ga naar thuis-pagina
laatste wijziging: 23 juni 2004

DE MAN VAN SMARTEN

Vanaf Jesaja 52 vers 13 tot en met het einde van hoofdstuk 53 vinden we een profetie aangaande "de Knecht des HEREN". Feitelijk is het meer een voorzegging van wat Israël in de toekomst over Hem zal uitspreken. Zij zullen zeggen "wij hielden Hem voor een geplaagde..."..."nochtans, onze ziekten heeft Hij op Zich genomen...", etc. Ze zullen belijden dat er ooit Iemand in hun midden was, goeddoende, zonder Hem te hebben (h)erkend. Sterker nog, ze zullen opbiechten: Hij werd "doorboord" en als een lam naar de slachtbank geleid. Voor ons.

Jaarlijks wordt de Tenach in de synagoge voorgelezen, maar Jesaja 53 maakt van deze liturgische cyclus al sinds eeuwen geen deel uit. Het is waar wat Jesaja retorisch uitroept: "wie heeft geloofd?". Antwoord: zo goed als niemand! Stráks zal Jesaja 53 als een nationale erkenning voorgelezen worden.

In Jesaja 53 lezen we een profielschets van de Knecht des HEREN. Zijn afkomst, zijn leven, zijn verwerping, zijn strafproces, zijn sterven, zijn begrafenis, zijn opstanding, zijn verhoging, zijn tegenwoordige verberging, zijn toekomstige verschijning en heerschappij en zelfs de uiteindelijke, ultieme bekroning om zijn moeitevol lijden - het wordt allemaal genoemd in dit hoofdstuk. In chronologische volgorde zullen we de verschillende gebeurtenissen en fasen doorlopen.

AFKOMST

"... als een loot schoot hij op voor zijn aangezicht, en als een wortel uit dorre aarde; hij had gestalte noch luister" (53:2)

Deze profetie herinnert aan wat we reeds eerder in Jesaja aantreffen. "En er zal een rijsje voortkomen uit de afgehouwen tronk van Isai en een scheut uit zijn wortelen zal vrucht dragen..." (11:1). De gedachte is dat de Knecht des HEREN zal voortkomen uit het voormalige koningshuis van David. Terwijl reeds (lang) een einde zou zijn gemaakt aan de Davidische dynastie, zou een telg niettemin de beloften die gedaan zijn aan het huis van David, alsnog vervullen.
Dat de Knecht des HEREN gestalte noch luister had, is hiervan een bevestiging. Hij was dan weliswaar van koninklijke bloede, maar omdat het ging om een niet meer bestaande dynastie, miste Hij koninklijke luister.

GENEZEND

"onze ziekten heeft hij op zich genomen" (53:4)

Deze profetie heeft betrekking op Jezus' genezingsbediening onder het volk van Israël. Ze wordt aangehaald in Matteüs 8:17.
"... en die ernstig ongesteld waren genas Hij allen, opdat vervuld zou worden, hetgeen gesproken werd door de profeet Jesaja, toen hij zeide: Hij heeft onze zwakheden op Zich genomen en onze ziekten heeft Hij gedragen."

DEED ZIJN MOND NIET OPEN

"Hij (...) werd vernederd en deed zijn mond niet open; als een lam dat ter slachting geleid wordt, en als een schaap dat stom is voor zijn scheerders, zo deed hij zijn mond niet open". (53:7)

Karakteristiek in het proces dat voorafging aan de kruisiging, is Jezus' zwijgzaamheid. Matteüs 27:12:
"En op de beschuldiging, die de overpriesters en oudsten tegen Hem inbrachten, antwoordde Hij niets."

MISHANDELD

""Hij werd mishandeld en werd vernederd..." (53:7)

Niet 'slechts' een vals proces maar ook vernedering en mishandeling was Jezus' deel, voordat Hij buiten de poort zou worden geëxecuteerd.

ONDER DE OVERTREDERS GETELD

"... omdat hij zijn leven heeft uitgegoten in de dood, en onder de overtreders werd geteld..." (53:12)

Ook letterlijk vervuld, toen Jezus werd gekruisigd. Marcus 15:28:
"En met Hem kruisigden zij twee rovers, een aan zijn rechterzijde en een aan zijn linkerzijde."

DOORBOORD

"Maar om onze overtredingen werd hij doorboord..." (53:5)

Het woord "doorboord" is een wel héél treffende beschrijving van wat bij kruisiging feitelijk gebeurd. Eerder had David reeds profetisch geschreven (Psalm 22:17) "... die mijn handen en voeten doorboren". Zacharia profeteert (12:10): "zij zullen Mij zien, die zij doorstoken hebben...".

BEGRAFENIS

"En men stelde zijn graf bij de goddelozen; bij de rijke was hij in zijn dood..." (53:9)

Normaal gesproken had Jezus als een misdadiger begraven moeten worden ("men stélde zijn graf bij de goddelozen"). Maar het verliep anders, de rijke Jozef van Arimathea ontfermde zich over Jezus' lichaam en gaf Hem een splinternieuw graf, gehouwen uit de rotsen ("bij de rijke wás Hij in zijn dood").

OPSTANDING

"Maar het behaagde de HERE, zijn verbrijzeling. Hij maakte dat hij werd verwond. Wanneer hij zichzelf ten schuldoffer gesteld zal hebben, zal hij zaad zien en de dagen verlengen en het (wel)behagen des HEREN zal door zijn hand voortgang hebben". (53:10)

Als een schuldoffer gebracht is, is het lam (of welk dier dan ook) dood. Hier staat echter van "de man van smarten" dat hij zaad zal zien, d.w.z. nieuw leven voortbrengen (vergl. Johannes 12:24). Een lang leven zal Hij hebben ("de dagen verlengen"). Zeg maar gerust: zonder einde . Waarom had de HERE behagen in de verbrijzeling van zijn Knecht? Het antwoord staat in dezelfde zin: "het welbehagen (zelfde woord als eerder in de zin!) des HEREN zal door zijn hand voortgang hebben". De Knecht des HEREN moest sterven, om drie dagen later de dood teniet te kunnen doen en als Levensvorst, Gods plan voor deze wereld succesvol te realiseren.

VERHOOGD

" Zie, mijn knecht zal voorspoedig zijn, hij zal verhoogd, ja, ten hoogste verheven zijn." (52:13)

Dezelfde Man die tot het uiterste vernederd werd, zou als vervolg daarop tot het uiterste worden verhoogd. Dat is sinds tweeduizend jaar de positie van deze Knecht des HEREN.
"Daarom heeft God Hem ook uitermate verhoogd en Hem de naam boven alle naam geschonken..." (Filippi 2:9)

ALS IEMAND DIE ZIJN GELAAT VERBERGT

"... ja, als iemand, die zijn gelaat voor ons verbergt; hij was veracht en wij hebben hem niet geacht." (53:3)

In de meeste vertalingen wordt ten onrechte deze zin zo weergegeven: "als iemand voor wie men het gelaat verbergt". Maar niet Israël verbergt het aangezicht voor haar Messias, maar de Messias verbergt het voor zijn volk! Tot op vandaag is Hij incognito. Als Verhoogde verbergt Hij het aangezicht voor zijn volk (en alle andere volken). Anders gezegd: als Koning-Priester bevindt Hij zich op dit ogenblik in het heiligdom, onttrokken aan het oog.

VELE VOLKEN DOEN OPSPRINGEN

"Zoals velen zich over u ontzet hebben (...) zo zal hij vele volken doen opspringen, om hem zullen koningen verstommen, want wat hun niet verteld was, zien zij, en wat zij niet gehoord hadden, vernemen zij". (52:14,15)

Wat een verrassing zal het zijn als straks de verachtte en doodgewaande Jezus niet langer meer zijn aangezicht zal verbergen! Niet slechts het volk Israël maar "vele volken" zullen opspringen van verbazing, wanneer ze zullen vernemen wie Hij werkelijk was en is. Israëls Koning en Redder der wereld!

MET MACHTIGEN DE BUIT VERDELEN

"Daarom zal Ik hem toebedelen onder velen en met machtigen zal hij de buit verdelen..."

De man die zich ooit als een lammetje liet slachten, zal blijken te zijn de Leeuw van Juda (vergl. Openbaring 5:5,6). De wettige erfgenaam van de troon van David. Sterker nog: Hij is de erfgenaam van Adam (Ben Adam - Zoon des Mensen) en daarom komt Hem de wereldheerschappij toe. Tezamen met de velen die in deze heerschappij zullen delen.

TOT VERZADIGING TOE

"Om de arbeid van zijn ziel zal hij het zien tot verzadiging toe; door zijn kennis zal mijn knecht, de rechtvaardige, velen rechtvaardig maken, en hun ongerechtigheden zal hij dragen". (53:11)

"Tot verzadiging toe", hoezo? Wel, de Man van smarten zal straks alles ontvangen waarvoor Hij heeft geleden. Hij stierf voor de redding van allen en dús zullen uiteindelijk allen gered zijn. Hij zal velen rechtvaardig maken, staat hier. Hoevelen? Paulus in Romeinen 5:19 geeft het antwoord:
"Want, gelijk door de ongehoorzaamheid van één mens de velen zondaren geworden zijn, zo zullen ook door de gehoorzaamheid van één de velen rechtvaardigen worden."

ga naar thuis-pagina