English blog | Oude Artikelen

Genesis 23:4 – vreemdeling en gast

12-03-2017 - Geplaatst door Andre Piet

Ik ben een vreemdeling en gast bij jullie; geef mij een graf als grondbezit bij jullie, zodat ik mijn dode voor mijn aangezicht begraaf.

Abraham was een steenrijk man met vele bezittingen. Maar omdat GOD hem het land had beloofd, heeft hij nooit daarop willen vooruit grijpen door land te kopen. Behalve dan een graf, wat een veelzeggende uitzondering is. Want daarmee demonstreerde hij dat hij dit land, hoe dan ook, tóch zou krijgen. Abraham geloofde in opstanding!

Abraham woonde te midden van de Kanaänieten als een “vorst Gods” (23:6). Hij had een prima reputatie, maar nooit werd hij één van hen. Hij was een vreemdeling en gast. Heel anders dan zijn neef Lot van wie we lezen dat hij “in de poorten van Sodom” zat (Gen.19:1), d.w.z. de plaats van de politiek en regering. Maar Abraham heeft nooit moeite gedaan om het land te bezitten of naar zijn hand te zetten. Zijn tijd zou nog komen…

Deze positie van vreemdeling en gast in de wereld, typeert ook die van de gelovige in onze dagen. “Geen aardse macht begeren wij”. Nu schikken we ons onder de bestaande overheden als “vorsten Gods”. Want in Christus blijkt straks heel de wereld ons domein!

Delen: