GoedBericht.nl logo
English Blog

“de tijd des levens”?

21-03-2011 - Geplaatst door Andre Piet

Via gemeente Eben Haëzer ontving ik een reactie op de presentatie die ik daar twee weken geleden heb gehouden onder de titel ‘wie het laatst lacht…’. Met waardering bevat het ook een kritische noot.

Vandaag heb ik geluisterd naar de preek van gisteren (6 maart). Ik vond het een interessante preek, maar op 1 punt ging het fout. De predikant, André Piet, borduurde nl voort op de Statenvertaling waar hij ipv “over een jaar” leest “omtrent de tijd des jaars”. Hij bracht dit in verband met “de tijd van hun leven”. Heel mooi gevonden, ware het niet dat dit er helemaal niet staat. Er staat nl niet “omtrent DE tijd des levens, maar “omtrent DEZEN tijd des levens” (de vertaling wordt er zelfs bij getoond) en dat betekent gewoon “in dezelfde tijd van het jaar” of “over een jaar”. Zodat het borduursel over “de tijd van hun leven”, hoe aardig gevonden ook, geen basis heeft.

De briefschrijfster stelt dat mijn uitleg van “de tijd des levens” in Genesis 18:10 en 14 niet opgaat, omdat de Staten Vertaling waaraan ik refereerde, luidt: “DEZE tijd des levens”. Het is waar, zo geeft de Staten Vertaling dit weer. Ik voegde er echter aan toe, dat de nóg letterlijker weergave is: de tijd des levens. Hieronder een letterlijk, Hebreeuws-Engels interlineair:

genesis 18

Men ziet: het woord ‘deze’ ontbreekt, zodat de meest letterlijke lezing inderdaad is: als-[de]-tijd-van leven.
Ik geef toe dat de interpretatie ‘over een jaar’ wel kán, maar waarom interpreteren als de letterlijke lezing reeds helder is?
Dit wordt m.i. bevestigd door het feit dat Sara, blijkens haar reactie, kennelijk óók heeft gehoord: “de tijd des levens”:
“Dus lachte Sara in zichzelf, denkende: Zal ik wellust hebben, nadat ik vervallen ben, terwijl mijn heer oud is?” (vers 12)

Ik houd het er dus vooralsnog op dat aan Abraham en Sara behalve een zoon ook nog de tijd van hun leven wordt beloofd.

“tot u wederkeren”
In de genoemde toespraak betoogde ik eveneens dat met de belofte “Ik zal tot u wederkeren” (Gen.18:10) wordt gedoeld op de zwangerschap en geboorte van Isaak. Een oude dame berispte me na afloop vriendelijk, omdat ik gesuggereerd had, dat van een later bezoek in Genesis nergens meer sprake is. Ze wees me op Genesis 21:1 e.v. waar we lezen:

1. De HERE bezocht Sara, zoals Hij gezegd had, en de HERE deed aan Sara, zoals Hij gesproken had. 2  En Sara werd zwanger, en zij baarde Abraham een zoon in zijn ouderdom, te bestemder tijd, waarvan God tot hem gesproken had.

Inderdaad, de HERE kwam opnieuw tot Sara. Maar hoe? Niet door opnieuw op visite te komen zoals in Genesis 18, maar door aan haar te doen wat Hij had beloofd en haar zwangerschap te geven. Opmerkelijk! De HERE komt … in de zoon van Abraham! Het is niet moeilijk om in deze wijze van formuleren, Messiaanse klanken te bespeuren. Immers, de zoon van Abraham is uiteindelijk niet Isaak maar Jezus Christus en niet voor niets vangt het ‘Nieuwe Testament’ triomfantelijk aan met de woorden (Mat. 1:1):

Geslachtsregister van Jezus Christus, de zoon van David, de zoon van Abraham.

En hoe noemt men hem? “Immanuël, God met ons” (Mat.1:23).

Delen: