ga naar thuis-pagina

laatste wijziging 22 november 2005:

overvloedig in het werk des Heren

Daarom, mijn geliefde broeders, weest (lett. wordt) standvastig, onwankelbaar, te allen tijde overvloedig in het werk des Heren, wetende, dat uw arbeid niet vergeefs is in de Here.
1Korinthe 15:58

Met dit vers besluit Paulus 1Korinthe 15. Het is een conclusie, vandaar dat het begint met "daarom...". De Korinthiërs zouden standvastig en onwankelbaar dienen te worden. Ze stonden welliswaar ("het Evangelie... waarin gij ook staat..."; 15:1), maar ze waren ook gemakkelijk van hun stuk te brengen. Van Christus was luid en duidelijk gepredikt dat Hij uit de doden opgewekt was, maar niettemin kwamen sommigen er toe te beweren dat er geen opstanding der doden is (15:12). Tegen deze achtergrond geeft Paulus een magistrale uiteenzetting over de universele triomf van het Leven dat Christus als Eersteling aan het licht bracht.

De Korinthiërs zouden standvastig moeten worden in de de boodschap aangaande de opgewekte Christus die de dood teniet doet. Dat wil zeggen: men zou geen millimeter wijken van deze waarheid en voortdurend zich ervan bewust zijn. God continue dankbaar voor de overwining die Hij daarin geeft (tegenwoordige tijd!; 15:57).

Door in deze vitale boodschap vast en gegrond te zijn, zouden de Korinthiërs "te allen tijde overvloedig in het werk des Heren" zijn. Let goed op wat hier staat. Er staat niet: "te allen tijde overvloedig in het werk VOOR de Here". In dat geval zouden de Korinthiërs aan het werk worden gezet. Nee, er staat: "te allen tijde overvloedig in het werk VAN de Here". Het gaat dus om ZIJN werk. Wanneer wij standvastig en onwankelbaar zijn het Evangelie van de opgewekte Christus, zal de Heer op Zijn beurt, te allen tijde overvloedig zijn, in ZIJN werk in en door ons.

Paulus zelf is daarvan het mooiste voorbeeld in dit hoofdstuk.

Maar door de genade Gods ben ik, wat ik ben, en zijn genade aan mij is niet vergeefs geweest, want ik heb meer gearbeid dan zij allen, doch niet ik, maar de genade Gods, die met mij is.
1Korinthe 15:10

Paulus heeft meer gearbeid dan wie ook van de andere apostelen. Maar hij haast zich te zeggen, dat dit niet zijn prestatie of roem is, maar de puur de genade Gods die met hem was. Paulus werd van binnenuit gedrongen. Hij bruiste van levenskracht en blijdschap en dit dreef hem tot zoveel activiteit. Hij kon en wilde niet anders. Gods genade werkte door Paulus heen, en zo was hij niet niet minder (maar ook niet meer!) dan gereedschap in Gods hand.

Waar het om gaat is dat we het paard niet achter de wagen zouden spannen. Het Evangelie zet ons niet aan het werk. Integendeel, het wijst op Hem die het werk volledig voor Zijn rekening neemt. Wanneer we standvastig en dankbaar staan in die waarheid, dan is het de power en werkzaamheid van het Evangelie zelf, dat in en door ons heen zal gaan werken. Het resultaat heet daarom ook veelzeggend "vrucht"*. Waar men gegrond en geworteld is in de juiste voedingsbodem, groeit het als vanzelf.


* Zie b.v. Galaten 5:22 waar "de vrucht van de Geest" tegenover de "werken van het vlees" staat.



ga naar thuis-pagina