ga naar thuis-pagina

laatste wijziging: 24 april 2005

strijden tegen het vlees?

Het idee dat de mens zijn 'vlees' zou moeten haten en er tegen behoort te strijden heeft heel oude papieren. Gedurende vele eeuwen van het christendom is deze opvatting dominant geweest. De gedachte daarbij is dat een mens - tegen zijn natuur in - het lijfelijke behoort te minachten.
Wanneer men naar Paulus had geluisterd, had men beter kunnen weten.

... niemand haat ooit zijn eigen vlees, maar hij voedt het en koestert het zoals Christus de Gemeente.
Efeze 5:29

In zijn dagen voorzei Paulus reeds dat in "latere tijden" mensen van "het geloof" zouden afwijken en het trouwen zouden verbieden alsmede ook onthouding van spijzen zouden leren (1Timotheüs 4:1,2). Al gauw na het overlijden van de apostelen is dit waarheid geworden door leringen van verplicht vasten en het verplichte celibaat. Nauw verwant met dit alles is ook het dogma dat de natuur van de mens zondig zou zijn, terwijl in de Bijbel juist het tegen-natuurlijke als zondig wordt aanmerkt (Romeinen 1:26).
Hoe reageerde Paulus op de opvattingen die na zijn heengaan terrein zouden winnen?

(huwelijk en spijzen) ... welke God toch geschapen heeft om met dankzegging te worden gebruikt door de gelovigen, die tot erkentenis der waarheid gekomen zijn. Want ALLES wat God geschapen heeft, is goed en NIETS daarvan is verwerpelijk, als het met dankzegging aanvaard wordt...
1Timotheüs 4:3,4

Alles wat God geschapen heeft is goed en behoort (dus) dankbaar aanvaard te worden. Het lijfelijke, sexualiteit en lust zijn door niemand minder dan God Zelf bedacht en gecreëerd. Niets daarvan is verwerpelijk.... indien het met dankzegging wordt aanvaard.

... want het wordt geheiligd door het woord Gods en door gebed.
1Timotheüs 4:5

De dingen worden door Gods woord geheiligd, d.w.z. God Zelf verklaart alles wat door Hem geschapen is heilig. Althans, daar waar God in dit alles (in gebed) dankbaar erkend wordt.

Zo duidelijk als het bovenstaande in de Bijbel is, zo duidelijk is het ook dat 'het vlees' volstrekt ongeschikt is om leiding te geven aan ons leven. Wanneer we leven "naar het vlees" (Romeinen 8:12), d.i. leven in overeenstemming met de impulsen die ons 'vlees' geeft, doen we "de werken van het vlees" (Galaten 5:19). En de beschrijving die Paulus daarvan geeft is niet bepaald bemoedigend. Waar het om gaat is dat we controle krijgen over ons 'vlees'. Het woord "zelfbeheersing" betekent letterlijk vanuit het Grieks: het vermogen ons in-te-houden. De Staten Vertaling vertaalt dit woord met 'matigheid' (Galaten 5:22): het vermogen maat te houden.

Het vlees moet niet 'bestreden' maar 'gestuurd' worden. Let op: dit is slechts mogelijk wanneer we het "eigen vlees" lief hebben en dankbaar zijn voor al wat God geschapen heeft. Zoals een goede jockey zijn paard niet bestrijdt of tegenwerkt maar juist koestert en alleen op die manier in staat zal zijn het te sturen, zó behoort de gelovige om te gaan met "zijn eigen vlees".

Verheerlijkt dan God met uw lichaam.
1Korinthe 6:20

wat bedoelt de Bijbel met 'het vlees'?
Vlees is het weefsel van een menselijk of dierlijk lichaam. Het wordt in de Bijbel onderscheiden van bloed (1Korinthe 15:50) en beenderen (Lucas 24:30) en staat tegenover GEEST (Galaten 5:17; Matteüs 26:41). Dikwijls is 'vlees' synoniem met 'lichaam' (1Korinthe 6:16; Efeze 5:29,30). Het 'vlees' is zwak (Matteüs 26:41; Romeinen 6:19) en sterfelijk (2Korinthe 4:11).


ga naar thuis-pagina