⟨h3 id="hoofdstuk-1" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="0" title="Speel af vanaf 00:00">▶ 00:00⟨/button> ⟨span>Terugblik op Jezus' Laatste Publieke Optreden⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Het heeft even geduurd, maar zijn we er dan toch? Nou, dat weet ik niet. Dat is nog maar afwachten. Een hele goede avond ook van mijn kant en excuses voor het technisch ongemak. Ik kan er niks aan doen, maar het gaat natuurlijk wel van mijn tijd af. Dat realiseer ik me ook wel.⟨/p> ⟨p>Wij gaan vanavond verder met ons onderzoek van, zo hebben we deze hele serie van avonden als titel meegegeven: de tweede Bergrede. De rede die we vinden in Matteüs 24 en 25. Die Jezus niet in het publiek heeft uitgesproken, maar alleen in het bijzijn van zijn discipelen. We hebben dat de vorige keer ook gezien. En voordat we weer aanhaken bij de verzen waar we nu aan toe zijn, wil ik nog eventjes terugblikken om het geheugen op te frissen waar we het ook alweer over hadden.⟨/p> ⟨p>De vorige keer ben ik niet begonnen bij hoofdstuk 24, maar bij het slot van hoofdstuk 23. Dat is namelijk heel belangrijk om het 24e hoofdstuk en wat daarop volgt te begrijpen. In hoofdstuk 23 treffen we Jezus' laatste publieke optreden. Aan het einde van een hele hartstochtelijke rede, waarin Hij het zevenvoudig wee heeft uitgesproken naar de geestelijke leidslieden van die dagen, eindigt Hij met die aandoenlijke woorden: "Jeruzalem, Jeruzalem, dat de profeten doodt en stenigt wie tot u gezonden zijn. Hoe dikwijls heb ik uw kinderen willen verzamelen zoals een hen haar kuikens. Maar jullie hebben niet gewild." En dan zegt Hij: "Van nu aan zullen jullie mij niet meer zien."⟨/p> ⟨p>Vandaar dus dat laatste publieke optreden, totdat Jeruzalem weer zou zeggen – en daarmee is impliciet ook een belofte, een voorzegging gegeven dat de stad ooit weer zal zeggen: "Gezegend Hij die komt in de naam van de Heer." Dat is een uitspraak uit Psalm 118. We zijn daar ook naartoe gegaan omdat juist die psalm een breder licht werpt op wat hier eigenlijk aan de hand is. In dat citaat uit Psalm 118 lezen we dat de Messias zal worden verworpen. U weet wel, dat is dat Bijbelgedeelte waar gesproken wordt over de steen die door de bouwlieden is afgekeurd. Dat wil zeggen de experts, en tot hen richtte de Heer zich: de schriftgeleerden en farizeeërs, degenen aan wie het woord van God was toevertrouwd. De steen die door de bouwlieden is afgekeurd – ten onrechte dus, want er staat vervolgens: is niettemin tot een hoeksteen geworden.⟨/p> ⟨p>Daarmee is gezegd dat de bouwlieden de steen verwerpen. Dat is een aanduiding van de Zoon, Eben. De Messias zou worden verworpen door de leidslieden van Israël, officieel door het volk. Maar ondertussen zou die Messias, die verworpen was door Israël, de hoeksteen worden van een kennelijk ander bouwwerk. Dit is trouwens hetzelfde verband waar gezegd wordt – en ook dat hebben we gelezen aan het slot van hoofdstuk 23 – dat de tempel binnen afzienbare tijd verwoest zou worden. En het is inderdaad precies veertig jaar later gebeurd. Dit is uitgesproken in het jaar 30, daar ga ik dan vanuit, en in het jaar 70 werden de stad en de tempel compleet verwoest. Geen steen werd op de andere gelaten. Dat was toen ook het einde van de Joodse staat.⟨/p> ⟨p>Maar terwijl de tempel verwoest zou worden, zou God een ander bouwwerk maken. Paulus spreekt daar bijvoorbeeld over in de Efezebrief, dat God zich vandaag een tempel maakt, een geestelijk bouwwerk. Een woonstede Gods, zo noemt Paulus dat in Efeze 2, een woonstede Gods in de geest, gebouwd op het fundament van de apostelen en profeten. Dat Bijbelgedeelte, daar doel ik op. Je ziet dus dat daar al aan gerefereerd wordt. Dat wordt al voorzegd in Psalm 118.⟨/p> ⟨p>En dan staat er nog bij, dat is zo fraai: "De steen die de bouwlieden hebben afgekeurd, is niettemin tot een hoeksteen geworden. Van de HERE, van Yahweh, is dit geschied. Zie, het is wonderlijk in onze ogen." Dat wil zeggen: we begrijpen het niet, het is verborgen. Dat is precies waar het over gaat. In de tussentijd dat de bouwlieden de steen hebben afgekeurd, doet God een wonderlijk verborgen werk dat zich volkomen aan de ogen onttrekt. Vandaar ook een woonstede Gods in de geest. Het is een geestelijke aangelegenheid.⟨/p> ⟨p>Maar zoals ik al zei, het huis, de Joodse staat en de tempel, zouden verwoest worden. Vervolgens lees je dat Jezus de stad verlaat en zich op de Olijfberg zet. Dat is dan het begin van Matteüs 24. De discipelen komen bij Hem terwijl Hij daar op de berg gezeten is. Vanaf de Olijfberg heb je tegenwoordig een prachtig uitzicht op dat islamitische heiligdom. Maar in die dagen keek je uit op een van de zeven wereldwonderen, vergis u niet. Dat geweldige, machtige tempelcomplex met al haar gebouwen waar 46 jaar aan gewerkt is door koning Herodes, lees je ook in de Bijbel.⟨/p> ⟨p>En terwijl ze daar dus naar kijken, zegt Jezus voor de tweede keer – in het slot van hoofdstuk 23 lees je het, maar hier zegt Hij het weer – dat er geen steen op de andere gelaten zou worden. Primair is dat vervuld in het jaar 70 dus. Maar ik moet erbij zeggen: primair, want het gaat namelijk nog een keer vervuld worden. Oké, je kunt zeggen: daar ben ik helemaal niet blij mee, maar daar gaat het even niet om of het fijn is. Maar zo gaat het, zo is het voorzegd. Over die dingen hebben we ons beziggehouden.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-2" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="459" title="Speel af vanaf 07:39">▶ 07:39⟨/button> ⟨span>De Profetische Sprake van de Olijfberg⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>En dat lijkt mij een goede aanleiding om nu de draad weer op te pakken bij vers 3. We hebben er al een paar dingetjes over gezegd, maar goed, ik lees het even voor: "En toen Hij gezeten was op de Olijfberg..." Nou, en dat moet ons toch niet ontgaan, dat is een hele markante profetische locatie. Al was het maar vanwege die Schriftverwijzing die ik hier achter heb staan: Zacharia 14. Is dat niet de berg waar ooit de Here aan het volk zal verschijnen, hen zal uitredden terwijl de volkerenwereld zich tegen hen richt, en dat er een nieuwe aeon zal aanbreken? Eigenlijk is het grote keerpunt ook de Olijfberg.⟨/p> ⟨p>Het feit dat Jezus deze rede hield op de Olijfberg, is op zich al een profetische verkondiging. Dus al had Hij nog geen woord gezegd en alleen maar daar heel demonstratief gezeten, dan gaat daar al een sprake van uit. Dat is veelzeggend, zelfs al werd er verder niks gezegd. Dat geldt trouwens voor heel wat meer Bijbelse waarheden. Dingen als alleen maar de locatie genoemd wordt, iemand is ergens, al zegt die dan nog helemaal niks: daar gaat een sprake van uit. Hij was gezeten op de Olijfberg.⟨/p> ⟨p>En dan laat ik nog maar helemaal buiten beschouwing – ik weet niet eens of ik daar de vorige keer op gewezen heb – dat deze berg ook de berg is geweest... Nou ja, één ding is zeker: vanwaar Hij ook ten hemel voer. Maar als u het mij vraagt, al kan ik dat wat lastiger aantonen en staat het ook niet direct in de Schrift, kun je er indirect mijns inziens duidelijk uit opmaken dat dit óók de locatie is geweest waar Hij ooit stierf. En dus ook opstond, want de plaats van Zijn opstanding, de plaats waar Hij neergelegd was in het graf, dat was op een steenworp afstand van waar Hij stierf. Dus als Hij daar stierf, dan was dat dus ook de locatie waar Hij ooit opstond. Met andere woorden, als je daar even zo bij bepaald wordt – en ik geef toe, ik heb nu een paar veronderstellingen, namelijk dat Hij daar stierf en opstond – als je daar zo bij bepaald wordt, dan betekent dat dus dat álle grote heilsfeiten van Zijn dood, Zijn opstanding, Zijn hemelvaart, maar ook Zijn terugkeer in de nabije toekomst, allemaal op dezelfde berg gesitueerd zijn. Nou, dat is toch wel een hele bijzondere zaak.⟨/p> ⟨p>En nou zit ik eraan te denken... ik vind dat ik dan toch eventjes één reden moet doorgeven waarom ik inderdaad geloof dat dit dus ook de plaats is geweest waar de Here Jezus stierf. Één reden wil ik genoemd hebben, want anders vind ik dat het allemaal een beetje te veel in het luchtledige hangt. Laat ik u dit noemen... Heb ik er de vorige keer over gesproken? Nee toch? Nee. Oké. Ja, precies ja. Want dat lijkt mij ook wel de voornaamste reden.⟨/p> ⟨p>Toen de Here Jezus stierf, dan lees je dat die Romeinse hoofdman dat zag gebeuren. Maar dan staat er ook: en zie, toen de Here Jezus stierf, scheurde het voorhangsel van de tempel in tweeën, van boven naar beneden. Dat was dat enorme grote gordijn van wel 25 meter hoogte. Dat is gigantisch, de hoogte van een torenflat! Dat gordijn scheurde van boven naar beneden en die Romeinse hoofdman zíét dat gebeuren, en tegelijkertijd ziet hij Jezus sterven. En dan zegt hij: "Waarlijk, deze man was Gods Zoon."⟨/p> ⟨p>Nou, dat kan je maar vanaf één locatie zien. Namelijk vanaf de Olijfberg. Alleen dán heb je zicht op de tempel, en bovendien heb je ook zicht op het gordijn van de tempel. Het eerste voorhangsel van de tempel. Dat immers gericht was naar het oosten, en dus richting de Olijfberg. Nou ja, dat is zo'n reden. Wel de belangrijkste denk ik ook, om te denken aan de Olijfberg als de plaats waar Hij inderdaad stierf.⟨/p> ⟨p>En u zegt misschien van: "Ja, maar dat was toch op Golgotha?" Jawel, maar Golgotha was niet een berg. Ik weet wel, in liederen zingen wij dan over de 'heuvel Golgotha'. Maar kijk het maar eens na in uw Bijbeltje. Er staat nergens in de Bijbel iets over de heuvel Golgotha. Golgotha... ze kwamen op een plaats, de locatie, die plek dáár op de Olijfberg dus, die plek heette Hoofdschedelplaats. Waarom? Dat is nog weer een verhaal apart, maar daar gaan we het nu niet over hebben. Maar in ieder geval was er geen heuvel Golgotha, dat lees je nergens. Die plek heette Golgotha. Ja, zeg het maar hoor.⟨/p> ⟨p>Nou ja, dat even terzijde. Maar goed, dat wat betreft dus die Olijfberg waar Hij op gezeten was. Het zou nog maar een paar dagen later zijn dat Hij daadwerkelijk ook Zijn leven gaf. Een paar dagen, diezelfde week nog.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-3" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="808" title="Speel af vanaf 13:28">▶ 13:28⟨/button> ⟨span>De Drie Vragen van de Discipelen over de Parousia⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Toen Hij gezeten was op de Olijfberg, kwamen de leerlingen privé tot Hem. Ik zei al, van het publiek had de Heer al afscheid genomen. En de rede die we dus nu in het navolgende vinden, is in de intimiteit uitgesproken. Toen kwamen de leerlingen privé tot Hem, zeggende: "Zeg ons, wanneer zullen deze dingen waar U het zojuist over gehad hebt – de verwoesting van Jeruzalem en de heilige plaats – wanneer zullen deze dingen zijn? En wat is het teken van de parousia van U?"⟨/p> ⟨p>De parousia, u ziet hier trouwens in de interlinear, die heeft het meteen in goed Nederlands weergegeven. Want parousia betekent namelijk gewoon aanwezigheid. In vrijwel alle vertalingen wordt het weergegeven met komst. Prima, maar dan wel in de betekenis dus van presentie. Ons woord presentie heeft eigenlijk ook nog weer alles te maken met dat woordje parousia. Het is het tegenovergestelde van apousia, absentie. Maar parousia is aanwezigheid. Dat is dan van belang als je zegt dat de parousia de komst betekent. Dat is wel zo, maar dan niet alleen in de zin van de aankomst. Het is zijn aankomst, plús dus inclusief het navolgende verblijf.⟨/p> ⟨p>Dus de term werd in het Grieks heel dikwijls gebezigd. In het klassieke Grieks is het heel bekend. Nou ga ik haast op een terrein komen natuurlijk waar Menno zich eigenlijk op beweegt. Maar goed, dan toch eventjes. In de Griekse taal was het een bekende term die gebezigd werd voor namelijk het bezoek van een hoogwaardigheidsbekleder. Bijvoorbeeld een koning die kwam, en als die koning dan ergens een bezoek bracht, dan was dat zijn parousia. Het is dus niet alleen maar aanwezigheid, maar er wordt ook een bepaalde waarde aan toegekend. Dat wil zeggen: het is niet zomaar de eerste de beste. Zijn parousia.⟨/p> ⟨p>Net zo goed als wij ook spreken over de eerste komst van Christus. Dan doelen wij niet alleen maar op zijn geboorte in Bethlehem, toch? Als we het hebben over de eerste komst van Christus – tenminste, zo versta ik dat – dan is dat vanaf zijn geboorte in Bethlehem tot aan zijn sterven of eventueel zijn opstanding of hemelvaart. Dat valt allemaal onder die eerste komst. Dus feitelijk ook zijn eerste aanwezigheid. Toen was Hij hier op aarde present. Vervolgens was Hij absent tot op de dag van vandaag, en straks is Hij weer present. Dan is het ook een koninklijk bezoek.⟨/p> ⟨p>Daar gaat juist Matteüs 24 ook over: "Wat is het teken van de parousia van U?" Dat woord teken zullen we later in dit hoofdstuk ook nog tegenkomen. Want als de Heer antwoord gaat geven op deze vragen, dan gaat Hij ook de termen overnemen die de discipelen bezigen in hun vraagstelling. Feitelijk zijn het ook drie vragen, waarover straks nog meer.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-4" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="1011" title="Speel af vanaf 16:51">▶ 16:51⟨/button> ⟨span>Het Misverstand Rondom de Voltooiing van de Aion⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Eerst nog even dit. Want ze stellen nog een vraag: "Wanneer zullen deze dingen zijn? Wat is het teken van de parousia van U en van de voltooiing van de aeon?" Laten we daar eventjes op scherpstellen. Er staat 'de voltooiing'. Er staat in het Grieks een woord dat letterlijk 'samen-beëindiging' betekent. Dus dat wil zeggen: het is de afsluiting van het geheel. Niet de afsluiting van één ding, maar de afsluiting van diverse dingen, van het totaal. De Concordant Version geeft het in de Engelse versie weer met ⟨em>conclusion⟨/em>. Wat trouwens wel erg mooi is, want ⟨em>inclusion⟨/em> heeft dan weer de betekenis van insluiten. En ⟨em>conclusion⟨/em> is dat sámen afsluiten dus. Het geheel afsluiten, dat is trouwens ook wat wij altijd zeggen als we een conclusie trekken. Dat wil zeggen: je hebt verschillende gedachten gehad en dan breng je ze bij elkaar en dan sluit je af. Dat is de conclusie uit het geheel. Nou, dat is wat hier dus gebezigd wordt. De voltooiing, of zo u wilt eventueel de conclusie, maar dat klinkt in dit verband misschien een beetje vreemd. Maar dat is wel de gedachte: de conclusie van de aeon.⟨/p> ⟨p>Eerst nog eventjes de aeon. In dit gezelschap is dat natuurlijk geen verrassing als ik zeg dat dat te maken heeft met een wereldtijdperk. U ziet trouwens dat het in de NBG-vertaling wordt weergegeven met 'de wereld'. En met zo'n vertaling komt een hele gedachtewereld mee. En trouwens, als ik zeg een gedachtenwereld, dan bedoel ik daarmee eigenlijk niet alleen een wereld van begrippen, maar eigenlijk ook een wereld van onbegrip. Want men denkt dat deze rede van de Heer Jezus gaat over de voleinding van de wereld. Het einde van de wereld. Gewoon die uitdrukking 'het einde van de wereld', zoals die in het algemene spraakgebruik ook gebezigd wordt. Wel, men meent daar hier een grond voor te vinden: wanneer wordt de wereld beëindigd? En men denkt dan: dat is de wederkomst. En het gekke is, dat is totaal niet in de Bijbel aan de orde! Niet de wereld wordt beëindigd of voleindigd, nee, deze aeon, of dé aeon—dat wil zeggen de huidige aeon—die wordt in zijn geheel tot een einde gebracht. De conclusie van de aeon.⟨/p> ⟨p>Dit is hetzelfde woord wat elders weergegeven wordt met eeuwigheid. Ja, als het gaat om dit woord, is dat misschien wel het schoolvoorbeeld bij uitstek. Mag ik het eventjes wat plat zeggen? Onparlementair: een zootje. Ja, zoals men dit heeft weergegeven. Waardoor de vertalers ons niet alleen hun eigen onbegrip hebben getoond—dat zij het zelf niet begrepen, en dan denk je: nou ja goed, dat is hun probleem. Maar dat ze ons als Bijbellezers opzadelen met hún onbegrip, dat vind ik een hele kwalijke zaak. Want een vertaler zou namelijk niet zijn eigen begrip of onbegrip moeten doorgeven, maar gewoon doorgeven wát er staat. En wat hier staat is gewoon het woordje aeon. En een aeon wordt afgesloten. Die wordt voltooid of voleindigd.⟨/p> ⟨p>En ja, het is inderdaad déze aeon. Ik zal twee voorbeelden geven waar gesproken wordt over deze aeon, en waarom het trouwens ook belangrijk is dat deze aeon beëindigd wordt. Dat gaat niet zonder slag of stoot, integendeel, dat is een buitengewoon pijnlijk proces dat in dit hoofdstuk ook genoemd wordt. Dat valt allemaal onder de term geboorteweeën. Dat is een pijnlijke zaak, maar altijd met uitzicht op. Alleen, ik ben geen vrouw, maar dat is de enige manier om het ook met fatsoen, zeg maar, zoiets te volbrengen: als je weet van 'daar doe ik het voor'. Deze aeon, wat is daarmee aan de hand? Nou, ik zou zeggen: daar kun je de Bijbel op naslaan, in dit geval. Al worden we daar dagelijks ook aan herinnerd. Je hoeft de tv maar aan te zetten, of je kijkt gewoon goed rond in de wereld wat er aan de hand is, en dan stel je vast dat deze tegenwoordige aeon een boze is. En wat in Galaten 1 vers 4 dan staat: dat de Zoon van God Zich overgeeft om ons te tillen uit de tegenwoordige boze aeon. Om ons in een heel andere sfeer te brengen. God zij dank, deze aeon is boos!⟨/p> ⟨p>In de Efezebrief wordt ook over deze aeon gesproken, en daar wordt dan gezegd—ik lees hem voor uit een letterlijke weergave: "In welke..." en dan gaat het over kromme gedachtengangen en daden, "in welke jullie eens wandelden naar de aeon van deze wereld." Hier zie je trouwens hoe krom de weergave 'wereld' is, als het als vertaling van aeon moet dienen. Want stel je voor dat ze dat hier ook hadden gedaan, dan had er dus gestaan: 'de wereld van deze wereld'. Dat slaat natuurlijk nergens op. U zit nu soms een beetje schaapachtig te kijken. Ja, neem me niet kwalijk hoor. Nou zit ik mijn publiek aan te vallen. Maar dat is een aanmerking op mijzelf hoor, u begrijpt misschien niet wat ik hiermee bedoel. Maar er staat hier dus de voltooiing van de aeon, terwijl de vertalers hier hebben weergegeven: de voltooiing of de voleinding van de wereld. Dus hebben ze het woordje aeon met 'wereld' weergegeven. Nu zijn we hier in Efeze 2 en daar wordt gesproken over de aeon van deze wereld. En hier kón men domweg niet aeon weer op dezelfde wijze vertalen. In plaats van dat het hen op een andere gedachte had gebracht van: "Jongens, deze hele vertaalkeuze deugt niet!" Helaas, daar zijn ze niet op gekomen. "In welke jullie eens wandelden naar de aeon van deze wereld..." De wereld is dan de vertaling van de kosmos. De aeon van deze wereld. "Naar de overste van de autoriteit van de lucht."⟨/p> ⟨p>U moet zich realiseren dat er in de lucht... hoe zeggen ze dat? Laat ik het nog eens anders zeggen: in de ether. Dat klinkt ook nog eens een keer heel modern. In de ether, dat wat zich onttrekt aan onze waarneming, maar dat wel directe invloed uitoefent op onze gedachten. Het is de overste van de autoriteit van de lucht. "Van de geest die nu inwerkende is in de zonen van de ongezeglijkheid." Dat wil zeggen: deze wereld wordt bevolkt door allemaal zonen, erfgenamen, want dat is wat zonen betekent. Die zich niet laten gezeggen door wat God te melden heeft. Wel, en in hen werkt een geest, die om ons heen hangt. Die in de lucht hangt, om zo te zeggen. En die werkt in. En die geest, die overste, die heet ook wel—een van zijn namen is de diabolos. Hij gooit de dingen door elkaar. Maar ook: hij is de vader der leugen. Wat hij doet, en daar heeft hij een dagtaak aan, is niks anders doen dan de waarheid verdraaien. Je hebt de waarheid, en de leugen heeft altijd de waarheid nodig. Maar hij hoeft er maar één ding mee te doen, en dat is er een slag aan te draaien. Heb je hem verdraaid, dan heb je de waarheid verdraaid en dan heb je een leugen. Het enige wat je voor een leugen nodig hebt, is de waarheid een draai geven, zeggen we dan ja. En dat is de leugen. En dat is precies wat er in de wereld aan de hand is.⟨/p> ⟨p>En dat maakt je natuurlijk wel erg sceptisch, ook in de nieuwsvoorziening. Zonder nou meteen in complottheorieën te moeten denken, daar gaat het me niet om. Want daar ben ik net zo cynisch over. Maar u begrijpt wel: dat wat hier in de wereld verkocht wordt als waarheid, dat is het niet. Dat maakt deze aeon boos. Maar God zij dank wordt aan deze aeon een einde gemaakt. Hij komt tot een conclusie. En wat er dan gebeurt, is niet dat er een nieuwe wereld komt. Nee, een nieuwe aeon breekt dan aan.⟨/p> ⟨p>En dan nog wat, want we lazen over de voltooiing van de aeon. Maar weet u dat die uitdrukking alleen maar in het Matteüsevangelie gebezigd wordt? Maar wel een aantal keren. Het speelt in het Matteüsevangelie een grote rol. En ik wil u even meenemen naar waar dat nog vaker gebeurt. Waar dat vaker gebezigd wordt.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-5" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="1609" title="Speel af vanaf 26:49">▶ 26:49⟨/button> ⟨span>De Voltooiing van de Aion in Mattheüs 13 (het Onkruid)⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>We gaan naar Matteüs 13, waar de Heer ook over het koninkrijk spreekt, maar dan doet Hij het op een hele verborgen manier. Hij spreekt namelijk in gelijkenissen. En dan geeft Hij tekst en uitleg over die gelijkenissen, maar dat doet Hij trouwens alleen maar aan de discipelen. Hij vertelde de gelijkenissen, het verhaal over het onkruid enzovoorts, aan de scharen die daar aan de oever van het meer zaten. Maar de uitleg daarvan gaf Hij afzonderlijk aan Zijn discipelen. Zodat alleen maar de scharen mooie verhalen hoorden, maar geen idee hadden waar het over ging.⟨/p> ⟨p>Heel bewust vertelde de Heer de gelijkenissen, zodat zij het niet zouden begrijpen. Ik blijf het komisch vinden om het zo te vertellen. Want altijd wordt je verteld natuurlijk dat de Heer gelijkenissen vertelde om dingen aan de scharen duidelijk te maken, en het is precies omgekeerd. De Heer vertelde aan de scharen een gelijkenis, niet om het hen duidelijk te maken, maar om het hen juist te verbergen. Zodat ze het niet zouden begrijpen. Hij vertelde hen een verhaal en Hij moest het uitleggen, afzonderlijk aan Zijn discipelen.⟨/p> ⟨p>Nou ja, dan zegt Hij: het onkruid dat zijn... Ik ga nu verder niet op die gelijkenissen zelf in, maar u ziet wel, hier wordt twee keer die uitdrukking gebezigd. En dan zegt de Heer: het onkruid, dat zijn de kinderen van de boze. Dat moet je weten, want anders begrijp je niet waar het over gaat. De vijand die het gezaaid heeft, dat is de diabolos. Ik blijf het het mooiste vinden om het gewoon heel etymologisch neer te leggen: de 'door elkaar gooier'. 'Dia' is door en 'bolos' dat is bal, dat is werpen, gooien. De door elkaar gooier. Nou, dat is die vijand dus. Dat maakt hem ook zo vijandig.⟨/p> ⟨p>De oogst, dat is de voltooiing van de aeon. Dezelfde uitdrukking als in Matteüs 24, waar de discipelen dus naar vragen. De maaiers, dat zijn de boodschappers, de engelen. En dan zegt Hij eerst: zoals nu het onkruid verzameld wordt en met vuur verbrandt, zo zal het gaan bij de voltooiing. Niet bij de volleinding der wereld, zoals in de NBG-vertaling staat. In de Statenvertaling staat trouwens ook 'wereld'. Heeft hier iemand een Statenvertaling? Matteüs 24 vers... Ook wereld? Oké, dat is dus niet oké. Dan weten we dat ook weer.⟨/p> ⟨p>Het zou ook wel leuk geweest zijn voor de vertalers als ze 'aeon' hier, zoals ze dat ook tig keer doen, vertaald hadden met 'eeuwigheid'. Dat zou echt wel een grap geweest zijn hoor. Dat was natuurlijk een vreselijk kromme weergave geweest, maar het had wel heel veel ogen geopend. Want dan hadden we tig uitdrukkingen in de Bijbel gehad over de volleinding of de voltooiing van de eeuwigheid. En dat zou mensen toch in ieder geval op de gedachte gebracht hebben: hé, zou er aan de eeuwigheid dan toch een einde komen? Maar dat kan natuurlijk niet, want een eeuwigheid hoort juist oneindig te zijn. Dus ja, dan krijg je een kromme gedachte.⟨/p> ⟨p>Maar als men concordant consequent was geweest, had het mensen op een idee gebracht. En nu worden mensen niet op een idee gebracht, maar wordt gewoon stelselmatig de waarheid verdraaid. En voordat u nu denkt dat ik de vertalers beschuldig van opzet, dat beweer ik niet. Ik zeg alleen wat ze gedaan hebben: ze hebben het verdraaid. En of daar opzet in het spel is, wie ben ik om dat te beoordelen? Ik denk eerlijk gezegd, maar dat is mijn idee, dat de meesten ook daarin gewoon te goeder trouw zijn. Zelfs met al hun intellect, want die betwijfel ik totaal niet.⟨/p> ⟨p>Ziet u trouwens hier, en dat zeg ik ook eventjes om u al opmerkzaam te maken op een waarheid die we veel later in deze studieserie nog tegen zullen komen. Namelijk, dat bij de volleinding van de aeon, de voltooiing van de aeon, dat daar iets gaat gebeuren, namelijk wat je hier leest. De engelen zullen het onkruid verzamelen en met vuur verbranden, en zo zal het gaan bij de voltooiing van de aeon. Wat wordt er verzameld? Niet het goede, maar juist het kwade. Het onkruid, dat wordt verzameld.⟨/p> ⟨p>Trouwens, als je even doorleest in hetzelfde hoofdstuk, want in dit hoofdstuk komen we de uitdrukking 'de voltooiing van de aeon' maar liefst drie keer tegen. Dan kom je in vers 49 en dan staat er weer: zo zal het gaan bij de voltooiing van de aeon. Dat wil zeggen, de engelen zullen uitgaan om de bozen uit het midden van de rechtvaardigen af te zonderen. Met andere woorden, de rechtvaardigen worden keurig met rust gelaten, op aarde gelaten. En het zijn juist de onrechtvaardigen, het onkruid om zo te zeggen, dat verzameld wordt en weggenomen.⟨/p> ⟨p>Daar gaan we het later nog over hebben, maar ik zeg het alleen maar eventjes om u nu alvast te triggeren, en dan komen we er later nog weer op terug. Dat in Matteüs 24 eigenlijk ook de sprake is van een wegrukking, maar degenen die daar weggerukt worden, dat is juist datgene wat niet deugt. En datgene wat wel deugt, het kruid of de tarwe enzovoort, dat zal mogen blijven. Dus het is een omgekeerde procedure als bij de wegrukking van de Ecclesia, van de gemeente. Die zal worden weggenomen, de Heer tegemoet in de lucht enzovoorts. En met achterlating van de rest.⟨/p> ⟨p>Want daar gaan we het ook nog later over hebben, want die voltooiing van de aeon gaat verder dan alleen... Dat is namelijk niet het einde van die drieënhalf jaar. Van die 42 maanden. Het is een tijdstip dat de hele wereld ook onder het beslag van het koninkrijk... Of laat ik het anders zeggen: dat in de hele wereld het koninkrijk is gevestigd. Dan zal deze aeon beëindigd zijn. En de toekomende aeon, oftewel de duizend jaren waarin de volkeren niet meer zullen verleid worden. Het koninkrijk zal dan aanbreken, wereldwijd.⟨/p> ⟨p>Ik geef toe, wat ik nu zeg, daar moet ik de bonnetjes bij leggen. Maar goed, in de loop van de avonden komt dit vanzelf allemaal aan de orde. De voltooiing van de aeon is dus als dit wereldtijdperk wordt afgesloten en een nieuw wereldtijdperk aanbreekt. Aan het einde van die grote verdrukking voor Israël, dan is alleen Israël nog maar tot erkenning van Hem gekomen. Maar dan breekt er nog een hele fase aan alvorens in de volkerenwereld het koninkrijk gevestigd gaat worden. Op die periode gaan we nog uitgebreid in. Het komt vanavond, nou ja nu dus ook al ter sprake. Maar dat zal ik later echt ook nog wat schematischer aan u laten zien.⟨/p> ⟨p>Dat is een belangrijke zaak. Dat het niet alleen over Israël gaat, maar over de vestiging van het koninkrijk over alle volkeren. Nou moet ik het hier nu even bij laten. Dus we komen daar nog wel op terug. En dan wil ik er trouwens nog één noemen.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-6" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="2117" title="Speel af vanaf 35:17">▶ 35:17⟨/button> ⟨span>Israël Maakt de Volkeren tot Discipelen (mattheüs 28)⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Dat is misschien de allerbekendste wel. Matteüs 28, dat is de laatste keer dat die uitdrukking gebezigd wordt: de voltooiing van de aeon. En dan vinden we die woorden: "Heengaande dan, discipelt al de natiën, hen dopende...", en mensen denken dan bij dopen meteen altijd aan water, maar dat is nogmaals zeer treurig. Ze worden gedoopt in de naam, ook in het onderwijs, daar gaat het over. Discipelen. Als werkwoord dus. Ze worden gediscipeld. Worden tot discipel gemaakt, onderwezen in de naam van de Vader, van de Zoon en van de heilige geest. En nou komt het, dat is het laatste vers van het Matteüs evangelie: "En zie, Ik ben met jullie al de dagen tot de voltooiing van de aeon."⟨/p> ⟨p>Trouwens, nu kom ik toch nog eventjes op de vraag van jou, Fred. Die voltooiing van de aeon, dat is - en dat wat daaraan voorafgaat, gewoon als je dit leest - dat is dus één ding. Dat is dat een volk, lees Israël, erop uit zal gaan, heen zal gaan en al de natiën zal onderwijzen aangaande de Vader en de Zoon en de heilige geest. En ze zullen zo heel de wereld maken tot discipelen. "Maakt al de volkeren tot mijn discipelen." En ik weet het, natuurlijk... De kerk heeft dat altijd zo gezegd. Dat is de grote opdracht die aan ons gegeven is. En ze zijn al tweeduizend jaar met die opdracht bezig. En ze zien het werk bij hun handen afgebroken.⟨/p> ⟨p>En daarin zie je trouwens ook hoe link het is, om niet te zeggen fataal, om zo'n rollenspel te spelen. Dat je denkt iemand te zijn die je niet bent. Dan zit je echt in een identiteitscrisis hoor. Dus je denkt iemand te zijn en je bent het niet. Dat kan even, dan ga je toneelspelen. Daar kun je ook heel veel mee schoppen, dat weet ik. Maar op een gegeven ogenblik dan spoort het niet meer. En dan spoor je ook niet meer. Maar dat werkt niet. Dan moet je iemand zijn die je niet bent. De kerk dacht Israël te zijn: wij moeten alle volkeren maken tot zijn discipelen. We zijn er al twee millennia mee bezig en het werkt voor geen meter. Kun je nu een volk aanwijzen die inmiddels die status heeft?⟨/p> ⟨p>Maar er gaat een tijd komen in één generatie, zal ik u vertellen, dat Israël erop uit zal gaan om al de volkeren te maken tot zijn discipelen. En aan het einde van die generatie dan zal die aeon ook voltooid zijn. En dan, als alle volken gemaakt zijn tot zijn discipelen, wel, dan breekt de nieuwe aeon aan. Dus eigenlijk heb ik daarmee toch, had ik niet direct verwacht, al een eerste antwoord in ieder geval gegeven op die voltooiing van de aeon. Wanneer is dat? Nou, wanneer alle volken gemaakt zijn tot zijn discipelen. Maar er volgen nog meer redenen. Want in Matteüs 24 gaat de Heer juist uitgebreid in op het wanneer en het hoe.⟨/p> ⟨p>Dus ja, wat die uitdrukking de voltooiing van de aeon aangaat. Die garandeert ook dan zijn nabijheid. "Ik ben met jullie al de dagen tot de voltooiing van de aeon." Hij zal er trouwens daar ook bij zijn. Die is ook nog interessant. Als de Heer eenmaal terugkeert voor zijn volk Israël, Hij zal verschijnen op de Olijfberg, dat zal na de grote verdrukking zijn. Dan wordt vervolgens dat volk gemaakt tot een volk, een zendingsvolk. Ze gaan de hele wereld maken tot zijn discipelen en de Heer zal erbij zijn. De Heer zal dan op aarde zijn en dat volk wordt uitgezonden, en vanuit Israël zal de wereld bekendgemaakt worden met de naam van de Vader, de Zoon en de heilige geest. Hij is dan met hen inderdaad letterlijk ook. Dan is Hij niet absent, dan is Hij present. "Zie, Ik ben met jullie." Ik neem dat heel letterlijk.⟨/p> ⟨p>Dat is op zich al mooi, dat is de beste manier om de Schrift gewoon te lezen. Gewoon lees, dat zei ooit Johannes de Heer al: lees wat er staat, neem wat er staat, dan heb je wat er staat. Zo simpel kan het wezen. Ja.⟨/p> ⟨p>Laat ik daar nog eventjes als conclusie op wijzen. Er worden hier dus in vers 3 drie vragen gesteld. In de eerste plaats: "Wanneer zullen deze dingen zijn?" Dat is een vraag naar het tijdstip en de hele chronologische gang van zaken. Hoe en wanneer zal dat zijn? En vervolgens, wat, dat is vraag twee: "Wat is het teken van de parousia van U?" Dus Hij zal komen, Hij zal acte de présence geven, maar dat zal ook voorafgegaan worden door een teken. Daar komen we op terug. En er staat: "en van de voltooiing van de aeon". Wat is het teken van de voltooiing van de aeon? Dat is niet allemaal hetzelfde hoor. Die drie vragen liggen letterlijk en figuurlijk in elkaars verlengde. Het een volgt uit het ander. En als Hij eenmaal present zal zijn, dan zal ook de voltooiing van de aeon niet lang meer duren.⟨/p> ⟨p>Op al die dingen gaat de Heer vervolgens in zijn antwoord in. Dit is de vraag, of beter, dit zijn de vragen. En het is nu de Heer die vervolgens het woord neemt en antwoord gaat geven op deze vragen. Nou, dat lees je dan vervolgens in vers 4: "En Jezus antwoordde en zei tot hen: kijk uit dat niemand jullie zou doen verdwalen." Maar ik stel voor dat we eerst eventjes pauze gaan houden en dan pakken we hier straks bij vers 4 de draad op.⟨/p> ⟨p>Goed, wij gaan weer verder. En zojuist werd ik er nog wel even op aangesproken dat bepaalde dingen over het wanneer en het hoe en de chronologische volgorde, wat ik er even heb aangestipt, dat ik het daarmee niet makkelijker had gemaakt. Wie had die ervaring nog meer? Die zegt van: nou snap ik er eventjes helemaal niets meer van. En nu zegt Jacco iets tegen mij, en ik had niet anders van hem kunnen verwachten: je moet gewoon een schemaatje maken, een lijntje laten tekenen, zo en zo en zo. Dat komt de volgende keer. Trouwens, schema's zijn heel mooi. Maar het moet wel gebaseerd zijn natuurlijk op de duidelijke feiten en de Schriftgegevens. Dus eerst moet je de Schriftgegevens helder krijgen. En dan kun je op een gegeven moment de conclusie trekken.⟨/p> ⟨p>Het is gewoon jaren geleden dat wij aan het rekenen waren om een aeon te bepalen. Ja precies, ja. Sowieso, er komen geen jaren nu inderdaad ter sprake. Dat hebben we de vorige keer uitgebreid allemaal gedaan. Nu gaat het over de volgorde van de gebeurtenissen. Wanneer zal dat geschieden? En dan vragen de discipelen evenmin specifiek naar een jaartal. Nee, dan vragen ze: in welke setting zal dat plaatsvinden? Volgend op wat? En wat gaat daarna gebeuren?⟨/p> ⟨p>Dus als ik zojuist bijvoorbeeld heb gesproken over de bekering van Israël als de Zoon des mensen zal verschijnen aan hen, en dat ze vervolgens teruggebracht zullen worden naar het land, en dat ze dan gemaakt zullen worden tot een volk van zendelingen die de hele wereld zal gaan beëvangeliseren, en dat in een korte tijd dan ook daadwerkelijk de hele wereld in aanraking zal komen met het evangelie. En dat dan, als dat geschied zal zijn, ja dan is het einde. En dat is de voltooiing van die aeon.⟨/p> ⟨p>We zullen dat niet vanavond, maar de volgende keer gaan we daar zeker ook nog wel over beginnen. Nou, de volgende keer weet ik wat me te doen staat als het gaat om een mooi plaatje daarvoor. Want ja, we moeten wel de grote voordelen van PowerPoint volledig uitbuiten natuurlijk. En de dingen visueel maken als het even kan. Dus dat wil ik dan graag ook doen.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-7" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="2684" title="Speel af vanaf 44:44">▶ 44:44⟨/button> ⟨span>Jezus' Antwoord Begint: Kijk uit Dat Niemand Jullie Misleidt⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Het eerste wat Jezus doet als Hij antwoord gaat geven op de drie vragen die gesteld waren – over wanneer deze dingen zullen zijn, het teken van de parousia, maar ook van de voltooiing van de aeon – is zeggen: "Kijk uit dat niemand jullie zou doen verdwalen."⟨/p> ⟨p>Het meest karakteristieke feitelijk van deze boze aeon is dat mensen erin verdwaald raken, om redenen waar we het voor de pauze over gehad hebben. Er is zoveel valse informatie, en desinformatie ook. Desinformatie is eigenlijk niks anders dan informatie die net een beetje verdraaid is, zodat je gewoon niet meer weet waar het over gaat. Het is karakteristiek voor de boze aeon, maar ik moet erbij zeggen: in het bijzonder van de eindfase juist van die aeon. Dat wil zeggen, het gaat zich ophopen. Het is alleen maar een toenemend proces, het groeit alleen maar. En dat is trouwens ook een beeld dat gebruikt wordt door de Heere Jezus: dat onkruid dat groeit. Ja, en ook dat onkruid komt tot wasdom aan het einde, tegen de tijd van de oogst. Dus ook dat mag je verwachten.⟨/p> ⟨p>En we feliciteren elkaar omdat we zo aan het einde van twee millennia staan en dat het jaar 6000 aanstaande is. Mensen, wat is het geweldig om nu in 2016 te leven en om te zien hoe Gods woord gerealiseerd wordt en dat de stukken op het schaakbord worden gezet. Geweldig om in deze tijd te leven! Dus daar wil ik niks van af doen. Dat vind ik een geweldig goed bericht, want dat betekent dat we des te meer reden hebben om onze hoofden – dat is trouwens ook Matteüs 24 – op te heffen.⟨/p> ⟨p>Maar de andere kant, en dat is ook gewoon heel reëel: je moet er goed van bewust zijn dat er zo enorm veel dwaling is. Zoveel leugen, ook zoveel misleiding, zodat je verleid wordt en gewoon helemaal niet meer weet waar je het zoeken moet. Dat is precies wat dwalen is: je weet niet meer waar je het zoeken moet. Dat hoort bij deze tijd.⟨/p> ⟨p>En als u zegt: "Ik vind het allemaal zo verwarrend", dan heb ik een troost voor u: het wordt nog veel erger! Kan dat? Ja, dat kan echt wel. Het is niet verdraaid, nee. En dat is precies ook het eerste wat de Heer daarover zegt.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-8" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="2866" title="Speel af vanaf 47:46">▶ 47:46⟨/button> ⟨span>Het Profetische Woord als Ons Kompas⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Je moet daarin heel erg alert zijn en daarom is het ook zo belangrijk om een kompas te hebben, als we het dan toch even over dat beeld van dwalen hebben. Waar staan we nu? En waar gaan we naartoe? Dat zijn de enige twee dingen die je nodig hebt. Een TomTom vraagt nooit aan jou waar je vandaan komt. Nee, ik kijk nu naar Daniel. Dat is Daniel, Tom. Ja, Daniel is wel erg belangrijk om het profetisch woord te kennen. Maar een navigatiesysteem vraagt nooit waar je vandaan gekomen bent of hoe je zo verdwaald bent geraakt. Dat vinden ze helemaal niet interessant. Psychologen vinden dat altijd wel heel erg interessant: hoe ben je zo in de ellende gekomen? Maar de TomTom vraagt alleen maar: waar zit je? Dat wil hij weten. Hoe noemen ze dat? "Draai om, ja. Bestemming bereikt." Dat is de positionering. Waar ben je nu en waar wil je naartoe? Dat zijn de grote vragen, waardoor je inderdaad weer weet waar je naartoe moet gaan. En dat is het leuke bij een TomTom, je hebt verder helemaal geen verstand nodig van de kaart. Je volgt gewoon de aanwijzingen. Oh, jij hebt daar mindere ervaringen mee zo te zien. Ja, oké. Maar goed, bij een volmaakt navigatiesysteem zou dat toch het geval zijn.⟨/p> ⟨p>U begrijpt wat ik ermee wil zeggen: wij hebben zo'n kompas. We hebben een licht op ons pad. Petrus zegt ook in de tweede Petrusbrief dat wij het profetisch woord hebben dat schijnt als een licht in een donker, eigenlijk staat er in een smoezelige plaats, waar je totaal geen idee van hebt. Dat woord zorgt dat je goed georiënteerd bent. Daarom is het zo belangrijk om bij de Schrift te zijn en niet bij clubjes of een organisatie om daar veiligheid bij te vinden, want ook dat geeft mee. Als je denkt: oh jongens, we zitten nu in een kerk of we zitten in de gemeente en daar hebben we het goed met elkaar, dat is zo misleidend.⟨/p> ⟨p>Trouwens, dat is ook karakteristiek voor deze laatste fase van de aeon. Als we dat even breed nemen, dan zitten wij daar gewoon ook al in. Er is dan maar één ding dat overeind blijft. Eén ding staat en de rest is allemaal in verval. Dat zou je niet moeten verbazen, het zou je moeten verbazen als het ánders was. Dus we hebben de Schrift, that's all. Maar daar heb je ook meer dan genoeg aan. En rond dat woord valt er inderdaad nog een heleboel te beleven, ook met elkaar in de onderlinge geloofsgemeenschap, maar het is alleen dat woord. En voor de rest helemaal niks. En alles wat je méér verwacht, ja, daar verdwaal je in.⟨/p> ⟨p>Je wordt daar wel eens verdrietig van, hè? Dan denk je zelf: ja, ik heb dat echt door. En dan schrijf je iets, en dan verwacht je dat mensen je zo heerlijk bemoedigen met de blijdschap die jij hebt gevonden in het woord: "Gefeliciteerd zuster, wij zijn zo blij met uw woorden." Ja, dat is een van de grote tegenvallers. Toen ik destijds, in 1992, de ontdekking deed dat God de Redder is van alle mensen, sprak ik veel in evangelische gemeenten. Toen dacht ik: wauw, als ik dat ga vertellen, het is zó te onderbouwen! Dan zeggen ze vast allemaal: "Geweldig!" Nou, ik kwam er al heel gauw achter dat het anders was. Het is zo solide, zeker als ik het specifiek over deze waarheid heb. Je kunt het zo geweldig onder bewijs stellen, en het is zo overtreffend geweldig, glorieus, heerlijk en blijmakend. Dan denk je: als je dit weet, dan weet je álles. Wat zouden mensen hier dan ooit nog tegenin brengen? Dus je denkt: toeter het maar uit, en we roepen allemaal geweldig! Maar dan ga je de ervaring opdoen – ik chargeer nu misschien een beetje – dat je het aan de straatstenen niet kwijt raakt. Mensen zitten er helemaal niet op te wachten. Mensen zitten namelijk in hun eigen veilige bouwwerken en eigen organisaties. En als de dominee of de voorganger op de club zegt dat het zus of zo zit, dan hebben ze geen boodschap aan jou. Dat is trouwens ook het grote nadeel van de waarheid kennen: je wordt er erg eenzaam door. Ook dat is waar. Alleen het woord, en niets meer. Maar dat moet ik er dan ook wel weer bij zeggen, en dat vind ik dan alweer erg goed nieuws: als je de waarheid kent, als je dat licht en die voorlichting van dat woord hebt en daardoor voorgelicht wordt, dan wil je ook niet eens anders meer. Toch?⟨/p> ⟨p>En wat hier dus staat, het eerste wat de Heer zegt in zijn antwoord: "Kijk uit dat niemand jullie zou doen verdwalen." Dat doen verdwalen is een karakteristiek die eigen is aan wat je leest over de voltooiing van de aeon en over de dingen in Matteüs 24. Maar ook bij Paulus, ik benadruk het expres even, kijk het maar na in 1 Timoteüs 4. Als hij spreekt over latere tijden, dan is Paulus uitgesproken pessimistisch. Dat klinkt een beetje vreemd als ik het over Paulus heb, want het is de meest hoopvolle boodschap die je maar kunt bedenken. Maar als het gaat om de receptie, de ontvangst in deze aeon, óók en met name in de godsdienstige wereld waar je eigenlijk veel meer van zou verwachten, dan is het uitgesproken pessimistisch wat hij zegt dat je daarvan te verwachten hebt. Het zij zo.⟨/p> ⟨p>En dat bedoel ik nou: het is gewoon belangrijk om dit te weten. Of je hier nou blij mee bent, dat weet je natuurlijk niet echt. Hoe je dat emotioneel verwerkt, zal voor de een makkelijker zijn dan voor de ander. De een is misschien wat meer een gezelschapsdier, een sociaal dier die anderen nodig heeft. Als je van nature al een solist bent, dan kun je dat misschien wat makkelijker behappen. Maar daar gaat het niet om, hoe jouw persoonlijkheid in elkaar steekt. Het gaat erom dat je weet hoe de dingen zijn. Als je dat weet, dan kun je je daar namelijk ook op voorbereiden en dat voorkomt een heleboel frustratie. Frustratie wil zeggen dat je verwachtingen niet vervuld worden. En hoe komt het dat die verwachtingen niet vervuld worden? Omdat je van zaken een te hoge verwachting hebt gehad. Dat kan; van mensen heb je gauw te hoge verwachtingen. Van Hem nooit, maar van mensen wel. En van wat mensen maken en voorbrengen ook. Dat geeft altijd mee, daar kun je niet op steunen. "Kijk uit dat niemand jullie zou doen verdwalen."⟨/p> ⟨p>Oké, de Heer spreekt hier natuurlijk tegen mensen op de Olijfberg. Hij spreekt tegen Judeërs, in verband met Israël. Het gaat niet direct over ons. Dat is meer het onderwerp van Paulus. Ook daar gaan we het overigens de volgende keer, en die keer daarop, uitgebreid over hebben. Maar dit is wel een universeel principe. Naarmate die tijd nadert waar de Heer het hier over gaat hebben, zal het gevaar om misleid te worden zich steeds sterker aan je opdringen. En de echte klapper, die komt natuurlijk straks nog, wanneer er iemand gaat optreden die zal zeggen dat hij de Christus is. En iedereen zal erin trappen. Tussen aanhalingstekens 'iedereen' natuurlijk, maar bijna iedereen. Want, zo zegt de Heer dan in vers 5, we gaan verder.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-9" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="3466" title="Speel af vanaf 57:46">▶ 57:46⟨/button> ⟨span>Velen Zullen Claimen de Christus te Zijn⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>"Want velen zullen komen op de naam van Mij." Ja, het staat in de vertaling: "onder mijn naam", dat is dan idiomatisch weergegeven. Maar ze zeggen gewoon: "op de naam van Mij. Zeggende: ik ben de Christus." Ze zullen komen op de naam van Mij. Wat betekent dat? Je zou toch denken dat dit betekent dat ze dus kennelijk de naam van Jezus erkennen. Toch? Ze komen op Zijn naam. Ja, maar ze komen "op de naam van Mij". Dus ze herkennen de naam van Jezus en zeggen dan vervolgens: "Ik ben de Christus", en zij claimen dus zélf de Christus te zijn.⟨/p> ⟨p>Ik ken ook nog een andere verklaring. Ik zal het nog maar even doorgeven. Een aantal van u kent de naam in ieder geval wel: Martin Zender uit Amerika, die ook geweldige Bijbelstudies geeft. Maar die verklaarde het zo – ik vind het wat speculatief, maar hij zei: "Ja, dat betekent gewoon: ze komen op mijn naam. Ze erkennen mijn naam en ze erkennen dat ík de Christus ben." Zo kun je het denk ik lezen, maar ik vind het niet erg voor de hand liggend.⟨/p> ⟨p>Ik vermoed dat we hier in een heel andere richting hebben te denken. Want de Heer heeft het dus nog steeds over – ter verduidelijking van "ze zullen velen doen dwalen" – "want velen zullen komen op de naam van Mij". Dus in ieder geval op een of andere wijze Mij de credits geven, of Mij erkennen, Mijn naam herkennen. Maar ze zullen zéggen: "Ik ben de Christus." Met andere woorden, ze claimen zélf de Christus te zijn die zou komen.⟨/p> ⟨p>Is dat niet duidelijk? Toch wel. Want dat is precies wat ook nu gebeurt. Per slot van rekening zegt de Heer: er zullen vélen komen. Uiteindelijk zal er één zich gaan voordoen – en dat is waar vele profetische passages over gaan – die zal zeggen: "Ik ben de Christus." En die zal dan uiteindelijk inderdaad de hele goegemeente misleiden. Maar dat komt omdat hij dan ook zal aangeven: ik ben díe Christus die toch zou komen, dan wel weder zou komen.⟨/p> ⟨p>De Joden zeggen: de Messias komt nog. Stel u voor, er komt een vrede daar in het Midden-Oosten. Die gaat er komen hoor! Joden en de Palestijnen sluiten een akkoord. Dat gaat daar in Jeruzalem gebeuren, er komt een akkoord zodat moslims en Joden daar vreedzaam – en als de christenen daar ook nog bij komen – vreedzaam samen kunnen gaan leven. En dat al die krachten, al die landen gewoon de krachten gaan bundelen. En dat daar weer een geweldige opbloei gaat komen. Ze zullen al het wapentuig vernietigen en ze gaan het inzetten voor vreedzame doeleinden. Oftewel: de zwaarden worden omgesmeed tot ploegscharen.⟨/p> ⟨p>Stel je voor. Dan zeggen de christenen nog: jongens, dit is toch precies wat we verwacht hebben? Wij hebben het allemaal zo anders opgevat, maar dit is precies die wederkomst! En de Joden zullen van hun kant zeggen: dit is precies de Messias die zou komen. Maar de moslims ook, want die hebben evengoed hun messiaanse verwachtingen, de Mahdi en dergelijke.⟨/p> ⟨p>"Zeggende: ik ben de Christus. En zij zullen velen doen dwalen." En zoals gezegd: in het bijzonder één figuur. In de aanloop naar die tijd, naar de culminatie, zijn er velen met deze pretentie. Trouwens, in onze dagen ook. Hoevelen hebben zich al niet op die wijze voorgesteld en hebben die claims ook neergelegd? Ik heb nog niet zo heel lang geleden daar het een en ander over gelezen. Het was met name in de jaren negentig, maar ook in het vorige decennium: de Maitreya, kent u hem? Die dat ook zo claimde. Welke rol hij daarin nog zal spelen in dit verband, weet ik niet. Dat maakt ook niet uit. Waar het om gaat is: dit is precíes wat voorzegd is.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-10" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="3782" title="Speel af vanaf 01:03:02">▶ 01:03:02⟨/button> ⟨span>De Opmerkelijke Parallel met de Zegels in Openbaring 6⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>En nu gaat het om één ding, en ik ga u dat in het vervolg in de komende verzen iedere keer laten zien: dat wat de Heer Jezus hier zegt, terwijl Hij op de Olijfberg privé met Zijn discipelen spreekt en antwoord geeft op hun vragen, volstrekt parallel loopt met wat we in Openbaring 6 vinden, waar zegels geopend worden. Laten we daar eens naartoe gaan. We vinden ze namelijk in exact dezelfde volgorde. Dat is het bijzondere, we vinden ze in dezelfde volgorde als waarin de Heer het in Matteüs 24 naar voren brengt. Dat is echt heel opmerkelijk.⟨/p> ⟨p>We gaan naar Openbaring 6. Openbaring 6 gaat ook over die tijd. Het boek heet zo. Het is niet de Openbaring van Johannes, zoals het vaak genoemd wordt. In hoofdstuk 1 vers 1 staat: het is de Openbaring van Jezus Christus. Waarmee dus verondersteld wordt dat Jezus Christus nu verborgen is, toch? Alleen als iets verborgen is, kan het openbaar worden. Wel, Openbaring gaat over de periode dat Jezus Christus openbaar gaat worden, Hij die nu verborgen is. Het meest karakteristieke van de positie van Christus vandaag is dat alles verborgen is en wij in Hem, maar dat zijn waarheden uit de brieven van Paulus. Hij is nu verborgen, maar er komt een tijd dat Hij openbaar gaat worden. Het hele boek Openbaring gaat daarover.⟨/p> ⟨p>In veel symbolische taal wordt dat dan naar voren gebracht. Dat lees je in Openbaring 4 en 5 over een lammetje, dat tevens de leeuw van Juda is. Johannes ziet een lammetje als geslacht, maar er staat: stáánde. Ik blijf dat prachtig vinden. Een lammetje dat geslacht is, normaal gesproken ligt dat, dat is dood. Maar Johannes ziet een lammetje stáánde als geslacht. Dat lammetje dat geslacht is, is dus opgestaan! En dan kijkt hij nog een keer en ziet hij de leeuw van Juda. Dat lammetje dat staat als geslacht, blijkt de leeuw van Juda te zijn, de kroonpretendent. Want Juda is de koningsstam, de scepter is aan Juda toevertrouwd. Vandaar ook de leeuw van Juda, de koning der dieren.⟨/p> ⟨p>Hij is al gezien als de leeuw van Juda, en dan gaat het erom dat er een boekrol geopend moet worden. En die boekrol betreft de eigendomsrechten van deze wereld. Maar wie kan die akte openen? Er is niemand waardig. Johannes is daar zo intens bij betrokken dat hij zeer weent. En dan komt dat lammetje, en Hij is waardig. Hij gaat de boekrol met de eigendomsakte van deze wereld openen, en ook de eigendomsakte van Israël.⟨/p> ⟨p>Ik ga er nu niet nog meer over vertellen, we lezen Openbaring 6 vers 1. "En ik zag", Johannes dus, "toen het lammetje één van de zeven zegels opende." Het staat in het verkleinwoord, hè. Een lam is al klein, maar er wordt hier niet gesproken over een lam, maar over een lammetje. Kan het nog kwetsbaarder? Ja, want het lammetje was geslacht. Goed, Johannes zegt dus: "Ik zag toen het lammetje één van de zeven zegels opende." Die boekrol is verzegeld, niet zomaar, maar met zeven zegels. En voordat die geopend en gelezen kan worden, worden die zegels geopend.⟨/p> ⟨p>Het eerste zegel opent Hij en dan staat er: "En ik zag, en zie, een wit paard, en die erop zat, had een boog en hem werd een kroon gegeven, en hij trok uit, overwinnende en om te overwinnen." Wauw! Als je dit leest, waar zou je dan aan denken? Een ruiter, iemand op een wit paard gezeten, hij heeft een boog en hij wordt bekroond. Kennelijk is het een leider, een koning, en hij trekt erop uit met succes, overwinnend en om te overwinnen. Dat is toch heel veelbelovend? Ik kan u gewoon nu de vraag stellen waar u direct aan zou denken. Dat moet dan een aanduiding van de Messias zijn.⟨/p> ⟨p>Te meer daar je in Openbaring 19 inderdaad leest over de Heer Jezus Christus. "En ik zag iemand op een wit paard gezeten en hij trok erop uit en maakte deze wereld tot zijn eigendom." Ik zeg het nu even met mijn eigen woorden, maar dan gaat het inderdaad ook over een ruiter op een wit paard. Sommigen zijn helemaal verdwaald in het boek Openbaring en hebben gedacht dat het in Openbaring 6 over diezelfde gaat. Maar dat is juist niet zo! In Openbaring 6 is er sprake van iemand die eruitziet áls de Messias. De prins op het witte paard, wacht u daar nog op? Nee, maar de prins op het witte paard, dat is deze. Hij heeft een kroon. Normaal gesproken, en dat is een Bijbels antwoord, is dat een identificatie van de Messias, nietwaar? Maar hier in Openbaring 6 is het niet de Messias, maar iemand die eruitziet als, en ook zal claimen te zijn: de Messias. Een valse dus, een pseudo-messias. Ik noemde zojuist al even dat woord.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-11" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="4222" title="Speel af vanaf 01:10:22">▶ 01:10:22⟨/button> ⟨span>De Witte Ruiter, Valse Vrede en de Verwachting van de Mahdi⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Ik had het even over de Mahdi. Dat is de Messiasfiguur in de islam, binnen de moslimwereld, waar je trouwens ook weer allerlei varianten binnen hebt. Maar het plaatje wat u hier ziet, u ziet het trouwens wel in de tekst met het Arabisch. Daar ben ik niet zo heel erg sterk in, maar het is een aanduiding van de figuur die zij verwachten. In Iran bijvoorbeeld is dat heel sterk. Ik kan zijn naam wel lezen en ik weet meteen over wie het gaat, maar als ik hem uit moet spreken dan breekt mijn tong. Hoe heette die president ook alweer? Ja, het lukt me niet, ik ga het ook niet proberen. Maar u weet wie ik bedoel, die vorige president. Die was er in ieder geval ook zo zeker van. Dat het in zijn dagen zou gebeuren, gewoon in onze tijd.⟨/p> ⟨p>Vergis u niet, dat is heel uniek. Dat wat wij verwachten in onze dagen – en dan bedoel ik 'wij', waar we het vorig seizoen ook over hebben gehad: twee millennia, dan is de tijd op handen, want het is niet anders. Daar hoef je geen Einstein voor te zijn om dat te verwachten. Maar diezelfde verwachting die wij hebben van de tijd van het einde en dat er een heel nieuwe era en een nieuw tijdperk gaat aanbreken, die hebben de Joden ook. Maar de moslims ook! Wat dacht u van die hele opleving die we in onze dagen meemaken? Van die hele revival van de moslimwereld en ook dat enorme zelfbewustzijn. Daar kunnen de christenen niet aan tippen hoor. Want die christenen zijn in de ogen van moslims een stelletje sukkels. Ja, echt! Totaal geen spirit zit daarin, geen strijdbaarheid. Nou vind ik hún strijdbaarheid ook niet echt voorbeeldig, maar daar gaat het niet om. Het gaat even om dat enorme bewustzijn wat zij hebben.⟨/p> ⟨p>Dat is van een heel andere orde, want het hele christendom is compleet verwekelijkt. Dat staat totaal nergens meer voor en de moslims spreken daar met de grootste verachting over. En geef ze eens ongelijk vanuit dat perspectief. Die worden echt niet door de doorsnee christen aangesproken, totaal niet. Afgodendienaars en polytheïsten zijn het in hun ogen, ze zeggen een God drie-enig te dienen, en nog zoveel dingen meer waar christenen zelf niet eens in geloven.⟨/p> ⟨p>Die hele revival van de moslimwereld heeft alles te maken met die verwachting die zij hebben. Zij weten ook: Jeruzalem moet bevrijd worden. En de Mahdi gaat komen. Wat voor figuur dat verder is, dat doet er nu even niet toe, maar zij geloven trouwens ook – en dat is ook zo eigenaardig – in de wederkomst van Jezus als een profeet. Hij zal dan eigenlijk de wereldleider ten dienste staan. Hoe zij dat precies invullen doet er nu even niet toe, het gaat me om het gegeven zelf. Zij verwachten ook de wederkomst van Christus. Van Jezus, precies. Dus als hij komt in de naam van Jezus, dan zijn de moslims de eersten die zeggen: "Alsjeblieft, kom maar binnen."⟨/p> ⟨p>Daarom staat het hele Midden-Oosten in het brandpunt, en laat ik u dit zeggen: het boek Openbaring, zeker als het gaat over die opening van de zegels, gaat juist over Israël en die omgeving, het Midden-Oosten. Trouwens, Matteüs 24 ook. Dat bepaalt ons bij Jeruzalem, de heilige plaats, bij Judea. Die omgeving moet je goed in de gaten houden.⟨/p> ⟨p>Maar wat er gaat gebeuren... dat is het eerste wat in Openbaring vermeld wordt, nog voordat er gesproken wordt over de plagen en de verschrikkingen die er gaan komen, wat we straks ook zullen zien. Het eerste wat er gezegd wordt, is dat er in de wereld een ruiter gaat komen. Dat is beeldspraak, dat begrijp ik. Op een wit paard, de prins op het witte paard. En hij zal een kroon hebben, dat wil zeggen: hij zal heersen. Bovendien zal hij met groot succes te werk gaan en overwinnen.⟨/p> ⟨p>Kijk, en dáár begint de misleiding. Vandaar ook dat het eerste wat Jezus zegt in zijn antwoord is: "Kijk uit dat niemand jullie zou doen verdwalen." De kracht van die deceptie is zo enorm, en dat kun je je voorstellen. Dit is gewoon een messiaanse figuur die oogenschijnlijk, naar de schijn, beantwoordt aan alle messiaanse karakteristieken. Als je de profielschets van de Messias erachter elkaar naast legt, beantwoordt hij daaraan. Tenminste, oogenschijnlijk, daar gaat het even om. Een wit paard, een boog, een kroon en hij overwint. Maar dát is precies de figuur die zal komen: pure misleiding.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-12" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="4584" title="Speel af vanaf 01:16:24">▶ 01:16:24⟨/button> ⟨span>Oorlogen en Geruchten van Oorlogen Na de Misleiding⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Dan staat er: "Jullie zullen echter ook op het punt staan." Dat wil zeggen, dat gaat direct daarop volgen. Zo staat het letterlijk in de interlineair: "Jullie zullen echter ook op het punt staan te horen van oorlogen en geruchten van oorlogen."⟨/p> ⟨p>Hé, dat is iets anders. Eerst misleiding, en dat had alles te maken met die prins op het witte paard. Eerst vrede. Men zal er al om roepen. Dat is trouwens ook wat Paulus in Romeinen, of in 1 Thessalonicenzen 5, zegt. Als ze allemaal roepen: "Vrede, vrede!", kijk dan uit, want dán gaat het gebeuren. Dus ik geloof trouwens dat wij die periode van vrede nog gaan beleven. Ik bedoel gewoon, ik zeg niet dat we dat allemaal nog precies zo zullen meemaken, maar gewoon dat wij als gelovigen, voordat de wegrukking plaatsvindt, die periode van vrede ook nog zullen meemaken. Paulus zegt ook: als allen zullen zeggen "vrede, vrede", dan is wat er in werkelijkheid gaat gebeuren, dat een spoedig verderf hun zal overkomen. Maar hij zegt: wíj weten beter. Dus als iedereen zou zeggen "vrede, vrede", en ze zouden zeggen "dit is het", dan weten we: nou, nu gaat het dus echt héél spoedig gebeuren.⟨/p> ⟨p>We zullen er ongetwijfeld nog wel in een ander verband op terugkomen, maar nu is het even genoeg om erop te wijzen dat dat toch van relatief korte duur zal zijn. Vroeger wist ik dat het precies drieënhalf jaar was, dat weet ik niet meer. Soms word je wijzer. Het zou best kunnen trouwens, drieënhalf jaar hoor, maar de reden die ik daarvoor had, baseerde ik op Daniël 9. Nou ja, u hebt dat met mij meegemaakt en ik geloof dat dat motief niet deugdelijk is. Maar hoe dan ook, hoelang die periode ook zal duren, niet al te lang in ieder geval, men zal zeggen: "Vrede, vrede." En vandaar ook die messiaanse figuur die in dat alles zal optreden en velen zal misleiden. Jullie zullen echter ook op het punt staan te horen van oorlogen en geruchten van oorlogen.⟨/p> ⟨p>Kijk, en nou gaan we blijven bij Openbaring 6. Ik ga u iedere keer meer meenemen naar Openbaring 6. Want het is zo: de ene Schrift verklaart de andere Schrift. En omgekeerd ook. Dat is een algemeen principe natuurlijk voor het verstaan van de Schrift. De Bijbel is een – ik vergelijk het heel vaak met een legpuzzel – het ene stukje heb je nodig om het andere stukje te kunnen plaatsen. En als je al die stukjes geplaatst hebt, dan wordt het panorama alleen maar duidelijker en helderder. Zo wordt het beeld groter en duidelijker.⟨/p> ⟨p>En dat is met de Schrift ook. Matteüs 24 heb je nodig, maar als je Matteüs 24 leest, dan veronderstelt dat ook kennis van andere passages. We zullen dat de volgende keer ook zien. De Heer zegt bijvoorbeeld even later in deze zelfde rede: "En als jullie de gruwel van de verwoesting op de heilige plaats zien staan, waar de profeet Daniël van gesproken heeft – wie het leest, geve er acht op." Met andere woorden, dan gaat Hij zeggen: kijk maar, de profeet Daniël heeft daar al over gesproken.⟨/p> ⟨p>Met andere woorden, als Hij in Matteüs 24 deze dingen uiteenzet, dan veronderstelt Hij als bekend wat er in de profeten staat. Hij bouwt daarop voort. Net zo goed als dat later, als Johannes het boek De Openbaring geeft, schrijft en optekent. Ja, dan veronderstelt hij eigenlijk de bekroning van het hele profetische bouwwerk. Vandaar ook dat het wemelt van allemaal referenties, schriftplaatsen en verwijzingen naar tal van passages in Ezechiël, in Jeremia, in Jesaja, noem maar op. En het boek De Openbaring is dan, zeg maar, de bekroning daarvan. Maar je kunt het boek Openbaring dus nooit begrijpen zo los van de rest. Dat is absoluut en volstrekt onmogelijk.⟨/p> ⟨p>En nu wilt u natuurlijk nog weten wat Openbaring 6 te maken heeft met die oorlogen en die geruchten van oorlogen. Maar ik denk dat we er verstandig aan doen om dat te parkeren voor de volgende keer, want ik zie dat inmiddels de tijd nabij is. Ja, dat is wel een mooie manier om deze Bijbelstudie af te sluiten: mensen, de tijd is nabij. De wijzer staat bijna op de twaalf.⟨/p>