laatste wijziging: 24 januari 2001
HOME
PMT-Bijbelstudie 10-12-1998

HET REGISTER IN MATTEÜS 1

de dynastie van David
wie was Jozefs vader?
geen biografie van Jezus
karakteristieken van de evangelieën
profetische noodzaak van maagdelijke geboorte
vier vrouwennamen
namen uitgewist
het getal 14 en David
het getal 42

Mat.1 beschrijft de wortel(s) en het geslacht van David (Openb.22:16), d.w.z. waar de oorsprongen van de dynastie van David liggen en via welke route de kroon bij de uiteindelijke Rechthebber terecht komt.

In Mattheüs staat dat Jakob Jozef (de man van Maria) verwekte terwijl in Lukas wordt gezegd dat Jozef "van Eli" was. Wát van Eli? Dat moet de schoonzoon zijn. Als dat inderdaad zo is, is het register in Lukas dus dat van Maria en het register in Mattheüs dat van Jozef.

Er bestaat niet zoiets als een biografie van Jezus in de Bijbel. Verreweg het grootste deel van Zijn leven is onbeschreven. De enige jeugdherinnering die we van Hem hebben is dat Hij bezig was in de dingen van Zijn Vader. Lucas 2:49

Mattheüs voert Jezus op als "de zoon van David, de zoon van Abraham". Het register dat dan volgt demonstreert dit. Markus beschrijft Jezus als Diensknecht en geeft niet Zijn geslachtsregister. De antecedenten van een slaaf doen immers niet terzake! Lukas toont Jezus als de Zoon des Mensen (Ben haAdam), "het zaad der vrouw". Zijn register is dat van Maria en gaat helemaal terug tot Adam. Johannes beschrijft Jezus als de Logos, het Woord dat vlees geworden is. Johannes vangt daarom zijn Evangelie aan met wat reeds "in den beginne" was.

Van Jechonja (= koning Jojakin) lezen we de godsspraak dat geen van zijn nakomelingen op de troon van zijn vader David zouden zitten. Jozef, de man van Maria stamt van deze koning af. Dit betekent dat wanneer Jezus door Jozef zou zijn verwekt, Hij dus nooit op de (reeds lange tijd vacante) troon van David zou kunnen regeren. Ontkenning van de maagdelijke geboorte van Jezus is dus tevens Hem diskwalificeren als Messias.  Jeremia 22:30; Matteüs 1:12; Lucas 1:32; Matteüs 1:21

De vier keren dat in dit register naar een vrouw verwezen wordt (Tamar, Rachab, Ruth en de vrouw van Uria) onderstreept het waarom van Jezus' naam: Hij is het die Zijn volk zal redden van hun zonden. Alle vier de namen verwijzen naar minder fraaie episoden in Israëls geschiedenis.

In 1:8 lezen we "Joram verwekte Uzzia". Hier zijn drie goddeloze generaties van koningen weggelaten. Zij hebben zich schuldig gemaakt aan zaken waarvan God in het wetboek gezegd had, dat wie dergelijke dingen bedrijft, diens naam zou van onder de hemel worden uitgewist. De frase "Joram verwekte Uzzia" getuigt dus stilzwijgend van een God die Zijn Woord gestand doet. Deut.29:20

De veertien is in dit register een markant getal (1:17). 14 is het getal van David. Niet slechts omdat hij de veertiende is in dit register maar ook omdat zijn naam de getalswaarde veertien heeft (dvd = 4-6-4). Overigens betekent David: geliefde.

Het register beschrijft drie maal veertien geslachten (1:17), hetgeen een totaal oplevert van tweeënveertig geslachten. In Num.33 vinden we een opsomming van 42 plaatsen die de reis van het volk Israël markeren. Na deze 42 komt Jozua (dezelfde naam als 'Jezus'!) die zijn volk het Beloofde land inbrengt.

42 (maanden) is de tijd van het Beest (Openb.13:5). Daarna moet deze imitatie van "de Leeuw van Juda" plaats maken voor de Zoon van David. 


  HOME