English blog | Oude Artikelen

de nephilim

18-07-2009 - Geplaatst door Andre Piet

 

Van een bezoeker van deze website ontving ik een vraag over “de zonen Gods” in Genesis 6. Misschien dat mijn (bescheiden) overwegingen ook voor andere lezers interesant zijn. Ik heb de vraagsteller o.a. het volgende terug gemaild:

De vraag naar de zonen Gods in Gen.6:1-4 heeft nogal wat haken en ogen. Tot dusver heb ik het nog niet aangedurfd om hier een studie aan te wijden, alhoewel het me in de loop der jaren al heel vaak heeft bezig gehouden (…)

Het gedeelte zou men niet moeten isoleren van de rest van de Bijbel, aangezien het m.i. niet anders kan dan dat “de geesten in de gevangenis” in 1Petr.3:19, maar ook “de engelen die gezondigd hadden” in 2Petr.2:4 en eveneens de “engelen die hun oorsprong ontrouw werden” in Jud.:6, álles met Gen.6:1-4 te maken hebben.

Gen.6 maakt, in combinatie met genoemde NT-ische passages duidelijk, dat in de dagen die vooraf gingen aan de zondvloed, “engelen hun oorsprong verlieten” en “ander vlees achterna gelopen zijn” (Jud.:7). In die dagen waren de nephilim (=gevallenen) of zoals de LXX zegt  “de giganten” (=reuzen) op aarde. Uit Gen.6:5 blijkt dat deze vermenging van “zonen Gods” en “dochters der mensen” (of “dochters van Adam”?) de directe aanleiding werd voor de zondvloed.

Moest de zondvloed een einde maken aan het genetisch bederf (bastaarden) waar de mensheid aan bloot stond? Dat is mogelijk, omdat toen de nephilim wederom op aarde waren (Gen.6:4 vergl. Num.13:33), Israël ook de vergaande opdracht kreeg een einde te maken aan de inwoners van Kanaän. Was dit omdat de hybride nakomelingen (>de reuzen) de mensheid in erfelijk opzicht te gronde zouden richten? Dit is wat mij betreft nog steeds een open vraag. Waren de hybride nakomelingen sowieso in staat nageslacht te verwekken? In de natuur zijn hybride nakomelingen gewoonlijk onvruchtbaar (een kruising b.v. tussen een paard en een ezel is een muilezel, maar deze is onvruchtbaar.). (…)

U ziet: er ontbreken in dit antwoord nog belangrijke puzzelstukjes. Niet onbelangrijk is ook welke waarde moet worden toegekend aan het boek Henoch (waar de Judas-brief naar verwijst). Dit boek spreekt namelijk uitgebreid over de nephilim. De kwestie van de niphilim staat in bepaalde kringen momenteel enorm in de belangstelling, vooral omdat deze reuzen in “de laatste dagen” opnieuw een grote rol geacht worden te zullen spelen. Immers, zou het in die tijd niet “zijn als in de dagen van Noach”?

Wordt vervolgd… t.z.t.

Delen: