⟨h3 id="hoofdstuk-1" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="0" title="Speel af vanaf 00:00">▶ 00:00⟨/button> ⟨span>Introductie: de Titel van de Avond Berust op een Misverstand⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Dankjewel, Wolter, voor deze introductie. Laat ik vanavond beginnen met iets te bekennen: de titel van deze avond berust op een misverstand, waar ik pas gisteren achterkwam.⟨/p> ⟨p>Het overkoepelende thema van al deze avonden is het "Evangelie van..." en dat is iedere keer rechtstreeks overgenomen uit de Schrift. Dat wil zeggen: allerlei termen en frasen die we tegenkomen in het Nieuwe Testament. Het Evangelie van de vrede, het Evangelie van de redding, het Evangelie van Christus, et cetera. Het Evangelie van het Koninkrijk hebben we gehad, en het Evangelie van mij.⟨/p> ⟨p>De titel van vanavond voldoet niet aan dat criterium. En waarom is het er dan toch tussen geslopen? Dat is een misverstand. Tot gisteren dacht ik namelijk – en toen had ik het ook zo aangekondigd – dat ik het zou gaan hebben over het Evangelie van de verborgenheid. Toen kwam ik erachter dat dat helemaal geen Bijbelse uitdrukking was. Het is namelijk niet het Evangelie van de verborgenheid, maar het is de verborgenheid van het Evangelie.⟨/p> ⟨p>Dus ik kon – dat was een optie – gisteren alsnog de boel helemaal omgooien. Maar ik heb besloten om dat toch niet te doen. Want in de praktijk – en dat hoop ik later nog wel duidelijk te maken – maakt het bij nader inzien niet zo gek veel verschil. Ik heb nog even overwogen om het te noemen: het Evangelie van de vrede. Daar komen we straks ook nog over te spreken, want daar komt het feitelijk op neer.⟨/p> ⟨p>Maar goed, dit wat betreft de merkwaardige structuur, gezien in het licht van het overkoepelende thema. De merkwaardige structuur van de titel van deze avond, maar daar doen we verder niet moeilijk over. Ik weet zeker dat dat verder geen probleem zal zijn.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-2" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="131" title="Speel af vanaf 02:11">▶ 02:11⟨/button> ⟨span>Terugblik: het Evangelie van het Koninkrijk en Paulus' Pauze⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Laat ik ter inleiding eerst nog even terugblikken op de voorgaande keren. Dat wil ik doen aan de hand van een schema. We hebben het de tweede avond – de eerste keer was een introductie tot het thema in het algemeen – gehad over het Evangelie van het Koninkrijk voor Israël. Het gaat over het Koninkrijk voor Israël, een Israëlitisch koninkrijk waarvan de zetel gevestigd is in de hoofdstad Jeruzalem en dat vanuit Israël zelfs wereldwijd gevestigd zal worden. Wij verwachten dus een Israëlitisch wereldrijk. Dat is een blijde tijding die al de profeten hebben aangekondigd: ooit komt er een dag dat de Messias zal komen om Israël te herstellen, en dan zal Israël het centrum zijn van een wereldomvattend rijk.⟨/p> ⟨p>In de Evangeliën lezen we dat dit Koninkrijk wordt aangekondigd. Het Koninkrijk is nabijgekomen, en elke Israëliet wist wat dat betekende, namelijk het door de profeten van weleer aangekondigde en beloofde Koninkrijk. Jezus heeft dat gedurende zijn bediening op aarde gepredikt en de twaalf ook weer. Zij hebben gepredikt dat de Koning – inmiddels gekruisigd, gestorven, begraven en opgestaan uit de doden – nu de opgestane Messias van Israël is. Het hele boek Handelingen gaat feitelijk over de vraag: "Herstelt Gij in deze tijd het Koninkrijk voor Israël?" De twaalf hebben dat gepredikt.⟨/p> ⟨p>Wat we ook gezien hebben, is dat die lijn wordt onderbroken – daarover straks meer – maar die lijn is niet afgebroken. Integendeel, die gaat straks te zijner tijd weer verder. Ook de termijn daarvan is tevoren aangekondigd; dat staat trouwens op een verborgen wijze in de profeten, maar dat had je kunnen verwachten in dit verband. Die boodschap gaat in de eindtijd alsnog weer gepredikt worden, in de voleinding der aeon. In de meeste vertalingen heet dat de voleinding der eeuw. Dat wil zeggen dat deze boze aeon afgesloten wordt en gaat plaatsmaken voor een nieuwe aeon, de komende aeon, waarin Christus zal heersen. Israël zal daar dus een hoofdrol in spelen en dan zal daadwerkelijk ook het Koninkrijk gaan aanbreken.⟨/p> ⟨p>Wat u hier dus ziet, is een voorstelling van het Evangelie van het Koninkrijk, bestemd voor en ook door Israël. Die lijn is onderbroken, en die onderbreking heeft alles te maken met de bediening van Paulus. De naam Paulus heeft zelfs alles te maken met het woord pauze. Dat beantwoordt helemaal aan die lijn: een onderbroken lijn, een onderbreking in de geschiedenis waarbij Israël tijdelijk buitenspel staat. Israël is nu ongelovig; zij zijn in deze tijd vijanden van het Evangelie, zoals Romeinen 11 zegt. Nu is er een heel bijzondere situatie, namelijk dat de redding is gezonden aan de natiën. Terwijl Israël tijdelijk terzijde staat, is de redding en zoveel meer naar de natiën toegegaan. Dat heeft alles te maken met deze tussentijd. Dus terwijl in het Evangelie van het Koninkrijk Israël de hoofdrol speelt, staat Israël in deze onderbreking juist buitenspel.⟨/p> ⟨p>Dat heeft alles te maken met de bediening van de apostel Paulus. We hebben het daar trouwens ook nog een hele avond over gehad, namelijk "het Evangelie van mij", zoals Paulus dat noemt. In Romeinen 16, het slot van de Romeinenbrief, zet Paulus dat schitterend uiteen. Hij zegt daar trouwens ook dat dit te maken heeft met een geheimenis. Dat brengt me op dat laatste woord wat hier ook echt bij hoort: de verborgenheden. Ik zeg het in het meervoud, maar ik had het ook in het enkelvoud kunnen zetten. Dan krijg je het idee van een verborgenheid met allerlei aspecten, maar al die aspecten zijn in zichzelf ook weer verborgenheden. Het zijn allemaal verborgen kanten van deze onderbreking.⟨/p> ⟨p>Paulus is de beheerder van de geheimenissen Gods, zo zegt hij dat in 1 Korinthe 4. Verborgenheden. Een geheime periode die niet was voorzien en niet was aangekondigd. In het verborgene vind je het wel in de profeten en de Tenach in het algemeen, maar daarom heet het ook een verborgenheid. Het staat daar niet openlijk en het was dus onbekend; het was verborgen. Alles wat met deze tijd te maken heeft, heeft te maken met een verborgenheid. Het Koninkrijk is trouwens ook nog eens verborgen. De Koning is verborgen en zij die aan de Koning toebehoren – of zo u wilt: Hij het Hoofd en wij het Lichaam, want dat is de terminologie van de apostel Paulus. Ook dat was een verborgenheid die je nergens bij de profeten vindt. Dat is allemaal verborgen.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-3" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="529" title="Speel af vanaf 08:49">▶ 08:49⟨/button> ⟨span>Efeze 3: de Onnaspeurlijke Rijkdom en het Beheer van de Verborgenheid⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>En dat is nog een andere inleidende opmerking. Ik wil wat lezen uit Efeze 3, zonder daar nu te diep op in te gaan, maar het bepaalt ons wel meteen bij de zaken waar we het ook vanavond weer over gaan hebben, namelijk de boodschap van de apostel Paulus. Paulus, die alles te maken heeft met deze tijd, met deze onderbreking. En ja, er is geen brief waarin zo uitdrukkelijk, maar ook zo breedvoerig en uitvoerig gesproken wordt over de verborgenheden. De verborgenheid van, nou, Efeze 1, van de volheid der tijden; en Efeze 3 over de verborgenheid van Christus. Paulus zegt dan ook dat alles aan hem is bekendgemaakt en toevertrouwd.⟨/p> ⟨p>Lees met mij mee uit Efeze 3. Dan zegt hij dit – en ik stond even in de verleiding om een veel grotere passage te nemen, maar dat zou een beetje te ver voeren – maar dit lijkt me een heel aardige teaser, zoals dat heet. "Mij", zegt Paulus dan, "verreweg de geringste van alle heiligen, is deze genade te beurt gevallen." Ook zo’n sleutelwoord dat juist te maken heeft met die tussenperiode: overvloedige genade. Mij, verreweg de geringste van alle heiligen, is deze genade te beurt gevallen om aan de natiën de onnaspeurlijke rijkdom van Christus te evangeliseren.⟨/p> ⟨p>Ik gebruik expres even dit woord, gewoon omdat Paulus dat ook gebruikt: de werkwoordsvorm van het goede bericht. 'Goed-bericht-igeren', weet u wel. En het is onnaspeurlijke rijkdom. Dat wil zeggen, het is rijkdom die in voorgaande generaties niet is bekendgemaakt. Dat zegt hij dan in vers 2 en 3 en de navolgende verzen. In voorgaande geslachten is het verborgen gebleven, niet bekendgemaakt en daarom onnaspeurlijk. Ja, nu het eenmaal geopenbaard is, is het na te speuren, dat is duidelijk. Maar het is onnaspeurlijke rijkdom van Christus die hij evangeliseert en bekendmaakt; als een goed bericht doorgeeft. Het heeft alles te maken met genade. En uitgerekend hij, de geringste van alle heiligen, de eerste der zondaren, juist hij is uitgekozen omdat juist hij bij uitstek een demonstratiekanaal is van genade. Een embleem van genade.⟨/p> ⟨p>En dan zegt hij er nog iets bij: "aan de natiën de onnaspeurlijke rijkdom van Christus te verkondigen en daarbij in het licht te stellen wat..." Nou, dit is een foutje in de tekst, dat moet zijn: het beheer. Wat het beheer of de huishouding inhoudt, want dat zal de vergissing geweest zijn; andere vertalingen zeggen 'de huishouding'. In de NBG-vertaling staat 'de bediening', maar dat is in ieder geval fout. Of ben ik nou in de war? Is het de Statenvertaling die hier 'bediening' zegt? NBG ook? Ja, wacht even, in de Statenvertaling staat het wel correct: 'de bedeling'. Klopt dat? Oh ja, dat is nog fouter. Ja, nee, dat klopt helemaal niet. Dat is ook zo. Het staat er gewoon als 'oikonomia'. Dat is inderdaad de huishouding, als je het heel letterlijk vertaalt, in de zin dus ook van het beheer. In het licht te stellen wat het beheer van de verborgenheid inhoudt.⟨/p> ⟨p>Dus aan Paulus is een beheer gegeven. Hij is dus de beheerder. Namelijk van wat? Van de verborgenheid. Nou, dat heeft alles te maken met die tijd waarin aan de natiën een onnaspeurlijke rijkdom wordt geëvangeliseerd. En hij mag dat alles in het licht stellen: wat deze verborgenheid allemaal inhoudt. En dan wordt er ook nog bijgezegd, als nadere toelichting van dat woord 'onnaspeurlijk', dat het van aeonen her – dus niet alleen de voorgaande generaties zoals in vers 6 geloof ik staat – maar ook van aeonen her, in de voorgaande aeonen verborgen is gebleven in God, de Schepper van het al.⟨/p> ⟨p>Er is dus God, Hij is dé God. Hij plaatst alles, maar Hij heeft iets geheim gehouden. Het loutere feit dat de dingen gegaan zijn zoals ze gegaan zijn. Het loutere feit dat Israël – ik kom er later vanavond op terug – een misstap heeft begaan en dat Israël nu terzijde staat in ongeloof en in vijandschap, dat is geen fout. God is niet overgegaan op plan B. Nee, het is van aeon al zo de planning. En trouwens, als ik even verder had gelezen, dan staat daar in vers 11 dat er gesproken wordt over het voornemen der aeonen. Naar het voornemen, naar het plan der aeonen dat Hij in Christus uitvoert.⟨/p> ⟨p>Dus God heeft een geweldig plan en momenteel wordt er iets beheerd, uitgewerkt, uitgevoerd en bekendgemaakt dat al die tijd, al die voorgaande aeonen, verborgen was. Onnaspeurlijk toentertijd en inmiddels dus geëvangeliseerd en op schrift gesteld. En Paulus doet dat vanuit de gevangenis; daar bereikt hij hoogten die ongekend zijn. Nou, dat leek me een aardige introductie tot het onderwerp van vanavond.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-4" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="893" title="Speel af vanaf 14:53">▶ 14:53⟨/button> ⟨span>Efeze 6: Vrijmoedig Spreken over het Geheim van het Evangelie⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>En dan gaan we nu over naar Efeze 6, want daar vinden we die uitdrukking die de titel van deze avond vormt, namelijk: het geheim van het evangelie. Ik begin te lezen in vers 18, nadat Paulus die wapenrusting van God heeft uiteengezet. Hij zegt in vers 18: "En bid daarbij met aanhoudend bidden en smeken voor alle heiligen." Dat wil zeggen, Paulus sluit aan bij de gebeden die hij al eerder in deze brief op schrift had gesteld. In Efeze 1 vinden we aan het slot een gebed van Paulus, en in Efeze 3 wederom een gebed. Hij zegt daar in vers 14: "Om deze reden buig ik mijn knieën voor de Vader."⟨/p> ⟨p>En weet u wat hij dan doet? Hij bidt niet voor allerlei stoffelijke behoeften of voor de dingen waar wij meestal voor bidden. Ik zeg wij, maar ik bedoel in het algemeen dat wat zo voor de hand liggend lijkt. Het opmerkelijke is dat Paulus dat nooit doet. Kijk het maar eens na in zijn brieven: Paulus bidt nooit voor de stoffelijke dingen. Niet omdat dat niet belangrijk zou zijn, maar omdat Paulus een heel andere mindset had. Paulus wist: God zorgt. Hij zal in al onze behoeften naar Zijn rijkdom voorzien. Dat is gewoon een garantie waar we op voorhand van uitgaan. Daar hoeven we helemaal niet voor te bidden; daar kunnen we God voor danken. Hij geeft ook alles als het gaat om de omstandigheden van het leven; Hij zorgt voor ons en daarom zegt Paulus zo laconiek: "Verblijd u te allen tijde en wees in geen ding bezorgd."⟨/p> ⟨p>Niet omdat je niet bezorgd mag zijn – sommige mensen vatten dat zo op, maar als je het zo opvat, heb je er nog een zorg bij. Want dan denk je: ik was bezorgd en nu krijg ik te horen dat het niet mag, hoe kom ik nu van mijn zorgen af? Maar zo is het helemaal niet. Het punt is simpelweg de boodschap: er is Er Één die voor jou zorgt. ⟨em>Don't worry.⟨/em> Dat is het. ⟨em>Be happy⟨/em>, inderdaad. Ik verdenk degene die dat plaatje heeft gemaakt ervan dat hij dat van Paulus heeft gestolen. Gelukkig stond er op Paulus' geschriften geen copyright, vandaar ook dat wij daar gewoon vrijelijk gebruik van maken, Godzijdank.⟨/p> ⟨p>Daar bidt hij dus niet voor. Ik lees overigens één keer dat hij wel voor iets dergelijks heeft gebeden, tot drie keer toe zelfs: voor een doorn in het vlees. Wat dat dan ook geweest mag zijn, dat doet er nu niet toe, maar het gaat in ieder geval om iets in het vlees. Hij heeft daar drie keer voor gebeden en weet u wat toen het antwoord was? "Mijn genade is u genoeg en Mijn kracht wordt in uw zwakheid volbracht." Dat vind ik schitterend, want dat is precies wat ik bedoel: wij hebben op voorhand de garantie dat juist Zijn genade genoeg is. Meer dan genoeg. Dat is niet een ideaal waar wij naar streven; het is niet ons plafond, het is de vloer waarop we staan. Het is de rotsgrond van waaruit we mogen leven. Dat is een geweldig niveau als je daarop mag staan, een geweldige hoogte. Als je zo geplaatst bent in Christus, op zo'n hoog niveau, dan mag je zo leven. Dat is een geweldig rijk leven.⟨/p> ⟨p>Maar goed, wat deed hij dan wel? Hij bad voor verlichte ogen in Efeze 1 en voor besef: ⟨em>epignosis⟨/em>. Realisatie. De realisatie van wie Hij is, hoe rijk wij zijn en de geweldige schatkamer van Hem. Dat we dat zouden beseffen, dat is Paulus' voortdurende gebed. Hij roept op om ook daarin navolgers van hem te zijn. In vers 19 gaat hij verder: "Ook voor mij, dat mij bij het openen van mijn mond het woord geschonken worde, om vrijmoedig het geheimenis van het evangelie bekend te maken."⟨/p> ⟨p>Vrijmoedig, dat is een mooi woord. Weet u wat dat betekent? In het Grieks is het ⟨em>par-rhesia⟨/em>. Dat bestaat eigenlijk uit twee delen, twee componenten: ⟨em>pan⟨/em> heeft te maken met 'alles' en ⟨em>rhesia⟨/em> heeft letterlijk te maken met 'stromen' – maar dan in de zin van dat wat eruit komt. Het idee is dat als je spreekt, dat als water is. Dat wordt in de Bijbel heel vaak zo vergeleken; spraak komt als stromen van levend water die uit het binnenste vloeien. Woord is water en dat komt uit je mond. Sommige mensen nemen dat heel letterlijk en spreken met consumptie, maar het idee is dat je inderdaad woorden spreekt.⟨/p> ⟨p>⟨em>Par-rhesia⟨/em> betekent vooral: alles stroomt, alles wordt gezegd. Dat wil zeggen: zonder terughoudendheid. Iemand die vrijmoedig is, houdt zich niet in en loopt niet op eieren. Die hoeft zich niet af te vragen of hij iets wel of niet kan zeggen. Op het moment dat je zo moet spreken omdat de kerkenraad bijvoorbeeld heeft gezegd wat je wel en niet mag vertellen, of omdat je moet uitkijken voor het publiek, dan ben je niet meer vrijmoedig. Paulus zegt overigens ook: "Als ik nog mensen trachtte te behagen, dan was ik geen slaaf van Christus meer." Als je in Zijn dienst staat, word je geacht door te geven wat Hij jou bekend heeft gemaakt, zonder enige terughoudendheid. ⟨em>That's it.⟨/em> Niet goed? Hoe was het ook alweer? Niet goed, geen geld terug.⟨/p> ⟨p>Vrijmoedig, zonder enige terughoudendheid, het geheimenis van het evangelie bekendmaken. Het geheim van het goede bericht. Als hij het heeft over het geheim – ik gaf het zojuist al even aan – dan gebruikt hij het Griekse woord ⟨em>mysterion⟨/em>. De Statenvertaling zegt 'de verborgenheid' en je zou ook nog 'het mysterie' kunnen verdedigen. Alleen is het nadeel van het woordje mysterie dat het bij ons een beetje de suggestie wekt dat het mysterieus blijft, maar dat is niet de gedachte. Het is een geheim, en op het moment dat het verteld is, is het voor jou geen geheim meer.⟨/p> ⟨p>Paulus maakt het geheim van het evangelie, van het goede bericht, bekend en hem is er alles aan gelegen om dat inderdaad te vertellen. Dat woord 'geheim' is een sleutelbegrip in zijn bediening, want hij heeft dingen te horen gekregen die nooit eerder geopenbaard waren. We hebben het de vorige keren gehad over Galaten 1 en 2: Paulus is afzonderlijk geroepen. Hij is niet in de leer gegaan bij de twaalf of naar Jeruzalem gegaan; nee, hij is door de Heer geroepen vanuit de hemel, buiten het land – allemaal heel karakteristiek. Maar hij is vervolgens ook onderwezen. Hij is niet naar mensen gegaan om onderwezen te worden, maar hij is naar Arabië gegaan. Net zoals de Heer Zich ooit in Arabië aan Mozes bekendmaakte en hem van alles vertelde, zo heeft de Heer Zich ook aan Paulus geopenbaard in Arabië en hem geheimen toevertrouwd. Ongetwijfeld was Paulus een geweldige kenner van de Schriften en van de Joodse traditie, maar daar is de bedekking van het oude verbond voor hem weggehaald. En weet je wat er gebeurt als de bedekking van het Oude Testament wordt weggenomen?⟨/p> ⟨p>Als die weggehaald wordt, dan ontdek je heel veel. Als de bedekking weggenomen wordt, dan betekent dat dus een ontdekking van het Oude Testament. Zoals Paulus zegt van het jodendom: er is een bedekking op hun hart, maar ook een bedekking op de voorlezing van het Oude Verbond. Ze lezen het, maar ze zijn niet in staat om tot de kern, tot de diepte door te dringen. Dus ze lezen het per definitie oppervlakkig.⟨/p> ⟨p>Tot het zich bekeert tot de Heere – "tot het bekeerd zal worden tot de Heere", moet ik zeggen – en dan wordt de bedekking weggenomen. Dan gaan ook zij die ontdekking doen.⟨/p> ⟨p>Maar goed, het geheim van het Evangelie, of het geheimenis van het Evangelie... de verborgenheid van het Evangelie. Nu zou je hier de vraag kunnen stellen: welke verborgenheid? We hebben al even op voorhand vastgesteld dat de verborgenheid altijd te maken heeft met die onderbreking in de heilstijd. Ik kom daar nog op terug en we zullen dat ook nog wel zien, maar dat zal nu ook weer blijken.⟨/p> ⟨p>Het is ook heel specifiek, want laten we even doorlezen. Ik stel expres even deze vraag, hoewel je misschien oppervlakkig zou kunnen denken dat Paulus deze vraag niet direct beantwoordt. Maar hier staat dus: het geheimenis van het Evangelie. Welk geheimenis? Laten we gewoon even verder lezen.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-5" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="1565" title="Speel af vanaf 26:05">▶ 26:05⟨/button> ⟨span>Een Ambassadeur in Ketenen: de Verrassende Boodschap van Vrede⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Hij zegt in vers 20: "waarvoor ik een gezant ben in ketenen". Dit woord 'gezant' komt maar twee keer voor, en we zullen ze alle twee de keren ook vanavond bespreken. Maar een gezant is niets anders dan wat er bij ons ook is: een ambassadeur. In de interlineair staat het ook zo weergegeven en, als ik me niet vergis, in de Concordant Version ook. Een ambassadeur. Waarvoor ik een ambassadeur ben, zegt Paulus, in ketenen.⟨/p> ⟨p>Nu is dit, ongeacht of dat nu in deze tijd is of in de dagen van Paulus, de reinste schending van het internationaal recht. Een ambassadeur is namelijk onschendbaar. Hij wordt geacht in vrijheid zijn werk te doen in het gastland waar hij vertoeft, en het gastland staat ervoor garant – wordt geacht ervoor garant te staan – dat deze ook inderdaad zijn gang kan gaan en in vrijheid mag opereren.⟨/p> ⟨p>Wat Paulus is, dat is niet zo moeilijk. Paulus noemt zich een gezant, een ambassadeur, namelijk van Godswege. En hij bevindt zich nota bene in de stad, in de hoofdstad in die dagen van het wereldrijk: Rome. Daar is hij gevangen. Hij is een gezant in ketenen, een ambassadeur die gevangen is. Letterlijk staat het trouwens in het enkelvoud: in keten. Wat het verschil precies is, daar wil ik nu even van afblijven, maar één ding moet duidelijk zijn: een gezant in ketenen zou normaal gesproken altijd de inleiding zijn voor een oorlog. Als een ambassadeur of de ambassade wordt aangetast, dan is dat in wezen een oorlogsverklaring.⟨/p> ⟨p>Maar nu is het hier precies omgekeerd. Paulus zegt: "Ik ben een gezant in ketenen." Dat betekent dus dat er in wezen sprake is van een oorlogsdaad, een daad van vijandschap. En wat verkondigt deze ambassadeur, ondanks het gastland Rome, het Romeinse wereldrijk dat vijandschap verklaart en zich zo opstelt? Deze ambassadeur verkondigt vrede. En dat kan ik rustig zo zeggen, want dat is namelijk de uitdrukking die hij een paar verzen eerder bezigt. Ik heb nog even overwogen – dat zei ik al in mijn eerste opmerkingen – of het ook een optie was geweest om vanavond als titel te geven: Het Evangelie van de Vrede. Uiteindelijk komt dat op hetzelfde neer.⟨/p> ⟨p>Want Paulus is een gezant in ketenen van welke boodschap? Wel, van het Evangelie. Hij zegt in Efeze 6 vers 15: "de voeten geschoeid met de bereidvaardigheid..." Dat is een wat merkwaardige uitdrukking waar ik nu aan voorbijga; het gaat me even om het type Evangelie of de inhoud ervan. Het Evangelie, het goede bericht van de vrede. God boodschapt vandaag namens Zijn ambassadeur, degene die het beheer heeft gekregen van de verborgenheid en van de genade Gods. Aan hem is het bekendgemaakt. Hij heeft het niet alleen verteld en doorgegeven, uitgebazuind en geheraut; hij heeft het, godzijdank, ook opgetekend. En dat is het handvest, dat is de boodschap in de ambassade van Gods ambassadeur: het Evangelie van vrede.⟨/p> ⟨p>Paulus zegt nog: "Bid voor mij dat ik dat vrijmoedig zal doen." En dan zegt hij ook: "Dan zal ik daartoe ook vrijmoedig kunnen optreden, zoals ik het behoor te spreken." Ik vind het trouwens mooi, hij zegt het nog sterker. Hij zegt letterlijk: "het is bindend". Ik kan niet anders, hij is een ambassadeur. Het bevestigt precies waar ik het zojuist ook al even over had. We hebben geen opties; het is niet zo van: "Welke boodschap zullen we nu eens uitzoeken of vertellen?" Nee, er is één Evangelie voor ons vandaag. Dat is de boodschap, het Evangelie, het goede bericht dat aan Paulus was bekendgemaakt. Dat is bindend om te spreken. Of zoals hij elders zegt: "Beveel en leer dit." Dat is gezonde leer. Al het andere is dus ongezond. Maar dit is ook het allermooiste en dat zou verteld worden: het Evangelie van de vrede, waarvoor Paulus zegt: "Ik ben daarvan een ambassadeur in ketenen." En nu neem ik u vervolgens mee naar 2 Korinthe 5.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-6" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="1899" title="Speel af vanaf 31:39">▶ 31:39⟨/button> ⟨span>Korinthe 5: Verzoening Gaat uit van God, Niet van de Mens⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Want ook daar vinden we dat Paulus zegt dat hij een gezant is. Ik zei al, die uitdrukking gezant of ambassadeur komt twee keer voor in het Nieuwe Testament en wel in Efeze 6, waar Paulus dus zegt: "Ik ben een ambassadeur in ketenen van het geheimenis van het evangelie." Maar wat is dat geheimenis van het evangelie dan? Nou, dat is het evangelie van de vrede. En dat dat inderdaad zo is, daar worden we vervolgens in bevestigd als we naar 2 Korinthe 5 gaan, waar Paulus ook verklaart dat hij een gezant is, een ambassadeur.⟨/p> ⟨p>Voordat we daartoe komen, wil ik eerst beginnen te lezen in vers 18. Dat is wel lastig: waar haak je aan? Want die voorgaande verzen zijn namelijk ook al zo belangrijk. Maar goed, je moet ergens beginnen. Paulus verklaart dan dit: "En dit alles is uit God." Terwijl ik het zeg, denk ik: ja, je ontkomt er niet aan om dan toch even te vertellen wat dan wel uit God is. Vers 17 zegt: "Zo is dan wie in Christus is een nieuwe schepping. Het oude is voorbijgegaan. Zie, het nieuwe is gekomen. En dit alles is uit God." Dat wil zeggen: het verzint geen mens, het is ook niet wat een mens realiseert. Het is uit God, uit de God. Let op dat bepaalde lidwoord. We hebben het over die ene God en alles is uit Hem. En trouwens ook door Hem en tot Hem, maar dat is weer Romeinen 11 vers 36. Dat is wel juist weer zo veelzeggend als we het hebben over God. Wie is God? Wel, dat is Degene uit wie, door wie en tot wie alles is. Hoe bedoel je alles? Nou gewoon, alles. Het al. En alles betekent dus niets uitgezonderd. Als er maar één God is, dan kan het niet anders dan dat alles uit Hem is. En als er één God is, dan kan het ook niet anders dan dat alles door Hem is – door wie anders? Er is maar één God. Maar als er maar één God is, dan betekent dat ook dat alles tot Hem is – tot wie anders? Er is maar één God.⟨/p> ⟨p>Kijk, dat noem ik nou theologica. Dit is echt theologie. Theos, dat is het Griekse woord voor God; eigenlijk betekent het 'de Plaatser'. Wel, als je de Plaatser kent, dan volgt daar logischerwijs iets uit, namelijk dat alles uit, door en tot Hem is. Dat is theologie, goddelijke of, zo u wilt, Bijbelse theologie. En de grap is – maar terwijl ik grap zeg, denk ik van: nou, zo grappig is dat niet – want het is eigenlijk de verdraaier, de god (met een kleine letter) van deze aion die dat verdraait. Die heeft een heel andere theologie ontworpen, die van deze theologica niets wil weten.⟨/p> ⟨p>Alles is uit God. Ik lees verder, want we moeten bij ons onderwerp blijven: "Dit alles is uit de God die door Christus ons met Zich verzoend heeft." Nou, dat 'verzoend heeft' is in het Grieks een aorist. Daar hebt u vast wel eens van gehoord, maar dat betekent letterlijk 'zonder horizon'. Het feit wordt gesteld los van het tijdsaspect. Het is geen film, om zo te zeggen, het is een foto. God verzoent door Christus. Let op trouwens – ik heb het zo vaak gehoord en ik heb het zelf ook een hele tijd gedacht, en u hebt het vast ook heel vaak gehoord – maar dat God Zich met ons verzoent... Ik daag u uit: dat staat nergens in de Bijbel. God verzoent Zich niet met ons. God heeft Zich ook nooit met ons verzoend en ik zal u daar een hele eenvoudige reden voor geven: God was nooit een vijand. God is nooit een vijand geweest. Hij hoeft Zich niet te verzoenen met ons. Maar het staat ook nergens in de Bijbel. God verzoent ons met Zich. Hij is geen vijand. Wij, de wereld in het algemeen, zijn van Hem vervreemd en vijandig. Dat is de wijze waarop het staat hier in 2 Korinthe 5, maar lees het maar elders ook, in Romeinen 5 en andere Schriftplaatsen. Het is altijd de waarheid: God verzoent de wereld met Zich, nooit omgekeerd. We zullen het straks trouwens nog een keer zien.⟨/p> ⟨p>Nou, voor nu even genoeg daarover. Maar in elk geval dus dit: dat God... "Dit alles is uit de God die door Christus ons met Zich verzoent." Tijdloos, het feit wordt gesteld: "...en ons de bediening – de diakonie, de bediening – van de verzoening gegeven heeft." Aan ons. En dat blijkt breed te zijn. Paulus sluit zich daarbij in, maar dat is niet exclusief, dat zullen we straks ook nog even zien. Maar ik lees even verder: "...ons de bediening van de verzoening gegeven heeft, welke immers hierin bestaat..." Dat is een hele zin, maar in het Grieks zijn er maar twee letters. U ziet, men heeft het zo weergegeven: "welke immers hierin bestaat", maar in het Grieks staat er gewoon "als". Dat is trouwens geen kritiek hoor, want soms vereist een taal nu eenmaal wat meer woorden, maar het idee is gewoon: het staat hier heel kort. "Als dat God in Christus de wereld met Zichzelf verzoenende was." Het staat hier in een onvoltooide werkwoordsvorm: Hij was de wereld met Zichzelf verzoenende. Ook hier weer: niet Zich verzoenende met de wereld. God was niet Zich verzoenende met de wereld, nee, God was de wereld met Zich verzoenende.⟨/p> ⟨p>Wie was dan vijandig? Want even voor de helderheid over het begrip verzoenen: het grappige is – dat vind ik wel echt met recht grappig – dat de wereld veel beter weet wat verzoenen is dan christenen. Als je in het seculiere circuit het begrip verzoening tegenkomt, dan is dat altijd als tegenstelling van vijandschap. Als je in de krant leest dat een of andere mogendheid of een staatsvorst zich verzoent met een oorlogsland, een land waarmee het in oorlog is, dan weet je meteen wat er aan de hand is als je het begrip verzoenen tegenkomt. Die twee stonden op vijandige voet en nu gooien ze het – in de wereldse sfeer is het vaak op een akkoord gooien – maar in elk geval is er weer harmonie. Vijandschap wordt vrede. Dat is wat verzoenen is. Verzoenen betekent: vijanden worden vrienden. Vijandschap verandert in vrede. Waarbij het in dit geval kan zijn dat beiden vijandig staan ten opzichte van elkaar, maar in dit geval is dat niet aan de orde. Er is slechts één partij vijandig: de wereld. De wereld was vijandig. Je leest niet dat God Zich verzoende, want God heeft de wereld lief. Hij is nooit in vijandschap ten opzichte van de wereld geweest.⟨/p> ⟨p>Maar God was in Christus de wereld met Zich verzoenende. Dat is trouwens nog niet eens gecompleteerd. Dat staat hier ook, hè? Hij was in Christus de wereld met Zich verzoenende. Dat wil zeggen: de verzoening werd toen ingezet, maar is niet gecompleteerd. Die verzoening is pas compleet... U hoort misschien nu dingen waarvan u zegt: "Dat heb ik altijd anders gedacht", maar goed, dan bent u in ieder geval niet voor niks op een Bijbelavond geweest. Die verzoening is pas compleet als er geen enkele vijand meer is. Wij zijn nu al verzoend – wij, ik bedoel wij die geloven, wij die dat amen zeggen op dit woord van verzoening – wel, wij zijn nu verzoend. De wereld nog niet. Maar de boodschap is juist: God verzoent het al. En die verzoening is ingezet, inderdaad in Christus. En wel hoe? Dat is dan de vraag: hoe dan wel? Kijk, laten we even de draad vasthouden.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-7" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="2522" title="Speel af vanaf 42:02">▶ 42:02⟨/button> ⟨span>Hoe God Verzoent: Misstappen Niet Toerekenen en Opwekken uit de Doden⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Alles is uit God, die door Christus ons met Zich verzoent. Hij geeft ons de bediening der verzoening. En waar bestaat die uit? Wel, dat God in Christus de wereld met Zichzelf verzoenende was. Dat is nog steeds aan de gang; dat wil zeggen, dat is toen ingezet. En hoe deed Hij dat? Wel, er staat achter: door hun... 'Hun', dat is dus de wijze waarop Hij dat realiseerde: door hun overtredingen of hun misstappen eigenlijk. Dat is wat het letterlijk is. We komen dit woord trouwens later ook nog een keer tegen: door hun misstappen of, zo u wilt, overtredingen. Maar als je het woord overtredingen nou heel letterlijk neemt, dan is dat hetzelfde als een misstap: je treedt erover, je bent er overheen gestapt of je bent er naast gestapt. In die zin is het woord letterlijk ⟨em>paraptoma⟨/em>: een naast-stap. Je stapt ernaast, en zo begrijp je ook hoe men komt aan dat woordje overtreden.⟨/p> ⟨p>Maar goed, God was in Christus de wereld met Zichzelf verzoenende, of Hij verzoende de wereld tot Zichzelf door hun overtredingen niet toe te rekenen. Kijk, het idee is zo simpel. De wereld kruisigde Christus; dat was de ultieme daad van vijandschap. God gaf Zijn Zoon, en wat doet de wereld met Gods geliefde Zoon? Ze hebben Hem aan het hout genageld. Israël heeft Hem overgeleverd aan de Romeinen en daarmee heeft de wereld Hem aan het kruis nageld. Dat is wat de wereld deed; dat waren hun overtredingen. Door Hem te veroordelen, door Hem te kruisigen, door Hem dat alles aan te doen — dat waren hun overtredingen.⟨/p> ⟨p>God heeft het de wereld niet toegerekend. En hoe bewees Hij dat? Door drie dagen later die Zoon op te wekken uit de doden. Dat is heel karakteristiek, hè? De wereld doodt de Zoon. Dat is wat de wereld kan: die kan vermoorden. Ultieme vijandschap. En God doet iets wat de wereld niet kan: Hij maakt namelijk levend. God wekte Hem op. En voor wie deed Hij dat? Voor die wereld die Zijn Zoon aan het kruis nagelde. Dat is het woord van de verzoening. Geen vijandschap is zo groot, of Gods verzoening, Gods liefde, is overtreffend.⟨/p> ⟨p>Men zegt wel eens een keertje — hoe vaak heb ik zulke termen niet gehoord — dat dit woord van verzoening zo volkomen onbekend is. Het is de essentie, het geheim van het evangelie, maar het is zo onbekend. Men zegt van: 'Ja, maar je moet wel geloven.' Er is echter maar één voorwaarde om verzoend te kunnen worden, en dat is dat je een vijand moet zijn. Als je geen vijand bent of vervreemd bent van Hem, dan kun je niet verzoend worden. Dat is de enige voorwaarde. En weet u wat het mooie is? God verzoent. Dat is geen daad van een mens. God verzoent, dat wil zeggen: God maakt iemand tot Zijn vriend. God maakt vrede.⟨/p> ⟨p>God is het die mensen — vijanden of schepselen die van Hem vervreemd zijn — tot Zich verzoent. Want het overtreft het mensdom; het gaat veel verder. Het gaat niet alleen over het mensdom op deze wereld, het gaat zelfs over het al. Maar dat is weer een andere Schriftplaats, Kolossense 1, dat God het al tot Zich verzoent. Hij verzoent, dat wil zeggen: Hij maakt vijanden tot vrienden. Dus wat is de voorwaarde? Niks. Nou ja, behalve dan dat je vervreemd en vijandig bent. Dat is de enige voorwaarde, en de rest neemt Hij voor Zijn rekening. Dat is het woord van de verzoening.⟨/p> ⟨p>De wereld slaat Hem aan het kruis en God zegt: 'Al doe je dat, Ik wek Mijn Zoon op om aan jullie allemaal, al die miljarden mensen, het leven te geven.' Ik heb er nu niet eens een Schriftplaats bij genoemd, maar ik had er heel wat kunnen noemen. In 1 Korinthe 15 bijvoorbeeld: 'Zoals in Adam allen sterven, zo zullen in Christus allen levend gemaakt worden.' Hij is de Eersteling die opgewekt werd uit de doden. Waarom? Wel, omdat dan vervolgens heel het mensdom het leven zou ontvangen. Dat is een daad van verzoening. Er staat in Romeinen 12 — ik vind dat zo mooi: 'Indien uw vijand honger heeft, geef hem te eten; indien uw vijand dorst heeft, geef hem te drinken; want zo zult u vurige kolen op zijn hoofd werpen.' Dat is een merkwaardige uitdrukking, maar het betekent dat je vijandschap dan geen grond meer van bestaan heeft; het verdwijnt.⟨/p> ⟨p>Op het moment dat jij vijandig gezind bent naar iemand, en jij bevindt je in een toestand van honger of van dorst en jij krijgt nota bene eten van degene die jij vijandig gezind bent... zodat je blijft leven, zodat je het leven krijgt... dan heb je geen wapen meer in handen. Dan verdwijnt, dan smelt de vijandschap. Dat is wat God doet. Aan een sterfelijke wereld die geen leven heeft, geeft God leven. Maar dan echt met allemaal hoofdletters: onvergankelijk leven. Het leven dat Christus, of dat God, aan het licht bracht toen Hij Zijn Zoon uit de doden opwekte, dat gaat Hij geven aan die moordende wereld. De wereld die Zijn Zoon aan het kruis nagelde. Daarmee bewijst God: 'Zo lief heb Ik de wereld.' Die liefde kun je nooit kapot krijgen; die is niet kapot te krijgen. Die liefde overtreft en overwint alles.⟨/p> ⟨p>Het woord van de verzoening is: God maakt vrede. God verzoent. Niet een mens; Híj verzoent, door hun overtredingen niet toe te rekenen. Het bewijs van dat niet-toerekenen was inderdaad wat er gebeurde in de hof van Arimatea toen de steen werd weggewenteld. Toen kwam leven aan het licht. Dat zou het deel worden van die hele wereld die een paar dagen daarvoor nog Zijn Zoon aan het kruis nagelde. Nou, dat is het woord van de verzoening. Ja, het is toch geweldig? Dat is zo uniek!⟨/p> ⟨p>Oh, ik zei trouwens nog — die zin heb ik niet eens afgemaakt — dat men in de wereld beter weet wat verzoening is dan in de christenheid, heel wat beter. Want bij verzoening denkt men in de christenheid aan bedekking van schuld enzovoorts, en dat is een totaal ander begrip. Dat is op zich ook een Bijbelse gedachte, bedekking, maar het is een heel ander woord. Dat is niet wat verzoening is. Bedekken is nu eenmaal wat anders dan verzoenen. Verzoenen wil zeggen... Het begrip wordt ook gebruikt in andere contexten. In 1 Korinthe 7 lees je over een man en een vrouw die ook op voet van oorlog staan. Dan spreekt hij ook over zich weer te verzoenen met je ex — of hoe staat het er precies? Lees het maar eens na in 1 Korinthe 7. Ook in die context wordt het gebruikt, in de alledaagse sfeer. Dat is wat verzoenen is.⟨/p> ⟨p>En God verzoent. Aangezien God verzoent, verzoent Hij ook inderdaad de wereld. Wanneer is dat compleet? Wanneer er geen vijand meer is. Dat is de boodschap van het kruis. Hij heeft dan dat woord ons toevertrouwd. Letterlijk: Hij heeft dat woord in ons geplaatst. Als je het kent, dan kun je er niet meer onderuit; dan heeft Hij het in je geplaatst. En wij zijn dus gezanten. Nu komen we er; dat moest ik nog even doen voor de pauze, het bonnetje neerleggen. Want nu laat ik ook zien dat als Paulus het in Efeze 6 heeft over dat hij een gezant is van het geheim van het evangelie, dat dat inderdaad het evangelie van de vrede is. Dat wil zeggen: het evangelie van de verzoening. En hier zie je het ook. Hij heeft ons het woord van de verzoening toevertrouwd, of letterlijk: geplaatst in ons.⟨/p> ⟨p>Wij zijn dus gezanten van Christus, ambassadeurs van Christus. 'Ambassadeurs', zoals gezegd, komt twee keer voor. In vers 26 zegt hij: 'Ik ben een gezant in een keten van het geheim van het evangelie.' En hier zegt hij: 'Ik ben een gezant van het woord van de verzoening.' Wat is het geheim van het evangelie? Het woord van de verzoening, oftewel het evangelie van de vrede. Maar verzoening is niks anders dan vrede maken. Het is zo logisch.⟨/p> ⟨p>En het loutere feit dat Paulus daar in Rome is en geketend is, en dat hij desondanks, ondanks het feit dat hij zich op vijandige bodem bevindt, nog steeds die ambassadeur is. God verklaart geen oorlog. Nee, God zegt: juist tegen deze achtergrond klinkt de boodschap van verzoening. En de boodschap is, tegen welk schepsel ook: God houdt van jou. En Hij maakt zijn werk met jou en wie dan ook af. God verzoent jou. En al ben jij een vijand van Hem, je zal niet aan Hem ontkomen. Al ben je vervreemd van Hem... er is geen ontkomen aan zijn liefde. Hij maakt jou tot een vriend. Hij maakt vrede.⟨/p> ⟨p>En dat vind ik het allermooiste wat je kunt vertellen. Ik bedoel, we hebben een boodschap van een levende Heer. En wie je in de wereld ook tegenkomt, je kunt zeggen: er is één God en Hij houdt van jou. Dat is toch wat verzoening inhoudt? God bewijst zijn liefde en Hij verzoent jou met Zich. Er is geen enkele reden om nog vijandig ten opzichte van God te staan. God is liefde en Hij zal elk schepsel daarvan overtuigen. Nog steeds zijn velen daar niet van overtuigd.⟨/p> ⟨p>Ja, want laat ik als laatste nog eventjes zeggen: in de wereld is men vijandig ten opzichte van God. Dat is toch zo? Als er iets is wat de wereld zegt over God, dan is het wel dat men het Hem kwalijk neemt dat Hij de dingen doet zoals Hij ze doet. "Als dat een God van liefde is..." Men is vervreemd van God, men gelooft niet dat Hij liefde is en men stelt zijn godheid, zijn liefde en zijn goedheid ter discussie. Ik heb er heel wat voorbeelden van gehoord.⟨/p> ⟨p>Ik denk ook dat het de allerbelangrijkste reden is dat mensen zich afficheren als atheïst. Dat is niet omdat ze echt denken — want dan ben je niet goed bij je hoofd — dat alles zomaar vanzelf ontstaan is, maar gewoon de gedachte dat het onacceptabel is dat er in deze wereld, waar zoveel kwaad, zoveel lijden, zoveel dood en zoveel ziekte is, een God is. Dat kan men niet plaatsen. Dat vervreemt hen en maakt hen zelfs vijandig ten opzichte van God.⟨/p> ⟨p>En God zegt: Ik ga deze wereld overtuigen van mijn liefde, zodat ze allemaal verzoend met Mij zullen zijn. Dat wil zeggen dat ze allemaal zullen erkennen: "U bent God, U bent goed." En daarmee zal er dus inderdaad vrede zijn. Ik stel voor dat we eerst even een kopje koffie gaan drinken, dan gaan we straks verder met dit gedeelte.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-8" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="3373" title="Speel af vanaf 56:13">▶ 56:13⟨/button> ⟨span>Wordt Verzoend: Overtuigd Raken van Gods Onvoorwaardelijke Liefde⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Goed, zullen wij de draad weer oppakken, vrienden? We hadden het dus over het woord van de verzoening. Hierin bestaat het: dat God in Christus de wereld met Zichzelf aan het verzoenen was, namelijk door hun overtredingen niet toe te rekenen. Hun overtredingen: het kruis. Niet toe te rekenen: de opstanding. En die opstanding is er weer met het oog op wat? Wel, om aan de wereld het leven te geven. Dat is verzoening. De wereld kruisigde Jezus, en God wekte Hem op uit de doden voor diezelfde wereld. Dat is het woord van de verzoening.⟨/p> ⟨p>Wij zijn, zegt Paulus, ambassadeurs van Christus, ten behoeve van Christus. Alsof God door ons, door onze mond, u vermaande. Nou, dat is een heel misplaatst woord hier in dit verband, want vermanen... Hoe was het ook alweer, Gerard? Dat betekent volgens het woordenboek een aansporing tot beter gedrag. Ja, je hebt er vandaag juist nog een blogje over geschreven. Ik zag dat jij de Van Dale citeerde: vermanen is een aansporing tot beter gedrag. Nou, dat is het hier helemaal niet. Het is helemaal geen vermanen.⟨/p> ⟨p>Trouwens, het Griekse woord is ⟨em>parakaleo⟨/em>, en dat betekent letterlijk 'naastroepen', in de zin van oproepen of aanmoedigen. Dat is wat God doet, zegt Paulus, door onze mond. Paulus heeft een boodschap, een woord van verzoening. En dan zegt hij: "In naam van Christus vragen wij u..." Nou, er staat: "Wij smeken ten behoeve van Christus." De gedachte is dus niet dat de zondaar gewezen wordt op zijn zonden, zodat de zondaar zou moeten smeken tot God. Het is precies omgekeerd.⟨/p> ⟨p>De boodschap is ook niet: God heeft Zich nu verzoend met de wereld. U kent dat soort gedachten wellicht als u een kerkelijke achtergrond hebt. Dan is het idee altijd dat God Zijn toorn op Zijn Zoon heeft gelegd en dat God Zich op die manier zou verzoenen met de wereld. Maar dat zijn zulke onbijbelse noties. Ik lees nergens in de Bijbel dat God vertoornd was op Zijn Zoon. Nergens staat dat. Ik lees ook nergens dat God Zich móést verzoenen met de wereld, alsof God Zijn vijandschap eerst opzij moest zetten of het probleem van Zijn eigen vijandschap moest oplossen.⟨/p> ⟨p>Verder dan dat: God is liefde. Hij houdt van Zijn schepping en Hij heeft dat bewezen aan een vijandige schepping. Hoe vijandig ook, zelfs al slaan ze Zijn Zoon aan het kruis, bewijst Hij slechts liefde. Dat is het woord van verzoening. En nu is het: wij smeken ten behoeve van Christus, die gekruisigd werd door de wereld en door God werd opgewekt: "Laat u met God verzoenen", of zoals u letterlijk ziet: "Wordt verzoend tot de God."⟨/p> ⟨p>Het woord van verzoening is wat God gedaan heeft, namelijk de overtredingen van de wereld niet toe te rekenen. En nu vertellen we iedereen die het maar horen wil dat woord van verzoening. We zeggen: "Wordt verzoend." Hoe word je verzoend? Hoe wordt een mens verzoend? Neem dat woord zoals het zich aandient. Verzoenen betekent: je bent niet langer meer een vijand. Vanaf welk moment ben je geen vijand meer van God? Vanaf welk moment ben je niet meer van Hem vervreemd? Op het moment dat je overtuigd bent van Zijn liefde. Op het moment dat je gelooft: Hij is goed, Hij is liefde, dan is je vijandschap weg.⟨/p> ⟨p>En nu is de boodschap: wordt verzoend. Hoe? Wel, door het woord van de verzoening, doordat God bewezen heeft dat Hij liefde is. Dat heeft God bewezen. God heeft bewezen: "Ik ben liefde, Ik laat je nooit gaan, en zelfs al sla je Mijn Zoon aan het kruis, dan nog heb Ik je lief. En dan nog wek Ik juist Mijn Zoon op om jou het leven te geven. Ik ga jou het leven geven." Kijk, op het moment dat een mens daar "amen" op zegt, dan is de vervreemding en de vijandschap verdwenen.⟨/p> ⟨p>Dat is wat we vertellen. Wij geven geen opdracht; het is geen commando, het is ook geen vermaning of een oproep tot beter gedrag. Wij vertellen feiten: de wereld die Christus aan het kruis nagelde, en de boodschap dat God Zijn Zoon opwekte voor diezelfde wereld. Het is een garantie dat heel de wereld het leven zal ontvangen. Dat is het woord van verzoening. En als je daar "amen" op zegt, wauw, dan ben je in één keer ook overtuigd van Zijn liefde.⟨/p> ⟨p>"God echter bewijst Zijn eigen liefde..." Dat is Romeinen 5, dat trouwens ook over verzoening gaat. God echter bewijst Zijn liefde hierin, dat Christus voor ons gestorven is toen wij nog zondaren en vijanden waren. Hem die geen zonde gekend heeft, heeft Hij voor ons tot zonde gemaakt. Dat wil zeggen: overgegeven aan Zijn vijanden, die Hem tot een vloek maakten. Want ze hebben Hem aan het kruis genageld en daardoor werd Hij een vloek. Zo werd Hij gemaakt tot zonde, opdat wij zouden worden: gerechtigheid Gods in Hem.⟨/p> ⟨p>Overgeleverd, zegt Romeinen 4, om onze overtredingen, ook weer om onze misstappen. Maar opgewekt om onze rechtvaardiging. Het ene spreekt van Zijn dood, wat de wereld deed: Hem tot zonde maken, tot een vloek maken. Het andere spreekt van het nieuwe leven dat God aan het licht bracht door Zijn Zoon uit de doden op te wekken. En dat leven is volmaakt. Wel, zo ziet God ons nu aan, en om een heel goede reden. Hoe kan het dat God ons zo aanziet? Wel, God ziet wat wij op basis daarvan straks ook zullen zijn. God ziet ons niet op basis van ons verleden; God ziet ons zoals we straks zullen zijn, namelijk dankzij het leven dat Christus aan het licht bracht. Zo ziet God ons nu al: gerechtigheid Gods in Hem. Dat is allemaal Zijn werk. De wereld maakte Hem tot zonde en God heeft Hem overgegeven aan Zijn vijanden, die Hem overleverden en aan het hout nagelden. Maar God deed Hem opstaan om onze rechtvaardiging, rechtvaardiging van leven.⟨/p> ⟨p>Nou, dat is het woord van verzoening. Ik hoop dat ik u daarmee tevens heb duidelijk gemaakt dat dit woord van verzoening het geheim van het Evangelie is. Dat is bindend om te spreken. Dat wil zeggen: dat is de boodschap in deze tijd. Het is de meest onovertroffen boodschap die je maar kunt bedenken. Het stelt niet in het licht wat een mens moet doen, maar wat God gedaan heeft. Het geeft garanties en een mens kan dat beamen. Op het moment dat je het beaamt, ben je overtuigd van Zijn liefde. Dan wordt de liefde van God, Romeinen 5, in onze harten uitgestort. Ziet u?⟨/p> ⟨p>Het Evangelie is echt een goed bericht. Het is niet een oproep ⟨em>tot⟨/em>, het is een bericht, een mededeling van feiten. En die feiten zijn zoveel zeggend. Dat is wat een mens 'goed-berichtiseert', wat hem transformeert van binnenuit, blij maakt en vrede geeft. Trouwens, het maakt je van een vijand tot een vriend. Nou, dan wil ik u nog meenemen...⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-9" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="3932" title="Speel af vanaf 01:05:32">▶ 01:05:32⟨/button> ⟨span>Romeinen 11: Israëls Misstap Is de Redding voor de Natiën⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Ten slotte gaan we naar Romeinen 11, waar het ook gaat over het woord van verzoening, het geheimenis van het evangelie. Op deze verzen ben ik al eerder ingegaan – was het niet twee keer terug? Dat weet ik niet precies meer, maar in ieder geval is Romeinen 11 al eens eerder ter sprake geweest. Toch wil ik nu wat meer focussen op deze passage, juist omdat daarin de onderbreking in de heilsgeschiedenis waar wij ons momenteel in bevinden, zo helder uiteengezet wordt.⟨/p> ⟨p>In Romeinen 11 begint Paulus een uiteenzetting nadat hij zojuist was ingegaan op het ongeloof van Israël en het Joodse 'nee' tegen de boodschap van de opgewekte Messias. Ze zijn vijanden van het evangelie geworden. Voor Paulus was dat geen dogma of een leerstuk, maar simpelweg zijn ervaring; lees het boek Handelingen maar eens na. Hij stelt dan de vraag: "Zij zijn toch niet zo gestruikeld dat zij wel vallen moesten?" Waren zij bestemd om te vallen? Nee, zegt Paulus, volstrekt niet! Door hun val – de NBG-vertaling gebruikt dat woord, maar er staat eigenlijk dat bekende woord paraptoma. Het betekent de overtreding of de misstap. Ik denk dat 'misstap' nog wat correcter is, omdat we bij 'overtreding' meteen aan het overtreden van een wet denken, terwijl daar weer een ander woord voor is. De gedachte van een misstap is in dit gedeelte heel evident, want er werd immers gesproken over struikeling en val. In het tweede deel van vers 11 gaat het over hun misstap.⟨/p> ⟨p>Israël wordt hier als natie gezien die een misstap doet. Wat die misstap is? Dat lijkt me niet zo moeilijk: dat is hun ongeloof, hun afwijzen. Let op: het is niet zozeer het kruisigen van de Messias, maar ook de bevestiging in het boek Handelingen dat Israël vervolgens ook de opgewekte Messias verwerpt. Wat Petrus en de zijnen deden in het boek Handelingen was verkondigen: "Deze Jezus, die jullie hebben gekruisigd, Die heeft God tot Heer en Christus gemaakt; het ganse huis Israël zou dat zeker weten!" Ook die boodschap hebben ze verworpen en daarmee bevestigen ze feitelijk de daad van de kruisiging. Dat heet dus hun misstap. Paulus sprak uit ervaring; als hij naar de synagoge ging en de boodschap van de opgestane Messias bracht, wilden ze het niet horen.⟨/p> ⟨p>Daar zit nog iets aan vast waar we het nu over gaan hebben, want er staat: "Door hun misstap is de redding tot de natiën gekomen." Ik spreek liever over 'natiën' dan over 'heidenen', want bij dat laatste denken we vaak aan mensen die niet naar de kerk gaan of ongodsdienstig zijn. Daar denk ik juist niet aan. Het begrip is simpelweg ethnos en dat heeft te maken met de natiën. Of dat inclusief of exclusief de Joden is, hangt van de context af. Hier is de redding naar de natiën gegaan door hun misstap. 'Heil' is een oud Nederlands woord, maar het betekent gewoon redding. In de Interlinear moeten we dat nog eens wijzigen: het is natuurlijk de redding. De misstap van Israël is de redding van de natiën.⟨/p> ⟨p>Er staat bij: "Om hen tot naijver op te wekken," oftewel om jaloezie op te wekken. Dat is wat Paulus altijd deed. Hij had een missie. Hij ging altijd naar de synagoge, niet omdat hij de gedachte had dat Israël alsnog tot erkenning zou komen – nee, het was precies omgekeerd. Hij wist dat Israël niet tot erkenning zou komen, en daarom ging hij in de synagoge vertellen dat het heil van God, de boodschap van redding, naar de natiën is gezonden. Dat is niet leuk om te gaan vertellen in een synagoge: "God heeft jullie nu terzijde gesteld en nu is de boodschap, de redding en alles wat daarmee verband houdt – alle voorrechten – naar de natiën gezonden." Wat is het effect van zo'n boodschap? Naijver, jaloezie. Zij waren het bevoorrechte volk, dat hadden ze in de synagoge altijd geleerd, en nu kregen ze te horen dat het door hun misstap juist naar de natiën is gegaan.⟨/p> ⟨p>Paulus had dit al in de voorgaande verzen naar voren gebracht, maar in vers 12 zegt hij het nog een keer des te duidelijker: "Indien nu de misstap van hen rijkdom is voor de wereld..." Het idee is dat zij er nu naast staan, maar dat de rijkdom naar de wereld gaat. Als er iets is wat de synagoge en Israël als natie in godsdienstige zin jaloers maakt, dan is het dat wel. De Messias was immers in de eerste plaats voor hen bestemd, en via hen zou de boodschap, de redding en het Koninkrijk wereldwijd aanbreken. Zij speelden daar de hoofdrol in. En nu mag Paulus in de synagoge bekendmaken: "Jullie staan er tijdelijk naast, en in die tijd gaat de rijkdom naar de wereld, naar de natiën."⟨/p> ⟨p>Paulus kijkt nu ook vooruit. De huidige situatie is: Israël is ongelovig en staat ernaast, de rijkdom gaat naar de natiën. Maar als dat de tegenwoordige situatie is, wat dan? Je zou een tabelletje kunnen maken met verschillende woorden in een kolom: hun misstap is hun tekort. Er komen trouwens nog een paar woordjes bij, maar hier zijn ze synoniem. Hun misstap is de rijkdom van de wereld; hun tekort is rijkdom voor de natiën. 'Rijkdom voor de wereld' loopt parallel met 'rijkdom voor de natiën', en hun misstap is hun tekort. Wat Israël tekortkomt, krijgen de natiën extra. Ik weet niet of ik het zo mag zeggen, maar dat is wat me te binnen schiet.⟨/p> ⟨p>Maar, zegt Paulus: "Hoeveel te meer hun volheid?" Als hun tekort – Israëls ongeloof – in de tegenwoordige tijd al zo'n rijkdom voor de natiën is... Overigens alleen in geestelijk opzicht hoor. Er gaat een geweldige boodschap naar de natiën, ongekend rijk, maar het is geestelijk. Straks, als Israël bekeerd wordt, de bedekking weggenomen wordt en het volk hersteld wordt in het land, dan breekt er een heel nieuwe era aan, een nieuwe aeon. Dan betekent het ook een stoffelijke rijkdom voor de wereld. Nu is het louter geestelijk en louter verborgen. Alles vandaag is verborgen; het mag nog zo rijk zijn, maar te zien valt er niets. Te horen is er echter zoveel meer.⟨/p> ⟨p>Paulus zegt in Handelingen 28:28 – ik ga daar aanstaande zondag in Urk over spreken trouwens – in de synagoge van Rome: "Het zij u dan bekend dat deze redding van God naar de natiën gezonden werd; die zullen ook horen." Niet langer zien, maar horen. Geloof is uit het gehoor. Maar als hun tekort nu rijkdom is voor de natiën, hoeveel te meer hun volheid? Israël zal tot volheid komen, net zo goed als de natiën ook tot volheid komen. De volheid der natiën wordt genoemd in Romeinen 11 vers 25. Als de natiën tot volheid komen, volgt daarna de volheid van Israël. Dat is een onderwerp apart, maar houd dat even vast.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-10" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="4569" title="Speel af vanaf 01:16:09">▶ 01:16:09⟨/button> ⟨span>De Apostel van de Natiën: Vanuit de Natiën Spreken tot Israël⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>"Ik spreek tot u, natiën," zegt Paulus. Juist omdat ik apostel van de natiën ben. Dit is een vers dat nogal gemakkelijk misverstaan kan worden. Je zou hieruit kunnen afleiden dat Paulus een apostel is die gezonden werd tot de natiën, maar dat staat er niet. Het is wel zo dat hij een leermeester der natiën is, maar hij zegt: "Omdat ik een apostel van de natiën ben." Kijk, hij noemt zich bijvoorbeeld een apostel van Christus, maar hier zegt hij: "Ik ben een apostel van de natiën." Dat wil zeggen: ik ben afgevaardigd vanaf de natiën.⟨/p> ⟨p>Hier zie je typisch de grote omkering en het bijzondere van deze tijd. In verband met het Koninkrijk gaat het vanaf Israël naar de natiën, maar nu, in deze tussentijd, is het precies vanaf de andere kant. De boodschap gaat vanaf de natiën naar Israël. Paulus zegt: "Ik ben een afgevaardigde van de natiën en vanuit de natiën vindt er een prediking plaats aan Israël." Dat is wat Paulus doet in zijn bediening en waartoe hij inderdaad gesteld was: om aan Israël deze boodschap te brengen.⟨/p> ⟨p>U vraagt zich misschien af waarom ik dit plaatje erbij heb gedaan, maar dat is om typologische redenen. Het komt uit de Good News Bijbel; het zijn prachtige plaatjes, vind ik altijd. Dit is een illustratie bij Matthäus 13, waar de Heer gelijkenissen vertelt over de verborgenheden van het Koninkrijk. In Matthäus 13 vers 1 gaat Hij het huis uit en bij de zee zitten. Dan lees je dat Hij van wal steekt. Dat zijn natuurlijk mooie uitdrukkingen. Hij spreekt vanaf het water tot degenen die zich daar op het land bevinden. Dat is feitelijk de situatie in onze dagen: de Heer spreekt vanuit de zee — van Genezareth in dit geval — en vanuit de natiën gaat het Woord naar degenen die op het land zijn. Dat is wat Paulus zegt: "Ik ben een apostel van de natiën," en als zodanig spreekt hij tot Israël.⟨/p> ⟨p>Als u het niet geloven wilt, lezen we even verder. Hij zegt: "Juist omdat ik apostel van de natiën ben, acht ik dit de heerlijkheid van mijn bediening," of letterlijk: "verheerlijk ik mijn bediening." Dat wil zeggen dat hij zijn bediening heerlijk maakt. "Dat ik zo mogelijk de naijver van mijn vlees mocht opwekken." "Bloed" staat er trouwens niet; in de NBG-vertaling staat dat geloof ik ook tussen haakjes. De naijver van zijn vlees, zijn broeders naar het vlees, dat zijn zijn volksgenoten, de Israëlieten. Zij zijn vijanden naar het vlees. Paulus wil zo mogelijk de naijver, de jaloezie, van zijn vlees opwekken. Juist omdat hij apostel van de natiën is, richt hij zich tot Israël. Daaruit blijkt dus inderdaad dat de uitdrukking "de apostel van de natiën" niet betekent dat hij het woord uitsluitend richt tot de natiën, maar dat hij vanuit de natiën het woord richt tot Israël. Zo maakt hij zijn bediening heerlijk: hij spreekt tot hen en maakt hen jaloers.⟨/p> ⟨p>Dat kun je positief opvatten, maar het is natuurlijk net zo goed negatief. In het boek Handelingen lees je meestal dat het volk in de synagogen jaloers werd; die uitdrukking wordt ook in dat verband gebruikt. Ze werden jaloers en joegen hem de synagoge uit. In het beste geval gebeurt dat, maar in ergere gevallen gebeurt er nog van alles meer en wordt hij in de gevangenis gezet, gestenigd of wat dan ook. Dat is ook naijver, want ze konden het niet verkroppen dat hij deze boodschap in de synagoge bracht. Dat was zo jaloersmakend. Maar er waren er ook — en dat is de jaloezie in de positieve zin — die zeiden: "Wauw, wat geweldig!" Zij voegden zich bij de natiën. Feitelijk is het zo dat een Jood die vandaag het woord van de apostel Paulus hoort, eigenlijk een soort goy wordt. Herkent u dat? Buiten de legerplaats. Je komt dan bij een gezelschap dat feitelijk een heidens gezelschap is.⟨/p> ⟨p>Het gaat hier overigens om enkelingen. Het is niet het volk; dat is nu ook helemaal de bedoeling niet. Het is helemaal niet de bedoeling dat het volk als geheel vandaag tot bekering komt. Is dat zo? Nou, we lezen even verder: "Dat ik zo mogelijk de naijver van mijn vlees mocht opwekken." Dat doet hij in het algemeen, positief of negatief, om in de positieve zin "enigen uit hen te behouden" of te redden. Niet het geheel, ook niet eens velen, maar er staat: enigen, sommigen. Dus niet het volk. Er is geen sprake van wereldbekering, maar ook niet van de bekering van Israël. Die bekering, die volheid van Israël, die komt wel, maar dat is pas aan de orde als de volheid van de natiën is ingegaan. Niet eerder. Nu is het slechts een enkeling, en dat komt doordat ze jaloers gemaakt zijn.⟨/p> ⟨p>Dat is wat Paulus' bediening is. Hij zegt: "Daarin acht ik mijn bediening heerlijk." U ziet dat de uitdrukking "apostel der natiën" iets anders betekent dan wat je op het eerste gezicht misschien zou denken. Ik lees even verder, want daar moeten we toe komen. Het is het laatste vers dat ik vanavond bespreek, maar het brengt ons precies weer bij ons onderwerp. Soms ga ik wel eens zijwegen in, maar de dia's verplichten mij altijd weer om terug te komen bij het onderwerp. Het onderwerp was: het geheimenis, of de verborgenheid van het evangelie, waarvoor Paulus een gezant is in ketenen. Wat is dat evangelie? Het geheim van het evangelie is het evangelie van de vrede, oftewel het woord van de verzoening waar Paulus een ambassadeur van is. Het woord van de verzoening is aan Paulus toevertrouwd in deze tijd waarin Israël ongelovig is, in die onderbreking. En nu komen we bij Romeinen 11 vers 15.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-11" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="5059" title="Speel af vanaf 01:24:19">▶ 01:24:19⟨/button> ⟨span>Het Geheimenis: de Verwerping van Israël Is de Verzoening Der Wereld⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>En nu komen eigenlijk alle draadjes en alle lijnen hier bij elkaar. Want indien hun verwerping... Het gaat er niet zozeer om dat de Heer hen verworpen heeft. Nee, zij verwerpen het Woord. Het is de verwerping door hen, namelijk van de levende Messias. Zij zijn dus de verwerping van het Evangelie. Welnu, indien hun verwerping de verzoening der wereld is, dan is dat het.⟨/p> ⟨p>Let op: Israël gelooft niet en komt terzijde te staan. Dat is waar, maar het is 'totdat'; het is tijdelijk. In die tussentijd gaat er een boodschap naar de wereld toe. Het woord van verzoening, dat is het geheim van het Evangelie dat aan Paulus is bekendgemaakt. Dat geheim van het Evangelie is het woord van de verzoening, namelijk de verzoening der wereld, van de kosmos.⟨/p> ⟨p>Colossensen 1 zegt dat God door het bloed van het kruis het al wederverzoent. Dat wil zeggen: wederzijds. Niet alleen maar naar Hem toe, maar ook naar elkaar toe. Dat God door het bloed van het kruis het al — hetzij wat in de hemel, hetzij wat op de aarde is — tot Zich verzoent. Dat is Zijn werk en dat is de boodschap. Het woord van de verzoening is de boodschap van de verzoening der wereld, waarbij niets is uitgezonderd: het al.⟨/p> ⟨p>En dan te bedenken dat men zich in de wereld presenteert als de officiële vertegenwoordigers van Christus, en de wereld denkt ook dat dat het is. Men denkt dat dit ongeveer de ergste ketterij is, maar het is nu juist de clou; het is het geheim van het Evangelie: de verzoening van de wereld, van elk schepsel.⟨/p> ⟨p>Nu, in deze tijd van de verwerping van Israël — zij zijn vijanden van het Evangelie — is er één woord: een woord van verzoening, de verzoening van de wereld. Maar, zegt Paulus — en nu blikt hij weer vooruit, zoals hij dat in de voorgaande verzen ook deed: als dat zo is, als Israëls misstap zoiets enorms betekent voor de wereld vandaag, wat zal hun aanneming anders wezen dan leven uit de doden? Dat wil zeggen: als zij het Woord alsnog zullen aannemen. Kijk, hier is het nog enigszins hypothetisch, zo van: wat zou het zijn als? Maar bij Paulus is het profetisch hoor!⟨/p> ⟨p>Want in de volgende verzen gaat Paulus inderdaad uiteenzetten dat het ook zo zal gaan. Het is tijd om te stoppen geloof ik, hè? Maar Paulus gaat uiteenzetten dat het zo zal gaan. Hij zegt in vers 25 van ditzelfde hoofdstuk: "Broeders, ik ga u een geheimenis bekendmaken." Want de gedeeltelijke verharding is over Israël gekomen, totdat de volheid van de natiën zal ingegaan zijn. En aldus zal gans Israël gered worden, enzovoorts.⟨/p> ⟨p>Dat is ook weer een geheimenis. Het heeft allemaal te maken met die verharding die vandaag over Israël is gekomen, over de meerderheid van het volk, waardoor zij vijanden zijn van het Evangelie. Het is hun verwerping, maar dat betekent vandaag de verzoening der wereld. Want dat is het geheimenis van het Evangelie.⟨/p> ⟨h3 id="hoofdstuk-12" class="gb-ch-heading">⟨button type="button" class="gb-ts-play" data-seconds="5304" title="Speel af vanaf 01:28:24">▶ 01:28:24⟨/button> ⟨span>Israëls Toekomstige Aanneming: Leven uit de Doden en de Derde Dag⟨/span> ⟨a href="#gb-hoofdstukken" class="gb-back-to-ch" title="Terug naar inhoudsopgave">↑ hoofdstukken⟨/a>⟨/h3> ⟨p>Wel, als Israël alsnog tot aanneming zal komen en de bedekking zal worden weggenomen, dan betekent dat niets anders dan leven uit de doden. Ook dat is een thema uit de profeten. Als Israël zal geloven, als God hun... Er staat in het boek Hosea – ik geloof dat het het laatste hoofdstuk is, Hosea 11 – dat daar staat: "Ik zal hun afkeer genezen." Dat is eigenlijk net zoiets als dat je wordt verzoend. De vijandschap wordt weggedaan. Hij maakt jou tot vriend, Hij maakt vrede. Wel, God gaat ook Israëls afkeer genezen. Ze zijn ziekelijk, maar Hij gaat hen genezen.⟨/p> ⟨p>Wel, wat zou hun aanneming anders wezen dan leven uit de doden? En dat is niets anders dan opstanding. Er is een heel hoofdstuk dat daarover gaat: Ezechiël 37. Dat Israël uit het graf der volkeren komt en nieuw leven zal ontvangen. Op de derde dag, jazeker. Hosea 6 zegt ook: "Ik zal na twee dagen hen oprichten en ten derde dage," en ze zullen zeggen: "Wij zullen de HEERE zoeken en Hem vinden." En er staat er ook bij: "Dan zal Hij tot hen komen als de morgen." Hoe staat het daar precies? Nou, ik moet het maar eens nalezen. Dus ook Israël staat op, op de derde dag.⟨/p> ⟨p>Wat zal hun aanneming anders wezen dan leven uit de doden? Opstanding, nieuw leven, Pasen met recht. En wij leven vandaag aan het einde van die twee dagen. De twee millennia lopen zo'n beetje ten einde en de derde dag gaat spoedig aanbreken. Dat maakt deze tijd al wel heel bijzonder en spannend, als u het mij vraagt.⟨/p> ⟨p>Maar houd hem vast in deze tijd nog steeds. Dat is wat ik vanavond eigenlijk ook zo uiteen heb proberen te zetten. In deze dagen geldt het geheim van het evangelie: het woord van de verzoening, de verzoening der wereld. Het is het rijkste, het grootste wat er bestaat. Inderdaad, rijkdom der wereld. Zullen we het daarbij laten voor vanavond?⟨/p>