al even aan gerefereerd en daar wordt gesproken over die dag van benauwdheid; ook daar hebben we het over gehad in vers 1. In die tijd zal uw volk ontkomen. En dan in vers 3: "En de verstandigen zullen stralen als de glans van het uitspansel en de velen tot gerechtigheid brengen..." Ik moet het goed lezen: "Zullen stralen als de glans van het uitspansel." Ik moet er trouwens even bij zeggen, maar dat even terzijde, dat er vertaaltechnisch hier wat haken en ogen zitten, maar daar ga ik nu even helemaal aan voorbij. De verstandigen zullen stralen als de glans van het uitspansel en zij die velen tot gerechtigheid hebben gebracht, als de sterren voor eeuwig en altijd, voor de aion en verder.⟨/p> ⟨p>De gedachte is hier dat die verstandigen, de mashkilim, dingen zullen ontdekken in de Schriften. Zij weten hoe laat het is en zij onderkennen de tijd. Zij zullen vervolgens in die dagen ook velen tot verstandigheid brengen. Hoe staat het hier? "En die velen tot gerechtigheid hebben gebracht", ook tot het rechte verstaan en daardoor ook stralen. Uiteraard door het licht van het Woord.⟨/p> ⟨p>"Maar gij Daniël, houd de woorden verborgen en verzegel het boek tot de eindtijd. Velen zullen onderzoek doen en de kennis zal vermeerderen." Ziet u ook de context van de kennis die zal vermeerderen? Ja, in verband met de profetie. Daniël moest in zijn dagen alles wat hij had opgetekend sluiten; er werd gezegd: "verzegel het". Het zal niet begrepen worden, het zal niet toegankelijk zijn tot dat einde. En dan zal mijn volk – want daar gaat het over – er kennis van nemen en zal de kennis inderdaad enorm toenemen. En de mashkilim, de verstandigen, die zullen velen ook tot het rechte verstaan brengen.⟨/p> ⟨p>Ik denk, en daarom haal ik het ook even aan, dat dit alles weer te maken heeft met het voorzien van het geestelijke voedsel. Dat is waar het echt om gaat. De verstandige en de gelovige slaaf geeft dat wat hem is toevertrouwd: het voedsel te gelegener tijd. Gelukkig de slaaf die zijn heer, als hij komt, zodoende zal vinden. Bezig met de Schrift. Amen. Ik zeg jullie voorzeker dat hij hem over al zijn bezittingen zal aanstellen. Dat wil zeggen: die krijgt straks in die nieuwe aeon een geweldige positie. Hij heeft bewezen in de tijden dat het er echt om spande, dat hij betrouwbaar was. Wel, dan zal hij over veel gesteld worden. Dat is een principe dat we heel vaak tegenkomen. Ik begrijp dat ik nu eventjes snel ga door deze verzen.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-13" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="4806" title="Speel af vanaf 01:20:06">▶ 01:20:06⟨/button> ⟨span>De Kwade Slaaf Ontspoort in Zijn Wandel Door een Foute Verwachting⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>In het geval echter dat de kwade slaaf, die dus niet betrouwbaar, niet gelovig en niet verstandig is, in zijn hart zal zeggen: "De heer van mij blijft lang uit." Hoezo kwaad? Nou, het is ook gewoon heel dom. Dat is inderdaad onintelligent. Wij denken bij kwaad altijd in morele termen, maar het is ook – en dat vind ik trouwens een hele mooie Bijbelse gedachte – dat zonde altijd te maken heeft met doelmissen. Het is ook gewoon dom. Het leidt nooit tot het gewenste resultaat. Nooit! Het mist altijd doel.⟨/p> ⟨p>En als hij in zijn hart zegt: "Nou, de heer van mij blijft lang uit", dan is hij dus niet waakzaam. Hij zou zijn medeslaven beginnen te slaan en zou gaan eten en drinken met de dronkaards. Kortom, precies tegenovergesteld aan wat die goede slaaf doet. Nog even één ding: hij begint met een verkeerde aanname, een domme aanname ook. Hij zegt dat zijn heer lang uitblijft, maar hij blijkt zich verschrikkelijk te vergissen. Juist dat foute inzicht, doordat zijn verwachting niet correct is, zorgt ervoor dat hij ontspoort in zijn wandel.⟨/p> ⟨p>Dat is trouwens ook voor ons in het algemeen een hele leerzame les: dat een juiste, rechte, goede wandel begint bij goed zicht. Paulus zegt in 1 Korinthe 15 – ik geef toe, dat is een heel ander verband, maar daar heeft hij het over mensen die de opstanding ontkennen – dat ze tot het rechte inzicht moeten komen, want sommigen, zegt hij, hebben geen besef van God. Juist dat gebrek aan besef leidt tot ontsporing. Dan ben je gedesoriënteerd en ga je dingen doen zoals hier. Dan ga je je macht misbruiken, je medeslaven begin je te slaan, je voorziet ze niet meer van voedsel en je leeft voor het vaderland weg.⟨/p> ⟨p>Kijk, wat is hier nou fout aan? Nou, van alles, maar waar begint deze fout? Bij het feit dat hij in zijn hart zegt: "O, mijn heer blijft lang uit." Je leest in de Johannesbrief nog een ander voorbeeld, namelijk dat ieder die deze hoop op Hem heeft, zichzelf reinigt. Dat is gewoon een automatisme. Als je die hoop hebt, die verwachting, dan is het gevolg daarvan niet: "Dan moet je je reinigen." Nee, die persoon reinigt zich. Dat is namelijk eigen aan het hebben van die hoop en verwachting.⟨/p> ⟨p>Het mooiste wat je kunt doen is mensen wijzen op die geweldige verwachting die we hebben. Want ik weet gewoon – dat is de garantie die de Schrift ons geeft – dat als je die verwachting hebt, dan is dat precies wat ons schoonmaakt. Het reinigt ons in onze gedachten en in onze wandel. Dat is waar het om gaat. Mensen denken altijd maar in termen van netjes en braaf leven, maar dat is gewoon volstrekt denken vanuit de buitenkant. Daar gaat het niet om; het gaat om de binnenkant. En als die binnenkant vol is van besef en van die verwachting, nou, dan hoef je je over die wandel helemaal geen zorgen te maken.⟨/p> ⟨p>Ja, als je dus zo’n foute aanname hebt, dan zou hij zijn medeslaven beginnen te slaan. Dan zou hij eten en drinken met de dronkaards. Kortom, precies die dingen doen die hij juist niet zou moeten doen. En dan zal de heer van die slaven arriveren; daar had hij nou net geen rekening mee gehouden. Hij komt op een dag die hij niet verwacht en op een uur dat hij niet waarneemt. Waarom niet? Hij is niet waakzaam.⟨/p> ⟨p>Ja, en nou zijn we er. Dit is een wonder. Wonderen gebeuren nog echt, joh. Dit is het laatste vers van wat hoofdstuk 24 is. Het is tien voor tien op deze tiende avond. Heb ik niet zo gepland, echt niet. Ik had het niet gedacht. Nee.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-14" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="5104" title="Speel af vanaf 01:25:04">▶ 01:25:04⟨/button> ⟨span>Het Oordeel over de Huichelaars en de Afsluiting van Mattheüs 24⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Oh ja, nu komen we trouwens bij een hele kwestie. Want er staat: "en hij zal hem tweesnijden". Ik meen dat een Lutherse vertaling zegt dat hij hem zal vierendelen, in tweeën hakken. Dat is helemaal geen gekke vertaling, hoor, alleen is het natuurlijk niet letterlijk bedoeld. Wij zeggen dat natuurlijk niet zo, "hij zal hem tweesnijden", maar wij spreken ook oordelen uit. Daar zit trouwens ook... ja, nu moet ik ineens aan Fons Jansen denken. Fons Jansen, u weet wel, een conferencier uit vroegere dagen, eigenlijk ook nog van voor mijn tijd. Hij was een keertje in het Heilige Land met een excursie en toen was hij bij de stal van Megiddo. Hem werd een of ander relikwie getoond en hij zei: "Dat is een stukje oor, dat is een Salomons oordeel."⟨/p> ⟨p>Maar goed, dat tweesnijden: het Hebreeuws kent dit trouwens ook. Men zegt ook — dat is een kwestie apart, ik noem het alleen eventjes — dat het evangelie naar Matteüs, dat wij nu in het Grieks hebben, origineel in het Hebreeuws geschreven zou zijn. Als men dit dan terugvertaalt, staat hier in het Hebreeuws het woordje ⟨em>gazar⟨/em>. En dat betekent afsnijden. Dat heeft dus niets te maken met hem in tweeën hakken. Trouwens, dat is ook helemaal niet de gedachte, want er staat vervolgens bij: "hij zal hem tweesnijden en zijn deel plaatsen met de huichelaars." Dat doe je niet als je hem eerst letterlijk in stukjes gehakt hebt; dan gaat dat nergens over. Zo zie je trouwens maar dat zulke vertalingen je gemakkelijk op een verkeerd spoor kunnen zetten.⟨/p> ⟨p>"En zijn deel plaatsen met de huichelaars", dat wil zeggen dat hij, omdat hij zo met de Schrift is omgegaan, hetzelfde deel zal hebben als die hypocrieten, de huichelaars; degenen die zus zeggen en in de Schriften zeggen te geloven, maar dat niet doen. En daar zal het huilen zijn en het knarsen van de tanden. Daar zijn we feitelijk weer terug bij af, want aan het einde van de aion — ik zei u al, aan het einde van deze boze aion als deze wereldtijd zal worden afgesloten — dan zullen uitsluitend rechtvaardigen de nieuwe aion ingaan, zoals in de dagen van Noach.⟨/p> ⟨p>Degenen die daar geen deel aan zullen hebben, zijn ook degenen die het misschien wel verwacht hadden of meenden daar aanspraak op te maken omdat ze heel religieus waren, maar het zijn huichelaars. De buitenkant is misschien allemaal braaf en netjes, maar het gaat om de binnenkant; daar gaat het om. Misschien hebben ze verwacht dat zij een vooraanstaande plaats zouden hebben als de Messias komt, maar ze zullen buiten staan. En reken maar dat de tanden dan knarsen. Zij dachten altijd de eersten te zijn — dat is ook een hele religieuze aanname — puur op basis van hun eigen verdiensten. Ze zullen dan de tanden knarsen, wat in de Bijbel geen uitbeelding is van pijn, maar van toorn.⟨/p> ⟨p>Je leest dat ook in de geschiedenis van Stephanus. Wanneer we Stephanus horen spreken, dan sneed het hen door de ziel, staat er, en ze knarsten de tanden. Ze konden het niet aanhoren, want dit sneed hen zo door de ziel dat dit tegen hen gezegd werd. Nou, zo zal het straks ook gaan. Daar zal het huilen zijn, ook het gejank van de jakhalzen buiten in de woestijn, buiten de feestvreugde, en het knarsen van de tanden.⟨/p> ⟨p>Hier wordt aan het einde dus die gelijkenis gesproken over een slaaf. Ben je de goede slaaf of de ontrouwe? Hoe sta je in die eindtijd? Verstandig? Gelovig? In het licht van de Schrift? Waakzaam of niet? Daar komt het in die tijd allemaal op aan. Dat is wat in deze laatste verzen van Matteüs 24 aan de orde gesteld wordt. Vervolgens krijg je dan Matteüs 25: "dan zal het koninkrijk vergeleken worden met...". Kijk maar na: "dan", die tijd. Met andere woorden, Matteüs 25 gaat over dezelfde tijd als waar Matteüs 24 over spreekt.⟨/p> ⟨p>Maar daarover een volgende keer, een volgend seizoen. We hebben dus nog enige maanden te gaan en kunnen dit allemaal rustig laten bezinken. Ik stel voor dat we het hierbij laten. Wonder boven wonder — ik spreek nogmaals mijn verbazing erover uit — is de bespreking van Matteüs 24 hiermee gecompleteerd. Zijn er nog hele dringende vragen? Of opmerkingen? Of aanmerkingen? Is het zo? Ja natuurlijk, als jij dat zegt, dan is dat een mooie bevestiging. Ik denk inderdaad dat dit de gedachte is: "twee", oordeel.⟨/p> ⟨p>Goed, bedankt voor de aanvulling. Mensen, dit waren hele ernstige items die we ook vanavond hebben bezien. Maar ze zijn zeer ter zake, dat wil zeggen: het heeft alles te maken met de dingen die aanstaande zijn. Ik denk dat het hoogst actueel is om ons goed te focussen en scherp te stellen op wat de Schrift over deze dingen zegt. Wat gaat er gebeuren? Zullen we met elkaar nog onze hemelse Vader danken?⟨/p>