ga naar thuis-pagina
laatste wijziging: 25 februari 2003

DE VERHEERLIJKING OP DE BERG... EEN "VISIOEN"

Vraag:
Hoe konden Mozes en Elia reeds "in heerlijkheid" (Lucas 9:31) verschijnen op de berg, als we elders in de Schrift lezen dat Jezus Christus als Eerste is opgewekt in heerlijkheid? Zijn Mozes en Elia Hem dan tóch voorgegaan?

Antwoord:
Nee, het gaat bij de verheerlijking op de berg niet om een werkelijke verschijning van Mozes en Elia, maar om een visioen. In Matteüs 17:9 lezen we:

En als zij van den berg afkwamen, gebood hun Jezus, zeggende: Zegt niemand dit gezicht, totdat de Zoon des mensen zal opgestaan zijn uit de doden.

Het woord dat hier gebruikt wordt voor "gezicht" (Grieks: horama) komt 12x voor in het Nieuwe Testament. Het heeft de betekenis van 'visioen'. De King James vertaald 'horama' 11x met 'vision' en 1x met 'sight'. De Concordant Version geeft het konsekwent met 'vision' weer.

Hieronder de 11 overige keren dat het 'Nieuwe Testament' het woord 'horama' gebruikt (gelezen in de NBG-vertaling).

Matteüs 17:9 En terwijl zij van de berg afdaalden, gebood Jezus hun, zeggende: Vertelt niemand dit gezicht, voordat de Zoon des mensen uit de doden is opgewekt.
Handelingen 7:31 En toen Mozes dit zag, verwonderde hij zich over het gezicht, en toen hij erheen ging om het te onderzoeken, kwam een stem des Heren [tot hem
Handelingen 9:10 Nu was er te Damascus een discipel, genaamd Ananias; en de Here zeide tot hem in een gezicht: Ananias! En hij zeide: Zie, hier ben ik, Here.
Handelingen 10:3 Hij zag in een gezicht, omstreeks het negende uur van de dag, duidelijk een engel Gods bij zich binnenkomen en tot hem zeggen: Cornelius!
Handelingen 10:17 Terwijl Petrus bij zichzelf in onzekerheid was, wat het gezicht, dat hij gezien had, betekenen mocht, zie, daar waren de mannen, die door Cornelius afgezonden waren, bij hun navraag naar het huis van Simon aan het voorportaal gekomen,
Handelingen 10:19 En terwijl Petrus nog steeds over het gezicht nadacht, zeide de Geest: Zie, twee mannen zoeken naar u;
Handelingen 11:5 Ik was in de stad Joppe in gebed en zag in zinsverrukking een gezicht: een voorwerp daalde neder in de vorm van een groot laken, dat aan de vier hoeken uit de hemel neergelaten werd, en het kwam vlak bij mij.
Handelingen 12:9 En hij volgde hem naar buiten en hij wist niet, dat het werkelijkheid was, wat door de engel gedaan werd, maar hij meende een gezicht te zien.
Handelinmgen 16:9 En Paulus kreeg in de nacht een gezicht; er stond een Macedonisch man, die hem toeriep: Steek over naar Macedonie en help ons.
Handelingen 16:10 Toen hij het gezicht gezien had, zochten wij dadelijk gelegenheid om naar Macedonie te vertrekken, daar wij eruit opmaakten, dat God ons had geroepen om hun het evangelie te verkondigen.
Handelingen 18:9 En de Here zeide in de nacht door een gezicht tot Paulus: Wees niet bevreesd, maar spreek en zwijg niet;

Alle keren dat het woord 'horama' in de Schrift voorkomt, gaat het om een 'visioen' of 'gezicht', d.w.z. om iets dat niet 'echt' is of met natuurlijke ogen aanschouwd kan worden. Dat is karakteristiek voor het woord. Expliciet blijkt deze betekenis uit Handelingen 12:9 waar we lezen dat Petrus in de veronderstelling was een visioen te zien, terwijl wat hij meemaakte juist werkelijkheid was.


 

ga naar thuis-pagina